CConstaterende datDiemen
Koppel je AI →
Document · PDF

Meicirculaire 2024 Diemen

Gemeenteraadsvergadering 18 juli 2024, gemeente DiemenBij agendapunt: Tweede Kwartaalbrief 20243.879 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Colofon Duo+ Vondelstraat 1 1191 BD Ouderkerk aan de Amstel Postadres Postbus 35 1190 AA Ouderkerk aan de Amstel Telefoon (0297) 51 32 32 Fax (0297) 51 32 32 BTW-nummer 854833171BO1 KvK-nummer 62475436

Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

2

Inhoud Advies ............................................................................................................................................... 4 Samenvatting .................................................................................................................................... 4 Toelichting mutaties meicirculaire 2024 .............................................................................................5 Tabel mutaties Meicirculaire...........................................................................................................5 Toelichting mutatie maatstaven en uitkeringsfactor ..................................................................... 6 Toelichting effect WOZ maatstaf ................................................................................................... 7 Toelichting Accresontwikkeling...................................................................................................... 7 Schrappen opschalingskorting ...................................................................................................... 8 Afrekening BCF plafond 2023 ........................................................................................................ 8 Compensatie hervormingsagenda Jeugd 2025 ..............................................................................

8 Taakmutaties ................................................................................................................................ 9 Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden ........................................................ 9 Werkdrukverlaging jeugdbescherming ...................................................................................... 9 (Vrijval reservering) compensatieregelingen Voogdij 18+ .......................................................... 9 Landelijke Vreemdelingen Voorziening .................................................................................... 10 Overige mutaties ...................................................................................................................... 10 Integratie- en decentralisatie uitkeringen ..................................................................................... 10 Armoedebestrijding kinderen ................................................................................................... 10 Uitvoeringskosten Omgevingswet (voordeel, incidenteel) ....................................................... 10 Participatie ...............................................................................................................................

10 Overige ontwikkelingen ................................................................................................................... 10 Aanvullende besparing hervormingsagenda Jeugdzorg (€ 511 mln.) vanaf 2026....................... 10 Indexatie Wmo voor stijgende zorgkosten................................................................................ 11 Inzet specifieke uitkeringen ...................................................................................................... 11 Toezicht en handhaving aanpassing kwaliteitseisen kinderopvang .......................................... 12 Herijking gemeentefonds ......................................................................................................... 12

Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

3

Advies -

De financiële consequenties 2024 te betrekken bij de kwartaalbrief 2024; De financiële consequenties 2025 en verder te betrekken bij het opstellen van de Kadernota 2025; Kennis te nemen van de overige ontwikkelingen van deze circulaire/memo; De organisatie te informeren over de uitkomsten/memo.

Samenvatting

Het gemeentefonds is veruit de belangrijkste inkomstenbron voor gemeenten en dus van groot belang voor de financiële kaders voor het opstellen van de meerjarenbegroting 2025 – 2028, maar ook voor de actualisatie van het huidige dienstjaar 2024. De meicirculaire1 geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid. Zoals te doen gebruikelijk wordt hierin ook de bijstelling van het accres meegenomen. Deze hebben voornamelijk betrekking op de loon- en prijsontwikkeling. De memo gaat over de uitwerking van de meicirculaire, specifiek vertaald naar de gemeente Diemen. Omdat het huidige kabinet ten tijde van het opstellen van de Voorjaarsnota demissionair is, zijn de beleidsinhoudelijke mutaties in het gemeentefonds beperkt. Wel zijn reeds toegezegde (taak)mutaties opgenomen, alsmede de ontwikkeling van de uitkeringsfactor en de actualisatie van het rekentarief voor de maatstaf WOZ.

