2025-387 Risicomanagement - Notitie risiconorm en weerstandsvermogen 2025 - versie 26-09-2025
Tekst van het document
www.deventer.nl
Notitie risiconorm en weerstandsvermogen | September 2025 Bijlage bij raadsvoorstel Beleidsnota Risicomanagement
Toelichting op de bepaling van de weerstandsratio In deze notitie wordt ingegaan op een van de wijzigingen in de Beleidsnota Risicomanagement 2025, namelijk de bepaling van de weerstandsratio. De achtergrond hiervan wordt in deze notitie verder toegelicht en bevat tevens een uitwerking van de nieuwe berekening. Weerstandsratio Het weerstandsvermogen is het vermogen om risico’s op te vangen, indien ze zich voordoen. De gemeente vangt risico’s op met de weerstandscapaciteit (reserves, begrotingsruimte, belastingcapaciteit). In het huidige beleid (Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2014 en Beleidsnota reserves en Voorzieningen 2014) wordt alleen de specifieke weerstandsreserve meegewogen in de weerstandscapaciteit. De hoogte van deze reserve wordt gebaseerd op de analyse van de risico’s waarvan de kans en impact zijn te berekenen of te schatten (kwantificeerbaar) en vervolgens verhoogd met de ‘minimumnorm’ die is gebaseerd op de ozb en gemeentefondsinkomsten (totaal ongeveer €5 miljoen) en verlaagd met de begrotingsruimte en belastingcapaciteit. Als de risico’s stijgen zal een beroep gedaan (moeten) worden op de generieke weerstandsreserve. De generieke weerstandsreserve wordt daarnaast ingezet voor het opvangen van risico’s die niet zijn gekwantificeerd.
Toevoeging rentevoordelen aan de weerstandsreserves De generieke weerstandsreserve heeft niet alleen de functie van algemene reserve, maar is ook een egalisatiereserve van verschillende ontwikkelingen in de exploitatie en balans: • Wijzigingen in de omslagrente (structurele effecten) • Voor- en nadelen treasury (renteresultaat) • Voor- en nadelen grondexploitaties • Verkoop vastgoed (incidentele effecten) De voordelen van de lagere omslagrente wordt berekend op basis van een omslagrente uit 2017, die toen 4% bedroeg. Deze methodiek beschermt het begrotingsresultaat voor een stijging van de omslagrente. Door deze methodiek is de begrotingsruimte structureel. Bezwaren Deze methodiek kent een aantal bezwaren: • De weerstandsratio is de verhouding risico’s ten opzichte van de weerstandscapaciteit. Deze wordt in de huidige methodiek gelijk gehouden aan 1, en verliest daardoor betekenis. Als deze altijd gelijk is aan 1 heeft het geen signaalwaarde over het weerstandsvermogen. • De (minimale) hoogte van de generieke weerstandsreserve is niet gerelateerd aan de risico’s van de gemeente, maar als de risico’s stijgen wordt deze reserve daarvoor wel ingezet. Nieuwe methodiek Om de genoemde bezwaren weg te nemen, wordt het weerstandsvermogen en de weerstandsratio gebaseerd op de gehele algemene reserve. Dit is het totaal van de specifieke en generieke weerstandsreserve.
Hiermee worden de specifieke en generieke weerstandsreserve omgevormd tot één; (de) algemene reserve. Dit leidt tot een nieuwe norm voor de weerstandsratio en deze is minimaal 1,5. Voor de weging van de uitkomst wordt een richtlijn in de beleidsnota Risicomanagement 2025 opgenomen, waarbij een ratio van 1,5 als voldoende wordt gekwalificeerd.
pag. 2/4
Nadere toelichting Definities Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare en benodigde weerstandscapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit daarvoor bestemde reserves en structurele begrotings- en investeringsruimte. De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald door de uitkomst van een risicoanalyse. Een risicoanalyse omvat gebeurtenissen met onzekerheden, gevolgen, beheersmaatregelen de effectiviteit ervan. Risico’s worden gekwantificeerd op basis van de kans van optreden en als impact op de beleidsdoelen. De weerstandsratio is de verhouding tussen de beschikbare en benodigde weerstandscapaciteit. In de oude systematiek werd alleen de specifieke weerstandsreserve betrokken bij deze berekening. De ratio krijgt meer zeggenschap als duidelijk wordt hoeveel de totale beschikbare weerstandscapaciteit is, namelijk de gehele algemene reserve. Wijziging systematiek In de beleidsnota Risicomanagement 2025 wordt het weerstandsvermogen gebaseerd op de gehele algemene reserve, d.w.z. de specifieke + de generieke weerstandsreserve. Welke ratio de norm wordt is afhankelijk van de risicobereidheid. Lage risicobereid (risico-avers) leidt tot een hoog na te streven ratio, hoge risicobereidheid tot een lage norm. Dit is typisch een vraag voor de raad, in het kader van het budgetrecht.
Weging en uitkomst Voor de weging van de uitkomst is de volgende indeling een richtlijn: Uitkomst ratio
Oordeel
Kwalificatie
Hoger dan 2
Ruim voldoende
Ruime dekking
Tussen 1,5 – 2
Voldoende
Gezonde dekking
Tussen 1 – 1,5
Matig
Minimale dekking
Lager dan 1
Onvoldoende
Zeer kwetsbaar
Ontwikkeling 2019-2024 Om een beeld te krijgen van de ratio’s op basis van de volgens deze nieuwe methode berekend op basis van de jaarrekeningen van de afgelopen jaren. Omdat we in het verleden de Monte Carlo analyse met een andere zekerheidsinterval hebben uitgevoerd, kunnen we geen beeld geven van de historische uitkomsten op basis van de nieuwe methode. De volgende grafiek laat de ratio zien op basis van de oude methode, om te zien wat de verhouding is tussen de totale algemene reserve en de oude risicoreserve (specifieke weerstandsreserve).
pag. 3/4
De ratio beweegt zich tussen de 1,2 en 3,6 (rechter as). De laatste jaren laten een ruime marge zien, terwijl in 2019 de algemene reserve de risico’s nog maar net dekte. Ontwikkeling in de begroting 2026 In de begroting hebben we de nieuwe methodiek toegepast. In de nieuwe methode wordt er geen minimumnorm (2% AU en OZB) aan de risico’s toegevoegd. Ook wordt niet 90% maar 95% als zekerheidsinterval gekozen in de Monte Carlo analyse. Daarnaast zijn in de begroting 2026 de volgende wijzigingen doorgevoerd: • •
•
Actuele standen algemene reserve en beschikbare begrotingsposten (onvoorzien en stelposten). Een nieuwe risicoanalyse is uitgevoerd: o verschuivingen van risico’s binnen grondexploitaties o een aantal risico’s zijn nieuw of vervallen. De nieuwe methode is toegepast; geen minimumnorm en een hoger zekerheidsinterval.
De uitkomst van deze risicoanalyse De weerstandsratio is bij deze stand van de algemene reserve is 3,7 – “ruim voldoende”. De ondergrens voor de algemene reserve is €19 miljoen (weerstandsratio van 1,5). Dit is hoger dan op basis van de oude methode die op ongeveer 17 miljoen uit was gekomen.
pag. 4/4