CConstaterende datDiemen
Koppel je AI →
Document · PDF

13. B2 Ruimtelijke onderbouwing .pdf

Gemeenteraadsvergadering 22 april 2021, gemeente DiemenBij agendapunt: Ontwerp verklaring van geen bedenkingen uitbreiding theater De Omval11.275 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

4.2.6 MER -beoordeling De centrale doelstelling van het instrument milieueffectrapportage is het milieubelang een volwaardige plaats te geven in de besluitvorming over activiteiten met mogelijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. De basis van de milieueffectrapportage wordt gevormd door de EU-richtlijn m.e.r. Deze richtlijn is in Nederland geïmplementeerd in de Wet milieubeheer en het Besluit m.e.r. In het Besluit m.e.r. bestaat een belangrijk onderscheid tussen bijlage C en bijlage D. Voor activiteiten die voldoen aan de diverse criteria uit bijlage C geldt een m.e.r.plicht. In bijlage D staan de activiteiten benoemd waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht geldt: er moet beoordeeld worden of sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgen. Als deze niet uitgesloten kunnen worden, geldt een m.e.r.-plicht. Kunnen deze belangrijke nadelige milieugevolgen wel uitgesloten worden, dan is een m.e.r. niet noodzakelijk. De voorgenomen ontwikkelingen kan gezien worden als een stedelijk ontwikkelingsproject.

Afbeelding: Kolom D11.2 besluit MER De beoogde ontwikkeling valt niet binnen de richtwaarden van het Besluit m.e.r. ten aanzien van projecten waarbij milieusignificantie een rol speelt (kolom 2). De aard en omvang van het beoogde initiatief is zeer beperkt t.o.v. de richtwaarden van het Besluit m.e.r. Belangrijke nadelige gevolgen in het kader van het Besluit m.e.r. voor het milieu zijn dan ook niet te verwachten. Voor elk besluit of plan dat betrekking heeft op activiteit(en) die voorkomen op de D-lijst die beneden de drempelwaarden vallen, dient een toets uitgevoerd te worden of belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten.

28

Conclusie: Het project heef geen significante negatieve milieueffecten tot gevolg, waardoor een m.e.r.beoordeling verder niet noodzakelijk is.

4.3 Kabels en leidingen Naast de hiervoor beschreven milieuaspecten kunnen er nog andere belemmeringen in of nabij het plangebied aanwezig zijn die van invloed kunnen zijn op de planvorming. Het gaat bijvoorbeeld om de aanwezigheid van planologisch relevante kabels en leidingen (zoals waterleidingen of rioleringsleidingen), beschermingszones en dergelijke. Voor onderzoek naar Kabels en Leidingen is een KLIC-melding uitgevoerd.

Afbeelding: kabels en leidingen

De ontwikkeling wordt gerealiseerd op een parkeerterrein. Op deze locatie ligt een rioolleiding en laan de noordkant loopt een elektriciteitsleiding. Rondom het plangebied liggen verschillende kabels en leidingen. Het hoofdnetwerk van de kabels en leidingen ligt in de Ouddiemerlaan. Deze vormen geen beletsel voor het plan. Conclusie Bij de uitvoering van het plan wordt met de aanwezigheid van de leidingen en kabels op de projectlocatie rekening gehouden.

29

4.4 Archeologie en cultuurhistorie De gemeente Diemen heeft een eigen gemeentelijke archeologiekaart1. Onderstaand treft u een uitsnede van deze kaart aan.

