Presentatie riool- en waterzorgheffing.pdf
Tekst van het document
Riool- en waterzorgheffing
UITGANGSPUNTEN EN KEUZES BIJ DE HEFFING CONSULTERENDE SESSIE GEMEENTERAAD 17 JUNI 2026
Doel De raad consulteren over de mogelijkheden om in 2026 een moderne, toekomstbestendige riool- en waterzorgheffing vast te stellen, die: • Juridisch klopt, • Maatschappelijk uitlegbaar is, • Uitvoerbaar is,
• Financieel bijdraagt aan klimaatbestendigheid, • Eerlijke verdeling van de lasten.
Amendement van 8 november 2023 Essentie 1. Een wijziging van de heffingsgrondslag naar een eerlijker verdeling van de lasten. • Lasten toerekenen aan meer baathouders • Tarieven te differentiëren op basis van objectsoorten • Hierbij mogelijk rekening te houden met maatregelen die water afvoeren beperken (zoals groene daken),
2.
Een brede(re) inzet van de opgehaalde middelen • Het aanwenden van de heffingsmiddelen voor klimaatadaptatie en duurzaamheidsdoelen. Kader: Maximaal 100% kostendekkendheid blijft het uitgangspunt.
De watertaken van de gemeente De heffing wordt geheven voor het uitvoeren van de gemeentelijke afval-, hemel- en grondwatertaken. De watertaken afvalwater, grondwater en hemelwater volgens de wet, zijn vertaald in de doelen: a. Zorgen voor inzamelen en transport van stedelijk afvalwater. (ca. 70% van de kosten) b. Zorgen voor inzameling en verwerking van hemelwater , als dit redelijkerwijs niet van de houder kan worden verwacht. (ca. 30% van de kosten) c. Zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert, voor zover dit niet tot de zorg van het waterschap, de provincie of particulieren behoort. (nihil)
Investeringen in klimaatmaatregelen •
Als de openbare ruimte open gaat laten we hem in beginsel klimaatadaptief achter. Dat is één van de hoofdmaatregelen uit het klimaatadaptatieprogramma. Dat betekent afkoppelen van regenwater van de riolering, extra waterberging en extra schaduw (bomen) waar nodig en mogelijk.
•
In het MJOP zijn maatregelen opgenomen voor het klimaatadaptief maken van de gemeente. Deze zijn bijna altijd gecombineerd met riool vervanging.
•
Voor 2024 stond bijna 5 miljoen, voor 2025 staat voor ruim 7 miljoen en voor 2026 staat 6,5 miljoen aan maatregelen geprogrammeerd, enkele voorbeelden; •
Buurtaanpak Oranjekwartier
•
Buurtaanpak Rivierenwijk
•
Hoge Hondstraat
•
Buurtaanpak Burgersdijk
•
Buurtaanpak Noorderenk
•
Etc.
•
Zo’n 60 a 70 % van de investeringen bestaat uit klimaatmaatregelen. Gaat dus om zo’n 4 miljoen per jaar. De rest van de investeringen gaat om vervanging van het riool.
•
Iedere miljoen investeren is ca. 1 euro tariefstijging.
•
Naast deze investeringen staan er ook nog andere investeringen op stapel. Denk aan ca. 8 miljoen voor de vervanging van vijzelgemaal Brinkgarage.
•
Daarmee wordt een dus een substantieel deel van de opgehaalde middelen ingezet in klimaatadaptieve maatregelen en daarmee wordt voldoende vorm gegeven aan hetgeen in het amendement op het gebied van aanwenden van de middelen gesteld is.
•
In het nieuwe Gemeentelijk RioleringsProgramma (GRP) 2027 gaat het college nader uitwerken wat dat betekent voor de ontwikkeling van het tarief riool- en waterzorgheffing.
Huidige situatie heffingsgrondslag Riool- en waterzorgheffing 2026 • Eén gecombineerde heffing voor gebruiker • Gebaseerd op waterverbruik • Meeste burgers tot 500m3 • Heffing op grootverbruik op basis van afnemende staffel. • Mogelijkheid kwijtschelding • Alleen percelen met rioolaansluiting • Verkrijgen informatie van Vitens.
