Bijlage 2. Statuten Diemer Omroep Stichting
Tekst van het document
dossiernr:
42265/IH
STATUTENWIJZIGING
STICHTING
Heden, drie septemb er tweeduizend twinti verschenen voor mij, (geanonimiseerd) notaris
nn
a.
te Diemen:
(geanonimiseerd) (geanonimise rd)
te dezen handelende als voorzitter respectievelijk secretaris van na te melden stichting De verschenen personen, handelende als gemeld, verklaarden dat het bestuur van de stichting: “Diemer Omroep Stichting”, met gebruikmaking van artikel 15 van de sta--
—
tuten
heeft besloten tot algehele wijziging van de statuten, conform een aan deze aktegehecht besluit. Ter uitvoering van het vorenstaande verklaarden de verschenen personen, handelende — als gemeld, de statuten algeheel te willen wijzigen zodat de doorlopende tekst van de — statuten komt te luiden als volgt: Naam Artikel 1 De stichting draagt de naam: Diemer Omroep Zetel Artikel 2 Zij heeft haar zetel in de gemeente Diemen. Doel Artikel 3 1. De stichting heeft ten doel:
Stichting.
a.
het verzorgen van media-aanbod bestemd
voor
de gemeente of gemeenten
waarvoor zij door het Commissariaat voor de Media als publieke lokale mediainstelling is aangewezen; hierna te noemen het verzorgingsgebied;
b.
het op lokaal niveau uitvoeren van de publieke mediaopdracht door het vermedia-aanbod dat gericht is op de bevrediging van maatschappelijke behoeften die in het verzorgingsgebied waarop de instelling zich richt leven zorgen van en
het verrichten van alle activiteiten die nodig zijn om daarmee
publieke
een
taak te vervullen; c.
het gebruiken van haar zendtijd geheel voor een media-aanbod dat in het bij-
d.
zonder betrekking heeft op het verzorgingsgebied; envoorts alhetgeenmet eenenander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn alles in de ruimste zin des woords. ,
2.
De stichting tracht haar doel en al hetgeen daarmee in de ruimste zin verband
houdt te verwezenlijken door het aanwenden van alle geoorloofde middelen welke voor de verwezenlijking van haar doel bevorderlijk zijn. 3. De stichting is niet dienstbaar aan het maken van winst door derden. Begunstigers ,
Artikel 4 1. 2. 3.
Begunstigers zijn zij die zich bereid verklaard hebben de stichting financieel te steunen met een door het bestuur vast te stellen minimum bijdrage. Het bestuur beslist omtrent de toelating van begunstigers. De rechten en plichten van een begunstiger worden in het huishoudelijk regiementnader vastgelegd.
Geldmiddelen Artikel 5 De geldmiddelen van de stichting bestaan uit de bijdragen van de begunstigers uit eventuele verkrijgingen ingevolge erfstellingen legaten en schenkingen en tenslotte uiteventuele andere verkrijgingen en baten. Bestuur ,
,
Artikel 6 1. Het bestuur van de stichting bestaat uit ten minste drie leden en wordt voor de— 2. 3. 4.
eerste maal bij deze akte benoemd. Het aantal leden wordt met inachtneming van het in het eerste lid bepaalde door— het bestuur met algemene stemmen vastgesteld. m Heete bsetesrt.uur kiest uit zijn midden een voorzitter een secretaris en een penning ,
5.
Bestuursleden worden benoemd voor een periode van drie (3) jaar waarbij het bestuur een rooster van aftreden opstelt. sAtfutruerdselidn dnee ebmest toupu rhsleetdreono sztiejnr tdeers ptolanadt sh ienr kviaensbzaijanr ;v eoeonrg taunsgseern. tijds benoemd be
6.
svBteiujnuhdreestl iboden) stzstoutausarpsnolevedadenign emmeonegt( eaollfigjm kememeearn)aevr asuctietaemtrulmirjkee(bnsi )n(oinnfezhnaetltwhbeeeetsetmunuaigraenzdouevllenernbn ladij veheeontvdoeenrbbtsleitjaan
,
,
,
,
de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming van een (of meer) opvol-ger(s). Mocht(en) in het bestuur om welke reden dan ook één of meer leden ontbreken— dan vormen de overblijvende bestuursleden of vormt het enige overblijvende be-van
7.
