CConstaterende datDijk en Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

Gemeenteraad 18 maart 2025, gemeente Dijk en WaardBij agendapunt: Evaluatie en vervolg Dorps- en wijkgericht werken7.531 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

Inhoudsopgave 1.

Inleiding .............................................................................................................3

2.

Beschrijving van het proces ...........................................................................4

3.

Startgebieden....................................................................................................7 3.1.

Noord- en Zuid-Scharwoude ..................................................................................7

3.1.1.

Data-analyse .....................................................................................................7

3.1.2.

Startgesprekken ................................................................................................7

3.1.3.

Inwonersbijeenkomsten ....................................................................................8

3.1.4.

Uitvoering ..........................................................................................................9

3.2.

Schilderswijk .........................................................................................................11

3.2.1.

Data-analyse ...................................................................................................11

3.2.2.

Gesprekken en bijeenkomsten met sleutelfiguren ..........................................11

3.2.3.

Inwonersbijeenkomst ......................................................................................14

3.2.4.

Uitvoering ........................................................................................................14

4.

Geleerde lessen ..............................................................................................16 4.1.

Werken in startgebieden ......................................................................................16

4.2.

Bestuur ..................................................................................................................18

4.3.

Samenwerking en participatie .............................................................................18

4.4.

Data en gebiedskennis .........................................................................................19

4.5.

Leren ......................................................................................................................19

4.6.

Conclusie ...............................................................................................................20

2

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

1. Inleiding In het coalitieakkoord “Thuis in Dijk en Waard” van 19 december 2022 heeft het college de ambitie uitgesproken om Dorps- en Wijkgericht werken, een gebiedsgerichte aanpak, verder vorm en inhoud te geven. Het college wil samen met inwoners, ondernemers en organisaties maatschappelijke opgaven en lokale vraagstukken aanpakken. Deze ambitie is uitgewerkt door het college en de organisatie. In deze evaluatie beschrijven we het proces (hoofdstuk 2), schetsen we hoe de pilot in de twee startgebieden (Noord- en ZuidScharwoude en Schilderswijk) is verlopen (hoofdstuk 3) en delen we de geleerde lessen (hoofdstuk 4).

3

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

2. Beschrijving van het proces In het herindelingsadvies zetten de voormalige gemeenten Langedijk en Heerhugowaard, als opmaat naar de nieuwe gemeente, in op het kernenbeleid. Dit beleid richtte zich onder andere gericht op het behouden en versterken van de identiteit van haar dorpen en wijken. Met het ontstaan van de gemeente Dijk en Waard per 1 januari 2022 introduceerde het college in het coalitieakkoord het Dorps- en Wijkgericht werken. In het akkoord is hierover het volgende vastgelegd: Het contact en de samenwerking met de samenleving zijn belangrijke speerpunten in ons beleid. De gemeente is zichtbaar en benaderbaar binnen onze dorpen en wijken. Onze inwoners, ondernemers, verenigingen en maatschappelijke organisaties weten ons te vinden en andersom. Raad en college gaan op werkbezoek bij andere gemeenten en organisaties om inspiratie op te doen over vernieuwende manieren om samen te werken en om hiervan te leren. We geven het dorps- en wijkgericht werken verder vorm en inhoud. We gaan de dorpen en wijken in om te horen wat er speelt en wat van de gemeente wordt verwacht. Raadsleden worden uitgenodigd om hierbij aanwezig te zijn. De instrumenten die we kunnen gebruiken voor de samenwerking met inwoners, ondernemers, verenigingen en maatschappelijke organisaties breiden we verder uit. De gemeenteraad wordt uitgenodigd hierop input te leveren.

Bij ieder plan of project zoeken we het meest geschikte instrument. We stimuleren het netwerken van de verschillende wijken en dorpen om kennis te maken met elkaars aanpak. We waarderen en borgen de identiteit van alle dorpen en wijken.

In 2022 heeft het college ideeën en ambities besproken over wat een gebiedsgerichte aanpak betekent en wat dit moet opleveren. Tussen oktober 2022 en januari 2023 zijn verschillende thema’s in werksessies met het college besproken. De benoemde thema’s waren: ▪ Vergroten van burgertevredenheid en lokaal opgavegericht opereren ▪ Weten wat er speelt en leeft ▪ Standaardiseren versus maatwerk leveren ▪ Selecteren van de dorpen en wijken om te starten ▪ Bepalen van de ruimte voor initiatieven ▪ Organiseren van eigenaarschap ▪ Bereikbaar en benaderbaar zijn als één van de maatschappelijke partners ▪ Invoeren van dorps- en wijkwethouderschap ▪ Ontwikkelen van samenspel en samenwerking De gesprekken hebben geleid tot een aantal richtingen voor de pilot, zoals het opdoen van ervaringen met dorps- en wijkwethouders en het starten van de pilot met een data-analyse. Ook is geformuleerd wat het college onder een gebiedsgerichte aanpak verstaat. Verder hebben de gesprekken geleid tot een visie, missie en uitgangspunten voor de aanpak in de startgebieden. Onder een gebiedsgerichte aanpak verstaat het college het samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties agenderen van vraagstukken per gebied. Om vervolgens een passende vorm, werkwijze en intensiteit te bepalen om deze vraagstukken aan te pakken.

4

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

De visie van het college is om: ▪ Lokaal zichtbaar en benaderbaar te zijn, ondanks de door de fusie groter geworden gemeente. ▪ De opgaven, behoeften, vragen en ideeën in elk dorp of elke wijk te kennen. ▪ In te zetten om de identiteit van elk dorp en elke wijk te borgen en te versterken. ▪ Ruimte te bieden aan initiatieven en een samenwerkingspartner te zijn voor onze inwoners en ondernemers. ▪ Opgaven en vraagstukken leidend te laten zijn voor onze werkwijze. Het bovenstaande past bij de ambitie om samen met inwoners te werken aan lokale en maatschappelijke opgaven. Ter inspiratie is op 17 februari 2023, samen met de gemeenteraad, een werkbezoek georganiseerd naar Amsterdam Oost. Het doel was om meer inzicht te krijgen in de ervaringen van andere gemeenten met gebiedsgericht werken en hoe dit past in de ontwikkeling van het Dorps- en Wijkgericht werken in Dijk en Waard. Tijdens het bezoek werd zichtbaar hoe gebiedsgericht werken in onder meer de Dapperbuurt en de Indische Buurt leidt tot meer sociale en ruimtelijke samenhang, waarbij inwoners voor een groot deel zelf (kunnen) bepalen hoe hun leefomgeving eruit komt te zien en waar gemeente en andere instanties faciliteren. De memo “Achtergrondinformatie Dorps- en Wijkgericht werken” is via de uitnodiging voor het werkbezoek gedeeld met de gemeenteraad via de griffie.

