CConstaterende datDiemen
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota 2023 - Ter bespreking informatieve raad.pdf

Informatieve raadsvergadering 7 juli 2022, gemeente DiemenBij agendapunt: Kadernota 2023 gemeente Diemen9.611 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kadernota 2023 Versie: Ter bespreking informatieve raad

7 juli 2022

Inhoudsopgave 1 Leeswijzer..........................................................................................................................

4

1.1 Aanbiedingsbrief........................................................................................................................

5

2 Uitgangspunten Begroting 2023.........................................................................................

9

2.1 Aantal woningen en inwoners 2023-2027................................................................................. 11 2.2 Personeelskosten...................................................................................................................... 13 2.3 Prijsindexering........................................................................................................................... 14 2.4 Indexering belastingen en tarieven............................................................................................ 15 2.6 Rente......................................................................................................................................... 18

3 Totaaloverzicht structurele gevolgen Jaarstukken 2021..................................................... 19 4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen.......................................................................... 21 Paragrafen............................................................................................................................. 33 Paragraaf Verbonden partijen.......................................................................................................... 35

Afkortingenlijst....................................................................................................................... 37 Raadsbesluit en Moties en amendementen.......................................................................... 39 Raadsbesluit.................................................................................................................................... 41

Inhoudsopgave

Pagina 3

1 Leeswijzer De Kadernota 2023 geeft dit jaar slechts beperkt inzicht in het meerjarenperspectief 2023-2026. Dit jaar betreft het een beleidsarme kadernota. Reden hiervoor is dat er nog volop gewerkt wordt aan de uitwerking van het coalitieakkoord en het inzichtelijk maken van eerder genomen beleidsvoorstellen. Ten tijde van het opstellen van deze kadernota was de Meicirculaire nog niet uitgebracht en waren dus ook de financiële effecten voor onze gemeente niet bekend. Dit terwijl de meicirculaire dit jaar extra veel wijzigingen bevat. De integrale afweging en de besluitvorming over de meerjarenbegroting vindt plaats bij de begrotingsbehandeling. De kadernota legt de uitgangspunten vast voor het opstellen van de Begroting 2023-2026. Alle bedragen in de financiële tabellen hebben we afgerond op hele getallen en zijn “x € 1.000”. Het beleid in deze kadernota heeft bijna overal een structureel financieel karakter. Waar het een incidenteel karakter heeft, staat het vermeld. In de paragraaf 'Verbonden partijen' leggen we de mate van sturing vast die we in 2023 gaan toepassen voor de verbonden partijen. Verbonden partijden zijn onder andere de gemeenschappelijke regelingen waaraan we deelnemen.

1 Leeswijzer

Pagina 4

1.1 Aanbiedingsbrief Op 19 mei is het nieuwe coalitieakkoord 2022-2026 'Diemen met elkaar en voor elkaar' in de raad vastgesteld. Momenteel wordt volop gewerkt aan de uitwerking van dit coalitieakkoord en het in kaart brengen van alle andere beleidsvoorstellen die volgen uit nieuwe ontwikkelingen. Het is te kort dag om de resultaten hiervan in de kadernota te presenteren. Er is meer tijd nodig om alle nieuwe beleidsvoorstellen op een afgewogen en betrouwbare wijze voor te leggen. Dat leidt tot een 'beleidsarme' kadernota, in deze kadernota zijn alleen de gevolgen van de jaarrekening 2021 opgenomen en de autonome ontwikkelingen. Autonome ontwikkelingen zijn ontwikkelingen waar we geen keuze meer in hebben. Dit kan voortkomen uit de toename van het aantal inwoners of uit de bijdrage aan een gemeenschappelijke regeling waarvan de begroting 2023 al is vastgesteld. In deze kadernota vragen we u wel om de uitgangspunten voor het opstellen van de begroting 2023 vast te stellen. Het betreft de aantallen woningen, inwoners en de te hanteren rentepercentages en indexeringscijfers voor 2023. Inkomsten vanuit het Rijk Een groot deel van de uitgaven van de gemeenten wordt gedekt met geld dat we vanuit het Rijk ontvangen, de zogenoemde algemene uitkering uit het Gemeentefonds. Middels circulaires worden gemeenten op de hoogte gebracht hoeveel geld verwacht kan worden.

De begroting 2023 baseren we op de 'Meicirculaire 2022'. Ten tijde van het opstellen van deze kadernota was er nog geen circulaire uitgebracht en waren dus ook de financiële effecten voor onze gemeente niet bekend. Dit terwijl de meicirculaire dit jaar extra veel wijzigingen bevat. De meicirculaire geeft inzicht in de gevolgen van de herverdeling van het Gemeentefonds en bevat de vertaling van het regeerakkoord voor gemeenten. Van beiden is de verwachting dat deze grote invloed hebben op onze financiële positie. Van de herverdeling weten we dat deze een oplopend negatieve invloed zal hebben. Het totale negatieve effect wordt in 2026 zichtbaar. Voor het regeerakkoord is tot en met 2025 extra geld beschikbaar gesteld, vanaf 2026 (einde kabinetsperiode) zijn er (nog) geen middelen toegezegd. Het mag duidelijk zijn dat in ieder geval voor 2026 een forse financiële dip te verwachten is. Daarnaast bevat de circulaire een aanpassing van het accres (toename) van het Gemeentefonds (de te verdelen pot). De hoogte van het Gemeentefonds wordt mede bepaald door de uitgaven die het Rijk zelf doet. Deze toename wordt uitgedrukt in het zogenoemde 'accres'. Ook de prijsinflatie wordt meegenomen en uitgedrukt in het accres. Zodra de financiële effecten van de 'Meicirculaire 2022' bekend zijn ontvangt u hierover een informatieve memo.

Het niet beschikbaar hebben van deze informatie is mede reden om deze kadernota beleidsarm voor te leggen. De meicirculaire heeft invloed op de financiële krapte of ruimte die er is voor nieuwe beleidsontwikkelingen en de realisatie van de ambities uit het coalitieakkoord. Vaststellen uitgangspunten Begroting 2023 Het belangrijkste onderdeel van de kadernota is het vaststellen van de uitgangspunten voor het opstellen van de Begroting 2023. In deze kadernota vragen wij u de volgende uitgangspunten vast te stellen: 1 Leeswijzer: 1.1 Aanbiedingsbrief

Pagina 5

• Aantallen woningen en inwoners 2023-2026; • Loonindexering personeelskosten; • Prijsindexering voor uitgaven en inkomsten; • Prijsindexering belastingen 2023; • Structurele gevolgen Jaarrekening 2021; • Autonome ontwikkelingen; • Algemene uitkering op basis van Decembercirculaire 2021; • De mate van sturing op de verbonden partijen. Vertrekpunt Financieel vertrekpunt voor deze kadernota is het meerjarenperspectief zoals gepresenteerd in de Programmabegroting 2022. Bij het opstellen van de begroting gebruiken we het provinciaal toezichtskader als leidraad. Omschrijving

2023

2024

2025

2026

Saldo structureel

520

775

1.115

1.545

Saldo incidenteel

-335

-40

-

-

Meerjarenperspectief Programmabegroting 2023

185

735

1.115

1.545

Uitgangspunt is dat het college een sluitend structureel meerjarenperspectief presenteert bij aanbieding van de Programmabegroting 2023. Het saldo van de kadernota is uitgesplitst in een structureel en incidenteel saldo. Er wordt door de provincie op toegezien dat het structurele meerjarensaldo in ieder geval positief is. Beleidsarme financiële ontwikkelingen op een rij In onderstaand overzicht zijn alle beleidsarme financiële effecten op een rij gezet. De onderbouwing van de uitgangspunten en de toelichting op de autonome ontwikkelingen worden verderop in deze kadernota toegelicht. Omschrijving

2023

2024

2025

2026

Meerjarenperspectief Programmabegroting 2022

185

735

1.115

1.545

Structurele gevolgen Jaarrekening 2021

-675

-675

-675

-675

- Personeelskosten

-540

-540

-540

-540

- Prijsindexering

-995

-995

-995

-995

- Belastingen

240

240

240

240

1.315

1.340

1.475

1.810

- Structureel

-535

-515

-515

-515

- Incidenteel

-100

-

-

-

-1.105

-410

105

870

Autonome ontwikkelingen

Algemene uitkering (inclusief effecten Meicirculaire 2022) Autonome ontwikkelingen:

Bijgesteld meerjarenperspectief Kadernota 2023

Wanneer bovenstaande effecten worden gesplitst in structurele en incidentele effecten leidt dat tot onderstaand meerjarenperspectief.