,
,
stuurslid niettemin een wettig bestuur. 8. De leden van het bestuur genieten geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten. 9. Niet tot bestuurslid benoembaar zijn personen die in dienst zijn van of werkzaam zijn voor de stichting. Einde bestuurslidmaatschap Artikel 7 Het bestuurslidmaatschap eindigt: 1. door overlijden van een bestuurslid; 2. bij verlies van het vrije beheer over zijn vermogen; 3. bij schriftelijke ontslagneming (bedanken); 4. bij ontslag op grond van artikel 298 boek 2 BW.
Bestuursvergaderingen Artikel 8 1.
en
—
bestuursbesluiten
De bestuursvergaderingen worden gehouden binnen het verzorgingsgebied dan— wel indien alle bestuursleden daarmee instemmen elders. Elk kalenderkwartaal wordt ten minste één vergadering gehouden. Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden wanneer de voorzitter— dit wenselijk acht of indien een van de andere bestuursleden de voorzitter daartoedsciehnri fdteel ivjko overzrizttoeerk at aonn deeern n daeurwgekelijukr ivgeer zoopegka vgee evna ng edveo tleg bgeeheaftn idnedleienr pvounetgeen. dInat— ,
,
2. 3.
,
,
de vergadering kan worden gehouden binnen drie weken na het verzoek kan de— verzoeker met inachtneming van de vereiste formaliteiten zelf een vergadering bijeen roepen. De oproeping tot de vergadering geschiedt - behoudens het in lid 3 bepaalde - door de voorzitter ten minste zeven dagen tevoren de dag van oproeping en die van— vergadering niet meegerekend door middel van brieven en/of e-mailberichten dansweenl dohpe dide k wanijz oep arolse ipni nhge to houk istehloefuodneislicjkh r pelgaealtesmvienndte vno. orzien; in geval van spoedei ,
,
4.
,
,
,
,
5. 6.
De oproepingsbrieven vermelden behalve plaats en tijdstip van de vergadering dete behandelen onderwerpen. Bleidj egne leagaennwheeziidg vzaijnn e keunn nbeesnt uguerldsvigeergbaedseluriintegn wwaoarrdine na llgee inno fmunecnt ieo vzeijrn adlele b aeasntu duers—
7.
orde komende onderwerpen mits met algemene stemmen ook indien de in de statuten opgenomen voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen— niet in acht genomen. Dwee zviegrhgeaidd ewriijnsgt edne wveorrgdaedne grienlge izde dlfo hoar adre v voooorzrzititteter ra vaann. het bestuur; bij diens af
,
,
,
,
,
grknsr?r°' ?1 1 ,
1
9)"
8.
Van het verhandelde in de vergaderingen worden notulen gehouden door de secretaris of door één der andere aanwezigen door de voorzitter daartoe aangezocht. — De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen die in de vergadering— als voorzitter en secretaris hebben gefungeerd. Het bestuur kan ter vergadering alleen dan geldige besluiten nemen indien de mwoeoerrddiegrdh eisid. van de in functie zijnde leden ter vergadering aanwezig of vertegen ,
,
9.
Eweono rbdeigsetunu orsnldide kr aonv ezrilcehg gteinr gv evragna deeernin gd odooro dr ee evno omrzeidtteebr evsatnu udres lvide rlagtaedne vrienrgteaglsen ,
voldoende beoordeelde schriftelijke volmacht. Een bestuurslid kan daarbij slechts— voor één medebestuurslid als gevolmachtigde optreden. 10. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen mits alle bestuursleden— in de gelegenheid zijn gesteld telefonisch en/of per e-mail dan wel op de wijze als— tinnieo shmedetonho ubr iesdshelousuitedwceroleirjtkdatrr eizsgoelveeemne elr aneltlsavamosooorgzpeieglinejkmhoaunandketmr edbnaijvtinongea gtemingegedvveae-non n.d dVeeairnntegekeeeknnoimanlged nudsor eogarecde,
,
,
,
voorzitter bij de notulen wordt gevoegd. 11. Ieder bestuurslid heeft recht op het uitbrengen van één stem. Voorzover deze statuten geen gekwalificeerde meerderheid voorschrijven worden— alle bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid der geldig uitgebrachte
stemmen. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. 12. Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling tenzij de voorzitter of eenvan de andere bestuursleden een schriftelijke stemming gewenst acht en dit vóór— de stemming kenbaar maakt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende gesloten briefjes. 13. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht. 14. In alle geschillen omtrent stemmingen niet bij de statuten voorzien beslist de voorzitter. ,
,
,
,
Bestuurstaak en vertegenwoordiging Artikel 9 1. 2.
