CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

Gemeenteraad 18 maart 2025, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Evaluatie en vervolg Dorps- en wijkgericht werken7.360 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

Inhoudsopgave 1. Inleiding ................................................................................................................3 1.1.

Gebiedsgericht werken ............................................................................................4

1.2.

Scenario’s .................................................................................................................5

2. Invoeren gebiedsgericht werken in Dijk en Waard ...........................................6 2.1.

Gebiedscyclus als fundament.................................................................................6

Keuze 1: vormgeven gebiedscyclus ..................................................................................8 2.2.

Versterken data gestuurde gebiedsanalyse ..........................................................9

2.3.

Gebiedsindeling Dijk en Waard.............................................................................10

Keuze 2: indeling in gebieden .........................................................................................10 Keuze 3: bestuurlijke aandacht .......................................................................................11 2.4. Versterken aanwezigheid in de gebieden ..............................................................12 Keuze 4: aanwezigheid in gebieden ................................................................................13 2.5. Naar brede invoering van gebiedsgericht werken ................................................16 Keuze 5: uitbreiding van gebieden ..................................................................................16 2.6.

Financiële consequenties......................................................................................17

Keuze 6: personeel..........................................................................................................17 Keuze 7: uitvoering ..........................................................................................................18

3. Conclusies..........................................................................................................20

2

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

1. Inleiding In het coalitieakkoord ‘Thuis in Dijk en Waard’ van 19 december 2022 heeft het college de ambitie uitgesproken om het Dorps- en Wijkgericht werken verder vorm en inhoud te geven. In het akkoord is daarover het volgende vastgelegd: Het contact en de samenwerking met de samenleving zijn belangrijke speerpunten in ons beleid. De gemeente is zichtbaar en benaderbaar binnen onze dorpen en wijken. Onze inwoners, ondernemers, verenigingen en maatschappelijke organisaties weten ons te vinden en andersom. Raad en college gaan op werkbezoek bij andere gemeenten en organisaties om inspiratie op te doen over vernieuwende manieren om samen te werken en om hiervan te leren. We geven het dorps- en wijkgericht werken verder vorm en inhoud. We gaan de dorpen en wijken in om te horen wat er speelt en wat van de gemeente wordt verwacht. Raadsleden worden uitgenodigd om hierbij aanwezig te zijn. De instrumenten die we kunnen gebruiken voor de samenwerking met inwoners, ondernemers, verenigingen en maatschappelijke organisaties breiden we verder uit. De gemeenteraad wordt uitgenodigd hierop input te leveren. Bij ieder plan of project zoeken we het meest geschikte instrument. We stimuleren het netwerken van de verschillende wijken en dorpen om kennis te maken met elkaars aanpak. We waarderen en borgen de identiteit van alle dorpen en wijken.

Tijdens de bespreking over de onderzoeksresultaten van de Evaluatie en verkenning doorwerking herindeling Dijk en Waard in de commissie en de gemeenteraad eind 2024, heeft de gemeenteraad besloten de conclusies en aanbevelingen uit het rapport van onderzoeksbureau Necker over te nemen. In het rapport wordt geconcludeerd dat de bestuurlijke en ambtelijke inbedding van het Dorps- en Wijkgericht werken in Dijk en Waard nog zwak ontwikkeld is, mede omdat in de opstartperiode na de fusie de focus meer lag op het opbouwen van interne werkprocessen en het harmoniseren van beleid en verordeningen, dan op de samenleving. Aanbevolen wordt het Dorps- en Wijkgericht werken te versterken en uit te breiden, onder andere door structurele bestuurlijke aandacht en versterking van de ambtelijke inbedding. We richten ons in dit document op een verdere invulling van de conclusies en aanbevelingen ten aanzien van het Dorps- en Wijkgericht werken. Daarbij gaan we ook in op de elementen die in de aangenomen motie Heldere Koers voor onze dorpen van 10 december 2024 naar voren kwamen. Het college kiest ervoor om de term Dorps- en Wijkgericht werken te vervangen door de term Gebiedsgericht werken. De overweging daarvoor is dat de term gebiedsgericht werken veelzijdiger, toekomstbestendiger en inclusiever is.

Het geeft alle betrokkenen meer ruimte om flexibel in te spelen op de specifieke behoeften en kenmerken van een gebied, ongeacht de geografische schaal of context. Gebiedsgericht werken benadrukt de samenhang tussen verschillende niveaus en actoren binnen een gebied. Het biedt ruimte om over grenzen heen te denken en verbindingen te leggen tussen dorpen, wijken, en andere betrokken partijen. Voor het college zijn de volgende elementen richtinggevend voor de verdere uitwerking: ▪ Zo snel mogelijk zichtbaar vormgeven van gebiedsgericht werken

3

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

▪ ▪ ▪ ▪

Zorgvuldige en degelijke implementatie van de gebiedscyclus Zichtbare en blijvende aanwezigheid in alle gebieden Instellen van gebiedsteams (in combinatie met stevige lokale teams) Opbouw van een organisatieonderdeel gebiedsgericht werken (Gebiedsregie)

Het college wil het gebiedswethouderschap verder implementeren en staat positief ten aanzien van de aanbevelingen van Necker om meer met werkbezoeken of commissievergaderingen van de gemeenteraad op locatie te laten plaatsvinden. Aan de ambtelijke organisatie is de opdracht gegeven om zich meer te richten op ontwikkelingen in dorpen en wijken en invulling te geven aan een meer direct contact van de inwoners met de gemeente door het instellen van integrale gebiedsfunctionarissen. Naast het inhoudelijke vraagstuk om te zorgen voor gebieden waar het prettig leven en wonen is en waar oog is voor de opgaves per gebied gaat het ook om een verander- en inrichtingsvraagstuk: hoe kom je van de huidige situatie naar een situatie waarin gebiedsgericht onderdeel is van het normale werk, wat is een passende en haalbare veranderstrategie, hoe kan je het gebiedsgericht werken intern in de gemeente goed organiseren? Eerder is gekozen om al werkende weg te leren en te ontwikkelen in twee startgebieden. Nu worden, op basis van de geleerde lessen in de startgebieden en inzichten van de werkpraktijk in andere gemeenten, de volgende stappen gezet. In deze notitie wordt ingegaan op de wijze waarop het college gebiedsgericht werken in de gemeente wil invoeren en worden voor een aantal essentiële keuzes scenario’s beschreven die van belang zijn bij de invoering van gebiedsgericht werken.

