2025-814-bijlage-Reactienota zienswijzen 29 okt 2025
Tekst van het document
In de fase van de omgevingsvergunning (na vastgesteld Reactienota zienswijzen ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan 17
Oktober 2025
Omgevingsplan) gaan we gedetailleerder beschouwen naar hoe de ontsluiting op de Nieuwe Aanleg eruit komt te zien, bijvoorbeeld qua materialisatie. In de fase van de omgevingsvergunning gaan wij met u in gesprek en komen wij bij u met een voorstel hoe we eventuele lichthinder kunnen beperken. De afstelling van dimlicht van koplampen van auto's is APK-plichtig en de lichtbundel mag nooit hoger zijn dan 80 centimeter na 15 meter afstand, zodat afscherming met een haag relatief goed is te voorkomen. Vanwege de zorgen is het voorstel nu om geen drempel te plaatsen, zodat er geen sprake van zal zijn dat lichtbundels van koplampen omhoog worden geworpen. Wel wordt gedacht aan een alternatieve snelheidsremmer (slinger in de weg) en het verschuiven van de kruising. In de vast te stellen versie van het omgevingsplan zijn de functies Verkeer en Groen dusdanig opgenomen dat nog keuze mogelijk is tussen de oorspronkelijk gedachte kruising en het alternatief. Dit is als ambtshalve aanpassing opgenomen. Bij uitwerking wordt uiteraard ook gelet op andere aanwezige belangen, zoals overzichtelijkheid en veiligheid. 4. Verwezen wordt naar de beantwoording van zienswijze 1 onder punt 2 en zienswijze 2. Bovendien is op meerdere momenten per brief aan indieners vermeld met welke redenen is gekomen tot de keuzes voor ontsluiting. Verwezen wordt naar de beantwoording van punt 1 tot en met 3. 5.
Aangezien een en ander ruimschoots aan de ontwerpuitgangspunten en verkeerscapaciteiten voldoet die daarvoor gelden, is een nader onderzoek niet nodig. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan. Verkeersveiligheid is van groot belang. Verwezen wordt naar de beantwoording onder zienswijze 1 punt 2 en zienswijze 2. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan; 6. Voor de beantwoording over de verkeersaspecten wordt verwezen naar de beantwoording van zienswijze 1 onder punt 2 en zienswijze 2. In aanvulling daarop kan worden vermeld dat: a. De keuze voor 2 ontsluitingen (zonder doorgaande route voor gemotoriseerd verkeer) is gemaakt bij vaststelling van het Ontwikkelperspectief. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan; b. De keuze voor 2 ontsluitingen (zonder doorgaande route voor gemotoriseerd verkeer) komt de verkeersluwheid van het plan ten goede en leidt tot een gespreide verdeling van verkeer op de omgeving. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAMomgevingsplan; c. Een directe ontsluiting op de Boxbergerweg zou leiden tot een onoverzichtelijke kruising. Vanuit oogpunt van verkeersveiligheid en met het oog op doorstroming is dat niet wenselijk.
Bovendien zou kap van de cultuurhistorisch en landschappelijk waardevolle laanbeplanting onvermijdelijk zijn, dat in strijd is met het gemeentelijk beleid en dus niet gewenst is. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan. Conclusie: Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan.
Samenvatting zienswijze 16: 1. Indiener vindt de gekozen bewonerssamenstelling bezwaarlijk. Beantwoording: 1. Opgemerkt wordt dat indiener niet uitlegt waarom de gekozen bewonerssamenstelling bezwaarlijk is. Voor een toelichting op onze overwegingen wordt verwezen naar de beantwoording van zienswijze 5. Conclusie: Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het TAM-Omgevingsplan.
Samenvatting zienswijze 17: 1. Indiener vindt de woontoren van 3 verdiepingen bezwaarlijk. Beantwoording: Reactienota zienswijzen ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan 18
Oktober 2025
Door indiener is niet beargumenteerd waarom 3 verdiepingen voor de woontoren bezwaarlijk is. Voor een toelichting op onze overwegingen wordt verwezen naar de beantwoording van zienswijze 1, punt 3. Conclusie: Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan.