• We kennen circa 45.000 woningen in Deventer • Hiervan is ca. 34% van een WBV • Uitgangspunt altijd 100 % kostendekkend
Mogelijkheden modelverordeningen De eis voor aansluiting vervalt. Meer percelen kunnen in de heffing betrokken worden. De VNG heeft 3 modelverordeningen. Er kan ook gecombineerd worden. 1. Naar vast bedrag naar objectsoort; 2. Naar waarde in het economisch verkeer (WOZ) 3. Naar waterafvoer/-gebruik; 4. Een combinatie van bovenstaande. Combinatie is bijvoorbeeld mogelijk voor: 1. Deel rioolheffing 2. Deel waterzorgheffing
Uitgangspunten nieuwe heffingsgrondslag 1. 100 % kostendekkend 2. Uitvoerbaar: data onder grondslag beschikbaar, betrouwbaar, onbetwistbaar 3. Stimuleren/verplichten versus belonen (subsidies) 4. Eerlijke verdeling van lasten 5. Passend bij de Watertaken van de gemeente
6. Voorkomen van ongewenste effecten
Uitgewerkte varianten 1.
Riool- en waterzorgheffing in één bij gebruiker o.b.v. waterverbruik met aflopende staffel (huidig model);
2.
Rioolheffing bij gebruiker o.b.v. waterverbruik met aflopende staffel (huidig model); Waterzorgheffing eigenaar o.b.v. WOZ-waarde (met aflopende staffel);
3.
Rioolheffing bij gebruiker o.b.v. soort waterverbruik met aflopende staffel (huidig model) waterzorgheffing bij eigenaar o.b.v. soort object. 1. Variant waarbij ieder object gelijk wordt aangeslagen 2. Variant waarbij per objectsoort een bedrag voor de aanslag wordt toegewezen
N.B. Uitwerking heeft plaats gevonden op basis van de gegevens van 2026.
Uitgangspunten variant 1 • Is de huidige systematiek • 100% ophalen als rioolheffing op basis van waterverbruik (huidig systeem)
Bestaande afbouwende staffel: A B C D E F G H I
0 m³ tot en met 501 m³ tot en met 1.501 m³ tot en met 3.001 m³ tot en met 5.001 m³ tot en met 7.501 m³ tot en met 10.001 m³ tot en met 15.001 m³ tot en met 30.001 m³ en meer m³
500 m³ 1.500 m³ 3.000 m³ 5.000 m³ 7.500 m³ 10.000 m³ 15.000 m³ 30.000 m³
Uitwerking variant 1 Op basis van de uitgangspunten levert dat de volgende heffingsgrondslag op: • Basistarief Rioolheffing € 207,00 (voor alle objecten met waterverbruik tot 500 m3) A B C D E F G H I
0 m³ tot en met 501 m³ tot en met 1.501 m³ tot en met 3.001 m³ tot en met 5.001 m³ tot en met 7.501 m³ tot en met 10.001 m³ tot en met 15.001 m³ tot en met 30.001 m³ en meer m³
500 m³ 1.500 m³ 3.000 m³ 5.000 m³ 7.500 m³ 10.000 m³ 15.000 m³ 30.000 m³
€ 207,00 € 400,44 € 767,64 € 1.268,16 € 1.802,16 € 2.269,44 € 2.870,16 € 4.004,88 € 5.339,88
1. Bestaand systeem : Riool- en waterzorgheffing in één bij gebruiker o.b.v. waterverbruik
Voordeel - De vervuiler betaalt; - Kans beïnvloeden waterverbruik (vooral bij grootverbruikers); - Democratische legitimatie: Acceptatie bij de burger omdat de heffing afhankelijk is van het gebruik van het riool; - Administratief eenvoudig en gemakkelijk uitvoerbaar (huidig systeem handhaven).
