CConstaterende datDiemen
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raad 16 oktober 2025

Gemeenteraadsvergadering 13 november 2025, gemeente DiemenBij agendapunt: Vaststellen notulen 16 oktober 20257.692 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NOTULEN van de openbare en besluitvormende raad van de gemeente Diemen, gehouden op 16 oktober 2025 in het gemeentehuis in Diemen, aanvang 20.00 uur. Aanwezig: (*fractievoorzitters) Voorzitter

E. Boog

GroenLinks

E. Bouwhuis, T.A.C. de Bruijn, N. van Engelen, H. van ’t Riet*, Y. Yildiz-Kaya W. Advokaat, J. de Jong* H.J. Berkhout, S.E. Muijs, R. Poelwijk*, O.U. Ramautarsing H. Dijksman, J.A. Jägers, V.A. Voermans* W.K. van Es, F.W. Geerts, S. Kuilman* E.S. den Heijer, P.A. Prins* A.R. van Marion, J.G.M. Sikking*

Ons Diemen D66 VVD PvdA Ouderenpartij Diemen Onafhankelijk Diemen College

M.A. van den Berg, M. Everhardt, J.D.W. Klaasse alsmede G.T. Wildeman (gemeentesecretaris)

Notulist Griffier

J.B. Kammeraad W. van Zanen

Afwezig:

N.C.F. Moors (OD)

1.A

Opening en mededelingen van de voorzitter

De VOORZITTER: Beste mensen, ik open hierbij de vergadering, de raadsvergadering gemeente Diemen, 16 oktober 2025. Ik heb bericht van verhindering van mevrouw Moors en van wethouder Prins en afgelopen maandag hadden wij natuurlijk het heuglijke feit dat onze wethouder Everhardt haar verjaardag vierde. Ze is heel jong gebleven maar ze is ook zo aardig door een lekkere traktatie nog neer te zetten. Dus heerlijke chocolaatjes. Het college heeft al mogen voorproeven van de week, het zijn heerlijke chocolaatjes. En als ze op zijn heb je nog wat achter de hand zelfs, of moest ik dat niet zeggen? Dat mag ik wel zeggen, dus ik zou zeggen, houdt u zichzelf niet in. Volgens mij wordt het geen vergadering die tot 12 uur duurt, dus ik zou zeggen, u mag gewoon tussen. Oké, ik heb een bepaalde verwachting maar ik wilde eigenlijk zeggen van, dus wees niet te laat met chocolaatje pakken maar heel lief. Dan nog wel even de mededeling dat naar aanleiding van het vertrek van de heer Anne de Jong de procedure in een opvolging in gang was gezet maar het blijkt helaas dat de lijst van Ons Diemen, zoals dat heet, uitgeput is. Dat betekent dat de zetel van Ons Diemen tot aan de verkiezingen leeg zal blijven. Dat is wel zeer te betreuren maar helaas een feit. Dus die mededeling wilde ik toch doen aan het begin van deze vergadering. 1.B

Vaststelling agenda

De VOORZITTER: Zijn daar nog opmerkingen over? Dat is niet het geval. 1.C

Vragen van het publiek aan de raad

De VOORZITTER: Er zijn geen vragen van het publiek aan de raad ingediend. 1.D

Ingekomen stukken

1

De VOORZITTER: Zijn daar nog opmerkingen over? Dat is niet het geval. 1.E

Mededelingen van het college

De VOORZITTER: Er zijn geen mededelingen van het college. 1.F

Mededelingen uit de regio

De heer JÄGERS: Dank u voorzitter. Uit de Vervoerregio Amsterdam. Vanwege de kadernota en de behandeling daarvan hebben we nog geen verslag gedaan van de regiovergadering van 8 juli 2025. De betreffende vergadering stond vooral in het teken van verslaglegging. Zo werden mede op advies van de rekeningcommissie de volgende besluiten genomen. Het vaststellen van de jaarstukken 2024. Het vaststellen van de eerste bestuursrapportage 2025. Het vaststellen van de begroting 2026 en het uitvoeringsprogramma mobiliteit 2026-2034. De vergadering van 7 oktober jongsleden had een heel ander karakter. Een groot deel van de vergadering werd besteed aan het voorval op 25 september dit jaar in Amsterdam-Noord. In Amsterdam-Noord werden de bussen van het GVB onderworpen aan een grootschalige politiecontrole zoals u waarschijnlijk al wel ergens gelezen hebt. Terwijl de veiligheid niet in het geding bleek, moest het GVB op last van de politie gedurende een heel dagdeel het busverkeer in Noord platleggen. Dit vanwege het feit dat papieren die in de bussen aanwezig hadden moeten zijn, niet in orde bleken. Een en ander uiteraard met grote gevolgen voor het reizigersverkeer. Dit werd door met name de Amsterdamse raadsleden zeer zwaar opgenomen en hoewel het dagelijks bestuur van de vervoerregio hierin slechts een heel indirecte verantwoordelijkheid heeft, werd zij behoorlijk onder druk gezet.

Een zogenaamde discretionaire boete wordt inmiddels overwogen en er zijn nog veel vragen te beantwoorden. Dan werd medegedeeld dat de keuze met betrekking tot de ontvlechting van de Amsterdamse metrolijnen door het dagelijkse bestuur is uitgesteld van kwartaal 3 naar kwartaal 4. Er werd een initiatiefvoorstel ingediend door raadslid Moeskops van D66. Het voorstel behelsde een pilot op drie stationslocaties, locaties die als onveilig kunnen worden bestempeld. Die zouden dan heringericht moeten worden en wel zodanig dat mensen, in eerste instantie vrouwen, de omgeving als prettig zouden gaan ervaren en juist daar graag zouden willen gaan vertoeven. De pilot sluit aan op het beleidskader ten aanzien van de inclusieve mobiliteit. Er werd door de regioraad gestemd over het initiatiefvoorstel en unaniem aangenomen. In verband met de Wet gemeenschappelijke regelingen, die per 1 juli 2024 in werking is getreden, is door de regioraad een participatieverordening aangenomen, een verordening die de inspraakverordening vervangt. Daarna werd besloten de financiering strategische activa van het GVB ongewijzigd te laten. Dit betreft met name een garantiestelling door de vervoerregio en alweer naar advies van de rekeningcommissie. Er is kennisgenomen van het ontwikkelprogramma inclusieve mobiliteit en eveneens van de conceptvoorstellen van de vervoerbedrijven voor nieuwe tarieven.

