Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022_Toelichting.pdf
Tekst van het document
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022 Vastgesteld NL.IMRO.0384.BPbedrijven2022-VG01 Team Ruimtelijk Beleid
maart 2023
Bestemmingsplan Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022 Toelichting
Documenttitel: Bestemmingsplan Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022 Toelichting Status: Vastgesteld Datum: maart 2023 Projectnaam: Projectnummer: BH3417 Opdrachtgever: Gemeente Diemen Referentie: BH3417 Auteur(s): L.E Collegiale toets: Datum/paraaf toets: Vrijgegeven door: Datum/paraaf vrijgave:
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
Inhoudsopgave Toelichting
Toelichting
5
Hoofdstuk 1 Inleiding
7
1.1 1.2 1.3
7 8 9
Aanleiding Begrenzing plangebied bestemmingsplan Vigerende bestemmingsplannen
Hoofdstuk 2 Beschrijving plangebied
11
2.1 2.1.1 2.1.2 2.1.3 2.1.4 2.1.5 2.2 2.3 2.4 2.5
11 11 11 11 11 12 13 13 14 14
Aanwezige functies Bedrijfsdoeleinden Detailhandel Horeca Woningbouw Overige functies Verkeer en infrastructuur Archeologie, cultuurhistorie en monumenten Kabels en leidingen Flora & fauna en water
Hoofdstuk 3 Beleidskader
15
3.1 3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.2 3.2.1 3.2.2 3.2.3 3.2.4 3.2.5 3.2.6 3.2.7 3.3 3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.3.4 3.3.5 3.3.6 3.3.7 3.4 3.4.1 3.4.2 3.4.3 3.4.4 3.4.5 3.4.6 3.4.7 3.4.8 3.4.9 3.4.10 3.4.11 3.4.12
15 15 16 16 16 16 17 17 17 18 18 18 19 19 19 19 19 19 20 20 21 21 21 21 21 21 21 22 22 22 22 22 22
Rijksbeleid Nota Ruimte OV-SAAL, PHS en IJmeer verbinding Nota Mensen Wensen Wonen in de 21 eeuw Provinciaal beleid Provinciale structuurvisie, kwaliteit door veelzijdigheid Provinciale ruimtelijke verordening Provinciaal Milieubeleidsplan 2002-2006 Leidraad Provinciaal Ruimtelijk Beleid Waterplan 2006-2010: "Bewust omgaan met water" Cultuurhistorische waardenkaart Provincie Noord-Holland Provinciale woonvisie Regionaal beleid Regionale Economische Ontwikkelingsstrategie Ontwikkelingsplan Economie Regio Amsterdam Regionale Woonvisie Stadsregio Amsterdam Masterplan Middengebied Zuidoostlob Regionaal Verkeer- & vervoerplan Uitvoeringsprogramma 2010 Detailhandel in Stadsregio Amsterdam - gebied 2006-2010 (2005) Gemeentelijk beleid Beleid bedrijven Detailhandelsnota Parkeernota Woonvisie 'Werken aan wonen' Groenstructuurplan en groenbeleidsplan Beleidsnota Cultuurhistorie Notitie Prostitutiebeleid Beleidsnotitie Verblijfsgebieden Speelruimteplan Welstandsbeleid Notitie Ondergronds bouwen Natuurbeleidsplan Diemen
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
2
3.4.13 3.5
Beleidsregels plaatsingsmogelijkheden GSM/UMTS antennes Conclusie
23 23
Hoofdstuk 4 Planbeschrijving
25
Hoofdstuk 5 Randvoorwaarden
27
5.1 5.1.1 5.1.2 5.1.3 5.1.4 5.1.5 5.2 5.2.1 5.2.2 5.2.3 5.2.4 5.2.5 5.2.6 5.3 5.4
27 27 28 30 38 42 44 44 44 44 45 47 47 47 50
Milieu Bodem Luchtkwaliteit Externe veiligheid Geluidhinder Milieuzonering Water Europees en landelijk beleid Beleid hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht Watersysteem huidige situatie (algemene kenmerken watersysteem) Effect op de ruimtelijke ontwikkelingen Doorwerking naar bestemmingsplan Overleg waterbeheerder Ecologie Luchthavenindelingsbesluit
Hoofdstuk 6 Juridische aspecten
51
6.1 6.2 6.2.1 6.2.2 6.2.3 6.2.4 6.3
Algemeen Indeling planregels Hoofdstuk 1 Inleidende regels Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Hoofdstuk 3 Algemene regels Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Handhaving
52 52 52 52 57 58 58
Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid
59
7.1 7.2
59 59
Financiering Exploitatieplan
Hoofdstuk 8 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
61
8.1 8.2
61 64
Overleg artikel 3.1.1 Bro Inspraak
Bijlagen Bijlage 1
Overzicht relevante rapporten
Bijlage 2
Toelichting bestemmingsplan Tankstation Provincialeweg Diemen
Bijlage 3 Diemen
Bijlagen toelichting bestemmingsplan Tankstation Provincialeweg
Bijlage 4
Voorbereidingsbesluit kringloopwinkel Weesperstraat 118 en 140
Bijlage 5
Omgevingsvergunning datacenter Treubweg 11
Bijlage 6
Omgevingsvergunning binnenspeeltuin Sniep 26
Bijlage 7
Wijzigingen verbeelding en regels t.o.v. bestemmingsplan
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
3
Bedrijventerrein Diemen 2011 Bijlage 8
Omgevingsvergunning Treubweg 11 (2022)
Bijlage 9
Tekening omgevingsvergunning Treubweg 11 (2022)
Bijlage 10
Zienswijzennota Bedrijventerrein 2022
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
4
Toelichting De toelichting dient een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten te geven. Met name een goede afstemming tussen de toelichting en de beide juridische onderdelen van het bestemmingsplan is van groot belang. De plantoelichting geeft een toelichting op het bestemmingsplan, maar maakt geen deel uit van het bestemmingsplan. De plantoelichting bevat achtereenvolgens de volgende hoofdstukken: Hoofdstuk 1 Inleiding Hoofdstuk 2 Beschrijving plangebied Hoofdstuk 3 Beleidskader Hoofdstuk 4 Planbeschrijving Hoofdstuk 5 Randvoorwaarden Hoofdstuk 6 Juridische aspecten Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid Hoofdstuk 8 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
5
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
6
Hoofdstuk 1
1.1
Inleiding
Aanleiding
Diemen telt 8 bestemmingsplannen en 15 deelplannen/postzegelplannen. Deze beslaan verreweg het hele grondgebied van de gemeente. In de periode 2009 - 2013 zijn alle bestemmingsplannen geactualiseerd. Van een aantal plannen is, onder andere door het gebruik ervan, gebleken dat ze aanpassing behoeven, omdat onvolkomenheden zijn ontdekt die mogelijk ongewenste ontwikkelingen zouden kunnen veroorzaken. Om dit te herstellen is een zogenoemd 'Veeg' bestemmingsplanactie gestart. Voorliggend Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022 maakt onderdeel uit van deze actie. De doelstelling van dit bestemmingsplan is om weer 8 bestemmingsplannen te hebben waarin alle deelplannen, omgevingsvergunningen en beleidsneutrale correcties zijn verwerkt. Hierdoor zal bij inwerkingtreding van de omgevingswet het omgevingsplan van rechtswege overzichtelijker en publieksvriendelijker zijn. Anders dan in de andere 7 bestemmingsplannen worden in dit Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022 de deelplannen, omgevingsvergunningen en beleidsneutrale correcties niet integraal verwerkt maar worden ze overzichtelijk weergegeven naast de oorspronkelijke tekst van het moederplan. In Hoofdstuk 6 Juridische aspecten zijn de wijzigingen ten opzichte van het moederplan gedetailleerd beschreven.
In dit geval is het belangrijk dat het oorspronkelijk moederplan ook na inwerkingtreding van deze herziening identificeerbaar is. Gemeente Diemen wil een aantal aspecten van het moederplan inhoudelijk wijzigen, naar aanleiding van nieuwe planologische inzichten sinds de inwerkingtreding van dat plan. Ze wil dit doen onder vigeur van de Omgevingswet. Omdat deze herziening daarmee niet meer beleidsneutraal zou zijn en wijzigingen met betrekking tot deze aspecten daarmee voorbij het doel en de scope van deze opgave zouden gaan, is ervoor gekozen om dit bestemmingsplan als geconsolideerde versie te laten vaststellen. Voor de bedrijventerreinen Verrijn Stuart, Stammerdijk en de Sniep, vigeren verschillende bestemmingsplannen. Deze bestemmingsplannen hebben gedeeltelijk verschillende bebouwingsvoorschriften, die tevens verouderd zijn. De drie bedrijventerreinen vormen gezamenlijk met een deel van het nieuwbouwproject Plantage de Sniep het plangebied. Met een integrale herziening van de vigerende plannen voor de bedrijventerreinen wordt de gewenste uniformering en modernisering van de planregels bereikt. Het bestemmingsplan voldoet aan de eisen van de Wet ruimtelijke ordening.
