Beantwoorden technische vragen VVD Commissie 13 mei
Tekst van het document
BEANTWOORDING TECHNISCHE VRAGEN Commissie Aan: Van: Datum commissie: Zaaknummer: Onderwerp:
De gemeenteraad Het college van burgemeester en wethouders 13 mei 2025 00001031796 Eerste verordening tot wijziging van de Parkeerverordening Dijk en Waard 2025 en de Verordening parkeerbelastingen Dijk en Waard 2025
Aanleiding Op 7 mei 2025 heeft het college technische vragen ontvangen van raadslid Csurka van de fractie VVD over agendapunt 5.1 – Eerste verordening tot wijziging van de Parkeerverordening Dijk en Waard 2025 en de Verordening parkeerbelastingen Dijk en Waard 2025. Dit onderwerp staat op de agenda van de commissie van 13 mei 2025. In dit bericht staan de antwoorden op deze vragen. Beantwoording 1. Komen bedrijven en maatschappelijke organisaties ook in aanmerking voor 300 gratis bezoekersuren? a. Zo niet, waarom is hiervoor gekozen? Antwoord: Nee. In woonbuurten richt het Integraal parkeerbeleid zich primair op het faciliteren van bewoners, vandaar dat zij de mogelijkheid hebben hun bezoek 300 uur per jaar gratis te laten parkeren. Door bezoekers van bedrijven/organisaties in het Stadshart moet betaald worden om te parkeren. Daarom stellen wij voor om ook voor bedrijven/organisaties in woonbuurten een tarief te heffen. 2. Welke overwegingen, anders dan streven naar kostenneutraliteit, hebben geleid tot de verschillende tarieven van de nieuwe vergunningen? a. is het mogelijk om de nadere uitleg incl. berekening hiervan te delen? Antwoord: Volgens de Gemeentewet kan een differentiatie aangebracht worden waarbij de hoogte afhankelijk kan worden gesteld van de parkeerduur, van de parkeertijd, van de ingenomen oppervlakte en van de ligging van de terreinen of weggedeelten (art.
225, lid 1 en 8 van de Gemeentewet). Bij de vaststelling van het Integraal parkeerbeleid is o.a. door middel van vergelijking met omliggende gemeentes tot een tariefstelling besloten. Deze tarieven zijn daarna door uw raad vastgesteld in de Verordening parkeerbelastingen Dijk en Waard 2025. Voor de nieuw toe te voegen typen parkeervergunningen hebben wij gekeken naar wat logische tarieven zijn t.o.v. de bestaande tarieven. Ook hebben wij weer gekeken naar de tariefstelling van vergelijkbare vergunningen in andere gemeentes. Daarom stellen wij uw raad voor om de volgende tarieven voor de toe te voegen typen parkeervergunningen te hanteren:
• • • • •
bezoekersregeling voor bedrijven, tarief € 0,50/uur, gelijk aan (extra) bezoekersuren bewoners bezoekersregeling maatschappelijke organisaties, tarief € 0,25/uur, lager tarief vergelijkbaar met lagere tarief tov jaarvergunning bedrijfsvergunning regulier bedrijfsvergunning voor alle parkeerzones, deze valt onder het reeds ingestelde tarief van €250/jaar (kantoortijden) en 450/jaar (hele week) voor de bedrijfsvergunning verhuisvergunning, tarief € 10/maand, vanwege beperkte termijn bruikbaarheid camper/caravan vergunning, tarief € 2,50/3 dagen, vanwege beperkte termijn bruikbaarheid
3. Wat is de invloed van deze nieuwe heffingen op de totale kostenneutraliteit? a. Kunnen we hier de berekening van ontvangen? Antwoord: In lijn met het Integraal parkeerbeleid is kostenneutraliteit het uitgangspunt. Omdat geen inschatting is te maken van hoeveel van deze producten verleend gaan worden is hier geen berekening van te maken, vandaar dat gekozen is om ‘logisch’ aan te sluiten bij reeds eerder door de raad vastgestelde tarieven en tarieven van vergelijkbare vergunningen in omringende gemeenten. We zullen dit uiteraard monitoren en indien daar aanleiding toe is, zal een wijzigingsvoorstel aan de raad worden voorgelegd. 4. Op welke wijze wordt de effectiviteit van de nieuwe vergunningen gemonitord? Antwoord: Wij monitoren continu het parkeerbeleid. Onder andere op basis van gegevens uit het digitale parkeerloket, parkeermetingen, financiële resultaten en vragen/klachten, e.e.a. ook met inachtneming wat hierover door uw raad opgenomen is in het Integraal parkeerbeleid (Hoofdstuk 7, actie 5). Op basis van de continue monitoring wordt uw raad voorgesteld om enkele bijstellingen door te voeren. 5. Welke indicatoren worden gebruikt om het parkeerbeleid te evalueren en wanneer wordt hierover gerapporteerd aan de raad? Antwoord: Zie het vorige antwoord. 6.
Hoe wordt geborgd dat maatwerk mogelijk blijft in bijzondere gevallen? Antwoord: Daarin voorziet artikel 3 lid 4 van de door de raad vastgestelde Parkeerverordening Dijk en Waard 2025: “4. Het college kan in bijzondere gevallen een vergunning ook verlenen aan een eigenaar of houder van een motorvoertuig die niet voldoet aan één van de in het derde lid genoemde vereisten.” Bijlagen Geen
2