CConstaterende datDiemen
Koppel je AI →
Document · PDF

Gemeenteraadsveradering 17 december 2020 notulen.docx

Gemeenteraadsvergadering 28 januari 2021, gemeente DiemenBij agendapunt: Vaststellen notulen16.237 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

daar zitten een paar dingen in die minder kloppen maar dat is dus met name in die kamerverhuur wat we in een hoop bestemmingsplannen in Diemen uitgesloten hebben. Dus niet kamerverhuur maar het verkameren. Dus met meerdere personen in een huis wonen terwijl je geen huishouden vormt. Dat is in het bestemmingsplan van Holland Park niet uitgesloten. Dat is in die tijd zo tot stand gekomen en het was toen ook niet zo’n item en daarvoor is de modelverordening van de VNG gebruikt. De meeste gemeenten sluiten dat niet uit maar we gaan dat nu dus in die woonruimteverordening alsnog uitsluiten en dan kunnen nieuwe situaties op dat punt niet meer ontstaan. Mevrouw WIELAGE: dank u voorzitter. U zegt van we hebben dit in Holland Park West nu uitgesloten maar in Diemen Noord gebeurt dat toch ook gewoon. Daar worden ook woningen verkamerd en daar wordt niets aan gedaan. Wethouder SCHOLTEN: voorzitter, in een hoop bestemmingsplannen sluiten we dat uit. Ik weet niet in welke specifieke situatie dat in Diemen Noord is maar dat laat ook precies zien dat je het in bestemmingsplannen wel uit kunt sluiten en op het moment dat het gebeurt, zijn er 2 dingen: A.

Je moet het weten als gemeente want anders kun je niet optreden en B moet je dan de bewijsvoering zodanig bij elkaar weten te brengen dat je aan kunt tonen dat het niet één huishouden is en als dat niet het geval is maar dat geldt dus ook in de nieuwe huisvestingsverordening. Dus je moet het wel allemaal aantonen als gemeente en het feit dat het niet mag betekent niet automatisch dat iedereen het dan ook niet meer doet. Dat geloof heb ik al jaren terug opgegeven. Dus verbieden is één en optreden is twee en gelukkig zitten wij in een gemeente samen met een burgemeester die heel stevig en actief is op het aanpakken van dat soort zaken. Daar hebben we dus nu al een hele hoop instrumenten voor maar de bewijsvoering is altijd heel lastig. Dus u heeft ook gezien in de vorige begroting en in deze begroting dat we er extra geld voor uittrekken en in de toelichting staat ook dat dat met name voor de juristerij eromheen is want het is dus reuze ingewikkeld. Bij mij in de straat speelde een casus van verkamerde vakantieverhuur. Daar hebben we 2,5 jaar over gedaan inclusief het tussentijds opleggen van bestuurlijke boetes om die situatie ook daadwerkelijk te beëindigen en het was daar aan alle kanten verboden. Mevrouw WIELAGE: dank u voorzitter.

We hebben het nu over extra geld voor Operatie Scheerlicht maar is er dan ook geen extra geld nodig om de nieuwe regels uit deze huisvestingsverordening te kunnen handhaven? Hebben we daar geld in de begroting voor opgenomen om die zaken volgend jaar ook daadwerkelijk te gaan handhaven? Wethouder SCHOLTEN: voorzitter, voor een deel staat er dat we ook nog een gesprek gaan hebben over de prioritering van de opsporingscapaciteit die de gemeente Diemen in dienst heeft maar ik gebruik even een voorbeeld van een situatie die we regelmatig bij Operatie Scheerlicht tegengekomen dat het regelen van een sluitende bewijsvoering die stand houdt bij de rechter vaak tijd kost en de beroepsgangen in het administratief recht zijn natuurlijk ook veelzijdig. Dat begint al met de interne bezwaar- en beroepscommissie en dan loopt als je wilt door in sommige gevallen tot de Raad van State en dan is er soms nog de cassatierechter. Dus dat is lastig. Verbieden is één, bewijzen is twee en naarmate het verbod zich verder achter de voordeur afspeelt wordt de bewijsvoering door de overheid in zijn algemeenheid lastiger. Dat geldt niet alleen voor dit soort zaken maar voor een hele hoop zaken die in het private domein plaatsvinden. 20

Dus wat die huisvestingsverordening met name regelt is het gebruik van woningen voor wonen en allerlei ander misbruik konden we al aanpakken en dan kunnen we nu soms de huisvestingsverordening ook nog inzetten maar dat betekent niet dat je dan met 2 kanonnen schiet maar met 3 kanonnen. Je kan nog steeds schieten maar dat kon je al met een hele hoop dingen. Alleen op het gebied van de verkamering hebben we in een aantal bestemmingsplannen in Diemen, dan is die huisvestingsverordening echt behulpzaam omdat dat in de betreffende bestemmingsplannen niet of voldoende geregeld is. Overigens kondig ik wel aan dat we over een tijdje ongetwijfeld ook een discussie hebben over kamerverhuur omdat dit in een aantal situaties voor mensen echt het huisvestingsprobleem oplost. Dus om het op de lange termijn compleet uit te sluiten, daar moeten we het met elkaar nog eens een keer over hebben. Er is ook nog gezegd verkeerde mensen in verkeerde woningen. Wat we in de vorige huisvestingsverordening al regelden voor met name de sociale woninghuur inkomenscategorieën bij bepaalde woningen maar ook daar geldt dat wanneer je inkomen groeit kun je daar in principe blijven zitten. Dat hebben we nu uitgebreid naar de middeldure huurwoningen. Dus de koppeling huurprijs/inkomen wordt hier geregeld.