De nieuwe tarieven zijn gebaseerd op de landelijke tarievenindex en voor 2026 is die vastgesteld op 3,86 procent. Het GVB echter stelt een verhoging voor van 5 procent. Dan werd de regioraadsbrief over de stand van zaken met betrekking tot deelmobiliteit besproken. Er is in de afgelopen periode veel onderzoek gedaan en er is met de meeste gemeenten gesproken, ook met Diemen, en met aanbieders. De komende maanden wordt verdergegaan met de uitwerking van een en ander. De regiogemeenten zijn in het algemeen positief, Amsterdam wat minder maar zonder Amsterdam zal er geen regionale deelmobiliteit komen. De overige gemeenten zijn vrij al of niet mee te doen. Er zijn nog wat woorden gewisseld over de voorgenomen korting door het Rijk op de BDU. De BDU zal niet worden gekort voor 2026. In 2027 ontstaat er wel een gat van 37 miljoen in onze begroting, althans de begroting van de vervoerregio. Dit gat zal door de vervoerregio moeten worden gedicht in samenspraak met het ministerie. 2

1.G

Vragen van de raad aan het college

De VOORZITTER: Er zijn vragen ontvangen van de fracties van de Ouderenpartij Diemen en van Onafhankelijk Diemen over respectievelijk de aanvraag omgevingsvergunning COA en bedrijventerrein Verrijn Stuart. Dan geef ik zo het woord aan de heer Prins. Dan nog even de spelregels. Na de beantwoording door het college krijgt de vraagsteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen. Vervolgens kan ik als voorzitter aan andere leden van de raad het woord verlenen om hetzij aan de vraagsteller hetzij aan het college vragen te stellen over hetzelfde onderwerp. Tijdens het stellen van de vragen kunnen geen moties worden ingediend en worden geen interrupties toegelaten. Het is altijd goed om dat nog weer even scherp te hebben. De heer PRINS: Dank u voorzitter. De aanleiding voor onze mondelinge vragen van vanavond is dat onze fractie van mening is dat de raad onvoldoende is meegenomen in het proces rond de mogelijke komst van een asielzoekerscentrum naar Diemen. We zijn hierover niet proactief geïnformeerd door het college terwijl het om een ingrijpend besluit gaat dat direct raakt aan onze gemeenschap. Na de ontvangst van de bestuursovereenkomst en de aanvullende werkafspraken op 25 april en de inloopavond op 2 juni bleef het stil. Onze fractie heeft zelf het initiatief genomen om met de raad een werkbezoek te brengen aan een COA-locatie.

De VOORZITTER: Meneer Prins, ik probeer even mee te lezen met uw ingediende toelichting en vragen maar dat komt niet overheen. Ik wijs erop dat u van tevoren uw vragen en een inleiding inlevert want daar kan het college zich op voorbereiden. Ik hoor u al een aantal statements in de inleiding maken. Dus u dient vragen in en een toelichting zodat het college zich daarop kan voorbereiden. Ik zie nu al meteen dat u zich niet houdt aan die ingediende tekst. De heer PRINS: Nee voorzitter maar ik wil ook reageren op de beantwoording van de vragen die we binnen hebben gekregen, maar niet inhoudelijk maar procedureel, omdat het ook raakt aan onze vragen. De VOORZITTER: Zo werkt het niet. U krijgt in tweede instantie nog de mogelijkheid om een aanvullende vraag te stellen, dus dan kunt u nog meenemen aan de aanvullende informatie die u hebt gekregen. De heer PRINS: Ik wil geen aanvullende vragen stellen, voorzitter. De VOORZITTER: Maar dan stel ik wel voor dat u zich gewoon houdt bij de tekst en de vragen die u heeft ingeleverd en vervolgens kunt u natuurlijk in tweede instantie, zoals ik dat net voorlas, aanvullende vragen stellen die niet zijn ingeleverd. De heer PRINS: Nou, voorzitter, dan zal ik eventjes teruggaan naar het stuk wat wij 14 oktober, twee dagen geleden, hebben ingeleverd.

En inmiddels is de eerste vraag, wat is de reden dat onze eerder gestelde vragen over de veiligheid nog niet zijn beantwoord, al overbodig geworden? De VOORZITTER: Die heeft u niet meer gesteld. De heer PRINS: Nee, maar ik wil het wel even memoreren. Er zijn dus nog drie vragen over. De VOORZITTER: Die vraag heeft u dus niet meer gesteld. Er zijn drie vragen gesteld. Die eerste vraag heeft u al ingetrokken.

3

De heer PRINS: Voorzitter. Ik heb geconstateerd dat die overbodig is geworden. We zijn het met elkaar eens. Er zijn dus nog drie vragen over. Eén. Is het college bereid het aangekondigde veiligheidsplan ter beoordeling aan de raad voor te leggen? Mocht het college van mening zijn dat deze vraag al schriftelijk is beantwoord, dan vernemen wij dat graag zo meteen. Twee. Kan het college garanderen dat bewoners van de wijk Biesbosch niet bij voorbaat worden uitgesloten van het indienen van zienswijzen of bezwaren? Voorzitter, we realiseren ons dat hier wordt gesproken over het uitsluiten van omwonenden. In de inleiding op onze vragen spraken we over het niet-ontvankelijk verklaren van omwonenden bij bezwaarprocedures. Wij hopen dat het college ook op dat aspect wil ingaan. Drie. Waarom zou de raad zich bij haar advies over de omgevingsvergunning uitsluitend moeten beperken tot ruimtelijke ordeningsaspecten en niet ook mogen oordelen over aspecten als veiligheid, gezondheid, welzijn en financiële risico's? Wethouder VAN DEN BERG: Voorzitter. Of wij bereid zijn het aangekondigde veiligheidsplan ter beoordeling aan de raad voor te leggen. De heer Prins zei het al.

Is deze vraag en het antwoord daarop overbodig met betrekking tot de schriftelijke vragen die wij inderdaad beantwoord hebben? Dat is zo, maar ik kan me voorstellen dat nog niet elk raadslid daar kennis van heeft genomen, dus ik zal ook dat antwoord meenemen. Eerder is in de beantwoording op de schriftelijke vragen van de VVD aangegeven dat het veiligheidsplan onderdeel zou zijn van de vergunningaanvraag. In de verdere uitwerking van het proces is dit aangescherpt, waarbij niet het hele veiligheidsplan onderdeel uitmaakt van de vergunning, maar alleen de voor de vergunning relevante aspecten zoals omgevingsveiligheid, sociale veiligheid en andere onderwerpen van veiligheid binnen de fysieke leefomgeving. De vergunningaanvraag bevat de onderbouwing van deze eerdergenoemde aspecten van veiligheid, maar het veiligheidsplan zelf wordt later in overleg met inwoners, politie en andere partners verder uitgewerkt en vastgesteld door het college. Wij vinden het belangrijk om de gemeenteraad hier goed bij te betrekken, dus net als bij de uitgangspuntennotitie eerder dit jaar zal de raad voorafgaand aan de gesprekken over het veiligheidsplan worden uitgenodigd om aandachtspunten mee te geven. Na vaststelling door het college wordt het veiligheidsplan ter kennisname met de raad gedeeld.