Samenvatting zienswijze 18: 1. Indiener vindt het doortrekken van de weg bezwaarlijk. Beantwoording: Indiener heeft niet aangeduid welke weg het betreft en waarom doortrekking bezwaarlijk is. Bij vaststelling van het Ontwikkelperspectief door de gemeenteraad is bepaald dat 't Nijland twee ontsluitingen krijgt en de locaties daarvan. Op basis van richtlijnen en kentallen en het gemeentelijk beleid is gebleken dat wegen en kruisingen de toekomstige verkeersaantallen ruimschoots kunnen faciliteren. Evenmin leidt dit tot een hoorbaar geluidsverschil op gevels van bestaande woningen. Voor het overige wordt verwezen naar de beantwoording van zienswijze 1 onder punt 2 en zienswijze 2. Conclusie: Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan.
Samenvatting zienswijze 19: 1. Indiener vindt de bewonerssamenstelling bezwaarlijk. Beantwoording: Verwezen wordt naar de beantwoording van zienswijze 16. Conclusie: Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan.
Samenvatting zienswijze 20: 1. Indiener vindt de woontoren van 3 verdiepingen bezwaarlijk. Beantwoording: Verwezen wordt naar de beantwoording van zienswijze 17. Conclusie: Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan.
Samenvatting zienswijze 21: 1. De inzageperiode is naar de mening van indiener één dag te kort; 2. Op het verzoek tot aanvraag van stukken is niet gereageerd. Hierdoor is naar de mening van indiener sprake van onbehoorlijk bestuur; 3. Indiener merkt op dat het grootste deel van de regels niet op het plangebied slaat; 4. Inhoudelijk gezien gaan de documenten volgens indiener niet over keuzes en correspondentie met ontwikkelaars en derden, wat in diens ogen een omissie is en leidt tot onrechtmatigheid; 5. Volgens indiener is sprake van aantasting van een volledige groenbuffer, bossages, agrarische gronden e.d. gelegen tussen de woonbuurt en sportvelden, waardoor naar de mening van indiener het woonklimaat wordt aangetast en sprake is van planschade; 6. Het plan geeft volgens indiener onvoldoende duidelijkheid over de woonbehoefte in relatie tot de inhoud van het plan. Ook een samenhang met de opvang van de woonbehoefte in Deventer wordt gemist; 7. Volgens indiener ontbreken bouwregels; 8. In de plantoelichting ontbreekt naar opvatting van indiener informatie over de participatie en overleg, dat volgens indieners heeft ontbroken.
Reactienota zienswijzen ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan 19
Oktober 2025
Beantwoording: 1. Indiener vermeldt niet op grond van welke gegevens dit zou blijken. De inzageperiode is op grond van artikel 3.16 Algemene wet bestuursrecht (Awb) 6 weken en vangt aan op de dag waarop het ontwerp ter inzage wordt gelegd. Evenwel zou een zienswijze die een dag later wordt ingediend zo nodig ook worden meegenomen in de belangenafweging indien hierover tijdig zou zijn afgestemd. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen aan het plan of de procedure. 2. Hoewel zienswijzen niet per mail mogen worden ingediend, is van indiener een mailbericht ontvangen met verzoek om de toezending van stukken op 14 juli j.l. Om de door verzoeker gewenst informatie zo goed mogelijk te kunnen verstrekken, is aan verzoeker gevraagd om te specificeren welke informatie hij wenst te ontvangen. Op basis van de reactie van verzoeker zijn de door verzoeker opgevraagde stukken op 22 juli j.l. per mail aan verzoeker toegestuurd. Voor de gevraagde informatie betreffende het TAM-omgevingsplan, die reeds online raadpleegbaar is, is verwezen (hyperlink) naar de website van het Omgevingsloket. Indiener ontvangt deze Reactienota en krijgt per brief een uitnodiging om in te spreken bij de raad. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen aan het plan of de procedure. 3. De regels van dit ontwerp TAM-omgevingsplan bestaan deels uit algemene regels.
