B3 B Archeologie_rapportage.pdf
Tekst van het document
Bureau voor Archeologie Rapport 952 Ouddiemerlaan naast 19, Diemen, gemeente Diemen: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende fase
2
Colofon titel:
Bureau voor Archeologie Rapport 952. Ouddiemerlaan naast 19, Diemen, gemeente Diemen: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende fase
auteur:
F. Roodenburg
autorisatie:
A. de Boer (KNA senior prospector)
datum:
18 september 2020
ISSN:
2214-6687
© Bureau voor Archeologie Koningsweg 244 Utrecht T 030 245 18 95 E info@bureauvoorarcheologie.nl I https://www.bureauvoorarcheologie.nl
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
3
Administratieve gegevens Projectnummer
2017121201
Provincie
Noord-Holland
Gemeente
Diemen
Plaats
Diemen
Toponiem
Ouddiemerlaan naast 19
Centrum locatie (m RD)
126.010; 483.520 (x; y)
Omvang plangebied
180 m2
Kadastrale gegevens
gemeentecode: 216, sectie: F, nummer(s): 2628, 2629
ARCHIS onderzoeksmeldingsnummer
4886378100 (ABU); 4886386100 (ABO)
Soort onderzoek
een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende fase
Opdrachtgever
Mees Ruimte en Milieu
Uitvoerder Kaartblad
25G
(RO) kader onderzoek
Aanvraag omgevingsvergunning
Periode van uitvoering veldwerk
september 2020
Bevoegde overheid
Gemeente Diemen
Deskundige namens bevoegde overheid
Onbekend
Status goedkeuring bevoegde overheid
Onbekend
Beheerder en plaats van documentatie
Digitale documentatie: ARCHIS en E-Depot Vondstdocumentatie: Transitiedepot Bureau voor Archeologie (eindbestemming Archeologisch depot Noord-Holland).
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
4
Figuur 1: Het onderzoeksgebied (kaartbeeld) met plangebied (rood; www.opentopo.nl).
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
5
Inhoudsopgave 1 2
3
4 5 6 7
Samenvatting...............................................................................................8 Inleiding.......................................................................................................9 1.1 Doelstelling en vraagstelling.................................................................9 Bureauonderzoek......................................................................................10 2.1 Methode..............................................................................................10 2.2 Onderzoeksgebied en toekomstig gebruik..........................................10 2.3 Huidige situatie....................................................................................11 2.4 Aardwetenschappelijke waarden.........................................................12 2.5 Historische situatie..............................................................................13 2.6 Mogelijke verstoringen........................................................................14 2.7 Archeologische en bouwhistorische waarden......................................14 2.8 Gespecificeerde verwachting..............................................................16 Booronderzoek..........................................................................................19 3.1
Inleiding..............................................................................................19 3.2 Methode..............................................................................................19 3.3 Resultaten en bodemkundige interpretatie..........................................20 3.4 Archeologische interpretatie................................................................21 Waardestelling en Selectieadvies..............................................................22 Conclusie...................................................................................................23 Advies........................................................................................................25 Literatuur...................................................................................................26 Figuren......................................................................................................29 Bijlage 1: Boorbeschrijvingen.....................................................................58
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
6
Lijst met Figuren Figuur 1: Het onderzoeksgebied (kaartbeeld) met plangebied (rood; www.opentopo.nl)........................................................................................4 Figuur 2: Topografische kaart..............................................................................29 Figuur 3: Luchtfoto 2018.....................................................................................29 Figuur 4: Foto van het plangebied genomen vanaf de Ouddiemerlaan (Google Maps Street View, mei 2019).....................................................................30 Figuur 5: Achterzijde van het plangebied (Google Maps Street View, mei 2019). .................................................................................................................. 30 Figuur 6: Archeologische beleidskaart van de gemeente Diemen (Alders e.a. 2003).........................................................................................................
31 Figuur 7: Nieuwe situatie.....................................................................................32 Figuur 8: Dwarsdoorsnede van de nieuwbouw....................................................33 Figuur 9: Bestemmingsplannen (‘http://www.ruimtelijkeplannen.nl’)....................34 Figuur 10: Bodemkaart........................................................................................35 Figuur 11: Hoogte-reliëfkaart (Actueel Hoogtebestand Nederland 2018)............36 Figuur 12: Hoogte-reliëfkaart detail (Actueel Hoogtebestand Nederland 2018).. 36 Figuur 13: Geomorfologische kaart (Alterra 2004)..............................................37 Figuur 14: Geologisch booronderzoek B25G2868 ter hoogte van de Diemerbrug (Dinoloket 2014)........................................................................................38 Figuur 15: geologisch booronderzoek B25G0769 ter hoogte van de Diemerbrug (Dinoloket 2014)........................................................................................39 Figuur 16: Kaart uit 1608 uit een collectie van kaarten en kaartboeken van de Provinciale atlas van Noord-Holland (Bilhamer en Beeldsnyder 1608)......40 Figuur 17: Kaart van het hoogheemraadschap van Rijnland, Amstelland, uit 1687 (Douw, Brouckhuijsen, en Douw de Jonge 1687).......................................40 Figuur 18: Kaart van de zeedijk tussen
Amsterdam en Muiden (Onbekende Cartograaf 1703)........................................................................................41 Figuur 19: Kaart van het hoogheemraadschap van Zeeburg en Diemerdijk (Leth 1742)......................................................................................................... 41 Figuur 20: Kaart van het hoogheemraadschap van de Zeeburg en Diemerdijk (Wandelaar 1781)......................................................................................42 Figuur 21: Nieuwe kaart van den Lande van Utrecht deel 2................................42 Figuur 22: Gedigitaliseerde weergave van het kadastraal minuutplan van 1811 tot en met 1832 van de gemeente Diemen en Diemerdam, sectie A, blad 3 (HisGis 2010).............................................................................................43 Figuur 23: Originele weergave van het kadastraal minuutplan (‘Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed’, MIN07029A03)............................44 Figuur 24: Topografisch militaire kaart 1850........................................................45 Figuur 25: 367-910-OUDERKERK-1879.............................................................45 Figuur 26: 367-912-OUDERKERK-1890.............................................................46 Figuur 27: 367-914-OUDERKERK-1905.............................................................46
Figuur 28: 367-916-OUDERKERK-1920.............................................................47 Figuur 29: Luchtfoto uit 1944 (RAF 1940-1945)..................................................48 Figuur 30: 25G-1949-Amstelveen / Amsterdam / Diemen / Weesp.....................49 Figuur 31: 25G-1961-Amstelveen / Amsterdam / Diemen / Weesp.....................49 Figuur 32: Foto van het plangebied uit 1925 met centraal “De Oude Smidse” (Historische Kring Diemen 2020, HKD03590)............................................50 Figuur 33: Ongedateerde foto van de adressen Ouddiemerlaan 17-19 met centraal de smederij "De Oude Smidse" (Historische Kring Diemen 2020, Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
7 HKD01574)................................................................................................51 Figuur 34: 25G-1969-Amstelveen / Amsterdam / Diemen / Weesp.....................52 Figuur 35: 25G-1981-Amstelveen / Amsterdam / Diemen / Weesp.....................52 Figuur 36: 25G-1988-Amstelveen / Amsterdam / Diemen / Weesp.....................53 Figuur 37: Foto uit 1971 (Arsath Rio’is 1971)......................................................53 Figuur 38: 25G-1994-Amstelveen / Amsterdam / Diemen / Weesp.....................54 Figuur 39: Archeologische vondstlocaties (geel) en zaken (blauw) uit ARCHIS.. 55 Figuur 40: Boorpuntenkaart................................................................................56 Figuur 41: Schematische weergave van boorprofielen........................................57
Lijst met Tabellen Tabel 1: Aardkundige waarden............................................................................13 Tabel 2: Bekende archeologische waarden tot ca. 200 m van het plangebied.. . .16 Tabel 3: Verzamelde vondsten............................................................................21
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
8
Samenvatting Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor bouwwerkzaamheden aan de Ouddiemerlaan naast 19 te Diemen. De vraagstelling van het onderzoek luidt: hoe kan rekening gehouden worden met eventuele archeologische waarden bij de voorgenomen ontwikkeling? Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de KNA, protocollen 4002 en 4003. Voor het onderzoek zijn kaarten, databases en literatuur geraadpleegd om te komen tot een gespecificeerde archeologische verwachting van het gebied. In het plangebied vindt woningbouw plaats. De voornaamste archeologische verwachting in het plangebied geldt voor resten gerelateerd aan de ontginning en bewoning van het veengebied in de Late Middeleeuwen in de Nieuwe tijd. De Ouddiemerlaan is vermoedelijk een ontginningsas uit de Late Middeleeuwen. Dat betekent dat langs deze weg resten van ontginningsboerderijen kunnen worden verwacht. Door klink van het veen ontstaat al snel wateroverlast worden waarschijnlijk al sinds de 13e eeuw huisterpen opgeworpen. De klink maakt het veen tevens kwetsbaar voor overstromingen waarbij in de Late Middeleeuwen een kleilaag op het veen is gevormd. In of nabij het plangebied ligt in het begin van de 17e eeuw volgens historisch kaartmateriaal de nederzetting ‘Diemerbrug’.
