CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2026-02-18 Beantwoording technische vragen GB

Raadsvergadering 11 maart 2026, gemeente DeventerBij agendapunt: Evenementenvisie en uitwerking en borging beeldbepalende evenementen2.736 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Gemeentebelang 1. Op pagina 25 van de jaarrekening 2024 staat onderstaand overzicht:

De genoemde kosten voor DOS, Boekenmarkt en Dickens zijn nagenoeg gelijk aan de kosten zoals genoemd door BMC onderaan pagina 35. In dit overzicht ontbreken echter zo’n 270 K om te komen tot het totaal van € 1.824.144,74. Ik heb e.e.a. in Excel gezet, zie hieronder. Events deventer DOS Boekenmarkt Dickens Subtotaal Andere activiteiten Totaal

Personeelslasten 28% €510.761 20% €199.617 37% €76.454 33% €115.149 €391.219 44% €119.541 €510.761

Beheerslasten 9% €164.173 6% €59.885 12% €24.796 10% €34.894 €119.574 16% €44.599 €164.173

Programmakosten 63% €1.149.211 74% €738.583 51% €105.382 57% €198.893 €1.042.858 39% €106.354 €1.149.211

€1.824.145 €998.085 €206.631 €348.935 €1.553.651 €270.494 €1.824.145

Op pagina 34 van het BMC rapport staat een ander overzicht van de kostenopbouw, zie hieronder. (Het totaal is echter nagenoeg gelijk aan wat er in de jaarrekening 2024 staat.

De directe activiteiten lasten zijn nagenoeg gelijk aan de programmakosten uit het jaarverslag 2024. De andere lasten/kosten laten echter een heel ander beeld zien dan in het jaarverslag Vraag: Kunnen de verschillen uitgelegd/toegelicht worden? Antwoord 1:

De verschillen zijn vooral het gevolg van een andere indeling en afbakening. In de jaarrekening worden de kosten per programmaonderdeel/evenement weergegeven. De optelsom van Deventer Op Stelten, Boekenmarkt en Dickens Festijn komt daardoor lager uit dan het totaal van Events Deventer, omdat het totaal ook kosten bevat die niet aan deze drie evenementen zijn toegerekend. BMC heeft in het onderzoek alleen de (globale) kostenverdeling van de drie beeldbepalende evenementen bezien. BMC licht in het rapport toe dat een verdere doorrekening van de overige posten geen wezenlijk ander beeld zal opleveren van de wijze waarop de kosten binnen de stichting zijn verdeeld. Bovendien presenteert BMC de kosten op stichtingsniveau (met onderscheid tussen directe activiteitenlasten en overhead) en niet per evenement, waardoor de tussenposten niet één-op-één vergelijkbaar zijn. .

2. Financieringsmix Op pagina 35 van het BMC rapport staan onderstaande tabel;

Dit overzicht geeft geen inzicht hoe de baten/subsidies toegerekend zijn aan de verschillende activiteiten in 2024. In de mail van maandag 6 oktober 2025, die diverse woordvoerders van de verschillende fracties van de gemeente hebben ontvangen staat in de bijlage onder andere genoemd bij aanpak “toetsen van de wijze waarop kosten en baten binnen de stichting zijn toegerekend aan de verschillende activiteiten. Daarbij wordt gekeken naar alle activiteiten die de stichting initieert en/of organiseert, niet alleen naar de drie grote stads evenementen.” (zie bijgevoegde mail) Vraag: Wilt u in onderstaande tabel deze baten/subsidies invullen per activiteit in 2024? Indien dit niet mogelijk is dan graag aangeven waarom niet. Boekenma rkt

Andere activiteite n

2024 DOS Dickens Totaal Baten als tegenprestatie voor leveringen 213.858 Budget subsidie gemeente Aanvullende (budget) subsidie gemeente Provinciale subsidie 193.308 Fonds podiumkunsten 264.393 Overige fondsen 11.924 Sponsorbijdragen 112.220 Totaal NB1 Deze gevraagde verbijzondering is niet hetzelfde als de NB opmerking onder de tabel op pagina 35 van BMC. Antwoord 2: Bijgesloten treft u de kostentoerekening per programmaonderdeel over 2024 aan, zoals door Events Deventer verstrekt als onderdeel van het bestuursverslag. BMC heeft in haar onderzoek beoordeeld of de gehanteerde methode voor het toerekenen van baten en lasten valide is. Daarnaast heeft BMC steekproefsgewijs een aantal aanvullende controles uitgevoerd. BMC ziet geen aanleiding om te veronderstellen dat de kostentoerekening een wezenlijk afwijkend beeld geeft van de werkelijkheid. Events Deventer wijst er tot slot op dat de gepresenteerde doorbelasting onderdeel uitmaakt van de jaarrekening 2024 en daarmee ook is betrokken in de accountantscontrole.