De belangrijkste mutaties als gevolg van de meicirculaire worden samenvattend veroorzaakt door: - Aanpassing en actualisering maatstaven, inclusief de WOZ-waarde mutatie (voordelig, structureel); - Aanpassing van de uitkeringsfactor door actualsaitie maatstaven (voordelig, structureel); - Accresontwikkeling op basis van de nieuwe methodiek; - Schrappen opschalingskorting vanaf 2026 (voordelig, structureel); - Vrijval ruimte btw-compensatiefonds 2025 (voordelig, incidenteel); - Compensatie aanvullende besparingen hervorminsagenda jeugdhulp van € 511 mln. in 2025 (voordelig, incidenteel); - Diverse taakmutaties van Rijk naar gemeenten, waaronder oa: o Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden (voordelig, structureel); o Werkdrukverlaging jeugdbescherming (voordelig, structureel); o Vrijval reservering compensatieregelingen Voogdij 18+ (voordelig, structureel); o Compensatieregeling niet beoogde kosten jeugdzorg 2024 (nadelig, incidenteel); o Landelijke vreemdelingenvoorziening 2024 (nadelig, incidenteel); o Uitvoeringskosten Omgevingswet 2024 (voordelig, incidenteel); o Participatie (re-integratie) (voordeling, structureel). Er zijn in deze circulaire uiteraard geen financiele consequenties van het hoofdlijnenakkoord opgenomen. Voor een uitgebreidere inhoudelijke toelichting op de mutataties wordt verwezen naar het hoofdstuk Toelichting mutaties Meicirculaire 2024.

De voordelige verwerking van de inkomsten met betrekking tot de Hervormingsagenda Jeugd, hebben een directe relatie hebben met de uitgaven Jeugd binnen de begroting. Dit vanuit de 1

Meicirculaire 2024 Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

4

gedachte dat de maatregelen in de hervormingsagenda ook een daling van uitgaven met zich mee zou moetenl brengen. Voor 2025 is aangegeven dat de besparing vanuit de hervormingsagenda niet gerealiseerd kan worden, waardoor gemeenten weer gecompenseerd worden in het gemeentefonds. De inkomsten en uitgaven dienen voor het effect op de begroting dan ook in samenhang beoordeeld te worden. De provinciaal toezichthouder adviseert deze systematiek voor de begroting te hanteren. In het hoofdstuk “overige ontwikkelingen” staan de laatste ontwikkelingen met betrekking tot de invulling van deze taakstelling. Bovenstaande leidt samengevat in totaal tot de volgende mutaties in het gemeentefonds voor de (meerjaren) begroting 2024 – 2028:

Leeswijzer Er zijn veel ontwikkelingen gaande op het gebied van gemeentelijke financiën en het gemeentefonds. Een nieuwe samenstelling van de 2e kamer, de kabinetsformatie die bij het verschijnen van deze circulaire nog in volle gang is , de oorlog in de Oekraïne, de onzekerheid over de herijking van het gemeentefonds op middellange en lange termijn en het vormgeven van de hervormingsagenda binnen de jeugdzorg maakt dat de berichtgeving van vandaag de volgende dag al weer is aangevuld of toch weer anders is. De informatie bij de meicirculaire is dan ook een momentopname en geeft een vertaling van de Voorjaarsnota van het Rijk .Daarnaast bevat de memo een actualisatie van de belangrijkste ontwikkelingen die op het moment van samenstelling bekend zijn. Om deze reden wordt er bij deze memo een onderscheid gemaakt tussen ‘wat is nodig’ en ‘wat is zinvol om te weten’. Het onderdeel ‘wat is nodig’ is opgenomen onder het hoofdstuk Toelichting mutaties meicirculaire 2024 en het onderdeel ‘wat is zinvol’ onder het hoofdstuk ‘Overige ontwikkelingen’. Dit uitdrukkelijk met de opmerking dat de onderdelen onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn om een totaalbeeld van de ontwikkelingen binnen het gemeentefonds te kunnen hebben.

Toelichting mutaties meicirculaire 2024 Uitgangspunten berekening

De berekeningen zijn gemaakt op basis van de maatstaven in de laatst bekende specificatie nr. 3 per 24-05-2024 van het Ministerie BZK. Nog niet alle maatstaven zijn met de status “definitief” verwerkt, wat wil zeggen dat voor die onderdelen nog mutaties kunnen komen met een financiele impact. Deze effecten lopen mee bij de volgende circulaires later dit jaar. Om een goed structureel beeld te krijgen van de inkomsten is er voor 2025 en verder een prognose gemaakt van de belangrijkste maatstaven met de grootste financiele impact.