Op ongeveer 100 meter ten zuiden van het plangebied wordt in 1638 de Weespertrekvaart gegraven. Naast het plangebied staat een smidse die waarschijnlijk in de 17e eeuw is gebouwd en in 1749 is verbouwd. In het plangebied staan een loods en huis aangegeven op het kadastraal minuutplan uit de periode 1811 tot en met 1832. In de 20e eeuw is de bebouwing op het perceel gesloopt. In het plangebied zijn vijf boringen gezet met einddieptes tussen 300 en 400 cm -mv. In boorprofiel 4 is een moderne verstoring aanwezig die tot 110 cm -mv reikt (-216 cm NAP). Onder tegels en cunetzand ligt een pakket opgebracht zand van 60 tot 75 cm dik. Dit pakket kan archeologische resten uit de Nieuwe tijd bevatten, waaronder funderingen van een 17e-eeuws pand dat in het plangebied heeft gestaan. Onder het opgebrachte zand ligt een pakket amorf veen (cultuurlaag) waarvan de top tussen 100 en 115 cm -mv ligt (-180 en -217 cm NAP). Dit kan sporen en funderingen bevatten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. De top van de ongeroerde natuurlijke bodem (zeggeveen) ligt tussen 220 en 320 cm -mv (-300 en -426 cm NAP) en kan sporen bevatten van bewoning uit de ontginningsfase. Omdat deze niveaus bedreigd worden door de voorgenomen ingreep adviseert Bureau voor Archeologie een archeologisch proefsleuvenonderzoek uit te voeren, eventueel in de vorm van een archeologische begeleiding.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
9
1
Inleiding Bureau voor Archeologie heeft een archeologisch bureauonderzoek en een booronderzoek uitgevoerd voor bouwwerkzaamheden aan de Ouddiemerlaan naast 19 te Diemen. Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd in het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning. Het ligging van het plangebied is weergegeven in fig. 1. Vanwege de regels uit het geldende bestemmingsplan moet voor de beoogde ontwikkeling een archeologisch onderzoek worden uitgevoerd. Het onderzoek is uitgevoerd onder certificaat BRL SIKB 4000,1 in overeenstemming met de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA versie 4.1) en de richtlijnen van de provincie Noord-Holland. Het onderzoek bestaat uit een bureauonderzoek en een booronderzoek in de verkennende fase. Met de bevindingen wordt aan het einde van het rapport een advies gegeven hoe bij het project rekening kan worden gehouden met archeologische waarden.
1.1
Doelstelling en vraagstelling Het doel van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting. Het doel van het veldonderzoek is het controleren en verfijnen van de archeologische verwachting zodat een beslissing genomen kan worden over hoe met eventuele archeologische waarden rekening moet worden gehouden bij de voorgenomen werkzaamheden. Het veldonderzoek is uitgevoerd als booronderzoek (IVO – O) en betreft de verkennende fase. Met het verkennende veldonderzoek wordt inzicht verkregen in de vormeenheden van het landschap, voor zover deze van invloed zijn op de locatiekeuze in het verleden. Hiermee worden kansarme zones uitgesloten en kansrijke zones geselecteerd. De volgende onderzoeksvragen zijn in dit onderzoek gebruikt: 1. Waaruit bestaan de voorgenomen bodemingrepen? 2. Wat is de landschappelijke ligging van het plangebied in termen van geomorfologie, geologie en bodemkunde? 3. Is sprake van een natuurlijke (intacte) bodemopbouw of is deze (deels) verstoord? Indien sprake is van verstoringen, wat is de diepte en omvang van de verstoring? 4. Zijn potentiële archeologische niveaus aanwezig, en zo ja, wat is de aard, diepteligging en verbreiding hiervan? 5.
Indien (mogelijk) archeologische waarden aanwezig zijn: a) Worden deze archeologische waarden verstoord door de voorgenomen bodemingrepen? Zo ja, op welke wijze? b) Welke maatregelen kunnen worden genomen om voldoende rekening te houden met deze archeologische waarden? 1
https://www.kiwa.nl/upload/certificate/00094278.pdf
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
10
2
Bureauonderzoek
2.1
Methode Het bureauonderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de KNA 4.1, protocol 4002.2 Voor het onderzoek zijn kaarten, databases en literatuur geraadpleegd om tot een gespecificeerde archeologische verwachting van het gebied te komen. Eerst wordt het plan- en onderzoeksgebied vastgesteld en het onderzoek gemeld bij ARCHIS. Daarna wordt achtereenvolgens de aardkundige, archeologische en historische context van het te onderzoeken gebied bestudeerd. Deze gegevens leiden tot het opstellen van een gespecificeerde verwachting. In de gespecificeerde verwachting worden de mogelijk aanwezige archeologische waarden beschreven in termen van onder meer diepteligging, omvang, ouderdom en conservering. De genoemde stappen leiden tot onderhavig rapport en het openbaar maken van de resultaten bij Archis en het e-Depot voor de Nederlandse Archeologie.3 In de hierna volgende hoofdstukken worden de belangrijkste onderzoeksgegevens gepresenteerd. De Historische Kring Diemen is gecontacteerd. Van alle afgebeelde kaarten is het noorden boven, tenzij anders aangegeven.
2.2
Onderzoeksgebied en toekomstig gebruik Afbakening plan- en onderzoeksgebied Het plangebied staat afgebeeld in fig. 2. Het plangebied ligt in de gemeente Diemen in de gelijknamige plaats. De locatie ligt naast het adres Ouddiemerlaan naast 19. Het plangebied is 20 m lang en 9 m breed en heeft een omvang van 180 m2. Het plangebied ligt tussen de panden Ouddiemerlaan 19 en 15-17 (fig. 3 en 4). Het noordwesten van het plangebied wordt begrensd door een overgroeide schutting. Aan de achterzijde (westzijde) van het plangebied ligt een pleintje en een parkeerplaats (Burgemeester Bickerstraat, fig. 5). Om voldoende informatie over aardkundige, historische en archeologische gegevens te verzamelen wordt een onderzoeksgebied gebruikt dat groter is dan het plangebied. Het onderzoeksgebied voor het bureauonderzoek is een zone met straal van circa 500 m om de ontwikkeling heen. Overheidsbeleid In het gebied geldt een vastgesteld gemeentelijk archeologisch beleid. Op de gemeentelijke archeologische beleidskaart uit 2003 heeft het plangebied een hoge/middelhoge archeologische verwachting. Het beleid is dat bij ingrepen van meer dan 50 m2 en waarbij dieper wordt gegraven dan 50 cm onder maaiveld rekening gehouden moet worden met archeologische waarden.