Bedrijventerreinen Het beleidsuitgangspunt voor het nieuwe bestemmingsplan is het huidige gebruik van de bedrijventerreinen, die dienen als vestigingsplaats voor lichte en middelzware industrie, te consolideren. Tegelijkertijd wordt getracht het terrein aantrekkelijker te maken voor de bedrijven en hun werknemers, door het beperkt toestaan van alleen aan de bedrijven gerelateerde, ondersteunende voorzieningen, zoals horeca, sportvoorzieningen, kinderopvang. De huidige bebouwingsmogelijkheden in het bestemmingsplan zijn niet altijd toereikend voor de gewenste bedrijfsuitbreidingen. De vestigingsmogelijkheden voor bedrijven in de gemeente zijn daarnaast zeer beperkt. Hiertoe worden de bebouwingsvoorschriften verruimd, met name door een ruimere toegestane bouwhoogte. Aan bepaalde delen van het vigerende bestemmingsplan ´Uitbreidingsplan i.o. Industrieterrein´ is destijds in 1961 door de provincie geen goedkeuring verleend vanwege een reservering voor openbaar vervoersdoeleinden. Voor deze niet goedgekeurde gedeelten is toentertijd een herziening opgesteld. Deze legt een bouwverbod op. Dit gedeelte en de andere vigerende bestemmingsplannen worden in één nieuw plan samengebracht. Ook de verschillende functies/ontwikkelingen die in de loop der tijd via artikel 19 WRO mogelijk zijn gemaakt worden in dit bestemmingsplan verwerkt.
In dit kader dienen onder andere het veilinghuis en de perifere detailhandelsfuncties, in de vorm van bouwmarkten, die naar
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
7
een terrein aan de Sniep zijn verplaatst, vastgelegd te worden. Woningbouwlocatie Plantage de Sniep In 2006 heeft de gemeenteraad van Diemen besloten tot ontwikkeling en realisatie van de nieuwbouwwijk Plantage de Sniep. Voor deze gehele locatie wordt een ontwikkelingsgericht bestemmingsplan opgesteld. Een deel van Plantage de Sniep ligt dicht bij de bedrijventerreinen. Aangezien het bedrijventerrein gezoneerd is heeft dit milieutechnische effecten op dit deel van Plantage de Sniep. Aangezien de milieuzonering is aangepast aan de huidige situatie is dit opgenomen in een nieuw bestemmingsplan. De milieuzonering heeft ook invloed op de nieuw te bouwen woonwijk Plantage de Sniep, vandaar dat dit deel van het plangebied een uit te werken bestemming krijgt.
1.2
Begrenzing plangebied bestemmingsplan
Na inwerkingtreding van bestemmingsplan Bedrijventerreinen Diemen is het plan voor woningbouwlocatie Plantage De Sniep nader uitgewerkt. Op 12 december 2016 is voor dit gebied bestemmingsplan 'Plantage - deelplannen Zuid en Sportbuurt' vastgesteld. Dit gebied maakt geen deel uit van dit Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022. Hetzelfde geldt voor het gebied aan de westkant hiervan, ingesloten door de Weespertrekvaart, het spoor en de Muiderstraatweg. Beide gebieden zijn onderdeel van het nieuwe bestemmingsplan Plantage. De begrenzing van het plangebied van dit bestemmingsplan is weergegeven in afbeelding a.
afbeelding a: globale begrenzing plangebied Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022 Het plangebied voor dit bestemmingsplan behelst in principe de volgende deelgebieden: Bedrijventerreinen Verrijn Stuart, Stammerdijk en de Sniep; Gedeelte woningbouwlocatie Plantage de Sniep; Korte Diem en Weespertrekvaart; Provinciale weg; Metro- en tramwerkplaats. Het bedrijventerrein Verrijn Stuart wordt begrensd aan de noordzijde door de Weespertrekvaart, aan de zuidzijde door het terrein van de metrowerkplaats van het GVB. Aan de westzijde ligt de spoordijk en aan de oostzijde de Provinciale weg. Het bedrijventerrein Stammerdijk ligt oostelijk van de Korte Diem en grenst aan de noord- en oostzijde aan het Diemerbos. Aan de zuidzijde is de grens de gemeentegrens die langs de noordoever van de Weespertrekvaart ligt. Bedrijventerrein de Sniep wordt aan de noordzijde begrensd door de Muiderstraatweg, aan de zuidzijde door de Weespertrekvaart en oostelijk door het water van de Korte Diem. Op dat bedrijventerrein bevindt zich onder andere een betonmortelcentrale.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
8
Een deel van de totale woningbouwlocatie Plantage de Sniep is onderdeel van het plangebied. Het betreft het zuidelijke deel van Plantage de Sniep, de strook langs de Weespertrekvaart. De Provinciale weg wordt ook meegenomen in het bestemmingsplan. In het zuidelijk deel van het plangebied ligt de metro- en tramwerkplaats. Deze locatie is onderdeel van het bestemmingsplangebied omdat het planologisch gezien meer een eenheid vormt met de bedrijventerreinen dan met het kantorengebied van Bergwijkpark (huidige planologische begrenzing).
1.3
Vigerende bestemmingsplannen
In het plangebied van Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022 gelden nu de volgende bestemmingsplannen: bestemmingsplan Bedrijventerrein Diemen, vastgesteld op 17 februari 2011 bestemmingsplan Tankstation Provincialeweg Diemen, vastgesteld op 31 mei 2018. Binnen het plangebied vigeren de volgende bestemmingsplannen: Uitbreidingsplan in onderdelen Industrieterrein (1961 goedkeuring Gedeputeerde Staten); Gedeeltelijke herziening van het uitbreidingsplan in onderdelen Industrieterrein (1963); 2e Gedeeltelijke herziening Industrieterrein (1971); Treubweg (1987); Uitbreidingsplan in Hoofdzaak (1963) (het gedeelte dat van toepassing is op de Provinciale weg, een klein gedeelte van de Weesperstraat) en de punt Sniep; Diemen Zuid II (1984) (het gebied van de metro- en tramwerkplaats); Zuidelijke Ringspoorbaan (1987 goedkeuring Gedeputeerde Staten) (het gedeelte dat van toepassing is langs de Venserweg). In 1976 is een aanvulling op de bebouwingsvoorschriften van de bestemmingsplannen Uitbreidingsplan in onderdelen Industrieterrein en 2e Gedeeltelijke herziening Industrieterrein vastgesteld, waarmee detailhandel in bepaalde, zeer beperkte, vormen toegestaan wordt. Bovengenoemde regelingen komen, voor zover het gronden betreft binnen dit bestemmingsplan, te vervallen bij inwerkingtreding van dit bestemmingsplan.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
9
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
10
Hoofdstuk 2
2.1
Beschrijving plangebied
Aanwezige functies
2.1.1 Bedrijfsdoeleinden Op de bedrijventerreinen Verrijn Stuart, de Sniep en Stammerdijk bevinden zich bedrijven met grote diversiteit in grootte en sector (van onder andere lichte industrie, bouw, transport en logistiek, distributie tot facilitaire dienstverlening en de creatieve sector). Het bedrijventerrein Verrijn Stuart is hoofdzakelijk bestemd voor bedrijfsdoeleinden, met enkele afgeleide (bestaande) functies zoals een veilinghuis en een horecavestiging voor bedrijfsgerelateerde horeca. Op Stammerdijk bevindt zich daarnaast aan de Muiderstraatweg een tankstation (met lpg). Op bedrijventerrein de Sniep bevinden zich vele kleine tot middelgrote bedrijven en een betoncentrale. Daarnaast is een deel bestemd voor perifere detailhandelsvestigingen (PDV, hetgeen is ingevuld door bouwmarkten, woninginrichting en horeca (McDonald's)). Na vaststelling van het moederplan is de kringloopwinkel op Weesperstraat 118 verhuisd naar Weesperstraat 140. Ook heeft zich een datacenter gevestigd op Treubweg 11. (De besluiten over) deze ontwikkelingen hebben geleid tot wijziging van de regels en de verbeelding in dit Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022 (zie Hoofdstuk 6 Juridische aspecten. 2.1.2 Detailhandel Binnen het bestemmingsplan is een concentratie aanwezig van perifere detailhandel in de deelgebied van bedrijventerrein de Sniep.
