CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Verkenning zoekgebied windturbines nabij de N504

Gemeenteraad 24 september 2024, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Herijking RES 2024 met toevoeging zoekgebied voor wind3.214 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504

28 juni 2024

Inhoud Hoofdstuk 1:

Introductie – inleiding, onderzoeksgebied en relevant beleid

Hoofdstuk 2:

Kaartmateriaal

Hoofdstuk 3:

Landschappelijke inpassing

Hoofdstuk 4:

Natuur – en ecologisch onderzoek

Hoofdstuk 5:

Resumé en conclusies

2

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Hoofdstuk 1: Introductie

3

Inleiding 

Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) en recreatieschap Geestmerambacht hebben de wens om windenergie op te wekken nabij de N504; bij rioolwaterzuiveringsinstallatie (rwzi) en in het recreatiegebied Geestmerambacht.

Mogelijk kan het gebied worden opgenomen als zoekgebied voor windenergie binnen de herijking van de Regionale Energiestrategie 1.0 (hierna: RES). Een zoekgebied voor windenergie is een gebied, waarin de mogelijkheden voor het plaatsen van windturbines nader wordt onderzocht.

De gemeente Dijk en Waard is bereid om dit zoekgebied voor wind toe te voegen in de herijking RES 1.0 onder de voorwaarde dat een natuurwaardenonderzoek heeft plaatsgevonden. Daaruit moet blijken dat de nadelige effecten van windturbines voor de natuur beperkt zijn.

Om dit te bepalen verkent de gemeente of het in het gebied mogelijk is windturbines op gepaste afstand van woningen te plaatsen, hoe windturbines ruimtelijk kunnen worden ingepast en wat de mogelijke impact is van windturbines op natuur en ecologie.

In het navolgende hoofdstuk volgt kaartmateriaal, waarin afstandsrichtlijnen worden toegepast. Daarna volgt de analyse naar landschappelijke inpassing en daarna het natuur – en ecologisch onderzoek.

4

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Het onderzoeksgebied

5

Het onderzoek is uitgevoerd voor een gebied nabij de N504, aan de westzijde van Geestmerambacht.

Het onderzoeksgebied is omlijnd met een zwarte kleur.

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Relevant beleid en onderzoeken De volgende documenten zijn meegenomen ten behoeve van deze verkenning:  Leidraad Landschap en Cultuurhistorie Noord-Holland (2018) ten behoeve van ruimtelijke inpassing.  Ruimtelijke handreiking wind op land Noord-Holland (2021) ten behoeve van ruimtelijke inpassing. Een samenvatting van dit document is in de bijlage van deze verkenning te lezen.  Kaart Bijzonder Provinciaal Landschap Noord-Holland ten behoeve van ruimtelijke inpassing  Visieschets Wagenweg van het Recreatieschap Geestmerambacht (2023) ten behoeve van ruimtelijke inpassing  Het Community of Practice (CoP) Windenergie en Landschapskwaliteit (2021) ten behoeve van ruimtelijke inpassing  Verder wordt parallel (2024) door de provincie Noord-Holland een milieueffectrapport (plan-MER) opgesteld voor de gewijzigde zoekgebieden wind in de Herijking RES 2024. Deze verkenning vult aan op het MER met analyses met betrekking tot afstandsnormen, landschappelijke inpassing en natuur –en ecologie.  Op dit moment wordt er landelijk beleid voor wind op land opgesteld. De beoogde ingangsdatum van de nieuwe landelijke milieuregels is 1 juli 2025. Toekomstige initiatieven moeten aan die normen voldoen. Het is nog niet duidelijk wat de normen zullen zijn. 6

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Hoofdstuk 2: Kaartmateriaal

7

Uitgangspunten afstand windturbines tot woningen  

8

Om hinder van geluid en slagschaduw te voorkomen, is gepaste afstand van de windturbines tot woningen gewenst. Tot enkele jaren geleden gold een provinciale norm van een afstand van 600 meter, maar deze is sinds 2022 niet langer van toepassing. Ook op nationaal niveau zijn er momenteel geen normen voor de afstand van windturbines tot woningen, maar hier wordt wel aan gewerkt. Er zijn wel richtlijnen. Decentrale overheden kunnen zelf beleid opstellen met betrekking tot afstand van windturbines tot woningen, zolang er geen onaanvaardbare effecten zijn op gezondheid en veiligheid van omwonenden. Om te bepalen wat een aanvaardbare/gepaste afstand is van windturbines tot woningen, is het nodig om te bepalen hoeveel hinder omwonenden kunnen ervaren van de windturbines. De provincie Noord-Holland stelt momenteel een MER op, waarin de mate van hinder van windturbines per zoekgebied wordt bepaald. Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Wanneer is er sprake van hinder door windturbines? Het bepalen van de mate van hinder vereist maatwerk en kan pas goed beoordeeld worden als duidelijk is welk type (welke grootte) windturbine wordt geplaatst en waar deze wordt geplaatst. Er zijn rekenmethodieken beschikbaar om dit te bepalen. Hierbij wordt bepaald: • Hoeveel omwonenden hinder ondervinden • Wat het karakter van het geluid van de windturbine is (laagfrequent en tonaal geluid) • Normen voor slagschaduw (zoals beschreven in het ontwerpbesluit windturbine leefomgeving) • Wat de impact op omgevingsveiligheid is. Bij de vergunningaanvraag kan maatwerk worden geleverd met betrekking tot het zoveel mogelijk inperken van hinder.