Dat is een deeltje misschien van verkeerde mensen in verkeerde woningen en andere verkeerde mensen in verkeerde woningen, daar hebben we een ander instrumentarium voor om dat in principe aan te pakken. Dus daar gaat deze huisvestingsverordening verder niet op in. Nog even over de verkamering. Ik ga ook nog een keer een schriftelijke vraag aan de portefeuillehouder Scheerlicht stellen, namelijk in hoeveel situaties we bij Scheerlicht ook daadwerkelijk verkamering de oorzaak was van de misstanden die daar plaatsvonden. Ik vind dat zelf nog wel een interessante vraag. Heb je als buur ook last van verkamering, dan hebben we artikel 2.78 van de APV die daar daadwerkelijk tegen op kan treden. Op motie 1 heb ik ook al schriftelijk gereageerd. Ik weet uiteindelijk niet precies op basis waarvan wat er onderzocht moet worden. Er zitten allerlei overwegingen bij waar ik ook diverse kanttekeningen bij geplaatst heb. Ik heb hier geen behoefte om dat allemaal te herhalen. U heeft dat kunnen lezen. Motie 2, met het dictum kunnen wij leven. In de overwegingen zitten 2 zinnen die ook in de overwegingen van motie 1 van commentaar zijn voorzien. Datzelfde commentaar geldt ook bij de overwegingen van motie 2 maar uiteindelijk om te onderzoeken of verkamering ook nog in bestaande situaties wellicht kunnen worden tegengegaan, uit kan roeien, uit kan faseren.

Ik denk dat dat een verstandig onderzoek is waarbij ik wel moet waarschuwen dat dat een complex ding is waar veel gemeenten naar op zoek zijn. We gaan ook even kijken hoe andere gemeenten dat wel of niet doen en of dat stand houdt bij de rechter maar het lijkt mij een verstandig onderzoek. De leerkrachten. De heer Prins van de Ouderenpartij Diemen stelt voor zullen we elke school één keer per jaar het recht geven om iemand voor te dragen voor zo’n woning. Ik vind dat een interessante gedachte. U heeft in de toelichting en vragen beantwoording over de sociale huur ook gezegd over hoe weinig sociale huurwoningen we het hebben. Dus op het moment dat u die allemaal in een sociale huurwoning kwijt wilt gaan dat ongetwijfeld ten koste van andere woningzoekenden en volgens mij is het hier met name relevant dat als een school knel komt in zijn personeelsbeleid omdat weliswaar die mensen er willen werken en in de hele regio geen woning willen, ik denk dat dat een verstandige oplossing is maar om het nou verder uit te breiden richting ook al heb je een woning, dan mag je nog voor. Dat gaat weer ten koste van de mogelijkheden van iemand anders. 21

Ons Diemen zegt nog even die toewijzing. Urgenten gaan altijd voor zegt de heer Advokaat. Dat wil hij graag in de nieuwe regels geregeld hebben maar dat is in de huidige regelgeving ook al geregeld dat urgenten altijd voorgaan. Op een aantal punten gaan we weer over naar de directe bemiddeling. Lokale voorrang was geregeld en blijft geregeld, ook in de nieuwe regionale afspraken die wij maken. Regionale voorrang, daar zijn de collega’s niet voor te porren en waarom niet, omdat nagenoeg alle woningzoekenden die in een sociale huurwoning geplaatst worden op een of andere manier regionale binding hebben. Ze wonen nagenoeg allemaal of ze werken nagenoeg allemaal in de regio en dat is ook vaak de reden dat mensen graag die woning in de regio willen hebben.