1.1. Gebiedsgericht werken In essentie gaat het bij gebiedsgericht werken om het versterken van de inwonersbetrokkenheid en overheidsnabijheid om zo de leefbaarheid in onze dorpen en wijken te vergroten. Want in een gebied komt alles samen: een inwoner denkt niet in domeinen of plannen van aanpak. Ook onze maatschappelijke partners werken om die reden al lang gebiedsgericht en we beschouwen hen als belangrijke partners in deze doorontwikkeling Gebiedsgericht werken is een manier om als overheid de inwoners/gebieden meer centraal te stellen in de keuzes die worden gemaakt, zowel op het gebied van beleid als uitvoering. Het is ook een manier van werken en organiseren die voorwaardenscheppend is om te doen wat nodig is in een gebied. Dat vraagt ondernemerschap en afwijken van bestaande systemen. Bij de aanpak van het gebiedsgericht werken zijn de opgaven in de leefwereld leidend. Elk gebied heeft andere opgaven en sommige gebieden hebben zwaardere opgaven dan andere gebieden. Per gebied is er maatwerk, op basis van data, expertise en gebiedskennis om de data te duiden. Daarbij werkt de gemeente samen met en met inbreng van de gemeenschap en onze partners, die al langer gebiedsgericht werken. We willen de denk- en doekracht van inwoners benutten, burgerinitiatieven stimuleren en faciliteren en zo de kracht van de samenleving versterken.

Samen met onze maatschappelijke partners (bijvoorbeeld welzijn, corporaties, politie) zijn we zichtbaar en benaderbaar aanwezig in het gebied en goed en laagdrempelig bereikbaar. We

4

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

werken samen vanuit de verschillende disciplines aan één gedeeld doel en we boeken resultaten vanuit één gezamenlijke aanpak en oplossing.

1.2. Scenario’s De gemeenteraad heeft verzocht om voor de invoering van Gebiedsgericht werken (voorheen Dorps- en Wijkgericht werken) een aantal scenario’s te verkennen. Bij de uitwerking bleek dat er op vele elementen verschillende keuzes gemaakt kunnen worden. In deze notitie komen de belangrijkste keuzemogelijkheden aan de orde met daarbij aangegeven welke keuzes het college heeft gemaakt heeft. Voor iedere mogelijkheid zijn voor- en nadelen beschreven.

5

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

2. Invoeren gebiedsgericht werken in Dijk en Waard Bij de voormalige gemeenten Langedijk en Heerhugowaard waren er verschillende vormen van gebiedsgericht werken die waardevol waren. Daar bouwen we op voort. Tegelijk geldt dat de gemeentelijke organisatie, conform de aanbevelingen van bureau Necker, een stevigere verankering met gebiedsteams moet krijgen. Dijk en Waard kent wel al vier gebiedsontwikkelaars die voor speciale ontwikkeldeelgebieden vooral zijn gefocust op stedelijke en infrastructurele ontwikkeling. Recentelijk is in het sociaal domein rond de hervormingsagenda gestart met de invoering van Stevig Lokaal Team (samen met GGD, MET Dijk en Waard, Zaffier, Wonen Plus Welzijn, Dijk en Waard Sport). Deze zijn momenteel in opbouw. De inrichting, samenstelling en omvang van het team moet aansluiten bij de lokale context en de opdracht die aan het lokaal team is gesteld. Bij de invoering van gebiedsgericht werken wordt direct gezorgd voor integraliteit door een goede verbinding met het Stevig Lokaal Team en de lopende activiteiten van de gebiedsontwikkelaars. Ieder gebied is uniek, heeft zijn eigen krachten en uitdagingen en vraagt dan ook een eigen aanpak. Zo stellen we de opgaven van het gebied centraal. Essentieel is dat we weten wat er leeft in de verschillende gebieden en dus is het opbouwen van sterke persoonlijke relaties (vertrouwen) cruciaal.

Door de beschikbare data goed te analyseren weten we de kracht en zwaktes van onze gebieden. Dit is behulpzaam bij het vormgeven van een gebiedsanalyse en op basis daarvan bij het opstellen van een gebiedsagenda. Tevens helpt de data ons te monitoren of de uitvoering bijdraagt aan het verbeteren van onze dorpen- en wijken.

2.1. Gebiedscyclus als fundament We willen actief verder met het implementeren en borgen van gebiedsgericht werken in onze hele gemeente. Op basis van de ervaringen in onze pilotgebieden en in andere gemeenten betekent het dat er wordt gekozen voor het structureler en systematischer doorvoeren van een andere werkwijze. De komende jaren wordt er gewerkt aan het implementeren van de gebiedscyclus voor geheel Dijk en Waard. De gebiedscyclus ziet er als volgt uit:

6

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

De cyclus bestaat uit 4 stappen die doorlopen worden1: 1. Eerst wordt in kaart gebracht wat er speelt in een gebied (gebiedsanalyse). 2. Vervolgens wordt bepaald wat we willen bereiken (opgaves) en wat prioriteit heeft (gebiedsagenda). 3. Zodra er een aanpak is afgesproken, is het tijd om aan de slag te gaan (gebiedsuitvoeringsplan). 4. De laatste stap van de gebiedscyclus is een toetsing: hebben we bereikt wat we wilden bereiken moeten we veranderen van aanpak (gebiedsmonitor). Het college streeft naar een dekkend netwerk van gebiedsagenda’s (geprioriteerde opgaves) voor de hele gemeente Dijk en Waard in 2026. De agenda is gemaakt in samenspraak met inwoners en partners in het gebied. In deze agenda’s komen de behoeften uit het gebied en de gemeentelijke opgaven en ambities samen. De agenda heeft altijd als fundament een goede analyse van wat er leeft en speelt (sterkten en zwakten) in de gebieden. Zo’n analyse wordt voor alle gebieden in 2025 uitgevoerd.

Indicatieve uitwerking van de gebiedscyclus Om een beter beeld te geven van hoe de gebiedscyclus kan werken, wordt hieronder een 1e uitwerking gegeven. Stap 1: gebiedsanalyse (1 keer per 4 jaar) De gebiedsanalyse heeft als doel om inzicht in de demografische, sociaaleconomische kenmerken en het zorg- en ondersteuningsgebruik op gebiedsniveau te krijgen en ondersteunend te zijn aan het inzicht in de ondersteuningsbehoefte per wijk/gebied. De gebiedsanalyse is een periodieke ‘staat van het gebied’. Met een gebiedsanalyse brengen we in kaart wat er speelt in een gebied. Welke ontwikkelingen, kansen en bedreigingen zijn er. Hiervoor gebruiken we beschikbare informatie bij gemeente en haar partners (zoals van MET Dijk en Waard, woningbouwcorporaties en de politie, verhalen en ervaringen van bewoners). De uitkomsten van de analyses geven een goed beeld van de situatie per gebied. Met de gebiedsanalyses kunnen we gebieden ook met elkaar vergelijken. Er ligt al een eerste basis voor de data bij het team Business Intelligence van de gemeente Dijk en Waard. Deze monitor zal de komende periode verder worden uitgebouwd. Op basis van de analyse wordt de volgende stap genomen: een gebiedsagenda maken. Stap 2: gebiedsagenda (1 keer per 4 jaar, 2-jaarlijks bijsturen) Met de uitkomsten van de gebiedsanalyse stellen we per gebied een gebiedsagenda op.

De agenda geeft inzicht in de belangrijkste opgaven en kansen in het gebied, vertaald naar te behalen doelen en resultaten met betrekking tot verschillende onderwerpen. Van alle gebieden wordt 1x per 4 jaar een integrale gebiedsagenda gemaakt. Deze agenda’s worden gevoed door ruimtelijke en sociale observaties, basismonitor, bewonersinitiatieven, wensen uit de ‘politiek’. De agenda verwoordt wat we willen bereiken en welke onderwerpen prioriteit hebben.