Uitgangspunten afstand 

 

 

9

Op basis van onderzoek blijkt dat, wanneer de rekenmethodiek om hinder te bepalen wordt toegepast, in de praktijk vaak een bandbreedte van 300 tot en met 1200 meter afstand wordt aangehouden tussen de windturbine en woningen. Meer gedetailleerde achtergrond over de totstandkoming van deze bandbreedte is te lezen via de link naar het onderzoek. In het addendum Notitie Detailniveau en Reikwijdte (NRD) zoekgebieden provincie NoordHolland (2024) wordt eenzelfde bandbreedte toegepast. In deze verkenning zijn de bandbreedtes van 300 tot en met 600 meter afstand van windturbines tot aan woningen in kaart gebracht. Afstanden groter dan 600 meter leiden hoe dan ook tot het niet-mogelijk zijn van windturbines. In deze verkenning zijn cirkels van een bepaalde afstand om woningen getrokken. Op iedere kaart is te zien met welke woningen rekening is gehouden. Hiermee wordt duidelijk of er überhaupt ruimte is voor windturbines in het zoekgebied, wanneer een bepaalde afstand van windturbines tot woningen wordt toegepast.

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Woningen binnen scope en afstanden Op de kaart aan de linkerzijde is te zien welke woningen meegenomen zijn, wanneer de bandbreedtes van afstanden worden toegepast. De woningen zijn met stippen aangegeven op de kaart. Blauw betreft bedrijfswoningen (waar ook agrarische woningen onder vallen) en oranje betreft woningen.

10

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Woningen op 600 meter afstand Op de kaart aan de linkerzijde zijn cirkels van 600 meter om woningen getrokken. Deze zijn aangegeven met de kleuren blauw (bedrijfswoningen, waar ook agrarische woningen onder vallen) en oranje (woningen). In de blauw en oranje gekleurde gebieden kunnen geen windturbines worden geplaatst. Op de kaart is te zien dat in het onderzoeksgebied géén mogelijkheid is om windturbines te plaatsen. 11

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Bebouwde kom op 475 meter afstand Op de kaart aan de linkerzijde zijn cirkels van 475 meter om woningen getrokken. Deze zijn aangegeven met de kleuren blauw (bedrijfswoningen, waar ook agrarische woningen onder vallen) en oranje (woningen). Deze richtlijn wordt gehanteerd in de handreiking RES NoordHolland. In de blauw en oranje gekleurde gebieden kunnen geen windturbines worden geplaatst. Op de kaart is te zien dat in het onderzoeksgebied mogelijkheden zijn om windturbines te plaatsen. Dit gebied heeft géén oranje of blauwe kleur, maar groene kleur. 12

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Woningen op 400 meter afstand Op de kaart aan de linkerzijde zijn cirkels van 400 meter om woningen getrokken. Deze zijn aangegeven met de kleuren blauw (bedrijfswoningen, waar ook agrarische woningen onder vallen) en oranje (woningen). In de blauw en oranje gekleurde gebieden kunnen geen windturbines worden geplaatst. Op de kaart is te zien dat in het onderzoeksgebied mogelijkheden zijn om windturbines te plaatsen. Dit gebied heeft géén oranje of blauwe kleur, maar groene kleur.

13

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Woningen op 350 meter afstand Op de kaart aan de linkerzijde zijn cirkels van 350 meter om woningen getrokken. Deze zijn aangegeven met de kleuren blauw (bedrijfswoningen, waar ook agrarische woningen onder vallen) en oranje (woningen). In de blauw en oranje gekleurde gebieden kunnen geen windturbines worden geplaatst. Op de kaart is te zien dat in het onderzoeksgebied mogelijkheden zijn om windturbines te plaatsen. Dit gebied heeft géén oranje of blauwe kleur, maar groene kleur.