Dus het is een voorrangscriterium wat geen daadwerkelijk effect heeft omdat nagenoeg alle woningen al aan mensen met een of andere regionale binding worden toegewezen en die heeft in de administratieve uitwerking enorme effecten in de werkwijze van Woningnet en wat er geautomatiseerd moet worden en wat de administratieve lasten voor corporaties zijn maar ik wil daar uitgebreid op terugkomen wanneer wij in het voorjaar de beleidsregels gaan bespreken over de nieuwe toewijzing want ik kan u wel zeggen dat wij dat vandaag besproken hebben met alle portefeuillehouders uit onze woningregio en dat alle portefeuillehouders ingestemd hebben met een geweldig ingewikkeld compromis wat daar ligt, waar veel over op te merken is en waarvoor ook geldt wat voor elk compromis geldt, niemand houdt van een compromis maar uiteindelijk kan iedereen het wel omarmen maar ik kom daar in het voorjaar uitgebreid op terug en ik begrijp uw inzet. De wijzigingen van de minister. Dat is ze allemaal voornemens. U kunt ook nog tot volgende week dinsdag reageren op een internetconsult wat de minister doet over opkoopbescherming en tijdelijke verhuur. Daar is de minister bezig met de voorbereiding van wetgeving. Geen idee wanneer dat daadwerkelijk tot wetgeving komt en de Tweede en Eerste Kamer gepasseerd heeft. Dat zien we overigens wel ruim van tevoren aankomen.

Dus mocht dat leiden tot de noodzaak van verandering van de verordening, dan gaan we niet wachten tot de Eerste Kamer het vastgesteld heeft. Dat kunnen we wel voorbereiden, parallel aan de behandeling in de Tweede Kamer. Dan duurt het meestal nog even voordat het wet is maar dan kunnen we ons daarop voorbereiden. Overigens is het het voornemen van de minister om dat in april 2021 te doen. De heer ADVOKAAT: dank u voorzitter. Bedankt meneer Scholten voor de beantwoording en ook voor de technische vragen die zeer uitvoerig zijn beantwoord. De volgorde onderschrijft u eigenlijk. Dat blijkt wel uit de praktijk maar zo staat het nog niet in de verordening. In de verordening staat nog steeds als eerste 50% voor de regio en het gaat ons er juist om. U heeft onder andere Den Haag gebruikt als voorbeeld in de verordening. Den Haag maakt ook een duidelijk onderscheid tussen de verschillende categorieën. Dus urgenten, lokaal, regionaal en overige binnen de wettelijke kaders die er nu al zijn. Dus ik vind dat wel een interessante gedachte. Dus ik wou graag weten of de heer Scholten nu de toezegging had gedaan, ja of nee, dat hij dit meeneemt in de regio? De heer PRINS: dank u voorzitter. Los van de tweede termijn vroeg ik mij af of het nuttig zou zijn om even een schorsing te hebben. Daar kunnen we zo meteen misschien eventjes op terugkomen.

Ik constateer wel dat de wethouder op heel veel dingen is ingegaan maar niet op onze opmerking in eerste termijn of het college ons destijds wel de juiste regelgeving heeft voorgelegd voor Holland Park maar dat is achteraf. Ik ben het helemaal eens met mevrouw Kuilman dat wonen een recht is en dat de verordening een stap vooruit is maar die 22

verordening geldt dus alleen voor nieuwe gevallen vanaf 1 januari en wat betreft verkamering van voor 1 januari aanstaande, dat wordt door het college niet aangepakt en daar zit bij ons het pijnpunt dat we een situatie hebben toegestaan in de afgelopen jaren en volgens mij is het zelfs zonder vergunning gegaan, dat we opgezadeld zijn met een aantal woningen die oneigenlijk gebruikt worden en waar we dus blijkbaar niets aan kunnen doen, behalve dan via een uitsterfbeleid en dat is ook wel de kern en de reden voor in ieder geval de tweede motie want die is toegespitst op die verkamering. Ik ben op zich wel, als ik het tenminste goed begrepen heb, blij met de opmerking van de wethouder dat die met het dictum en het onderzoek kan leven. Hij heeft de overwegingen waar hij wat moeite mee had verder niet toegelicht. Dus daar zal ik hem ook niet over doorvragen. Wij zijn er inmiddels ook achter dat de huisvestingsverordening niet alle problemen regelt en oplost maar we hebben te vaak in het verleden meegemaakt dat als deze punten aan de orde kwamen, dan werden wij verwezen naar de bestemmingsplannen en als de bestemmingsplannen aan de orde kwamen werden wij verwezen naar de huisvestingsverordening en als de huisvestingsverordening aan de orde kwam werden we verwezen naar de doelgroepenverordening en in een eerder stadium werd gezegd van je moet eerst alles regelen in de woonvisie.

Dus ik blijf mij toch in deze discussie voor een deel gestuurd voelen van het kastje naar de muur, ook omdat het college niet duidelijk genoeg ons heeft geïnformeerd, ook niet in de informatieve raadsvergadering, over de reikwijdte van deze huisvestingsverordening, met name wat betreft misstanden en oneigenlijk gebruik die in het verleden al zijn ontstaan. Daar kunnen we dus niets mee en dat geeft mij het gevoel dat we in het verleden iets verkeerds hebben gedaan. Wat weet ik niet. Ik ben het helemaal eens met mevrouw Wielage die zegt als die verordening er eerder was geweest hadden we een deel van die situaties in Holland Park niet gehad. Hij ligt pas nu voor in december 2020. Dat is een keuze geweest van het college en misschien onder druk van tijd en ambtelijke capaciteit, dat geloof ik allemaal wel maar nogmaals, als die er eerder was geweest, dan hadden we een deel van de misstanden eerder kunnen voorkomen. Hier laat ik het even bij in tweede termijn. Laten we de termijn maar even afwachten want misschien hebben de andere fracties nog wat meer te zeggen over de moties maar misschien is het toch goed om zo meteen even te schorsen voor overleg tussen de indieners. Mevrouw VAN SCHOOT: dank u voorzitter.