3. Terugkoppeling onderzoeksresultaten (p12) Zijn de onderzoeksresultaten teruggekoppeld met Events dEVENTer voordat het rapport gepubliceerd werd en hebben zij de gelegenheid gehad om hierop te reflecteren? Zo nee, waarom niet? Antwoord 3: Het concept rapport en onderzoeksresultaten zijn voorgelegd aan Events Deventer voor een feitelijk check.

4. Bezoekaantallen “NB Voor alle drie de hiervoor beschreven evenementen geldt dat een validatie/onderbouwing van de door de organisatoren gepresenteerde bezoekaantallen ontbreekt.” (p15) Hoe groot is het risico dat er verkeerde beslissingen over de toekomst van Events dEVENTer worden genomen op basis van de niet gevalideerde bezoekaantallen, die mogelijk niet correct zijn, en welke gevolgen kan dit hebben? Antwoord 4: Zie de opmerkingen van BMC over belang van (aanvullend) markt/publieksonderzoek. Als bijvoorbeeld besloten wordt om meer onderdelen van de drie beeldbepalende stadsevenementen niet langer gratis toegankelijk te laten zijn, dan is dit relevant.

5. Budgetsubsidie gemeente Deventer (p 21) Wordt er door de gemeente een aparte budgetsubsidie gegeven voor het organiseren van Film op de Brink? Zo ja, hoe groot was het subsidiebedrag hiervoor in 2024? Zo nee, hoe wordt Film op de Brink dan bekostigd? Antwoord 5: Er wordt geen structurele subsidie verleend voor deze activiteit. Events Deventer vraagt hiervoor een projectsubsidie aan bij de subsidieregeling Programmasubsidie Cultuur. In 2024 is hiervoor en subsidie van €7500 verstrekt.

6. Bedrijfsvoeringskracht (p 28) “Een (onverhoopte) grote financiële tegenvaller bij een van de drie beeldbepalende stadsevenementen heeft direct invloed op de exploitatie van de andere evenementen.” Betekent dit dat het heffen van entreekosten bij Dickens in 2025 nodig was om financiële tegenvallers bij andere evenementen te compenseren? Zo niet, wat betekent het dan wel? Antwoord 6: Nee, dat kun je niet zo stellen. Het heffen van entree bij het Dickens Festijn in 2025 was niet bedoeld om tegenvallers bij andere evenementen te compenseren. Wat met de passage wel wordt bedoeld, is het volgende. De drie beeldbepalende stadsevenementen worden nu in belangrijke mate vanuit één organisatie en één exploitatie aangestuurd. Daardoor werken financiële mee- en tegenvallers bij één evenement door in de totale bedrijfsvoering. Het Dickens Festijn leent zich, gezien opzet en doelgroep, bovendien relatief het beste voor betaalde toegang. Als de inkomsten uit het Dickens Festijn een structurele pijler vormen in de exploitatie van Events Deventer en die inkomsten vallen (deels) weg, bijvoorbeeld door noodweer, dan heeft dat direct gevolgen voor de financiële ruimte voor de andere twee evenementen.