2 3
SIKB 2018 Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en Data Archiving and Networking Services
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
11 Ontwerp c.q. inrichtingsplan; De beoogde ingreep bestaat uit de realisatie van nieuwbouw (fig. 7 en 8). Onder de nieuwbouw zal een kelder worden aangelegd. Aard en omvang van de toekomstige verstoring De keldervloer ligt op 262,5 cm onder het bouwpeil. De nieuwe keldervloer ligt op onder ongeveer 260 cm -mv. Bij de aanleg vinden graafwerkzaamheden plaats tot circa 300 cm -mv. De graafwerkzaamheden vinden plaats over circa 115 m2. Milieutechnische condities, In het plangebied zijn geen bodemonderzoeken uitgevoerd. In de omgeving zijn verschillende onderzoeken uitgevoerd. Het riooltracé in de Ouddiemerlaan is gesaneerd wegens verontreiniging met barium. Andere percelen in de omgeving zijn verontreinigd met zware metalen, minerale olie, PAK en PCB.4 Grondwaterpeil Op de bodemkaart is het plangebied aangegeven als bebouwd. Op basis van het meest nabijgelegen geregistreerde bodemtype is de grondwatertrap II. Dit betekent dat de gemiddeld hoogste grondwaterstand ondieper staat dan 40 cm onder maaiveld en dat de gemiddeld laagste grondwaterstand staat tussen 50 en 80 cm onder maaiveld. De grondwaterstand zal door de beoogde ingrepen waarschijnlijk niet veranderen. Consequentie van de ingrepen Door uitvoeren van graafwerkzaamheden kunnen mogelijk archeologische resten worden vergraven.
2.3
Huidige situatie Bebouwing en functie In het plangebied staat geen bebouwing; het ligt braak. De schuur op de luchtfoto en foto van Streetview, die volgens de Basisregistratie Adressen en Gebouwen in 1749 is gebouwd, is gesloopt (fig. 4). De schuurvloer is nog aanwezig en bestaat uit betegeling. Bestemmingsplan Een verbeelding van het bestemmingsplan is opgenomen in fig. 9. Het plangebied ligt in bestemmingsplan ‘Centrum’. In het plangebied geldt de dubbelbestemming Waarde Archeologie 1. Dit betekent dat bij ingrepen met een omvang van meer dan 50 m2 waarbij de bodem dieper dan 50 cm onder maaiveld wordt verstoord een rapport moet worden overlegd waaruit blijkt dat de archeologische waarde van het plangebied voldoende is vastgesteld.
4
Rijkswaterstaat Ministerie van Infrastructuur en Milieu; Omgevingsdienst Noorzeekanaalgebied
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
12
2.4
Aardwetenschappelijke waarden De aardkundige gegevens staan samengevat in tabel 1. Het plangebied ligt in het archeologisch landschap 'Hollands-Utrechts veengebied', in de landschapszone veenvlakten.5 Aan het einde van de laatste ijstijd, het Weichselien, ligt het plangebied in een landschap dat gedurende het Paleolithicum ontstaan is door afzettingen van vlechtende rivieren en opwaaiend zand. Door het stijgen van de zeespiegel aan het begin van het Holoceen wordt de bodem natter en vindt veengroei plaats (het Basisveen). Bij verdere zeespiegelstijging ontstaat een wadden- en kweldergebied waarbij zeezand en -klei van het Laagpakket van Wormer worden afgezet. Tussen 4.000 en 3.000 v. Chr. sluit de Nederlandse kust door het de vorming van strandwallen. Het gebied achter de strandwallen vernat doordat de afvoer van water wordt beperkt en er ontstaat veengroei (Hollandveen). Dit veen kan gedurende enkele duizenden jaren groeien.6 Het bodemtype in het plangebied is niet bepaald wegens bebouwing. Ten noorden en zuiden van Diemen liggen weideveengronden op veenmosveen (fig. 10). Op basis van de toelichting op de bodemkaart uit 1965 bestaat de bovengrond van deze gronden overwegend uit humusrijke, zware klei die op een diepte van circa 20 cm overgaat in humeuze zware klei van 10 tot 20 cm dik. De ondergrond bestaat uit veenmosveen.
De kleilaag is waarschijnlijk afgezet door overstromingen als gevolg van inklinking van het land na ontginning in de Late Middeleeuwen.7 Het reliëf in de omgeving van het plangebied is sterk beïnvloed door menselijk handelen (fig. 11). Het maaiveld in het plangebied ligt tussen -0,7 en -1 m NAP (fig. 12). Op basis van de geomorfologische kaart bevindt het plangebied zich in een uitgestrekte bebouwde zone omringd door een ontgonnen veenvlakte (fig. 13). Ter hoogte van de Diemerbrug zijn twee geologische booronderzoeken uitgevoerd (fig. 14 en 15). Het bovenste deel van de bodem bestaat uit een pakket opgebracht zand en klei van drie tot vier meter dik met daaronder Hollandveen. De top van het onderliggende Laagpakket van Wormer ligt op ongeveer -6 m NAP. De top van het Pleistoceen niveau is tussen -8,11 en -12,3 m NAP aanwezig.
5 6 7
Rensink e.a. 2015 De Mulder 2003 Steur, Heijink, en Stichting voor Bodemkartering 1965
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
13 Bron
Situatie plangebied, omschrijving
Geologie
Geologische Overzichtskaart 1 : 250 000:8 • Ni2: Hollandveen Laagpakket op Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Wormer; veen op zeeklei en -zand (Ni2)
Bodemkunde (fig. 10)
Bebouwing (bebouwd) Buiten de kern van Diemen liggen weideveengronden op veenmosveen (pVs).
Geomorfologie (fig. 13)
Bebouwing (Beb)
AHN (fig. 11 en 12)
Het maaiveld in het plangebied ligt tussen -0,7 en -1 m NAP.
Tabel 1: Aardkundige waarden.
2.5
Historische situatie Ter hoogte van het plangebied kan in het Paleolithicum en Vroeg Mesolithicum bewoning hebben plaatsgevonden door jagers-verzamelaars. Het bewoningsniveau van deze periode ligt ongeveer acht tot twaalf meter beneden het huidige oppervlak waardoor hierover weinig bekend is. Gedurende het Midden Mesolithicum tot en met Midden Neolithicum is bewoning in theorie mogelijk op hoog opgeslibde kwelders en de oevers van kreken. De rest van het landschap is te nat voor bewoning en is waarschijnlijk uitsluitend gebruikt voor jacht en visvangst. Aan het einde van het Midden Neolithicum is de sluiting van de Nederlandse kust voltooid en ontstaat een uitgestrekt veengebied dat ongunstig is voor bewoning. Het is mogelijk gebruikt voor jacht, visvangst en het weiden van vee. Het veengebied van het Amstelland wordt vanaf de 11e eeuw ontgonnen. De ontginning vindt plaats langs de oevers van de Gaasp en Diem waar evenwijdige ontwateringssloten gegraven worden waardoor een strokenverkaveling ontstaat. De Gaasp ligt ongeveer 3,5 km ten zuidoosten van het plangebied en de Diem ongeveer 1 km ten oosten van het plangebied. De Ouddiemerlaan is een ontginningsas uit dezelfde periode waar ook het plangebied aan gelegen is.9 Langs de laan worden boerderijen gevestigd.