1 Dit model wordt onder andere in de gemeenten Groningen en Amsterdam gevolgd.

7

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

In deze plannen staat per gebied wat het komende jaar de concrete acties zijn. Het gaat daarbij niet om de reguliere werkzaamheden, zoals afval ophalen. Per doel geeft de gebiedsagenda antwoord op de vragen: ▪ Welke concrete resultaten leveren we op? ▪ Wie levert welke prestatie? De agenda heeft als fundament een goede analyse van de opgaven in de gebieden (2025). De agenda is gemaakt in samenspraak met inwoners en partners in het gebied (scholen, winkeliersverenigingen, corporaties, politie, zorginstellingen). Door samen de gebiedsagenda vast te stellen, beloven alle partijen hun steentje bij te dragen. De ervaring in andere gemeenten is dat in de loop der jaren steeds meer partners betrokken zijn bij deze stap. De agenda wordt bestuurlijk vastgesteld en na 2 jaar wordt de gebiedsagenda geactualiseerd. In deze agenda’s komen de behoeften uit het gebied en de gemeentelijke opgaven en ambities samen. Stap 3: gebiedsuitvoeringsprogramma (1 keer per jaar) De vastgestelde gebiedsagenda is het vertrekpunt voor het opstellen van gebiedsuitvoeringsprogramma voor elk gebied. Het uitvoeringsprogramma wordt opgesteld door breed samengestelde gebiedsteams en in overleg met andere belanghebbenden binnen en buiten de gemeente. Hierin maken we jaarlijks integrale uitvoeringsafspraken. Ook kan onderwerp zijn van een gebiedsuitvoeringsprogramma.

In de gebiedsuitvoeringsplannen staat een beperkt aantal focusopgaven waarmee we wezenlijke verbeteringen in een gebied tot stand willen brengen. Bij de uitvoering van die activiteiten zijn meerdere spelers aan zet: bewoners, ondernemers, (lokale) partners, maatschappelijke organisaties, de gemeente. Stap 4: gebiedsmonitor (1 keer per jaar) De vierde stap van de gebiedscyclus is een toetsing: ▪ Hebben we de doelen bereikt die we in de gebiedsagenda hebben afgesproken? ▪ Hebben we uitgevoerd wat in het gebiedsuitvoeringsplan staat? ▪ Waar moeten we bijsturen en wat moeten we veranderen in onze aanpak? Als basis voor de monitoring wordt gebruik gemaakt van de monitor van het team Business Intelligence. Door een gebiedsmonitor uit te voeren, leren we hoe we het in de toekomst nog beter kunnen doen.

De P&C-cyclus wordt verbonden met gebiedsgericht werken. De komende periode worden daar verdere stappen op gezet. Daarvoor gelden de volgende randvoorwaarden: ▪ P&C producten worden waar mogelijk ook gebiedsgericht. ▪ Gezamenlijk met de partners wordt een manier van agendavorming en aanpakken ontwikkeld. ▪ In het begin ligt de focus op partners binnen de gemeente. In latere jaren wordt dit uitgebreid naar de P&C-cyclus van andere partners.

Keuze 1: vormgeven gebiedscyclus Per gebied kijken welk systeem past Hier wordt per gebied bekeken welk systeem past, welk ritme gekozen wordt en welke afspraken er gemaakt worden met partners.

Elke wijk eigen tijdpad bij gebiedscyclus Er wordt één gebiedscyclus voor de gemeente vastgesteld maar ieder gebied kent een eigen fasering van het doorlopen van de gebiedscyclus: het ene gebied kan

Alle gebieden doorlopen gezamenlijk de gebiedscyclus De gebieden in Dijk en Waard doorlopen dezelfde gebiedscyclus en kennen een gelijke planning. Voordeel:

8

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

Voordeel: ▪ Maximale vrijheid om aan te sluiten bij aard en tempo van het gebied. Nadeel: ▪ Afweging van opgaves en prioriteiten gemeente breed is lastig en moeilijker uitlegbaar. ▪ Lastige koppeling aan P&C cyclus. ▪ Grotere mogelijkheid van willekeur. ▪ Lastige verantwoording over totaal naar gemeetraad. ▪ Verdelen van ambtelijke capaciteit over de gebieden is lastig.

in de agendavorming zitten terwijl de andere in het 3e jaar van de uitvoering zit.

▪

Voordeel: ▪ Maakt ongelijk investeren mogelijk. ▪ Systematiek is gelijk, uitlegbaar en voorspelbaar. ▪ Verdeling van ambtelijke capaciteit over gebieden is mogelijk.

▪

Nadeel: ▪ Matige koppeling aan P&C cyclus. ▪ Afweging van opgaves en prioriteiten gemeente breed is lastig en moelijker uitlegbaar ▪ Per gebied verschilt de mate van aandacht.

▪

▪

▪

▪

Maakt ongelijk investeren mogelijk en uitlegbaar. Systematiek is gelijk, uitlegbaar en voorspelbaar. Alle fasen zijn goed te koppelen met de P&C cyclus. Prioritering kan afgewogen worden binnen een gebied en tussen gebieden. Integrale afweging over gebieden (agenda en uitvoering) kan makkelijker met raad plaatsvinden Verdeling ambtelijke capaciteit over gebieden is mogelijk

Nadeel: ▪ Vereist discipline en goede coördinatie.

Het college heeft ervoor gekozen om alle gebieden gezamenlijk de gebiedscyclus te laten doorlopen. Het college kiest hiervoor omdat het bestuurlijke en politieke samenhang stimuleert. Door de cyclus in alle gebieden tegelijk door te lopen, wordt voorkomen dat bepaalde gebieden meer aandacht krijgen dan andere. Dit bevordert gelijke behandeling. De keuze voor het gelijktijdig doorlopen van een gebiedscyclus in alle gebieden biedt voordelen in termen van uniformiteit, synergie, efficiëntie, en overzicht. Daarnaast zijn de volgende aspecten belangrijk: ▪ Een vast ritme: één gebiedscyclus voor alle gebieden tegelijk creëert een voorspelbare planning, waardoor betrokkenen weten wanneer ze input kunnen geven en resultaten mogen verwachten. ▪ Voorkomen van versnippering bij bestuurlijke keuzes: Als verschillende gebieden op verschillende tijdstippen in verschillende fasen zitten, kan dit leiden tot een versnipperde aanpak en verlies van focus.