1 Leeswijzer: 1.1 Aanbiedingsbrief

Pagina 6

Saldo meerjarenperspectief Kadernota 2023

2023

2024

2025

2026

Structureel

-670

-370

105

870

Incidenteel

-435

-40

-

-

-1.105

-410

105

870

Bijgesteld meerjarenperspectief Kadernota 2023

De waarde van bovenstaand perspectief is niet zo groot gezien het feit dat er nog veel financiële ontwikkelingen verwerkt moeten worden. Af te lezen is dat het saldo in 2025 omslaat naar een licht positief saldo. Opgenomen stelposten in verband met de groei van Diemen Conform voorgaande jaren worden in de kadernota stelposten opgenomen als gevolg van de groei van Diemen. Onderstaande stelposten zijn meegenomen in het gepresenteerde meerjarenperspectief. Stelposten Groei van Diemen

2023

2024

2025

2026

Uitbreiding formatie

150

300

450

600

Bedrijfsvoering

25

50

75

100

Bijdrage Duo+

100

200

300

400

Bijdrage gemeenschappelijke regelingen

100

200

300

400

Subsidies instellingen

25

50

75

100

Totaal Stelposten groei van Diemen

400

800

1.200

1.600

Van bovenstaande stelposten weten we dat deze kosten zich gaan voordoen. Jaarlijks bij het opstellen van de begroting bepalen we waar de stelposten voor worden ingezet. De stelposten voor de inkomsten zijn verwerkt in de verwachte opbrengsten van de onroerend zaakbelasting (OZB) en bij de berekening van de algemene uitkering. Begrotingsproces In de kadernota hoeft het structurele meerjarenperspectief nog niet sluitend te zijn. Bij de aanbieding van de begroting 2022 wel. We starten met de vertaling van onze ambities in het coalitieakkoord en de (financiële) vertaling van reeds vastgestelde beleidsnotities. Daarbij geven we een financiële vertaling van nieuwe ontwikkelingen die op ons afkomen. Deze voegen we toe aan het in deze kadernota gepresenteerde meerjarenperspectief. Onderdeel daarvan is ook het actualiseren van het meerjaren investeringsplan. De ambities uit het coalitieakkoord worden vertaald naar de benodigde investeringsbudgetten en we passen op basis van de marktontwikkelingen bestaande investeringsbudgetten aan. De actualisatie heeft in ieder geval gevolgen voor de investeringsbudgetten van het zwembad en de middelbare school. Zodra we de financiële effecten van de 'Meicirculaire 2022' in kaart hebben gebracht weten we in hoeverre er sprake is van financiële krapte of ruimte.

Wanneer er sprake is van krapte (tekorten) dan zetten we een proces in waar we niet alleen de nieuwe beleidsvoorstellen opnieuw toetsen maar ook bestaand beleid herijken. Dit moet uiteindelijk tot een sluitende begroting 2023 leiden welke we in september aan uw raad aanbieden. Aandachtspunt is de werkdruk binnen de ambtelijke organisatie. De corona laat nog steeds sporen na in de vitaliteit van medewerkers, de vluchtelingenstroom uit Oekraïne vraagt behoorlijk wat ambtelijke capaciteit die niet voorzien was en tenslotte is de arbeidsmarkt krapper dan ooit te voren. Het werven en binnen houden van goed personeel is een grote uitdaging die van directie en teamleiders meer tijd vergt dan voorzien. Ondertussen moet de reguliere dienstverlening gewoon door gaan.

1 Leeswijzer: 1.1 Aanbiedingsbrief

Pagina 7

We merken al verbeteringen vanuit de organisatieontwikkeling 'Diemen '22'. Tegelijkertijd zien we dat we er nog niet zijn en dat de organisatie nog steeds in een ontwikkelfase zit. Bovenstaand stappenplan en de aandacht voor de ambtelijke capaciteit zullen uiteindelijk de tot standkoming van de begroting 2023 niet in de weg staan. Planning is de 'Programmabegroting 2023' eind september ter bespreking en vaststelling aan te bieden. Dit jaar willen we de raad meer betrekken bij de inhoudelijke discussie over de begroting. Tot op heden was er in het begrotingsproces ruimte voor technische vragen om vervolgens direct over te gaan tot besluitvorming. Het college heeft bij de griffie aangegeven graag gelegenheid te geven voor een informatieve behandeling van de begroting. De griffie zal hiertoe met een nieuw begrotingsdraaiboek komen.

1 Leeswijzer: 1.1 Aanbiedingsbrief

Pagina 8

Uitgangspunten Begroting 2023

2.1 Aantal woningen en inwoners 2023-2027 2.2 Personeelskosten 2.3 Prijsindexering 2.4 Indexering belastingen en tarieven 2.6 Rente

2 Uitgangspunten Begroting 2023

11 13 14 15 18

Pagina 9

2 Uitgangspunten Begroting 2023

Pagina 10

2.1

Aantal woningen en inwoners 2023-2027

De prognose voor het aantal woningen en inwoners hebben we geactualiseerd, zie onderstaande tabellen. Woningaantallen

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Stand 1 januari

16.070

16.265

16.125

16.250

17.195

17.675

Plantage de Sniep

110

40

Holland Park Oost

305

300

Holland Park West

105

75

470

Holland Park Zuid

65 375

Campus Holland Park 3e fase

1.125 300

Hof van Saan

135

Buitenlust

40

Ouddiemerlaan

5

Artent Krijtsstraat

50

Harmonielaan

100

De Griend

100

HPZ Bergwijkdreef - Modulaire huisvesting vluchtelingen

30

Verwijderen containerwoningen

-250

-250

Areaalontwikkeling

195

-140

125

945

480

1.625

Stand 31 december

16.265

16.125

16.250

17.195

17.675

19.300

-1%

1%

6%

3%

9%

Toename in % t.o.v. voorgaand jaar

Bovenstaande tabel geeft inzicht in de woningbouw tot en met 2027. De oplevering van het aantal woningen fluctueert behoorlijk. Aangezien we de woning- en inwonersaantallen ook gebruiken voor de berekening van onze inkomsten van het Rijk (de algemene uitkering) gaat het saldo in het meerjarenperspectief ook fluctueren. Dit maakt het lastig te sturen op een structureel sluitende begroting. Daarom is besloten de woningen en inwoners te prognosticeren op basis van de gemiddelde groei. Bovenstaande woningbouwambities leiden tot een gemiddelde woningbouw van 530 woningen per jaar tot 2027. Na 2027 zijn er op dit moment (nog) geen concrete woningbouwplannen. Op basis van het uitgangspunt van de gemiddelde groei ziet de woninggroei er als volgt uit: Woningaantallen

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Stand 1 januari

16.070

16.600

17.130

17.660

18.190

18.720

530

530

530

530

530

530

Stand 31 december

16.600

17.130

17.660

18.190

18.720

19.250

Toename in % t.o.v. voorgaand jaar

3,3%

3,2%

3,1%

3,0%

2,9%

2,8%

Gemiddelde woninggroei per jaar

Wanneer we deze gemiddelde groei vertalen naar de inkomsten van het Rijk zien we ook dat ons meerjarenperspectief evenwichtiger verloopt en er geen grote schommelingen meer zijn als gevolg van de woningaantallen.

2 Uitgangspunten Begroting 2023: 2.1 Aantal woningen en inwoners 2023-2027

Pagina 11

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Stand per 1 januari

32.140

33.200

34.260

35.320

36.380

37.440

Toename aantal inwoners

1.060

1.060

1.060

1.060

1.060

1.060

Prognose Kadernota 2022

33.200

34.260

35.320

36.380

37.440

38.500

Toename in % t.o.v. voorgaand jaar

3,3%

3,2%

3,1%

3,0%

2,9%

2,8%

Op basis van de huidige woning- en inwonersaantallen gaan we uit van 2 inwoners per woning.

2 Uitgangspunten Begroting 2023: 2.1 Aantal woningen en inwoners 2023-2027

Pagina 12

2.2

Personeelskosten

Onderstaand een overzicht van de verwachte aanpassingen van de personeelskosten in 2022. Personeelskosten

2023

2024

2025

2026

Stelpost loonindexering ambtenaren (3,0%)

-540

-540

-540

-540

Totaal personeelskosten

-540

-540

-540

-540

Stelpost loonindexering ambtenaren De huidige CAO voor gemeenteambtenaren loopt tot 31 december 2022. Gezien de onstabiele economische situatie is het moeilijk om een betrouwbare inschatting voor de indexering van 2023 te maken. Voorlasnog gaan we uit van een indexering van 3%..