In eerste instantie betreft het gemengde landbouwbedrijven waarvoor het veen door inklinking in toenemende mate moest worden ontwaterd. Ook worden huisterpen opgeworpen om woonplaatsen droog te houden. Door het dalende land is het gebied gevoelig voor overstromingen. In de 13e eeuw wordt de Diemerdijk aangelegd die het land moet beschermen tegen overstromingen vanuit de Zuiderzee. Deze dijk ligt circa twee kilometer ten noorden van het plangebied. In de 15e eeuw is het land dusdanig gedaald dat akkerbouw niet meer mogelijk is en wordt een overstap naar uitsluitend veeteelt gemaakt.10 De Weespertrekvaart komt reeds voor op historische kaarten uit de 17e eeuw (fig. 16 en 17). Waar de Ouddiemerlaan en trekvaart elkaar kruisen ligt de nederzetting Diemerbrug. De brug en trekvaart bevinden zich ongeveer 100 meter ten zuiden van het plangebied (fig. 18). Langs de weg en trekvaart zijn huizen gebouwd. Hoewel kaarten uit de 17e en 18e eeuw figuratief zijn is het waarschijnlijk dat in het plangebied bebouwing heeft gestaan (fig. 19 en 20). Naast het plangebied bevindt zich volgens de Basisregistratie Adressen en 8 De Mulder 2003 9 Bont 2008 10 Alders e.a. 2003 Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
14 Gebouwen een smidse uit 1749.11 Het kadastraal minuutplan tussen 1811 en 1823 geeft een gedetailleerde weergave van de situatie (fig. 22 en 23). Het plangebied bevindt zich op een erf. In het zuidoostelijk deel van het plangebied staan een loods en huis. Deze zijn in bezit van de smid Jurriaan Paulus van Esfen. Het huis ten noordoosten van het plangebied is ook in bezit van deze smid. Ten zuidwesten van het plangebied staan het huis en erf van een bakker. Deze situatie lijkt onveranderd op de topografisch militaire kaart uit 1850 en op het Bonneblad uit 1879 is de bebouwing als een gelijkmatige strook weergegeven (fig. 24 en 25). Het is onduidelijk of dit een wijziging in bebouwing aanduidt of dat dit verschil wordt verklaard door de meer figuratieve aard van het Bonneblad. Tussen het einde van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw is het plangebied als bebouwd aangegeven maar het is onduidelijk of binnen het plangebied wijzigen hebben plaatsgevonden (fig. 25 tot en met 31). De beeldbank van de Historische Kring Diemen bevat een foto uit 1925 (fig. 32 en 33). In het plangebied staat een ‘woonhuis met stalling’ van J. Nagel. Hierbij staat vermeld dat de smidse geheel is verbouwd in 1749 (het jaartal op de muurankers). De oudste vermelding in het gemeentearchief van Diemen stamt echter uit 1734.
Daarin wordt vermeld dat er een ‘Landbouwsmederij’ stond in bezit van Willem Wolf. Op de topografische kaarten uit 1969 tot en met 1988 is geen bebouwing in het plangebied aangegeven (fig. 34, 35 en 36). De oorspronkelijke bebouwing is vóór 1971 gesloopt (fig. 37). Op de topografische kaart uit 1994 is opnieuw bebouwing in het plangebied weergegeven (fig. 38). Dit betreft waarschijnlijk een (inmiddels gesloopte) schuur.
2.6
Mogelijke verstoringen Onlangs is een schuur in het plangebied gesloopt, daarbij is de bodem plaatselijk vergraven.
2.7
Archeologische en bouwhistorische waarden Archeologische vondstlocaties en zaken staan weergegeven in fig. 39 en staan toegelicht in tabel 2. De belangrijkste bevindingen worden in de lopende tekst samengevat. In het plangebied liggen geen archeologische waarnemingen en geen (delen van) archeologische terreinen. Het plangebied is niet eerder archeologisch onderzocht. Bij onderzoek aan de overzijde van de Ouddiemerlaan is een restant van de Rijkersloot gevonden die archeologische resten uit de 18e eeuw bevat (zaak 2.113.438.100 en vondstlocatie 1.081.358). In de omgeving van het plangebied zijn verder voornamelijk bureauonderzoeken uitgevoerd. Bij booronderzoek aan de Ouddiemerlaan circa 200 m ten noorden van het plangebied bleek de bodem diep te zijn verstoord (zaak 4.561.283.100). In het plangebied zijn geen bekende militaire erfgoedwaarden aanwezig. Op een luchtfoto van de RAF uit 1944 zijn geen militaire structuren zichtbaar (fig. 29).12 11 Kadaster 2013 12 Stichting RAAP 2017; Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 2016 Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
15 Archeologische terreinen geen Zaken (incl. evt. bijbehorende vondsten) 2.113.438.100: Diemen, Ouddiemerlaan/ Muiderstraatweg, begeleiding De top van de bodem is in de 20e eeuw afgegraven tot een diepte van -120 cm NAP en aangevuld met bouwzand. Daaronder bevindt zich een pakket grijze klei met roestvlekken van ongeveer 25 cm dik. Onder de klei ligt riet- en bosveen. In het zuidwestelijk deel van het plangebied ligt een sloot gedempte sloot. Op de bodem van de sloot ligt een 20 cm dikke laag slib met archeologische resten uit de 18e eeuw. In de 19e eeuw is de sloot afgedekt met een 6 cm dikke stromat en gevuld met grond en afval. De sloot heeft een beschoeiing van grenenhouten planken. De sloot is uitgegraven in een kleiig veenpakket dat op -210 cm NAP overgaat in een pakket van afwisselende laagjes klei en veen. Het betreft vermoedelijk de Rijkersloot.13 Bij deze zaak is vondstlocatie 1.081.358 geregistreerd. 2.183.139.100: Amsterdam, Onbekend, Weespertrekvaart, bureauonderzoek Voor het gehele traject van de Weespertrekvaart kunnen de volgende categorieën worden verwacht: 1. Vondsten gerelateerd aan scheepvaart: wrakken, ankers, inventaris en lading. 2. Depositievondsten in de vorm van nederzettingsafval. 3. Restanten van infrastructurele ingrepen: oeverbeschoeiingen, vlonders, kades, veerponten, bruggen, dammen, gemalen, sluizen en dijken.
Om de archeologische verwachting te toetsen is geadviseerd om een side scan sonaronderzoek uit te voeren. Omdat kleine objecten en begraven objecten niet met side scan sonar kunnen worden opgespoord is tevens geadviseerd de baggerwerkzaamheden (passief) archeologisch te begeleiden.14 2.207.690.100: Diemen, De Brede Hoed, Diemen - De Brede Hoed, bureauonderzoek Dit rapport is niet beschikbaar in ARCHIS of DANS.15 2.219.816.100: Amsterdam, Diemen, Weespertrekvaart, inspectie Tijdens het onderzoek door middel van duikinspecties zijn natuurlijke en recente objecten aangetroffen, bestaande uit voornamelijk schroot en auto- en scheepswrakken. Er zijn geen objecten of structuren van archeologische waarde gevonden. De aanwezigheid van volledig afgedekte archeologische resten kan niet worden uitgesloten. Daarom is geadviseerd baggerwerkzaamheden archeologisch te begeleiden.16 2.444.242.100: Diemen, Dijkverbetering Molenkade-Venserkade, bureauonderzoek In het plangebied is sprake van een verwachting voor archeologische resten uit de periode Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd waarbij ophoogpakketten en dijklagen de belangrijkste niveaus vormen. Het dijktracé in het plangebied dateert waarschijnlijk uit de eerste helft van de 17 e eeuw, bij het graven van de Weespertrekvaart. Daarvoor was het een veengebied dat in de 11 e eeuw is ontgonnen.
De zones bij de historische kern Diemerbrug en de Vensermolen hebben een hoge archeologische verwachting omdat op historische kaarten bebouwing is aangegeven. Er is geadviseerd ontgravingen, het verwijderen van beschoeiing en het slaan van palen en intrillen van damwanden tot een minimum te beperken. Omdat de precieze ingrepen nog onbekend zijn wordt geadviseerd de uitvoering van vervolgonderzoek te koppelen aan de vergunningsaanvragen. 17 4.552.924.100 en 4.561.283.100: Diemen, Wilhelminaplantsoen 1, bureau- en booronderzoek De bodem in het plangebied is tot grote diepte vergraven. De top van de natuurlijke ondergrond is in twee boringen op 155 en 170 cm -mv aanwezig. In de overige boringen is de bodem verstoord tot minimaal 200 cm -mv en dieper of stuitten de boringen op puinlagen. Er worden geen archeologische resten verwacht en er is geadviseerd geen vervolgonderzoek uit te voeren. 18 4.660.087.100: Diemen, Burgemeester Bickerstraat, bureauonderzoek Het plangebied ligt in een veengebied dat waarschijnlijk onbewoond is van de periode IJzertijd tot en met Vroege Middeleeuwen. Het veengebied kan zijn gebruikt door vissers en rondtrekkende veeboeren. De trefkans op sporen uit deze periode is laag. Langs de ontginningsas van de Ouddiemerlaan zijn resten van Middeleeuwse huisterpen en boerderijen gevonden.