AFBEELDING 5.7A. ARCHEOLOGISCHE WAARDEN KAART DIEMEN

Afbeelding 5.7: uitsnede gemeentelijke archeologie kaart Diemen (globale ligging plangebied is zwart omcirkeld). De bouwprojectlocatie is gelegen aan één van de oorspronkelijke ontginningsassen (Ouddiemerlaan). Ongeveer ter hoogte van de bouwlocatie ligt DIEM 11: Historische boerderijplaats Diemenvreugd Doorwerking plangebied Op de projectlocatie wordt gebouwd en zullen er ook werken en werkzaamheden worden uitgevoerd op een oppervlak groter dan 50 m2 en op een diepte van 0,5 meter en meer. Verkennend Onderzoek Buro voor Archeologie voor uit Utrecht heeft verkennend bureau heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor

30

bouwwerkzaamheden aan de Ouddiemerlaan 104 te Diemen. Uit het onderzoek blijkt dat archeologische resten waarschijnlijk niet verstoord worden bij de beoogde ingrepen. De details staan in het rapport. Het onderzoeksrapport maakt onderdeel uit van deze ruimtelijke onderbouwing en is als bijlage opgenomen. Conclusie: Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit plan.

4.5

Parkeren en verkeer

Het plan gaat ten koste van een aantal openbare parkeervakken op het parkeerterrein aan de achterzijde van het complex. Er komen 15 vakken te vervallen. - Aantal parkeervakken huidige situatie: 69 vakken. - Aantal parkeervakken beoogde nieuwe situatie: 54 vakken. Parkeerdruk (regulier) Op verschillende momenten in 2019 hebben er tellingen plaatsgevonden naar de parkeerdruk op het parkeerterrein. Uit deze tellingen is duidelijk naar voren gekomen dat in reguliere gevallen (buiten het halen en brengen van kinderen bij de naastgelegen Sint Petrusschool) de parkeerdruk maximaal 68% geweest. Dit betrof dinsdag 11 juni 2019 om 10.20uur. Op dat moment waren 44 parkeerplaatsen bezet. Op alle andere momenten was de parkeerdruk (fors) lager. Deze telgegevens zijn in onderstaande tabel weergegeven. # datum tijdstip parkeerplaatsen 12-1013:34 65 zaterdag 2019 65 vrijdag 13-9-2019 17:20 65 zaterdag 13-7-2019 11:00 65 dinsdag 11-6-2019 10:20 10-5-2019 9:20 65 vrijdag 65 zaterdag 6-4-2019 10:30 65 vrijdag 15-3-2019 19:15 Tabel: parkeerdrukmeting De Omval 2019 dag

# bezet bezettingsgraad 9 8 3 44 21 10 35

14% 12% 5% 68% 32% 15% 54%

Parkeerdruk (halen en brengen) Naast het parkeerterrein is basisschool de Sint Petrusschool gelegen, tijdens het halen en brengen van de kinderen is sprake van een piek in het gebruik van het parkeerterrein. Op deze momenten is sprake van een hoge parkeerdruk, en waarschijnlijk ook regelmatig een tekort aan parkeerplaatsen. Dit gegeven wordt niet meegewogen in het bepalen van de gewenste parkeercapaciteit, zeker gezien het geen beleid van de gemeente Diemen is om het halen en brengen van kinderen met de auto te faciliteren. Veiligheid tijdens het halen en brengen is wel een aandachtspunt. Parkeerdruk (omgeving) Er is voldoende ruimte te zijn in de omgeving om fluctuaties in het parkeergebruik (bijvoorbeeld bij slecht weer) op te vangen, bijvoorbeeld op de Prins Mauritslaan is vaak parkeerruimte beschikbaar. Deze locatie wordt in de huidige situatie ook al incidenteel gebruikt voor het halen en brengen bij de school en heeft beperkt effect op de nu gestelde conclusie.

