Memo griffie wijzigingen WGR (1)
Tekst van het document
MEMO wijziging van de WGR Van: Onderwerp: Datum:
Griffie Wijzigingen in de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) 3 oktober 2023
Aanleiding Op 14 december 2021 heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel tot wijzing van de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) aangenomen. Aanleiding van dit wijzigingsvoorstel is gelegen in het gegeven dat gemeenteraden te veel afstand ervaren op samenwerkingsverbanden. Samenwerking betekent dat je een deel van je zeggenschap opgeeft voor een gezamenlijk doel dat via samenwerking wordt bereikt. Dit kan spanning opleveren met de wens van gemeenteraden om sturing te houden op wat er op afstand gebeurt. Veel van wat er in samenwerking gebeurt, wordt beschouwd als minder democratisch gelegitimeerd. Voor de democratische legitimiteit van die samenwerking is actieve betrokkenheid van gemeenteraden essentieel. De wetswijzing strekt ertoe de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen en de kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden bij taken die in gemeenschappelijke regelingen worden uitgevoerd te versterken. Om die versterking te bereiken is een aantal bestaande instrumenten van de volksvertegenwoordiging aangepast en uitgebreid. Dit memo geeft een overzicht van de belangrijkste wijzigingen.
Gemeenschappelijke regelingen waarin Diemen participeert. 1. Veiligheidsregio AmsterdamAmstelland 2. Vervoerregio Amsterdam 3. Groengebied Amstelland 4. Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied 5. Amstelland-Meerlanden overleg 6. Ombudsman Metropoolregio Amsterdam 7. Gemeentebelastingen Amstelland 8. Gemeenschappelijke regeling Openbare Gezondheidszorg Amstelland OGZ 9. Gemeentelijke Gezondheidsdienst (Veilig thuis) 10. Duo+
Wanneer? De nieuwe WGR is inwerking getreden op 1 juli 2022. Het deel van de wet dat rechten geeft aan volksvertegenwoordigers is direct ingegaan. Voor het andere deel (verplichtingen om bestaande gemeenschappelijke regelingen aan te passen) geeft de wet een implementatieperiode van 2 jaar, dus tot uiterlijk 1 juli 2024. De gemeenschappelijke regelingen waar de gemeente aan deelneemt zullen zelf met voorstellen komen tot aanpassing. De raad besluit voor zichzelf als deelnemer tot wijziging ervan.
Uitgebreide informatie De VNG heeft een handreiking uitgebracht: Verbeterde democratische legitimatie bij gemeenschappelijke regelingen? (vng.nl)
De belangrijkste wijzigingen op een rij Wijziging 1: Totstandkoming van de GR (artikel 1 WGR) Deze wijziging geldt alleen voor zgn. collegeregelingen. Om de raad een meer sturende positie te geven bij het treffen van een regeling tussen colleges wordt raden het recht gegeven een zienswijze naar voren te brengen bij een ontwerpregeling van colleges. Géen overgangsrecht. Wijziging 2: Regels met betrekking tot uittreding worden aangescherpt (artikel 9 WGR) De voorwaarden voor uittreding moeten zijn geregeld in de regeling zelf. Toegevoegd is dat in ieder geval afspraken moeten worden gemaakt over de gevolgen voor het vermogen van de rechtspersoon, waarbij moet worden gedacht aan afspraken over personeel, contracten, huisvesting en investeringen. Overgangsrecht: 2 jaar Wijziging 3: Uitbreiding zienswijzeprocedure (artikel 10 lid 5 en WGR) Met deze wijziging wordt de verplichting geïntroduceerd om in de regeling afspraken te maken over besluiten waarop door het bestuur van de regeling een zienswijze aan de raden wordt gevraagd. Hiermee wordt bereikt dat gemeenteraden hun opvatting kenbaar kunnen maken over bepaalde voorgenomen besluiten voordat het besluit is genomen. De verplichting om een zienswijze te vragen aan de raden gold eerder alleen voor de begrotingsprocedure.