Deze bevinden zich in de top van het veenpakket, eventueel onder recente ophogingen. In de Nieuwe Buurt, waar 13 Gawronski en Tousain 2008 14 Brenk en Waldus 2008 15 Hoogendijk 2008 16 Brenk en Campenhout 2008 17 Pape 2014 18 Vaars 2017 Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
16 het plangebied deel van uitmaakt, zijn in de jaren ‘30 van de 20 e eeuw onderheide wegen van gewapend beton aangelegd. Deze hebben de bodem dusdanig verstoord dat waarschijnlijk geen archeologische resten in het plangebied aanwezig zijn.19 4.738.058.100: Diemen, Plangebied Verkeersstructuur Diemen-Zuid, bureauonderzoek Binnen het plangebied kunnen op grond van het onderzoek drie niveaus met potentiële archeologische resten aanwezig zijn, van diep naar ondiep: • Top van het Pleistoceen niveau met archeologische resten uit het Laat Paleolithicum tot en met het Mesolithicum. Dit niveau is naar verwachting goed geconserveerd onder een laag basisveen op een diepte van circa 7 m -mv. • De top van getijdenafzettingen kan archeologische resten uit het Vroeg Neolithicum en Midden Neolithicum bevatten. Het getijdenlandschap is bedekt door Hollandveen en daarom goed geconserveerd. De top van dit niveau ligt op ongeveer 5 m -mv. • Vanaf het maaiveld kunnen archeologische resten aanwezig zijn die gerelateerd zijn aan de ontginning van het gebied in de 12e eeuw. Deze zullen zich waarschijnlijk concentreren in een strook langs de Diemerlaan. Het niveau kan plaatselijk zijn bedekt door een ophoogpakket zand. Ter plaatse van de kruising Beukenhorst en Boven Rijkersloot staat op het kadastraal minuutplan een boerenerf aangegeven.
Indien de bodem bij de kruising dieper dan 100 cm -mv zal worden verstoord is geadviseerd een vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een verkennend booronderzoek. 20 Vondstlocaties los geen
Tabel 2: Bekende archeologische waarden tot ca. 200 m van het plangebied. In het plangebied staan geen bekende (ondergrondse) bouwhistorische waarden of rijksmonumenten geregistreerd. Naast het plangebied staat het gemeentelijk monument “De Oude Smidse” uit 1749.21
2.8
Gespecificeerde verwachting Ter hoogte van het plangebied kan in het Laat Paleolithicum en mogelijk Vroeg Mesolithicum zijn bewoond door jagers-verzamelaars. Wegens de grote diepte waarop resten uit deze periode zich bevinden is hierover weinig bekend. Van het Midden Mesolithicum tot en met Midden Neolithicum ligt het plangebied in een wad- en kweldergebied dat waarschijnlijk te nat is voor bewoning met uitzondering van hoog opgeslibde kwelders en kreekoevers. Het veengebied dat vanaf het Midden Neolithicum ontstaat is ongunstig voor bewoning en waarschijnlijk uitsluitend gebruikt voor jacht, visvangst en het weiden van vee. Het veengebied wordt in de 11e eeuw ontgonnen. Het plangebied ligt aan de ontginningsas Ouddiemerlaan. De eerste boerderijen worden op maaiveldniveau gebouwd maar door inklinking wordt het opwerpen van huisterpen noodzakelijk. Ook vinden regelmatig overstromingen plaats door ontginning en klink van het veen. Op historisch kaartmateriaal aan het begin van de 17e eeuw de nederzetting ‘Diemerbrug’ in of nabij het plangebied. Het plangebied ligt kort ten noorden van deze kern. Het plangebied is in ieder geval sinds 1745 bebouwd en het kadastraal minuutplan geeft aan dat in het plangebied een loods en huis hebben gestaan. Deze zijn waarschijnlijk aan het begin van de 20e eeuw gesloopt. In het plangebied is een schuur gebouwd die begin 21e eeuw is gesloopt.
De verwachting wordt als volgt gespecificeerd:
19 Oudhof en Leeuwen 2019 20 Leuvering 2019 21 Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 2017; Alders e.a. 2003 Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
17 1. Datering Pleistoceen niveau: Laat Paleolithicum en Vroeg Mesolithicum Top Laagpakket van Wormer: Midden Mesolithicum tot en met Midden Neolithicum Hollandveen: Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd (eventueel gescheiden door een overstromingspakket). 2. Complextype In het Pleistocene niveau en in de top van het Laagpakket van Wormer kunnen archeologische resten uit de periode van jagers-verzamelaars en eerste boeren gerelateerd aan bewoning, economie, infrastructuur, rituelen en begravingen aanwezig zijn. In het Hollandveen en het overstromingspakket kunnen archeologische resten uit de periode van staatssamenlevingen gerelateerd aan bewoning, economie, infrastructuur en rituelen aanwezig zijn. 3. Omvang Archeologische resten gerelateerd aan bewoning kunnen worden beschouwd als vlakelementen met variabele omvang (klein tot groot). Sommige complextypen kunnen zich ook als puntelementen manifesteren (begravingen, depots) of als lijnelementen (wegen, watergangen, percelering). 4. Diepteligging De top van het Pleistocene niveau ligt waarschijnlijk tussen -8,11 en -12,3 m NAP, circa zeven tot elf meter beneden maaiveld. De top van het Laagpakket van Wormer ligt op circa -6 m NAP, ongeveer vijf meter beneden maaiveld. Het Hollandveen en overstromingspakket is vanaf het maaiveld aanwezig, eventueel onder recent opgebrachte lagen. 5.
Gaafheid en conservering (fysieke kwaliteit) Archeologische resten in de top van het Pleistoceen niveau en het Laagpakket van Wormer zijn goed geconserveerd omdat deze door veen zijn afgedekt (respectievelijk het Basisveen en Hollandveen) en een zeer diepe ligging hebben. Archeologische resten in de top van het Hollandveen en overstromingspakket kunnen zijn aangetast door inklinking en oxidatie. Over de gaafheid en conservering van eventuele sporen en artefacten zijn verder geen nadere gegevens bekend. 6. Locatie Hele plangebied. 7. Uiterlijke kenmerken (prospectie kenmerken): Archeologische resten in het Pleistoceen niveau en de top van het Laagpakket van Wormer kenmerken zich door een spreiding van artefacten, zoals bot-, houtskool- en vuursteenfragmenten. Archeologische resten in de top van het Hollandveen en overstromingspakket kenmerken zich door de aanwezigheid van een archeologische laag. Dit is een doorwerkte laag bestaande uit het oorspronkelijke sediment dat is vermengd met archeologische indicatoren zoals bot-, houtskool- en aardewerkfragmenten.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
18 8. Mogelijke verstoringen Door bouw- en sloopactiviteiten kunnen archeologische resten zijn vergraven in de top van het Hollandveen en overstromingspakket. Specificatie LS05 van de BRL4000 verplicht dat aansluitend op het formuleren van de gespecificeerde verwachting een onderzoeksstrategie wordt opgesteld om deze verwachting te toetsen aan de feiten gebruik makend van het stroomdiagram van protocol 4003 Inventariserend veldonderzoek. Omdat al bekend is dat het plangebied onderdeel is van de historische kern van Diemen (Diemerbrug) is een karterend onderzoek niet zinvol. In plaats daarvan zal de aard- en intactheid van het bodemprofiel nader worden bepaald door middel van verkennende boringen.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
19
3
Booronderzoek
3.1
Inleiding De ligging van het plangebied staat afgebeeld in fig. 1. In het plangebied is een ontwikkeling voorzien waarbij grondwerkzaamheden zullen plaatsvinden. Daardoor worden mogelijk archeologische waarden verstoord. Voor de beoogde ontwikkeling is een bureauonderzoek uitgevoerd (zie hoofdstuk 2 van dit rapport) waarbij een gespecificeerde archeologische verwachting is opgesteld. Op basis daarvan is een Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd. Het veldonderzoek is uitgevoerd zoals voorgeschreven in de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie 4.1,22 in het bijzonder het hoofdstuk ”protocol 4003 inventariserend veldonderzoek overig”. Het veldonderzoek is uitgevoerd volgens specificatie “VS03 Uitvoeren booronderzoek”. Het onderzoek is gerapporteerd volgens specificatie “VS05 Opstellen standaardrapport IVO - O/P”. Het onderzoeksgebied voor het booronderzoek is hetzelfde als het plangebied. Het veldonderzoek bestond uit een inventariserend veldonderzoek (specificatie VS03), verkennende fase. De boringen zijn gezet met het doel de bodemopbouw te verkennen. Met de verkenning wordt inzicht verkregen in de vormeenheden van het landschap, voor zover deze van invloed zijn op de locatiekeuze in het verleden. Hiermee kunnen kansarme zones worden uitgesloten en kansrijke zones worden geselecteerd.