2.2. Versterken datagestuurde gebiedsanalyse Gebiedsgericht werken sluit aan bij de opgaves die er in een gebied liggen. Dat betekent dat bekend moet zijn hoe een gebied ervoor staat, welke trends en processen zich aftekenen. Op basis van de data (kwantitatief en kwalitatief) wordt de agenda opgesteld. Mocht vanuit de analyse naar voren komen dat er geen opgave is, dan zal dit ook niet leiden tot een speerpunt in de agendavorming en dus bij de uitvoering ook niet leiden tot extra maatwerk of investering. Voor de analyse van de opgaven per gebied en voor de monitoring van de resultaten moet de gebiedsmonitoring verder worden uitgebouwd. Als voorbeeld kan gelden het gebiedsgerichte kompas wat in Groningen is ingevoerd. Per CBS-gebied wordt daarin informatie verzameld en in kleur aangegeven hoe een gebied ervoor staat. Het kompas kent 4 kwarten: 1. Samenstelling 2. Kwaliteit fysieke leefomgeving 3. Kwaliteit van leven 4. Kwaliteit sociale omgeving

9

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

Het college heeft opdracht gegeven aan de ambtelijke organisatie om de benodigde data per CBS-gebied te verzamelen en een datatool te ontwikkelen die openbaar toegankelijk is (geïnspireerd door de basismonitor Groningen: https://basismonitorgroningen.nl/kompasvangroningen/). De komende jaren zal deze datatool steeds verder uitgebreid kunnen worden.

2.3. Gebiedsindeling Dijk en Waard Bij gebiedsgericht werken in Dijk en Waard moet elk gebied meegenomen worden. Het gaat zowel om beheer- als ontwikkelgebieden. Daarbij moet een keuze gemaakt worden voor een schaalniveau dat aanspreekbaar en behapbaar is. Hier wordt ingegaan op de keuze voor de schaalgrootte van de werkgebieden die de gemeente hanteert. Ook wordt ingegaan op welke wijze het college kiest voor het zorgen voor de bestuurlijke aandacht voor het gebiedsgericht werken.

Keuze 2: indeling in gebieden Geen gemeentebrede dekking van gebiedsgericht werken Er wordt niet gekozen voor gemeente breed gebiedsgericht werken. Periodiek kan wel gekozen worden voor focusgebieden op basis van problematiek en politiek prioriteiten.

Indeling in 3 gebieden

Indeling in 10 gebieden

Er wordt aangesloten op een herkenbare indeling: Noordelijk Heerhugowaard, Zuidelijk Heerhugowaard en Langedijk. Elk gebied kent daarbinnen een detaillering in 3 tot 4 deelgebieden (opgebouwd uit CBS-wijken).

Er wordt gekozen voor een indeling in 10 gebieden (die opgeteld kan worden tot de indeling naar 3 gebieden).

Er wordt geen structurele gebiedscyclus ingevoerd.

Voordeel: ▪ Herkenbare grotere gebieden ook in naamgeving. ▪ Goede combi mogelijk voor herkenbaar gebied én aandacht voor integrale opgaven. ▪ Deze indeling wordt ook door MET Dijk en Waard gehanteerd. ▪ Maatwerk op kleinere schaal daaronder (aandachts- en projectwijk) is goed inpasbaar (niet alle wijken behoeven evenveel bestuurlijke aandacht). ▪ Bestuurlijk en ambtelijk efficiënt in te regelen.

Voordeel: ▪ Geeft helder aan waar politiek prioriteit aan gegeven wordt. ▪ Sluit aan bij huidige benadering van programmatische gebiedsontwikkeling Nadeel: ▪ Er is geen gebiedsgericht werken, ▪ Geen erkenning dat Dijk en Waard verschillende gebieden kent met elk een eigen dynamiek en problematiek. ▪ Zorgt niet voor aansluiten bij directe leefwereld en initiatieven van inwoners. ▪ Risico dat ontwikkeling in beheergebieden onderbelicht blijft.

Nadeel: ▪ Herkenbaarheid voor bewoners op leefwereld zit meestal op lagere schaalniveau (dorp, wijk).

Voordeel: ▪ Herkenbaarheid dichter bij leefwereld. ▪ Meeste erkenning voor verschillen binnen Dijk en Waard. ▪ Maatwerk op kleinere schaal is inpasbaar. ▪ Inzoomen op een aandachtsof projectwijk blijft mogelijk. ▪ Gebiedsindeling is te combineren tot eenheden die MET Dijk en Waard hanteert. Nadeel: ▪ Grotere detaillering vereist ook meer detail in opgaven, inzet en realisatie. ▪ Lastige naamgeving van 10 gebieden. ▪ Risico dat elk gebied erkenning wil voor een opgave (minder ruimte voor factbased agendavorming). ▪ Vereist meeste ambtelijke capaciteit.

Het college heeft de voorkeur voor een indeling in drie gebieden. De overweging is dat de keuze voor grotere gebieden bij gebiedsgericht werken als voordeel heeft dat het meer ruimte biedt voor

10

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

integrale oplossingen, samenwerking en efficiëntie. Het biedt de beste balans tussen het leveren van maatwerk en het niet uit het oog verliezen van de efficiency. Daarbij geldt: ▪ Lokale opgaves op kleinere schaal worden niet vergeten In grotere gebieden is er ruimte om problemen op lagere schaalgrootte (zoals dorpen of wijken) te herkennen en aan te pakken, terwijl de samenhang wordt bewaakt. Immers sommige problemen treden op de scheidslijn van twee gebieden op of worden versterkt door interacties tussen kleinere eenheden. Door een grotere schaal te kiezen, kunnen deze interacties worden meegenomen in de analyse en oplossingen. ▪ Differentiatie binnen subgebieden blijft mogelijk op basis van de vastgestelde opgaves Door passend bij een subgebied maatwerk toe te passen, kan beter worden ingespeeld op de specifieke behoeften van lokale gemeenschappen. ▪ De betrokkenheid van bewoners en stakeholders wordt gewaarborgd Bij grotere gebieden is het belangrijk om bewoners en actoren op lager niveau actief te betrekken, zodat zij zich gehoord voelen en oplossingen lokaal relevant blijven. Het college gaat voor de volgende drie herkenbare gebieden (die ook door MET Dijk en Waard worden gehanteerd) met de volgende subgebieden: 1.

Noordelijk Heerhugowaard (29.260 inwoners) ▪ De Noord (3370), Bedrijventerrein Heerhugowaard (980), Heemradenwijk (2710), ▪ Broekhorn (1990), Stadshart (2115), Planetenwijk (1540), Schrijverswijk (2875) ▪ Schilderswijk, inclusief de Klamp (4330), De Draai (4265), Bomen-recreatiewijk (5085) 2. Langedijk (28.855 inwoners) ▪ Oudkarspel (3835), Koedijk en Geestmerambacht (265) ▪ Noord-Scharwoude (5985), Zuid-Scharwoude (6865) ▪ Broek op Langedijk (6045), Sint Pancras (5860) 3. Zuidelijk Heerhugowaard Zuid (31.935 inwoners) ▪ Molenwijk (2710), Edelstenenwijk (3355)) ▪ Rivierenwijk (3350), Butterhuizen (3770) ▪ Zuidwijk (3890), Stad van de Zon (4510) ▪ Oostertocht (4045), Huygenhoek (5585), ’t Kruis (720) Groningen en Amsterdam volgen een vergelijkbaar model met grotere gebieden voor de gebiedscyclus waarbij wel sterke accenten gelegd kunnen worden op subgebieden. Het doel is om voor de drie gebieden de gebiedscyclus te doorlopen en bij elke fase binnen elk gebied ook in te zoomen op specifieke opgaven in kleinere gebieden.