Het bestuur is belast met het besturen van de stichting. Hkreijgt ibnegs tvueurrv irse beemvdoienggde tne bbeezswluaitreinng t ovat nh eret agaisntegragaone dvearne onv. ereenkomsten tot ver
3.
Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt zich vooreen derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander— verbindt. De stichting wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd:
,
,
,
4.
a.
hetzij door het bestuur;
b.
hetzij door de voorzitter tezamen met de secretaris; hetzij door de voorzitter tezamen met de penningmeester; dheentz aij abnijgheuwne bzeenle pt loafa otsnvtesrtevanntegneirs. hun daartoe door het bestuur uit zijn mid
c.
d.
Programmabeleid bepalend orgaan
Artikel 10 1.
De stichting kent een programmabeleid bepalend orgaan. Deze heeft tot taak: a. het bepalen van het beleid voor het media-aanbod; b. toetsing van de in het programmabeleid verwoorde uitgangspunten; c. het geven van adviezen gevraagd en ongevraagd aan het bestuur; d. hliseet eorpdset eplrleong rvaamnmeaebne jlaeaidrl.ijkse rapportage aangaande het gevoerde en gerea ,
2.
Het programmabeleid bepalend orgaan wordt voor de eerste maal bij deze akte bmeanboeelemidd b Hepeat laeanndt aolr gleadaenn mmeett ine eanc hmtnineimmuinmg vvaann hveijft dweorrddet ldido ovra nh edti tp arortgikrealm .
3.
,
,,
,
,
vastgesteld. Het programmabeleid bepalend orgaan dient zodanig te zijn samengesteld dat hetrepresentatief is voor de in het verzorgingsgebied voorkomende maatschappelijkelceunltdu roerlgea agno dhsedbibeenns ttigeen emnin gsetee sztiettliinjkge vsetrrotemgienngweono. rInd igheertsp vroagnr adme mnaavboelgleeidn dbeepa ,
,
4. 5. 6. 7.
stromingen: maatschappelijke zorg en welzijn; cultuur en kunst; kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke grondslag; werknemers; werkgevers; onderwijs en educatie; etnische en culturele minderheden; sport en recreatie. Bij huishoudelijk reglement dan wel afzonderlijk reglement worden nadere regels— gegevenaangaande de samenstelling van het programmabeleid bepalend orgaan. -
Het programmabeleid bepalend orgaan wijst uit haar midden
een
voorzitter aan. -
De vergaderingen van het programmabeleid bepalend orgaan worden bijgewoonddoor een vertegenwoordiger van het bestuur. Deze heeft een adviserende stem. De leden van het programmabeleid bepalend orgaan worden door het programma-
beleid bepalend orgaan benoemd uit een of meer voordrachten behoudens het— ,
bepaaide in het achtste lid van dit artikel. Tot het opmaken van zulk een voordgraaacnh td zainjn wbeelv boiej hgudi shheot ubdeesltiujku rre gdlee mleednetn a vaann t eh ewt ipjzreong roarmgamnaisbaetlieeisd obfegpraoleepnedn o vran ,
8.
organisaties. Aan elke voordracht kan het bindend karakter worden ontnomen door een met gternam mimnsatbeetlweeide b/deepradlee nvda no rdgea uaintg egbernaocm hteen s tine meemne vnegregnaodmereinng b weaslauriitn v taenn mheint sptreo— ,
9.
twee/derde van de leden van het programmabeleid bepalend orgaan tegenwoordigis. Is geen voordracht opgemaakt of besluit het programmabeleid bepalend orgaan— oravketreere tnek oonmtnsteigm heent vdoaonr gisa ahnedt ep rliodg draemompgaebmealeaidk tbe evpoaolrednradc ohrtgeanahne vt rbiji nind edned k keaus. ,
,
,
6
10. Indien er meer dan een bindende voordracht is geschiedt de benoeming uit die— voordrachten. 11. Bij het ontstaan van een (of meer) vacature(s) in het programmabeleid bepalend— orgaan zullen de overblijvende leden (of zal het enig overblijvende lid) binnen vier— maanden na het ontstaan van de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming— van een (of meer) opvolgers(s). 12. Mocht(en) in het programmabeleid bepalend orgaan om welke reden dan ook een— of meer leden ontbreken dan vormen de overblijvende of vormt het enig overblij-,
,
,
vende programmabeleid bepalend orgaanlid
,
een
wettig programmabeleid bepa--
lend orgaan.