3.2
Methode De werkwijze in het veld was als volgt: Boortype:
7 cm Edelmanboor (onverzadigde bovengrond tot ca. 1 m-mv) en 3 cm guts (diepere lagen).
Aantal boringen:
Vijf.
Boordiepte:
De boringen hebben einddieptes tussen 300 en 400 cm -mv.
Grid:
De boringen zijn verspreid in het plangebied geplaatst.
Waarnemingswijze: Het sediment is met de hand bemonsterd en met het blote oog onderzocht door het te versnijden en te verbrokkelen. De opgeboorde grond is systematisch uitgelegd op een plastic zeil. Representatieve uitgelegde boorprofielen zijn gefotografeerd. Classificatie bodemtextuur en archeologische indicatoren: De opgeboorde grond is beschreven op basis van de Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode versie 1.1 (ASB 1.1), dit omvat NEN 5104.23 Locatie bepaling X en Y: De X en Y coördinaten van de boringen zijn bepaald ten opzichte van de lokale topografie. 22 SIKB 2018 23 Bosch 2008; Nederlands Normalisatie Instituut 1989 Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
20 Hoogte bepaling: De Z coördinaat is na afloop van het veldwerk bepaald aan de hand het AHN.24 De gegevens zijn digitaal in het veld geregistreerd. Het veldwerk is uitgevoerd op 10 september 2020 door A. de Boer (KNA Senior Prospector) en F. Roodenburg (junior archeoloog). Voorgaand aan het veldwerk is een plan van aanpak opgesteld. Het Plan van Aanpak is geregistreerd in ARCHIS3.
3.3
Resultaten en bodemkundige interpretatie De locaties van de boringen zijn in fig. 40 weergegeven. De boorgegevens staan in Bijlage 1. Met de gegevens is een schematische doorsnede gemaakt. Deze is weergegeven in fig. 41. Onder andere op basis van de textuur, kleur en bijmengingen kunnen de volgende pakketten worden onderscheiden, van diep naar ondiep: Pakket 1: Ongeroerd zeggeveen Bruin mineraalarm veen. Het pakket is aanwezig in alle boorprofielen. De top van het pakket ligt tussen 220 en 320 cm -mv (-300 en -426 cm NAP). De dikte van het pakket is niet bepaald omdat de onderzijde van het pakket beneden de einddiepte van de boringen ligt. In boorprofiel 3 bevat het pakket een dun kleilaagje van circa 5 cm dik. Op basis van de lithologische samenstelling, diepteliggingen en (gebrek aan) bijmengingen is het pakket geïnterpreteerd als ongeroerd veen. Het veen heeft een ‘draderige’ structuur die als zeggeveen is geïnterpreteerd. Pakket 2: Cultuurlaag Slap (donker)grijsbruin sterk amorf veen. Afwisselend mineraalarm, zwak zandig of zwak kleiig. Het pakket is aanwezig in alle boorprofielen. De top van het pakket ligt tussen 100 en 115 cm -mv (-180 en -217 cm NAP). Het pakket bevat baksteenkruimels en -brokken. Het pakket is 100 tot 210 cm dik. Het pakket bevat soms zandbrokjes. Onderin is het pakket soms matig amorf en bevat het schelpfragmenten.
In boorprofiel 5 is op een diepte van 120 cm -mv een fragment van een pijpesteel gevonden. De bijmengingen wijzen erop dat het oorspronkelijke veen is opgehoogd met materiaal van elders. Vermoedelijk om het van oorsprong slappe veen steviger te maken. Dit pakket wordt daarom geïnterpreteerd als cultuurlaag. Pakket 3: Opgebracht zand Matig fijn zwak siltig zand. Het pakket is aanwezig in alle boorprofielen. De top van het pakket ligt aan het maaiveld of onder een tegelvloer tussen -85 en -122 cm NAP. Het pakket is 100 tot 115 cm dik. Binnen het pakket kunnen drie lagen worden onderscheiden. In boorprofielen 1, 2 en 3 ligt grijsbruin of bruingrijs zand op cultuurlaag (pakket 2). Dit zand is kalkrijk en bevat mortel, baksteenkruimels en -brokken. In boorprofiel 5 ligt zwak zandig matig grof grind op het amorfe veen. Het zand en grind is afgedekt door donker zwartgrijs zand met baksteenkruimels en veel resten kachelgrit en verbrand materiaal. Hierop ligt een laag cunetzand dat waarschijnlijk is opgebracht voor aanleg van de tegelvloer. De opbouw in boorprofiel 4 wijkt hiervan af. Hier ligt een homogene humeuze laag donker grijsbruin zand van 110 cm dik met baksteenresten en 24 Kadaster en PDOK 2014 Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
21 plasticfragmenten scherp op het amorfe veen. Er zijn archeologische indicatoren aangetroffen en er zijn vondsten verzameld (tabel 3). De grondwaterstand tijdens het onderzoek bevond zich tussen 60 en 130 cm mv. Vondst Boring en laag nummer (laag: boven- en ondergrens in cm onder maaiveld)
omschrijving
datering
1
4 (300-320)
Eén fragment wit industrieel aardewerk. Circa 3 mm dik.
Nieuwe tijd
2
4 (300-320)
Eén fragment enkelzijdig geglazuurd Late Middeleeuwen of aardewerk met harde grijze magering, Nieuwe tijd mogelijk steengoed. Het glazuur is bruin van kleur. De ongeglazuurde zijde is ook bruin maar mist de typerende glans van glazuur. De magering is grijs en bevat zwarte spikkels. Bij de valproef produceert de scherf een dof geluid wat er op wijst dat het zacht gebakken is en dus waarschijnlijk geen steengoed.
Tabel 3: Verzamelde vondsten.
3.4
Archeologische interpretatie De natuurlijke ondergrond in het plangebied bestaat uit zeggeveen (pakket 1). Veen groeit in natte milieus die doorgaans ongunstig zijn voor bewoning tot ontginning in de Late Middeleeuwen. De Ouddiemerlaan is een ontginningsas uit de Late Middeleeuwen. De eerste boerderijen werden meestal direct op het veen gebouwd waardoor een kans bestaat dat in de top van het veen archeologische sporen van deze boerderijen aanwezig zijn. Op het zeggeveen ligt een pakket geroerd amorf veen met baksteenresten (pakket 2). Dit pakket is waarschijnlijk het resultaat van langdurige grondbewerking en ophoging en wordt daarom als een cultuurlaag beschouwd. De restanten klei en zand, die niet van nature in het plangebied worden verwacht, kunnen gerelateerd zijn aan pogingen om de bodem te verstevigen of op te hogen. Alleen in boorprofiel 4 zijn aardewerkfragmenten gevonden die globaal in de Late Middeleeuwen of Nieuwe tijd kunnen worden gedateerd. Het bovenste pakket opgebracht zand is waarschijnlijk gerelateerd aan ophoging en versteviging van de bodem in de Nieuwe tijd (pakket 3). Wegens het ontbreken van indicatoren met een specifieke datering kan niet met zekerheid worden bepaald wanneer de laag is opgebracht.