Tabel mutaties Meicirculaire (bedragen x € 1.000)

Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

5

Toelichting mutatie maatstaven en uitkeringsfactor

Hoeveelheidsverschillen Het gemeentefonds wordt berekend op basis van diverse maatstaven. Aan de hand van de laatste specificatie van het Ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK) zijn de maatstaven geactualiseerd. Daarnaast is met betrekking tot de maatstaven met de grootste financiele impact een prognose gemaakt voor de jaren 2025 en verder. Dit is gedaan als gevolg van een te verwachte groei door woningbouw en de daarmee aanpalende maatstaven. Hierdoor zijn positieve hoeveelheidsverschillen ontstaan. Ontwikkeling uitkeringsbasis (Uitkeringsfactor) De uitkeringsbasis wordt gebaseerd op de aantallen van maatstaven vermenigvuldigd met een prijs per eenheid die daaraan is gekoppeld. De uitkeringsbasis wordt vervolgens vermenigvuldigd met de uitkeringsfactor om zo het totaal beschikbare bedrag binnen het gemeentefonds te kunnen verdelen.

Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

6

Wanneer de omvang van het gemeentefonds en/of de prijs per eenheid van de maatstaven dus wijzigt, zal ook de uitkeringsfactor wijzigen.

Toelichting effect WOZ maatstaf Gemeenten worden op de algemene uitkering gekort voor de maatstaf WOZ-waarde. Uitgangspunt is daarbij dat gemeenten waar de WOZ waarde gemiddeld hoger ligt, de financiele draagkracht van inwoners beter is en gemeenten dus ook in staat zijn om meer eigen inkomsten uit OZB te realiseren. Deze korting wordt berekend op basis van een gemiddeld rekentarief vermenigvuldigd met de totale WOZ waarde. Het rekentarief wijzigt als gevolg van een landelijke gemiddelde waardestijging van woningen en door inflatie. De bijstelling van het rekentarief volgt ten eerste de gemiddelde landelijke WOZ waarde stijging. Als de WOZ waarde ontwikkeling stijgt, daalt het rekentarief voor de korting en vica versa. Hiermee wordt de stijging (of daling) als effect op de korting op de algemene uitkering voor woningen geëlimineerd. Wanneer de inschatting van de ontwikkeling van de WOZ waarde hoger is dan het landelijke gemiddelde, wordt deze dus niet geëlimineerd in het rekentarief en leidt tot een hogere korting. Daar staat volgens de werking van deze methodiek (draagkrachtbeginsel) dan wel tegenover dat gemeenten dan theoretsich meer inkomsten uit OZB zouden kunnen behalen. Ten tweede wordt het rekentarief gecorrigeerd voor inflatie. Als de inflatie stijgt, stijgt ook het rekentarief (en daarmee de korting op het gemeentefonds).

Het Rijk gaat er vanuit dat gemeenten in hun tariefstelling OZB rekening houden met inflatie, waardoor deze korting geen effect hoeft te hebben op het begrotingsresultaat. In de meicirculaire is rekening gehouden met een gemiddelde landelijke WOZ waarde stijging van respectievelijk 3,5% en 1,25% voor woningen en niet-woningen. Daarnaast wordt er gerekend met een inflatie van 6,3%. In 2025 stijgt daarmee het rekentarief voor Woningen met 2,705% 2 en niet woningen met 4,988%3 .

Toelichting Accresontwikkeling Het accres is te splitsen in een nominaal deel (LPO) en een reëel deel (Volume). Het nominale deel betreft met name compensatie als gevolg van stijgingen door Loon-en prijsontwikkelingen, waardoor gemeenten in staat zijn hun taken te kunnen blijven bekostigen. Het reële deel betreft de compensatie voor de volume ontwikkeling en was altijd de uitkomst van de normeringssystematiek ‘trap op/trap af’. Het reële deel was daarmee eigenlijk de netto koopkracht van de gemeente. De normeringssystematiek zou in stand blijven tot en met 2025. Echter, op het bestuurlijk overleg financiële verhoudingen van 8 juni 2022 heeft het VNG, mede namens de gemeenten, ingestemd met het voorstel om het volume-accres van het gemeentefonds tot en met 2025 te bevriezen op de stand Voorjaarsnota 2022 van het Rijk4. Voor 2026 is eenmalig een compensatie van het volumeaccres gegeven. Methode accresontwikkeling tot deze meicirculaire De loon- en prijsontwikkeling in het accres voor het nominale deel werd volgens de oude methodiek door middel van een gecombineerde index bijgesteld. De grondslag waren respectievelijk de CPBindices voor de loonvoet sector overheid, de prijsontwikkeling materiele overheidsconsumptie (IMOC) en de prijsontwikkeling bruto overheids-investeringen (IBOI) op basis van een 60/20/20 2 3 4

Woningen = (1,063/1,035) - 1 = 2,705% Niet-woningen = (1,063/1,0125) – 1 = 4,988% Bevriezen volume-accres 2022-2025 (volume ontwikkeling)

Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

7

verhouding. Het LPO accres zou op basis van een nieuwe systematiek vanaf 2026 geindexeerd worden op basis van het lopende Pbbp index van het betreffende jaar. Tot en met 2025 was het volumeaccres bevroren. Voor 2026 is eenmalig een compensatie van het volumeaccres gegeven (€ 1,3 mrd.). Vanaf 2027 zal het gemeentefonds niet langer via de normeringssystematiek “trap-op trap-af” meegroeien. Om meer stabiliteit te geven aan het accres is besloten om het volumedeel vanaf 2027 mee te laten groeien met de meerjarige ontwikkeling van het bruto binnenlands product. De volumeontwikkeling wordt dan gebaseerd op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het pbbp, waardoor het gemeentefonds minder schommelt. Methode accresontwikkeling vanaf deze meicirculaire Echter, in deze meicirculaire heeft het Rijk besloten om de indexering voor zowel het volume- als het LPO deel op basis van prijs bruto binnenlands product (Pbbp) naar voren te halen en al vanaf 2024 te gaan hanteren. Omdat het Pbbp index lager uitvalt dan de oude systematiek, zouden gemeenten hierdoor in 2024 en 2025 minder accres ontvangen. Er is daarom besloten om gemeenten voor 2024 dit effect volledig te compenseren, maar voor 2025 wordt dit effect slechts voor 50% gecompenseerd. Dit houdt in dat het accres in 2025 lager uitvalt dan waar eerder rekening mee was gehouden.

Samenvattend gevolgen accres Vanuit bovenstaande is samenvattend aan te geven dat: - Het accres voor 2024 en 2025 wordt vanaf deze circulaire ook berekend op basis van Pbbp index in plaats van de gecombineerde index; - Het nadelig effect hiervan ten opzichte van de gecombineerde index wordt volledig gecompenseerd, behalve voor 2025, waar deze voor 50% wordt gecompenseerd; - De totale accresmutatie 2024 per saldo dus bestaat uit de mutatie van het Pbbp ten opzichte van de septembercirculaire 2023; - Idem voor 2025 plus het effect van de lagere compensatie.

Schrappen opschalingskorting

Sinds 2015 worden gemeenten geconfronteerd met een korting op het gemeentefonds, die oploopt tot € 975 miljoen in 2026. Deze korting is opgelegd omdat gemeenten door gedwongen opschaling kosten zouden besparen. Sinds 2019 is een stand van de opschalingskorting bereikt van € 300 miljoen. In de meicirculaire 2024 is de oploop van de opschalingskorting vanaf 2026, een structurele uitname van € 675 miljoen, geschrapt.

Afrekening BCF plafond 2023

Het Btw-compensatiefonds (BCF) is opgericht om btw weg te nemen als factor in de afweging van decentrale overheden tussen uitbesteden en inbesteden (uitvoering door de eigen organisatie). Voor marktpartijen is er zo een eerlijke kans om bij gemeenten en provincies 'binnen te komen'. Decentrale overheden kunnen betaalde btw terugvragen bij het compensatiefonds. Dit compensatiefonds wordt gevoed door een verlaging van het gemeentefonds. Afgesproken is dat wanneer er meer of minder aanspraak wordt gemaakt op dit compensatiefonds, eventuele middelen aanvullend worden onttrokken dan wel terugvloeien naar het gemeentefonds. Voor 2023 is er een definitieve hogere onderschrijding dan was verwacht in de septembercirculaire, waardoor dit deel weer terug vloeit ten gunste van het gemeentefonds..

Compensatie hervormingsagenda Jeugd 2025

In het coalitieakkoord Rutte IV is een aanvullende besparing op Jeugdzorg opgenomen die oploopt naar structureel € 511 mln. vanaf 2027. De toezegging is gedaan dat het Rijk aan de lat staat voor het Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

8

realiseren van deze besparing waardoor gemeenten deze besparing op het gemeentefonds budgetneutraal moeten opnemen door eenzelfde besparing op de uitgaven Jeugd. De geraamde besparing van € 500 mln. in 2025 kan nog niet gerealiseerd worden, omdat de maatregelen die tot besparing moeten leiden nog niet zijn gerealiseerd. Daarom wordt incidenteel € 500 mln. toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. Hiermee worden gemeenten in de gelegenheid gesteld om de eerdere verlaging van de uitgaven eenmalig in 2025 terug te draaien.

