CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 11 Rodeoterrein Broek op Langedijk_bijlage 10 bodemonderzoek Mandepad 15

Gemeenteraad 9 juli 2024, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Vastelling bestemmingsplan Rodeoterrein Broek op Langedijk10.856 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In het generieke kader wordt onderscheid gemaakt in drie kwaliteitsklassen voor hergebruik: Altijd Toepasbaar, Wonen en Industrie. Bij hogere gehalten dan de maximale waarde Industrie, is er sprake van Niet Toepasbare grond. Er wordt voldaan aan de eisen voor ‘Altijd Toepasbaar’ indien de gehalten de Achtergrondwaarden niet overschrijden. Afhankelijk van het aantal geanalyseerde stoffen mag voor een aantal parameters de Achtergrondwaarde wel worden overschreden met maximaal een factor twee, mits de maximale waarde Wonen niet wordt overschreden (uitgezonderd nikkel). Bij analyse op het standaardpakket is deze overschrijding toegestaan voor maximaal twee parameters.

Toetsingskader PFAS – Tijdelijk handelingskader (landelijk) Op basis van het Tijdelijk handelingskader (THK) vindt er geen bodemcorrectie plaats bij een gehalte aan organische stof tot 10%. Bij lokale beleidsnormen kan ook bij een lager gehalte organisch stof een bodemtypecorrectie zijn voorgeschreven. De analyseresultaten moeten worden getoetst aan de eisen uit de beleidsnormen van de gemeente/regio waar de grond wordt toegepast. Als er geen lokaal beleid ten aanzien van PFAS-houdende grond is opgesteld, zijn de normen uit het THK van toepassing. Lokale beleidsnormen gaan dus vóór de normen uit het THK. In het THK zijn onder andere onderstaande eisen voor hergebruik opgenomen. Voor een totaaloverzicht wordt verwezen naar het THK. PFAS toepassingsnormen uit THK (μg/kg ds) Toepassingsmogelijkheden

PFOS

PFOA

overige PFAS

≤0,1

≤0,1

≤0,1

Grond toepassen op de bodem: Niet verontreinigd

≤1,4

≤1,9

≤1,4

Klasse Wonen/Industrie*2

≤3,0

≤7,0

≤3,0

Niet toepasbaar

>3,0

>7,0

>3,0

≤0,8

≤0,8

>0,8

>0,8

Achtergrondwaarde*

1

Grond toepassen in oppervlaktewater : Toepassen in een oppervlaktewaterlichaam uitgezonderd de diepe plas: - Verspreiden van baggerspecie (bij niet-sedimentdelende oppervlaktewaterlichamen) en - Het toepassen van baggerspecie en grond in ophogingen in waterbouwkundige constructies.

≤1,1 (rijkswater: ≤3,7)

Toepassen in niet-vrijliggende diepe plassen die in open verbinding staan met een rijkswater*3

≤3,7

Toepassen in vrijliggende diepe plassen en niet-vrijliggende plassen aan nietrijkswater*3,4

≤1,1

Niet toepasbaar

>3,7

Toelichting: Op de waarden uit deze tabel hoeft tot 10% organische stof geen bodemtypecorrectie toegepast te worden. PFOS = som PFOS (lineair+vertakt), PFOA = som PFOA (lineair+vertakt) Bij de norm ≤0,1 moeten PFOS lineair en vertakt apart getoetst worden. Som-PFOS is hier niet van toepassing. Idem voor PFOA *1 Voldoet aan achtergrondwaarden: - Altijd toepasbaar, m.u.v. toepassing in grondwaterbeschermingsgebieden (daarvoor geldt als norm 0,1 of gebiedskwaliteit) - Toepasbaar in een GBT boven en onder grondwaterniveau *2 Voldoet aan maximale waarden: - Toepasbaar in een zone met toepassingsklasse Wonen of Industrie (bodemkwaliteitsklasse én functieklasse Wonen of Industrie) - Toepasbaar in een GBT boven grondwaterniveau of tot ten hoogste 1,0 m-mv in gebieden met een hoge grondwaterstand 3 * Mits geen kwetsbaar object in de nabijheid van de diepe plas 4 * Niet van toepassing op plassen die nog niet zijn verondiept

