2026-349-bijlage-2-Was-wordt tabel wijziging Apv 2026
Tekst van het document
Bijlage 2: Was-wordt-tabel Wijziging Algemene plaatselijke verordening 2026 Artikel 1:1 wordt als volgt gewijzigd (artikel 1, onderdeel A van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst Artikel 1:1 Begripsbepalingen 5. gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving;
Nieuwe tekst Artikel 1:1 Begripsbepalingen 5. fossiele reclame: handelsreclame over producten en diensten waarbij gebruik wordt gemaakt van fossiele brandstoffen, zoals vliegvakanties, vliegtickets, grijze stroomcontracten, gascontracten, cruisereizen of auto’s met een fossiele of hybride brandstofmotor. De huidige leden 5 tot en met 14 worden vernummerd tot 6 tot en met 15.
De titel van Afdeling 3 van Hoofdstuk 4 wordt als volgt gewijzigd (artikel 1, onderdeel B van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst Titel Afdeling 3 van Hoofdstuk 4: Maatregelen tegen ontsiering en stankoverlast
Nieuwe tekst Titel Afdeling 3 van Hoofdstuk 4: Maatregelen tegen ontsiering, stankoverlast en ter bescherming van het milieu
Na artikel 4:6 wordt een nieuw artikel 4.6a toegevoegd, dat luidt als volgt (artikel 1 onderdeel C van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst Artikel 4:6a Milieubelastende fossiele reclame 1. Het is verboden fossiele reclame te maken of te voeren met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats zichtbaar is. 2. Het in het eerste lid vermelde verbod geldt niet voor: 1° bedrijfsnamen, bedrijfslogo’s en reclames aan of in de directe nabijheid van het pand waar de activiteiten plaatsvinden waar de reclame betrekking op heeft; 2° wegwijzers op bedrijventerreinen.
Toelichting wijziging APV Artikelsgewijs Artikel 1.1 Begripsbepaling “Fossiele reclame” Fossiele reclame is handelsreclame (zoals gedefinieerd in de APV) voor de onderstaande producten en/of diensten: Reizen waarbij sprake is van vervoer met een vliegtuig of cruiseschip (inclusief reizen naar bestemmingen die redelijkerwijs alleen te bereiken zijn met een vlieg- of cruisereis); voertuigen met een brandstofmotor; gascontracten en grijze stroom; fossiele brandstoffen voor wegverkeer (benzine, diesel etc.). Enkele voorbeelden van wat er onder het Reclameverbod zou vallen: ● Een reclame van een luchtvaartmaatschappij voor een vliegreis of een bestemming die door de luchtvaartmaatschappij (als vliegreis) wordt aangeboden; ● Een reclame van een reisorganisatie voor een bestemming die redelijkerwijs enkel met het vliegtuig of cruiseschip te bereiken is of bereikt wordt en waarvoor de betrokken organisatie vlieg- en/of cruisereizen aanbiedt; ● Een reclame voor een voertuig (zoals een auto, motor of motorboot) met een brandstofmotor. Daaronder vallen ook reclames voor hybride voertuigen, omdat zij een brandstofmotor hebben. ● Een reclame voor de levering van aardgas of grijze stroom. ● Een reclame voor benzine of diesel of andere brandstoffen met benzine of diesel.
Wijziging titel Afdeling 3 van Hoofdstuk 4 De titel van Afdeling 3 van Hoofdstuk 4: “Maatregelen tegen ontsiering en stankoverlast” wordt gewijzigd naar “Maatregelen tegen ontsiering, stankoverlast en ter bescherming van het milieu”. Hierdoor wordt het beschermen van het milieu expliciet als doel benoemd, waar het verbod op fossiele reclame onder valt. Artikel 4.6a Verbod op reclame voor fossiele brandstoffen Door het opnemen van het reclameverbod in de APV is het verbod op fossiele reclame voorzien bij wet. Het reclameverbod dient een legitiem doel, te weten de bescherming van de gezondheid en het leveren van een bijdrage aan het tegengaan van klimaatverandering. Ten behoeve van het klimaat, het milieu en de volksgezondheid is het van belang dat er minder fossiele consumptie plaatsvindt en dus dat die consumptie niet met reclames wordt aangejaagd. Er is een direct verband tussen de verbranding van fossiele brandstoffen en de bijdrage aan gevaarlijke klimaatverandering. Volgens de gemeente strookt de noodzaak van die gedragsverandering niet met het toestaan van reclames die aansporen tot een grotere consumptie van fossiele producten.
Reclames die zorgen voor meer fossiele consumptie en daarmee de verbranding van fossiele brandstoffen leiden ook tot negatieve effecten voor het milieu (bijvoorbeeld door de uitstoot en depositie van stikstof) en de volksgezondheid (direct door luchtvervuiling en indirect door klimaatverandering). Ten tweede heeft klimaatverandering negatieve effecten op de volksgezondheid. Klimaatverandering leidt onder andere tot meer hittegolven, droogte en extreme neerslag. Dat leidt tot diverse negatieve gezondheidseffecten, waaronder meer sterfte en gezondheidsklachten bij hittegolven en hoge temperaturen. De gemeente concludeert dat fossiele consumptie en de daarmee gepaard gaande uitstoot direct en indirect een belangrijke bedreiging vormt voor het welzijn van mensen, waaronder de ingezetenen binnen de gemeente.
Dit voorstel beoogt fossiele reclame te weren uit het straatbeeld van Deventer. Met het verbod beoogt de gemeente niet langer toe te staan dat reclames in de openbare ruimte oproepen tot meer fossiele consumptie en bijdragen aan normalisering van die consumptie. Het doel is om schadelijke uitstoot te beperken, wat positieve effecten heeft op het klimaat, het milieu en de volksgezondheid. Het voorstel beoogt bij te dragen aan het voorkomen van steeds ergere effecten van klimaatverandering en aan het beschermen van de gezondheid en de leefbaarheid van de stad. Door toe te staan dat bedrijven reclame mogen blijven maken voor hun eigen producten of diensten op of nabij hun eigen pand, wordt recht gedaan aan het belang van herkenbaarheid en het belang van de bedrijfsvoering van de betreffende bedrijven. De uitzondering die wordt gemaakt, is in lijn met het gelijkheidsbeginsel en het verbod op willekeur. Het voorkomt dat ondernemers in de gemeente Deventer ongelijk worden behandeld ten opzichte van elkaar en van ondernemers in andere gemeenten of sectoren. De uitzondering is beperkt en specifiek geformuleerd, zodat het doel van de regeling – het weren van fossiele reclame uit de openbare ruimte – niet wordt ondermijnd.