Kunnen wij garanderen dat de bewoners van de wijk Biesbosch niet bij voorbaat worden uitgesloten van het indienen van zienswijzen op bezwaren? Ook daar neem ik de bredere uitleg zoals de heer Prins die ook noemde in zijn inleiding. Zoals bij elk vergunningstraject is het aan ieder toegestaan om een zienswijs in te dienen. Dat is nog niet met ontvankelijkheid of niet-ontvankelijkheid. Dus wij zullen alle zienswijzen, waar die ook vandaan komen, door wie die ook wordt ingediend, ten alle tijde van een antwoord voorzien en meenemen in de nota van beantwoording en ter beoordeling van het definitieve oordeel voor de vergunning. Gezien het feit dat we voor deze vergunning een uitgebreide procedure doorlopen, is de mogelijkheid om bezwaar in te dienen er niet. Er kan op het definitieve vergunningsbesluit wel direct beroep aangetekend worden bij de rechtbank. De rechtbank beoordeelt of de indiener van het beroep ook daadwerkelijk een belanghebbende is bij de aanvraag. Als blijkt dat dit het geval is, wordt het beroep ontvankelijk verklaard en beoordeeld door de rechter. Na de beoordeling van de rechtbank volgt eventueel nog een hoger beroep bij de Raad van State.

En de laatste vraag, waarom zou de raad zich bij haar advies over de omgevingsvergunning uitsluitend moeten beperken tot ruimtelijke ordeningsaspecten en niet ook mogen oordelen over veiligheid, gezondheid, welzijn en financiële risico's? Onder de Omgevingswet spreken we niet meer van ruimtelijke ordeningsaspecten maar van de fysieke leefomgeving. Hieronder vallen ook sociale veiligheid en gezondheid. Echter alleen de aspecten daarvan die samenhangen met de fysieke leefomgeving. Financiële risico's zijn geen onderdeel van de beoordeling van een omgevingsvergunning. De aspecten waarop een omgevingsvergunning wordt beoordeeld zijn voorgeschreven in het Besluit kwaliteit leefomgeving en die kunnen desgewenst met de raad gedeeld worden.

4

De heer PRINS: Dank u voorzitter. Dank u voor deze beantwoording en ook voor de beantwoording van de eerder ingediende schriftelijke vragen die we vanmiddag hebben gekregen. Een eerste lezing van de antwoorden heeft onze zorgen echter niet weggenomen maar we zullen de antwoorden uiteraard nog grondig bestuderen. Vanavond hebben we met aandacht geluisterd naar de antwoorden op onze mondelinge vragen en we hebben geen aanvullende vragen. De heer DIJKSMAN: Dank u voorzitter. Ik heb nog een vraag aan het college over het veiligheidsplan want bij de beantwoording van de schriftelijke vragen werd er gezegd dat het veiligheidsplan komt. Wij vinden het ook heel belangrijk voor de bewoners. Die zijn er ook heel erg ongerust over. En ik hoor nu dat er dus eigenlijk een scheiding is tussen de bronveiligheid en de politie maar wat ons betreft gaat het dus echt om het veiligheidsplan. Dus ja, teleurgesteld, ik weet niet, meer verbaasd? Hoe zit dat precies? Kan er misschien wat meer uitleg gegeven worden over wat de reden is waarom het toch niet komt? En misschien wat meer details over wanneer het dan wel komt en vooral ook wanneer kunnen dan de bewoners daarop inspreken? Wethouder VAN DEN BERG: Dank u voorzitter.

Om een zo helder en transparant mogelijk proces te maken hebben wij gemeend het veiligheidsplan alleen maar op te nemen in de vergunningaanvraag waarbij ook de onderdelen die bij de vergunningaanvraag horen, daarin op te laten nemen. Omdat anders gaan wij dingen meewegen, wat ik net ook in de beantwoording richting de heer Prins zei, die niet meegewogen mogen worden in de vergunningaanvraag. Dus alle onderdelen die u straks heeft bij de vergadering met betrekking tot het bindend advies wat er bij uw raad komt te liggen zal u dus ook al die onderdelen mogen meewegen. En de onderbouwing vanuit de COA zal dus dan ook bij u zijn op dat moment. Het veiligheidsplan zelf. Het zou ook heel gek zijn als ik die zelf zou maken met het COA en bij u ter besluitvorming voorleg want het is juist iets wat we met de inwoners willen maken, met de politie willen maken, met de diensten willen maken. Juist ook omdat wij van mening zijn dat het een dynamisch document is. Niet iets wat je vaststelt maar waar je met elkaar afspraken over maakt die dus ook gaandeweg kunnen wijzigen. Ik kan op dit moment niet alles inschatten wat er volgend jaar eind 2026 voor ons ligt. Laat staan dat ik dat weet voor het eerste kwartaal 2027 wanneer het AZC open zou gaan in de planning van het COA.

Dus het is een document waar nog in principe in 2026 aan gewerkt wordt en daarom zeggen wij ook, we halen uw aandachtspunten aan de voorkant op. Net zoals we dat bij de inwoners doen, net zoals we dat bij de politie, bij andere diensten doen zodat we daarover het gesprek kunnen voeren. En het is dus niet een document vastgesteld door de gemeenteraad. Het is een document van de inwoners, voor de inwoners, met het COA en met de gemeente waarin wij gezamenlijke afspraken neerleggen en in die zin dus geen vastgesteld document aan de voorkant want dat zou eigenlijk het proces wat we daarna nog zouden volgen over de afspraken die we zouden maken met de inwoners, te niet doen want dan heb ik een vastgesteld document door de gemeenteraad. Daar hoef ik niet meer met de inwoners over te praten want dat ligt dan vast. Daar heeft u een besluit over genomen. Ik wil er eentje met de inwoners en daarnaast, heel simpel, is het net als de bestuursovereenkomst en de aanvullende werkafspraken daarvan, zoals te lezen valt in de bestuursovereenkomst, het bevoegd gezag ligt bij het college met betrekking tot het veiligheidsplan en wij kiezen ervoor om die te maken met de inwoners. De VOORZITTER: Daar is niet echt een derde ronde. Dus ik neem toch even mijn rol dan als voorzitter.