Ze voldoen aan de wijze waarop een TAM-Omgevingsplan onder de Omgevingswet is opgebouwd. Het ontwerp TAM-Omgevingsplan bevat bovendien locatie specifieke regels en biedt hiermee een adequaat kader voor de beoogde ontwikkeling. Niet vermeld is welke regels naar opvatting van indiener overbodig zijn of geamoveerd kunnen worden. Deze zienswijze leidt dan ook niet tot aanpassing aan het plan. 4. De inhoud van de motivering betreft het plan, zoals te doen gebruikelijk. Gemeente Deventer is de ontwikkelaar. Indiener heeft niet vermeld welke keuzes on(der)belicht zouden blijven dan wel welke motivering wordt gemist. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan; 5. Het plan betreft inderdaad een transitie van een in de basis agrarische grond naar een woonfunctie gelet op de behoefte aan woonruimte. In de motivering is verantwoord waarom het wonen daar op beoogde wijze mogelijk is binnen de kaders die de Wet stelt. Wonen is als nieuwe functie een functie die passend is in aansluiting op bestaand woongebied. Met onderzoeken is onderbouwd dat dat hier ook zo is. Ten aanzien van de door indiener gestelde aantasting van het woonklimaat en de gestelde schade wordt opgemerkt dat de beoordeling van eventuele schade als gevolg van de inwerkingtreding van het omgevingsplan niet in de planprocedure plaatsvindt.
Op grond van de Omgevingswet en de daarin opgenomen regeling voor nadeelcompensatie staat het een ieder vrij, nadat het omgevingsplan onherroepelijk is geworden, een verzoek om nadeelcompensatie in te dienen bij het college van burgemeester en wethouders. Een dergelijk verzoek zal door de gemeente op de daartoe voorgeschreven wijze worden behandeld en beoordeeld; 6. Verwezen wordt naar de beantwoording van zienswijze 5. 7. De Bouwregels zijn onderdeel van de regels. Zo hoort bij Groen bijvoorbeeld Bouwregel-25. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan. 8. Hoofdstuk 5 van de motivering voorziet in een beschrijving van de participatie en het overleg dat heeft plaatsgevonden. In de openbare collegenota is hier eveneens over gecommuniceerd. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan. Conclusie: Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan. Samenvatting zienswijze 22: 1. Deze is inhoudelijk identiek aan zienswijze 21. Beantwoording: Verwezen wordt naar de beantwoording van zienswijze 21. Conclusie: Verwezen wordt naar de conclusie van zienswijze 21. Reactienota zienswijzen ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan 20
Oktober 2025
Samenvatting zienswijze 23: 1. Indieners vrezen gevolgen vanwege deze ontwikkeling op hun woning: a. Lichthinder: indieners vrezen voor permanente verstoring van het huidige donker vanwege verlichtingen en vrezen voor verlies van rust in de avond en nacht. Zij verzoeken om beperking van licht in het plan (door bijv. geen standaard straatverlichting of alleen ‘donkertevriendelijke’ verlichting aan te wenden); b. geluidoverlast, door meer activiteiten is er volgens indieners voortdurend geluid in een gebied waar het nu stil is. In de plannen ontbreken gegevens over de toename geluid op de woning van indieners; c. verlies van privacy; de vrij gelegen woning van indieners wordt straks omgeven door de nieuwe wijk, waarmee verlies aan uitzicht en privacy wordt gevreesd. Verzocht wordt om de aanleg van effectieve groenbuffers; d. verstoring van natuurwaarden; e. de positionering van de doorgaande route tussen de twee plandelen; indieners zijn van mening dat het plan met de voorgenomen ontsluiting leidt tot meer verkeersdruk en geluid vlak bij hun erf met een gevoel van inklemming tot gevolg. Indieners verzoeken om de doorgaande route verder van hun perceel af te situeren en om ervoor te zorgen dat het geen mogelijkheid geeft tot het ontstaan van een ‘hangplek’. 2.