Nadeel - Onevenwichtige verdeling van lasten (Grote bedrijven met een klein waterverbruik betalen net zoveel als een alleenstaande in een appartement); - Degene die profijt heeft van goede gemeentelijke waterhuishouding (eigenaar) betaalt daar beperkt voor;
Uitgangspunten variant 2 • 70% ophalen als rioolheffing op basis van waterverbruik • 30% ophalen op waterzorgheffing op basis van (gestaffelde) WOZ waarde Voorzet afbouwende staffels: Tot 1 miljoen lineair. Van 1 tot 1,5 miljoen is de heffing alsof de WOZ-waarde 1 miljoen is Van 1,5 tot 2 miljoen is de heffing alsof de WOZ-waarde 1,3 miljoen is Van 2 tot 5 miljoen is de heffing alsof de WOZ-waarde 1,5 miljoen is Van 5 tot 10 miljoen is de heffing alsof de WOZ-waarde 3 miljoen is Van 10 tot 20 miljoen is de heffing alsof de WOZ-waarde 5 miljoen is Van 20 tot 50 miljoen is de heffing alsof de WOZ-waarde 10 miljoen is Van 50 tot 85 miljoen is de heffing alsof de WOZ-waarde 15 miljoen is
Uitwerking variant 2 Op basis van de uitgangspunten levert dat de volgende heffingsgrondslag op: • Rioolheffing € 145,74 (voor alle objecten met waterverbruik tot 500 m3) (ipv € 207,00) • Waterzorgheffing 0,0136% van de WOZ waarde. • Voor een woning met een waarde van € 450.220 wordt net zoveel betaald als in het huidig systeem (de omslagwaarde)
Omslagwaarde
€ € € € € € €
1.000.000 1.500.000 2.000.000 5.000.000 10.000.000 20.000.000 50.000.000
€ € € € € € € € € € €
Waterzorgheffing WOZ waarde (eigenaar) 300.000 € 40,80 450.221 € 61,23 600.000 € 81,60 1.000.000 € 136,00 1.500.000 € 136,00 2.000.000 € 176,80 5.000.000 € 204,00 10.000.000 € 408,00 20.000.000 € 680,00 50.000.000 € 1.360,00 85.000.000 € 2.040,00
Rioolheffing (gebruiker) € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74
2. Rioolheffing gebruiker o.b.v. waterverbruik waterzorgheffing eigenaar o.b.v. WOZ-waarde waterzorgheffing eigenaar op basis van WOZ Rioolheffing gebruiker Voordeel - De vervuiler betaalt; - Spreiding heffing, aanslag lager; - Iedereen betaalt redelijk evenwichtig mee; - Kans beïnvloeden waterverbruik (vooral bij grootverbruikers); - Democratische legitimatie: Acceptatie bij de burger omdat de heffing afhankelijk is van het gebruik van het riool; Nadeel - Burgers ervaren een dubbele heffing. - Geen/minder kwijtschelding (effect is gering); - Niet alle grote objecten zijn ook grootbelaster;
Voordeel - Administratief eenvoudig en gemakkelijk uitvoerbaar; - Stabiele inkomsten: Elke (on)roerende zaak heeft op 1 januari een eigenaar en er is geen kwijtschelding mogelijk. - Het in eigendom hebben van een perceel volstaat voor het belastbaar feit - Huurder gaat minder betalen - Staffeling maakt dat hoog gewaardeerde WOZ objecten niet extreem veel gaan betalen Nadeel - Geen stimulans voor waterbesparing voor dit deel van de heffing - Risico veel aanslagen bij een belastingplichtige met veel objecten - Risico van een hoge aanslag - Staffeling is arbitrair. (alternatief is maximum heffing) - Extra heffing Woningbouwvereniging(en), ca. 5,5 ton. Niet te verhalen op de huurders
Uitgangspunten variant 3.1 • 70% ophalen als rioolheffing op basis van waterverbruik • 30% ophalen op waterzorgheffing op basis objectsoort • Variant 3.1: Alle objecten dezelfde aanslag
Uitwerking variant 3.1 Om tot een dekkend tarief te komen is dat berekend op een bedrag van € 52,47 per object. Dus zowel een garagebox als een groot bedrijf betalen dit bedrag. Er worden wel meer objecten aangeslagen waardoor de heffing voor huishoudens iets afneemt.