14

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Woningen op 300 meter afstand Op de kaart aan de linkerzijde zijn cirkels van 300 meter om woningen getrokken. Deze zijn aangegeven met de kleuren blauw (bedrijfswoningen, waar ook agrarische woningen onder vallen) en oranje (woningen). In de blauw en oranje gekleurde gebieden kunnen geen windturbines worden geplaatst. Op de kaart is te zien dat in het onderzoeksgebied mogelijkheden zijn om windturbines te plaatsen. Dit gebied heeft géén oranje of blauwe kleur, maar groene kleur.

15

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Hoofdstuk 3: Landschappelijke inpassing

16

Introductie landschappelijke inpassing 

Het inpassen van windturbines in het landschap is een lastige kwestie, ingegeven door de schaal van windturbines. Windturbines zijn altijd van grote afstand zichtbaar.

Het relevante beleid en onderzoeken, genoemd in hoofdstuk 1 zijn, zijn gebruikt voor onderzoek naar landschappelijke inpassing van windturbines in het onderzoeksgebied.

Het onderzoeksgebied valt niet binnen Bijzonder Provinciaal Landschap en de ontwikkelprincipes uit de leidraad Cultuurhistorie en Landschap zijn niet van toepassing op het onderzoeksgebied, omdat de genoemde gebiedskenmerken niet voorkomen in het gebied en de directe omgeving.

In de Ruimtelijke handreiking Wind op Land Noord-Holland wordt benoemd dat de inpassing van windturbines, door hun formaat, op meerdere schalen bekeken moet worden: de lokale schaal (vergelijkbaar met de ‘traditionele’ inpassing), regionaal (vergelijk met andere windparken in de regio) en bovenregionaal (functie regio qua opwek windenergie). Op de navolgende pagina’s wordt de ruimtelijke inpassing van windturbines op (boven)regionale schaal en lokale schaal beschouwd.

17

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

(Boven) regionaal perspectief 

Waar de windturbines op bovenregionaal schaalniveau passend zijn in de brede regio, omdat in de regio al meerdere windturbines zijn geplaatst, valt op regionaal schaalniveau op dat interferentie met de nabijgelegen windturbines langs de N245 een aandachtspunt is, voortzetting van de lijnopstelling van de N245 kan in het onderzoeksgebieden namelijk niet worden gehanteerd.

Verder is volgens de ruimtelijke handreiking wind op land Noord-Holland de wens dat windturbines op een afstand van minimaal 10x de ashoogte staan van de dichtstbijzijnde windturbine in een ander cluster/rij. Uitgaande van een ashoogte van 135m voor de nieuwe windturbines is dat dus een afstand van 1350m. Het CoP Windenergie en Landschapskwaliteit gaat uit van een ruimere afstand van 5 km. De kaart op de volgende pagina laat de marges zien. Disclaimer: het realiseren van een windturbine is maatwerk. Voor de interpretatie van de ruimtelijke handreiking wind op land Noord-Holland is in deze verkenning uitgegaan van een windturbine met een ashoogte van 135 meter. Wanneer de ashoogte wordt aangepast, veranderen de marges voor clustering van windturbines.

18

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

(Boven)regionaal perspectief 

19

Op bovenregionale schaal is te zien dat de regio, waar het gebied onder valt, al wordt benut voor windenergie. De kaart hiernaast laat de locatie van bestaande windturbines in de regio zien, en ook de zoekgebieden. Het initiatief van het recreatieschap en het waterschap ligt dichtbij de bestaande windturbines langs de N245. Deze bestaande turbines vormen een herkenbare lijn langs een grote infrastructuur. Dit gebied is al aangewezen als RES-zoekgebied voor zowel wind- als zonne-energie. Door de korte afstand tot deze herkenbare lijn is er risico op interferentie bij het plaatsen van een nieuw cluster van windturbines in het projectgebied Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Lokaal perspectief 

Op lokale schaal is het van belang dat windturbines gekoppeld worden aan een structuur die voldoende maat en massa heeft om een logisch verband met de al aanwezige windturbines te vormen. Hoe groter (ruimtelijk) andere ontwikkelingen in het gebied zijn, hoe beter windturbines ruimtelijke inpassing kunnen worden ingepast.

De koppeling met de gebiedsontwikkeling, zoals beschreven in de visieschets Wagenweg, zorgt voor een heldere en begrijpelijke relatie tussen de windturbines en het landschap eromheen. Hoe deze relatie vormgegeven wordt moet in de uitwerking van het ontwerp van de gebiedsontwikkeling duidelijk worden.