Keuze 3: bestuurlijke aandacht Geen gebiedswethouders Gebiedsgericht werken wordt gestuurd door middel van de reeds verdeelde inhoudelijke portefeuilles. Mogelijk worden wel specifieke focusgebieden benoemd en gekoppeld aan wethouders).

Gebiedswethouders op grotere gebieden (3) Er komen wethouders met een gebiedsverantwoordelijkheid voor 3 gebieden. Elk gebied kent daarbinnen een detaillering in 3 tot 4 deelgebieden (opgebouwd uit CBS-wijken). Voordeel:

Gebiedswethouders op kleinschaliger (10) gebieden Alle wethouders verdelen onderling 10 (kleinschalige) gebieden. Voordeel: ▪ Meeste erkenning voor verschillen binnen Dijk en Waard.

Voordeel:

11

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

▪

▪

De portefeuilleverdeling volgt eenduidig de programma’s van de raad. De aandacht en sturing gaat vooral naar inhoudelijke thema’s met gebiedsgerichte accenten.

Nadeel: ▪ Herkenbaarheid van de inzet voor gebiedsgericht werken op bestuurlijk niveau lastiger. ▪ Onduidelijk wie aanspreekbaar is op de gebiedsgerichte agenda en resultaten. ▪ Gebiedsgerichte integrale benadering is zeer moeizaam te coördineren. ▪ De ambtelijke organisatie zal zich vooral via inhoudelijke domeinen presenteren naar het college.

▪ ▪

▪

▪

Herkenbare grotere gebieden ook in naamgeving. Te combineren met gebiedsindeling op lager CBSniveau. Goede combi mogelijk voor herkenbaar gebied én aandacht voor integrale opgaven. Bestuurlijk en ambtelijk efficiënt in te regelen.

Nadeel: ▪ Herkenbaarheid voor bewoners op leefwereld zit meestal op lagere schaalniveau (dorp, wijk).

▪ ▪

Inzoomen op een aandachtsof projectwijk blijft mogelijk Gebiedsgericht werken is van alle wethouders.

Nadeel: ▪ Grotere detaillering vereist ook meer detail in opgaven, inzet en realisatie. ▪ Lastige naamgeving van 10 gebieden. ▪ Risico dat elk gebied erkenning voor een opgave wil (minder ruimte voor factbased agendavorming). ▪ Arbeidsintensief (bestuurlijk en ambtelijk)

Het college is van plan een gebiedswethouder aan te wijzen voor de (3) grotere gebieden. Daarmee volgt het college de lijn van de indeling in de gebieden. Het college kiest ervoor om per gebied een duo-wethouderschap aan te wijzen. Zo zijn steeds twee wethouders verantwoordelijk voor een gebied en draagt het college als geheel een zichtbare verantwoordelijkheid voor gebieden.

2.4. Versterken aanwezigheid in de gebieden We willen als gemeente meer nabijheid realiseren ten aanzien van onze bewoners en zichtbaar zijn in het gebied. Voor het aanpakken van maatschappelijke uitdagingen zijn ook de aanwezigheid en zichtbaarheid van sleutelfiguren vanuit de gemeente van belang. Zij moeten onderdeel zijn van sterke netwerken in de wijk. Momenteel is de gemeente onvoldoende nabij voor de bewoners in de dorpen en wijken. Er zijn weliswaar verschillende professionals actief in de wijk maar om de belangen van onze inwoners beter te dienen, is het noodzakelijk dat deze professionals nauwer en pro actiever gaan samenwerken. Dit is nu nog te veel reactief en gebaseerd op incidenten. Er worden aanspreekpunten gemist die verbinding kunnen leggen binnen de gemeentelijke organisatie, met welzijnsorganisaties, woningbouwcoöperaties en ook kunnen verbinden met bewoners. Ervaring uit andere gemeenten leert dat het belangrijk is dat deze gemeentelijke verbinders frequent fysiek aanwezig zijn in het gebied, gekend worden door bewoners en ook over ‘van alles’ benaderd kunnen worden. De verbinder weet dan wel de juiste ingang bij de gemeente. Door het opbouwen van sterke netwerken in het gebied, waarin professionals uit zowel het fysieke als het sociale domein samenwerken, kan de zichtbaarheid en toegankelijkheid voor inwoners worden vergroot.

Hierdoor kan er pro actiever gereageerd worden op signalen van inwoners.

12

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

De vraag is hoe die zichtbaarheid in Dijk en Waard het beste vergroot kan worden? En kan dat binnen de bestaande organisatiestructuur worden vormgegeven of dient er een zichtbaar aparte eenheid te komen?

Keuze 4: aanwezigheid in gebieden Organiseren via bestaande domeinen Vanuit elk domein worden functionarissen in de gebieden aangesteld. Dit vereist dat de lijn gebiedsgerichte activiteiten vorm weet te geven en het past bij de cultuur van werken.

Kantelen van organisatie naar gebiedsgerichte indeling Gebiedsgericht werken wordt de norm binnen de gemeente. Hiervoor wordt de hele organisatie gebiedsgericht ingericht. Daarmee wordt de nabijheid gebiedsgericht geregeld en de uitvoering gebiedsgericht ingericht.

Voordeel: ▪ Past binnen domeingericht werken.

Voordeel: ▪ Gebiedsopgave en maatwerk gaan hand in hand.

Nadeel: ▪ Bewoners moeten zelf het domein selecteren waar ze moeten zijn. ▪ Grote kans op silodenken met mogelijk meer nadruk op systeemgerichte werkwijze. ▪ Interne samenwerking tussen domeinen komt lastiger tot stand. ▪ Onduidelijk of domeinen dit met slagkracht kunnen vormgeven.

Nadeel: ▪ Vereist totale redesign van gemeente en begroting. ▪ Verwacht wordt dat de organisatie niet klaar is voor zo’n grote reorganisatie. ▪ Maken van (domeingericht) gemeentelijk beleid over de gebieden heen is gecompliceerder.

Organiseren via compacte eenheid gebiedsregie Binnen de eenheid zorgen voor: ▪ ‘Verbinders’ om in het gebied op alle opgaven (van alle domeinen) aanspreekbaar te zijn. Ze hebben een breed netwerk. ▪ ‘Regisseurs’ voor de doorzettingskracht binnen de organisatie. Voordeel: ▪ Dicht bij leefwereld. ▪ Gebiedsgericht werken krijgt een gezicht. ▪ Samenwerking tussen domeinen in gebieden kan via gebiedsregie worden vormgegeven. ▪ Herkenbare personen die als spin in het web functioneren. ▪ Vergrote zichtbaarheid binnen en buiten de organisatie. ▪ Regie op gebiedsgericht werken op 1 centrale plek. Uitvoering in de reguliere lijn Nadeel: ▪ Binnen de gemeente dient de eenheid over positie te beschikken.