2 Uitgangspunten Begroting 2023: 2.2 Personeelskosten

Pagina 13

2.3

Prijsindexering

De programmabegroting van Diemen stellen we voor het meerjarenperspectief op met constante prijzen. Dat betekent dat het prijspeil van het begrotingsjaar wordt doorgetrokken naar de volgende jaren; er vindt geen meerjarige inflatiecorrectie plaats. De huidige economische situatie is onstabiel en maakt een betrouwbare inschatting lastig. We stellen voor de jaarlijks exploitatiebudgetten voor uitgaven en inkomsten voor het begrotingsjaar te indexeren met 3,0%. Bij de uitgaven betreft het de budgetten voor diensten en leveringen. Bij de inkomsten betreft het voornamelijk de indexering van huur- en pachtopbrengsten. Voor de indexering van subsidies en bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen wordt ook een percentage van 3,0% aangehouden. De kosten van Duo+ bestaan voornamelijk uit personeelskosten. Daarom schakelen we de indexering van de bijdrage aan Duo+ gelijk aan onze eigen personeelskosten, 3,0%. Prijsindexering

2023

2024

2025

2026

Lasten Overige goederen en diensten (3,0%)

-570

-570

-570

-570

Subsidies (3,0%)

-150

-150

-150

-150

Bijdrage aan verbonden partijen (3,0%)

-125

-125

-125

-125

Bijdrage aan Duo+ (3,0%)

-200

-200

-200

-200

-1.045

-1.045

-1.045

-1.045

Huur- en pachtopbrengsten (3,0%)

50

50

50

50

Totaal baten

50

50

50

50

-995

-995

-995

-995

Totaal lasten Baten

Totaal prijsindexering

2 Uitgangspunten Begroting 2023: 2.3 Prijsindexering

Pagina 14

2.4

Indexering belastingen en tarieven

Voorstel is de belastingenontvangsten conform de prijzen te indexeren met 3,0%. Indexering belastingen

2023

2024

2025

2026

OZB woningen eigenaren

135

135

135

135

OZB niet-woningen eigenaren

50

50

50

50

OZB niet-woningen gebruikers

40

40

40

40

Toeristenbelasting

15

15

15

15

Totaal Indexering belastingen

240

240

240

240

Ontwikkeling lokale lastendruk • Afvalstoffenheffing Binnen de afvalinzameling spelen de volgende ontwikkelingen: ◦ Er zijn maatregelen genomen en investeringen gepleegd om ons afval beter te scheiden. De investeringen leveren afschrijvingslasten op, terwijl de betere scheiding minder restafval oplevert en dus ook minder verwerkingskosten; ◦ Er loopt een Europees aanbestedingstraject voor de verwerking/verbranding van het restafval. Dit was tot op heden bij het Afval en Energie Bedrijf (AEB) ondergebracht; ◦ De laatste jaren heeft de coronacrisis veel invloed gehad op de aangeboden hoeveelheid afval. De vraag is hoe dit zich verder ontwikkelt. Daarbij zal ook het hybride/thuiswerken invloed hebben op de aangeboden hoeveelheid afval; ◦ De Egalisatiereserve Afvalstoffenheffing is leeg en daardoor zijn de laatste jaren extra stortingen vanuit de Algemene Reserve geweest. Uitgangspunt is dat de afvalstoffenheffing 100% kostendekkend is. Vraag is nog hoe om te gaan met de eerdere onttrekkingen uit de Algemene Reserve. Bovenstaande ontwikkelingen hebben allemaal invloed op de bepaling van het tarief. In de begroting 2023 zullen we voorstellen hoe hier mee om te gaan.

2 Uitgangspunten Begroting 2023: 2.4 Indexering belastingen en tarieven

Pagina 15

2.5

Algemene uitkering

Als uitgangspunt voor de Kadernota 2023 wordt de Decembercirculaire 2021 gebruikt en de woningen en inwoners zoals benoemd in de uitgangspunten van deze kadernota. Tevens is het jaar 2023 niet langer op constante prijzen berekend maar op basis van de indexering die het Rijk heeft gebruikt. De jaren 2024 tot en met 2026, zijn net zoals de uitgaven in de begroting wel weer op basis van constante prijzen berekend. In onderstaande berekening is nog geen rekening gehouden met de effecten van de herverdeling van het Gemeentefonds. Deze worden inzichtelijk in de Meicirculaire 2022. Over de effecten van de Meicirculaire 2022 ontvangt u een aparte informatieve memo. Over de wijzigingen als gevolg van de Septemberciculaire 2021 en de Decembercirculaire 2021 bent u middels aparte informatieve memo's geïnformeerd. In de tabel is nog wel het onderscheid inzichtelijk van de verschillende wijzigingen. Omschrijving

2023

2024

2025

2026

Effecten Septembercirculaire 2021 Accresontwikkeling

970

1.005

1.135

1.310

Hoeveelheidsverschillen (aanpassing maatstaven)

25

20

10

5

Uitkeringsfactor

140

125

135

65

Nacalculatie mobiliteitshulpmiddelen Wlz

-15

-15

-15

-15

Landelijke structuur interventieteams

5

5

5

5

Toezicht en handhaving gastouderschap

15

15

15

15

Rijksvaccinatieprogramma HPV mannen

5

5

5

5

Suppletie-uitkering integratie sociaal domein

-40

-40

-40

-40

Participatie

-20

-20

-20

-20

- toezicht en handhaving gastouderschap

-15

-15

-15

-15

- Rijksvaccinatieprogramma HPV mannen

-5

-5

-5

-5

- nieuwe CAO gemeenteambtenaren

-425

-425

-425

-425

Totaal effect Septembercirculaire 2021

640

655

785

885

Salarislasten zorgdomein (wmo + jeugd)

105

110

110

110

Robuust rechtsbeschermingssysteem

50

50

55

55

Versterking ondersteuning wijkteams

95

95

95

110

Impuls integraal werken

5

Systeemleren

10

10

10

10

Salarislasten zorgdomein (wmo + jeugd)

-105

-110

-110

-110

Robuust rechtsbeschermingssysteem

-50

-50

-55

-55

Versterking ondersteuning wijkteams

-95

-95

-95

-110

Impuls integraal werken

-5

Systeemleren

-10

-10

-10

-10

-

-

-

-

Claims:

Effecten Decembercirculaire 2021

Claims:

Totaal effect Decembercirculaire 2021

2 Uitgangspunten Begroting 2023: 2.5 Algemene uitkering

Pagina 16

Omschrijving

2023

2024

2025

2026

Effect nieuwe uitgangspunten Kadernota 2023 Doorberekening aanpassing maatstaven woningen en inwoners

-310

-320

-335

-115

Indexering 2023

985

1.005

1.025

1.040

Totaal nieuwe uitgangspunten Kadernota 2023

675

685

690

925

1.315

1.340

1.475

1.810

-

2 Uitgangspunten Begroting 2023: 2.5 Algemene uitkering

Pagina 17

2.6

Rente

Voor het te hanteren interne rentepercentage sluiten we aan bij de voorschriften uit het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Het BBV gaat uit van de gemiddelde rente van de uitstaande geldleningen. In onderstaande tabel de wijze van berekening. Lening afgesloten bij:

Hoofdsom (in €'s)

Rente%

Rentelast (in €'s)

Aegon Levensverzekering

7.500.000

1,03%

77.250

BNG

6.000.000

1,95%

116.940

BNG

5.000.000

1,96%

97.900

BNG

6.000.000

1,55%

93.000

BNG

7.500.000

0,90%

67.500

Provincie Groningen

5.000.000

1,30%

65.000

BNG

7.500.000

2,08%

156.000

Totaal

44.500.000

Gemiddeld rentepercentage

673.590 1,51%

Het BBV maakt onderscheid voor de te berekenen rente bij grondexploitaties. Bij grondexploitaties moet de rente gecorrigeerd worden met de verhouding tussen het totale vermogen en het vreemd vermogen. Er mag maximaal met 0,5% verschil afgerond worden. Voor zowel de resultaten van de grondexploitaties als de toerekening van rente naar de exploitatie is het van belang niet teveel renteschommelingen te hebben. Voorstel is daarom het rentepercentage voor grondexploitaties gelijk te houden op 1 %. Gewogen gemiddelde rentepercentage voor grondexploitaties Vreemd vermogen / Totaal vermogen x gemiddeld rentepercentage € 117 miljoen / € 138 miljoen x 1,40 % =1

1,18%

Afgerond gewogen gemiddeld rentepercentage voor grondexploitaties

1,50%

Rentepercentages begroting 2022: 1. Rente grondexploitatie 1,5%; 2. Rente investeringen 1,5%; 3. Rente investeringen GRP blijft gehandhaafd op 2,0% conform laatst vastgestelde GRP; (waaronder ook de investeringen in het te actualiseren Gemeentelijke Rioleringsplan).R 4. Rente langlopende leningen Jaar