In deze memo staan de achtergrond van Dorp- en Wijkgericht werken in Dijk en Waard en de ideeën (startgebieden en werkwijze) die op dat moment bestonden. Ook bevat de memo mogelijke vragen voor het werkbezoek. Het college heeft gekozen voor een aanpak waarbij ervaring wordt opgedaan met Dorps- en Wijkgericht werken door middel van een pilot in twee startgebieden. Op basis van de resultaten en inzichten tijdens de pilot worden vervolgstappen bepaald die richting geven aan de verdere implementatie van Dorps- en Wijkgericht werken. Het staat vast dat het college samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties wil werken aan maatschappelijke opgaven en lokale vraagstukken. Hoe dit wordt gedaan, wordt gaandeweg samen bepaald. De aanpak kent 5 sporen: werken in de startgebieden, bestuur, samenwerking en participatie, data en gebiedskennis, en leren. Het college heeft op 28 maart 2023 besloten om in twee startgebieden aan de slag te gaan: Noord- en Zuid-Scharwoude (gebied 1) en de Schilderswijk (gebied 2). Voor gebied 1 zijn René Schoemaker en Nils Langedijk benoemd als dorpswethouders. Voor gebied 2 zijn René Schoemaker en Annette Groot, opgevolgd door Ester Leibbrand, benoemd als wijkwethouders. Op 28 maart 2023 is de gemeenteraad hierover geïnformeerd met het collegebericht “Startgebieden Dorps- en Wijkgericht werken” (zaaknummer 525738).

In een startgebied zou extra bestuurlijke en ambtelijke inzet worden geleverd om contacten te leggen en samenwerkingskansen te bevorderen. De gemeente brengt samen met de lokale samenleving de vraagstukken en opgaven in beeld door gesprekken te voeren en bijeenkomsten te organiseren. Deze zouden leiden tot een gebiedsanalyse en een gebiedsagenda. Elk startgebied krijgt binnen de gestelde kaders ruimte om te experimenteren met een eigen aanpak om zo ervaring op te doen. Zie ook het collegebericht van 28 maart 2023.

5

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

Op 24 oktober 2023 is de gemeenteraad met het collegebericht “Tussentijdse opbrengst Dorpsen Wijkgericht werken” (zaaknummer 636658) op de hoogte gebracht van de voortgang van de pilot in de startgebieden. Tegelijk is de gemeenteraad uitgenodigd voor een inkijkje in het proces en de opbrengsten in de startgebieden op 8 december 2023 in De Binding. Hierna zijn de acties gericht op de twee startgebieden (zie hoofdstuk 3). Op 4 juli 2024 is gemeenteraad, tijdens de gesprekstafel, weer geïnformeerd over de tot dan toe behaalde resultaten en de geleerde lessen. De verwachting was toen dat in september 2024 het vervolg met de gemeenteraad kon worden besproken. Vanwege de samenhang met het onderzoek “Evaluatie en verkenning doorwerking herindeling Dijk en Waard”, uitgevoerd door bureau Necker, is ervoor gekozen om met het vervolg te wachten op de besluitvorming van de gemeenteraad over het door Necker uitgevoerde onderzoek. Op 15 oktober 2024 heeft Necker de onderzoeksresultaten aan de gemeenteraad gepresenteerd. Hieruit kwam het advies om het Dorps- en Wijkgericht werken te versterken en uit te breiden naar andere dorpen en wijken. De gemeenteraad heeft op 26 november 2024 het onderzoeksrapport besproken en op 10 december 2024 een besluit genomen over de vervolgstappen.

6

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

3. Startgebieden Er is gekozen om de pilot uit te voeren in twee startgebieden: Noord- en Zuid-Scharwoude (gebied 1) en de Schilderswijk (gebied 2). In dit hoofdstuk wordt beschreven welk proces is doorlopen en wat de resultaten daarvan zijn. De lessen en ervaringen in de twee startgebieden vormen input voor de manier waarop we in Dijk en Waard gebiedsgericht willen werken. In deze evaluatie zijn voor soortgelijke thema’s in de dorpen Noord- en Zuid-Scharwoude soms andere bewoordingen gebruikt. Dit is gedaan om aan te sluiten bij de woorden van de inwoners en het voor hen herkenbaar te maken.

3.1. Noord- en Zuid-Scharwoude In Noord- en Zuid-Scharwoude is in april 2023 gestart met een data-analyse (intern). Vervolgens hebben er startgesprekken en meerdere inwonersbijeenkomsten plaatsgevonden.

3.1.1. Data-analyse De eerste stap was een data-analyse, dat wil zeggen het verzamelen en bundelen van beschikbare informatie over Noord- en Zuid-Scharwoude. Hierbij valt te denken aan kwantitatieve data over demografie, wonen, duurzaamheid, gezondheid, veiligheid, etc.

3.1.2. Startgesprekken Op 5 april 2023 hebben de dorpswethouders, samen met enkele medewerkers van de gemeente, een wandeling door de dorpen gemaakt. Hierna zijn samen met een aantal raadsleden en maatschappelijke partners, zoals Wonen Plus Welzijn (WPW) en MET Welzijn, de sleutelfiguren in kaart gebracht. Deze sleutelfiguren zijn vervolgens uitgenodigd voor een startgesprek. Deze gesprekken vonden plaats in de periode juni tot en met augustus 2023, variërend van 6 tot 20 personen. Tijdens de startgesprekken is met de deelnemers naar de data-analyse gekeken. Herkennen zij zich daarin? Hoe ziet de data er in werkelijkheid uit? Wat vinden de deelnemers goed gaan, wat is kenmerkend voor de dorpen? Waar maken zij zich zorgen over? En hoe kunnen we het vervolggesprek met de dorpen zo vormgeven dat iedereen die mee wil doen, dat ook daadwerkelijk doet? Deze gesprekken gaven inzicht in wat er leeft en speelt in de dorpen en welke kwantitatieve data herkenbaar is en waarom. Het viel bijvoorbeeld op dat volgens de data-analyse de dorpen veiliger zouden zijn dan andere gebieden. Tijdens de startgesprekken bleek echter dat er volgens inwoners wel degelijk problemen spelen, bijvoorbeeld door het ontbreken van vertrouwen in de overheid wordt er geen aangifte gedaan of melding wordt gemaakt. Dat is niet terug te zien in de cijfers.

Een ander voorbeeld is dat volgens de data de woningen in één wijk in NoordScharwoude energielabel F hebben. Gebleken is dat de categorie alleen wordt aangepast als huurders verhuizen en alle huurwoningen zijn aangepast (isolatie en zonnepanelen). Deze voorbeelden benadrukken het belang van het verifiëren van de bij ons bekende data.

7

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

De opbrengst van de startgesprekken staat in onderstaand overzicht:

Ook is verkend hoe er enkele grote inwonersbijeenkomsten georganiseerd kunnen worden om de belangrijke thema’s voor de dorpen in beeld te brengen.

