2025-463 Reactiebrief college aan Adviesraad Natuur en Milieu mei 2025
Tekst van het document
Grote Kerkhof 1 Postbus 5000 7400 GC Deventer 14 0570 telefoon
Adviesraad Natuur en Milieu T.a.v. dhr. K. van Koppen, secretaris
direct telefoonnummer
DEV-BLD/ 2025-463 kenmerk
27 mei 2025 uw referentie
datum
Reactie op advies Adviesraad Natuur en Milieu naam
onderwerp
Geachte Adviesraad Natuur en Milieu, Hartelijk dank voor uw advies over het Biodiversiteitsplan. Met deze brief geven wij graag toelichting geven op de door u gegeven adviezen. Hieronder volgt puntsgewijs een reactie: 1. Advies: Het is goed dat er een Biodiversiteitsplan voor de gemeente Deventer in de maak is. Als Adviesraad Natuur en Milieu ondersteunen wij dat van harte en we kunnen ons goed vinden in de beoogde doelen en maatregelen die in het Concept Biodiversiteitsplan genoemd worden Reactie: Hartelijk dank voor uw steun. 2. Advies: De ‘case’ voor biodiversiteit. Hiermee bedoelen we de motieven en belangen die de reden zijn waarom we actie ondernemen. De inleiding besteedt relatief veel aandacht aan de omschrijving van biodiversiteit, maar er wordt weinig gezegd over het belang voor de Deventer burgers en de Deventer economie. In de paragraaf over het belang van biodiversiteit gaat het vooral over reguleringsfuncties en weinig over de culturele waarden van natuur. Een natuurrijke stad bevordert de geestelijke en lichamelijke gezondheid niet alleen door het filteren van fijnstof, maar vooral ook door het bieden van een mooie en aantrekkelijke omgeving, waar mensen van genieten, waar zij ontspanning vinden en die uitnodigt tot buitenactiviteiten. Bovendien is een natuurrijke woon- en werkomgeving van belang voor de sociale en economische aantrekkelijkheid van Deventer.
Biodiversiteit ondersteunt de economie en er is dus ook een ‘business case’. Ons advies is om dit duidelijker naar voren te laten komen. Reactie: Mee eens. We zullen dit opnemen in de definitieve versie van het Biodiversiteitsplan
www.deventer.nl
3. Advies: De looptijd. Het Biodiversiteitsplan wordt voor tien jaar vastgesteld (2025-2035). Biodiversiteit blijft in beweging en acties zijn nodig op kortere termijn, dus we begrijpen dat deze periode is gesteld op 10 jaar en niet parallel is getrokken met de periode voor het nieuwe Omgevingsplan. Anderzijds vormt het Biodiversiteitsplan wel de basis voor de natuurvisie op de lange termijn in het Omgevingsplan. Ons advies is om dit ook bij de looptijd duidelijk te maken door kort aan te geven dat de ambities voor behoud en versterking van biodiversiteit op langere termijn geborgd zullen worden in met name het Omgevingsplan. Reactie: Wij zijn het hiermee eens. Dit gaat toegepast worden in het volgende concept van het Biodiversiteitsplan. 4. Advies: Het idee van ambassadeursoorten bij de verschillende landschapstypen ondersteunen we, zowel voor monitoring en beheer als voor communicatie en educatie. Maar de lijst van ambassadeursoorten vinden wij iets te beperkt. Een soortgroep zoals vleermuizen heeft het nu zwaar vanwege de energietransitie, is aansprekend voor burgers, en zou dus ook een plekje in deze lijst verdienen. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de egel, waarvoor de toegankelijkheid van tuinen extra aandacht verdient.