Want kunt u wel een inschatting maken, want daar vroeg de heer Dijksman nog over, een inschatting wanneer de raad daar wel iets over kan zeggen en wanneer inwoners worden betrokken. Wethouder VAN DEN BERG: Dank u voorzitter. De brief voor het omwonendenoverleg, die gaat er bijna uit. In ieder geval in concept heb ik hem gezien. Uiterlijk Q1 hoor ik hier maar 5

de omwonenden worden al eerder betrokken bij het eerste overleg met betrekking tot het omwonendenoverleg want daar gaan we de contacten over opstarten. Dus inwoners kunnen zich daar ook nog steeds voor opgeven, voor het omwonendenoverleg. De VOORZITTER: En nog even de raad. Een inschatting wanneer de raad dan... Wethouder VAN DEN BERG: Ook Q1. Juist aan de voorkant want als we dit op een later moment doen, dan zou het gek zijn. De VOORZITTER: De regel is uitgelegd. Dus wij komen tot de tweede set vragen. Dan geef ik nu graag het woord aan de heer Sikking van Onafhankelijk Diemen over het bedrijventerrein Verrijn Stuart. De heer SIKKING: Dank u voorzitter. Ik wil wel een korte inleiding geven zoals die op papier staat. Ik hoop dat iedereen dat heeft gelezen maar in de contacten met ondernemers op het industrieterrein Verrijn Stuart horen wij wel wat klachten. Op het industrieterrein zelf schieten de bedrijfsverzamelgebouwen als paddenstoelen uit de grond en dit zorgt natuurlijk voor werkgelegenheid in Diemen. Maar door een verouderd omgevingsplan en categorie-indeling wat niet meer met de tijdsgeest is meegegaan moet handhaving zich aan de regels houden. Hierdoor komen de bedrijven in de problemen en kunnen de grenzen van beoordeling in een grijs gebied terechtkomen. Het lijkt ons een willekeur van handhaven. Dan komen de vragen en het zijn er vier.

Wat zijn de mogelijkheden om bedrijven die zich in een handhavingsproces bevinden tijd te gunnen om hun bedrijfsuitvoering te continueren en de procedures aan te passen zolang er nog geen nieuwe omgevingsregels en categorieindeling door de raad zijn vastgesteld? Vraag twee. Er zijn ontheffingen verleend aan bedrijven. Waarom worden andere bedrijven in eenzelfde grijs gebied en die in aanraking komen met handhaving niet gewezen op de mogelijkheden van een ontheffing? Tussen haakjes dan uiteraard ontheffingen met afgesproken kaders waarbinnen men mag opereren voor de bedrijfsuitvoering. Mijn derde vraag. Wanneer worden de omgevingsregels op het bedrijventerrein herzien en de categorie-indeling aangepast? En dan tot slot de vierde vraag. De gemeente Diemen heeft een rekmanifest. Mag handhaving in bijzondere gevallen gemotiveerd afwijken van de regels en het gebruik middels een ontheffing toestaan? De VOORZITTER: De vragen liggen op het snijvlak van Ruimtelijke Ordening en Economische Zaken. De portefeuillehouder Ruimtelijke Ordening is vanavond niet aanwezig maar de wethouder Economische Zaken zal hopelijk vanuit beide invalshoeken kunnen reageren. Wethouder KLAASSE: Dank u voorzitter. Eerst even over de inleiding. Bij de gemeente zijn geen officiële klachten bekend.

We weten wel dat er ondernemers op het bedrijventerrein zitten met bedrijfsactiviteiten die daar niet zijn toegestaan en deze ondernemers zijn soms ook niet blij dat we daar ook op handhaven. We herkennen inderdaad de trend van de opkomst van bedrijfsverzamelgebouwen. Zulke gebouwen zijn in principe gewoon toegestaan op bedrijventerreinen maar de gebruikers van de bedrijfsverzamelgebouwen dienen zich wel gewoon te houden aan de regels van het omgevingsplan. De gemeente en de regelgeving gaat wel degelijk mee met de tijd en speelt ook in op nieuwe ontwikkelingen. Denk bijvoorbeeld aan het stellen van regels om flitsbezorgers en datacenters te reguleren. Ook als nieuwe wensen zich aandienen en ook aansluiten bij de gemeentelijke visie, dan kunnen we een afwijking op de regels mogelijk maken zoals in het verleden ook gebeurd is bij het veilinghuis en de kringloopwinkel. Ondernemers die zich in Diemen willen vestigen en die weinig ervaring hebben met omgevingsplannen raad ik dan ook echt wel aan om vooraf contact op te nemen met de gemeente. En door tijdig in gesprek te gaan kunnen we voorkomen dat ze zich vestigen op een locatie waar hun bedrijfsactiviteiten niet zijn toegestaan en zo voorkomen we onnodige teleurstellingen en problemen achteraf. 6

Dan nu de antwoorden op de vragen. De eerste vraag wat zijn de mogelijkheden? De mogelijkheden zijn beperkt. Deze bedrijven zitten niet voor niets in het handhavingsproces. Er gelden namelijk regels op bedrijventerreinen. Deze regels zijn er om te zorgen dat bedrijventerreinen goede werklocaties blijven in deze regio. Is er een groot tekort aan bedrijventerreinen wanneer we toestaan dat ook bijvoorbeeld detailhandel, kappers, horeca zich gaan vestigen op de bedrijventerreinen, dan is er een groot risico dat deze functies wegtrekken uit het centrum met alle gevolgen van dien. Ook gaan bedrijfsactiviteiten niet altijd veilig samen met bedrijfsactiviteiten uit zwaardere milieucategorieën die juist daar zijn toegestaan en anders worden weggedrukt. En op andere plekken kunnen die bedrijven ook gewoon niet terecht met hun bedrijfsactiviteiten. Dus die moeten juist naar de bedrijventerreinen. Met deze regels doen we aan ruimtelijke ordening en niet aan ruimtelijke willekeur wat leidt tot ruimtelijke chaos. Voor bedrijven die passen binnen de ruimtelijke en economische visie van dit gebied bestaat de mogelijkheid om via een gemotiveerde aanvraag af te wijken van het omgevingsplan. Dat biedt ruimte voor maatwerk mits het uiteraard binnen de beleidskaders van de Omgevingswet past. Denk bijvoorbeeld weer aan een veilinghuis of een kringloopwinkel.

