bijlage 2. Advies van de Cliëntenadviesraad van 12 december 2024
Tekst van het document
Datum:
12 december 2024
Betreft:
Adviesaanvraag Het Regionaal beleidskader Toezicht en Handhaving Wmo en Jeugdwet College B&W gemeente Dijk en Waard Cliënten Adviesraad Dijk en Waard Anita Aarsen en Josca Ligteringen
Aan: Van: Cc.:
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Geacht college, Wij ontvingen uw boven aangehaalde adviesaanvraag per email op 29 oktober 2024. Het betreft de volgende stukken: -
Beleidskader Toezicht en Handhaving WMO en Jeugdwet
Inleiding Het Regionaal beleidskader Toezicht en Handhaving Wmo en Jeugdwet is opgesteld om toezicht en handhaving te versterken en te verduidelijken na de decentralisaties in het sociale domein. De behoefte aan structureel toezicht en effectieve handhaving blijkt essentieel om de naleving van de wettelijke kaders en de kwaliteit van de dienstverlening te waarborgen. De presentatie door Josca Ligteringen en Anita Aarsen heeft inzicht gegeven in de opbouw, visie, en implementatie van dit beleidskader. Hieronder volgt een onderbouwd advies, gebaseerd op de presentatie en de gestelde vragen tijdens de vergadering.
Aanbevelingen
1. Duidelijkheid over de controle op de gemeente Er is aangegeven dat er controle plaatsvindt door de gemeente, maar er is behoefte aan expliciete vermelding in het beleidskader. Aanbeveling: Zorg dat het beleidskader helder en expliciet beschrijft hoe de controle op gemeentelijke taken en verplichtingen wordt uitgevoerd, inclusief verantwoordelijkheden en rapportage-eisen. Dit verhoogt de transparantie en helpt om eventuele tekortkomingen tijdig te signaleren.
2. Openbaarmaking van het jaarverslag Er zal worden nagegaan of het jaarverslag openbaar is. Dit is een belangrijk punt, omdat transparantie over toezicht en handhaving vertrouwen wekt bij burgers en stakeholders. Aanbeveling: Stel het jaarverslag standaard openbaar, tenzij er wettelijke of privacytechnische redenen zijn om dit niet te doen. Een openbaar jaarverslag draagt bij aan accountability en geeft inzicht in de effectiviteit van het toezicht en de handhaving. 3. Uniformiteit in toezicht en handhaving De presentatie benoemt verschillende vormen van toezicht en handhaving. Het is belangrijk dat deze consistent en uniform worden toegepast binnen de gehele regio. Statistieken laten zien dat het PGB fraudegevoeliger is dan ZIN-trajecten. De voorwaarden voor het afsluiten van een PGB zouden scherper kunnen. Ook omdat blijkt dat als er fraudevermoedens zijn, er vaak ook iets mis is met de kwaliteit. Aanbeveling: Ontwikkel duidelijke protocollen en richtlijnen voor de uitvoering van toezicht en handhaving, afgestemd op de specifieke context van de Wmo en de Jeugdwet binnen de gehele regio. Dit voorkomt interpretatieverschillen en zorgt voor eerlijke behandeling. De PGB vaardigheidstoets kan hierbij een hulpmiddel zijn
4. Betrekken van de praktijk bij implementatie De implementatie van het beleidskader en de vertaling naar de praktijk zijn cruciaal voor het succes ervan. Aanbeveling: Betrek uitvoerende professionals, cliënten, en andere betrokken partijen actief bij de implementatie. Dit helpt om knelpunten in een vroeg stadium te signaleren en het beleidskader werkbaar te maken. 5. Werkdruk toezichthouder Tijdens de presentatie van Josca en Anita is besproken dat de werkdruk voor de toezichthouder hoog ligt. En dat er allicht een tweede toezichthouder zou worden aangesteld, mede gelet op het omvangrijke gebied waarover toezicht moet worden gehouden. Aanbeveling: Georganiseerde fraude zou niet door een toezichthouder alleen moeten worden onderzocht. Het lijkt of de taak van alleen een toezichthouder daarvoor te omvangrijk is. Het zou mooi zijn als hij/zij hier – naast advies – ook uitgebreide begeleiding bij kan krijgen van VNG Naleving. Daar zitten de vakspecialisten met kennis en ervaring. Fraudeurs vinden steeds (nieuwe) manieren van fraude waarbij vaak meerdere gemeenten betrokken zijn of waarvan vaak meerdere gemeenten het slachtoffer zijn.
6. Periodieke evaluatie en aanpassing Het sociale domein is dynamisch, en wet- en regelgeving kunnen veranderen. Aanbeveling: Stel een evaluatiecyclus vast waarin het beleidskader periodiek wordt getoetst aan nieuwe ontwikkelingen en praktijkervaringen. Dit zorgt ervoor dat het kader up-to-date blijft en effectief blijft inspelen op actuele behoeften.
Conclusie Het Regionaal beleidskader biedt een sterke basis voor toezicht en handhaving in het sociale domein. Door bovenstaande aanbevelingen te implementeren, kan het beleidskader verder worden versterkt, transparanter worden gemaakt, en beter worden afgestemd op de praktijk. Dit draagt bij aan een hogere kwaliteit van dienstverlening en meer vertrouwen in het toezicht en handhaving binnen de Wmo en de Jeugdwet. Met vriendelijke groet, namens de CAR Dijk en Waard: Willeke Kelderman en Roos van Gameren