Dank voor de informatie in ieder geval wat betreft de middenhuur want er was bij mij toch een beetje verwarring daarover omdat toch gesuggereerd wordt alsof dat iets is dat vanuit Den Haag geregeld wordt. Het blijkt juist helemaal niet zo te zijn en op het moment dat er wel wat aan gedaan kan worden in 2019 heeft de wethouder ook aangegeven dat dat is opgepakt. Dus het is voor de VVD om te kijken wat er landelijk kan worden ingezet om te zorgen dat er echt iets aan die middenhuur gedaan wordt en dat daarvoor een beleid gevoerd wordt zodat dat ook in Diemen mogelijk wordt. Verder heeft de wethouder aangegeven dat hij het onderzoek naar de verkamering een interessante gedachte vond. Ik zou dan willen voorstellen kan de wethouder toezeggen dat hij dat onderzoek gaat doen zodat we over die motie niet verder hoeven te discussiëren? Ik begrijp uit de verordening zoals die nu voorligt, dat met name dat stukje van die verkamering heel duidelijk wordt aangepakt en zoals ik heb aangegeven dat veel ongewenste situaties zoals het bijvoorbeeld de sociale samenhang in een buurt kan tegenwerken omdat mensen zich met elkaar wat minder betrokken voelen. In die zin heb ik dat aangehaald als onwenselijk. In mijn straat zijn er 2 woningen verkamerd en dat draagt niet echt bij aan de samenhang in zo’n straat. Dus in die zin vond ik het ongewenste praktijken. 23

De heer BERKHOUT: dank u voorzitter. Ik reageer nog even op de 2 moties die zijn ingediend. Ik richt mij met name op de tweede motie want in eerste instantie toen wij de stukken lazen dachten wij van het kan niet zomaar spelregels veranderen maar ik begrijp net van de heer Scholten dat hij misschien toch nog ergens een sluipweggetje weet. Nogmaals, ik ga ervan uit dat we de spelregels niet kunnen veranderen want wat er is, is er maar als je een sluipweg weet en het netjes kan toepassen, dat wil ik dan wel graag horen van de heer Scholten. Het is natuurlijk prachtig als het kan want we wilden juist graag van de verkamering af. De eerste motie, daar ben ik nog niet zo zeker van maar wij waren er als fractie tegen want we vonden hem nog een beetje onduidelijk en vooral de punten die genoemd zijn om te onderzoeken waarvan de heer Scholten net al zei, en volgens mij heb ik dat ook al een paar keer gezegd, daar is al instrumentarium voor om dat aan te pakken en ik geloof dat de heer Scholten net geroepen heeft zelfs met bepaalde artikelen met name, dus daar zijn we niet voor maar voor de tweede motie wacht ik even de reactie van de heer Scholten af. Daar staan we dan wel voor open mits dit netjes verloopt natuurlijk. Mevrouw WIELAGE: dank u voorzitter. De VVD-fractie kan zich vandaag weer aansluiten bij het betoog in tweede termijn van de heer Prins.

Die zei het prima zoals wij er ook over denken. De heer Berkhout zei het net ook van het kan niet en dan kan het misschien toch wel met die verkamering op bestaande woningen. Misschien weet de wethouder een sluipweggetje. Ik vind dat een beetje rare terminologieën. Iets kan wel of iets kan niet en we hadden ook begrepen dat het advies was geweest, ook aan de heer Prins, om de motie op deze manier aan te passen en wij wilden graag voor de discussie ook de eerste motie besproken hebben. Gelukkig hebben we dat vanavond ook gedaan. Natuurlijk willen wij ook niet die verkamering in bestaande woningen en ik neem aan dat u als u praat over verkamering het heeft over de kamergewijze verhuur van woningen en niet een woning delen want daar kunnen mensen ook allemaal een aparte kamer hebben maar dat we het echt hebben over aparte huurcontracten voor die aparte kamers. Dat wil ik dan nog wel even graag horen van de wethouder en dan vind ik het eigenlijk raar dat die zegt van dien dan maar zo’n motie in want daar kan ik wel wat mee en dan denk ik hoezo, wij zijn zo lang bezig geweest met die huisvestingsverordening. Ik ga ervan uit dat u al lang weet of dat kan, of we iets met die kamergewijze verhuur in bestaande woningen kunnen doen en dat u dit nu niet nog eens helemaal moet gaan onderzoeken.