Het betreft hier twee bouwmarkten en een grootschalige verlichtingswinkel. 2.1.3 Horeca Op het bedrijventerrein de Sniep bevindt zich een vestiging van de McDonald's. Aan de Verrijn Stuartweg bevindt zich Go D'Oro, een restaurant als leerwerkplaats. In het veilinghuis aan de Weesperstraat is ook een ondergeschikte, bedrijfsgerelateerde horecavoorziening aanwezig. 2.1.4 Woningbouw Het deel van de woningbouwlocatie Plantage de Sniep is geen onderdeel meer van dit bestemmingsplan. Woningen op bedrijventerreinen Op de bedrijventerreinen Verrijn Stuart, de Sniep en Stammerdijk bevindt zich een aantal woningen. Deze bestaande woningen zijn bedrijfswoningen. Woningbouwlocatie Plantage de Sniep De totale herontwikkeling van Plantage de Sniep betreft een gecombineerde ontwikkeling van wonen, bedrijvigheid en dienstverlening, alsmede onderwijs. Er komen zowel grondgebonden als gestapelde woningen. In cijfers omvat het plan circa 1.400 woningen, circa 16.200 m2 aan commerciële ruimte en bedrijven. Verder komt er een 'Brede school' waar in totaal ruimte is voor ongeveer 750 kinderen. Ook zal er nog ongeveer 2.750 m2 gereserveerd worden voor voorzieningen. De clusters blauw en groen zijn van toepassing voor dit bestemmingsplan.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
11
afbeelding 2.1: clusters woningbouwlocaties Plantage de Sniep
Cluster blauw In dit cluster zijn met name grondgebonden woningen gepland. Daarnaast worden er ook appartementen gerealiseerd. In het plandeel gelegen tegenover de tramlus is behalve wonen in beperkte mate ook ruimte voor detailhandel en maatschappelijke voorzieningen. Cluster groen In dit cluster is een complex met appartementen gepland. Deze 'punt' neemt een bijzondere positie in het plan in. Het ligt geïsoleerd van de andere clusters vanwege de spoorlijn, maar is daarentegen sterk verbonden met de kern van Diemen. Vanuit dit deelgebied zijn karakteristieke zichtlijnen aanwezig over de lengteas van de trekvaart, over de Muiderstraatweg en naar de bestaande kern van Diemen. Door de noordelijke (historische) waterloop weer zoveel mogelijk uit te graven, komt de kop van het bouwblok aan drie zijden in het water te liggen. Het is duidelijk dat deze cluster bijzondere ruimtelijke kwaliteiten bezit. Het appartementencomplex krijgt een gedifferentieerde bouwhoogte, variërend van twee bouwlagen (aansluitend aan de lagere bebouwing aan de overzijde van de Muiderstraatweg) tot maximaal negen bouwlagen (aansluitend aan de spoorweg). Behalve het wonen is, in beperkte mate, een commerciële, maatschappelijke of horecafunctie in het complex denkbaar. 2.1.5 Overige functies In het plangebied is een aantal functies aanwezig die niet overal voorkomen.
Zo bevindt zich op het bedrijventerrein Verrijn Stuart, aan de Weesperstraat een veilinghuis. Ook is er in het plangebied een enkele sportvoorziening. In het zuidelijke deel van het plangebied bevinden zich op dit moment een metrowerkplaats en - remise en een tramwerkplaats.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
12
2.2
Verkeer en infrastructuur
Dwars door het plangebied ligt de Provinciale weg. Deze weg wordt, gezien de geluidsbelasting, gedegradeerd van een 80 km/uur weg naar een 50 km/uur weg. Als hoofdontsluiting zijn verder de Weesperstraat en Muiderstraat van groot belang. Op de bedrijventerreinen blijft de interne wegenstructuur onveranderd. De wegen op het bedrijventerrein hebben een snelheidsregime van 50 km/uur. Het snelheidsregime van de wegen in de woongebieden wordt 30 km/uur. Qua openbaar vervoer is er in en in de nabijheid van het plangebied genoeg keuze. Aan de oostzijde van het plangebied ligt de treinverbinding van Duivendrecht naar Diemen-Zuid. Verder ligt de metrohalte Verrijn Stuart tegen het plangebied aan. De metro bevindt zich aan de zuidkant van het bedrijventerrein. Regionale busverbindingen hebben hun halte aan de Muiderstraatweg (ter hoogte van Stammerdijk) en aan de Provinciale weg. Deze bussen zorgen voor een verbinding met Almere, 't Gooi IJburg en Amsterdam Zuidoost. Voor voetgangers en fietsers zijn er verschillende paden aanwezig. Deze zorgen voor een goede ontsluiting tussen de wijken. Het Volmerpad is bijvoorbeeld van groot belang voor de ontsluiting van en naar de metrohalte Verrijn Stuart. Voor dit plangebied zijn er geen concrete acties die uit het uitvoeringsprogramma 2010 van de Stadsregio volgen.
Er zal uiteraard wel aandacht besteed worden aan de nieuw aan te leggen wegen en fietspaden in Plantage de Sniep. Hiervoor geldt dat er uiteraard gekeken zal worden naar duidelijke routes en verkeersveiligheid.
2.3
Archeologie, cultuurhistorie en monumenten
Op de provinciale cultuurhistorische waardenkaart is aangegeven waar cultuurhistorische waarden en archeologische (verwachtings)waarden te vinden zijn. De gemeente Diemen heeft daarnaast ook een beleidsnota 'cultuurhistorie' laten opstellen. Ook hierop is te zien waar archeologische waarden te verwachten zijn. In het plangebied liggen enkele waardevolle cultuurhistorische structuren en archeologisch waardevolle gebieden. De cultuurhistorische structuurelementen zijn de Diem met aanliggende oevers (oude oeverwallen), de Stammerdijk, de Weesperstraat, enkele historische boerderijplaatsen en enkele plekken waar de voormalige stelling van Kraayenhof nog zichtbaar is. Het gebiedje bij het tankstation aan de Muiderstraatweg markeert een verhoogde terp op de plek van een voormalige batterij van de verdedigingsstelling Kraayenhof. Het gebouw van het tankstation langs de Muiderstraatweg is aangewezen als rijksmonument. Voor aanof verbouw of wijziging aan het gebouw dient door de Rijksdienst voor het cultureel erfgoed een monumentenvergunning te worden afgegeven.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
13
Afbeelding 2.2: Bouwtekening tankstation De Blokhut
Ten aanzien van de archeologische waarden zijn er enkele kleine gebiedjes, of vindplaatsen, waar een hoge waarde wordt vermoed. Dit zijn plekken waar de stelling van Kraayenhof heeft gelegen en een plek waar een boerderij langs de Stammerdijk heeft gelegen.
2.4
Kabels en leidingen
In de deelgebieden van woningbouwlocatie Plantage de Sniep en bedrijventerrein Verrijn Stuart komt een ondergrondse 150 kV hoogspanningsleiding voor. In de brede groenstrook tussen bedrijventerrein Verrijn Stuart en de metro- en tramwerkplaats bevindt zich een concentratie van ondergrondse kabels en leidingen.
2.5
Flora & fauna en water
In het plangebied zijn oppervlaktewateren, zoals het vaarwater van de Weespertrekvaart, maar ook oppervlaktewater van beperkte omvang, zoals waterpartijen en enkele sloten aanwezig. Met de groenstroken langs de oevers wordt beoogd de ecologische functie van de oevers langs de Korte Diem - voor zover mogelijk - te beschermen In het plangebied zijn groenstroken, groene oevers, taluds en bermen van relatief ruime omvang duidelijk aanwezig. De meest karakteristieke groenstrook ligt tussen de metrowerkplaats en de Verrijn Stuartweg nabij het Zwanenpad en de Volmerstraat. Onder deze strook liggen vele kabels en leidingen. Bebouwing binnen deze strook is dan ook niet toegestaan. Wel wordt de strook gebruikt voor recreatieve en sportdoeleinden zoals de hondensportvereniging en de handboogschietvereniging.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
14
Hoofdstuk 3
Beleidskader
In dit hoofdstuk wordt het relevante rijks-, provinciaal-, regionaal en gemeentelijk beleid ten aanzien van de ruimtelijke structuur en de functionele structuur van het plangebied opgenomen. Gezien het doel en de scope van voorliggend bestemmingsplan vindt geen integrale actualisering plaats van het geldende beleidskader, de regels en de verbeelding. Deze stap volgt bij het omzetten van het tijdelijk Omgevingsplan van rechtswege naar een definitief Omgevingsplan. Er zijn geen recente beleidswijzigingen die een verdergaande aanpassing van het bestemmingsplan op dit moment noodzakelijk maken.