Indieners zijn van mening dat de bestaande weg die hun perceel ontsluit, in slechte staat is (veel gaten, losliggende stukken, slechte toegankelijkheid). Het groen is volgens hen hier aan weerszijden niet onderhouden. Als voorbeeld noemen indieners overhangende takken met scherpe stekels en met krassen op auto’s en kapotte kleding als gevolg. De indieners verzoeken dat het onderhoud van de bestaande weg en het bestaande groen zo spoedig mogelijk wordt opgepakt en wordt opgenomen in het plan, met vernieuwde verharding, verbeterde toegankelijkheid. Behoud van groen als landschappelijke inpassing vinden indieners gewenst. Beantwoording: 1. Voor het plangebied wordt met het TAM-omgevingsplan een verandering van functie mogelijk. In de motivering (voorheen toelichting) van dat plan is beschreven waarom voldaan wordt aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. a. De civieltechnische uitwerking vindt plaats in de fase van de omgevingsvergunning, nadat het TAM-omgevingsplan is vastgesteld. De suggestie van indiener wordt meegewogen in de beheergroep. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan; b. De planontwikkeling betreft een verandering van agrarisch naar wonen in een relatief groene en dorpse setting, waar woonstraten vanzelfsprekend onderdeel van uitmaken. Dit is een functie die zich niet op gespannen voet verdraagt met wonen.
Voor de toename van verkeersgeluid afkomstig van de bestaande aangrenzende wegen is een onderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat sprake kan zijn van een toename van verkeersgeluid, maar in die beperkte mate dat dit ter hoogte van de gevel van de woning voor het menselijk oor niet waarneembaar is. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan; c. In het TAM-omgevingsplan is op bedoelde plaatsen voorzien in Groen. In het Masterplan zijn met het oog op het gewenste beeld van het groen uitgangspunten opgenomen met betrekking tot de invulling/inrichting van groen (zoals bosplantsoen), waarvoor afstemming heeft plaatsgevonden met de beheergroep. De civieltechnische uitwerking vindt plaats in de fase van omgevingsvergunning. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het omgevingsplan; d. Ten behoeve van het plan heeft ecologisch onderzoek plaatsgevonden. De beoogde ontwikkeling vormt geen belemmering voor de ecologie. De rapportages zijn bijgevoegd als bijlage bij het omgevingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het omgevingsplan; e. In het omgevingsplan is geen sprake van een doorgaande route voor gemotoriseerd verkeer. Wel zijn diverse fiets- en voetpaden voorzien, waaronder een pad tussen beide Reactienota zienswijzen ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan 21
Oktober 2025
plandelen dat ook dient als calamiteitenstrook. Deze is als een boog op enige afstand van de vrije woning en kavel getekend, en in de ontwerpfase is de afstand na opmerkingen nog licht vergroot en op die manier opgenomen in het Masterplan. Mede vanwege die afstemming is het tracé zoals gecommuniceerd vastgelegd in het Omgevingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het omgevingsplan; 2. Indien sprake is van een niet-private weg, zoals hier het geval is, valt het onderhoud en beheer aan de gemeente. De betreffende weg valt zelf buiten het plangebied en dit is geen zaak van het TAM-omgevingsplan. Ten zuiden van de weg zal, in het bestemmingsvlak Groen, beplanting worden toegevoegd, waarvoor de Beheergroep, zoals voor het hele plan, de beheerbaarheid toetst. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het omgevingsplan. Conclusie: Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het TAM-omgevingsplan.
Reactienota zienswijzen ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan 22
Oktober 2025
3
Ambtshalve wijzigingen
De regels, verbeelding en de motivering van het ontwerp TAM-Omgevingsplan zijn nogmaals gecontroleerd. Hieruit komen enkele omissies naar voren, die hersteld dienen te worden: A. “Melchior van Brielstraat ong., ’t Nijland” is de formele naam van dit plan geworden; B. Voor de beoogde flexwoningen uit het ontwerp TAM-Omgevingsplan is een hogere nokhoogte opgenomen, die beter aansluit bij een levensloopbestendige, gebruiksvriendelijke woning in combinatie met een zadelkap met lage goot. Doordat de wijziging slechts geldt voor de hoogte van de nok, is de impact op het beeld beperkt, mede omdat de nok lager blijft dan de maximale hoogte die voor de andere woningen is opgenomen. De nokhoogte is bepaald op 9,25 m in plaats van 8 m; de goothoogte blijft bepaald op 3,2 m; C. Naar aanleiding van de beoordeling door de ODIJ: het akoestisch rapport wegverkeer is aangepast, waarbij het onderzoek: a. is gebaseerd op het concrete maximumaantal van 78 woningen en het concrete plan conform de verbeelding; b. dezelfde verkeerscijfers gebruikt als de cijfers die zijn verstrekt voor het stikstofonderzoek aan SAB; c. is gebaseerd op verkeersintensiteiten die zijn afgestemd met de Deventer verkeerskundige voor de Melchior Van Brielstraat en de Nieuwe Aanleg. D.