WOZ waarde € 300.000,00 € 600.000,00 € 0,00 €1.000.000 en hoger
Waterzorgheffing (eigenaar) € 52,47 € 52,47 € 0,00 € 52,47
Rioolheffing (gebruiker) € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74
Totale heffing € 198,20 € 198,20 € 145,74 € 198,20
Uitgangspunten variant 3.2 • 70% ophalen als rioolheffing op basis van waterverbruik • 30% ophalen op waterzorgheffing op basis objectsoort • Variant 3.2: een toewijzing van de heffing per objectsoort. Onderstaand zoals dat is doorgerekend. Staffel in soort object zie voorstel in de tabel hieronder woning € 45,00 terrein niet woning € 45,00 terrein € 45,00 parkeerplaats niet woning € 80,00 parkeerplaats bij woning € 10,00 nutsvoorzieining € 80,00 garagebox € 10,00 bouwkavel woning € 45,00 bouwkavel niet woning € 80,00 berging bij woning € 10,00 bedrijf met woning € 178,54 Dit is het gecalculeerder resultaat bedrijf € 178,54 Dit is het gecalculeerder resultaat
Uitwerking variant 3.2 Op basis van deze uitgangspunten levert dat voor woningen de volgende heffing op:
Waterzorgheffing WOZ waarde (eigenaar) € 300.000,00 € 45,00 € 600.000,00 € 45,00 Staffels € 45,00 €1.000.000 en hoger € 45,00
Rioolheffing (gebruiker) € 145,74 € 145,74 € 145,74 € 145,74
Totale heffing € 190,74 € 190,74 € 190,74 € 190,74
3. Rioolheffing gebruiker o.b.v. waterverbruik waterzorgheffing eigenaar o.b.v. soort object Rioolheffing gebruiker
waterzorgheffing eigenaar
Voordeel - De vervuiler betaalt; - Spreiding heffing, aanslag lager; - Iedereen betaalt redelijk evenwichtig mee; - Kans beïnvloeden waterverbruik (vooral bij grootverbruikers); - Democratische legitimatie: Acceptatie bij de burger omdat de heffing afhankelijk is van het gebruik van het riool;
Voordeel - Administratief eenvoudig en gemakkelijk uitvoerbaar; - Stabiele inkomsten: Elke (on)roerende zaak heeft op 1 januari een eigenaar en er is geen kwijtschelding mogelijk. - Het in eigendom hebben van een perceel volstaat voor het belastbaar feit
Nadeel - Burgers ervaren een dubbele heffing. - Geen/minder kwijtschelding (effect is gering); - Niet alle grote objecten zijn ook grootbelaster;
Nadeel - Een toedeling van laste aan de diverse objectsoorten is arbitrair. Kan leiden tot bezwaren. - Geen stimulans voor waterbesparing voor dit deel van de heffing - Risico veel aanslagen bij een belastingplichtige - Risico van een hoge aanslag - Extra heffing Woningbouwvereniging(en), ca. 6,5 tot 7,8 ton. Niet te verhalen op de huurders.
Gevolgen voor de corporaties (eigenaardeel) Corporatie Stichting Woonbedrijf ieder1 Woningstichting Rentree (ook genaamd: Rentree) De Marken Stichting Eigen Bouw Totalen
Variant 1 nihil € nihil € nihil € nihil € €
Variant 2 Variant 3.1 Variant 3.2 303.862,57 € 457.077,44 € 375.247,76 152.948,34 € 212.326,95 € 182.295,43 53.803,58 € 66.316,10 € 55.943,14 34.071,38 € 47.481,07 € 37.610,00 544.685,88 € 783.201,56 € 651.096,32
Op grond van art. 7:237 en 7:259 BW en de systematiek van lokale heffingen is het waterzorgdeel een eigenarenlast en mag deze niet via de huur aan huurders worden doorbelast.
Door de corporaties geschetst gevolg (variant 2)
Gevolgen voor kwijtscheldingen Ambtelijk is dit uitgezocht: • Het verlagen van het tarief verlaagt het aantal huishoudens die kwijtschelding ontvangen minimaal; • Kwijtschelding gaat uit van het berekenen van een betalingscapaciteit; • Het zou alleen voor huishoudens die een gedeeltelijke betalingscapaciteit hebben, het geval kunnen zijn.
Overige gevolgen • Bij heffen van de waterzorgheffing op basis van de WOZ waarde (variant 2) krijgen diverse partijen met veel bezit, een hogere heffing. Door de staffeling wordt dit effect gedempt. Dit effect valt samen met het doel om tot een eerlijker verdeling van de lasten te komen. • Bij heffen van de waterzorgheffing op basis van objectsoort is de lastenverzwaring geringer. Het doet ook minder recht aan het doel om tot een eerlijker verdeling van de lasten te komen. • Woningbezitters gaan bij varianten 2 en 3 over het algemeen iets minder betalen. Bij variant 2 geldt dit voor woningen met een WOZ waarde lager dan € 450.000. Gevolgen voor de gemeente: • Voor het gemeentelijk vastgoed zal bij variant 2 een hogere lastendruk over alle WOZ-objecten van ca. € 330.000 ontstaan.
Consulterende vragen aan de raad Opmerkingen vooraf: • Variant 2 lijkt de meest evenwichtige en eerlijke verdeling van de lasten te geven. • Varianten 2 en 3 hebben gevolgen voor de corporaties Vragen aan de raad: • Welke van de 3 voorgelegde varianten voor de riool- en waterzorgheffing heeft uw voorkeur? • Wat wilt u het college meegeven bij het uitwerken van deze heffingsgrondslag.
Vervolgproces • Besluitvorming over de heffingsgrondslag via college en raad • Communiceren met belastingplichtigen • In november de besloten variant verwerken in de verordening Riool en waterzorgheffing 2027