Dat verbaast ons maar blijkbaar weet u dat niet en moet u dat nog onderzoeken ondanks al die instrumenten die ons al ter beschikking staan. Dus wij willen graag zo direct even schorsen maar wij vinden het een rare wending vanavond dat er toch nog zaken zoals dit blijkbaar onduidelijk zijn en ook voor de wethouder zelf. Dus graag een schorsing zo direct. Wethouder SCHOLTEN: dank u voorzitter. Ik heb het over verkamering, dus aparte kamers met een apart huurcontract. Ik wil dat onderzoek graag doen. Dat gaan we overigens niet alleen doen want ik sluit mij gewoon aan bij vele gemeenten die op zoek zijn naar het antwoord en er lopen overigens ook nog een aantal juridische procedures. Dus we gaan op zoek en als we een weg geweten hadden, dan hadden we hem al toegepast en dan had ik ook reclame gemaakt bij al die andere gemeenten die met hetzelfde probleem worstelen maar dan nog, wat motie 2 oproept is om een onderzoek te doen en een inspanning en dat moeten we ook doen want het zit bij mij ook een beetje dwars in mijn keel dat we dat niet kunnen aanpakken. 24

Overigens, ik doe dat samen en ik heb in mijn eerste betoog ook al gezegd dat daar best enige tijd overheen kan gaan voordat we daar daadwerkelijk een goed antwoord op hebben. Mevrouw WIELAGE: dank u voorzitter. Heeft u enig idee hoe vaak dat voorkomt want is het niet vaak een kwestie van woningdelen dat één iemand een contract heeft of dat 3 mensen samen een huurcontract hebben? Heeft u enig zicht in hoeverre dat echt kamergewijze verhuur is, of dat vaak voorkomt, of dat het een kwestie is van woningdelen? Wethouder SCHOLTEN: dat is een hele goede vraag. Dat kunnen we op basis van onze basisregistratie niet altijd vaststellen. Er staan meerdere inwoners ingeschreven op één adres. Hebben die wel of niet één huishouden? Hebben die meerdere huurcontracten of hebben ze één huurcontract? Dat is wat ik net zei dat de publieke macht achter de voordeur een beetje ophoudt en op een aantal punten worden we ook nog geplaagd door allerlei componenten van privacybescherming. Dat maakt het vraagstuk dus ook razend ingewikkeld en het geeft mensen soms ook een geweldige smoes want als ze het juiste verhaal vertellen, dan wordt het ongeacht op basis van welke regel we het precies aanpakken gewoon ingewikkeld. De heer SIKKING: dank u voorzitter. Ik wil de wethouder vragen om even duidelijk te zijn. Neem het dictum van motie 2 gewoon over want dan kunnen we weer verder.

Wethouder SCHOLTEN: voorzitter, ik heb al gezegd dat ik het een interessant onderzoek vindt maar voor alle helderheid voor iedereen die dat vraagt. Gaat u dat uitvoeren? Ja, dat gaan we uitvoeren. Gaan we dat ook doen op het moment dat u de motie niet meer indient? Ja, dat gaan we ook doen op het moment dat u de motie niet indient omdat dit ook al op ons eigen lijstje stond want het blijft een beetje een graat in de keel, dus ja. Motie 1 overigens, dat mag helder zijn, ook in de schriftelijke reactie die ik gegeven heb, is dat we die juist ontraden. We blijven natuurlijk met de termen oneigenlijk gebruik et cetera zitten. Dat is permanent een definitieding. Dus op het moment dat daar gewoond wordt, dan wordt het al vrij snel eigenlijk gebruikt en daar spelen verhuurders of hoofdverhuurders soms ook een rol. Dus het gaat echt om oneigenlijk gebruik in relatie tot de beperkingen die de huisvestingsverordening oplegt en alle andere dingen die u oneigenlijk vindt, vinden wij vaak ook oneigenlijk maar daar zijn bijna altijd andere instrumenten voor aanwezig om daartegen op te treden. De heer Advokaat zegt van kijk ook eens naar Den Haag.

Meneer Advokaat, wij hebben hier in de regio die 50% regionale binding zo geformuleerd om uiteindelijk die 25% lokale toewijzing te kunnen doen want in de regelgeving, niet van de gemeente Den Haag maar van het rijk in Den Haag, staat dat je in schaarstegebieden over mag gaan tot regionale toewijzing van maximaal 50% van de woningen en dat van die 50% de helft, dat is dus 25%, lokaal mag. Daarom hebben we dat zo geformuleerd en urgenten gaan in principe voor. Daarom zijn ze ook urgent maar daarom zijn we ook heel schaars met het verstrekken van urgentieverklaringen omdat ze op basis van die urgentieverklaring altijd voorgaan. De heer ADVOKAAT: voorzitter, Den Haag, ‘s-Gravenhage, maakt ook deel uit van een regio en die heeft binnen die regio wel degelijk afspraken gemaakt en eigenlijk geformaliseerd wat hier in de praktijk al gebeurt. Dus wat ik enkel maar vraag is kan het naar aanleiding van ook de praktijk niet beter geformaliseerd worden in betere duidelijker regels, ook naar de bewoners toe dat ze weten van er zit hier een wethouder die ook voor de inwoners opkomt en dat is niet zoveel gevraagd, lijkt mij. 25