Taakmutaties Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden (voordeel, structureel) Vanuit de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden5 heeft het kabinet via het gemeentefonds € 40 miljoen aan structurele middelen voor betere dienstverlening door gemeenten op het gebied van armoede en schulden beschikbaar gesteld6. Deze middelen zijn voor 2023 incidenteel aan gemeenten beschikbaar gesteld. De toekenning vanaf 2024 zal structureel plaatsvinden om gemeenten verder in staat te stellen om strategisch en doelgericht te handelen en hun activiteiten uit te breiden zoals het verdubbelen van het gebruik van schuldhulpverlening en het bevorderen van activiteiten om armoede onder kinderen te bestrijden. Werkdrukverlaging jeugdbescherming (voordeel, structureel) In oktober 2023 hebben het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) en de VNG een bestuurlijk akkoord gesloten over het verlagen van de werkdruk in de uitvoering van de jeugdbescherming en jeugdreclassering door de gecertificeerde instellingen (GI’s). Hiervoor is € 60 miljoen benodigd. Er is afgesproken dat er vanaf 2024 structureel jaarlijks € 30 miljoen beschikbaar komt voor deze werkdrukverlaging.

Dit akkoord is van kracht, tot het moment dat er een wettelijke regeling voor het Toekomstscenario is7 of een wettelijke regeling voor een landelijk tarief voor maatregelen van jeugdbescherming en jeugdreclassering8 in werking treedt, al dan niet als onderdeel van de Hervormingsagenda. (Vrijval reservering) compensatieregelingen Voogdij 18+ (2024 nadeel, incidenteel/ 2025 e.v. voordeel, structureel) In de meicirculaire 2022 is het budget van de integratie-uitkering Voogdij 18+ overgeheveld naar de algemene uitkering. Op de integratie-uitkering is bij het Rijk een reservering van € 32,1 mln. achtergebleven voor eventueel nog toe te kennen compensatieregelingen9. Door het nieuwe woonplaatsbeginsel krijgen gemeenten mogelijk te maken met niet-beoogde bekostiging van jeugdhulp met verblijf. De specifieke uitkering ‘compensatieregeling niet-beoogde kosten jeugdzorg’ heeft als doel gemeenten te compenseren voor deze kosten. Voor het verlenen van deze specifieke uitkering in 2024 wordt € 60 miljoen uit het gemeentefonds gehaald. Hiervan komt € 32,1 mln. vanuit de vrijval van de opgenomen reservering, het restant van 27,9 mln. wordt als negatieve taakmutatie onttrokken uit het gemeentefonds. Voor 2025 en verder wordt de reservering van € 32,1 mln. overgeheveld naar de algemene uitkering.

5

Aanpak geldzorgen armoede en schulden

6

Documentatoe aanpak geldzorgen armoede en schulden

7

Toekomstscenario kind en gezinsbescherming

8

Handreiking landelijk tarief en bekostiging

9

Specifieke uitkering niet beoogde jeugdzorgkosten

Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

9

Landelijke Vreemdelingen Voorziening (nadeel, incidenteel) Het pilotprogramma voor de Landelijke Vreemdelingen Voorziening (LVV) had oorspronkelijk een looptijd van 2019 tot en met 2021. In afwachting van een mogelijke structurele regeling heeft het kabinet, in overleg met de VNG, besloten de pilot te verlengen tot en met 31 december 2024. De middelen aan de gemeenten met een LVVvoorziening worden sinds 2022 verstrekt via een specifieke uitkering. Een gedeelte van deze specifieke uitkering wordt bekostigd door een uitname uit het gemeentefonds. Omdat de uitname in 2023 niet heeft plaatsgevonden, zijn in deze circulaire de uitnamen opgenomen voor zowel 2023 als 2024. Overige mutaties (voordeel, structureel) Diverese kleine taakmutaties < € 10.000..