Rentepercentage

2023

1,50 %

2024

1,75 %

2025

2,00 %

2026

2,25 %

1

Bron: Balans in Begroting 2022

2 Uitgangspunten Begroting 2023: 2.6 Rente

Pagina 18

3 Totaaloverzicht structurele gevolgen Jaarstukken 2021 Structurele gevolgen Jaarrekening 2021

2023

2024

2025

2026

Sociaal domein Overschrijding kosten specialistische jeugdhulp

-675

-675

-675

-675

Totaal Sociaal domein

-675

-675

-675

-675

Totaal structurele gevolgen Jaarrekening 2021

-675

-675

-675

-675

3.1

Programma Sociaal

3.1.1 Overschrijding kosten specialistische jeugdhulp De gemeente Diemen heeft, net als veel andere gemeenten in Nederland, sinds 2018 te maken gekregen met tekorten op de jeugdhulp. In de begroting 2021 is € 6,25 miljoen opgenomen voor specialistische jeugdhulp. Naar aanleiding van verwachte overschrijdingen over het jaar 2021 is het budget bij de 4e kwartaalbrief incidenteel met € 750.000 opgehoogd. Het jaar 2021 is vervolgens met een overschrijding van € 900.000 afgesloten. Ongeveer 75% van deze overschrijding kan als structureel gekenmerkt worden. Oorzaken van de overschrijding liggen bij over het algemeen bij de stijgende kosten van de jeugdhulp, een toename van het aantal cliënten, een toename van de complexiteit van de problematiek bij jeugdigen en een toename van het aantal jeugdigen dat voorheen binnen de Wet langdurige zorg (Wlz), Wmo of Kinderopvang werd geholpen. Over 2021 zien we verder voor Diemen specifiek dat het aantal cliënten en de kosten binnen de enkelvoudige jeugdhulp sterk is toegenomen. Binnen de meervoudige/complexe jeugdhulp is het aantal cliënten ongeveer gelijk gebleven, maar zijn de kosten wel toegenomen. Dit wordt verklaard door toenemende complexiteit binnen deze groep cliënten. Daarbij zijn er enkele uitzonderlijke situaties waarbij de complexiteit dusdanig hoog is dat dit tot zeer hoge kosten in een traject leidt.

Dit raakt een kleine gemeente als Diemen buitenproportioneel hard. Deze kosten zijn niet vantevoren te voorzien. Landelijke ontwikkelingen De incidentele tegemoetkoming van het kabinet voor de periode 2019 tot en met 2021 is verlengd door eenmalig aanvullend € 300 miljoen beschikbaar te stellen voor het jaar 2022, zo is besloten in de Septembercirculaire van 2020. Op basis van het AEF rapport (€ 1,6 - € 1,8 miljard tekort gemeenten) heeft de VNG gesprekken gevoerd met het Rijk over een combinatie van structureel extra budget en maatregelen om de Jeugdwet financieel beheersbaar te maken. Voor 2021 heeft het Rijk bekend gemaakt incidenteel € 613 miljoen beschikbaar te stellen aan gemeenten voor het oplossen van de acute problematiek in de jeugdzorg. Dit bedrag komt bovenop de € 300 miljoen extra middelen. Het kabinet stelt voor vanaf 2022 € 1,314 miljard extra beschikbaar aan gemeenten ter compensatie van de tekorten in de jeugdzorg. Dat komt bovenop de eerder toegezegde € 300 miljoen voor dat jaar. Het verschil met de € 1,7 miljard die de arbitragecommissie naar aanleiding van het AEF rapport nodig vond, zit hem in de al eerder toegezegde € 300 miljoen extra en de maatregelen die gemeenten nemen om volgend jaar € 214 miljoen te besparen op de jeugdzorg.

Om het jeugdhulpstelsel beter te laten werken en te zorgen voor meer financiele houdbaarheid zouden het Rijk, de VNG en de gemeenten aan een hervormingsagenda werken. Het nieuwe kabinet heeft het advies gekregen om vanaf 2023 het oordeel van de arbitragecommissie te volgen. Inmiddels is bekend dat er in het regeringsakkoord (wederom) een “besparing” op de jeugdhulp aan de orde is. Vanaf 2024 € 100 miljoen en vanaf 2025, 3 Totaaloverzicht structurele gevolgen Jaarstukken 2021

Pagina 19

structureel, € 500 miljoen. Op donderdag 13 januari hebben de leden van de VNG unaniem ingestemd om op deze manier niet verder te werken aan de hervormingsagenda. Beheersmaatregelen Er is en wordt veel in gang gezet met als doel kosten voor de jeugdhulp te beheersen, zoals een taakgerichte manier van bekostigen van de hoog-specialistische jeugdhulp per 2022, uitbreiding contractmanagement, bevorderen van meer (specialistische) hulp dichtbij om dure trajecten te voorkomen, onderzoeken naar (kosten)effectiviteit van preventieve en algemene voorzieningen en bestandsanalyses. De financiële beheersbaarheid op het terrein van jeugdhulp wordt als onderdeel gezien van het programma ‘grip en controle binnen het sociaal domein’. Risico’s Ondanks de getroffen maatregelen blijven de uitgaven specialistische jeugdhulp een financieel risico vormen, mede als gevolg van de open einde regeling, een stijging in de aantallen jeugdigen en de almaar toenemende complexe problematiek. Daarbij vormen de brede wettelijke taken en de verwijzers die niet onder onze aansturing functioneren zijn complicerende factoren. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat door gedurende twee jaar van maatregelen naar aanleiding van corona er extra hulpvragen leven bij de inwoners van Diemen. Tevens is het mogelijk dat door het uitstel van de huidige hulp zwaardere vormen van hulp nodig zijn.

Vanaf januari 2022 is het stelsel voor de (hoog) specialistische jeugdhulp gewijzigd, en daarmee ook de bekostigingssystematiek. Er bestaat een risico dat het afsluiten of overzetten van trajecten tot incidentele kosten in 2022 zal leiden. Het kabinet stelt vanaf 2022 structureel € 94 miljoen beschikbaar aan gemeenten, opdat zij de financiële middelen hebben om de stijging van de zorgsalarissen in het sociaal domein mogelijk te kunnen maken. Het door het Rijk beschikbare gestelde bedrag van € 60.000 (1% van de begroting voor specialistische jeugdzorg) is echter onvoldoende om onderdelen binnen de jeugdzorg te indexeren. Daarbij is er een aanzienlijke kans dat door economische ontwikkelingen het indexatiepercentage in 2023 een stuk hoger wordt dan in 2022. Financieel effect De structurele kosten lagen in 2021 € 900.000 hoger dan de begroting. Om het voorzieningenniveau op peil te houden zal het budget voor specialistische jeugdhulp met € 675.000 (75%) omhoog moeten worden bijgesteld. Over het budget zal worden gemonitord en gerapporteerd via de P&C-cyclus.

3 Totaaloverzicht structurele gevolgen Jaarstukken 2021: 3.1 Programma Sociaal

Pagina 20

4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen Autonome ontwikkelingen

2023

2024

2025

2026

Sociaal domein Wet Inburgering

-205

-205

-205

-205

Wet Inburgering - Specifieke uitkering

205

205

205

205

Uitvoeringskosten Inburgering

-90

-90

-90

-90

Budget Uitvoeringskosten inburgering

90

90

90

90

GR OGZ (Openbare gezondheidzorg)

-60

-60

-60

-60

GR OGZ (Openbare gezondheidzorg) - dekking vanuit stelpost groei en indexering

60

60

60

60

GR GGD Amsterdam - Amstelland (Veilig Thuis)

-20

-20

-20

-20

GR GGD Amsterdam - Amstelland (Veilig Thuis) dekking vanuit stelpost groei en indexering

20

20

20

20

GR GGD Amsterdam - Amstelland (vervallen DUVO-middelen)

-30

-30

-30

-30

Indexatie tarieven Wmo-vervoer

pm

pm

pm

pm

Indexering salarislasten Wmo/jeugd

-185

-185

-185

-185

Indexering salarislasten Wmo/jeugd vergoeding AU

110

110

110

110

Indexering salarislasten Wmo/jeugd - ten laste van stelpost indexering

75

75

75

75

Totaal Sociaal domein

-30

-30

-30

-30

Veiligheidsregio

-35

-70

-105

-100

Veiligheidsregio -> dekking vanuit stelpost groei en indexering

35

70

105

100

-

-

-

-

Re-integratie

pm

pm

pm

pm

Armoedebeleid / minimaregelingen

pm

pm

pm

pm

Schuldhulpverlening

pm

pm

pm

pm

Gebundelde Uitkering P-wet IOAW, IOAZ en Bbz 2004

pm

pm

pm

pm

-

-

-

-

Onderwijsachterstandenbeleid (OAB)

pm

pm

pm

pm

Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) Specifieke Uitkering

pm

pm

pm

pm

Indexatie tarieven Leerlingenvervoer

pm

pm

pm

pm

-

-

-

-

Bijdrage Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied

-35

-35

-35

-35

Bijdrage Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied dekking vanuit stelpost groei en indexering