Wethouder SCHOLTEN: voorzitter, die wethouder komt voor de inwoners op. In de huidige regelgeving is het al zo vastgelegd. Dat gaan we in de nieuwe regelgeving bestendigen. Wellicht dat de regio Den Haag andere formuleringen gebruikt maar ik kijk gewoon naar het effect. Urgenten gaan voor, lokale voorrang hebben we verder geregeld, met regionale voorrang doen we niks mee maar daar kom ik nog later op terug. We moeten het wel noemen maar we hoeven het niet in te vullen om die 25% te realiseren. Dat is in de huidige woningtoewijzingregels die in de regio gelden overigens ook al zo geformaliseerd en als u zegt van het staat er misschien ingewikkeld, dan kunnen we daar nog eens naar kijken. Ik vrees alleen dat het vanuit de aard van de inhoud ingewikkeld geformuleerd blijft maar daar komen we later wel op terug. In dit deel van de huisvestingsverordening gaan we dat niet regelen maar het is geformaliseerd en het blijft geformaliseerd als het aan deze wethouder ligt. De VOORZITTER: er is behoefte aan schorsing. Ik schors de vergadering voor 10 minuten. De VOORZITTER: ik heropen de vergadering.

De heer PRINS trekt beide moties in nu het college heeft toegezegd dat onderzocht zal worden of eerder verkamerde woningen, die inmiddels tot de bestaande woningen behoren en dus buiten de reikwijdte van de nieuwe Huisvestingsverordening vallen, toch onder de regels van de nieuwe verordening gebracht kunnen worden. De VOORZITTER concludeert dat het raadsvoorstel unaniem is aangenomen. 3.

Belastingverordeningen 2021

De heer SIKKING: voorzitter ik vind het jammer dat we niet per verordening kunnen stemmen, wij hebben alleen een probleem met de verhoging in de afvalstoffenverordening, met de andere verordeningen kunnen wij instemmen. De VOORZITTER: u kunt voor het besluit stemmen, waarbij u in een stemverklaring aangeeft tegen de verhoging in de afvalstoffenverordening te zijn. De heer SIKKING: dank u voor de suggestie, we zullen het zo doen. De heer JÄGERS: dank u voorzitter. De VVD is akkoord met de diverse belastingverordeningen. Dat geldt echter alleen niet voor de verordening afvalstoffenheffing 2021. Deze verordening voorziet opnieuw in een extra verhoging bovenop de inflatiecorrectie. De VVD is het niet eens met de structurele verhoging die beargumenteerd wordt met voornamelijk incidentele tegenvallers. Tegenvallers die veroorzaakt zijn door de corona. We zullen dus net zoals vorig jaar tegen de gevraagde beslissing moeten stemmen. Tenslotte was de verhoging van de afvalstoffenheffing ook een belangrijke reden voor ons om als VVD tegen de begroting te stemmen. De VOORZITTER: mag ik dat zo uitleggen dat, zoals ook de heer Sikking het uiteindelijk formuleerde, u wel voor het raadsvoorstel stemt maar met de aantekening dat u specifiek tegen deze verordening stemt? 26

De heer JÄGERS: nee, dat zullen wij niet doen. Wij willen niet het risico lopen om wellicht straks in de krant te moeten lezen dat de raad unaniem heeft ingestemd met de belastingverordeningen. De VOORZITTER: als dat zo wordt geformuleerd is dat ook geen juiste weergave van de vergadering maar het is uw goed recht om dat anders te zien maar dat zou niet de juiste conclusie zijn want de heer Sikking heeft gewoon duidelijk aangegeven dat zijn fractie tegen dat onderdeel is maar het is uw goed recht. De heer JÄGERS: maar wij kiezen voor duidelijkheid in dit opzicht. De VOORZITTER: dat is dan uw interpretatie want de heer Sikking is ook duidelijk volgens mij. De heer GEERTS: dank u voorzitter. De raadvoordracht is de uitvoering van wat de raad bij de begrotingsbehandeling besloten heeft. Bedragen zijn daar vastgesteld, de tekst niet. Alleen is nu de indexering verwerkt op elke verhoging. Aangezien we bij de tekst geen opmerkingen hebben gaan we akkoord met de raadsvoordracht. Graag nog wel een opmerking. In oktober hebben we de begroting behandeld. Daar zijn de nodige besluiten genomen. Het kan zijn dat er soms wensen waren die niet in vervulling zijn gegaan maar uiteindelijk heeft het wel geleid tot een raadsbesluit. Deze uitgangspunten moeten in de verordening opgenomen worden, een formele zaak.