Het college heeft besloten om een compact team Gebiedsregie op te richten. Het college vindt het essentieel dat de aanwezigheid in de gebieden toeneemt. Inwoners moeten laagdrempelig contact kunnen leggen met de gemeente. Die functionaris dient ook veel in het gebied aanwezig zijn en op alle aspecten aanspreekbaar. Het college kiest niet voor een (grootschalige) reorganisatie: de stofwolken van de fusie zijn net neergedaald en de organisatie is net ingeregeld op de bestaande indeling. De nieuwe eenheid Gebiedsregie ziet het college als een doorontwikkeling en essentiële aanvulling op de bestaande structuur. De gebiedscyclus biedt de mogelijkheid om gebiedsgericht werken structureel te verankeren in de werkwijze van de gemeente Dijk en Waard. Het op te richten team Gebiedsregie is daarvan trekker. Ten aanzien van het team geldt dat deze zwaar genoeg moet zijn om serieus genomen te worden door alle afdelingen en licht genoeg om flexibel te blijven en geen papierwinkel te worden.

13

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

Het college vindt het belangrijk dat voor de realisatie van gebiedsgericht werken de hele organisatie deze aanpak ondersteunt. Een duidelijk zichtbaar en herkenbaar teameenheid dat regie voert op het gebiedsgericht werken is essentieel voor een goede borging. De ambtelijke organisatie is ook verzocht te streven naar een werkcultuur waarbij gebiedsgericht werken van de hele organisatie is. Aan de ambtelijke organisatie wordt gevraagd om te bepalen hoe omvangrijk het team Gebiedsregie moet worden. Daarbij wordt meegegeven dat de omvang niet alleen wordt bepaald door het aantal mensen in het nog op te richten team Gebiedsregie maar ook door de wijze waarop de domeinen zich organiseren naar gebiedsgericht werken. Het team moet over voldoende mandaat beschikken om tegenwicht te bieden aan dominantie van een domein. Hieronder een eerste globale uitwerking van de rollen van het team Gebiedsregie zowel naar de inhoud als naar de organisatie.2

Contouren team Gebiedsregie De ervaringen uit andere gemeenten leren dat een team handelingsruimte én mandaat moet hebben om een succesvolle gebiedsgerichte werkwijze tot stand te brengen. Binnen gemeenten waar gebiedsgericht werken politiek belangrijk wordt gevonden, is er meestal een unit waarin zowel functionarissen op strategisch niveau opereren (gebiedsmanagers/gebiedsregisseurs: 50% in het gebied, 50% op kantoor. In aantallen: Alkmaar vijf gebiedsregisseurs, Groningen zeven gebiedsmanagers, Zaanstad twaalf wijkmanagers, Haarlem zeven gebiedsmanagers en Amsterdam heeft achttien gebiedsmanagers) als op tactisch niveau (gebiedsverbinders, gebiedsmakelaars: 80% in het gebied, 20% op kantoor). Deze laag is meestal omvangrijker dan de strategisch/tactische laag. Meestal geldt dat wanneer de strategische laag meer fte’s bevat per aantal inwoners dat dan het aantal fte’s in de tactisch/operationele laag minder is en omgekeerd. Voor de gemeente Dijk en Waard wordt verwacht dat voor elk van de drie gebieden een gebiedsregisseur nodig is die ook direct contact houdt met de betreffende gebiedswethouders. Per gebied zullen meerdere gebiedsverbinders worden aangesteld, verdeeld over subgebieden. Verder

2 Naar Gronings model.

14

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

dient de eenheid te beschikken over een ondersteuner, een data-analist, communicatieadviseur en mogelijk een expert voor het bevorderen, begeleiden en structureren van participatieprocessen. De bandbreedte voor de eenheid wordt verwacht tussen de 10 en 20 fte te zijn.

Om integraal en vanuit de leefwereld van inwoners te werken aan opgaves worden, naar Gronings voorbeeld, gebiedsteams opgericht. Een gebiedsteam verbindt tussen de opgaves in een (sub-)gebied, draagt zorg voor de voortgang van de uitvoering en zorgt voor zichtbare aanwezigheid in een (sub-)gebied. Deze gebiedsteams werken met vaste aanspreekpunten van partners uit een gebied en de gemeente. Een gebiedsteam is een samenwerkingsverband, bestaande uit ten minste een gebiedsregisseur en gebiedsverbinders en daarnaast andere medewerkers van de gemeente Dijk en Waard (liaisons) en vertegenwoordigers van maatschappelijk partners die werkzaam zijn in het gebied.

Het gebiedsteam komt in wisselende frequentie bijeen op de gebiedstafel. De frequentie is afhankelijk van de opgaven in het gebied en de opgaven van de onderliggende deelgebieden. Ze houden zich bezig met de ontwikkeling én uitvoering van activiteiten en opgaven in het gebied. Door beide disciplines onder te brengen in één gebiedsteam versterken ze elkaar. De samenstelling van het gebiedsteam is niet statisch. Wanneer de opgaven in een gebied veranderen, kan dat consequenties hebben voor de samenstelling van het gebiedsteam. Met het opzetten van gebiedsteams willen we slagvaardiger optreden en gebiedsgebonden behoeften sterker laten doorklinken in keuzes die gemaakt worden. Vanuit het team Gebiedsregie wordt met een integrale blik op de opgaven regie gevoerd en de uitvoering van de gebiedsagenda gemonitord. De gebiedsregisseur is daarbij spin in het web (voorzitter van overleg) en wordt ondersteund door gebiedsverbinders en verantwoordelijk voor de gebiedscyclus en voor het monitoren van de uitvoering. De liaisons vanuit de gemeente zijn onderdeel van het gebiedsteam en zorgen voor integrale werkwijze in lijnorganisatie. Zij zijn het 1e en vaste aanspreekpunt voor de borging en inbreng van de lijn in de gebiedsgerichte uitvoering.

15

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

2.5. Naar brede invoering van gebiedsgericht werken Met de twee startgebieden en de wens naar brede invoering van gebiedsgericht werken en de gebiedscyclus in de hele gemeente Dijk en Waard, ligt de keuze voor hoe de uitbreiding naar alle gebieden gerealiseerd wordt. Uitgangspunt is één methodiek van gebiedsgericht werken waarbij alle gebieden gelijk oplopen. Onderzocht is of het mogelijk en wenselijk is om in twee extra gebieden versneld met de gebiedscyclus te starten.

Keuze 5: uitbreiding van gebieden Gelijktijdig starten in 2025 met analyse in alle gebieden. In pilotgebieden vaststellen gebiedsagenda (maar niet overgaan tot uitvoering)

Gelijktijdig starten in 2025 met analyse in alle gebieden. In pilotgebieden vaststellen agenda en starten met (beperkte) uitvoering (in 2025)

2e helft 2025 starten met analysefase in alle gebieden van Dijk en Waard. Afweging van opgaven en keuze voor uitvoering wordt gemaakt op basis van level playing field.

2e helft 2025 starten met analysefase in alle gebieden van Dijk en Waard. Voor evidente opgaven in de pilotgebieden wordt gestart met de uitvoering.

Voordeel: ▪ De gebiedscyclus loopt in alle gebieden gelijk. ▪ Realiseerbaar onafhankelijk van keuze voor 3 of 10 gebieden. ▪ De gebiedsagenda van de pilotgebieden wordt meegenomen in de agenda’s van de 3 gebieden.