Naar aanleiding van de integrale beoordeling door de Omgevingsdienst IJsselland (ODIJ): In het rapport Geluid wegverkeer is meer specifiek ingaan op de verkeersaantrekking van het concrete plan in relatie tot de verandering van geluid op de gevels van bestaande woningen. Deze verandering blijkt zeer gering (onhoorbaar). Voor het geluid van de sportvelden: in de motivering is visueel gemaakt dat de genoemde afstanden kloppen. E. In de Motivering onder Hoofdstuk 6 “juridische aspecten” is vermeld dat bij alle rijtjeswoningen rondom de twee hofjes specifieke op het plan toegesneden regels zijn gehanteerd (in afwijking van de Deventer standaard) en waarom. Het gaat om de 'specifieke bouwaanduiding bijgebouwen 2', waarmee voor de relatief kleine tuinen andere regels gelden voor erfbebouwing. F. In artikel 23.1.1. staan woningbouwcategorieën vermeld. In sublid b is bepaald dat niet minder dan 36% van de woningen als betaalbare koopwoning dient te worden gebouwd. Dat percentage wordt aangepast naar 30%. Een nieuw sublid c wordt ingevoegd met de tekst: c. niet minder dan 6% van de woningen dient te worden gebouwd als sociale koopwoning; Het sublid c. uit het ontwerp TAM omgevingsplan (over vrije sector woningen) wordt geschrapt. G.
Op de verbeelding is het verloop van Verkeer en Groen aan de zijde van De Nieuwe Aanleg dusdanig aangepast, dat een alternatieve inrichting van de kruising mogelijk is zonder dat hiervoor een afwijking of procedure nodig is. Voor een overzicht van de concrete wijzigingen wordt verwezen naar hoofdstuk 1. Het bestuur wordt voorgelegd het omgevingsplan gewijzigd vast te stellen en de procedure voort te zetten. De besluiten voldoen aan de eisen die de wet stelt en zijn zorgvuldig tot stand gekomen. De opzet van het plan blijft voor het overgrote deel ongewijzigd. Om die reden behoeft het plan niet opnieuw in ontwerp te worden gepubliceerd en ter inzage te worden gelegd.
Reactienota zienswijzen ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan 23
Oktober 2025
4
Overlegreacties ontwerp TAMOmgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan
In het kader van het vooroverleg is het ontwerp TAM Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ‘t Nijland verzonden aan de Provincie Overijssel en het Waterschap Drents Overijsselse Delta. Hierop zijn geen reacties ontvangen. Aangezien met de Provincie en het Waterschap is afgestemd gaandeweg het proces, is ondanks dergelijke specifieke reacties uitgangspunt dat zij kunnen instemmen met de doelen en inhoud van dit plan. Overlegreactie Omgevingsdienst IJsselland 1. Het akoestisch rapport wegverkeer is aangepast, waarbij het onderzoek: a. is gebaseerd op de 78 woningen en het concrete plan zoals weergegeven op de verbeelding; b. dezelfde verkeerscijfers zijn gebruikt, die zijn verstrekt voor stikstof aan SAB; c. de Deventer verkeerskundige heeft ingestemd met de intensiteiten op de Van Brielstraat en Nieuwe Aanleg. 2. Naar aanleiding van de integrale beoordeling door de Omgevingsdienst IJsselland: In het rapport Geluid wegverkeer is meer specifiek ingaan op de verkeersaantrekking van het concrete plan in relatie tot de verandering van geluid op bestaande woningen. Er blijkt geen sprake van een toename van geluid op gevels van bestaande woningen van >1,5 dB, waarmee het niet nodig is maatregelen te treffen. Voor geluid sport: in de motivering is visueel aangetoond dat de afstanden kloppen.
Reactienota zienswijzen ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan 24
Oktober 2025
BIJLAGE 1. GEGEVENS INDIENERS ZIENSWIJZEN
Reactienota zienswijzen ontwerp TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22o ’t Nijland Diepenveen en beeldkwaliteitplan 25
Oktober 2025