Als je tegen stemt werk je eigenlijk niet mee aan het besluit wat door de raad aangenomen is. Dat gaat in dit geval echter slechts om het verwerken van de afspraken uit de vastgestelde begroting. Een tegenstem bij dit raadsvoorstel komt bijna over als ik heb bij de onderhandelingen misschien niet alles gekregen wat ik wilde en daarom werk ik in dit geval ook maar even niet mee terwijl het eigenlijk om het vaststellen van een verordening gaat om de gegevens uit de vastgestelde begroting erin te krijgen. Dat is jammer maar gelukkig mogen we stemmen voor, tegen en met een eventuele stemverklaring zoals een ieder die graag zelf wil maar toch wil ik het voorgaande nog even benoemd hebben. De heer SIKKING: dank u voorzitter. De heer Geerts legt het toch een beetje verkeerd uit. Wij hebben ook tegen de begroting gestemd. Dan zal het wel door de hele raad zijn geweest maar dan gaat u ons een beetje dwingen om toch tegen stemmen. Ik vind niet dat u dit zo algemeen mag neerzetten. De heer ADVOKAAT: dank u voorzitter. Ik ben het eens met de heer Sikking. De heer Geerts gaf juist de motivatie om hier tegen te stemmen. De VOORZITTER: tegen het hele raadsvoorstel interpreteer ik? Dan gaan we naar de besluitvorming. Dan kijk ik toch even naar de heer Sikking. Heeft u uw stemgedrag gewijzigd? De heer SIKKING: voorzitter, wij hebben ons stemgedrag gewijzigd. Wij gaan tegenstemmen.

27

De VOORZITTER: dan ga ik de lijst met namen af en dan kunt u uw stem uitbrengen. Na stemming blijkt dat 15 stemmen voor en 6 stemmen tegen zijn uitgebracht. Het voorstel is aangenomen. Voor het voorstel stemmen de leden Portegijs, Geerts, Kuilman, Prins, Den Heijer, De Graaff, Berkhout, De Haan, Poelwijk, Pietersen, Yildiz-Kaya, Van Schoot, Van Engelen, De Smalen en Van ’t Riet. Tegen het voorstel stemmen de leden Sikking, Smits, Jägers, Wielage, Timmer en Advokaat. 4.

4e kwartaalbrief 2020

De heer JÄGERS: dank u voorzitter. We hebben tijdens de informatieve raad van 3 december een aantal opmerkingen gemaakt over deze kwartaalbrief. Het ging over de extra kosten voor de afvalinzameling door de corona. We hebben het gehad over de nagekomen facturen met betrekking tot 2017 en 2018 met betrekking tot de jeugdzorg en over de boeterente van bijna € 345.000 met betrekking tot verkeerd aangegeven belastingen. Dat waren geen fijne berichten om te moeten lezen in deze brief maar helaas zijn deze zaken niet meer terug te draaien en dus zal de VVD instemmen met de gevraagde beslissing. De heer ADVOKAAT: dank u voorzitter. Ik kan mij af en toe voorstellen dat raadsleden problemen hebben met het ontcijferen van wat er nu eigenlijk bedoeld wordt. Zo is het ook met de afvalstoffenheffing. Ik zou een heel verhaal kunnen houden en dat wordt heel technisch maar dat ga ik lekker niet doen. Uiteindelijk komt het erop neer dat er € 150.000 gestort wordt in de egalisatiereserve en dat daarom het tarief verhoogd wordt maar de reserve is eigenlijk bedoeld om tekorten op te vangen, dus wat wil men met die 1,5 ton in die egalisatiereserve? Daarnaast is het hele idee van het afvalplan juist dat de afvalkosten naar beneden gaan, dus de heffing zou in feite lager moeten worden op termijn, dus waarom heb je dan zo’n hoge reserve nodig? Die vragen wil ik graag stellen aan het college.

De heer SIKKING: dank u voorzitter. Wij zitten ook met die afvalstoffenheffing dat er zoveel geld bij moet en ik zit nu de DVO met de Meerlanden te bekijken en daar kan ik niet echt de vinger achter krijgen of dat nou door ons gedaan moet worden of dat de Meerlanden een overeenkomst heeft waar ze extra geld uit kan halen. Dat kost ons nog even tijd want het is 52 pagina’s die we moeten doornemen en het is gebeurd. Het is terugwerkende kracht. Dus we kunnen niet tegenstemmen maar wij komen later nog terug op de hele DVO. Wethouder SCHOLTEN: dank u voorzitter. De extra kosten die voortvloeien uit extra aanbod van afval door onze bewoners en dat wijten we aan de verbouwdrift die in het begin van de coronacrisis nogal toesloeg. Daarom hebben we extra kosten moeten maken met als gevolg dat de egalisatiereserve negatief werd en dat negatieve hebben we opgeheven door dat te dekken uit de algemene reserve en daarmee staat die weer keurig op nul. Vervolgens hebben we de tarieven voor volgend jaar uitgerekend en daar speelt het verleden verder geen rol meer in. Ik ben benieuwd naar de bevindingen van de heer Sikking maar die krijgen we te zijner tijd nog wel. De heer ADVOKAAT: dank u voorzitter. De wethouder zegt dat de tekorten uit de egalisatiereserve werden gehaald maar hij bracht het in verband met de kosten van dit jaar.