3.1
Rijksbeleid
3.1.1 Nota Ruimte In de Nota Ruimte 'Ruimte voor ontwikkeling' (2006) is het nationaal ruimtelijk beleid tot 2020 vastgelegd. De nota is tevens een structuurvisie van het Rijk, zoals bedoeld is in de nieuwe Wet ruimtelijke ordening. Hoofddoel van het nationaal ruimtelijk beleid is om ruimte te scheppen voor de verschillende ruimtevragende functies. Het beperkte oppervlak dat Nederland ter beschikking staat maakt het nodig dit op een efficiënte en duurzame wijze te doen en niet alleen in kwantitatieve, maar ook in de kwalitatieve zin, vorm te geven. Meer specifiek richt het nationaal ruimtelijk beleid zich op: versterking van de internationale concurrentiepositie van Nederland; bevordering van krachtige steden en een vitaal platteland; borging van ontwikkeling van belangrijke (inter)nationale ruimtelijke waarden; borging van veiligheid. Voor verstedelijking gaat de Nota Ruimte uit van de bundelingsstrategie. Bundeling vereist een in onderlinge samenhang geplande optimale benutting van het bestaande bebouwde gebied en tegelijk nieuwe bebouwing daarbuiten. Een belangrijk uitgangspunt bij de ontwikkeling van ruimtelijk beleid is dat milieu- en veiligheidsaspecten naast andere belangen vroegtijdig, gebiedsgericht en geïntegreerd in de planvorming worden betrokken. In de Nota Ruimte is de nationale Ruimtelijke Hoofdstructuur (RHS) aangegeven. Diemen valt onder deze RHS.
In de RHS zijn de gebieden en netwerken opgenomen die in belangrijke mate ruimtelijk structurerend zijn voor Nederland. Bij nieuwe stedelijke transformatiegebieden zal het rijk zich primair richten op de (steden van de) nationale netwerken. Het onderhavige plan is niet in strijd met het rijksbeleid. Waterbeleid voor de 21e eeuw / Nationaal Bestuursakkoord Water (2003) Het kabinet is van mening dat een omslag in het waterbeleid en in het denken over water noodzakelijk is om Nederland de komende eeuw, wat betreft het water, voldoende veilig, leefbaar en aantrekkelijk te houden. Dit kabinetsstandpunt heeft zij neergelegd in de notitie Waterbeleid 21e eeuw en kan gezien worden als een verdere concretisering van het thema veiligheid uit de vierde Nota Waterhuishouding. De volgende uitgangspunten staan centraal in het waterbeleid voor de 21e eeuw; Betere bewustwording creëren onder de bevolking van gevaren en meer draagvlak voor het waterbeleid; Een andere aanpak voor veiligheid en wateroverlast; 1. anticiperen in plaats van reageren; 2. anticiperen op toekomstige klimaatveranderingen en bodemdaling en daarbij rekening houden met de onzekerheid die hiermee is gemoeid; 3. méér ruimte naast techniek om de gevolgen van zeespiegelstijging, bodemdaling en klimaatverandering op te vangen; 4.
verantwoordelijkheden niet afwentelen op benedenstrooms gelegen regio's/de drietrapsstrategie "vasthouden-bergen-afvoeren" is dan op het niveau van stroomgebieden en deelstroomgebieden het leidende principe. Ruimte voor water vergroten: 1. zowel nu als in het licht van de toekomstige ontwikkelingen is in alle delen overlast te kunnen
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
15
opvangen en afvoeren. Ruimte voor water behouden: 1. ruimte die nu beschikbaar is voor de bescherming tegen overstromingen en wateroverlast moet ten minste behouden blijven. De aanwezige ruimte mag niet sluipenderwijs verloren gaan bij de uitvoering van nieuwe ruimtelijke projecten. 3.1.2 OV-SAAL, PHS en IJmeer verbinding Op dit moment wordt onderzoek gedaan naar de toekomstige behoefte aan extra spoorwegcapaciteit in de corridor Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad in het kader van de planstudie OV-SAAL. De planstudie is opgedeeld in 3 deelprojecten; korte termijn, middellange termijn en lange termijn. Voor de korte termijn is in 2010 een Tracébesluit (TB) bekendgemaakt voor het deeltraject Hoofddorp-Diemen. Voor Diemen gaat het om het baanvak tussen Duivendrecht en Weesp via Diemen-Zuid. Het TB bevat voor Diemen het treffen van geluidsmaatregelen aan het spoor (bronmaatregelen en schermmaatregelen), afspraken over externe veiligheid en de aanleg van een aantal voorzieningen langs het spoor t.b.v. hulpdiensten bij calamiteiten op het spoor. De studie voor de middellange termijn (na 2020) is nog niet afgerond. Wellicht dat deze studie leidt tot extra sporen ter hoogte van Diemen-Zuid maar dat is nu nog niet met zekerheid te zeggen. Voor de lange termijn (na 2030) is van belang de RAAM-brief die in 2009 is verschenen van het rijk.
Hierin wordt een voorkeur uitgesproken voor een westelijke ontwikkeling van Almere met de mogelijkheid van de aanleg van een IJmeerlijn. Deze nieuwe OV-verbinding kan ter hoogte van Diemen worden aangesloten op het bestaande spoorweg (en metro) net. De komende twee jaar zal worden benut door rijk en regio om te onderzoeken of deze nieuwe OV-verbinding tussen Almere en Amsterdam-Zuid financieel haalbaar kan worden gemaakt. Hiertoe wordt een werkmaatschappij opgericht. Diemen is uitgenodigd hieraan deel te nemen. Ten slotte is voor het bepalen van de benodigde spoorwegcapaciteit van belang dat onderzoek wordt gedaan naar de routering van goederentreinen door heel Nederland. Dit gebeurt in het kader van het Programma Hoogfrequent Spoor (PHS) Nu rijden nog veel goederentreinen tussen Oost en Noord Nederland en Rotterdam via Amsterdam Zuidoost en Diemen-Zuid. Waarschijnlijk wordt een deel van deze treinen in de toekomst via de Betuweroute geleid. In 2010 vindt hierover besluitvorming plaats. Voor wat betreft de veiligheidsrisico's langs het spoor is tevens van belang dat een Basisnet Vervoer Gevaarlijke Stoffen voor het spoor met risicoplafonds wordt voorbereid en het de bedoeling is dat het Rijk een convenant gaat afsluiten met goederenvervoerders over de samenstelling van goederentreinen.
In het verleden zijn al wel verkenningen uitgevoerd van de mogelijkheden om het spoor langs Diemen-Zuid te verbreden. Deze uitbreiding is dan altijd aan de westkant van het spoor ingetekend, dus aan de zijde van de woonwijk en niet aan de zijde van het bedrijventerrein. Uitbreiding aan de zijde van het bedrijventerrein is alleen aan de orde bij doortrekking van de metrolijn richting IJburg. Dit kan grotendeels in het talud worden opgelost. Alleen in de hoek bij de kruising Venserweg/Verrijn Stuartweg is geen talud aanwezig en is mogelijk een fly-over nodig om het spoor te kruisen naar de metrowerkplaats. Vandaar dat in deze hoek een wijzigingsbevoegdheid is opgenomen. 3.1.3 Nota Mensen Wensen Wonen in de 21 eeuw Het Rijk heeft het beleid voor Wonen neergelegd in de nota 'Mensen Wensen Wonen in de 21e eeuw'. Deze nota heeft een brede discussie in gang gezet over de toekomst van het wonen in ons land, waarbij is ingezet op meer keuzevrijheid en zeggenschap, vitaliteit van de woonwijk en herstructurering van de bestaande woningvoorraad. Speerpunten zijn hierbij het vergroten van zeggenschap over de woning en de woonomgeving, het scheppen van kansen voor kwetsbare groepen, het bevorderen van Wonen en Zorg op maat, en het verbeteren van het stedelijke woonklimaat.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1 Provinciale structuurvisie,kwaliteit door veelzijdigheid Het bijzondere karakter van Noord-Holland wil de provincie bewaken. Tegelijkertijd zijn er ontwikkelingen als globalisering, klimaatverandering en trends zoals vergrijzing en krimp die een grote ruimtelijke impact hebben. In de structuurvisie beschrijft de provincie hoe en op welke manier ze met deze ontwikkelingen en keuzes omgaat en schets ze hoe de provincie er in 2040 moet komen uit te zien. De Provincie speelt in op de geschetste dilemma’s door mee te veranderen waar nodig,maar vooral ook
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
16
door bestaande kwaliteiten verder te ontwikkelen. Noord-Holland moet aantrekkelijk blijven in wat het is: een diverse, internationaal concurrerende regio, in contact met het water en uitgaande van de kracht van het landschap. Door te kiezen voor hoogstedelijke milieus en beperkte uitleg van bedrijventerreinen, houdt de Provincie Noord-Holland het landelijk gebied open en dichtbij. Door voorzichtig om te gaan met uitleg buiten bestaande kernen speelt ze in op de veranderingen in de bevolkingsontwikkeling op langere termijn. Door in te zetten op het op eigen grondgebied opwekken van duurzame energie draagt ze actief bij aan de CO2-reductie. Door versterking van de waterkeringen en het aanleggen van calamiteitenbergingen houdt ze de voeten droog. En door het landelijk gebied te ontwikkelen vanuit de kenmerken van Noord- Hollandse landschappen en de bodemfysieke kwaliteiten blijft de provincie bijzonder en aantrekkelijk om in te wonen, te werken en om te bezoeken. Het naar Nederland halen van de Olympische spelen van 2028 kan als katalysator werken voor het realiseren van de ambities van de Provincie Noord-Holland in brede zin (ruimtelijk, sportief, infrastructureel, economisch). In het bijzonder kan een aantal ruimtelijke ambities binnen dit kader worden gerealiseerd. De provinciale structuurvisie is op 16 februari 2010 vastgesteld.