35

35

35

35

Omgevingswet - opstellen omgevingsplan

-50

Veilig

Totaal Veilig Inkomen en armoede

Totaal Inkomen en armoede Onderwijs

Totaal Onderwijs Gebiedsontwikkeling

4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen

Pagina 21

Autonome ontwikkelingen

2023

2024

Omgevingswet - opstellen actieplan geluid

-50

Omgevingswet - opstellen uitvoeringsagenda

-

Rijksuitkering Energietransitie

-

Uitvoering Provinciaal energiebesparingsakkoord

-

Totaal Gebiedsontwikkeling

2025

2026

-100

-

-

-

Stijging kosten groenonderhoud

-175

-175

-175

-175

Totaal Leefomgeving en klimaat

-175

-175

-175

-175

Uitbreiding griffie (raadsadviseur)

-100

-100

-100

-100

Informatieveiligheid

-55

-55

-55

-55

Werken met data

-50

-50

-50

-50

Arbeidsmarkt, werving en selectie

-55

-35

-35

-35

Arbozorg

-45

-45

-45

-45

Stadsarchief Amsterdam (hogere bijdrage + Edepot)

-25

-25

-25

-25

Totaal Samen besturen

-330

-310

-310

-310

Totaal autonome ontwikkelingen

-635

-515

-515

-515

Leefomgeving en klimaat

Samen besturen

4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen

Pagina 22

4.1

Programma Sociaal

4.1.1 Wet Inburgering De verantwoordelijkheden binnen de nieuwe Wet Inburgering worden uitgevoerd binnen de budgetten zoals beschikbaar gesteld door het Rijk. Het Rijk stelt twee types budgetten beschikbaar: structurele uitvoeringsbudgetten en een specifieke uitkering voor Inburgeringsvoorzieningen. Het uitvoeringsbudget is per 2022 onderdeel van de begroting. In de begroting is nog geen rekening gehouden met de specifieke uitkering voor inburgeringsvoorzieningen. Vooralsnog is deze uitkering geraamd op circa € 205.000. Kosten en baten zullen met dit bedrag worden verhoogd. 4.1.2 Uitvoeringskosten Inburgering Voor de uitvoering van de nieuwe Wet inburgering dient 1,0 Fte bij team Sociale Zaken betaald te worden vanuit het budget Uitvoeringskosten Inburgering. Het gaat om een bedrag van € 90.000 . 4.1.3 GR OGZ (Openbare gezondheidzorg) De totale begroting 2023 van de GR OGZ bedraagt € 8,0 miljoen. Dit houdt dat de bijdrage van Diemen aan deze gemeenschappelijke regeling € 1.320.000 bedraagt. Omdat in de begroting rekening is gehouden met een jaarlijkse bijdrage van € 1.260.000, is er sprake van een stijging van € 60.000. Deze stijging wordt veroorzaakt door: 1. Indexering € 20.000 2. Groei van het aantal inwoners in Diemen, € 40.000.

4.1.4 GR GGD Amsterdam - Amstelland (Veilig Thuis) De totale begroting 2023 van de Gemeenschappelijke Regeling GGD AmsterdamAmstelland bedraagt € 19 miljoen. Dit houdt in dat de bijdrage van Diemen aan deze gemeenschappelijke regeling € 107.000 bedraagt. Omdat in de begroting rekening is gehouden met een jaarlijkse bijdrage van € 87.000, is er sprake van een stijging van circa € 20.000. Deze stijging wordt veroorzaakt door de indexering en de groei van het aantal inwoners in Diemen Tenslotte zijn de financiële werkafspraken behorende bij de GR Amsterdam - Amstelland gewijzigd en ingegaan vanaf het jaar 2022. De DUVO middelen van € 30.000 die Diemen ontving komen te vervallen. 4.1.5 Indexatie tarieven Wmo-vervoer Jaarlijks worden per 1 januari de tarieven voor het Wmo-vervoer geïndexeerd aan de hand van de NEA-index. Dit is contractueel vastgelegd. De NEA-index wordt jaarlijks berekend door onderzoeksbureau Panteia in opdracht van het Sociaal Fonds Mobiliteit. De sterk stijgende brandstofprijzen van het afgelopen jaar hebben een groot effect op de kosten in de zorg- en taxivervoer. Panteia heeft eind maart 2022 berekend wat de gevolgen hiervan zijn voor de kostenontwikkeling in het zorg- en taxivervoer. De overige kostenontwikkelingen van loon, afschrijvingen, verzekeringen etc. Zijn hierbij nog niet meegenomen.

Op basis van de eerste berekeningen lijkt een hogere NEA-index onvermijdelijk als de brandstofprijzen niet substantieel gaan dalen. Er zijn drie scenario's op jaarbasis doorgerekend met verschillende brandstofprijzen. Een scenario met brandstofprijzen die het hele jaar min of meer op het huidige niveau blijven (plus 45%), een scenario waarin de brandstofprijzen met 25% stijgen en een scenario waarin de brandstofprijzen met 65% stijgen. Hieruit blijkt dat de kostenontwikkelingen van brandstof respectievelijk 3,9%, 2,2% of 5,6%% stijging van de NEA-index veroorzaken. Op basis van het gemiddelde over de laatste 6 jaar zijn de brandstofprijzen normaal gesproken goed voor een stijging van 0,2% van de NEA index. 4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen: 4.1 Programma Sociaal

Pagina 23

De gemeente Diemen moet rekening houden met een hoge NEA-index per 1 januari 2023. NIet alleen vanwege de explosief gestegen brandstofprijzen maar ook vanwege de inflatie en de druk op de lonen door het toenemende personeelstekort. De NEA-index wordt in oktober bekend gemaakt. 4.1.6 Salarislasten Wmo en Jeugd Het kabinet heeft een bedrag van € 675 miljoen beschikbaar gesteld om de zorgsalarissen extra te verhogen en stelt vanaf 2022 structureel € 94 miljoen beschikbaar aan gemeenten, opdat zij de financiële middelen hebben om de stijging van de zorgsalarissen in het sociaal domein mogelijk te kunnen maken. Een bedrag van € 80 miljoen landt in de algemene uitkering. Een structurele toevoeging vanaf 2022 van € 80 miljoen, gesplitst in € 40 miljoen voor jeugdzorg en € 40 miljoen voor Wmo (zowel opvang en begeleiding als huishoudelijke hulp). Om de zorgsalarissen te indexeren wordt voorgesteld het beschikbare gestelde bedrag van € 48.000 structureel toe te voegen aan het Wmo-budget (aan de budgetten voor Hulp bij het Huishouden en Wmo-begeleiding) en het beschikbaar gestelde bedrag van € 60.000 structureel toe te voegen aan het jeugdbudget. Het door het Rijk beschikbare gestelde bedrag van € 60.000 is onvoldoende om onderdelen binnen de jeugd te indexeren.

Daarbij is er een aanzienlijke kans dat door economische ontwikkelingen de indexatiepercentages voor zowel Wmo als Jeugd in 2023 een stuk hoger wordt dan in 2022. In ieder geval zal een bedrag van € 185.000 euro aan de begroting moeten worden toegevoegd. Of dit voldoende is wordt gemonitord via de P&C cyclus.

4.2

Programma Veilig

4.2.1 Veiligheidsregio De veiligheidsregio staat de komende jaren voor een groot aantal opgaven. Deze opgaven vloeien voort uit een veranderende samenleving (demografisch, technologisch en stedelijk), nieuwe wetgeving en veranderende maatschappelijke en politieke verwachtingen bij het uitvoeren van de publieke taak. Daarnaast vraagt de gewenste en nodige modernisering van de brandweerorganisatie de komende jaren een extra impuls. De afgelopen periode is de rol en het belang van de veiligheidsregio’s tijdens crises evident geworden. Daarnaast blijven incidentbestrijding en risicobeheersing belangrijke taken van de brandweerorganisatie binnen de veiligheidsregio. Een moderne, toekomstbestendige organisatie die voorbereid is op (zijn of haar) taken, nu en in toekomst, is van groot belang. Het is noodzakelijk dat de veiligheidsregio zich met de hoofdtaken crisisbeheersing, risicobeheersing en incidentbestrijding moet transformeren van een beleidsluwe naar een beleidsrijke organisatie, om de grote opgaven en toekomstige crises aan te kunnen pakken.