Dit kan zijn gebeurd in de 17e eeuw bij de bouw of verbouwing van het pand naast de smidse maar kan ook in de 20e eeuw hebben plaatsgevonden na sloop van de bebouwing. Uitzondering hierop is het cunet direct onder de tegels en de bodem ter plaatse van boorprofiel 4, waarin stukken plastic zijn gevonden. Deze kunnen met zekerheid in de 20e eeuw worden gedateerd.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
22
4
Waardestelling en Selectieadvies Conform KNA 4.1 vormt een waardestelling (VS06) en selectieadvies (VS07) van vindplaatsen onderdeel van een standaardrapport (VS05). In het plangebied is waarschijnlijk een vindplaats uit de Late Middeleeuwen of Nieuwe tijd aanwezig. De waarde van de vindplaats kan echter niet met boringen worden vastgesteld. Er is daarom geen waardestelling mogelijk en er is geen selectieadvies opgesteld.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
23
5
Conclusie De onderzoeksvragen kunnen als volgt worden beantwoord: 1. Waaruit bestaan de voorgenomen bodemingrepen? In het plangebied zal een appartementencomplex worden gebouwd met daaronder een kelder. De bodem zal tot circa 300 cm -mv worden vergraven over een oppervlak van circa 115 m2. 2. Wat is de landschappelijke ligging van het plangebied in termen van geomorfologie, geologie en bodemkunde? Het plangebied ligt in het Hollands-Utrechts veengebied (Hollandveen Laagpakket). Het veen ligt op zeeklei en -zand van het Laagpakket van Wormer. De overgang tussen veen en zeeafzettingen ligt ongeveer op vijf meter beneden maaiveld. Het booronderzoek bevestigt dat de natuurlijke ondergrond uit (zegge)veen bestaat. 3. Is sprake van een natuurlijke (intacte) bodemopbouw of is deze (deels) verstoord? Indien sprake is van verstoringen, wat is de diepte en omvang van de verstoring? In boorprofiel 4 is eis de bodem recent verstoord tot 110 cm -mv (-216 cm NAP) en in de andere boorprofielen een cunet dat 10 tot 20 cm beneden maaiveld reikt (-90 en -127 cm NAP). Onder tegels en cunetzand in boorprofielen 1, 2, 3 en 5 ligt opgebracht zand waarvan de top op 40 cm -mv ligt (tussen -120 en -157 cm NAP). De basis van dit pakket ligt tussen 100 en 115 cm -mv (-180 en -217 cm NAP). Mogelijk is dit een 20e-eeuwse slooplaag maar het opgebrachte zand kan niet met zekerheid worden gedateerd. 4.
Zijn potentiële archeologische niveaus aanwezig, en zo ja, wat is de aard, diepteligging en verbreiding hiervan? Indien het opgebrachte zand in boorprofielen 1, 2, 3 en 5 niet recent is kunnen hierin archeologische resten uit de Nieuwe tijd aanwezig zijn, waaronder funderingen van een 17e-eeuws pand dat in het plangebied heeft gestaan. Onder de moderne verstoringen en het opgebrachte zand ligt een pakket amorf veen. De top van het veen ligt tussen 100 en 115 cm -mv (-180 en -217 cm NAP). Hierin kunnen resten aanwezig zijn uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. De top van het ongeroerde veen ligt tussen 220 en 320 cm -mv (-300 en -426 cm NAP) en kan sporen bevatten van de oudste (laatmiddeleeuwse) bewoningsfase van het plangebied. 5. Indien (mogelijk) archeologische waarden aanwezig zijn: a) Worden deze archeologische waarden verstoord door de voorgenomen bodemingrepen? Zo ja, op welke wijze? Bij aanleg van de kelder zal de bodem tot circa 300 cm -mv worden uitgegraven. Hierbij kunnen archeologische resten worden vergraven. b) Welke maatregelen kunnen worden genomen om voldoende rekening te houden met deze archeologische waarden? Om rekening te houden met eventueel aanwezige archeologische resten wordt aanbevolen een archeologisch proefsleuvenonderzoek worden uitgevoerd. Vanwege de gedeeltelijk bebouwde staat (overkapping) van het Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
24 perceel, en de diepte van de aan te leggen proefput terwijl naast het perceel historische bebouwing staat, is het uitvoeren van een proefsleuvenonderzoek mogelijk lastig te realiseren. In dat geval kan wordne overwogen het onderzoek in de variant archeologische begeleiding uit te voeren. Een archeologisch proefsleuvenonderzoek, eventueel in de vorm van een begeleiding, moet worden uitgevoerd door een gecertificeerd archeologisch bedrijf aan de hand van een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PvE).
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
25
6
Advies In het plangebied kunnen archeologische resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd aanwezig zijn die gerelateerd zijn aan de historische bewoning van Diemen. Bureau voor Archeologie adviseert daarom een archeologisch proefsleuvenonderzoek uit te voeren, eventueel in de vorm van een archeologische begeleiding.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
26
7
Literatuur Actueel Hoogtebestand Nederland. 2018. ‘AHN3’. Digitale Hoogtekaart. https://ahn.arcgisonline.nl/ahnviewer/. Alders, G.P., E.M. den Breejen, P.M. Floore, en J.P.L. Vaars. 2003. ‘Beleidsnota Cultuurhistorie Diemen’. Stichting Steunpunt Cultureel Erfgoed NoordHolland. Gemeente Diemen. Alterra. 2004. ‘Geomorfologische Kaart Nederland (GKN) Landsdekkend digitale bestand’. Wageningen. Arsath Rio’is, J.M. 1971. ‘Ouddiemerlaan 11-17’. Collectie Stadsarchief Amsterdam: foto’s eigen fotodienst. https://archief.amsterdam/beeldbank/ detail/82b04954-e0b1-dd58-9471-3bcd74eb1761. ‘Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed’. http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/. Bernard de Roy. 1743. ‘Nieuwe kaart van den Lande van Utrecht; eerste uitgave is van 1696’. Amsterdam: Johannes Covens en Cornelis Mortier. http://objects.library.uu.nl/reader/index.php?obj=1874249182&lan=en#page// 98/15/72/98157271597383151294511064783805227493.jpg/mode/1up. Bilhamer, Joost Janszoon, en Joost Janszoon Beeldsnyder. 1608. ‘Kaart van Noord-Holland’. Noord Hollands Archief. https://noord-hollandsarchief.nl/beelden/beeldbank/detail/fded8014-fb8e11df-9e4d-523bc2e286e2/media/ca6de165-1edc-637d-18172f7731be30a5. Bont, Chris de. 2008. ‘Vergeten land : ontginning, bewoning en waterbeheer in de westnederlandse veengebieden (800-1350)’. Universiteit Wageningen. http://edepot.wur.nl/343715. Bosch, J.H.A. 2008.