3.1.3. Inwonersbijeenkomsten Na de startgesprekken zijn alle inwoners van beide dorpen uitgenodigd om met elkaar in gesprek te gaan over de toekomst van het dorp. Deze gesprekken hebben op 30 september en 7 oktober 2023 plaatsgevonden. De centrale beginvraag bij deze bijeenkomsten was: 'Als we willen dat ons dorp toekomstbestendig is, waar moeten we dan vandaag met elkaar het gesprek over voeren? Tijdens de bijeenkomst in Noord-Scharwoude op 30 september 2023 is door de inwoners (circa 50) een dorpsagenda opgesteld met voor hen belangrijke onderwerpen: 1. Vrijwilligers: meer aandacht van de gemeente voor vrijwilligers. 2. Kwaliteit van de openbare ruimte verbeteren: onderhoud en groen. 3. Verkeer en bereikbaarheid: verkeersveiligheid, bereikbaarheid en parkeeroverlast. 4. Ontmoeten: mogelijkheden tot ontmoeten. 5. Samenwerking: inrichting van wijken en buitengebied. 6. Voorzieningen: nieuwbouw en uitbreiding voorzieningen, speelmogelijkheden voor de jeugd. 7. Dienstverlening: dienstverlening van de gemeente. 8. Openbare orde en veiligheid: veiligheid en aanbevelingen. 9. Huisvesting: passend wonen voor ouderen. Op 7 oktober 2023 heeft de bijeenkomst in Zuid-Scharwoude plaatsgevonden. Ook hier is door de inwoners (circa 50) een dorpsagenda opgesteld met onderwerpen die zij belangrijk vinden: 1.

Verkeer en bereikbaarheid: het verbeteren van de verkeersveiligheid, het onderhoud van fietspaden en stoepen, parkeerplaatsen. 2. Kwaliteit van de openbare ruimte verbeteren: openbaar groen, straatverlichting, waterkwaliteit en de doorvaarbaarheid. 3. Huisvesting: passende huisvesting voor senioren. 4. Voorzieningen: voorzieningen voor jongeren, welzijn voor ouderen, jongeren met ouderen verbinden. 5. Dienstverlening: Bereikbaarheid en toegankelijkheid van de gemeente. 6. Openbare orde en veiligheid: overlast tegengaan, de zichtbaarheid van boa's en politie vergroten en inzetten op preventie. 7. Meedoen: sport voor mindervaliden. Om de thema’s te prioriteren zijn de agenda’s in november en december 2023 voorgelegd aan

8

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

alle 6.000 huishoudens in Noord- en Zuid-Scharwoude met de vraag om te laten weten wat zij belangrijk vinden, wat moet het snelst worden opgepakt en wat kan nog even wachten. Hierop zijn 1.051 reacties gekomen. De belangrijkste vier thema’s voor dit gebied zijn: 1. Voorzieningen 2. Verkeersveiligheid en mobiliteit 3. Openbare orde en veiligheid 4. Kwaliteit van de openbare ruimte In een bijeenkomst op 4 maart 2024 startte het gesprek over de uitwerking van de vier thema’s, die inwoners als belangrijkste hebben genoemd. Hier waren 170 inwoners aanwezig. Tijdens deze bijeenkomst zijn de volgende vragen gesteld: wat vindt u belangrijk, waarom is het belangrijk, wat is voor het onderwerp nodig en wat kunt u daar zelf aan bijdragen. Verschillende aanwezigen brachten waardevolle ideeën in, waarbij ook is besproken waarom ze belangrijk zijn, wat er nodig is om het idee te realiseren en wie daarbij betrokken zou moeten zijn. Afgesproken is om voor ieder thema een vervolg te plannen voor een nadere uitwerking. Verder is voor het thema Openbare en orde en veiligheid afgesproken dat politie en boa’s een presentatie zouden houden over hoe zij werken en wat inwoners zelf kunnen doen. Het was een productieve bijeenkomst.

Inwoners, gemeenten en organisaties gingen vervolgens in maart en april 2024 op vier avonden in gesprek met elkaar om de haalbaarheid en uitvoering van de verschillende thema’s te bespreken. De deelnemers bespraken aangedragen ideeën, zoals het realiseren van bankjes in de openbare ruimte (mogelijkheden om te ontmoeten) en het realiseren van speelgelegenheden. Ze legden uit waarom deze ideeën van belang zijn. Daarnaast bespraken ze in verschillende groepen met elkaar wat er nodig is om de ideeën uit te voeren en wie hierbij betrokken moet worden. Bij de thema’s Voorzieningen en Verkeersveiligheid en mobiliteit waren 30 inwoners aanwezig. Bij het thema Openbare orde en veiligheid waren dit 22 inwoners en bij de Kwaliteit van de openbare ruimte 17 inwoners. Er is gestart met de vier thema’s waarvan de inwoners van Noord- en Zuid-Scharwoude hebben laten weten dat ze deze de belangrijkste vonden. De overige thema’s zijn niet uit beeld, maar omdat niet alles gelijk kan worden opgepakt was het nodig om te prioriteren.

3.1.4. Uitvoering Samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties zijn de thema’s geprioriteerd. De thema’s Voorzieningen, Verkeersveiligheid en mobiliteit, Openbare orde en veiligheid en Kwaliteit van de openbare ruimte zijn als belangrijkste vier thema’s genoemd. Deze thema’s vormen de gebiedsagenda. Hoewel deze gebiedsagenda (nog) niet is vertaald in een uitvoeringsagenda, gaan we aan de slag met de opbrengsten binnen de belangrijkste thema’s. De opgehaalde wensen zijn zeer divers. Van meldingen over de openbare ruimte, het plaatsen van bankjes tot aan meedenken over De Oostrand. In deze paragraaf staat wat we met de opbrengsten gaan doen, waarbij onderscheid wordt gemaakt in de korte en (middel)lange termijn.

3.1.4.1. Algemeen Tijdens de pilot is een netwerk met uitvoerende medewerkers opgebouwd dat aansluit bij bestaande netwerken. Dit netwerk willen we met elkaar in stand houden en verstevigen. In

9

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

februari 2025 vindt overleg plaats met deze medewerkers van onder andere Wonen Plus Welzijn, MET Dijk en Waard, De Pieter Raat Stichting, Woonstichting Langedijk en de ambtelijke organisatie. Samen willen we de integraliteit van de werkzaamheden in de dorpen verbeteren en de uitvoering van de gebiedsagenda ondersteunen.