Het is nu mogelijk dit ook voor andere besluiten te regelen, zoals besluiten met een aanzienlijk financieel belang, politiek gevoelige besluiten of beleidsmatige keuzes. De regering heeft er voor gekozen om niet dwingend voor te schrijven voor welke besluiten een zienswijze aan de raden moet worden gevraagd, maar dit over te laten aan de deelnemers en de raden. Overgangsrecht: 2 jaar Wijziging 4: Burgerparticipatie/inspraak (artikel 10 lid 7 en 8 WGR) Deze wijziging ziet erop dat in elke regeling wordt afgesproken hoe om te gaan met burgerparticipatie. Dat kan nog steeds inhouden dat deze mogelijkheid niet geboden wordt, maar dat is dan een bewuste keuze, waar de gemeenteraad mee dient in te stemmen. Overgangsrecht: 2 jaar Wijziging 5: Evaluatiebepaling (artikel 11a WGR) Er moeten in de regeling afspraken staan over evaluatie van de regeling. Wat, hoe en hoe vaak er geëvalueerd wordt, is aan de deelnemers van de regeling. Er kan ook bepaald worden dat er niet geëvalueerd wordt. Overgangsrecht:2 jaar Wijziging 6: Actieve informatieverplichting (artikel 17 WGR) Deze bepaling is vergelijkbaar met de actieve informatieplicht van het college aan de raad zoals nu al geldt in de Gemeentewet. Deze verplichting richt zich niet alleen op informatie over te nemen besluiten, maar betreft alles dat de raad behoort te weten om zijn taak goed te kunnen vervullen. De
WGR bevatte reeds een passieve informatieverplichting: ieder raadslid kan vragen stellen. Hier komt dus een actieve informatieverplichting bij: AB, DB en voorzitter moeten raden van de deelnemende gemeenten actief informeren over alles wat de raden nodig hebben voor de uitoefening voor hun taken. Hoe invulling wordt gegeven aan de actieve informatieverplichting, moet worden geregeld in de regeling zelf. Overgangsrecht: 2 jaar Wijziging 7: De mogelijkheid een gemeenschappelijke raadscommissie/Adviescommissie in te stellen (artikel 24a WGR) De gemeenschappelijke adviescommissie kan worden ingesteld ter behartiging van de belangen van de raden van de deelnemende gemeenten bij het openbaar lichaam: zij heeft een adviserende rol richting het algemeen bestuur van het openbaar lichaam en een voorbereidende rol in de besluitvorming van de raden. Iedere deelnemer moet instemmen met het instellen van een gemeenschappelijke raadscommissie en het AB is verplicht deze dan in te stellen. Het AB kan dit alleen maar op initiatief van de raden. Overgangsrecht: directe werking Wijziging 8: Wijziging data en termijnen van de P&C cyclus. o De Kadernota en voorlopige jaarrekening moeten voor 30 april naar de raden worden gestuurd (dit was 15 april).
o De Ontwerpbegroting moet uiterlijk 12 weken voordat deze aan het AB wordt voorgelegd, aan de raden worden aangeboden voor een zienswijze (dit was 8 weken). Overgangsrecht: directe werking. De wet geeft de uiterste termijnen.
Wat betekent dit? De herziening van de Wgr brengt dus met zich mee dat besturen van de GR en de gemeenten die deelnemen per regeling een aantal zaken moeten bespreken: Komt er wel of niet een Gemeenschappelijke adviescommissie voor het algemeen bestuur? Komen er extra mogelijkheden voor de raden voor het geven van een zienswijze aan het bestuur? Welke participatiemogelijkheden komen er voor belanghebbenden? Hoe wordt inhoud gegeven aan de actieve informatieplicht van het algemeen en dagelijks Bestuur en ook van de voorzitter in de richting van de raden? Hoe ziet de uitwerking en concretisering van de financiële voorwaarden voor een eventuele uittreding eruit?