Dat begrijp ik want dat staat ook in de kwartaalbrief van dit jaar maar ik begreep dat die egalisatiereserve leeg was. Dus in feite viel daar niets uit te halen. U vult gewoon die 28

egalisatiereserve weer aan en mijn vraag is met welk doel want die kosten gaan juist naar beneden want dat is het streven van het afvalbeleid. Wethouder SCHOLTEN: ik begrijp uw opmerking. Het BBV stelt vast dat egalisatiereserves niet negatief mogen staan. Op het moment dat die negatief staat we moeten we hem aanvullen en daar heb je 2 keuzes voor: doe je dat ten koste van de tarieven achteraf. Dat hadden we kunnen doen maar het college heeft ervoor gekozen om dat vanuit de algemene reserve aan te vullen, ook omdat het voor een deel incidentele kosten betreft maar hij mag dus niet negatief staan en daarom wordt die aangevuld. Zo simpel is het. De heer ADVOKAAT: dank u voorzitter. Dat u de hoogte wilt aanvullen oké maar hoeveel is het saldo nu dan? Staat die nu op 0 of staat die op 50 of staat die op 150? Kunt u dat aangeven ongeveer? De heer BERKHOUT: dank u voorzitter. De vragen die de heer Advokaat stelt staan allemaal netjes beschreven in de kwartaalbrief, ook de hoogte zelfs en uit mijn hoofd iets van 170 of € 180.000 maar volgens mij staat het hoe en waarom allemaal netjes in de kwartaalbrief. Dus ik begrijp niet waar de vragen vandaan komen. Wethouder SCHOLTEN: dank u voorzitter. De heer Advokaat vraagt wat de stand van de egalisatiereserve op dit moment is. Ik moet u eerlijk zeggen dat ik dat niet weet.

Ik veronderstel dat die 0 is want dat was de doelstelling om hem vanuit negatief weg te halen maar ik kijk dat nog even na. Het lijkt verstandig om dit soort vragen iets eerder te stellen want deze wethouder kent niet de balans, tussentijdse resultatenrekeningen et cetera uit zijn hoofd. Dan heb ik soms even tijd nodig om dat op te zoeken maar ik kom er nog even op terug. Wethouder SIKKES: dank u voorzitter. Om nog even een misverstand dat ik meer heb gehoord toch nog even recht te zetten. Het afvalplan is niet ingesteld om de afvalstoffenheffing naar beneden te brengen. Het afvalplan is er om ervoor te zorgen dat de afvalstoffenheffing minder snel groter wordt en eigenlijk is dat ook niet het doel, dat is een bijkomstigheid. Het doel is dat wij de afvalberg laten slinken maar nooit en te nimmer zult u van mij horen met het uitvoeren van het afvalplan wordt de afvalstoffenheffing lager. Dus laten wij dat nog een keer helder uitspreken, dat is niet het doel en dat gaat het ook nooit worden. Dus dat zullen we op een andere manier voor elkaar moeten krijgen. De VOORZITTER: dan ga ik naar de besluitvorming.

Is er behoefte aan stemming of mag ik concluderen dat iedereen zich, met de gemaakte opmerkingen natuurlijk, kan vinden in het voorstel want dan hoeft er geen stemming plaats te vinden? Is dat akkoord? Dan is er unanieme steun voor het voorliggende raadsvoorstel voor de 4e kwartaalbrief. Dan gaan we naar de hamerstukken. 5.

Aanpassingen belastingverordeningen 2020 als gevolg van coronacrisis

Akkoord.

29

6.

Vaststelling wijziging Parkeervoorziening 2020, Wegsleepverordening Diemen 2021 en wijziging Tarieventabel 2020

Akkoord. 7.

Controleprotocol en Normenkader 2020

Akkoord. 8. 1e wijziging op de Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Diemen 2020 Akkoord. 9.

2e Voortgangsrapportage en (slot) Begrotingswijziging 2020 Duo+

Akkoord. De VOORZITTER: dames en heren, dan komen we op het einde van deze vergadering, de laatste vergadering in dit jaar. Volgens mij is iedereen wel toe aan wat rustdagen. Dus ik hoop dat u wat rustiger dagen heeft de komende tijd. Ik wens u ondanks de zware crisis in ons land toch fijne feestdagen en ik hoop u gezond en wel in het nieuwe jaar weer terug te zien en dank voor al uw werk als raad in deze periode. Graag tot volgend jaar. Fijne dagen. 10.

Sluiting

De voorzitter sluit de vergadering om 22.37 uur. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van donderdag 28 januari 2021. , de voorzitter

, de griffier

30

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Diemen&id=b0251d48-0208-4964-8070-7a5c31be3b07