3.2.2 Provinciale ruimtelijke verordening Met de inwerkingtreding van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening (Wro) in 2008 hebben provincies de bevoegdheid gekregen een ruimtelijke verordening vast te stellen. In deze verordening kan de provincie regels stellen met betrekking tot de inhoud van gemeentelijke bestemmingsplannen, projectbesluiten en beheersverordeningen. Bij het stellen van deze regels moeten provinciale belangen in het geding zijn. In een verordening kunnen regels worden opgenomen ter bescherming van specifieke waarden (zoals natuur-, landschappelijke of cultuurhistorische waarden) of ten behoeve van bepaalde ruimtelijke ontwikkelingen (bijvoorbeeld vestigingsregels voor intensieve veehouderij of detailhandelsvoorzieningen). De gemeente heeft de plicht bestemmingsplannen aan te passen aan de provinciale verordening. Op 1 januari 2009 is de Provinciale Ruimtelijke Verordening van Noord-Holland in werking getreden. Deze verordening heeft twee hoofduitgangspunten. In de eerste plaats zijn alleen de onderwerpen van categorie 1 uit het Overgangsdocument opgenomen. Dat wil zeggen alleen die onderwerpen uit de streekplannen die de kern vormen van het provinciaal beleid, waarvoor de provincie een pro-actieve houding aanneemt om de beleidsdoelen te realiseren. In de tweede plaats wordt uitsluitend streekplanbeleid opgenomen dat nu geldend is.
Er staat dus geen nieuw beleid in de verordening. 3.2.3 Provinciaal Milieubeleidsplan 2002-2006 Ten aanzien van deze nota is met name het provinciaal bodembeschermingsbeleid van belang. Een eenmaal verontreinigde bodem zal, ondanks sanering, op veel plaatsen tot in lengte van dagen verontreinigd blijven. Dit hoeft geen probleem te zijn, omdat niet alle vormen van grondgebruik een schone bodem vereisen. Wel vereist dit zorgvuldig en actief bodembeheer. Actief, omdat het grond(water)gebruik in de tijd nogal eens aan wijziging onderhevig is. Regelmatig moet worden onderzocht of de risico’s van de (blijvend) aanwezige verontreiniging voor mens en milieu aanvaardbaar zijn. Bovendien dient goed beheer te voorkomen dat hergebruik van vrijkomend(e) grond- (water) tot risico’s voor mens en milieu of tot aantasting van nog schone bodems leidt. Het Milieubeleidsplan is geëvalueerd en verlengd tot september 2008. Een nieuw milieubeleidsplan (Provinciaal Milieubeleidsplan 2009-2013 (PMP)) heeft reeds als ontwerp ter inzage gelegen maar is vooralsnog nog niet vastgesteld. Het doel van het PMP is dat eind 2013 overal in Noord-Holland de basiskwaliteit milieu is bereikt. Noord-Holland wil voldoen aan de Europese en nationale normen en regels op milieugebied.
Om die basiskwaliteit te bereiken zet de provincie in op het voorkomen van schade aan de menselijke gezondheid en het stimuleren van duurzame ontwikkeling in Noord-Holland voor nu en in de toekomst, zonder afwenteling van de milieubelasting naar elders. 3.2.4 Leidraad Provinciaal Ruimtelijk Beleid Deze leidraad geeft een overzicht van het geldende ruimtelijk beleid in de provincie Noord-Holland. Dit beleid is veelal ook te vinden in de streekplannen en diverse beleidsnota’s en notities van de provincie. Reeds enkele jaren geleden is in de leidraad opgenomen dat de provincie in de lijn van de watertoets tegenwoordig ook een bodemtoets verlangt. Hiermee beoordeelt de provincie (vooraf) de bodembeschermingsaspecten in gemeentelijke bestemmingsplannen.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
17
3.2.5 Waterplan 2006-2010:"Bewust omgaan met water" In het Noord-Holland van de toekomst zijn de inwoners en bedrijven te allen tijde optimaal beschermd tegen overstromingen en wateroverlast. Sterke dijken bieden bescherming tegen overstromingen. De kans op wateroverlast is minimaal doordat het water de ruimte heeft gekregen. Bovendien zijn watersysteem en landgebruik zo op elkaar afgestemd dat alleen in extreem droge of natte omstandigheden nog moet worden ingegrepen om overlast te voorkomen. Verschillende functies van land en water, zoals landbouw, natuur, stedelijk gebied, transport en recreatie, zijn slim met elkaar verweven en op elkaar afgestemd. De inrichting van het watersysteem draagt bij aan sterke landschappen waar het prettig wonen, werken en recreëren is. De samenstelling van het water is niet overal in het watersysteem gelijk. De duinen en de duinzoom, het stedelijk gebied, de boezem, de diepe polders en de veenweidegebieden hebben ieder hun eigen karakteristieke waterkwaliteit. Stad en platteland zijn met elkaar in evenwicht. Van negatieve beïnvloeding over en weer via het watersysteem is geen sprake. Aan de stadsranden versterken stad en platteland elkaar en wordt schoon water optimaal gebruikt voor recreatie en natuur. Zowel in de stad als daarbuiten zijn alle huishoudens en bedrijven aangesloten op een vorm van afvalwaterzuivering.
Het rioolstelsel functioneert optimaal en de rioolwaterzuiveringsinstallaties zijn voorzien van de nieuwste zuiveringstechnieken. De drinkwatervoorziening is te allen tijde zeker. Het waterbeheer dat ten grondslag ligt aan bovenbeschreven situatie wordt georganiseerd en uitgevoerd tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. Momenteel werken de provincie en haar partners aan een ontwerp Provinciaal Waterplan 2010 – 2015. 3.2.6 Cultuurhistorischewaardenkaart Provincie Noord-Holland Deze kaart geeft inzicht in de archeologische-, historisch-, stedenbouwkundige- en de historisch-geografische waarden. Cultuurhistorische waarden zijn van belang voor de identiteit, de herkenbaarheid en het karakter van een gebied of een dorp. De cultuurhistorische waarden moeten in een vroeg stadium van planontwikkeling worden geïnventariseerd bij het ontwerp worden gebruikt en bij de vaststelling worden meegewogen. Er moet onderbouwd worden aangegeven op welke wijze het culturele erfgoed zoveel mogelijk behouden blijft, hersteld of als inspiratiebron gebruikt wordt voor nieuwe ontwikkelingen. Het plangebied van dit bestemmingsplan heeft vanuit de cultuurhistorische waardenkaart voor het grootste deel geen waarde toegekend gekregen. De trekvaarten en de aanliggende wegen/jaagpaden hebben een historisch geografisch zeer hoge waarde.