Wanneer een bedrijf activiteiten ontplooit die strijdig zijn met het omgevingsplan wordt ook niet direct overgegaan tot het opleggen van een last onder dwangsom. In principe wordt door handhaving eerst een legalisatieonderzoek gedaan. In principe wordt dus gekeken zou het misschien dan toch mogelijk zijn om het op deze plek toch toe te staan. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan krijgen de ondernemers de gelegenheid om hun bedrijfsvoering aan te passen of uiteindelijk ook om te beëindigen. De tweede vraag. In elke situatie waarin handhavend wordt opgetreden wordt een legalisatieonderzoek uitgevoerd. Op basis van dat onderzoek kan er een positieve uitkomst zijn en dan wordt er een vergunning afgegeven. Dus geen ontheffing maar een vergunning. Maar nogmaals het advies is om aan de start van de onderneming het gesprek aan te gaan met de gemeente. Dat voorkomt teleurstelling en problemen achteraf. De derde vraag. Wanneer worden de regels aangepast? Aanpassing voor het omgevingsplan waar al die regels in staan voor het bedrijventerrein staat nu gepland voor het jaar 2028. De insteek is om dat nu beleidsneutraal te doen. Dat betekent dat bestaande beleidslijnen worden overgenomen zonder inhoudelijke wijzigingen. Het is beperkt mogelijk dit naar voren te halen vanwege de complexiteit en de omvang van dat proces.

De raad wordt uiteraard betrokken bij dit proces en neemt ook uiteindelijk het besluit. Er kunnen zich ontwikkelingen voordoen waardoor het noodzakelijk is om in te grijpen zoals we in het verleden hebben gedaan bij het beperken van flitsbezorgers. Ook kan de raad andere beleidsstukken en kaders vaststellen. Ik denk daarbij aan de detailhandelsvisie en de sportnota die in het eerste kwartaal van 2026 op de agenda staan. Vraag 4, de regels en de rek. Ja, dat is inderdaad een mooi Diemens product. Er is inderdaad, maar wel in beperkte mate, ruimte voor regels en de rek. Zoals gezegd wordt in alle gevallen door handhaving eerst onderzocht of legalisatie mogelijk is of anders een afwijking van het omgevingsplan. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan start er wel een handhavingstraject met passende termijnen. Overigens geldt dat niet voor echte ondermijning. Een hennepplantage wordt natuurlijk direct gesloten. Mochten ondernemers niet ingaan op het verzoek de bedrijfsactiviteiten aan te passen, dan zal handhaving uiteindelijk een last onder dwangsom versturen maar daar zijn al heel veel stappen aan vooraf gegaan. Bedrijven worden altijd gewezen op hun opties. Dit gebeurt in dialoog en daar kan de rek en de regels worden toegepast. Een paar voorbeelden. Een webshop waar je geen bestellingen mag afhalen is toch toegestaan om al geplaatste bestellingen in eerdere weken af te halen.

Een ander voorbeeld is een bedrijf dat begon met het aanbieden van horeca-workshops en dat is niet daar toegestaan. Dan is er toch nog een aantal maanden tot aan de verhuizing toegestaan. Dat is de menselijke maat in de praktijk. Recht doen aan regels maar ook aan redelijkheid. De heer SIKKING: Dank u voorzitter. Ik hoor de wethouder antwoord geven op vraag 2. En daar heeft hij het dan over die grote bedrijven die dan neergezet worden op dit moment. 7

Daar komen huurders in. Als je er vervolgens op vraagt, dan is daar alles mogelijk en een geweldige verbinding en zo. Ligt de voorlichting dan alleen bij de ontwikkelaar of zou de gemeente Diemen ook actief moeten daarin acteren om voorlichting te geven aan de nieuwe ondernemers om wat wel en wat niet kan want nu wordt er verhuurd van alles is mogelijk en dan komen de mensen er later achter dat het niet mogelijk is? En dan nog wanneer de nieuwe regels zouden kunnen. U noemt daar een datum 2028 maar ik heb al in mijn hele periode dat ik hier zit, zo'n beetje 12 jaar, al eerder gehoord dat dat op stapel stond en dat het zou gaan gebeuren om daar nieuwe categorieën en regels neer te zetten en nu hoor ik dat het pas in 2028 is. Is het op het bureau blijven liggen en kunnen we dit niet versnellen? U zei dat het niet kon maar bent u het eigenlijk niet verplicht aan de ondernemers? De heer DIJKSMAN: Dank u voorzitter. Ik heb een vraag aan de Onafhankelijke Partij Diemen, de heer Sikking. Wat zijn nou precies de problemen waar de ondernemers tegenaan lopen? Ik heb dat nog niet helemaal begrepen en ik heb het zelf ook nog nooit gehoord maar ik hoor het graag. De heer PRINS: Dank u voorzitter. Een beetje in aanvulling op de laatste vraag van de heer Sikking. We hebben al eerder gelezen dat het bestemmingsplan Verrijn Stuart verouderd is.

Dat hebben we ook al eens ergens in stukken gelezen en eigenlijk heel snel geactualiseerd zou moeten worden omdat het niet voldoet omdat het niet meer slaat op de huidige ontwikkelingen. Dus dat was voor mij ook wel destijds toen ik het las dacht ik, dan zullen we wel snel acties ondernomen worden om tot een nieuw omgevingsplan te komen want er vinden nu ontwikkelingen plaats zoals aan de Weesperstraat waar we het afgelopen jaar ook over hebben gehad waarvan ik zou denken, daar zou een gemeente wat van kunnen vinden en dat ook zou willen regelen. Dus waarom 2028? Dus eigenlijk een herhaling met iets meer woorden. De heer POELWIJK: Voorzitter. Eigenlijk aanvullend op wat de heer Dijksman ook al vroeg. Kan de heer Sikking dan meerdere voorbeelden noemen of is het eigenlijk één casus waar de heer Sikking een set vragen aan ophangt? De heer SIKKING: Dank u voorzitter. Het antwoord aan VVD en D66. Wat daar problemen zijn, bijvoorbeeld sportscholen. Er zijn twee sportscholen en er zijn meerdere bedrijven en meerdere sportscholen die zich daar willen vestigen. Dat kan niet maar die twee mogen daar wel zitten. Opleidingsinstituten. Er zit een ROC volgens mij voor de bouw maar er zijn ook andere opleidingsinstituten die zich daar zouden willen vestigen. Dan verkoop aan particulieren. Dat is niet de bedoeling op dat industrieterrein maar het gebeurt wel.

