Beantwoording technische vragen BvdW - Klachtenregeling gemeenteraad Dijk en Waard 2025
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAGEN FRACTIE Beter voor Dijk en Waard
Agendapunt 5.3 klachtenregeling gemeenteraad Dijk en Waard Commissie 25 november 2025 Registratienummer 00001151222 Beste raadsleden, Mevrouw Bosscher van fractie BvdW heeft op 24 november technische vragen gesteld. Onderstaand treft u de vragen en beantwoording.
Vraag 1 De burgemeester is volgens de Gemeentewet hoeder van bestuurlijke integriteit. Waarom heeft de burgemeester in deze klachtenregeling geen enkele rol, ook niet als escalatiepunt bij klachten over de raad of de griffie? Antwoord: De regeling ziet uitsluitend op klachten over de gemeenteraad, de griffier en griffiemedewerkers. De burgemeester behoort niet tot deze structuur. De Gemeentewet verplicht niet dat de burgemeester een rol krijgt bij klachten over de raad of de griffie. De raad kiest er daarom voor een eigen, intern klachtenproces te organiseren zoals toegestaan onder hoofdstuk 9 Awb. Vraag 2 Welke onafhankelijke route bestaat voor klachten die betrekking hebben op het presidium, de griffier of combinaties daarvan? Zo niet, waarom is geen externe of onafhankelijke toetsing opgenomen? Antwoord: Klachten over de griffier worden behandeld door de werkgeverscommissie; klachten over de raad (inclusief leden van het presidium) door het presidium, waarna het besluit altijd door de gemeenteraad wordt genomen. Daarnaast verwijst de regeling naar de mogelijkheid van een verzoekschrift aan de ombudsvoorziening na afronding van de interne procedure (art. 13 lid 8). Daarmee is een onafhankelijke route buiten de raad aanwezig. Vraag 3 De griffier behandelt klachten over medewerkers die hiërarchisch onder hem/haar vallen en adviseert ook over klachtenprocedures.
Hoe wordt belangenverstrengeling voorkomen in situaties waarin de griffier adviseert over een klacht, terwijl de klacht samenhangt met de griffie zelf? Antwoord: De griffier is geen behandelaar van klachten over zichzelf. Klachten over de griffier worden behandeld door de werkgeverscommissie, die ook het advies opstelt (art. 5 lid 2 en art. 13 lid 2). De griffier adviseert dus nooit over een klacht waarin hij/zij zelf onderwerp is. Leidinggevenden zijn als eerste aan zet wanneer klachten binnenkomen over personeel. De griffier is leidinggevende van de griffe en dus als eerstverantwoordelijk voor klachten over zijn medewerkers.
Vraag 4 De regeling bepaalt dat adviezen over klachten betreffende de raad of de griffie niet openbaar zijn (artikel 13 lid 4 en 6). Waarom is gekozen voor volledige beslotenheid in zaken die publieke integriteit raken? En is overwogen om (geanonimiseerde) verslaglegging openbaar te maken? Antwoord: De regeling bepaalt dat adviezen over klachten over de griffier of griffiemedewerkers niet openbaar zijn en dat klachten over de griffier in een besloten vergadering worden behandeld (art. 13 lid 4 en 5). Dit is in lijn met de gebruikelijke bescherming van personeels- en werkrelatie-informatie. Het gaat over personen. Bij klachten over de raad vindt behandeling wél in een openbare vergadering plaats (art. 13 lid 6). De regeling voorziet daarnaast in een geanonimiseerd jaaroverzicht van klachten (art. 8 lid 3), waarmee zoveel mogelijk transparantie is geborgd, met respect voor privacy. Vraag 5 Waarom zijn klachten over de gemeenteraad belegd bij het presidium, terwijl leden van het presidium zelf onderwerp van een klacht kunnen zijn? Hoe wordt objectiviteit gewaarborgd wanneer een presidium zichzelf beoordeelt? Antwoord: Het presidium is aangewezen als klachtenbehandelaar, maar neemt geen besluit over de klacht. Het presidium brengt alleen advies uit; de uiteindelijke afdoening gebeurt altijd door de gemeenteraad zelf (art. 13 lid 3 en 7).
Hiermee wordt objectiviteit geborgd omdat het presidium niet zijn eigen oordeel bekrachtigt: de volledige raad besluit. Vraag 6 Is overwogen om de onafhankelijke gemeentelijke ombudsman structureel te betrekken bij de behandeling van klachten over de raad of griffie? Zo nee, waarom niet? Antwoord: Dijk en Waard heeft geen onafhankelijke gemeentelijke ombudsman. De regeling sluit aan bij de systematiek van hoofdstuk 9 Awb: eerst een interne behandeling, waarna de klager zich desgewenst tot de ombudsvoorziening kan wenden (art. 13 lid 8). De regeling volgt daarmee de wettelijke hoofdstructuur. Vraag 7 Op welke wijze wordt klager bescherming gegarandeerd, bijvoorbeeld bescherming tegen nadelige gevolgen voor raadsleden of medewerkers die een klacht indienen? Ik zie hierover geen bepalingen in de regeling. Antwoord: De regeling volgt hoofdstuk 9 Awb, waarin onder meer het recht op hoor en wederhoor, zorgvuldige behandeling en verslaglegging is geregeld. Daarnaast geldt dat klachten over medewerkers of de griffier, vanwege privacy en arbeidsrechtelijke bescherming, niet openbaar zijn (art. 13 lid 4). De Awb bevat normen die bescherming bieden tegen benadeling van klagers; aanvullende bepalingen zijn niet verplicht.
Vraag 8
2
Waarom is geen evaluatiebepaling opgenomen waarin wordt vastgelegd hoe en wanneer deze regeling wordt beoordeeld op werking, onafhankelijkheid en effectiviteit? Antwoord: De Awb verplicht niet tot een evaluatiebepaling. De regeling bevat een jaarverslagplicht voor de klachtencoördinator (art. 8 lid 3), waarmee de raad jaarlijks inzicht krijgt in werking en toepassing van de regeling. De raad kan op basis daarvan altijd besluiten tot evaluatie of wijziging. Vraag 9 Zijn bij het opstellen van deze regeling onafhankelijke integriteit experts of juridische specialisten betrokken geweest? Zo ja, wie? Zo nee, waarom niet? Antwoord: Er zijn geen onafhankelijk integriteit experts betrokken geweest. De griffie heeft de regeling opgesteld op basis van soortgelijke klachtenregelingen en expertise. In het presidium is deze regeling toegelicht en besproken. Vraag 10 Hoe wordt voorkomen dat deze regeling leidt tot een gesloten systeem, waarin klachten over raad en griffie uitsluitend intern worden behandeld zonder externe transparantie of onafhankelijke toetsing? Antwoord: De regeling kent meerdere waarborgen: – Externe route via de ombudsvoorziening is altijd mogelijk na afronding van de interne procedure (art. 13 lid 8). – Jaarlijkse geanonimiseerde rapportage van klachten (art. 8 lid 3). – Klachten over de raad worden openbaar behandeld (art. 13 lid 6).
Hierdoor ontstaat geen gesloten systeem; externe en openbare controle is geborgd.
3