De batterij bij het benzinestation aan de Stammerdijk heeft een historisch geografisch hoge waarde. De voormalige batterijen van de Linie van Kraayenhof hebben archeologische waarde. Het gebouw De Blokhut van het tankstation aan de Muiderstraatweg aangegeven als rijksmonument. 3.2.7 Provinciale woonvisie De provincie Noord-Holland streeft ernaar om voldoende woningen te realiseren en om deze woningen af te stemmen op de behoefte die er in de samenleving leeft. Als er bijvoorbeeld in regio's vraag is naar speciale woningen voor ouderen, moeten deze ook gebouwd worden; als de vraag naar woningen voor eenpersoonshuishoudens groter wordt, moet hier ook rekening mee gehouden worden. Om dit te faciliteren stelt de provincie de provinciale woonvisie op. De provinciale woonvisie is een uitwerking van de provinciale structuurvisie. Het is een document op basis waarvan de provincie Noord-Holland samen met de gemeenten en corporaties en andere woonpartners regionale afspraken wil gaan maken over de woningbouwopgave. Deze afspraken worden in bestuurlijke overeenkomsten vastgelegd. In de nog op te stellen provinciale woonvisie zal worden beschreven hoe het woonaanbod beter kan worden afgestemd op de behoeften die er leven binnen een regio. Het gaat daarbij onder andere om de behoeften van doelgroepen zoals starters, jongeren, ouderen en zorgvragers.
Daarnaast staat duurzaamheid centraal in de woningbouwopgave.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
18
3.3
Regionaal beleid
3.3.1 Regionale Economische Ontwikkelingsstrategie De Stadsregio Amsterdam heeft een Regionale Economische Ontwikkelingsstrategie (2003) opgesteld als basis voor een regionaal ruimtelijk economisch beleid. De bedrijventerreinen in Diemen zijn in deze strategie opgenomen in de economische hoofdstructuur, waarmee de regionale betekenis wordt aangegeven. Hierbij wordt vooral een betekenis voor lichte distributie gezien. 3.3.2 Ontwikkelingsplan Economie Regio Amsterdam In juli 2004 heeft de Stadsregio Amsterdam het Ontwikkelingsplan Economie Regio Amsterdam naar buiten gebracht. Hierin worden op basis van een analyse van de huidige economische ontwikkeling in de regio toekomstscenario´s voor de economische ontwikkeling geformuleerd. Hiervoor dienen verschillende beleidslijnen gevolgd te worden. Een daarvan is dat door nieuwe terreinen en ook herstructurering van bestaande terreinen zou in 2030 2000 ha bedrijventerrein gerealiseerd moeten worden. 3.3.3 Regionale Woonvisie Stadsregio Amsterdam De Regionale Woonvisie is het beleidskader op het gebied volkshuisvesting voor de 16 gemeenten in de stadsregio Amsterdam voor de komende 10 jaar. Het geeft richting aan de programmering en prioriteiten op het gebied van wonen.
Centraal staat in de woonvisie van de Stadsregio Amsterdam de opgave tot het bouwen van voldoende woningen en dus het op gang brengen van de nieuwbouw en de herstructurering. Dat vloeit voort uit de eerdere vaststelling dat er tot 2030 in de noordelijke Randstad 150.000 woningen bij zullen moeten komen. De nadruk moet vooral op middeldure woningen komen te liggen. Daarmee zou de doorstroming op de regionale woningmarkt weer op gang kunnen komen. Zowel voor de stadsvernieuwing als voor de kansen van starters zou dat gunstig zijn, aldus de Regionale Woonvisie die de Regioraad eind 2004 vaststelde. 3.3.4 Masterplan Middengebied Zuidoostlob In 1998 hebben de betrokken lokale overheden, vanwege de grote hoeveelheid ruimtelijke en verkeerskundige vraagstukken in het gebied, besloten gezamenlijk een ontwikkelingsvisie (december 2002) voor het gebied op te stellen. Een deel van de woningbouwlocatie Plantage de Sniep is aangegeven als ‘woongebied bebouwd’ voor de periode tot 2010 met een doorkijk tot de periode 2010-2030. De zone ten oosten van het plangebied staat aangegeven als ‘ontwikkelingsgebied groen’.
Aandachtspunten hierbij zijn: herontwikkeling van voornamelijk woningbouw en kantoorruimte langs het spoor, nadat de woonwinkels zijn vertrokken; kan als een attractief woonmilieu in contact met het water worden ontwikkeld; aan de overkant bebouwing rond het sportpark ‘De Diemen’; doorzetten fietsroute langs de Muiderstraatweg; ontwikkeling groene oevers (rietoevers) langs de noordkant van de Diem. 3.3.5 Regionaal Verkeer- & vervoerplan In het Regionaal Verkeer- & vervoerplan (RVVP) is het verkeer- en vervoerbeleid voor de komende 10 jaar gepresenteerd. Hierin zijn de gemeenten onderverdeeld in verschillende gebiedstypen; voor ieder gebiedstype geldt een specifiek beleid. Het plangebied behoort tot gebiedstype "stedelijk herkomstgebied", dat nader wordt omschreven als gebied met wisselende dichtheden, redelijk openbaar vervoer, veel ruimte voor de auto en sterke groei inwoneraantal. Met betrekking tot Plantage de Sniep wordt opgemerkt dat de Weesperstraat en de Muiderstraatweg in het RVVP zijn aangewezen als regionale fietsroutes. Ter bevordering van een hoge en herkenbare kwaliteit van fietsroutes zijn hieraan nadere eisen gesteld op het gebied van het ontwerp (vrijliggende, brede fietspaden), doorstroming (bij verkeerslichten) sociale veiligheid (straatverlichting) en beheer (systematisch onderhoud).
Uit het RVVP Uitvoeringsprogramma, behorend bij het RVVP, zijn voor het plangebied de volgende projecten- en studies relevant: het in beeld brengen van de specifieke knelpunten in de doorstroming van het OV in de gemeente Diemen;
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
19
verkennend onderzoek naar optimalisatie tramlijn 9, en doortrekking richting Diemen Zuid, Bijlmer Arena of 'Poort' Oost; verdere uitwerking 'no regret' maatregelen door Prorail (categorie 1, 2 en 3) als voorbereiding op een tracébesluit in 2009 ten behoeve van het aanleggen van de noodzakelijke infrastructuurmaatregelen (no-regret) (korte termijn). Eind 2009 is het locatiebeleid vastgesteld. Dit beleid richt zich vooral op het concentreren van nieuwe verkeersintensieve functies bij HOV-knooppunten en -haltes. Ten aanzien van de parkeernormen en parkeertarieven zijn in het RVVP geen richtlijnen opgenomen voor regionale bedrijventerreinen. 3.3.6 Uitvoeringsprogramma 2010 Het uitvoeringsprogramma 2010 geeft aan welke verkeers- en vervoersaspecten voor 2010 op het programma van de gemeente Diemen staan. De acties voor 2010 worden hieronder weergegeven. De gemeente Diemen heeft te maken met twee bovenregionale infrastructuur projecten: de Planstudie Schiphol – Amsterdam Almere en de Planstudie Openbaar Vervoer Schiphol – Amsterdam – Almere – Lelystad. Ook in 2010 zullen deze projecten de nodige inzet van de gemeente vergen. Op het gebied van ruimtelijke ordening ontwikkelt de gemeente Plantage de Sniep; een woonwijk van 1200 woningen. Van belang hierbij is een goede ontsluiting.
Mede daarom voert de Stadsregio Amsterdam een verkenning uit naar het opwaarderen en verlengen van tramlijn 9. Een andere ruimtelijke ontwikkeling is de herontwikkeling van Bergwijkpark. De Stadsregio biedt ondersteuning aan voor de verkeer en vervoersonderdelen van dit plan. Op het gebied van fietsinfrastructuur en ketenmobiliteit wordt de Muiderfietsbrug over het Amsterdam-Rijnkanaal geopend. Eveneens wordt de fietsenstalling van NS-station Diemen Zuid fors uitgebreid. Tot slot worden in 2010 belangrijke stappen gezet in de voorbereiding voor de nieuwe concessie Amsterdam die in 2012 ingaat. 3.3.7 Detailhandel in Stadsregio Amsterdam - gebied 2006-2010(2005) De algemene doelstelling van het Detailhandelsbeleid 2006-2010 is dat de regio streeft naar het op een verantwoorde wijze faciliteren van de dynamiek in de detailhandel én het versterken van de huidige (fijnmazige) detailhandelstructuur. Nieuwe ontwikkelingen moeten zoveel mogelijk hun plaats krijgen in bestaande centra. Kan dit niet, dan zijn er perifere locaties beschikbaar voor grootschalige voorzieningen. Deze algemene doelstelling is in de genoemde nota vertaald in een groot aantal concrete beleidsregels en (afstemmende) maatregelen. Een van deze maatregelen is de meldingsplicht voor initiatieven van een bepaalde omvang.