Dit zijn dus voorbeelden die ik wil geven. Er is gewoon een behoefte bij de ondernemers om hun bedrijf wat breder te kunnen uitvoeren dan alleen maar of geen mensen ontvangen. Er zit bijvoorbeeld ook een advocaat. Daar komen ook mensen langs. Is dat mogelijk? Mag dat? Het is een heel schimmig gebied allemaal wat hier plaatsvindt en daar zou ik graag wat meer helderheid op willen hebben. Ik hoop dat het een antwoord is voor de VVD en voor D66 als voorbeelden. Wethouder KLAASSE: Dank u voorzitter. Eerst voor de aanvullende vragen. Wij hebben volgens mij al deze spelregels om ook uitleggen aan beginnende ondernemers. Op het moment dat ze er al zitten kan het al mogelijkerwijs te laat zijn. Mensen kunnen het wel vinden op onze website maar dan moeten ze actief op zoek gaan. Ik ben het helemaal met u eens dat in eerste instantie eigenaren hier een hele belangrijke rol hebben want eigenaren weten als het goed is precies wat er wel of niet kan in hun bedrijf en dat zullen ze dan ook echt goed met hun nieuwe huurders moeten bespreken. En makelaars moeten ook niet denken ik kan gelijk een ruimte verhuren. Die moeten gewoon ook netjes aangeven wat er wel kan en wat er niet kan. Sommige makelaars doen dat overigens ook altijd heel netjes en

8

sommige makelaars of ze weten de regels niet of ze zijn gewoon blij dat ze een ruimte kunnen verhuren maar ze hebben daar zeker een verantwoordelijkheid in. Als het gaat om goh, pas in 2028. Ja, eigenlijk in 2028 en er gebeurt ook vrij weinig want ik gaf al aan, het is beleidsneutraal. Dus we gaan eigenlijk nog niet echt andere regels toepassen. We gaan geen detailhandel toestaan wat we ook niet in onze detailhandelsvisie aangeven. Misschien dat er in de sportnota nog iets spannends gaat komen wat iets over bedrijventerreinen zegt maar misschien ook niet. Dat gaan we horen en daar gaat u als raad uiteindelijk ook over besluiten. Dus er zal niet heel veel gebeuren. Behalve op een gegeven moment zoals bijvoorbeeld bij de flitsbezorgers. Dat we zien van nog meer opslagunits voor consumenten. Is dat wel wenselijk op het bedrijventerrein? Daar zouden we een besluit over kunnen nemen maar dat zou dus ook los kunnen gaan ten opzichte van de aanpassing van het omgevingsplan. Dat is iets wat ik me kan voorstellen en misschien ook wel het beperken van bedrijfsverzamelgebouwen. Op het moment dat er steeds meer van dit soort functies komen waarvan we zeggen dit is niet heel wenselijk.

Dan hebben we toch liever grote bedrijven met loodsen waar ook enige industrie kan plaatsvinden want als we dat niet doen, dan is er straks in deze hele regio geen enkele plek meer waar deze bedrijven terecht kunnen en het bijt elkaar qua bedrijfsactiviteiten en dat is ruimtelijke ordening dat je dat van gebied tot gebied gewoon goed regelt en dat je er geen rommeltje van maakt. Even wat voorbeelden. Sportscholen. Dat is best een goed voorbeeld van meneer Sikking hoe je op een gegeven moment misschien op een glijdende schaal gaat zitten. Sportscholen zijn niet toegestaan. Het is heel interessant op een bedrijventerrein een sportschool te starten want het is gewoon heel erg goedkoop. Dus er zijn heel veel verzoeken geweest. Tientallen verzoeken voor sportscholen. Een hele tijd terug is er gezegd eigenlijk is het toch wel fijn als er misschien op elk bedrijventerrein één sportschool wordt toegestaan want dan kunnen de mensen die werken op dat bedrijventerrein naar de sportschool. Uiteindelijk is daar dus rek toegepast. Op beide bedrijventerreinen één. Bij één bedrijventerrein viel er een sportschool weg en kwam er een aanvraag op het andere bedrijventerrein en toen hebben we gezegd van rek en de regels, weet je wat? We zeggen gewoon twee sportscholen op alle bedrijventerreinen. Dus dan kunnen er ook twee op het ene bedrijventerrein komen. En dat is op dit moment de regel.

Je kunt nog zeggen van zou er misschien nog een derde of vierde sportschool aan moeten worden toegevoegd. Dan ga je op een gegeven moment voorbij aan het feit dat je hier ook voor de bewoners van Diemen juist sportscholen in de bebouwde omgeving wil hebben. Dus het is gevaarlijk om op een gegeven moment dingen toe te gaan staan want dan ga je een glijdende schaal krijgen. Ik denk dat het op zich wel kan twee sportscholen. Misschien met terugwerkende kracht zijn er ook wel een aantal ambtenaren in huis die zeggen hadden we dit maar nooit gedaan. Opleidingsinstituten, die zijn niet toegestaan. Er gaan geen scholen, anders hadden we daar wat mij betreft al lang een middelbare school gehad. Dat is daar gewoon niet passend, want we willen daar niet dat er allemaal kinderen of jongvolwassenen op de fiets naartoe gaan maar we hebben een uitzondering gemaakt voor een bouw-mbo. Bouwen, dat doe je ook zeg maar niet naast het winkelcentrum, dat doe je op een bedrijventerrein. Dus dit is typisch een opleidingsinstituut wat juist op een bedrijventerrein te vestigen is. Maar ja, andere opleidingsinstituten vinden we daar weer niet wenselijk. Totdat er misschien een aanvraag komt waarvan we denken van dat doen we ook liever niet in een woonwijk. Dat zou misschien juist weer wel op een bedrijventerrein kunnen. En dan ga je dus een aanpassing toestaan. Volgens mij had u nog een voorbeeld.