3.1.4.2. Korte termijn Inwoners hebben tijdens de pilot wensen benoemd waarvoor al een meldsysteem bestaat, namelijk de Fixi-app. Met deze app kunnen inwoners eenvoudig en snel een melding maken over de openbare ruimte. Denk aan meldingen over bijvoorbeeld overlast van openbaar groen, overlast van personen, afval op straat, een losse stoeptegel of een niet werkende lantaarnpaal. Tijdens de inwonerbijeenkomsten is de Fixi-app onder de aandacht gebracht van de inwoners. Veel concrete meldingen uit de pilot, waarvoor de Fixi-app gebruikt had kunnen worden, zijn inmiddels door de gemeente opgepakt. De meldingen die nog niet zijn opgepakt worden meegenomen in een wijkschouw. Net als algemene meldingen over openbare ruimte, waarvan niet duidelijk is wat er precies aan de hand is en waar dat is. Deze wijkschouw vindt plaats. Uit deze schouw komen vervolgacties. Waar mogelijk betrekken we de samenleving hierbij. Met het netwerk in Noord- en Zuid-Scharwoude blijven we in gesprek over hoe we samen invulling kunnen geven aan initiatieven binnen het thema Kwaliteit van de openbare ruimte. Bij het thema voorzieningen hebben de inwoners de wens geuit voor meer banken om de mogelijkheid tot ontmoeten te vergroten. Deze bankjes zijn besteld en samen met de inwoners en omwonenden wordt gekeken naar de definitieve locaties en worden de bankjes geplaatst.

Een andere wens betrof de speelmogelijkheden bij de Kroosakker in Noord-Scharwoude. Deze speeltuin is voor mindervaliden lastig toegankelijk. Ook is gevraagd om het naastgelegen voetbal/speelveld te verbeteren. Beide wensen gaan we uitvoeren.

3.1.4.3. Middellange en lange termijn Voor sommige acties sluiten we aan bij bestaande projecten en werkzaamheden. Dit betekent dat de ideeën over De Oostrand (zorg, wonen en scholen) wordt gekoppeld aan het project De Oostrand. Inwoners, de projectleider van De Oostrand en diverse adviseurs van de gemeente gaan met elkaar in gesprek over de ideeën voor de ontwikkeling van De Oostrand. Dit gesprek vindt naar verwachting in het tweede kwartaal van 2025 plaats, zodat het perspectief van de inwoners wordt meegewogen bij de verdere plannen. Om de plannen zo goed mogelijk te laten aansluiten op de behoefte van de dorpen om de vitaliteit en toekomstbestendigheid te versterken. Binnen het thema Verkeersveiligheid en bereikbaarheid is een groot aantal wensen opgehaald om de verkeerssituatie in Noord- en Zuid-Scharwoude veiliger te maken en voorzieningen beter bereikbaar. Denk aan voorstellen voor veilige situaties: ▪ Voor fietsers voor de Albert Heijn in Noord-Scharwoude. ▪ Bij de uitgang van de Vomar in Zuid-Scharwoude aan de Voorburggracht. ▪ Bij de Oostelijke Randweg en de Westelijke Randweg. ▪ Bij het Rijk der duizend eilanden (fietsverbindingen). ▪ Bij de doorsteek Dorpsstraat/Voorburggracht (bij Goudsblom) richting Vomar in ZuidScharwoude.

Een belangrijke doelstelling uit het coalitieakkoord is een verkeersveilige situatie in alle wijken en dorpen van Dijk en Waard voor alle verkeersdeelnemers. In het Uitvoeringsprogramma Verkeersveiligheid 2024-2026 is voor Dijk en Waard een verkeersveiligheidsplan opgenomen.

10

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

Veilig ingerichte infrastructuur, bescherming van kwetsbare verkeersdeelnemers, educatie en handhaving van veilig verkeersgedrag zijn de belangrijkste maatregelen. Op dit moment wordt aan een verkeersveiligheidsplan gemaakt. De verwachting is dat deze analyse rond de zomer gereed is. Voor de wensen en voorstellen over verkeersveiligheid en bereikbaarheid wordt aansluiting gezocht bij het verkeersveiligheidsplan. Dit betekent dat het bureau dat deze analyse uitvoert, in gesprek gaat met het netwerk in Noord- en Zuid-Scharwoude. Voor het thema Openbare orde en veiligheid is op 8 april 2024 een eerste stap gezet. Op deze avond hebben de wijkagent en enkele boa’s een toelichting gegeven op hun werk en hun bereikbaarheid. Ook is stil gestaan bij het wekelijkse spreekuur van de politie en de boa’s op woensdagochtend, waar inwoners op een laagdrempelige manier gebruik van kunnen maken. Ook is aandacht gevraagd voor het project ‘Ogen en Oren’, een burgerinitiatief waarbij de vrijwilligers van het project een actieve bijdrage leveren aan het vergroten van de veiligheid en leefbaarheid in de wijk. Dit project zorgt voor extra ogen en oren op straat doordat inwoners gezamenlijk een ronde doen door de wijk(en). Het ‘Ogen en Oren team’ heeft een signalerende functie en spreekt inwoners aan om alerter te zijn op verdachte situaties. Verdachte situaties worden gemeld bij de politie.

Daarnaast maakt zo’n team bij de gemeente melding van overlast, zwerfvuil, kapotte straatverlichting en andere gebreken in de openbare ruimte. Dit project loopt formeel nog niet in Noord- en Zuid-Scharwoude. Medio juni 2025 wordt opvolging gegeven aan het thema en gaan adviseurs Veiligheid, politie en boa’s met de inwoners in gesprek over mogelijke acties, gelet op de door inwoners aangegeven gevoelens van onveiligheid. We sluiten aan op de ontwikkeling en uitbreiding van het boa-team. In de periode van 8 april 2024 tot medio juni 2025 staan voor het thema Openbare orde en veiligheid geen specifieke activiteiten in de dorpen gepland.

3.2. Schilderswijk Ook in de Schilderswijk heeft eerst een data-analyse plaatsgevonden. Vervolgens zijn er gesprekken en bijeenkomsten met sleutelfiguren, die werkzaam zijn in de wijk, geweest en heeft later een inwonersbijeenkomst plaatsgevonden. Dit verschilt van de aanpak in Noord- en ZuidScharwoude waar direct met de inwoners in gesprek is gegaan. Omdat de sleutelfiguren in de Schilderswijk aangaven goed te weten wat er leeft en speelt en hoe verschillende doelgroepen in de samenleving bereikt kunnen worden, is voor een andere aanpak gekozen.

3.2.1. Data-analyse Eerst is de beschikbare informatie over de Schilderswijk, waaronder kwantitatieve data over demografie, wonen, duurzaamheid, gezondheid en veiligheid, verzameld en gebundeld. De data zijn aangevuld met kwalitatieve data door sleutelfiguren die werkzaam zijn in en veel kennis hebben over de gebieden, zoals welzijnsorganisaties, ondernemers, buurthuizen, wijkagenten, boa’s, de bibliotheek, etc.