Ons advies is om per landschapstype ambassadeursoorten vanuit een breed soortgroepspectrum aan te wijzen; dus niet enkel flora en insecten, maar ook zoogdieren, vogels, amfibieën (denk ook aan paddentrek) en reptielen. Hieronder volgt een voorzet tot uitbreiding van de lijst (vetgedrukt), mede tot stand gekomen met input van de KNNV Deventer. De uiteindelijke selectie laten we graag aan de Deventer stadsecologen. •
Stedelijk gebied: Boomhommel, Huismus, Muurleeuwenbekje, Klein glaskruid, Gierzwaluw, Muurbloem, Rosse metselbij, Vosje (de bij), Gewone dwergvleermuis, Egel • Jong ontginningslandschap: Bruin blauwtje, Grasklokje, Grijze zandbij, Grasbij • Uiterwaardenlandschap: Grasmus, Weidegeelster, Engelse alant, Klein vlooienkruid, Sikkelklaver, Zeearend, Haas • Buitenplaatsen: Gewone vogelmelk, Oranjetipje, Look-zonder-look, Holwortel, Boommarter, Franjestaart, Groene specht • Maten en flierenlandschap: Kamsalamander, Gevlekte rietorchis, Bandheidelibel, Kruipend moerasscherm, Parnassia, Kleine ijsvogelvlinder • Esdorpen- en kampenlandschap: Das, Gewone brem, Meidoornzandbij, Beemdkroon, Pinksterbloem Reactie: Wij leveren de definitieve lijst van ambassadeurssoorten aan bij NLadviseurs om verwerkt te worden in het definitieve rapport. Hierbij zullen we gebruik maken van de hierboven voorgestelde lijst. 5. Advies: In paragraaf 5.1, Bescherming en herstel, wordt de muurbloem, terecht, als succes opgevoerd. Lezers van het plan zullen zich wellicht ook de recente abusievelijke verwijdering van de muurbloem op de stadsmuur bij Mimik herinneren. De gemeente heeft dit geëvalueerd, processen worden hierop verbeterd en er wordt samen met de KNNV Deventer aan herstel gewerkt.
Wellicht is het goed om dat hier ook te benoemen, mede om te onderstrepen dat de verbetering van de uitvoering van het beheer veel aandacht krijgt. Reactie: Dit is een goed punt. We zullen dit opnemen in de definitieve versie van het Biodiversiteitsplan. 6. Advies: Hoofdstuk 5 presenteert lijsten van maatregelen bij de 3 ambities. De indruk die deze lijsten op het eerste oog geven is dat er een hele reeks van nieuwe, soms kostbare maatregelen op de rol staat. Maar een belangrijk deel van de maatregelen maakt nu al deel uit van beheer. Ook kunnen vraagtekens geplaatst worden bij sommige budgetindicaties. Het is niet aan de Adviesraad om dat in detail uit te werken, maar het lijkt ons goed om een en ander genuanceerder aan te geven
om reacties als ‘onhaalbaar’ en ‘onbetaalbaar’ vóór te zijn. Er zullen wellicht ook voorbeelden te vinden zijn die laten zien dat biodiversiteitsbehoud soms goedkoper is dan ‘business as usual’. Reactie: Mee eens. We zullen dit opnemen in de definitieve versie van het Biodiversiteitsplan 7. Advies: In de ambitietabel wordt ingezet op de monitoring van soorten, iets wat wij ondersteunen. Maar voor een effectief beleid is het ook belangrijk om te kijken naar de oorzaken van het al dan niet floreren van soorten. Wij adviseren daarom om in de monitoring ook te kijken naar functionaliteit en effectiviteit van natuurinclusieve voorzieningen voor fauna en flora, zodat we beter inzicht krijgen in wat goed en wat minder werkt. Wat betreft de ambassadeursoorten zou het goed zijn om de habitateisen concreet uit te werken en mee te nemen in monitoring en beheer [3]. Reactie: Mee eens. We zullen dit opnemen in de definitieve versie van het Biodiversiteitsplan 8. Advies: Ambitie 3 gaat over bewustwording en betrokkenheid van de Deventer gemeenschap. We missen hier een expliciete vermelding van de Ulebelt. De Ulebelt geldt landelijk als één van de meest succesvolle centra voor natuur en duurzaamheid. Het vervult al lange tijd een spilfunctie als het gaat om bewustwording en participatie. Ons advies is om bij Bestuursakkoord (p.
40) toe te voegen: “De gemeente ondersteunt organisaties die zich hiervoor inzetten, waaronder met name de Ulebelt, die op dit gebied al jarenlang een sleutelrol vervult.” Of een zinsnede van gelijke strekking. Op die manier maakt het Biodiversiteitsplan ook concreet dat behoud en bewustwording een gezamenlijke opgave is voor gemeente en betrokken organisaties. Reactie: Mee eens. We zullen dit opnemen in de definitieve versie van het Biodiversiteitsplan
Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Burgemeester en wethouders van de gemeente Deventer, de secretaris, de burgemeester,
J.P. Wassens Bijlagen
R.C. König