O ja, verkoop aan consumenten. Dat is inderdaad niet toegestaan. Wel het uitsturen bijvoorbeeld van een webshop. Business to business. Er komen wel mensen op een bedrijventerrein. Er komen wel klanten en die kijken dan bijvoorbeeld naar een showroom en die nemen dan gelijk voor 25 warenhuizen producten mee. Dat is iets anders dan als er één iemand komt voor. En ja, u heeft misschien wel eens voorbeelden van dat het wel gebeurt. Maar ja, dan moeten we handhavend optreden. Dat is hetzelfde als je op de snelweg 180 kilometer per uur rijdt. Sommige mensen worden gepakt en sommige mensen worden niet gepakt maar in principe is dat niet toegestaan, het ophalen van producten. 9

1.H

Vaststellen notulen 18 september 2025

De VOORZITTER: Het vaststellen van de notulen van 18 september 2025. Akkoord. 1.I

Bestuurlijke termijnagenda

Mevrouw VOERMANS: Dank u voorzitter. Ik zou willen vragen of het onderwerp deelmobiliteit van de VRA opnieuw op de bestuurlijke termijnagenda geplaatst kan worden en wanneer we dit kunnen bespreken. De VOORZITTER: Dan moet u een verzoek doen aan het presidium. Ik neem aan dat u bedoelt dat u het presidium wilt verzoeken dat op de agenda te plaatsen. Dan moet u dat onderbouwd doen met de argumentatie waarom u het wilt bespreken en wanneer. Mevrouw VOERMANS: Maar het stond eerst op de agenda en toen is het er afgehaald. Dus ik dacht dat het er dan opnieuw zou komen maar het loopt via het presidium, begrijp ik dus. De VOORZITTER: Als het is afgedaan eerder, dan had u op dat moment kunnen ageren. Want er staat elke keer van de agenda af en op dat moment kunt u dan ook zeggen we vinden het nog niet van de agenda af. O, sorry. Nee, dan ben ik abuis. Oké. Dan gaan we daar even naar kijken waarom dat van de agenda is afgevoerd. 1.J

Overzichten openstaande moties en toezeggingen

De heer SIKKING: Dank u voorzitter. 1J.74 Dat gaat over de achttien nieuwe sociale huurwoningen in Plantage de Sniep en bij de Rietschuur. Daar wordt gezegd in gesprekken met de wooncorporaties zet de gemeente in op het toewijzen van negen woningen aan jongeren uit Diemen. We koppelen hierover terug als meer informatie bekend is. Maar volgens mij staan die woningen er al en is er al dan meer informatie? De VOORZITTER: Ik weet niet of we daar direct op kunnen reageren, anders komen we daar even schriftelijk op terug. We komen er even schriftelijk op terug op korte termijn. 2.

Intrekking voorkeursrecht op gronden Holland Park Zuid Steigerblok

De heer ADVOKAAT: Dank u voorzitter. De vergadering zou eindigen, sluiting acht uur staat er. We zijn al over tijd. Als u onderaan de agenda kijkt, staat er acht uur. Maar ik wou ook geen Amerikaanse senator aanhalen die een speech houdt van 48 uur en nog langer. In ieder geval in de raadsvoordracht hebben wij gelezen AM en de hogescholen hebben onderling een koopovereenkomst gesloten en de overdracht van de grond gaat plaatsvinden als InHolland klaar is met slopen van het huidige schoolgebouw. Het college wil meewerken aan het verzoek van AM en heeft in principe medewerking verleend onder de volgende voorwaarden. Het schriftelijk gereed melden door AM van de sloop van de voormalige opstallen van de Hogeschool InHolland. De gemeente heeft deze sloopgereedmelding na de zomervakantie van de ontwikkelaar ontvangen. Dat was voor ons aanleiding om vragen te stellen want er staat nog een gedeelte. En daarom stelden wij vragen met als antwoord waarom. Het betreft een zogenaamd zomerverblijf voor vleermuizen was het antwoord. Ja, dat klinkt komisch want je denkt een zomerverblijf, dan kunnen we enkel terugvinden bij trekvogels. Die vliegen dan naar het zuiden toe en vleermuizen houden gewoon een winterslaap en trekken niet naar het zuiden. De sloop van het laatste deel van het gebouw kan op het moment van schrijven ieder moment hervat worden staat er in de beantwoording.

Van de omgevingsdienst hebben wij echter begrepen dat de activiteiten nog niet hervat zijn. Het feit dat het gedeelte van het gebouw er nu nog staat is in tegenspraak met de raadsvoordracht om de genoemde 10

sloopgereedmelding. Al met al, in die tussentijd lopen wel de kosten aardig op voor de ontwikkelaar en aangezien die winterslaap, die vleermuizen pas in het voorjaar weggelokt kunnen worden uit hun huidige verblijf zal het nog wel even duren. Dus wij vroegen ons af en maken ons eigenlijk ook zorgen over van als je dat voorkeursrecht opzegt en de ontwikkelaar denkt van ja, maar de kosten lopen zo de pan uit. Ik kan het nu verkopen en dan ben ik uit mijn kosten. Is het dan wel verstandig om dat voorkeursrecht nu al op te zeggen? Graag een reactie. Mevrouw KUILMAN: Voorzitter. Is dit niet een heel erg technische vraag eigenlijk want we gaan vandaag een besluit nemen? We hebben dit al een keer in de informatieve raad besproken. Ik kan me ook goed voorstellen dat het college wellicht blij was geweest als deze vraag technisch was gesteld. Dan hadden ze zich nog wat meer kunnen verdiepen in de vleermuizen en hun winterslaap. De VOORZITTER: Het is een beetje een derde ronde technische vragen zou ik bijna stellen. Het is redelijk technisch inderdaad. Maar goed. Ik geef nog even de ruimte maar ik... De heer ADVOKAAT: Waarom is het technisch? Aan de ene kant het gebouw is nog niet gesloopt. Ik heb het feitelijk nog nagekeken vandaag. Het staat er nog. En toch staat er in de raadsvoordracht als argument er is een sloopverklaring afgegeven.

Dus wat is daar technisch aan? Het klopt niet of het klopt wel? En verder vroegen ons we af welke risico’s we lopen. Verder over dat appartementenrecht. Er staat slechts een eenmalige ontheffing van het voorkeursrecht zou ervoor zorgen dat bij doorverkoop van AM en haar rechtsopvolger er nog steeds een voorkeursrecht drukt op het appartementenrecht. Vandaar het verzoek van AM om het voorkeursrecht volledig te laten vervallen. Enkel het woordje volledig ontbreekt totaal in het dictum. Dus ik vroeg mij af is dat wel correct maar ik ben geen jurist, dus ik ben benieuwd wat de opmerkingen zijn. Wethouder EVERHARDT: Dank u voorzitter. Om op de eerste vraag terug te komen. Zoals wij het begrepen hebben gaat het inderdaad om een zomerverblijf van de vleermuizen en kan de sloop hervat worden zo in september, oktober en daar wachten we dus nu op. En wij gaan ervan uit dat de start bouw in februari gaat beginnen. Dus wij gaan nog steeds uit van het gegeven dat de sloop van het laatste stukje van het gebouw, dat dat inderdaad op het punt staat om te beginnen en mocht u nog meer willen weten over vleermuizen. Dan zit de expert links naast mij en hij kan het een en ander vertellen over dierenwelzijn en wat dies meer zij en dus ook alles over vleermuizen. Dus mocht u daar behoefte aan hebben, dan geef ik graag het woord even aan mijn geachte collega Batman.