20

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Hoofdstuk 4: Natuur – en ecologisch onderzoek

21

Natuur- en ecologisch onderzoek 

Het natuur – en ecologisch onderzoek is beschreven in een bij deze verkenning bijbehorende quickscan natuur – en ecologie.

Uit het natuur – en ecologisch onderzoek blijkt dat in het onderzoeksgebied meerdere soorten flora en fauna kunnen voorkomen, zoals de boommarter, bunzing, hermelijn, steenmarter, de wezel, de gierzwaluw, de huismus, vleermuizen, de rugstreeppad, de kerkuil, platte schijfhoren, de vos en waterspitsmuis.

Verder maakt het onderzoeksgebied onderdeel uit van het NNN. De werkzaamheden kunnen door de inzet van mobiele werktuigen en door werkverkeer in de realisatiefase mogelijk leiden tot een verhoogde stikstofemissie. Gezien de kleine afstand tot stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden worden significant negatieve effecten op de Natura 2000-gebieden als gevolg van de werkzaamheden niet uitgesloten. Significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van nabijgelegen Natura 2000gebieden kunnen op voorhand echter niet worden uitgesloten. Een AERIUS-berekening kan hierover uitsluitsel bieden.

22

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Natuur- en ecologisch onderzoek 

Indien tijdens de werkzaamheden houtopstanden van meer dan 10 are of bomenrijen van meer dan 20 bomen worden gekapt, is een kapmelding bij de Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland verplicht. Voor deze bomen geldt een herplantplicht. Hieraan kunnen specifieke eisen worden gesteld.

Door rekening te houden met een aantal ontwerpprincipes kan de impact op flora en fauna worden geminimaliseerd:  

23

Plaats de windturbines niet te dicht bij watergangen, bossen en bosschages. Neem maatregelen om het geheel wat zichtbaarder te maken voor vogels, zoals zwarte punten op de wieken.

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Hoofdstuk 5: Resumé en conclusies

24

Resumé en conclusies Afstand van windturbine tot woning 

25

Er zijn geen harde normen met betrekking tot de afstand van windturbines tot woningen. Decentrale overheden kunnen hierin zelf beleid opstellen, zolang er geen onaanvaardbare effecten op gezondheid en veiligheid van omwonenden zijn. Tot enkele jaren geleden gold een provinciale norm van een afstand van 600 meter, maar deze is niet langer van toepassing. Wanneer 600 meter vanaf woningen aangehouden wordt , dan zijn er geen mogelijkheden om het potentiële zoekgebied aan te merken als zoekgebied binnen de herijking RES 1.0. Een afstand van 300, 350 of 400 meter biedt wel mogelijkheden om het onderzoeksgebied aan te merken als zoekgebied.

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Resumé en conclusies Landschappelijke inpassing van windturbines 

Vanuit (boven)regionaal perspectief is het gebied wat betreft ruimtelijke inpassing niet de meest logische plek, omdat de lijnopstelling niet gehanteerd kan worden, wat verrommeling van het landschap tot gevolg kan hebben.

Vanuit lokaal perspectief is er juist een kans om de windturbines te realiseren in combinatie met de visie van het Recreatieschap. Bovendien kan de opgewekte energie lokaal worden gebruikt door het Recreatieschap en Hoogheemraadschap.

26

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Resumé en conclusies Ecologie en natuur   

27

Er zijn met de kennis van nu geen concrete bezwaren voor het aanwijzen van het onderzoeksgebied als zoekgebied voor windenergie. Er komen in het gebied meerdere soorten flora en fauna voor. Voornamelijk voor vleermuizen en vogels zijn er potentiële risico's op de hoogte van de wieken en gondel. Daarom geldt dat wanneer het initiatief voor het plaatsen van een windturbine concreter wordt, er nader onderzoek noodzakelijk is naar de impact op flora en fauna. Hiermee kan worden bepaald of er mogelijke bezwaren zijn in het stadium van realisatie van een windturbine in het zoekgebied. In dit stadium kan alsnog blijken dat de realisatie van een turbine teveel negatieve effecten heeft op beschermde soorten. Dat staat een aanwijzing als zoekgebied nu echter niet bij voorbaat in de weg. De quickscan natuur – en ecologie geeft handvatten voor hoe de impact op flora en fauna zoveel mogelijk kan worden geminimaliseerd. Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Bijlage: Samenvatting inhoud beleidskaders

28

Ruimtelijke handreiking wind op land Noord-Holland Solitair

Cluster

Lijnopstelling

Grid

Familie van solitaire turbines

Sterk markerend effect

2-4 turbines

Minimaal 3 windturbines op een rij

Groepering van minimaal 6 turbines op een strak raster

Plaatsing van meerdere solitaire turbines volgens dezelfde ruimtelijke principes

Geen andere windturbines/parken binnen een straal van 10 x de ashoogte van de turbine