Zo houdt de Stadsregio Amsterdam zicht op ontwikkelingen die mogelijk effecten kunnen hebben op de regionale detailhandelstructuur. De Stadsregio Amsterdam - gemeenten leggen iedere grootschalige detailhandelsontwikkeling met (mogelijke) bovenlokale effecten ter goedkeuring voor aan het Dagelijks Bestuur van de Stadsregio Amsterdam. Dit geldt onder meer voor detailhandelsontwikkelingen van meer dan 5.000 m2 vvo in binnenstedelijke woongebieden. In het onderhavige plangebied komt maximaal 3.300 m2 vvo aan commerciële ruimte. Deze omvang ligt duidelijk onder de hiervoor genoemde toetsingsdrempel.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
20
3.4
Gemeentelijk beleid
3.4.1 Beleid bedrijven Het gemeentelijk beleid is gericht op behoud en intensivering van de functie die de bedrijventerreinen hebben voor huisvesting van bedrijven. De bedrijventerreinen moeten blijven fungeren voor opvang van industriële bedrijvigheid. Nieuwe zware industrie heeft niet de voorkeur en wordt tegengegaan vanwege de uitstraling op de (woon)omgeving. Aan de hand van eisen die aan de milieuhinder worden gesteld (onder andere via milieuvergunningen en milieuzonering) wordt vestiging van zware industrie tegengegaan. Ook andere functies dan bedrijven worden zoveel mogelijk geweerd, zodat deze terreinen gereserveerd blijven voor bedrijvigheid. De bestaande bedrijven worden niet belemmerd in hun bedrijfsvoering en mogen conform de vergunde situatie blijven bestaan. Voor de toekomst geldt dat er bij een nieuw te verlenen vergunning 1 dB(A) meer aan geluid geproduceerd mag worden dan nu vergund is. Op deze manier wordt de bedrijfsvoering van de bestaande bedrijven niet geheel op slot gedaan. Nieuwe vestigingen van zware industrie worden zoveel mogelijk vermeden. Een zelfstandige kantoorfunctie wordt in dit bestemmingsplan in principe uitgesloten, mede vanwege de hogere verkeersaantrekkende werking. Puur kantoorachtige functies kunnen zich voldoende vestigen op het naastgelegen kantorengebied Bergwijkpark of elders in de regio.
3.4.2 Detailhandelsnota Het gemeentelijk detailhandelsbeleid (1996) gaat uit van handhaving en versterking van de bestaande winkelstructuur. Er worden geen detailhandelsfuncties op de industrieterreinen toegestaan die ook in winkelcentra gevestigd kunnen worden (detailhandelsnota 1996). In een beperkt gebied op de Sniep worden nader omschreven vormen van perifere detailhandel (pdv) toegestaan. 3.4.3 Parkeernota In 2001 is een parkeernota voor de werkgebieden vastgesteld. Hierin wordt aangegeven dat voor de industriegebieden geen parkeerregulerende maatregelen nodig zijn. Indien nodig - en waar dat kan - kan de parkeercapaciteit in de openbare ruimte worden uitgebreid. De eisen aan parkeerruimte op eigen terrein dienen te worden gehandhaafd, dan wel te worden geactualiseerd (verscherpt). In de nachtelijke uren geldt op een deel van de Verrijn Stuartweg een parkeerverbod. Momenteel is nieuw parkeerbeleid in voorbereiding voor de gehele gemeente Diemen. 3.4.4 Woonvisie 'Werken aan wonen' In de Woonvisie Diemen 'Werken aan Wonen' (2008-2012) wordt aangegeven wat de visie van de gemeente is op het terrein van Wonen. De gemeentelijke uitgangspunten zijn kort en krachtig geformuleerd en er is zo concreet mogelijk aangegeven hoe hier invulling aan wordt gegeven.
Het stedenbouwkundig plan 'Plantage de Sniep' is uitgangspunt voor de realisatie van een nieuwe wijk met ongeveer 1.400 woningen. Plantage de Sniep biedt ruimte aan gezinnen (groot en klein), aan starters, aan senioren en aan woonwerkers. Plantage de Sniep krijgt 25 procent betaalbare woningen. Daarvan is 15 procent sociale huur en 10 procent betaalbare koop. Als binnen het project extra inverdieneffecten ontstaan, geeft dit ruimte voor extra betaalbare woningen met een maximum van 30 procent betaalbare woningen op Plantage de Sniep. In dat geval hebben betaalbare koopwoningen voorrang totdat evenwicht is bereikt tussen sociale huur (15%) en betaalbare koop (15%). 3.4.5 Groenstructuurplan en groenbeleidsplan Deze plannen geven de gewenste hoofdgroenstructuur voor Diemen weer. De notitie gaat, behalve op de situering en het soort groen, tevens in op mogelijk (mede-)gebruik van het groen. Van belang is onder andere dat de Muiderstraatweg en de Provinciale weg zijn aangemerkt als wegen met een bomenrij met een structurerende functie voor de hele gemeente. 3.4.6 Beleidsnota Cultuurhistorie In deze nota, opgesteld door de Stichting Steunpunt Cultureel Erfgoed Noord-Holland, worden voor een aantal cultuurhistorisch waardevolle elementen in Diemen de mogelijkheden beschreven om deze in te passen in toekomstige nieuwe ontwikkelingen.
Met betrekking tot woningbouwlocatie Plantage de Sniep is opgemerkt dat het gebied zo is genoemd vanwege zijn vorm, een puntig toelopend stuk land.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
21
Een belangrijke structuur is de ligging van het eiland tussen de Weespertrekvaart en Muidertrekvaart en, zoals op oude kaarten zichtbaar is, de oorspronkelijke verkaveling die dwars op beide trekvaarten loopt. 3.4.7 Notitie Prostitutiebeleid Het gemeentelijk prostitutiebeleid is in 2002 vastgesteld. Hoofdpunt van het beleid is dat prostitutie slechts onder strenge voorwaarden kan worden toegestaan. Dit beleid is eerder planologisch verankerd in een paraplubestemmingsplan en wordt nu opnieuw in dit bestemmingsplan bedrijventerreinen verwerkt. 3.4.8 Beleidsnotitie Verblijfsgebieden In deze notitie (1998) is de standaard categorisering van (hoofd)wegen in het kader van Duurzaam Veilig vertaald naar de Diemense situatie. De belangrijkste ontsluitingswegen (binnen de bebouwde kom en op de bedrijventerreinen) zijn aangemerkt als 'verkeersaders'. De ontsluitingswegen van een lagere orde zijn aangemerkt als secundaire weg. De bedrijventerreinen kennen daarom een snelheidsregime van 50 km/uur. De Stammerdijk heeft de status van 'verblijfsgebied', ligt buiten de bebouwde kom en heeft een 30 km/uur regiem. 3.4.9 Speelruimteplan In opdracht van de gemeente Diemen heeft bureau Speelruimte onderzocht welk aantal en welk soort speelgelegenheden in de gemeente gewenst zijn.
De resultaten van dit onderzoek, waarin het herontwikkelingsgebied Plantage de Sniep specifiek is onderzocht, zijn beschreven in de notitie "Spelen in Diemen" (Speelruimte, 2003). In de exploitatieopzet en het stedenbouwkundig plan is met de aanbevelingen uit genoemde rapportage rekening gehouden. 3.4.10 Welstandsbeleid De niet-planologisch relevante aspecten van de geprojecteerde bebouwing, zoals architectuur, kleur- en materiaalgebruik, kunnen niet in een bestemmingsplan worden geregeld, maar wel in het gemeentelijke welstandsbeleid. De in dit verband beoogde doelstellingen voor woningbouwlocatie Plantage de Sniep zijn uitgebreid beschreven in het beeldkwaliteitsplan "Plantage van Diemen'. Dit plan zal deel gaan uitmaken van het gemeentelijke welstandsbeleid. 3.4.11 Notitie Ondergronds bouwen Ten aanzien van woonwijken wordt het beleid (2003) gevoerd dat onderkeldering van hoofdgebouwen in beginsel kan worden toegestaan, ongeacht de bestemming. Onderkeldering ter plaatse van voorerven is niet toegestaan, van zij- en achtererven mag maximaal 50% onderkelderd worden. Voor kantoor- en industriegebieden geldt dat in beginsel 100% van het erf onderkelderd mag worden, tenzij kabel- en leidingstroken dit niet toestaan. In het bestemmingsplan wordt onderkeldering conform dit beleid mogelijk gemaakt.