3.2.2. Gesprekken en bijeenkomsten met sleutelfiguren Op 4 april 2023 hebben de wijkwethouders, samen met enkele medewerkers van de gemeente, een wandeling door de wijk gemaakt. Er is afgesproken om een bijeenkomst te organiseren met sleutelfiguren die in kaart zijn gebracht. Deze bijeenkomst vond plaats op 1 juni 2023. Tijdens

11

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

deze bijeenkomst zijn de data en gebiedskennis van de gemeente, MET Welzijn en Woonwaard gedeeld met de aanwezigen. Door middel van een open gesprek is deze kennis aangevuld en is duidelijk geworden welke doelgroepen bekend en vertegenwoordigd zijn en welke nog niet. Tot slot is afgesproken dat maatschappelijke partners hun eigen doelgroep benaderen om mee te denken en mee te doen om een goed beeld te krijgen van wat er leeft en speelt in de Schilderswijk. Naast deze bijeenkomst hebben medewerkers van de gemeente interviews gehouden met ondernemers, zoals een kapper en supermarktmanagers, en de directrice van een school. Ook hebben zij wijkobservaties gehouden in het café van de DekaMarkt aan de Berckheidelaan en tijdens wijkwandelingen. Tenslotte zijn zij in gesprek gegaan met het bestuur van buurthuis de Ezel en hebben zij de evaluatie van het fietscafé in de Schilderswijk, een gezamenlijk initiatief van zorg- en welzijnsorganisaties, bijgewoond. Wat kenmerkend is voor de wijk, wat ze willen behouden en waar ze trots op zijn en wat beter kan en waar er zorgen over zijn staat in onderstaand overzicht:

Op 20 november 2023 is opnieuw een sleutelfigurenbijeenkomst georganiseerd. Daar zijn met elkaar de onderwerpen verder uitgewerkt en zijn de volgende overkoepelende thema’s benoemd: 1. Samen leven 2. Mooi maken 3. Voorzieningen in de buurt 4. Inrichten

12

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

Een verdere toelichting op deze thema’s staat in onderstaand figuur:

De thema’s zijn geprioriteerd en de sleutelfiguren hebben zes concrete kansen benoemd: 1. Moestuin/pluktuin 2. Ontmoetingsplek op basisscholen 3. Jeugd Ontmoetingsplek 4. Samen koken en eten in buurthuis de Ezel 5. Themabijeenkomsten 6. Attente plek, als laagdrempelige inloop voor alle bewoners van de Schilderswijk Deze zes kansen zijn, tijdens een bijeenkomst in buurthuis De Ezel op 5 februari 2024, verder met de sleutelfiguren besproken, net als andere manieren om elkaar te versterken rondom het centrale thema ‘ontmoeten’. De deelnemers hebben zelf een keuze gemaakt met welke kans(en) zij aan de slag wilden gaan. Zij hebben het eigenaarschap zelf opgepakt. De ontmoetingsplek op basisscholen, de themabijeenkomsten, de attente plek en extra activiteiten, zoals een kinderdisco in buurthuis de Ezel, zijn inmiddels gerealiseerd. Een aantal initiatieven kon niet verder worden uitgewerkt. Zo bleek de plek voor een pluktuin, nabij De Pieter Raat Stichting, niet voor algemeen publiek toegankelijk. Hiermee bleek dit idee niet meer haalbaar. Een Jeugd Ontmoetingsplek in de vorm van een aparte plek in het Fabritiuspark bleek in het verleden bestaan te hebben, maar juist te zijn weggehaald wegens overlast. Dit idee is onderdeel van het initiatief om met de inwoners na te denken over het Fabritiuspark.

Samen met buurthuis de Ezel wordt wel gekeken naar een andere oplossing zoals bijvoorbeeld een inloopmogelijkheid voor jongeren. Tenslotte is het idee om samen te koken en te eten in het buurthuis de Ezel op een laag pitje komen te staan, omdat hiervoor een verbouwing nodig is waarmee een goede keuken wordt gerealiseerd. De gesprekken hadden tot dan toe met name met sleutelfiguren plaatsgevonden. De sleutelfiguren hebben de gemeente verzocht te helpen om inwoners ook mee te laten praten en dit op een open manier, zoals in het startgebied Noord- en Zuid-Scharwoude, te doen. Hier is in oktober 2024 een start mee gemaakt.

13

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

3.2.3. Inwonersbijeenkomst Op 21 oktober 2024 is gezamenlijk met maatschappelijke kernpartners MET Dijk en Waard, Wonen Plus Welzijn, Sport Dijk en Waard, de Pieter Raat Stichting en de gemeente een inwonersbijeenkomst georganiseerd. De inwoners zijn via een flyer huis-aan-huis uitgenodigd voor de bijeenkomst over de hoe de toekomst er voor de Schilderswijk uitziet en wat ervoor nodig is om dat te bereiken. Zo’n zestig betrokken bewoners van deze wijk kwamen bij elkaar om over deze vragen met elkaar in gesprek te gaan. Samen met wijkgenoten, organisaties als Wonen Plus Welzijn, MET Dijk en Waard, Dijk en Waard Sport, De Pieter Raat Stichting en gemeente werd een agenda voor de avond opgesteld waarin de thema’s staan die de inwoners uit de wijk belangrijk vinden. Dit heeft geresulteerd in een aantal thema’s voor de discussierondes, zoals Openbare Ruimte, Handhaving en Verkeersveiligheid. Alle informatie die deze avond is gehoord, is verwerkt tot een samenvatting in de volgende thema’s: 1. Behoud van een groene leefomgeving 2. Aantrekkelijk maken van het Fabritiuspark 3. Een verkeersveilige Schilderswijk 4. Naleving en handhaving van regels 5. Opgroeien in de Schilderswijk 6. Verbeteren sociale veiligheid 7.

Versterken samenhang en verbondenheid Als onderliggende problematiek kwam naar voren dat de inwoners van de Schilderswijk elkaar onvoldoende kennen om zich veilig te voelen om elkaar aan te spreken. Dit uit zich in onvrede naar de gemeente over onvoldoende handhaving op verkeersveiligheid en ervaren overlast. Dit thema sluit aan bij het, door sleutelfiguren, benoemde centrale thema Ontmoeten. Bovengenoemde thema’s moeten door de inwoners van de Schilderswijk nog aangevuld en geprioriteerd worden om te komen aan een wijkagenda waar inwoners, organisaties en gemeente samen aan kunnen werken.

3.2.4. Uitvoering De zeven thema’s, die zijn voortgekomen uit de inwonersbijeenkomst van 21 oktober 2024, zijn nog niet geprioriteerd. De vraag om te prioriteren is eind januari 2025 voorgelegd aan alle inwoners van de Schilderswijk. In de periode maart tot en met mei 2025 worden de geprioriteerde thema’s samen met inwoners verder uitgewerkt. We beschrijven gezamenlijk wat inwoners zelf kunnen doen en waar gemeente en maatschappelijke partners in kunnen faciliteren. Het resultaat wordt een wijkagenda met een uitvoeringsplan inclusief een realistische planning. In de thema’s, die door inwoners zijn genoemd, zitten ook onderwerpen die al eerder door de sleutelfiguren waren aangedragen. Zo hebben de sleutelfiguren aandacht gevraagd voor een toekomstbestendig Fabritiuspark en voor ervaren overlast. Net als de behoefte aan meer activiteiten voor de jeugd. Verder hebben de sleutelfiguren aangegeven dat ze de bestaande sociale cohesie willen versterken en netwerken willen verstevigen.