De VOORZITTER: We kunnen ook een bijpraatsessie organiseren. Wethouder EVERHARDT: Natuurlijk. Lijkt me ook een heel goed plan. Dat punt van dat voorkeursrecht. Dat volledig intrekken. Als dat eenmalig is, dat heeft u kunnen lezen in het antwoord, dan is dat nog niet netjes afgedekt en dat is ook de reden waarom we nu een volledige intrekking willen zodat het ook de projectontwikkelaar vrij staat om in de toekomst te kunnen verkopen wanneer dat nodig is. Dus dat is de reden. Volgens mij, voorzitter, staat het keurig netjes omschreven in het antwoord. Wethouder VAN DEN BERG: Voorzitter. Ik zei alleen tegen collega Everhardt dat als het kan helpen in de discussie want ik had het idee dat meneer Advokaat het woord zomerverblijf in de verkeerde context plaatste met betrekking tot de vleermuis want een zomerverblijf is voor de vleermuis daadwerkelijk in de zomerperiode. Dan hebben zij hun kraamtijd en dan zoeken ze juist de warmere plekken op, de beschutting op om hun jongen te kramen en op te laten groeien. En in het winterverblijf in de winter daadwerkelijk gaan zij in winterslaap en in het voorjaar en het najaar wisselen zij dus ook hun reis tussen zomeren winterverblijf. Dus dat eventjes als technische toelichting met betrekking tot de vleermuis. 11

De heer ADVOKAAT: Voorzitter. Daar kan wel lacherig over gedaan worden maar er staat gewoon een onjuistheid in de raadsvoordracht en dat vind ik een beetje richting fabeltjeskrant-achtige kant opgaan. Ik bedoel als raad moeten we juist geïnformeerd worden. Op een correcte, feitelijke goede manier en dat is niet gebeurd. Dus we kunnen daar wel grapjes over maken maar ik denk dat we toch niet serieus bezig zijn. De heer POELWIJK: Voorzitter. Het zijn hele grote woorden van de heer Advokaat maar wat is er nou mis dan? Er wordt hier uitgelegd wat er aan de hand is. Dat u een ander zomerverblijf in gedachten had dan wat werkelijk het zomerverblijf was en vervolgens gaat u helemaal los over dat het niet zou kloppen en dat we onjuist geïnformeerd zijn. Welk stukje klopt dan niet? De heer ADVOKAAT: Dank u voorzitter. Het stukje klopt dat in de raadsvoordracht staat dat de gemeente heeft deze sloopgereedmelding na de zomervakantie van de ontwikkelaar ontvangen. De sloop is nog niet gereed. De heer POELWIJK: En er is de heer Advokaat precies uitgelegd hoe het vervolg eruit zal zien. Dat is opgehelderd. Volgens mij is het probleem opgelost. Laten we hiermee instemmen. Applaus. De heer ADVOKAAT: U ziet blijkbaar de risico's die wij wel zien niet in. En daarnaast had ik een vraagje waarom het woordje volledig ontbreekt in de gevraagde beslissingen en dat ging over dat appartementenrecht.

U hoeft me niet uit te leggen hoe dat werkt. Waarom mis ik het woordje volledig? Wethouder EVERHARDT: Dank u voorzitter. Als ik kijk naar hoe het nu in de beantwoording staat, dan staat er er wordt voorgesteld om het voorkeursrecht op dit perceel in te trekken. Dat houdt in zich dat dat een volledige intrekking is maar als u daar heel erg aan hecht dat dat woordje erin komt te staan, dat lijkt me niet bezwaarlijk maar het houdt in zich dat het volledig wordt ingetrokken en dat het dus niet eenmalig is. De VOORZITTER: Dit is gewoon een goede formulering. Dus ik stel voor dat we nu niet amendementen gaan indienen die niet nodig zijn. Dus dit klopt juridisch gewoon. Oké. De heer ADVOKAAT: Ik heb wel het antwoord op het risico wat we lopen? Wethouder EVERHARDT: Voor zover voorzitter mij bekend lopen wij geen enkel risico. Dus daar wil ik het even bij laten. De heer ADVOKAAT: Dank u voorzitter. Is er voldoende dekking volgens u dat als we het nu intrekken en er blijkt dat er toch nog vleermuizen in die restanten van het gebouw zitten en het wordt pas van de zomer dat AM zich houdt aan de aanspraken. Heeft u daar voldoende afspraken over gemaakt dat dat zo is? Wethouder EVERHARDT: Voorzitter.

Ik ben zelf persoonlijk niet bij deze afspraken betrokken geweest maar wat ik heb gehoord vanuit de afdeling is er niets wat op dit moment erop wijst dat we daar een risico lopen en zijn de afspraken heel helder gemaakt en wordt de sloop hervat en kunnen wij straks in het nieuwe jaar beginnen met de start bouw. De VOORZITTER: Dan ga ik nu naar de besluitvorming. Nog behoefte aan een stemverklaring? Nee, dan gaan we het in stemming brengen en dan kijk ik even naar de heer Advokaat of wij het in stemming moeten brengen of dat iedereen zich kan vinden in het voorliggende raadsvoorstel.

12

De heer ADVOKAAT: Dank u voorzitter. Er staat gewoon een fout in. Vandaar dat ik niet voor zal stemmen. De VOORZITTER: Volgens u zit er een fout in, even voor het verslag. We hebben de stemming geopend voor dit raadsvoorstel Intrekking voorkeursrecht op gronden Holland Park Zuid Steigerblok. U kunt nu uw stem uitbrengen. Uitgebracht zijn 21 stemmen. Voor 19 stemmen en 2 stemmen van Ons Diemen tegen. Het voorstel is aangenomen. Dan gaan wij naar het hamerstuk. 3.A

3e kwartaalbrief 2025

De VOORZITTER: Akkoord. En dan sluit ik hierbij de vergadering en ik wens u nog een hele fijne avond. De vergadering is gesloten. 4.

Sluiting

De voorzitter sluit de vergadering om 20.55 uur. , de voorzitter , de griffier

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Diemen&id=1223f9f7-1846-4806-8f2e-b3643b2b98a2