31

Ontheffingen/vergunningen Het parkeerterrein is voorzien van parkeerregulering in de vorm van betaald parkeren. Omliggende bedrijven maken ook door gebruikt te maken van parkeervergunningen gebruik van het terrein. Op dit moment zijn er 68 parkeervergunningen afgegeven voor het terrein achter de Omval. Hiervan heeft de gemeente Diemen het grootste aantal in gebruik. Er zijn alternatieve locaties in de nabije omgeving met voldoende capaciteit beschikbaar. Het is daarom haalbaar om op basis van maatwerk het aantal vergunninghouders op het parkeerterrein achter de Omval te verlagen door een aantal vergunninghouders te verplaatsen naar andere terreinen in de nabije omgeving. Fiets parkeren Conform het fietsparkeerbeleid van de gemeente Diemen geldt voor een bibliotheek een norm van 3 plaatsen per 100m² BVO (de bibliotheek wordt 254m² BVO). Dit betekent een toename van 8 fietsparkeerplaatsen. Deze extra fietsparkeerplaatsen zijn te realiseren in de nabije openbare ruimte aan de voorzijde van De Omval. Voor de overige functies in het gebouw verwachten we dat de huidige fietsparkeercapaciteit in de omgeving voldoende zal zijn. Verkeersgeneratie De Omval wordt uitgebreid met een bibliotheek met een oppervlakte van 254m² bruto vloeroppervlakte. Deze uitbreiding zorgt voor een theoretische toename van de verkeersgeneratie tussen 5,3 en 17,5 motorvoertuigbewegingen per etmaal.

Dit is bepaald aan de hand van kencijfers van het CROW uit publicatie 381 (toekomstbestendig parkeren). Deze toename is van een dermate beperkte aard dat deze zonder problemen door direct omliggende wegen kunnen worden verwerkt. Daarbij is van belang dat de bibliotheek ook in de huidige situatie al in het centrum van Diemen gevestigd. De totale verkeertoename zal in het centrum van Diemen door deze ontwikkeling per saldo minimaal zijn. Conclusie: De aspecten verkeer en parkeren vormen geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit plan.

4.6

Waterhuishouding

Sinds 2003 is het doorlopen van de watertoets wettelijk verplicht voor alle ruimtelijke plannen en besluiten. Het doel van de watertoets is, om in overleg tussen de initiatiefnemer en de waterbeheerder aandacht te besteden aan de waterhuishoudkundige aspecten, zodat de waterhuishoudkundige doelstellingen worden gewaarborgd. De uitgangspunten voor het watersysteem dienen op een juiste wijze in het plan te worden verwerkt. De projectlocatie behoort tot het hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV)/Waternet. AGV/Waternet heeft de taak om het watersysteem te beheren en in stand houden. AGV/ Waternet streeft naar veilige en gezonde systemen, rekening houdend met maatschappelijke belangen en functies. Om dit te bewerkstelligen heeft AGV/Waternet onder andere de volgende (sub)doelen; 1. Het garanderen van aan- en afvoer van water; 2. Het garanderen van veiligheid tegen overstromingen en wateroverlast; 3. Het zorgen voor een ecologisch gezond watersysteem (invulling geven aan de KRW); 4. Het faciliteren van verschillende gebruiksfuncties en de daaruit voortvloeiende (kwaliteits) doelen. Ten behoeve van het voorgenomen plan is de waterhuishoudkundige situatie geanalyseerd. 32

Projectlocatie Het plangebied voor de herontwikkeling bestaat uit verhard oppervlak en groen. Watergangen zij niet aanwezig. In het plangebied is geen vigerend peilbesluit aanwezig Watercompensatie Om een goed functionerend watersysteem te garanderen en te behouden heeft AGV/Waternet een compensatieplicht ingesteld voor de toename van het verhard oppervlak. Er geldt voor een toename in verharding in stedelijke gebied van meer dan 1000 m2 een compensatieplicht van 10%. Op basis van het ontwerp en de voormalige situatie is een verhardingsanalyse uitgevoerd. Het project heeft betrekking op nieuwbouw ter plaatse. Het betreft een volledig verhardterrein in een stedelijk gebied. Er is geen sprake van demping van water of een toename van verharding. Watercompensatie is daarom niet aan de orde. Grondwater De gemeente heeft de zorgplicht voor grondwater. In het GRP voor de gemeente Diemen is deze zorgplicht omschreven. De omschrijving stelt als eerste dat de gemeente zorgdraagt voor de inzamelingen het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen, door middel van een openbaar vuilwaterriool naar een zuivering technisch werk. Als tweede wordt genoemd, een doelmatige verwerking van het ingezamelde hemelwater.

