2025-386 ASDD - Advies WMO beleidsplan
Tekst van het document
Aan het College van B&W van de gemeente Deventer Postbus 5000 7400 GC Deventer
Onderwerp: Advies op WMO Beleidsplan 2025 - 2030
Deventer, 28 april 2025
Geacht college,
Met veel interesse hebben wij het WMO-beleidsplan gelezen. Het is goed om te zien dat eerdere opmerkingen en suggesties hierin verwerkt zijn. Ook zien we dat de aandachtspunten uit het cliëntervaringsonderzoek WMO 2024 een plek hebben gekregen in het plan. Dit toont betrokkenheid bij het luisteren naar en oplossen van problemen die door inwoners zijn aangedragen. Hoewel het plan op veel vlakken sterk is, willen we graag enkele aanvullende punten delen. Inhoud en lengte Het beleidsplan is uitgebreid, wat goed is voor volledigheid, maar het zou gebaat zijn bij meer beknoptheid om de leesbaarheid en toegankelijkheid te vergroten. Begrote financiën De financiële vooruitzichten suggereren een grote mate van precisie over meerdere jaren. Het is echter belangrijk om aan te geven dat deze begrotingen indicatief zijn en gevoelig kunnen zijn voor toekomstige variabiliteit. Hulp en herstel In de ggz is lang het mantra geweest dat 'herstellen doe je thuis'. Bij de WMO adviseren wij om te voorkomen dat eenzelfde benadering wordt gehanteerd. Voor een effectieve aanpak is het belangrijk om maatwerk te leveren dat aansluit bij de unieke situatie en behoeften van iedere inwoner. Preventie Het voorkomen van hulpvragen is essentieel. Meer aandacht voor preventie, zoals voorlichtingscampagnes en eenvoudige ondersteuning in de buurt, kan hierbij helpen.
Daarnaast kan de overgang van de Jeugdwet naar de WMO en WLZ soepeler worden gemaakt door al vanaf 17,5 jaar vaste WMO-consulenten te betrekken. Dit biedt jongeren en hun families tijdige begeleiding en meer vertrouwen. Beschermd wonen en verlengde jeugdzorg Jongeren moeten beter geïnformeerd worden over wat deze voorzieningen inhouden. WMOconsulenten kunnen hierin een rol spelen, bijvoorbeeld door aanwezig te zijn bij evaluaties of informele gesprekken. Sterke wijken en buurten kunnen preventief worden ingezet om problemen te
voorkomen. Nieuwe inwoners kunnen direct in contact worden gebracht met betrokken contactpersonen en gemeenschapsruimtes, waardoor ontmoeting en sociale cohesie wordt gestimuleerd. Zelfredzaamheid en communicatie Zelfredzaamheid en regie over het eigen leven zijn cruciaal. Dit moet duidelijk naar voren komen in het beleid, gezien de positieve impact hiervan op het welzijn van individuen. Het gebruik van eenvoudige en creatieve communicatiemiddelen kan helpen om complexe thema’s begrijpelijk te maken. Informatievoorziening en motivering Inwoners die contact hebben met het WMO-loket moeten een schriftelijke, gemotiveerde reactie krijgen, zoals ook besproken in de gesprekken met ASDD-leden in 2024. Dit zorgt ervoor dat inwoners duidelijk weten waar ze aan toe zijn, wat ze moeten doen en een bewijs hebben van hun contactmoment. Mobiliteit Tot slot waarderen wij het hoofdstuk over mobiliteit. Wel kan het duurzame aspect, zoals het delen van hulpmiddelen zoals scootmobiels en driewielers, verder worden benadrukt. Dit initiatief kan in de toekomst worden uitgebreid. Het beleidsplan vormt een sterke basis. Wij hebben vertrouwen in de verdere uitwerking van deze punten en denken graag met u mee.
Met vriendelijke groet,
Mw. J. Santbergen, onafhankelijk voorzitter
CC aan: S. van Oijen, L. Lablans en M. Kamphuis
Dhr. H. Loderus vicevoorzitter