Verklarende woordenlijst Wet bodembescherming (Wbb): Deze wet is er vooral op gericht om in het belang van het milieu regels te stellen om bodemverontreiniging te voorkomen, te onderzoeken en te saneren. NEN-5725: Richtlijn voor gedegen vooronderzoek. Het vooronderzoek wordt uitgevoerd voorafgaand aan het feitelijke onderzoek van de bodem (= veld- en laboratoriumonderzoek). De bij het vooronderzoek verzamelde informatie dient om te komen tot een adequate invulling van het veld- en laboratoriumonderzoek en draagt bij aan de verklaring van de resultaten van het bodemonderzoek. NEN-5740: Deze norm beschrijft de werkwijze voor het opstellen van de onderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek naar de aanwezigheid van bodemverontreiniging. De norm is van toepassing op verkennend onderzoek van zowel onverdachte als verdachte locaties. Standaard NEN analysepakket grond en grondwater Boven- en ondergrond

Grondwater

Metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink)

*

*

Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAK)

*

Polychloorbifenylen (PCB)

*

Minerale olie

*

*

Vluchtige aromaten (BTEXSN)

*

Vluchtige chlooralifaten (VOCl)

*

m-mv: diepte in meter minus maaiveld pH en EC: zuurgraad en Geleidingsvermogen NTU: de eenheid waarin troebelheid (van onder andere) water wordt uitgedrukt. Streefwaarde: deze waarde geeft voor grondwater aan wat het ijkpunt is voor de milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van Verwaarloosbare Risico’s voor het ecosysteem Achtergrondwaarde: deze waarde is voor grond vastgesteld op basis van de gehalten zoals die voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland die niet zijn belast door lokale verontreinigingsbronnen. Interventiewaarde: Is de waarde die het kwaliteitsniveau aangeeft, waarop de functionele eigenschappen van de bodem, voor mens, dier en plant ernstig zijn verminderd of dreigen tot worden verminderd. INEV: Indicatief niveau voor ernstige verontreiniging, voor stoffen waarvoor geen interventiewaarde is opgesteld. T-waarde (tussenwaarde): Is voor grondwater gelijk aan (streefwaarde+interventiewaarde)/2 en voor grond gelijk aan (achtergrondwaarde+interventiewaarde)/2. Overschrijding van de T-waarde geeft aan dat er mogelijk een aanvullend/nader onderzoek nodig is. Maximale Waarde wonen (MWw): deze waarde geeft de bovengrens aan van de kwaliteit die nodig is om de bodem blijvend geschikt te houden voor de functie ‘wonen’.

Maximale Waarde industrie (MWi): deze waarde geeft de bovengrens aan van de kwaliteit die nodig is om de bodem blijvend geschikt te houden voor de functie ‘industrie’. Gebruikte afkortingen van stoffen: Ba

Barium

Olie

Minerale olie

Cd

Cadmium

VAK

Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen

Co

Kobalt

B

Benzeen

Cu

Koper

T

Tolueen

Hg

Kwik

E

Ethylbenzeen

Pb

Lood

X

Xylenen

Mo

Molybdeen

S

Styreen

Ni

Nikkel

Naft.

Naftaleen

Zn

Zink

VOCl

Vluchtige Organochloorverbindingen

PAK

Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen

PCB

Polychloorbifenylen

Oer: een inspoelingslaag van sesqui-oxiden (aluminium- en ijzeroxiden) boven de hoogste grondwaterstand. De oxiden zijn afkomstig van hoger gelegen bodemhorizonten. Oer is vaak harder dan het bodemmateriaal zelf. Gley: (oranje-bruine) ijzer-/roestvlekken die worden gevormd als gevolg van een fluctuerende grondwaterstand. Gley komt, in tegenstelling tot oer, niet voor in hardere brokjes maar uit zich voornamelijk in kleurverschil.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=666165fd-6d6b-4059-ac02-77745fb9ecaa