Onder het verwerken van hemelwater kunnen in ieder geval de volgende maatregelen worden begrepen: de berging, het transport, de nuttige toepassing, het, al dan niet na zuivering, op of in de bodem of in het oppervlaktewater brengen van ingezameld hemelwater, en het afvoeren naar een zuivering technisch werk. Als derde wordt genoemd dat voor het in het openbaar gemeentelijke gebied treffen van maatregelen ten einde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoort. Voor het drainagestelsel streeft de gemeente naar een goede ontwatering van het openbaar gebied en het scheppen van mogelijkheden voor een goede ontwatering van particuliere terreinen. De voorgenomen ontwikkeling heeft geen effect op de grondwaterstroming. Het bouwplan voorziet niet in nieuwe ondergrondse bebouwing en heeft geen gevolgen voor het grondwater. Waterkering De projectlocatie is niet gelegen nabij een waterkering en leidt niet tot nieuwe ondergrondse bebouwing. Het project heeft zodoende geen gevolgen voor de waterkerende functie van een waterkering.

Conclusie: Het voorliggende plan heeft geen negatieve invloed op de waterhuishoudkundige situatie, het betreft een toevoeging van bebouwing op reeds verhard terrein.

4.7 Ecologie Sinds 1 januari 2017 is één wet van toepassing die de natuurwetgeving in Nederland regelt: de Wet natuurbescherming. De wet ligt in de lijn van Europese wetgeving, zoals de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. De Wet natuurbescherming vervangt de Boswet, de Flora- en Faunawet en de Natuurbeschermingswet 1998.

33

Wet natuurbescherming (Wnb) Via de Wet natuurbescherming wordt de soortenbescherming en gebiedsbescherming geregeld. De soortenbescherming heeft betrekking op alle, in Nederland in het wild voorkomende zoogdieren, (trek)vogels, reptielen en amfibieën, op een aantal vissen, libellen en vlinders, op enkele bijzondere en min of meer zeldzame ongewervelde diersoorten en op een honderdtal vaatplanten. Gebiedsbescherming wordt geregeld middels de Natura 2000gebieden. Daarnaast kan de provincie ervoor kiezen om een gebied aan te wijzen als bijzonder nationaal natuurgebied- of landschap of als Nationaal Natuurnetwerk (NNN). Welke soorten planten en dieren wettelijke bescherming genieten, is vastgelegd in de bijlage van de Wet natuurbescherming. Dat houdt in dat, bij planvorming, uitdrukkelijk rekening gehouden moet worden met gevolgen, die ruimtelijke ingrepen hebben, voor instandhouding van de beschermde soort. Verkennend Onderzoek Adviesbureau Tauw uit Utrecht heeft verkennend bureau en veldonderzoek gedaan Tauw naar de consequenties van de uitbreiding van het bestaande pand voor de Wet Natuurbescherming. De ontwikkeling kan alleen doorgaan als deze niet in strijd is met de bepalingen als opgenomen in de Wnb, of als de benodigde vergunningen en/of ontheffingen worden verleend. Het onderzoeksrapport maakt onderdeel uit van deze ruimtelijke onderbouwing ei is als bijlage opgenomen.

De conclusies en aanbevelingen uit het rapport worden onderstaand samengevat.

Conclusie: Het aspect ecologie vorm geen beletsel voor het voorliggende plan, mits de aanbevelingen voor vogels en vleermuizen worden opgevolgd/in acht worden genomen.

34

4.8

Duurzaamheid

Aan dit plan liggen de volgende uitgangspunten en maatregelen ten grondslag.