Integratie- en decentralisatie uitkeringen Armoedebestrijding kinderen (voordeel, structureel) Vanaf 20217 is er € 85 mln. beschikbaar gekomen voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen (Klijnsmagelden). Jaarlijks vindt in de meicirculaire actualisatie plaats van de verdeling voor de komende jaren. De middelen worden verdeeld op basis van CBS-gegevens over kinderen met een kans op armoede. De verdeling over de gemeenten voor 2025 en verder is gebaseerd op gegevens over het jaar 2021. Uitvoeringskosten Omgevingswet (voordeel, incidenteel) (voordeel, incidenteel) De financiële middelen vanuit het Coalitieakkoord (CA) van het kabinet-Rutte IV worden ingezet voor het bereiken van de doelen van de Omgevingswet. Met het uitkeren van deze gelden in 2024 kunnen de ontvangende partijen in hun transitie ervoor zorgdragen dat ze aangesloten, geoefend en ingeregeld zijn en voldoen aan de in de Omgevingswet gestelde eisen. Er volgt nog een stelselevaluatie, waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten in kaart worden gebracht. Op de aanvullende post bij het ministerie van Financiën staat nog een reservering van in totaal ruim € 80 miljoen in 2025 voor gemeenten. Deze middelen zullen naar verwachting in een volgende circulaire worden toegevoegd aan het gemeentefonds.

De gemeenten ontvangen een uitkering op basis van een vast bedrag (15 procent van het totaal), het aantal inwoners (60 procent) en landoppervlak (25 procent). Participatie (voordeel, structureel) De omvang van de integratie-uitkering Participatie wijzigt als gevolg van de toekenning van de loonen prijsbijstelling 2024 (€ 113,3 mln. in 2024, aflopend naar € 93,7 mln. in 2029). De onderverdeling van de loon- en prijsbijstelling betreft de taken Wsw en beschut werk. Daarnaast is de verdeling over gemeenten geactualiseerd als gevolg van de aantallen binnen Wsw (mede in relatie tot blijfkansen) en beschut werk.

Overige ontwikkelingen Aanvullende besparing hervormingsagenda Jeugdzorg (€ 511 mln.) vanaf 2026 Over de invulling van de aanvullende taakstelling vanuit de hervormingsagenda Jeugd van € 511 mln. wordt in de huidige voorjaarsnota een andere invulling gegeven dan is beschreven in het hoofdlijnenakkoord van PVV/VVD/NSC en BBB.

Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

10

In de voorjaarsnota staat op pagina 33 onderdeel 36 opgenomen10: In het coalitieakkoord Rutte IV is een aanvullende besparing in het kader van Jeugdzorg (wat zowel jeugdhulp als jeugdbescherming en jeugdreclas sering omvat) van structureel 511 miljoen euro opgenomen. Het kabinet komt in augustus met een wetsvoorstel voor een eigen bijdrage met als beoogde inwerkingtreding 1 januari 2026. Het ministerie van VWS start parallel de internetconsultatie en uitvoeringstoetsen, die voor het einde van het jaar afgerond zullen zijn. Daarmee zijn de mogelijke voorbereidingen getroffen waarmee een besluit genomen kan worden. Voor 2025 wordt het besparingsverlies ingevuld met diverse besparingsmaatregelen op de begroting van VWS. In het hoofdlijnenakkoord is opgenomen dat de besparing op het gemeentefonds vanwege de jeugdzorg van € 500 miljoen in 2026 en € 511 miljoen vanaf 2027, vervalt. Dat staat in (de budgettaire bijlage bij) het hoofdlijnenakkoord van het nieuwe kabinet op pagina 4 en 11, punt 6211. De besparing van € 500 miljoen op de jeugdzorg in 2025 is al in de voorjaarsnota van het Rijk vervallen en opgenomen in deze circulaire. Indexatie Wmo voor stijgende zorgkosten Het Rijk en gemeenten werken aan de beheersbaarheid van de uitgaven van gemeenten in relatie tot de wettelijke zorgtaken Wmo.

De verwachting is dat in de toekomst (een nader te bepalen deel van de) Wmo niet langer via de algemene uitkering van het gemeentefonds gaat, maar via een aparte financiering. Hiervoor wordt gekeken naar de opties van een Bijzondere Fonds Uitkering of een constructie als de BUIG (bijstand). Vooruitlopend op de gekozen bekostigingsvorm wordt onderzoek gedaan naar een passende geobjectiveerde indexering, die ook rekening houdt met kostenontwikkeling en demografie/vergrijzing. Het Rijk heeft in de Voorjaarsnota alvast een reservering opgenomen voor een aanvullende indexering voor demografie boven op de pbbp systematiek. Vanaf 2026 is een reservering opgenomen van € 75 miljoen oplopend tot € 300 miljoen in 2029. Het streven is dat er met ingang van 2026 nadere afspraken zijn. In de meicirculaire 2024 is deze reservering nog niet verwerkt. Inzet specifieke uitkeringen Het aantal specifieke uitkeringen is de afgelopen jaren sterk gestegen. Het uitgangspunt is echter dat financiële middelen vanuit het Rijk aan gemeenten bij voorkeur bestedingsvrij en zonder oormerk ter beschikking worden gesteld. Daarom is de inzet erop gericht om het aantal specifieke uitkeringen en de verantwoordingslasten te verminderen door onder andere aanpassing van de Financiële verhoudingswet (Fvw) en doorlichting van de specifieke uitkeringen.