Voordeel: ▪ De gebiedscyclus loopt in alle gebieden gelijk. ▪ Realiseerbaar onafhankelijk van keuze voor 3 of 10 gebieden. ▪ De gebiedsagenda van de pilotgebieden wordt meegenomen in de agenda’s van de 3 gebieden. ▪ In pilotgebieden zichtbare uitvoering.

Nadeel: ▪ De startgebieden wachten op uitvoering en aandacht. ▪ Er wordt niet zichtbaar doorgepakt op wat de pilots hebben opgeleverd.

Nadeel: ▪ Risico dat het de werkwijze met de gebiedscyclus en gebiedsindeling ondergraaft. ▪ Mogelijk schept dit onduidelijke of te hoge verwachtingen over direct resultaten in de aanvullende gebieden.

Zo snel mogelijk starten in 2025 met 2 aanvullende gebieden met analyse en mogelijk agendavorming. Later in 2025 start ook analyse in overige gebieden. In pilotgebieden vaststellen agenda en starten met (beperkte) uitvoering (in 2025) In 2 extra gebieden de wordt 1e helft 2025 vooruitlopend op de cyclus de analyse en de gebiedsagenda opgesteld. Start 2e helft 2025 met analyse in alle overige gebieden. Voordeel: ▪ In startgebieden worden resultaten zichtbaar, kunnen onderdeel worden van grotere gebiedsagenda. ▪ Er wordt voldaan aan voorkeur raad om snel uit te breiden naar andere gebieden. Nadeel: ▪ Er lopen 4 gebieden vooruit op de gebiedscyclus. ▪ Bij keuze voor gebiedscyclus voor 3 gebieden ontstaat er mismatch met aanvullende gebieden (ander schaalniveau). ▪ Risico dat de systematiek van de gebiedscyclus en gebiedsindeling ondergraaft. ▪ Vereist investeringen vooruitlopend op raadsbesluit ▪ Ambtelijke capaciteit is nog niet voorhanden

16

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

Het college heeft gekozen om in 2025 in alle gebieden gelijktijdig te starten met analyse in alle gebieden. Voor de startgebieden uit de pilot wordt een wijkagenda vastgesteld en gestart met (beperkte) uitvoering (in 2025). De overweging is dat aansluitend bij de eerdere keuzes voor het hanteren van één gelijktijdige systematiek van de gebiedscyclus in drie gebieden binnen Dijk en Waard de consequentie heeft dat zo snel mogelijk langs die lijn ook gewerkt moet worden.

Tegelijk vindt het college dat sommige opgaves die in de pilots naar voren zijn gekomen geen uitstel behoeven. Daarmee wordt ook recht gedaan aan de inspanningen die bewoners en andere partijen de afgelopen jaren in de pilotgebieden hebben geleverd. De gemeente dient dan ook navolging te geven aan de gewenste uitvoering. De wijkagenda die voor deze pilotgebieden wordt opgesteld zal onderdeel gaan uitmaken van de gebiedsagenda van de grotere gebieden.

2.6. Financiële consequenties Van belang is om ook de financiële consequenties voor de keuze voor implementatie van gebiedsgericht werken en de gebiedscyclus in kaart te brengen. Daarbij kiezen we ervoor om het te benaderen als structurele activiteit van de gemeente Dijk en Waard. Dit betekent dat het college het in tegenstelling tot de pilotperiode niet meer benadert als een programma of project. Hier beperken we ons tot de hoofdkeuzes. Het gaat om het inzichtelijk maken van de structurele consequenties voor de begroting (zowel qua personeel als ten behoeve van de uitvoering). Hier worden de hoofdkeuzes gepresenteerd. De komende periode zal nadere invulling van de financiële consequenties plaatsvinden en verbonden worden aan het reguliere P&C- proces van de gemeente. Het college wil dat voor de organisatie veel meer vanuit de opgaven in een gebied gaat opereren. Dat betekent ook dat mensen en middelen uit de huidig organisatie in het gebied op die opgave ingezet worden. Hiermee maken we de noodzakelijke transformatie ook voelbaar in de hele organisatie. Een compacte eenheid voor regie maar uitvoering vanuit de bestaande lijn. De organisatie heeft daar middels de gebiedsontwikkelaars al ervaring met deze vorm van matrixsturing.

Keuze 6: personeel Volledige toevoeging aan personeelsbegroting Uitgangspunt is dat dit een extra taak is en een aanvulling op de formatie dient te zijn. Er wordt niet verwacht dat er synergie zal optreden en dat het volledig nieuwe functies betreft die niet in de plaats kunnen komen van reeds bestaande. Voordeel: ▪ Extra fte’s betekent snel vacatures om mensen te werven.

Volledige budgetneutraliteit Uitgangspunt is dat het vooral een andere wijze van werken is en dat het dus formatie en budget neutraal kan verlopen. Dit gebeurt door verschuiven van mensen binnen de organisatie en ontwikkeling van competenties. Voordeel: ▪ Relatief snelle ombouw mogelijk, want doorschuiven binnen de organisatie is te realiseren. Nadeel:

Deels ombouw organisatie, deels uitbreiding Uitgangspunt is dat zeker een deel is op te vangen in de eigen organisatie maar het deels echt een aanvullende prioriteit is die niet ten koste mag gaan van bestaande (wettelijke) taken en werkzaamheden. Voordeel: ▪ Erkenning dat beide plaats dienen te vinden: anders werken en ombouw van eigen organisatie en erkenning dat het aanvullend is op bestaande.

17

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

▪

Geen ombouw van competenties binnen de organisatie.

Nadeel: ▪ Structurele budgetruimte is er niet. ▪ Betekent uiteindelijke keuze bij raad om posterioritering van andere onderwerpen bij gelijkblijvend budget.

▪

▪

Mogelijk frictielasten want afbouw en omzetten van fte’s en vervulling van functies kost tijd (mogelijke mismatch van competenties bij bestaand personeel). Vraagt om een forse reorganisatie en herplaatsing van mensen.

▪

Inzet incidentele middelen kan helpen om tijdelijke extra te werven en daarna in te laten dalen in de formatie en om mensen in eigen organisatie wel al in te zetten op dit gebied maar oude functie mogelijk nog beperkte tijd (incidenteel) te vervullen en zo ombouwtijd te geven.

Nadeel: ▪ Niet alle expertise is intern aanwezig. ▪ Interne functieverschuivingen.