Einde lidmaatschap programmabeleid bepalend orgaan Artikel 11 1.
2.
Het lidmaatschap van het programmabeleid bepalend orgaan eindigt: a. indien het lid van het programmabeleid bepalend orgaan heeft opgehouden vertegenwoordiger te zijn van een stroming; b. door bedanken. Elk lid van het programmabeleid bepalend orgaan treedt uiterlijk drie (3) jaar na kzeijnn broeonsoteemr vinagn aafft rveodlginegn. s een door het programmabeleid bepalend orgaan te ma ,
3.
De aftredende is terstond herbenoembaar voor ten hoogste éénmaal de maximale— benoemingstermijn.
Programmastaf Artikel 12 1.
Hoofdredacteur
-
Dleen sataicnhttainl mg ekednetweeerkne prsro ognradmermwaiest aefe nb heostoafadnreddea ucitteeuern b deolaosr th meet tb deest uleuidr itneg b veapna— ,
,
de programmastaf. Het redactiestatuut de taakomschrijving van de programmastaf emna sdtea fn eand earnedreergee olsr gtearn zeank vea vna dned set ivcehrthinogu wdionrgd teuns sgeone dhgoeokfderuerddadcoteour rh eptr opgrora-m ,
,
2.
grammabeleid bepalend orgaan. De hoofdredacteur wordt door het bestuur na overleg met het programmabeleid— bepalend orgaan aangesteld. De hoofdredacteur kan uitsluitend met instemming van het programmabeleid bepalend orgaan door het bestuur worden ontslagen; zodanig besluit dient tevoren eveneens aan overleg met de programmastaf te worden onderworpen indien het— ontslag op journalistieke gronden wordt verleend. Hpaeat lbdees ttiujdu sr ckhaonr sdeen h; odoef dsrcehdoarscitnegu rv ienr vdael tuinitodeiefne nniinegt bviannn eznijn e feunn cmtiaea vnodo nr ao nhbeet ,
,
3.
,
4.
5.
schorsingsbesluit het in het derde lid van dit artikel bedoelde overleg een aanvang— heeft genomen. De overige leden van de programmastaf worden op voorstel van de hoofdredacteur lbeegn moeemt dded hoooor fhderet dbaecstteuuurr. WOnil thsleatg o wntosrldatg h oepn joveurrlneaelnisdti edkoeo rg hroent dbeens tvueurrlenean dover .
tkeuunrneenn dweo prdroegnr admanm baesthaof.eft het de voorafgaande instemming van de hoofdredac ,
6.
Voor de inhoud van alle uitzendingen en voor alle werkzaamheden is de hoofdre-dacteur verantwoording verschuldigd jegens het bestuur.
Commissies Artikel 13 1. 2.
en
werkgroepen
Het bestuur kan commissies en werkgroepen instellen. Bgrioj heupiesnh ovuadstegliejkle rgedg. lement worden taak en werkwijze van commissies en werk
3aarverslag
-
Rapportage programmabeleid bepalend orgaan
-
Rekening en—
verantwoording
Artikel 14 1. 2.
Het stichtingsjaar is tevens boekjaar en loopt van één januari tot en met eenendertig december van het zelfde jaar. nHkeeennt i bnwegosertndueutner ighseovkueedrnepdnli.c dhat tv daanadreu itv etermaoliegne ntisjdtoee hsataanr dr evcahnt edne esnti cvhetrinpglic zhotidnagneing kauannte
3. 4.