Juist om die onderlinge afhankelijkheid te verkleinen, is het verstandig te verkennen of de drie evenementen op termijn meer zelfstandig en afzonderlijk van elkaar kunnen worden georganiseerd en gefinancierd, conform BMContwikkelrichting 3

7. Pagina 33: volgens BMC zijn de exploitatietekorten bij de stichting in de periode 2020-2024 en 2025 (prognose) terug te voeren op een drietal factoren. Kan aangegeven worden per factor in hoeverre deze aan de exploitatietekorten per jaar heeft bijgedragen in de periode 2020 – 2024 en 2025 (prognose)? Zo nee, waarom niet? Antwoord 7: Nee, dat is niet goed te kwantificeren. Los van het feit dat dit volgens BMC buiten de scope van het onderzoek valt, zijn de genoemde factoren in de praktijk sterk met elkaar verweven. Zonder uitvoerig, verdiepend onderzoek is het daarom niet mogelijk om per jaar (2020–2024) en voor 2025 (prognose) op een valide manier toe te rekenen welk deel van het exploitatietekort door welke factor is veroorzaakt.

8. Bezoekers en kaartverkoop bij Dickens, zie pagina 36 van het BMC rapport. Hoe zijn de kosten van kaartverkoop bij Dickens van € 80.000 opgebouwd? Graag per kostensoort ook de bedragen vermelden. Antwoord 8: Events Deventer heeft hiervoor voorlopige cijfers over 2025 aangeleverd. Op het moment van schrijven wordt de jaarrekening 2025 nog opgesteld; de definitieve doorrekening van met name de uren (beheerslasten) volgt daaruit. Het onderstaande overzicht betreft daarom een raming zoals opgenomen in de begroting en is nog niet definitief gespecificeerd of verantwoord. Daarbij geldt dat een deel van de kosten opstartkosten betreft die in 2026 lager zullen uitvallen. De kosten van de kaartverkoop (raming 2025) zijn als volgt opgebouwd: Aanvullende en opstartkosten kaartverkoop Dickens Festijn 2025 Programma / activiteitenkosten t.b.v. ticket verkoop Programma Catering & verblijf Materialen Marketing & communicatie Organisatie Veiligheid

€ € -423,00 € -16.028,92 € -4.299,00 € -5.160,96 € -12.540,00 € -38.451,88

Beheerslasten Voorbereidingsuren ticket verkoop Extra uren productionele voorbereiding Extra uren Marketing&communicatie € -40.000,00 Totaal:

€

-78.451,88

9. Is een kostenpercentage van 55% bij de kaartverkoop een marktconform percentage en kan dit toegelicht worden? Antwoord 9: Volgens BMC is een kostenpercentage van circa 50% tot 55% van de kaartopbrengsten in de festivalbranche (outdoor festivals) in algemene zin marktconform. Het gaat daarbij om een kengetal waarbij ongeveer de helft van de recette nodig is voor productiekosten, zoals personeel, materiaal, crowdcontrol, logistiek en vergunningen. Dit kengetal betekent echter niet automatisch dat bij Events Deventer (of bij Dickens in 2025) de andere helft van de kaartopbrengst ook daadwerkelijk “vrijvalt” voor programmering. In de raming van Events Deventer voor 2025 bestaat het grootste deel van de kosten die aan kaartverkoop worden toegerekend juist uit productiekosten en facilitaire kosten (zoals veiligheid, materialen, organisatie en extra uren). In die opbouw is bovendien geen aparte post “programmering” opgenomen die aan de kaartverkoop wordt toegerekend. Daarmee laat de raming voor 2025 vooral zien dat de kaartverkoopopbrengsten in belangrijke mate nodig zijn om de extra organisatie- en productielast van betaalde toegang te dekken, en niet dat er per definitie ruimte ontstaat voor extra programmering. Daarbij geldt nadrukkelijk dat 2025 een opstartjaar was voor betaalde toegang.

Events Deventer geeft aan dat een deel van deze kosten herhalingskosten betreft is en in 2026 naar verwachting aanzienlijk lager zal uitvallen, waardoor het kostenpercentage ten opzichte van de kaartopbrengst gunstiger wordt.

10.Kan uitgelegd worden op grond waarvan BMC voldoende “elasticiteit” ziet om de entreeprijs te verhogen naar € 12,50 incl. BTW? Antwoord 10: Bij evenementen waarvoor entree wordt geheven, is het gebruikelijk dat kosten die direct samenhangen met de kaartverkoop (administratie- en transactiekosten) als aparte toeslag aan de bezoeker worden doorberekend, dus boven op de basisprijs van het ticket. In de praktijk liggen deze kosten doorgaans tussen € 3 en € 6 per ticket. BMC heeft op basis hiervan de volgende redenering gehanteerd: een basisentreeprijs van € 8, vermeerderd met € 3 aan administratiekosten en € 1,50 aan indexering, resulteert in een totale entreeprijs van € 12,50 inclusief btw. Dit acht BMC een verdedigbaar tarief. Daarbij is expliciet aangegeven dat aanvullend publieksonderzoek nodig is om de prijselasticiteit nader te onderbouwen en inzicht te krijgen in de mate waarin bezoekers bereid zijn deze prijs te betalen. .