Sterk markerend effect

Dezelfde soorten turbines en groottes; afwijking van 10% door bepaalde omgevingsfactoren

Dezelfde soorten turbines en grootte; afwijking van 10% door bepaalde omgevingsfactoren

Zijn in beleving met elkaar verbonden

Geen andere windturbines/parken binnen een straal van 10x de ashoogte van het cluster

Turbines staan op dezelfde hartlijn, gebaseerd op landschap; afwijking van 5% door bepaalde omgevingsfactoren

Onder een gelijk stramien in opstelling; afwijking van 5% door omgevingsfactoren

Dezelfde soorten turbines en grootte; afwijking van 20% door omgevingsfactoren;

Landschappelijke context is bepalend voor inpassing

Turbines staan onder een gelijk stramien op de hartlijn; afwijking van 5% door bepaalde omgevingsfactoren

Als het cluster te groot wordt, ontstaat er verrommeling

29

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

Eenduidige principes gehanteerd voor plaatsingslocaties

Ruimtelijke handreiking wind op land Noord-Holland Respecteer landschappelijke eenheden en overgangen

Aansluiten bij lokale landschappelijke waarden en dynamiek

Gekoppeld aan een structuur

Niet elke structuur is een drager

Maat bij schaal

Aansluiten bij bestaande opstellingen

Een sobere vormgeving van de turbinevoet

Bij voorkeur overschrijden nieuwe opstellingen grenzen niet en worden ze landschap specifiek ontworpen;

Windturbines moeten zich op een logische manier verhouden tot de lokale landschappelijke waarden:

Opstelling van turbines koppelen aan bestaande structuren in het landschap, zoals treinsporen, dijken of kanalen.

Om te bepalen of een structuur/lijn, zoals een weg, vanuit een ruimtelijk perspectief geschikt is om te accentueren met turbines is maatwerk.

De maatvoering van een turbine moet onderhevig zijn aan de korrelgrootte van een landschap, om het niet storend of buitenproportioneel ervaren te worden.

Uitbreiden opstelling: Nieuwe turbines moeten in maat en verschijningsvorm aansluiten bij de bestaande opstelling. Op eenzelfde hartlijn en stramien.

De voet van de turbine moet zo eenvoudig mogelijk ontworpen worden. Bijbehorende elementen (denk aan hekwerk, transformatorhuisje) zoveel mogelijk achterwege laten of laten opgaan in de omgeving.

Eenduidige invulling in type en oriëntatie van opstellingen en een consequente toepassing binnen de landschappelijke eenheid.

Organisch gegroeide landschappen: de maat, schaal en vorm van dorpen en landschap zijn leidend voor het ontwerp. Vaak worden strakke lijn opstellingen en grids vermeden, i.v.m. de vaak losse vorm van dorpen en landschapselementen

Structuren die zich vormen naar het landschap: er moet rekening gehouden worden met de overgangen/verschil tussen verschillende landschappen

Idem dito voor (lijn)structuren waar de turbines ontworpen worden. I.v.m. verdwergend effect.

Bij het uitbreiden van een oude opstelling, kan het interessant zijn om de oude turbines te vervangen met het nieuwe type.

Ontworpen landschappen: Aansluiting op bestaande structuren om de oude ontwerpprincipes een nieuw gezicht te geven en ordenende functie te geven.

Structuren die autonoom het landschap doorkruisen: Prioriteit is de beleving van de structuur. Landschappelijke inpassing is minder relevant. De lijnen zijn vaak geschikt als plaats voor turbines. Betreft vaak infrastructuur.

Afstand tot structuur is relevant, te grote afstand maakt dat turbines los van de structuur komen te staan. Maximale afstand is 1,5x de ashoogte van de turbines. Verder, hoe langer een opstelling de structuur volgt, hoe meer het als ‘één’ wordt gezien.

Afstand tot bestaande opstelling(en): er moet voldoende onderlinge afstand gehouden worden. Opstelling die van vormgeving en oriëntatie verschillen: afstand van 10x de ashoogte van de hoogste turbine.

Afstemming met ontwikkelingen in andere te ontwikkelen (nabijgelegen) opweklocaties: Indien er meerdere ontwikkelingen nabij elkaar gepland zijn, is het verstandig eenduidige planvorming en vormgeving te hebben.

30

Verkenning mogelijkheden windturbines zoekgebied nabij de N504 | 28 juni 2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=0fc1586c-6c7a-4521-8636-3104202f4c7f