14

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

De bedoeling is dat de uitwerking van de thema’s breed gedragen wordt, door zowel de sleutelfiguren als door de inwoners. Er wordt daarom een integraal wijkteam samengesteld. Aan dit wijkteam nemen professionals deel vanuit verschillende organisaties, waaronder MET Dijk en Waard, Wonen Plus Welzijn, De Pieter Raat Stichting, basisschool de Zevensprong, buurthuis de Ezel, Woonwaard en de gemeente (o.a. wijkcontactfunctionaris en medewerkers Veiligheid, Sociaal domein, Handhaving en Stadsbedrijf). Indien gewenst kan het team (tijdelijk) worden uitgebreid met andere professionals. Het wijkteam Schilderswijk gaat samen met inwoners zorgdragen voor het opstellen en uitvoeren van de wijkagenda en voor afstemming en coördinatie van eigen taken in de wijk, waarbij buurthuis De Ezel kan fungeren als laagdrempelige inlooplocatie. Het wijkteam, als schil van netwerkpartners en sleutelrollen, sluit ook aan op de ontwikkeling van Stevige Lokale Teams. Het wijkteam stemt wijkoverstijgende werkzaamheden op elkaar af. Individuele hulpvragen en eventuele verwijzingen naar specialistische hulp worden opgepakt het Stevige Lokale Team.

3.2.4.1. Korte termijn Voor de Schilderswijk geldt, als het gaat om meldingen over de openbare ruimte, hetzelfde als in Noord- en Zuid-Scharwoude. Concrete meldingen uit de pilot, waarvoor de Fixi-app gebruikt had kunnen worden, worden door de gemeente opgepakt. Meldingen die nog niet zijn opgepakt en algemene meldingen worden meegenomen in een wijkschouw. 3.2.4.2. Middellange en lange termijn Net als bij Noord- en Zuid-Scharwoude wordt voor zover mogelijk aansluiting gezocht bij bestaande planningen, projecten en werkzaamheden. In 2026 staat woonbuurtje C. Fabritiuspark op de planning om heringericht te worden. Het controleren van het asfalt in het park staat ook voor 2026 gepland en het gebouw, waarin buurthuis De Ezel is gevestigd, is in ditzelfde jaar technisch afgeschreven. De voorbereidingen en een participatietraject voor de herinrichting van het Fabritiuspark starten in 2025. Daarin nemen we ook de andere ontwikkelingen mee. Uit de pilot blijkt de positieve rol van het buurthuis De Ezel in de Schilderswijk. Samen met de samenleving gaan we kijken naar het Fabritiuspark en het buurthuis. Welke rol kunnen het park en het buurthuis spelen bij de onderwerpen als ontmoeten, sporten en toegankelijkheid. In 2022 hebben kinderen van groep 7 en 8 van basisschool de Zevensprong gevraagd om een trapveldje nabij de school. Hiervoor is ruimte en draagvlak nodig van omwonenden.

Voor de Zevensprong staat een uitbreiding in 2026 op de planning (Integraal Huisvestingsplan), omdat de school te klein is voor de prognose van het aantal leerlingen. Naast de wens voor een trapveldje en de beoogde uitbreiding van de school klagen omwonenden over de parkeerdruk op de momenten dat ouders hun kinderen naar school brengen en weer ophalen. Niet alleen het parkeren om en nabij de school is voor bewoners van de Schilderswijk een probleem. Bewoners klagen ook over te hard rijden en onveilige verkeerssituaties op andere plekken. Als het gaat om de verkeersveiligheid vindt ook in de Schilderswijk aansluiting plaats bij het verkeersveiligheidsplan, dat op dit moment wordt uitgevoerd. Bovenstaande onderwerpen bundelen we in een integrale aanpak, waardoor er in één keer een plan wordt gemaakt met school en omwonenden over het trapveldje, de uitbreiding van de school en het verkeer.

15

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

4. Geleerde lessen Zoals eerder aangegeven is gekozen voor een aanpak om al werkende wijze ervaring op te doen. De aanpak in de pilot hanteerde vijf sporen: Werken in de startgebieden, Bestuur, Samenwerking en participatie, Data en gebiedskennis en Leren. Geconstateerd kan worden dat de focus vooral op het eerste spoor, het Werken in startgebieden, heeft gelegen. In dit hoofdstuk beschrijven we de geleerde lessen zoveel mogelijk per spoor, in de wetenschap dat tussen de verschillende sporen de nodige samenhang zit.

4.1. Werken in startgebieden Voor de pilot hebben we gekozen voor twee verschillende startgebieden, in omvang en aard. De ervaringen in de startgebieden zijn vergelijkbaar. Ten aanzien van inwoners en maatschappelijke organisaties ▪ Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisatie zijn bereid om mee te denken en te doen. ▪ Inwoners willen vaak eerst hun concrete teleurstellingen over de gemeente en de leefomgeving uiten. ▪ Inwoners hebben behoefte aan snelle oplossingen, antwoorden en acties voor de problemen en teleurstellingen die zij ervaren. ▪ Inwoners vinden het lastig om aan te geven wat zij zelf kunnen bijdragen en eigenaarschap te voelen. Ten aanzien van maatschappelijke organisaties ▪ De subsidieopdracht bepaalt de inzet van maatschappelijke organisaties. Een andere inzet vraagt om een andere opdracht met bijbehorende financiering. ▪ Voor de inzet van medewerkers van maatschappelijke organisaties is toestemming nodig van het bestuur van die organisatie. Ten aanzien van de gemeente ▪ De programmamanagers Dorps- en Wijkgericht werken hebben meerdere rollen, waaronder die van gebiedscoördinator en projectleider, waardoor ruis ontstaat over wie bepaalt, wie doet wat en wanneer. ▪ Het bleek lastig om een goede analyse en gebiedsagenda op te stellen.

▪ Het was moeilijk om de noodzakelijke inzet in de ambtelijke organisatie vrij te maken mede omdat in de opstartperiode na de fusie de focus meer lag op het opbouwen van interne werkprocessen en het harmoniseren van beleid en verordeningen, dan op de samenleving. ▪ De vereiste inzet voor gebiedsgericht werken is onderschat. Het realiseren van een gebiedscyclus met vaststellen analyse, agenda en uitvoering vereist een veel systematische aanpak van de ambtelijke organisatie dan in de pilots heeft plaatsgevonden. ▪ De opgehaalde onderwerpen zijn vaak praktisch. Het is aan de gemeente om de gesprekken en bijeenkomsten zo vorm te geven dat inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties ook worden uitgedaagd om aan grote(re) ontwikkelingen te denken. ▪ Er zijn “oliemannetjes” nodig om de wensen vanuit de samenleving te verbinden met de mogelijkheden en werkwijzen binnen de organisatie.