11.In de berichtgeving van RTV Oost van 6 februari 2026 wordt aangegeven dat er volgens Events dEVENTer naar schatting 50.000 betalende bezoekers waren. In het rapport van BMC is sprake van 26.423 betalende bezoekers. Hoeveel betalende bezoekers waren er werkelijk? Evenementen Deventer moeten op de schop: wat gebeurt er met Dickens en Op Stelten? - Oost Antwoord 11: Dit verschil is te verklaren door het hanteren van verschillende definities en bronnen. Volgens Events Deventer heeft de journalist van RTV Oost de beschikbare documenten en toelichtingen rondom het onderzoek en het Dickens Festijn niet op alle onderdelen juist geïnterpreteerd. Hierdoor bevatte het artikel feitelijke onjuistheden en ontbrak de benodigde nuancering. Events Deventer heeft dit in de dagen na publicatie richting RTV Oost gecorrigeerd. Events Deventer onderscheidt in haar bezoekersregistratie drie categorieën: 1. Bezoekers die entree hebben betaald bij de pin- en cashkassa’s aan het begin van de wachtrij (betaald). 2. Bezoekers met tickets die in de voorverkoop zijn verkocht als arrangement of zijn uitgegeven als guest pass in het kader van sponsoring (betaald en indirect betaald). 3. Bewoners, vroegkomers (bezoekers die vóór het sluiten van de hekken het terrein betreden) en bezoekers met bewonerspassen voor het Bergkwartier (onbetaald; het aantal is geschat en gelijk verdeeld over beide dagen).

Op basis hiervan komt Events Deventer uit op in totaal 52.006 unieke bezoekers. Daarvan zijn 25.709 bezoekers via de pin- en cashkassa’s binnengekomen. In totaal waren er 33.506 betalende bezoekers (pin/cash plus arrangementen en bussen). BMC heeft in haar rapport het aantal betalende bezoekers gebaseerd op een andere bron, namelijk de voorlopige opgave van Events Deventer direct na afloop van het Dickens Festijn over de netto-opbrengst uit de kaartverkoop (€ 145.329). Door dit bedrag te delen door een ticketprijs van € 6 (inclusief btw) komt BMC uit op 26.423 betalende bezoekers. Het verschil tussen deze aantallen wordt verklaard door de aanwezigheid van kinderen onder de 8 jaar, die gratis toegang hadden. Deze bezoekers zijn wel meegeteld in het aantal bezoekers dat via de hoofdentree (kassarijen) is binnengekomen, maar zijn niet meegenomen in de omzet en dus ook niet in de berekening van BMC. Kaartverkoop

Totaal Zat 13

Zon 14

Verkoop Pin&Cash

14.426

11.283

25.709

Verkoop arrangementen en

3.899

3.898

7.797

bussen Bewoners, vroegkomers en bezoek

9.250

9.250

18.500

Totaal:

27.575

24.431

52.006

12.Hoeveel niet betalende bezoekers waren er bij Dickens, hierbij graag per niet betalende bezoekersgroep aangeven om hoeveel bezoekers het ging? Antwoord 12: Zie ook het antwoord bij vraag 11. Op basis van de indeling en schatting van Events Deventer gaat het om 18.500 niet-betalende bezoekers in de categorie “bewoners, vroegkomers en bezoek/relatiebeheer” (geschat en gelijk verdeeld over beide dagen). Kinderen jonger dan 8 jaar hadden gratis toegang.