Per einde van elk boekjaar worden de boeken der stichting afgesloten. sHlaegt boeps teunu dr est eplet nbnininngemn ezeesst emr adaonedte onn ndae raoflvoeorple vgagnin hgevtasnt icehetnin bgasljaanasr zeinjn ejaeanr svtearat ,
vjaaanr bgaetveone erdn blaesstteunur, r. eDkee njainagr reenk evneirnagn wtwoorodrtdoinpgg eosvteerl dz icjno ninfohremt adfeg eeilsoepne nd ibeo heekt—
cCiëolme mViesrsaanrtiawaoto vrdoionrg d PeuMbeliedkiae sLtoekltaelen Mdieed ziaijn-inospteglelinngoemne. n in het Handboek Finan 5.
Het programmabeleid bepalend orgaan stelt binnen zes maanden na afloop van het stichtingsjaar de jaarlijkse rapportage aangaande het gevoerde en gerealiseerde programmabeleid vast zoals bedoeld inartikel 10 eerste lid onder d van deze statuten. Het bestuur stelt de jaarstukken vast. Na vaststelling kan door een ieder kennis worden genomen van het jaarverslag derapportage van het programmabeleid bepalend orgaan en de jaarstukken. Hweatr ebne. stuur is verplicht bescheiden bedoeld in lid 4 en 5 zeven (7) jaar lang te be ,
6. 7. 8.
,
,
,
Statutenwijziging Artikel 15 1. In de statuten van de stichting kan geen wijziging worden aangebracht dan door— een besluit van het bestuur genomen in een vergadering waartoe is opgeroepen— dmeent vdoeo mrgeedsetedledl.ing dat bij die gelegenheid een wijziging van de statuten zal wor ,
2.
Het besluit tot wijziging van de statuten moet worden genomen met algemene sdtiegmd mziejnn. in een vergadering waarin alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoor
3.
Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte isopgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte is ieder bestuurslid bevoegd.
4.
De leden van het bestuur zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging— ,
alsmede de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het handelsregister.
8
Ontbinding en vereffening Artikel 16 1. 2. 3. 4. 5.
_
Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het daartoe te nemen besluit is het bepaalde in het tweede lid van artikel 15 van toepassing. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening— van haar vermogen nodig is. De vereffening geschiedt door het bestuur. De vereffenaars dragen er zorg voor dat van de ontbinding van de stichting inschrijving geschiedt in het register bedoeld in het vierde lid van artikel 15. gGeelidjku rveannd ekr daec hvte. reffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel als mo
6.
Een eventueel batig liquidatiesaldo wordt besteed ten behoeve van een algemeen— nut beogende instelling met een soortgelijke doelstelling of van een buitenlandse— instelling die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het algemeen nut beoogt en die— een soortgelijke doelstelling heeft. 7. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden— stichting gedurende zeven (7) jaar berusten onder de jongste vereffenaar. Huishoudelijk reglement
Artikel 17 1. 2. 3. 4.
Het bestuur stelt een reglement vast waarin die onderwerpen worden geregeld welke niet in deze statuten zijn vervat. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn. Het bestuur is te allen tijde bevoegd het reglement te wijzigen of op te heffen. Op de vaststelling wijziging en opheffing van het reglement is het bepaalde in artikel 15 lid 2 van toepassing. ,
,
Slotbepalingen Artikel 18 Isnt uaullre. gevallen waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien beslist het be ,
,
Deze akte is verleden te Diemen op de datum in het hoofd van deze akte vermeld. De verschenen personen zijn mij notaris bekend en de identiteit van de bij deze akte— mbeetlrdoek keenn d vaearrstcoheebneesnt epmedrseo dnoecnu ims denooternm viaj sntgoetasrtiesld a. aDne dzea khealnijkde v iannh odued h viearnv odoer agkete— ,
,
,
,
bise ana vne drkel avaerrds cohpe nvoenllepdeigrseo vnoeonr loepzginegg evvaenn d een a tkoteeg geelicehnt p Drijes vtee rsstcehlleenne nti jpdeigrs voonoernh heet b— .
,
verlijden een conceptakte te hebben ontvangen van de inhoud van de akte te hebben— kennisgenomen en met de inhoud in te stemmen. Deze akte is beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna ondertekend eerst door de— verschenen personen en vervolgens door mij notaris. (Volgt ondertekening) ,
,
,
UITGEGEVEN VOOR AFSCHRIFT:
(geanonimiseerd)