Daarvoor zijn investeringen op een drietal thema’s noodzakelijk: Modernisering brandweerorganisatie • Instroom, diversiteit en inclusie • Herijking beleid HRM • Vakbekwaamheid en leiderschap • Maatschappelijke activiteiten (verbinding samenleving) • Goed werkgeverschap / aantrekkelijke werkgever Nieuwe taken en wetgeving • Arbeidsvoorwaarden • Invoering Omgevingswet • Regionalisering crisisbeheersing 4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen: 4.1 Programma Sociaal

Pagina 24

• Rechtmatigheid en contractmanagement • Riskfactory Informatiebesturing en beveiliging • Informatiebeveiliging • Informatie gestuurde veiligheid • Informatie gestuurd werken • Digitalisering bedrijfsvoering Conform het voorstel van het Veiligheidsbestuur betekent dit voor Diemen dat de bijdrage van 2023 tot en met 2026 zal gaan stijgen met € 35.000 in 2023 oplopend tot € 100.000 in 2026. Daarmee komt de gemeentelijke bijdrage in totaal op € 1.420.000 in 2026.

4.3

Programma Inkomen en armoede

4.3.1 Re-integratie Tijdens de coronapandemie zijn landelijke herstelpakketten beschikbaar gekomen, er is een Regionaal Werk Centrum opgericht en regionale mobiliteitsteams om mensen die werkloos zijn geworden te ondersteunen van werk naar werk. De herstelpakketten blijven vooralsnog tot eind 2022 beschikbaar en worden mogelijk opengesteld voor alle werkzoekenden. Daarnaast is er een instroom van Oekraïense vluchtelingen op gang gekomen. Er is op het moment van het opstellen van de kadernota nog veel onduidelijkheid over de gevolgen. Ook op het terrein van werk en inkomen. De mogelijke toestroom in de bijstand is een reëel risico als gevolg van de stroom van Oekraïense vluchtelingen en de afloop coronamaatregelen. 4.3.2 Armoedebeleid / minimaregelingen Het minimabeleid is al enige tijd niet meer geactualiseerd. De huidige voorzieningen lijken toereikend te zijn, maar evaluatie van het beleid moet uitwijzen of die aanname juist is. De (uitzondelijk) hoge inflatie zal effect gaan hebben op mensen met minimum inkomen. De verwachting is dat meer mensen een beroep zullen doen op minimaregelingen. Energiearmoede De energieprijzen zijn aanzienlijk gestegen en lopen nog verder op. Hier heeft iedereen in Nederland mee te maken. De impact van de oorlog in Oekraïne is hierbij nog onzeker en kan de energieprijzen nog verder laten stijgen.

Voor huishoudens met een laag inkomen en variabel of aflopend energiecontract stijgen de energiekosten veel harder dan voor huishoudens met een hoger inkomen. Het aantal huishoudens dat in energiearmoede leeft neemt toe. De koopkracht van minima neemt ook af door de toegenomen inflatie. De verwachting is dat het beroep op minimavoorzieningen en schuldhulpverlening de komende jaren zal toenemen. 4.3.3 Schuldhulpverlening Per 1 januari 2021 is de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening aangepast. Doordat meer partijen betalingachterstanden bij de gemeente melden, is het aantal meldingen toegenomen. Om de toename aan schuldhulpvragen op te vangen is in 2021 de formatie schuldhulpverlening uitgebreid. De verwachting is dat als gevolg van de inflatie mensen meer in financiële problemen zullen komen. Dit kunnen we niet becijferen, maar is een reeel risico. De coronasteunmaatregelen hebben gezorgd voor versoepelingen bij het incasseren van schulden. Hierdoor is de stijging van schuldhulpvragen uitgebleven. De verwachting is dat 4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen: 4.3 Programma Inkomen en armoede

Pagina 25

in 2022 de invorderingen weer zullen starten en dat mensen weer in schuldenproblemen komen. De gemiddelde tijd tussen de eerste problemen en aanmelding schuldhulp is zo'n 5 jaar. De verwachting is dat het aantal aanmeldingen schuldhulp de komende jaren zal toenemen. Met vroegsignalering van betalingsachterstanden hopen we te bereiken dat mensen eerder in beeld komen en dat de problemen minder erg zijn. Daarnaast kan het wegvallen van steunmaatregelen, op termijn, voor sommige zzp-ers en ondernemers gevolg hebben. Hier wordt ook een toename verwacht. Dit kunnen we nog niet duiden. 3.2.4 Gebundelde uitkering P-wet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 De Rijksoverheid stelt per gemeente budgetten beschikbaar om bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies in het kader van de Participatiewet, de IOAW , IOAZ en de Bbz 2004 te betalen. Over 2022 is inmiddels het nader voorlopig budget bekend gemaakt; Dit laat een forse daling zien ten opzichte van voorgaande jaren. Ondanks dat dit geen zekerheid geeft over de hoogte van het beschikbare budget over 2023 moet er rekening mee worden gehouden dat de daling zich ook dan zal voortzetten. Het Ministerie van SZW zal naar verwachting medio oktober 2022 het definitieve budget voor 2022 en het voorlopige budget over 2023 bekend maken; Dan zal meer duidelijk worden wat de gevolgen voor 2023 zijn.

4.4

Programma Onderwijs

4.4.1 Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) In 2023 start de nieuwe OAB-beleidsperiode, de beleidsperiode 2019-2022 wordt afgesloten. Eventuele reserves uit de periode tot en met 2022 mogen gedeeltelijk worden meegenomen naar de nieuwe beleidsperiode. Maximaal de helft van het ontvangen budget in 2022 mag worden overgeheveld. Vanuit het regeerakkoord wordt de focus de komende jaren gelegd op de deelname van kinderen aan de voor- en vroegschoolse educatie. Daarnaast is het versterken van de kwaliteit van de relatie tussen opvang en onderwijs een belangrijk thema. 4.4.2 Indexatie tarieven Leerlingenvervoer Jaarlijks worden per 1 januari de tarieven voor het Leerlingenvervoer geïndexeerd aan de hand van de NEA-index. Dit is contractueel vastgelegd. De NEA-index wordt jaarlijks berekend door onderzoeksbureau Panteia in opdracht van het Sociaal Fonds Mobiliteit. De sterk stijgende brandstofprijzen van het afgelopen jaar hebben een groot effect op de kosten in de zorg- en taxivervoer. Panteia heeft eind maart 2022 berekend wat de gevolgen hiervan zijn voor de kostenontwikkeling in het zorg- en taxivervoer. De overige kostenontwikkelingen van loon, afschrijvingen, verzekeringen etc. Zijn hierbij nog niet meegenomen. Op basis van de eerste berekeningen lijkt een hogere NEA-index onvermijdelijk als de brandstofprijzen niet substantieel gaan dalen.

Er zijn drie scenario's op jaarbasis doorgerekend met verschillende brandstofprijzen. Een scenario met brandstofprijzen die het hele jaar min of meer op het huidige niveau blijven (plus 45%), een scenario waarin de brandstofprijzen met 25% stijgen en een scenario waarin de brandstofprijzen met 65% stijgen. Hieruit blijkt dat de kostenontwikkelingen van brandstof respectievelijk 3,9%, 2,2% of 5,6%% stijging van de NEA-index veroorzaken. Op basis van het gemiddelde over de laatste 6 jaar zijn de brandstofprijzen normaal gesproken goed voor een stijging van 0,2% van de NEA index.

4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen: 4.3 Programma Inkomen en armoede

Pagina 26

De gemeente Diemen moet rekening houden met een hoge NEA-index per 1 januari 2023. NIet alleen vanwege de explosief gestegen brandstofprijzen maar ook vanwege de inflatie en de druk op de lonen door het toenemende personeelstekort. De NEA-index wordt in oktober bekend gemaakt.