13.Niet benoemd in het BMC rapport: Het Dickens Festijn is sinds oktober 2024 immaterieel cultureel erfgoed. Dickens Festijn Deventer - Immaterieel Erfgoed Daarmee is het Dickens Festijn meer dan alleen een beeldbepalend evenement, het is ook cultureel erfgoed. Zou hierdoor het Dickens Festijn ook onder erfgoedbeleid kunnen vallen? Zo nee, waarom niet. Antwoord 13: Het Dickens Festijn is sinds oktober 2024 bijgeschreven in het Netwerk Immaterieel Erfgoed Nederland. Dat onderstreept dat het Dickens Festijn niet alleen een beeldbepalend stadsevenement is, maar ook kan worden gezien als een levende erfgoedpraktijk die door een brede gemeenschap wordt gedragen en wordt doorgegeven. Deze bijschrijving betekent echter niet automatisch dat het Dickens Festijn daarmee onder het (juridische) erfgoedbeleid valt zoals dat is vormgegeven in de Erfgoedwet. Die wet richt zich primair op museale collecties en musea, monumenten en archeologie. Voor immaterieel erfgoed bestaat geen vergelijkbaar wettelijk beschermings- of financieringsregime. Dat neemt niet weg dat de status als immaterieel erfgoed beleidsmatig wel relevant is. De gemeente kan het Dickens Festijn in de toekomst desgewenst betrekken in erfgoedbeleid in bredere zin (bijvoorbeeld beleidslijnen rond immaterieel erfgoed), juist omdat het gaat om borging, overdracht en betrokkenheid van inwoners en vrijwilligers.

14.Is er een borgingsplan gemaakt? Zo nee, waarom niet? Antwoord 14: Voor zover bekend is er geen borgingsplan opgesteld. Het Dickens Festijn is sinds oktober 2024 opgenomen in het Netwerk Immaterieel Erfgoed Nederland. Die opname vraagt niet automatisch om een borgingsplan. Een borgingsplan is wél vereist wanneer wordt ingezet op bijschrijving in de Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland. Het opstellen van een borgingsplan ligt primair bij de betrokkenen en de gemeenschap rond het erfgoed: zij maken daarin zichtbaar hoe zij de praktijk willen doorgeven en toekomstbestendig willen maken, en welke acties zij daarvoor ondernemen. Subsidieverstrekkers kunnen ervoor kiezen om een borgings- of continuïteitsplan als subsidievoorwaarde te vragen. Dat volgt echter niet automatisch uit de opname in het Netwerk.

15.Is onderzocht welke extra kansen dit geeft bij het verkrijgen van gelden bij landelijke fondsen zoals bijvoorbeeld het Fonds voor Cultuurparticipatie, het VSBfonds of het Mondriaan Fonds en wat waren het resultaat van dit onderzoek? Zo nee, waarom is dit niet onderzocht? Antwoord 15: Er is geen afzonderlijk, verdiepend onderzoek gedaan naar de extra financieringskansen bij landelijke fondsen als gevolg van de status van het Dickens Festijn als immaterieel erfgoed. De reden daarvoor is dat deze status op zichzelf geen directe of automatische toegang geeft tot specifieke subsidieregelingen en geen structurele financieringsbron vormt voor de reguliere organisatie en exploitatie van het evenement. Wel kan op hoofdlijnen worden vastgesteld dat deze erkenning een sterkere inhoudelijke legitimatie biedt richting fondsen. Daarmee kan worden onderbouwd dat het niet uitsluitend gaat om de financiering van een publieksfestijn, maar ook om de beoefening, overdracht en borging van een levende erfgoedpraktijk die door een brede gemeenschap wordt gedragen. Dit sluit inhoudelijk aan bij doelstellingen van landelijke fondsen op het gebied van cultuurparticipatie, vrijwilligers, educatie en maatschappelijke betekenis.

Voor sommige regelingen, met name bij het Fonds voor Cultuurparticipatie en bij onderdelen van het Mondriaan Fonds die expliciet zien op erfgoedpresentatie en festivals, kan dit perspectief mogelijk aanknopingspunten bieden. Tegelijkertijd geldt dat dergelijke fondsen uitsluitend projectmatig financieren en niet bedoeld zijn voor het afdekken van structurele organisatie- of exploitatiekosten van het Dickens Festijn.

Bijlage bij antwoord 2: kostentoerekening per programmaonderdeel over 2024 aan, zoals door Events Deventer verstrekt als onderdeel van het bestuursverslag

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16618724/2