16

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

▪ ▪ ▪

Vanuit de gemeente zijn verschillende medewerkers over (verschillende) onderwerpen in gesprek met dezelfde partijen. Het onderlinge netwerk tussen de maatschappelijke partners is versterkt door gebiedsgericht te opereren. Het opbouwen van een netwerk in de dorpen en wijken is versterkt, waardoor lokaal de sociale cohesie kan verbeteren.

De leefwereld van inwoners en ondernemers en de systeemwereld van de gemeente verschillen van elkaar. Ook hebben beide werelden niet altijd hetzelfde tempo. Dit betekent dat de organisatie aansluiting moet zoeken bij de leefwereld van onze samenleving. Om het enthousiasme van inwoners om een bijdrage te leveren of het eigenaarschap op te pakken vast te houden, is het noodzakelijk om goed in gesprek te blijven, duidelijk te zijn over de verwachtingen, gemaakte afspraken op te pakken en na te komen en als dit niet (tijdig) lukt hierover te communiceren. Vertrouwen moet worden opgebouwd. Aansluiten bij de leefwereld kan binnen de ambtelijke organisatie schuren met bestaande processen, planningen, afspraken en werkzaamheden en vraagt om een andere manier van denken en doen. Een uitgebreidere interne fase met een groter deel van de organisatie draagt bij aan het gesprek met de samenleving en aan het vervolg geven aan de afspraken. Het nemen van eigenaarschap door inwoners of ondernemers is niet vanzelfsprekend, net als het loslaten van het eigenaarschap door de gemeente. Ook gaat het eigenaarschap niet automatisch over naar de samenleving als de samenleving een vraagstuk aankaart. Vertrouwen in elkaar is hiervoor nodig.

Het gevolg is geweest dat de capaciteit van de programmamanagers vrijwel volledig is opgegaan aan het werken in de startgebieden en er vrijwel geen aandacht besteed is aan de overige vier sporen. Waar staan we nu Met de pilot in de twee startgebieden wilde het college samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties vraagstukken per gebied agenderen. Deels is dit gelukt. Voor beide startgebieden ligt er een overzicht met thema’s. In Noord- en Zuid-Scharwoude zijn de thema’s geprioriteerd, in de Schilderswijk nog niet. Formeel is er nog geen agenda vastgesteld en zijn er voor de gebieden nog geen concrete uitvoeringsprogramma’s opgesteld. Het prioriteren van de thema’s in de Schilderswijk en het vertalen van de thema’s in acties in beide startgebieden vragen aandacht. Net als hoe we ervoor zorgen dat een uitvoeringsprogramma breed in een dorp of wijk wordt gedragen. In de Schilderswijk is in eerste instantie vooral gesproken met sleutelfiguren en niet met inwoners. De sleutelfiguren hadden namelijk aangegeven dat zij weten wat er leeft en speelt. Later in het proces gaven zij aan dat er nog wel contact met inwoners nodig was. Zij voelden onvoldoende mandaat om de agenda te bepalen, dit moest echt vanuit de inwoners komen. In Noord- en Zuid-Scharwoude gingen we wel snel in gesprek met inwoners.

Dit is belangrijk voor een breed gedragen gebiedsagenda en uitvoeringsprogramma. Hoewel er geen uitvoeringsprogramma’s liggen, zijn in de Schilderswijk wel enkele initiatieven gerealiseerd, waaronder de ontmoetingsplek op basisscholen, de themabijeenkomsten, de attente plek en extra activiteiten, zoals een kinderdisco in buurthuis de Ezel.

17

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

4.2. Bestuur Elke wethouder heeft zijn eigen taakgebied of portefeuille, bijvoorbeeld wonen, mobiliteit, onderwijs, ouderenzorg, financiën, duurzaamheid en jeugdzorg. Daarnaast bestaat ook een verdeling van een aantal projecten over de portefeuillehouders. Tijdens de pilot was binnen het college één wethouder bestuurlijk verantwoordelijk voor het programma Dorps- en Wijkgericht werken in brede zin. Voor de pilot zijn per startgebied twee wijkwethouders benoemd als eerste aanspreekpunt. Het doel was dat een dorps- of wijkwethouder in zijn of haar gebied zo zichtbaar en aanspreekbaar mogelijk is, door aanwezig te zijn bij gesprekken en bijeenkomsten in de analysefase en tijdens de agendavorming. De dorpsof wijkwethouder weet daardoor wat er leeft en speelt, verbindt waar nodig en stemt af binnen het college. De afgelopen periode bleek dat het nog niet altijd duidelijk is wanneer welke wethouder optreedt in een dorp of wijk en welke wethouder aanspreekbaar is op resultaten. Vraagstuk is hoe de rol van wijkwethouder zich verhoudt tot die van de portefeuillehouder. Dit wordt nu verder verkend binnen het college en verdere ervaringen opgedaan. In de pilot is ervoor gekozen om het dorps- of wijkwethouderschap nog niet voor alle dorpen en wijken in te voeren. Niet alle collegeleden hebben daarom ervaring opgedaan met Dorps- en Wijkgericht werken.

Positief was dat een aantal raadsleden in de startgebieden contacten hadden, die hebben geholpen bij het bij elkaar brengen van het netwerk, passend bij de wens om aan te sluiten bij al bestaande netwerken. De betrokkenheid van de raad als collectief kan structureel worden gemaakt en zo worden versterkt. Om het analyseren van data, het inventariseren van thema’s en het prioriteren hiervan niet bestuurlijk te maken is bewust gekozen om hierbij geen dorps- of wijkwethouder aan tafel te hebben. Deze ervaring is positief. Het vraagt echter wel om een goede periodieke afstemming met de dorps- en wijkwethouder, en ook met het college als collectief. Tegelijk is de ervaring dat het belangrijk is dat zowel de afsluiting van de analysefase als van de agendafase bestuurlijk wordt bekrachtigd. Dit wordt meegenomen in de implementatie van gebiedsgericht werken.