3.4.12 Natuurbeleidsplan Diemen Diemen is een groene gemeente met opvallend waardevolle natuur binnen de stadsgrenzen. De gemeente Diemen heeft al de beschikking over een groenbeleidsplan (1995) en een groenstructuurplan (1997). In het aanvullende Natuurbeleidsplan (2009) staan de ecologische waarden centraal. Dit plan dient gezien te worden als een sectoraal plan, het is geschreven vanuit natuuroogpunt. Bij besluitvorming vormt dit plan één van de afwegingskaders. Het plan vormt onder andere input voor de Structuurvisie en kan gebruikt wordt als onderbouwing bij bv. subsidieaanvragen en bij de vraag om compensatiemaatregelen bij uitbreiding rijks- en spoorwegen. Het Natuurbeleidsplan kan ook weer dienen als input voor het opstellen van het nieuwe groenbeleidsplan. Het streven van Diemen wat betreft het natuurbeleid is als volgt: “Het in stand houden en verbeteren van de ecologische verbindingen en van de leefomstandigheden van plant- en diersoorten in Diemen en het afstemmen hierop van de recreatieve mogelijkheden voor fietsers en wandelaars”. De grotere groengebieden en -structuren zijn expliciet bestemd in dit bestemmingsplan.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
22
3.4.13 Beleidsregels plaatsingsmogelijkheden GSM/UMTS antennes In februari 2009 heeft de gemeenteraad van Diemen beleidsregels vastgesteld voor het plaatsen van GSM/UMTS antennes. Op de bedrijventerreinen Verrijn Stuart, Stammerdijk en de Sniep zijn dergelijke antennes toegestaan indien alternatieven niet aan de orde zijn en de maximale hoogten niet worden overschreden. In het deelgebied van Plantage de Sniep zijn op basis van deze beleidsregels geen GSM/UMTS antennes toegestaan.
3.5
Conclusie
Uit nadere toetsing van het plan aan de hiervoor genoemde beleidsuitgangspunten blijkt dat hiermee overeenstemming bestaat, dan wel dat hiermee bij de nadere uitwerking van het plan rekening kan en zal worden gehouden.
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
23
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
24
Hoofdstuk 4
Planbeschrijving
In een startnotitie die eind 2000 is opgesteld is een aantal planologische uitgangspunten voor de drie bedrijventerreinen weergegeven, die als basis dienen voor dit bestemmingsplan. Daarnaast is 8 juli 2008 door het college van B en W de notitie vestigingsbeleid bedrijventerreinen Diemen vastgesteld. Uitgangspunten van dit plan zijn: Het blijvend reserveren van de bestaande bedrijventerreinen voor bedrijfsdoeleinden, met name op het gebied van productie, groothandel, transport, logistiek, constructie, ontwerp e.d.; Maximaliseren van de bebouwingsmogelijkheden op de percelen (onder voorwaarde van voldoende parkeercapaciteit); Vastleggen van afwijkende functies die zich (met vrijstelling) in het plan hebben gevestigd (o.a. veilinghuis en fastfood restaurant, kringloopwinkel); Beperkt toestaan van aan de bedrijven gerelateerde, ondersteunende horeca, sportvoorzieningen en kinderopvang; Mogelijkheden voor functies/activiteiten waarvan het ruimtebeslag niet ten koste van bedrijfsruimte gaat.
Hierbij wordt specifiek gedacht aan de groenstrook tussen de metrowerkplaats en de Verrijn Stuartweg nabij het Zwanenpad en de Volmerstraat; Parkeernormen in het plan opnemen; Voor zover mogelijk het bouwverbod in een zone langs de spoorlijn opheffen; De functie van metrowerkplaats/remise en tramwerkplaats wederom vastleggen en de mogelijkheid handhaven dat deze functie kan worden veranderd in een bedrijvenfunctie; Detailhandel beperkt toestaan; hierbij gaat het om 1. Detailhandel die niet past in wijkwinkelcentra c.q. de woonomgeving (o.a. a.b.c goederen, brand- en explosiegevaarlijke goederen, grootschalige detailhandel in een beperkt aantal branches); 2. Productiegebonden detailhandel/detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit; 3. Detailhandel in schriftelijke opdracht zonder levering ter plaatse (postorderbedrijven, cateringbedrijven); 4. Webwinkels (zonder baliefunctie); Kleinschalige zakelijke dienstverlening (zonder baliefunctie) toestaan; Het bedrijventerrein is uitdrukkelijk geen vestigingsplaats voor: 1.
publieksgerichte en publieksaantrekkende activiteiten of bedrijven met een baliefunctie; maatschappelijke voorzieningen (zoals kerken, wijkcentra en verenigingsgebouwen); persoonlijke/maatschappelijke dienstverlening (zoals medische en paramedische bedrijven/praktijken, schoonheidssalons, wellnessbedrijven); congres-, zalen- en partycentra; recreatieve voorzieningen (zoals karten, paintball, overdekte speeltuin). Voor het deelgebied van de woningbouwlocatie Plantage de Sniep zal voor de invulling uitgegaan worden van de grote lijnen van het stedenbouwkundige plan "De Plantage van Diemen" (februari 2003).
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
25
Geconsolideerd Bestemmingsplan Bedrijventerrein 2022
26
Hoofdstuk 5
5.1
Milieu
5.1.1
Bodem
Randvoorwaarden
Algemeen Het is wettelijk geregeld dat ontwikkelingen pas kunnen plaatsvinden als de bodem waarop deze ontwikkelingen gaan plaatsvinden geschikt is of geschikt is gemaakt voor het beoogde doel. In eerste instantie wordt volstaan met een historisch vooronderzoek conform de NVN 5725 van het Nederlands Normalisatie Instituut (NNI). Indien uit dit vooronderzoek volgt dat op grond van die resultaten een verontreiniging te verwachten is, dient een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 van het NNI te worden uitgevoerd. De kwaliteit van verontreinigde bodem moet ten behoeve van realisatie van de nieuwe bestemming voldoen aan doelstellingen uit het BEVER beleid (beleidsvernieuwing bodemsanering). Uitgangspunt is dat functioneel wordt omgegaan met eventueel aanwezige verontreinigingen. Tevens introduceerde de commissie Welschen in het begin van de jaren negentig het begrip “actief bodembeheer”. Het doel hiervan is om op verstandige, doelmatige wijze om te gaan met de structurele aanwezigheid van bodemverontreiniging. Indien bij bodemonderzoek saneringswaardige verontreinigingen worden vastgesteld, dient voorafgaand aan of tijdens de herinrichting sanering plaats te vinden. Plangebied Bedrijventerrein Voor het plangebied ter plaatse van de bestaande bedrijventerreinen is geen bodemonderzoek uitgevoerd.
Aangezien dit de bestaande situatie betreft en in dit deel geen ontwikkelingen mogelijk gemaakt worden is het niet nodig hier extra bodemonderzoek uit te voeren. Het bodembeleid is er op gericht om ook bij ernstige bodemvervuiling gebruik van de grond voor bedrijfsdoeleinden mogelijk te maken. Uitsluitend bij een onaanvaardbaar risico, verbonden aan het gewenste bodemgebruik, wordt de grond gesaneerd. Verontreinigde grond die vrijkomt bij bodemsanering dient overeenkomstig de afvalstoffenbepalingen verwerkt dan wel verwijderd te worden. De bodemsituatie geeft geen belemmering voor handhaving van de bedrijfsbestemming. Woningbouwlocatie Plantage de Sniep Dit gebied is gesaneerd. Van de sanering is een evaluatierapport opgesteld (zie nr. 1 t/m 3 Bijlage 1). Nedteerterrein Tot circa 8 meter diepte ontgraven, daarna afgedekt met Trisoplast (hieronder nog sterke verontreiniging aanwezig). Ontgraving is aangevuld met licht verontreinigde hergebruikgrond van de locatie tot circa NAP -0,5 m. Daarna opgehoogd met 1,5 à 2 meter schoon zand. Punt Verontreinigde ophooglaag is afgegraven tot circa NAP -2 m. Alle mobiele sterke verontreinigingen zijn verwijderd. Aangevuld en opgehoogd met schoon zand. Overig Verontreinigde ophooglaag is afgegraven, in het algemeen tot NAP -1,5 à 2 m en vervolgens aangevuld tot circa NAP -0,5 m met licht verontreinigde hergebruikgrond van de locatie.