In het hoofdlijnenakkoord van het nieuwe kabinet wordt een overheveling van alle specifieke uitkeringen naar het gemeente- en provinciefonds aangekondigd, met 10% efficiëntiekorting. Dat moet vanaf 2026 € 638 miljoen besparen. In de toelichting staat: “Het aantal specifieke uitkeringen is sinds 2018 fors gestegen. Gemeenten en provincies geven aan dat specifieke uitkeringen hen beperkt in autonomie. Dit vanwege de strikte en gedetailleerde eisen die vanuit het Rijk worden gesteld aan de besteding van de gelden uit een specifieke uitkering. Daarnaast kennen deze uitkeringen zware administratieve- en controlelasten. Met deze maatregel worden specifieke uitkeringen overgeheveld naar het gemeente- of provinciefonds met een budgetkorting van 10 procent. De BUIG blijft hierbij buiten beschouwing.” Het bedrag van € 638 miljoen komt van de geactualiseerde ombuigingslijst.12 10

Voorjaarsnota

11

budgettaire bijlage hoofdlijnenakkoord 15 mei

12

Budgettaire bijlage hoofdlijnenakkoord 15 mei 2024

Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

11

Toezicht en handhaving aanpassing kwaliteitseisen kinderopvang In de Voorjaarsnota 2024 zijn middelen vrijgemaakt voor incidentele meerkosten voor toezicht en handhaving op aangepaste kwaliteitseisen in de kinderopvang, buitenschoolse opvang en meertalige opvang voor 2024 en 2025. In de meicirculaire 2024 is dit nog niet verwerkt. De verwachting is dat de middelen in de septembercirculaire worden toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. Herijking gemeentefonds Met ingang van 1 januari 2023 is sprake van de invoering van een nieuwe verdeling van de algemene uitkering. De huidige situatie is nog niet het eindstation en zal het model continu onderhoud vragen. De Raad voor het Openbaar Bestuur heeft daartoe een onderzoeksagenda voorgesteld.. De VNG heeft aangegeven het van belang te vinden dat de ROB, de VNG en gemeenten nauw bij de uitvoering van de onderzoeksagenda betrokken worden13. De planning is dat begin 2025 een evaluatie wordt opgeleverd. In de huidige situatie is Diemen een nadeelgemeente. Er is afgesproken dat gemeenten vooralsnog gecompenseerd worden voor het voor- danwel nadeel, welke hoger is dan het afgesproken ingroeipad. Voor Diemen houdt dit in dat er in de jaren 2025 en verder een positieve compensatiepost (suppletie-uitkering) is opgenomen.

In beginsel zou bij het volledig doorvoeren van de herijking de verwachting zijn dat de gemeente Diemen deze post komt te vervallen en daarmee een negatief effect gaat krijgen. Dit bedrag vormt dus een risico binnen het gemeentefonds en ook de begroting want het bedrag kan, mede door de evaluatie, op een later moment weer anders uitpakken De evaluatie richt zich op dit moment op 3 maatstaven. Dit zijn de maatstaf centrumfunctie (stapeling problematiek sociaal domein), de Overige Eigen Middelen (OEM) en de maatstaf eenpersoonshuishoudens. De uitkomsten naar de eerste 2 maataven worden in 2024 verwacht. Voor de laatste maatstaf adviseert de Raad voor Openbaar Bestuur (ROB) om het gewicht voor de maatstaf eenpersoonshuishoudens te heroverwegen. Welke financiele consequenties dit geeft staat niet aangegeven.Verwachting is dat gemeenten met een relatief hoge studentenpopulatie minder zullen gaan ontvangen.

13

onderzoeksagenda-nieuwe-verdeelmodel-gemeentefonds

Meircirculaire 2024 gemeente Diemen

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Diemen&id=d3cd45f6-0886-4032-91d7-62c0d7318975