4.3. Samenwerking en participatie Voor de bijeenkomsten met sleutelfiguren en/of inwoners hebben we werkvormen gebruikt die recht doen aan de gelijkwaardigheid van alle aanwezigen, zoals World Café, Open Space en onderdelen uit de werkwijze van een Burgerberaad (met name het onderdeel Burgercafé met daarin drie centrale vragen; waarom is het onderwerp belangrijk, wat is ervoor nodig en wat kunt u er zelf aan bijdragen). Tijdens de bijeenkomsten bleken alle gespreksonderwerpen bespreekbaar. Verder is uit de gesprekken en de bijeenkomsten gebleken dat inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties zeer betrokken zijn bij hun dorp of wijk en bereid zijn om mee te denken en te doen. Bij de sleutelfigurenbijeenkomsten in de Schilderswijk viel op dat bij iedere bijeenkomst meer sleutelfiguren aansloten met ideeën voor de wijk. Inwonersbijeenkomsten werden goed bezocht. Inwoners namen bijvoorbeeld ook de moeite om op een zaterdagmiddag

18

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

in gesprek te gaan, en tegelijkertijd blijft het zoeken naar de meest geschikte momenten voor inwoners. Wel merkten we dat inwoners vaak nog aan tafel komen vanuit hun eigen belang. Het vraagt aandacht hoe we van daaruit tot een gezamenlijk belang en maatschappelijke meerwaarde kunnen komen. Dit aspect zal bij de analyse en agendavorming in de toekomst nadrukkelijker aandacht moeten krijgen. Geconstateerd kan worden dat de capaciteit om de samenwerking vorm te geven in de pilotfase beperkt was. De programmamanagers hebben ervoor gekozen om veel in de gebieden actief te zijn. Dit is ten koste gegaan van het werk aan de overige sporen van de pilot. Bij de implementatie van gebiedsgericht werken zijn daarom twee functionarissen van belang: een die nadrukkelijk zichtbaar en actief is in de wijk (verbinder) en een die meer strategische opereert en schakelt met de rest van de organisatie en andere instellingen (regisseur). Tenslotte kunnen we het vastleggen en het monitoren van wat we hebben gedaan in de gebieden verbeteren. Het team dat aan de slag is gegaan met Dorps- en Wijkgericht werken had een beperkte capaciteit en een lange tijd onvoldoende ondersteuning. De medewerkers zijn eigenlijk direct de gebieden ingegaan, waardoor maar een klein team beschikt over de informatie die is opgehaald in de pilot.

4.4. Data en gebiedskennis Het spoor Data en gebiedskennis gaat over hoe we op een overzichtelijke manier structureel per gebied informatie in kaart brengen. Tijdens de pilot hebben we dashboards ontwikkeld, zodat voor elk dorp of wijk een data-analyse kan worden gemaakt en waarin ook informatie vanuit de veiligheidsmonitor is verwerkt. Zo’n dataanalyse geeft informatie om het gesprek in de dorpen en wijken te starten. Vervolgens zijn de ervaringen van inwoners, ondernemers en professionals onmisbaar om deze data in context te plaatsen, te vertalen naar de menselijke maat en te verbinden met de dagelijkse leefwereld. Dit laatste is nodig om betekenis te kunnen geven aan de verzamelde informatie. Geconstateerd kan worden dat er een goede basis is voor de gebiedsgerichte informatie maar dat deze nog verder aangevuld kan worden. Tevens dient gezocht te worden naar een wijze om deze informatie goed te ontsluiten.

4.5. Leren Het spoor Leren gaat over het verbinden van gebiedsgericht werken met organisatieontwikkeling, de wisselwerking tussen beleid en uitvoering, de wijze van communicatie, de inrichting van de organisatie en het ontwikkelen van competenties. Door het ontbreken van capaciteit is geen invulling gegeven aan dit spoor. Uit de afgelopen periode zijn wel een aantal geleerde lessen die passen bij het spoor Leren. In de pilot is gekozen om met een team met beperkte capaciteit van start te gaan. Een andere manier van werken vraagt om een omslag bij de hele organisatie en niet alleen bij het team medewerkers dat zich bezighoudt met Dorps- en ijkgericht werken. Om gebiedsgericht werken te

19

Evaluatie Dorps- en Wijkgericht werken

borgen in de organisatie is een grotere beweging nodig en een besef dat gebiedsgericht werken van de hele organisatie is. Dorps- en Wijkgericht werken is meer dan alleen inwoners en ondernemers laten participeren. Het is samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties werken aan maatschappelijke opgaven en vraagstukken in een bepaald gebied. Dit gaat om maatwerk. Dat betekent dat afhankelijk van de opgave er ook ongelijk geïnvesteerd kan worden in gebieden. Dit is nog niet in de cultuur van de organisatie geborgd. Traditioneel is de gemeente gewend om beleid te maken voor de hele gemeente, en niet voor specifieke dorpen of wijken. Om gemotiveerd af te wijken van dit beleid is tijd en lef nodig. En soms past afwijken niet binnen de mogelijkheden. Door anders te denken en te doen en door samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties te kijken naar wat er in een buurt speelt en wat nodig is, is gericht investeren in dorpen en wijken en daarmee maatwerk leveren mogelijk. Tevens blijkt dat dit ook meer flexibiliteit van de ambtelijke organisatie vereist om snel te reageren op geprioriteerde opgaves in de gebieden. Dorps- en wijkgericht werken vraagt om medewerkers die vanuit (integrale) opgaves denken in oplossingen en kansen.

Medewerkers moeten een vraagstuk niet alleen vanuit hun eigen expertise zien, maar met een integrale blik, over de verschillende beleidsterreinen heen. Er moet worden gewerkt vanuit de logica van het gebied en de inwoners en minder vanuit de systeemlogica van de gemeente.

4.6. Conclusie Dorps- en Wijkgericht werken betekent een omslag in de manier van werken voor de hele ambtelijke organisatie. Bij de pilot is gekozen voor een onderzoekende aanpak met een beperkte capaciteit aan mensen. Verder lag in de eerste jaren na de fusie de focus in de organisatie, zoals beschreven in het rapport Onderzoek Evaluatie en verkenning doorwerking herindeling Dijk en Waard van bureau Necker, meer op het opbouwen van interne bestuurlijke en ambtelijke werkprocessen dan op de samenleving. Het is in dezelfde periode als de pilot dat de organisatie inspanningen heeft geleverd om het beleid en verordeningen van de voormalige gemeenten tijdig te harmoniseren. Binnen deze context is het niet gelukt om de gewenste omslag naar gebiedsgericht werken tot stand brengen. De evaluatie van het Dorps- en Wijkgericht werken in de startgebieden is voor het college dan ook aanleiding om de gebiedsgerichte aanpak in de hele gemeente Dijk en Waard anders vorm en inhoud te geven. Dit sluit aan bij de bestuurlijke reactie van het college op de resultaten uit het onderzoek van Necker, waarin staat dat het college de urgentie deelt om Dorps- en Wijkgericht werken en participatie breder en effectiever te organiseren en samen met inwoners te werken aan lokale en maatschappelijke opgaven.

In samenspraak met de gemeenteraad wordt de manier van implementatie bepaald, zie het voorstel Implementatie Gebiedsgericht werken.

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=DijkenWaard&id=d1720708-e472-4e09-b9a2-6a00d95e587f