4.5

Programma Gebiedsontwikkeling

4.5.1 Bijdrage Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (ODNKZG) De gemeente Diemen is deelnemer aan de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (ODNZKG). De ODNZKG voert veel taken uit op het gebied van bouwen, bodem en milieu. Door nieuwe wetgeving waaronder de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging bouw wordt een forse wijziging verwacht in het takenpakket vanaf 2023. In de loop van dit jaar en volgend jaar zal hierover meer duidelijkheid moeten komen. In de meerjarenbegroting 2023-2025 van de ODNZKG wordt vanwege deze wijzigingen voor de gemeente Diemen een verhoging van de bijdrage (€ 35.000) in 2023 geraamd van€ 369.000 naar € 404.000. 4.5.2 Omgevingswet - opstellen omgevingsplan In het kader van de Omgevingswet moet een Omgevingsplan voor de gehele gemeente worden opgesteld. Dit kan in stappen. Voor het opstellen van het eerste deel van het Omgevingsplan is in 2023 een budget van € 50.000 nodig. De kosten zijn mede afhankelijk van het moment van in werking treden van de Omgevingswet en de lokale ambities voor de inhoud van het Omgevingsplan. 4.5.3 Omgevingswet - opstellen actieplan geluid Vanuit de Europese Richtlijn omgevingslawaai is de gemeente Diemen verplicht vijfjaarlijks geluidniveaukaarten en een Actieplan geluid op te stellen. Ook onder de Omgevingswet zal het Actieplan geluid een verplicht programma blijven.

In 2022 heeft de gemeente Diemen de geluidniveaukaarten geactualiseerd, zo is de planning. Deze dienen als basis voor het in 2023 op te stellen Actieplan geluid. Voor het inhuren van externe expertise voor opstellen van het Actieplan geluid wordt in 2023 incidenteel € 50.000 milieubudget gevraagd. 4.5.4 Omgevingswet - opstellen uitvoeringsagenda Voor de uitwerking van de Omgevingsvisie zal een uitvoeringsagenda opgesteld worden. Het opstellen van de uitvoeringsagenda zal in eigen beheer uitgevoerd worden. Ook voor de uitvoering van de verschillende onderdelen van deze agenda wordt in eerste instantie gekeken binnen de eigen organisatie. De ambities in het nieuwe coalitieakkoord zijn nog niet uitgewerkt. In de Begroting 2023 komen we hierop terug. 4.5.5 Rijksuitkering Energietransitie De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) heeft op 25 januari 2021 advies uitgebracht over de kosten van de energietransitie voor gemeenten. Volgens dit onderzoek hebben decentrale overheden voor 2022, 2023 en 2024 1,8 miljard nodig voor de uitvoering van het klimaatakkoord. Het merendeel van dit budget (bijna 1,6 miljard) is volgens de ROB nodig voor gemeenten. De kosten voor eigen programma’s, zoals het verduurzamen en van het aardgas halen van het gemeentelijk vastgoed zijn daarbij nog niet meegerekend.

De ROB stelt voor om de uitkering aan gemeenten voor 10% uit een vast bedrag te laten bestaan, 60% op basis van het aantal inwoners of woningen en de rest op basis van bevolkingsdichtheid en oppervlakte. Omdat het kabinet demissionair is er bij de Rijksbegroting voor 2022 alleen incidenteel budget voor het gemeentefonds voor de energietransitie in 2022 opgenomen. Het toekennen van meerjarig Rijksbudget aan de gemeentefondsen om de energietransitie te bekostigen 4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen: 4.5 Programma Gebiedsontwikkeling

Pagina 27

was doorgeschoven naar het nieuwe kabinet. Omdat de hoogte van de uitkering voor de energietransitie via het gemeentefonds voor Diemen bij de gemeentelijke begroting 2022 nog niet bekend was, zijn de geplande uitgaven voor de energietransitie voorgefinancierd vanuit de bestemmingsreserve duurzaamheid. Omdat de rijksbijdrage voor 2023 en volgende jaren waarschijnlijk pas bekend is met de Rijksbegroting voor 2023, zitten we met de gemeentelijke begroting 2023 met een vergelijkbare situatie. Inmiddels heeft de gemeente in februari 2022 nog een specifieke uitkering van € 225.000voor de aanpak van energiearmoede ontvangen. In april 2022 heeft het Rijk aangegeven in totaal 4 miljard te reserveren voor het tot 2030 isoleren van 2,5 miljoen van de 8,0 miljoen woningen in Nederland, waarbij de focus ligt op de 1,5 miljoen slechtst geïsoleerde woningen met een label E of slechter 4.5.6 Uitvoering Provinciaal energiebesparingsakkoord In samenspraak met bedrijfsleven, omgevingsdiensten en gemeenten heeft de provincie het energiebesparingsakkoord Noord-Hollandse bedrijven opgesteld. Op 27 januari heeft de gemeente Diemen dit energiebesparingsakkoord medeondertekend. Dit betekent dat alle Diemense bedrijven met energiebesparingsverplichtingen vanuit bouw- en milieuregelgeving in de periode 2022-2025 bezocht moeten worden.

Om de lasten voor het bedrijfsleven te beperken zal het bouw- en milieutoezicht zoveel mogelijk worden gecombineerd in één bezoek. De provincie draagt op basis van 50% cofinanciering bij met in totaal maximaal € 72.661 euro voor de gemeente Diemen voor de duur van het convenant (4 jaar). Met het in 2022 op te stellen lokale plan van aanpak zal duidelijk moeten worden welke daadwerkelijke inzet en financiën de uitvoering van het convenant voor de periode 2023-2025 vraagt. Zodra dit duidelijk is zal dit in de betreffende kwartaalbrief (Q4 2022 of Q1 2023) worden opgenomen.

4.6

Programma Leefomgeving en klimaat

4.6.1 Stijging kosten groenonderhoud In de afgelopen jaren verzorgde Pantar het gazon maaien in de gemeente Diemen. Pantar heeft aangegeven dat zij niet meer beschikken over het personeel en de machines voor deze werkzaamheden. Inmiddels zijn de werkzaamheden aanbesteed en wordt het werk uitgevoerd door een aannemer. De kosten stijging die hier mee samenhangen zijn € 85.000. De reden dat er een dermate sterke kostenstijging is komt doordat de grasmaaiwerkzaamheden aan Pantar waren gegund in een economisch zeer voordelige tijd. Hierdoor vielen de kosten afgelopen jaren veel lager uit dan marktconform was. Eind vorig jaar liepen er diverse onderhoudscontracten af die begin dit jaar aanbesteed zijn dan wel worden. Gezien de huidige inflatie wordt er naast het eerder genoemde financieel effect verdere kostenstijging verwacht van de groenwerkzaamheden. Deze worden begroot op € 90.000 . In totaal dus € 175.000 voor de groenwerkzaamheden. Naar aanleiding van deze toename in kosten zal er in combinatie met het nieuwe collegeakkoord in 2023 en het nieuw op te stellen kwaliteitsplan openbare ruimte integraalgekeken gaan worden aan welk kwaliteitsniveau we willen gaan voldoen voor de komende jaren. Hiermee zou het mogelijk moeten zijn om de kosten stijging iets te dempen. Daarnaast is de verwachting dat niet alle kosten blijvend hoog zullen zijn.

Mede naar aanleiding hiervan worden de onderhoudscontracten slechts voor 1 jaar aanbesteed in plaats van de gebruikelijk 4 jaar. Overigens dient vermeld te worden dat de afname van kwaliteit tot gevolg zal hebben dat er meer klachten gaan komen zoals dit in het verleden ook is gebeurd. Dit komt doordat de 4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen: 4.5 Programma Gebiedsontwikkeling

Pagina 28

bewoners een hoge kwaliteit van het groenonderhoud gewend zijn. Het advies is dan ook om het verlagen van de kwaliteit als laatste redmiddel in te zetten en eerst het prijspeil van 2023 aan te kijken. Geadviseerd wordt om het tekort van € 175.000 voor het budgetjaar 2023 aan te vullen. In dit jaar zal gekeken gaan worden hoe om te gaan met de prijsstijging voor de komende jaren.

4.7

Programma Samen besturen

4.7.1 Uitbreiding griffie Als gevolg van de groei van Diemen is ook het aantal raadsleden toegenomen. Anticiperend daarop heeft de werkgeverscommissie een voorstel voor een toekomstbestendige griffie in ontwikkeling. De raadsfracties hebben inmiddels aangegeven een uitbreiding van de griffie wenselijk te vinden. Geacht wordt aan de uitbreiding met een raadsadviseur op het niveau van schaal 11 vanaf 1 januari 2023. De raad zal in september daar een inhoudelijk voorstel voor ontvangen. Het gaat om de uitbreiding van 32 uur, schaal 11 (€ 100.000). 4.7.2 Informatieveiligheid Ensia-coördinator Het onderwerp Informatieveiligheid wordt steeds belangrijker door toenemende IT-bedreigingen en acties die daarop moeten worden uitgevoerd door Duo+ om de omgevingen veilig te houden. Zo zijn er steeds scherpere wettelijke eisen vanuit de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) en aanpalende regelingen waaraan de gemeentelijke ICT moet voldoen. De gemeenten en Duo+ moeten aan de Rijksoverheid verantwoording afleggen over het gevoerde informatieveiligheid en de acties die aan de hand daarvan uitgevoerd zijn. Deze verantwoording leggen de gemeenten en Duo+ af door middel van de Ensia. Via dit stelsel leggen de gemeenten gestructureerd verantwoording af over de BAG, BGT, BRO en Suwinet. De audits hiervoor nemen in intensiteit en complexiteit toe.