Aspect Klimaat en energie

Maatregelen - Geen gebruik van houtige biomassa voor verwarmingsdoeleinden - opwek van duurzame energie (zonnepanelen) - Aardgasloze nieuwbouw en vervanging keukenapparatuur op aardgas in de bestaande bouw door aardgasvrije alternatieven - Lage temperatuurverwarming voor de nieuwbouw - Energiezuinige led verlichting Afval en - Bij de aanbesteding wordt circulair bouwen uitgevraagd en circulaire meegewogen economie - Conform gemeentelijk beleid wordt geen lood, ongecoat zink, teerhoudende dakbedekking, koperen waterleidingen en dakbedekking toegepast - Alle toegepaste hout is gecertificeerd duurzaam (FSC-keur of gelijkwaardig). Uitzondering hierop vormt eventuele toepassing van hergebruikt hout - Conform gemeentelijk beleid wordt geen met chroom en of koper verduurzaamd hout toegepast Natuur en - Er is getoetst aan de beleidsuitgangspunten van het Natuurbiodiversiteit beleidsplan en het Groenplan Diemen - Zie paragraaf ecologie Klimaatadaptatie - De nieuwbouw krijgt een groen dak en een geveltuin - Zie paragraaf waterhuishouding Luchtkwaliteit en - De nieuwbouw wordt aardgas loos en er wordt geen gebruik geluid gemaakt van houtige biomassa voor verwarmingsdoeleinden - Zie paragraaf geluid Schoon vervoer - Bij de aanbesteding wordt duurzaamheid in de bouwfase uitgevraagd en meegewogen.

Het gebruik van schone vervoermiddelen en werktuigen maakt daar deel van uit Duurzaamheid - Bij de aanbesteding wordt duurzaamheid in de bouwfase in de bouwfase uitgevraagd en meegewogen Duurzaamheid - Bij de aanbesteding wordt duurzaamheid in de gebruiksfase in de uitgevraagd en meegewogen gebruiksfase

35

Hoofdstuk 5 Juridische aspecten en uitvoerbaarheid Dit hoofdstuk gaat in op de juridische en economische uitvoerbaarheid van het plan.

5.1 Juridische aspecten Publiekrechtelijk Het initiatief wordt mogelijk gemaakt conform artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3o Wabo (projectafwijking). De aanvraag om omgevingsvergunning waar voorliggende ruimtelijke onderbouwing onderdeel van is volgt de uitgebreide procedure uit de Wabo. Na vooroverleg wordt de ontwerpbeschikking op de aangevraagde omgevingsvergunning voor een termijn van 6 weken ter inzage gelegd. Binnen deze termijn wordt een ieder in de gelegenheid gesteld zienswijzen kenbaar te maken bij het bevoegd gezag. Hierna worden eventuele zienswijzen in acht genomen en wordt een definitief besluit over de omgevingsvergunning genomen. Het definitief besluit wordt wederom voor een termijn van 6 weken ter inzage gelegd. Binnen deze periode rest voor belanghebbenden de mogelijkheid beroep in te dienen bij de rechtbank. Het bevoegd gezag dient binnen 26 weken na ontvangst een besluit over de omgevingsvergunning te nemen. Deze termijn kan eventueel eenmaal verlengd worden met ten hoogste 6 weken. Gezien een ieder de mogelijkheid heeft om te reageren op de ontwerpbeschikking op de aangevraagde omgevingsvergunning middels het kenbaar maken van zienswijzen, wordt na afloop van de hierboven beschreven procedure het project als maatschappelijk uitvoerbaar beschouwd. Privaatrechtelijk De grond waarop de nieuwbouw wordt gerealiseerd is in eigendom van de gemeente..

Er zijn geen privaatrechtelijke belemmeringen die de realisatie van dit plan in de weg staan.

5.2

Economische uitvoerbaarheid

5.2.1 Kostenverhaal Risico planschade / nadeelcompenstatie De kosten voor de realisatie van het project, inclusief de procedurele kosten van de vergunningaanvraag en eventuele planschadevergoedingen, worden gedragen door de gemeente. Planschade kan ontstaan wanneer een nieuw planologisch besluit (in voorliggend geval een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan) wordt genomen dat afwijkt van het geldende planologische kader. Nadeelcompensatie is compensatie voor schade veroorzaakt door rechtmatig handelen van de overheid. Bijvoorbeeld gederfd woongenot (geluidsoverlast) door langdurige bouwwerkzaamheden of omrijden als gevolg van een langdurige weg- of brugafsluiting, maar ook door wegontrekking of in voorkomende gevallen het ontrekken van parkeerplaatsen. Doorwerking plangebied Uit onderzoek is gebleken dat niet wordt verwacht dat de voorgenomen uitbreiding van de Omval (aanvragen om) planschade dan wel nadeelcompensatie zou kunnen veroorzaken. Artikel 6.1 e.v regelt het recht op het indiendn van een aanvraag om tegemoetkoming in 36

planschade.In de “Procedureverordening tegemoetkoming in planschade en nadeelcompensatie gemeente Diemen” is het recht tot het indienen van een aanvraag om tegemoetkoning nadeelcompensatie geregeld.

