Beantwoorden technische vragen 50Plus rekenkamerrapport Waterveiligheid
Tekst van het document
BEANTWOORDING TECHNISCHE VRAGEN Commissie Aan: Van: Datum commissie: Zaaknummer: Onderwerp:
De gemeenteraad Het college van burgemeester en wethouders 9 juni 2026 00001243184 Bestuurlijk reactie op het conceptrapport ‘Voorbereiden op extreme regenval’ van de Rekenkamer Dijk en Waard
Aanleiding Op 5 juni 2026 heeft het college technische vragen ontvangen van raadslid van der Starre van de fractie 50PLUS over Bestuurlijk reactie op het conceptrapport ‘Voorbereiden op extreme regenval’ van de Rekenkamer Dijk en Waard. Dit onderwerp staat op de agenda van de commissie van 9 juni 2026. In dit bericht staan de antwoorden op deze vragen.
Toelichting van de vragensteller(s) van de fractie Beter voor Dijk en Waard Namens de fractie 50PLUS Dijk en Waard heb ik de volgende technische vragen.
Beantwoording Inleiding De vragen hebben betrekking op het uitgangspunt ‘Water- en bodemsturend’ van de huidige regering voor uitbreiding en inbrei-locaties.
Antwoorden 1. Wordt er in het stationsgebied ook rekening gehouden met dit uitgangspunt? Antwoord: Ja. In het ontwerp en de uitvoering is nadrukkelijk rekening gehouden met de waterhuishouding en de (lage) ligging van het gebied. Dit komt onder meer tot uiting in de aanleg van een nieuw gemaal, de klimaatadaptieve inrichting van de openbare ruimte en het ontwerp van infrastructuur zoals de spooronderdoorgang die zware buien kan verwerken.
2. Is er over dit gebied ook overleg geweest met het Hoogheemraadschap? Antwoord: Ja. Er is intensief overleg gevoerd en het waterschap was betrokken bij de planvorming en realisatie. De samenwerking was in dit project zelfs intensiever dan gebruikelijk: de gemeente trad op als opdrachtgever voor het gemaal en werkte samen met HHNK aan ontwerp en uitvoering.
3. En wat is het advies geweest vanuit het Hoogheemraadschap met betrekking tot dit gebied? Antwoord: Een belangrijke basis voor de herontwikkeling van het Stationskwartier en de aanleg van de spooronderdoorgang inclusief vernieuwde openbare ruimte, is het project ‘Klimaatrobuuste Polder’. Dat project van gemeente en HHNK samen is specifiek opgezet om wateroverlast, droogte en hittestress tegen te gaan. Water- en bodem sturend is uitgangspunt van deze gebiedsontwikkeling. Gemeente en HHNK zijn al vele jaren geleden gestart en hebben gepionierd; het project ‘Klimaatrobuuste Polder’ is met onderzoek, advisering en uitvoering onderdeel van het landelijke Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie.
4. En hoe gaan wij in de toekomst om met inbrei-locaties? Antwoord: In de Strategische Omgevingsvisie Dijk en Waard is het principe 'water en bodem sturend' een leidend uitgangspunt wat ook herkenbaar is in het beleidsplan klimaatadaptatie. Daarnaast worden eisen gesteld aan inrichting en ontwikkeling, bijvoorbeeld via de Maatlat Klimaatadaptieve Bouw en het Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR). In gebieden met hogere risico’s kan dit leiden tot aanvullende maatregelen of aanpassing van plannen. In de toekomst zullen klimaatstresstesten een belangrijke informatiebron worden van locatiespecifiek werken.
5. Is er op het uitgangspunt water- en bodemsturend al beleid vanuit de gemeente en wordt dit meegenomen in de grondexploitaties? Antwoord: Ja, zie het antwoord op vraag 4.
Bijlagen -
2