De audits worden getoetst door een externe auditor. Tot nu toe stuurde de CISO het Ensia-proces aan. Dit is door de toegenomen hoeveelheid werk niet meer te combineren. Daarom is uitbreiding van de formatie noodzakelijk. De Ensia-coördinator stuurt voor de 4 DUO-organisities de controle aan. De kosten voor Diemen bedragen € 20.000. Medewerker informatieveiligheid Gemeenten worden steeds meer afhankelijk van de digitale omgeving en daardoor wordt informatieveiligheid steeds belangrijker. Een recente 'hackerstest' heeft adviezen voor verbeteringen van de beveiliging opgeleverd die projectmatig zouden moeten worden opgepakt. Aanvullend wordt de hoeveelheid dagelijkse informatiebeveiligings en -beheertaken steeds groter. Te denken valt dan aan het up-to-date houden van systemen, het bewaken van technische signalen, interpreteren van logfiles en hierop acteren wanneer nodig. De huidige beheercapaciteit is onvoldoende om hier in de toekomst goede invulling in te blijven geven. I&A is voldoende bemenst voor advies en ander 'denkwerk', maar de capaciteit voor daadwerkelijk uitvoeren is onvoldoende in zowel tijd als (beveiligings-)technische achtergrond. De huidige systeembeheerders hebben de handen al vol.

Er is een situatie te ontstaan waar we ook overdag moeten kiezen tussen - niet alle vereiste of anderszins benodigde werkzaamheden (tijdig) uit te voeren, en daarbij risico’s lopen op ‘hacks’; - de functionaliteit van en de toegang tot systemen dusdanig in te perken dat de gebruiksvriendelijkheid sterk wordt verminderd; en/of - functionele onderhoudstaken en verbeteringen terzijde te leggen om benodigde beveiligingswerkzaamheden op te pakken.

4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen: 4.7 Programma Samen besturen

Pagina 29

Voorstel is de nieuwe functie van medewerker informatiebeveiliging te creëren. Ook wel een 'OpSec Officer' genoemd (Operational Security). Door een specialist aan te nemen kan de kwaliteit worden verhoogd. Ook ontlast het de huidige systeembeheerders die dan meer kunnen focussen op de andere beheertaken. De kosten voor deze nieuwe functie zijn voor Diemen € 35.000 per jaar. 4.7.3 Werken met data Data-analist Datagedreven werken en sturen is al een aantal jaar een trend die inmiddels ook onder gemeenten steeds meer toepassing vindt. In toenemende mate worden er bij I&A vragen neergelegd om data te genereren en te ontsluiten, voor gebruik in zowel de processen als bij besluit- en beleidsvorming. Bijvoorbeeld in het kader van de Omgevingswet, het Sociaal Domein en rapportages rondom Burgerzaken maar ook rondom onderwerpen als ondermijning en spookbewoning. Daarnaast wordt het verzamelen en publiceren van data steeds belangrijker, onder meer uit het oogpunt van transparantie. Steeds vaker dringt het besef door dat de data die overheden verzamelen als het ware niet van hen maar van de burger is en als zodanig structureel openbaar gemaakt dient te worden, vanzelfsprekend op veilige wijze die bovendien de privacy respecteert.

Met de recente inwerkingtreding van de Woo (Wet openbare overheid) zijn we zelfs verplicht bepaalde gegevens publiek raadpleegbaar ter beschikking te stellen en dat worden er de komende jaren alleen maar meer. Deze ontwikkelingen vragen steeds meer van zowel de resources als de betreffende expertise bij I&A. Bijvoorbeeld structurele ondersteuning van het Sociaal Domein bij het werken met data, zoals dat nu reeds in projectvorm gebeurt bij de betreffende twee programma’s datagedreven werken. Een ander voorbeeld is dat voor de handhaving in het kader van ondermijning en spookbewoning verschillende databronnen aan elkaar gerelateerd worden. Dit is een nieuwe, toenemende vraag vanuit de DUO-organisaties waar nu al niet aan voldaan kan worden, en bovendien een zeer specifieke skillset vereist. Op dit moment wordt hiertoe vanuit verschillende organisatieonderdelen inhuur gepleegd, wat een nadelig effect heeft op kennisretentie en ook een stuk duurder is. Het is efficiënter en effecttiever om zelf een data-analist in huis te halen. Voor Diemen levert dit een extra bijdrage van € 35.000 op. Rapportages en dashboards Al enige jaren worden vanuit het programma 'Monitoring en Sturing' rapportages en managementdashboarden gemaakt voor de vier DUO-organisaties. Gebleken is dat de vraag naar rapportages en dashboarden onverminderd door blijft gaan.

Het ontwikkelen en maken van deze rapportages is specialistisch werk en is daarom uitbesteed. Gezien het structurele karakter en de meerwaarde van actuele monitoring en daaruit volgende sturing stellen wij voor een structureel budget beschikbaar te stellen van € 15.000 per jaar. 4.7.4 Arbeidsmarkt, werving en selectie Er is op dit moment sprake van een grote arbeidsmarktkrapte. De voorspelling is dat deze krapte voorlopig nog aanhoudt. In lijn met deze landelijke trend, hebben ook de vier DUOorganisaties steeds meer te kampen met (grote) uitdagingen hun vacatures in te vullen en goede medewerkers aan zich te binden. Dat betekent dat er vanaf 2022 en verder steviger ingezet zal worden op werving en selectie. Voorstel is de capaciteit voor werving en selectie structureel met 8 uur per week uit te breiden (€ 5.000 voor Diemen). Daarnaast wordt ingezet op de volgende acties:

4 Totaaloverzicht autonome ontwikkelingen: 4.7 Programma Samen besturen

Pagina 30

1. Goede arbeidsmarktstrategie, waarin met de vier organisaties gezamenlijk opgetrokken wordt maar waar voldoende ruimte blijft voor ‘couleur lokaal’. Structureel verhoogt dit de bijdrage van Diemen met € 20.000 per jaar. 2. Meer inzet op werving en selectie, met een doorontwikkeling van de wervingen selectiefunctie naar een regiefunctie, samenwerkingsafspraken met bureaus voor specialistische functies of moeilijk in te vullen vacatures, het aanpassen van de website naar een ‘werken-bij-site’. Incidenteel levert dit een extra bijdrage van € 20.000 op voor Diemen. Ingezet wordt op het opstarten van arbeidsmarktcommunicatie en – strategie, medewerkersreizen, proffesionaliseren website etc. Structureel is € 10.000 nodig voor onderhoud arbeidsmarktcommunicatie, abonnementen, promotieactiviteiten en een recruiteraccount voor Linkedin 3. Meer inzet op boeien en binden van huidige medewerkers, door stevigere inzet op opleiding, ontwikkeling en interne mobiliteit. Totaal wordt incidenteel voor 2023 een extra bijdrage van € 20.000 gevraagd en structureel een hogere bijdrage van € 35.000. 4.7.5 Arbozorg Binnen team P&O is onvoldoende capaciteit en kennis beschikbaar om uitvoering te geven aan verplichte arbotaken.

Dat was voorheen ook al het geval maar openbaart zich steeds meer door het groeiende aantal werknemenrs en de strenger worden arbonormen welke zich vertalen in de jaarlijks risicoinventarisatie en evaluatie (RI&E). Voor 2023 wordt structureel budget gevraagd voor het aannemen van een preventiemedewerker (1,0 fte) voor alle DUO-organisaties. De benodigde specialistische- en beleidstaken, zullen blijven worden uitbesteed. Hiervoor is eveneens structureel budget gevraagd. Dit leidt voor Diemen tot een extra bijdrage van € 45.000. 4.7.6 Stadsarchief Amsterdam (E-depot) Het Stadsarchief heeft een nieuwe dienstverleningsovereenkomst (DVO) opgesteld omdat de huidige overeenkomsten verouderd zijn en onvoldoende rekening houden met de digitale ontwikkelingen en wensen van de aangesloten gemeenten. In de huidige berekening van de kosten van de dienstverlening is de aansluiting op het E-depot niet meegenomen. De bijdrage aan Stadsarchief Amsterdam wordt door de uitbreiding van diensten met een E-depot € 25.000 hoger dan voorheen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Diemen&id=a66c1548-0b1f-4336-a987-9dd97da96f3c