5.3 Maatschappelijke uitvoerbaarheid

De OBA, het bestuur van De Omval en alle huidige gebruikers van De Omval zijn nauw bij het proces betrokken. Met de Sint-Petrusschool heeft overleg plaatsgevonden. Van directe omwonenden is geen sprake. Het Diemer Festijn zal worden geïnformeerd over de gevolgen van het aanpassen van de parkeerplaats voor de jaarlijks door haar te organiseren kermis tijdens het Diemer Festijn. De gevolgen van het verdwijnen van een aantal parkeerplaatsen voor de medewerkers van de gemeente zullen tijdig worden gecommuniceerd. Bij de verstrekking van de parkeervergunningen voor dit personeel zal hiermee rekening worden gehouden. Na de beschikbaarstelling van het gevraagde krediet zal door het team Communicatie een communicatietraject in gang worden gezet dat is gericht op alle inwoners van Diemen. De voorbereidingen hiervoor zijn reeds in gang gezet. 6.3.1. Overleg ex artikel 3.1.1. Bro In het kader van het vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 Bro is het ontwerpbesluit omgevingsvergunning om advies toegezonden aan de volgende instanties:   

Provincie Noord-Holland Waternet/Waterschap Amstel, Gooi en Vecht Het bestuur van de Regionale Brandweer

37

5.3.2. Zienswijzen Het ontwerpbesluit omgevingsvergunning heeft van xxx tot xxx ter inzage gelegen in het gemeentehuis van Diemen. Tevens was het plan via de gemeentelijke website en via de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl te raadplegen. Gedurende deze periode was er de gelegenheid voor een ieder om op het plan in te spreken. De ter inzage legging is op xxx bekend gemaakt via een publicatie in het Diemer Nieuws en in de Staatscourant. In het kader van de ter visie legging van het ontwerpbesluit omgevingsvergunning zijn xxxx zienswijzen ontvangen.

5.4 Conclusie Binnen het bestemmingsplan ‘Centrum’ heeft het plangebied de basisbestemmingen ‘Maatschappelijk-Overig’ en ‘Verkeer’’. Binnen deze bestemming Maatschappelijk is het gebruik van het bestaande pand ten behoeve van een bibliotheek reeds mogelijk. Omdat echter gebouwd zal worden buiten het bouwvlak, is de gewenste bouw/uitbreiding niet mogelijk. Tegen de uitvoering van de werkzaamheden bestaan uit ruimtelijk en stedenbouwkundig oogpunt geen overwegende bezwaren. Er wordt geen afbreuk gedaan aan de omgeving van het plangebied. De voorgenomen ontwikkelingen zijn op basis van de huidige beleidsinzichten mogelijk. Aan de voorwaarden, die zowel het rijks, provinciaal als het gemeentelijk beleid stellen, wordt voldaan. Vanuit verschillende oogpunten (bodem, archeologie, water, etc.) is gekeken naar de projectlocatie. Geconcludeerd kan worden dat de ontwikkeling niet wordt belemmerd door aanwezige, storende milieuaspecten. Ten slotte wordt met het projectbesluit, mede door de te nemen maatregelen, geen schade toegebracht aan de omringende natuur- of landschapselementen. Op basis van het voorgaande wordt dan ook geconcludeerd dat de vestiging een bibliotheek en de bouw van de gewenste uitbreiding niet bezwaarlijk is. Het project is niet alleen uitvoerbaar maar ook wenselijk. Er is sprake van een goede ruimtelijke ordening.

38

39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Diemen&id=0de9b599-e3e0-4e29-8ace-1bcaa44e416a