‘Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode versie 1.1: Op basis van de Standaard Boor Beschrijvingsmethode versie 5.2’. 2008-U-R0881/A. Deltares-rapport. Brenk, S. van den, en K. Campenhout. 2008. ‘Weespertrekvaart, Inventariserend Veldonderzoek (onderwaterfase) door middel van duikinspecties.’ Periplus Archeomare in samenwerking met ADC Archeoprojecten. DANS. https://doi.org/10.17026/dans-zgu-pkc8. Brenk, S. van den, en W.B. Waldus. 2008. ‘Bureauonderzoek Weespertrekvaart (provincie Noord-Holland)’. Periplus Archeomare. DANS. https://doi.org/10.17026/dans-xb4-bmjb. de Mulder, E.F.J. 2003. De ondergrond van Nederland. Wolters-Noordhof: Groningen [etc.]. Dinoloket. 2014. ‘Ondergrondgegevens | DINOloket’. http://www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens. Douw, Jan Janszoon, Steven Pieterszoon van Brouckhuijsen, en Johannes Douw de Jonge. 1687. ‘Het Hoogheemraadschap van Rijnland: Amstelland’. archieven.nl. https://proxy.archieven.nl/0/19284E2C6D2A4EA496523B3B217A1DE0. Gawronski, J., en R. Tousain. 2008. ‘Diemen Tolbrug. Archeologische Begeleiding Muiderstraatweg, Diemen (2006)’. 11. AAR. Gemeente Amsterdam. Gemeente Amsterdam. https://www.amsterdam.nl/kunstcultuur/monumenten/publicaties/amsterdamse/11-diemen-tolbrug/. HisGis. 2010. ‘HisGis’. http://www.hisgis.nl. Historische Kring Diemen. 2020. ‘Beeldbank Historische Kring Diemen’. Beeldbank Historische Kring Diemen.
http://www.beeldbankdiemen.nl/cgiBureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
27 bin/beeldbank.pl. Hoogendijk, T. 2008. ‘De Brede Hoed’. 219. Hollandia reeks. Hollandia. ‘http://www.ruimtelijkeplannen.nl’. Kadaster. 2013. ‘BAG-Viewer’. http://bagviewer.geodan.nl/index.html. Kadaster, en PDOK. 2014. ‘AHN2 en 3 - WCS service’. http://nationaalgeoregister.nl. Leth, H. de. 1742. ‘Hoogheemraadschap van Zeeburg en Diemerdijk’. Nieuwe Geografische en Historische Atlas. Universiteitsbibliotheek Utrecht. https://proxy.archieven.nl/0/C1E964D330004C49B51879E5D7A6768B. Leuvering, J.H.F. 2019. ‘Plangebied Verkeersstructuur Diemen-Zuid te Diemen, gemeente Diemen; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek’. 4164. RAAP-rapport. RAAP Archeologisch Adviesbureau B.V. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). https://archisarchief.cultureelerfgoed.nl/ Archis3/Zaakdocumenten/473/4738058/afm/. Nederlands Normalisatie Instituut. 1989. Geotechniek: classificatie van onverharde grondmonsters. Delft: Nederlands Normalisatie-instituut. Onbekende Cartograaf. 1703. ‘Kaart van de zeedijk tussen Amsterdam en Muiden’. Universiteitsbibliotheek Utrecht. http://objects.library.uu.nl/reader/index.php?obj=1874274822&lan=en#page// 11/81/06/118106416406630555066005683289573127686.jpg/mode/1up. Oudhof, J.W., en J. van Leeuwen. 2019. ‘Diemen, Burgemeester Bickerstraat’. B18-379. Buro de Brug Rapport. Buro de Brug. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE).
https://archisarchief.cultureelerfgoed.nl/Archis3/ Zaakdocumenten/466/4660087/afm/. Pape, H.G. 2014. ‘Dijkverbetering Waternet, Molenkade-Venserkade, Gemeente Diemen en Ouder-Amstel (NH). Archeologisch bureauonderzoek’. 436. Transect-rapport. Transect. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). https://archisarchief.cultureelerfgoed.nl/Archis2/Archeorapporten/38/ AR33368. RAF. 1940. ‘Wageningen UR GeoPortal: RAF aerial photographs’. 1945. http://library.wur.nl/WebQuery/geoportal/raf. Rensink, E., H.J.T. Weerts, M. Kosian, H. Feiken, en B.I. Smit. 2015. ‘Archeologische Landschappenkaart van Nederland. Methodiek en kaartbeeld’. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. https://doi.org/10.17026/dans-xf6-ywnd. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. 2016. ‘Kaart van verdedigingswerken, alle linies en stellingen’. https://landschapinnederland.nl/bronnen-en-kaarten/ militaire-landschapskaart. ———. 2017. ‘Rijksmonumentenregister’. Cultureelerfgoed.nl. https://cultureelerfgoed.nl/monumentenregister. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, en Data Archiving and Networking Services. ‘e-depot voor de Nederlandse archeologie’. http://www.edna.nl. Rijkswaterstaat Ministerie van Infrastructuur en Milieu. ‘Bodemloket’. http://www.bodemloket.nl/. SIKB. 2018. ‘BRL 4000: Beoordelingsrichtlijn Archeologie, versie 4.1’. SIKB.
https://www.sikb.nl/doc/BRL4000/BRL%20SIKB%204000%20Archeologie %20versie%204_1.pdf. Steur, G.G.L., W. Heijink, en Stichting voor Bodemkartering. 1965. ‘Bodemkaart van Nederland 1:50.000 : toelichting bij kaartblad 25 Oost Amsterdam’. Wageningen: Stiboka. http://edepot.wur.nl/117792. Stichting RAAP. 2017. ‘Indicatieve Kaart Militaire Waarden (IKME)’. december 22. Vaars, J.P.L. 2017. ‘Archeologisch booronderzoek Wilhelminaplantsoen 1 te Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
28 Diemen, gemeente Diemen’. 136. argo. Archeologenbureau Argo. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). https://archisarchief.cultureelerfgoed.nl/Archis3/Zaakdocumenten/456/456 1283/afm/. Wandelaar, Jan. 1781. ‘Kaarte van alle de dykpligtige en eenige waalpligtige landen behorende onder het Hoogheemraadschap van den Zeeburg en Diemerdyk’. Universiteitsbibliotheek Utrecht. http://objects.library.uu.nl/reader/resolver.php?obj=002087856&type=2.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
29
Figuren
Figuur 2: Topografische kaart.
Figuur 3: Luchtfoto 2018. Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
30
Figuur 4: Foto van het plangebied genomen vanaf de Ouddiemerlaan (Google Maps Street View, mei 2019).
Figuur 5: Achterzijde van het plangebied (Google Maps Street View, mei 2019).
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
31
Rekening houden met archeologie.
Rekening houden met archeologie, behalve bij zeer kleine plannen.
Rekening houden met archeologie bij middelgrote en grote plannen. Bij grondverstorende werkzaamheden tijdig contact opnemen met het NISA te Lelystad. Bij grote plannen archeologie in het planproces integreren. Figuur 6: Archeologische beleidskaart van de gemeente Diemen (Alders e.a. 2003).
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
32
Figuur 7: Nieuwe situatie.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
Figuur 8: Dwarsdoorsnede van de nieuwbouw.
34
Figuur 9: Bestemmingsplannen (‘http://www.ruimtelijkeplannen.nl’).
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
35
Figuur 10: Bodemkaart.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
36
Figuur 11: Hoogte-reliëfkaart (Actueel Hoogtebestand Nederland 2018). Alle hoogtematen zijn weergegeven in meters NAP.
Figuur 12: Hoogte-reliëfkaart detail (Actueel Hoogtebestand Nederland 2018). Alle hoogtematen zijn weergegeven in meters NAP.
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
37
Figuur 13: Geomorfologische kaart (Alterra 2004).
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
38
Figuur 14: Geologisch booronderzoek B25G2868 ter hoogte van de Diemerbrug (Dinoloket 2014).
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
39
Figuur 15: geologisch booronderzoek B25G0769 ter hoogte van de Diemerbrug (Dinoloket 2014).
Bureau voor Archeologie Rapport 952
Diemen Ouddiemerlaan naast 19
40
Figuur 16: Kaart uit 1608 uit een collectie van kaarten en kaartboeken van de Provinciale atlas van Noord-Holland (Bilhamer en Beeldsnyder 1608).