Het college heeft gekozen voor het Deels ombouwen van de organisatie met een beperkte uitbreiding. Het college beseft dat er binnen de huidige begroting geen structurele middelen voor extra fte’s ten behoeve van gebiedsgericht werken beschikbaar zijn. Verwacht wordt dat de andere wijze van werken op termijn leidt tot synergie en niet zal leiden tot een grote uitbreiding van het totale aantal fte’s van de organisatie. Tevens wordt beseft dat een andere wijze van werken tijd nodig heeft om in te dalen. Tegelijk blijkt uit de evaluatie van de pilots dat het wenselijk is om specifieke capaciteit vrij te maken voor gebiedsgericht werken en dat het wenselijk is om te kiezen voor een duidelijke keus voor invoering van gebiedsgericht werken in de heel Dijk en Waard. Het college wil daarom in 2025, en mogelijk 2026 gebruik maken van (beschikbare) incidentele middelen om een forse stap te maken met de brede invoering van gebiedsgericht werken. Het college wil dus nu starten met extra capaciteit beschikbaar te stellen om uiteindelijk te komen tot structurele inbedding. Het college heeft de ambtelijke organisatie gevraagd om uiterlijk medio maart te komen met voorstellen hoe dit meerjarig financieel kan worden ingeregeld. Waarbij de inzet van de extra incidentele gelden wordt afgebouwd.

Dit betekent dat de organisatie de opdracht meekrijgt om de extra fte’s van de eenheid gebiedsregie op termijn te laten indalen in de organisatie.

Keuze 7: uitvoering Volledige extra lasten ten aanzien van de uitvoering gebiedsgericht werken Uitgangspunt is dat dit een extra taak is en volledige zal gaan om aanvullende uitvoering. Er wordt geen synergie verwacht en het betreft uitvoering bovenop reeds bestaande budgetten. Voor eerste jaar kan mogelijk geput worden uit incidentele (vrijvallende?) budgetten. Voordeel:

Volledige budgetneutraliteit

Deels beschikbare middelen, deels uitbreiding

Uitgangspunt is dat het vooral een andere wijze van werken en (flexibeler) programmeren is en dat het dus budget neutraal kan verlopen. Mogelijk leidt het op termijn tot verschuiving van budgetten tussen raadsprogramma’s. Dit kan in de reguliere P&C-cyclus worden meegenomen.

Uitgangspunt is dat een (aanzienlijk) deel is op te vangen binnen de programmabegroting en het deels echt een aanvullende prioriteit is die niet ten koste mag gaan van bestaande (wettelijke) taken en werkzaamheden. Voordeel: ▪ Verwacht wordt dat in de loop der tijd de aanvullende

18

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

▪

▪

Extra budget betekent mogelijkheid om relatief snel zichtbare resultaten te laten zien. Geeft de mogelijkheid om niet direct te herprioriteren maar aanvullende gebiedsgericht budget flexibel in te zetten en zo ervaring op te doen met gebiedsgericht werken.

Nadeel: ▪ Structurele budgetruimte is er niet. ▪ Betekent uiteindelijke keuze bij raad om posterioritering van andere onderwerpen bij gelijkblijvend budget. ▪ Er is nog geen integrale werkpraktijk met gebiedsgericht investeren en uitvoering in vooral beheergebieden.

Voordeel: ▪ Vereist geen aanvullende besluitvorming door raad (1e jaar) door verschuivingen binnen programma’s (en mogelijk gebruik incidentele middelen) Nadeel: ▪ Er is nog geen integrale werkpraktijk met gebiedsgericht investeren en uitvoering in vooral beheergebieden. ▪ Lopende programma’s zijn al ingevuld/geprogrammeerd en kennen weinig tot geen flexibiliteit voor andere keuzes. ▪ Leidt binnen programma’s tot herprioritering en besluitvorming door college.

▪

▪

prioriteit afgebouwd kan worden naarmate er meer ervaring ontstaat met gebiedsgericht werken en programmeren Erkenning dat beide plaats dienen te vinden: anders programmeren en aanvullend op bestaande taken. Inzet incidentele middelen kan helpen om de ombouw binnen de programma’s mogelijk te maken.

Nadeel: ▪ Er is nog geen integrale werkpraktijk met gebiedsgericht investeren en uitvoering in vooral beheergebieden. ▪ (Beperkte) structurele ruimte dient gevonden te worden.

Het college heeft gekozen voor de variant Deels beschikbare middelen, deels uitbreiding. Het college beseft dat er binnen de huidige begroting geen structurele middelen specifiek zijn opgenomen voor de uitvoeringsplannen gekoppeld aan gebiedsgericht werken. De mogelijkheden voor het leveren van maatwerk in gebieden zijn momenteel nog beperkt. Verwacht wordt dat een andere wijze van werken en anders (flexibeler) programmeren van lijnactiviteiten op termijn leidt tot synergie en niet zal leiden tot een (grote) uitbreiding van uitvoeringsbudget. Gezien het feit dat voor de beide pilotgebieden gekozen wordt om in 2025 en 2026 uitvoering te realiseren, zullen daarvoor (beperkte) aanvullende budgetten moeten worden vrijgemaakt: verwacht wordt dat de uitvoeringsprojecten grotendeels middels bestaande budgetten worden gerealiseerd. Het college heeft de ambtelijke organisatie gevraagd dit voor medio maart inzichtelijk te maken. De eventuele aanvullende budgetten in 2025 zullen door middel van incidenteel geld worden bekostigd. Voor 2026 wordt in de kadernota voorstellen hiervoor aan de gemeenteraad voorgelegd. Daarin zal ook meegenomen worden de verwachte 1e reserveringen voor de gebiedsuitvoeringsplannen voor de hele gemeente Dijk en Waard. Het college wil dus voor 2025 (en mogelijk deels in 2026) gebruik maken van incidentele middelen en daarna komen tot structurele inbedding.

Aangezien de meeste gebiedsuitvoeringsplannen tot uitvoering komen vanaf medio 2026, stelt het college als opgave om deze (zeker vanaf 2027) geheel in de reguliere begroting te laten indalen. De voorstellen daarvoor zullen middels de reguliere P&C-cyclus aan de gemeenteraad worden voorgelegd.

19

Notitie Implementatie gebiedsgericht werken

3. Conclusies Met dit voorstel voor implementatie gaat het college de pilotfase afsluiten en de opbouwfase starten om het gebiedsgericht werken in Dijk en Waard breed te verankeren. In deze fase wordt zo spoedig mogelijk een kwartiermaker aangesteld met een klein team. Dit team gaat de doelen operationaliseren en werkt uit welke inspanningen, mensen en middelen nodig zijn voor de implementatie van gebiedsgericht werken in heel Dijk en Waard. Hierdoor wordt inzicht gekregen in de meerjarenbegroting en in de benodigde bemensing. Hierbij geldt zoveel mogelijk het uitgangspunt van budgettaire neutraliteit. Omdat de gebiedsopgaven veel meer centraal staan, worden mensen en middelen uit de huidige lijnorganisatie in het gebied op die opgave ingezet. Hierbij verankeren we zoveel mogelijk al bestaande opdrachten en opgaven in het programma. Daarmee en door de daarbij behorende capaciteit anders te richten, sorteren we meer effect in de gebieden. Vervolg Het college gaat uw gemeenteraad met regelmaat informeren over de voortgang van de implementatie van gebiedsgericht werken. In ieder geval via de reguliere P&C-cyclus en daarnaast jaarlijks via een reflectiebijeenkomst met de gemeenteraad. Het gebiedsgericht werken willen we samen en in verbinding met gemeenteraad en met de samenleving doen en aansluiten bij de kracht die daar al aanwezig is.

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=c7d76582-6e88-4e36-8051-8182a401dcf9