CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-376 Raadsvoorstel Het onderbrengen van RJS IJsselland bij GGD IJsselland

Raadsvergadering 21 mei 2025, gemeente DeventerBij agendapunt: Het onderbrengen van RSJ IJsselland bij GGD IJsselland1.983 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Onderwerp

:

Portefeuillehouder Voorstelnummer Datum B en W besluit Team

: : : :

Het onderbrengen van RJS IJsselland bij GGD IJsselland en daarmee de GR RSJ te beëindigen en de GR GGD te wijzigen. Wethouder Duursma,Wethouder De Geest, 2025-376 6-05-2025 DEV-BLD-MO

Inleiding De gespecialiseerde jeugdhulp wordt sinds 2015 regionaal door de 11 IJssellandse gemeenten ingekocht. In 2017 hebben deze 11 gemeenten met een gemeenschappelijke regeling het Regionaal Serviceteam Jeugd IJsselland (RSJ) in het leven geroepen. Het RSJ is belast met de inkoop van diensten in het kader van de specialistische jeugdzorg, contractmanagement, monitoring en uitvoering van regionale inhoudelijke thema’s. Het gaat om een voor de gemeenten belangrijke taak: in 2024 had de inkoop een contractwaarde van €170 miljoen en de manier waarop inkoop en contractmanagement invulling krijgen, is mede bepalend voor beleidsdoelen voor (de transformatie van) de jeugdzorg. Daarnaast voert RSJ procesregie op regionale en bovenregionale thema's en samenwerking, waaronder de regiovisie en Hervormingsagenda jeugd. Over taak, besturing en inrichting van RSJ is de afgelopen jaren regelmatig gesproken. Aanleiding daarvoor waren onduidelijkheden in de taak- en rolverdeling tussen gemeenten en RSJ, belemmeringen in de governance en de kwetsbaarheid van de organisatie. Dit in de context van een veranderend werkveld (onder meer door de Hervormingsagenda en het Toekomstscenario jeugd- en gezinsbescherming en de financiële druk op de gemeentebegrotingen). In 2024 zijn twee belangrijke conclusies getrokken uit de gesprekken.

In de eerste plaats is het takenpakket van RSJ opnieuw vastgesteld. In de tweede plaats heeft het bestuur van RSJ op basis van het advies "Naar robuuste regionale samenwerking!" het principebesluit genomen om de kwetsbaarheid van de organisatie te verkleinen door een fusie tussen RSJ en GGD. Hierbij wordt opgemerkt dat er verschillende scenario's zijn onderzocht voordat het principe besluit is genomen. Na het principebesluit is er een nadere verkenning uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat de beoogde versterking van RSJ IJsselland door de fusie met GGD IJsselland inderdaad kan worden gerealiseerd en dat de taken van RSJ binnen de GGD kunnen worden belegd met behoud van de waardevolle elementen in de verhouding tussen gemeenten en RSJ, met bovendien inhoudelijke en organisatorische synergievoordelen.

Raadsvoorstel Geen zienswijze in te dienen op het voorgenomen besluit om de gemeenschappelijke regeling Regionaal Serviceteam Jeugd IJsselland op te heffen en de taken onder te brengen bij de gemeenschappelijke regeling GGD IJsselland – zoals opgenomen in bijgaand ontwerpbesluit – op de voorgenomen besluiten tot: 1. opheffing van de gemeenschappelijke regeling RSJ IJsselland; 2. het verlenen van instemming aan het concept-liquidatieplan voor het RSJ IJsselland; en 3. vaststelling van de zevende wijziging van de Gemeenschappelijke regeling GGD IJsselland.

Kern raadsvoorstel Het bestuur van het RSJ heeft op basis van het advies "Naar robuuste regionale samenwerking!" het principebesluit genomen om de kwetsbaarheid van de organisatie te verkleinen door een fusie tussen RSJ en GGD. Door een fusie met GGD wordt het RSJ onderdeel van een stabiele en robuuste regionale organisatie, die eigendom is van dezelfde gemeenten en waar de bedrijfsvoering goed staat. De fusie biedt kansen op inhoudelijke synergie tussen jeugdhulp en

jeugdgezondheidszorg en op vermindering van de bestuurlijke druk. De eerste stap voor instemming met de voorgenomen fusie is door de besluiten tot opheffing van RSJ IJsselland, het concept-liquidatieplan RSJ IJsselland en de de zevende wijziging van de GR GGD IJsselland voor een zienswijze aan de gemeenteraad voor te leggen.

Beoogd resultaat Door een fusie met GGD wordt het RSJ onderdeel van een stabiele en robuuste regionale organisatie, die eigendom is van dezelfde gemeenten en waar de bedrijfsvoering goed staat. De fusie biedt kansen op inhoudelijke synergie tussen jeugdhulp en jeugdgezondheidszorg en op vermindering van de bestuurlijke druk.

Kader * Gemeenschappelijke Regeling RSJ. * Gemeenschappelijke Regeling GGD IJsselland.

Argumenten ten behoeve van de raad Argumenten voor: 1. De notitie ‘Samen robuust’ biedt gedegen argumenten en kader voor de overgang van RSJ naar GGD. De notitie ‘Samen robuust’ is door management van GGD en RSJ gezamenlijk opgesteld. In dit document wordt uitgewerkt hoe de integratie binnen GGD IJsselland (GGD) wordt vormgegeven. In dit document wordt ingegaan op waar de kansen liggen en hoe de eerder gesignaleerde aandachtspunten kunnen worden geadresseerd. Het fusiedocument behandelt de visie op inhoudelijke synergie tussen taken van RSJ en GGD en de sturing daarop, de incidentele en structurele effecten op de begroting, een passende governancestructuur voor de sturing en samenwerking met gemeenten, de organisatorische consequenties van de inbedding van RSJ in de GGD-organisatie en een doorkijk naar de financiële effecten. Het document bevat de bestuurlijke hoofdlijnen en kaders voor de verdere ontwikkeling, die in overleg tussen GGD, RSJ en gemeenten nader wordt ingevuld. 2. Door de overgang naar GGD IJsselland wordt de robuustheid van RSJ versterkt en geborgd. Het RSJ kan door inbedding in de GGD robuuster worden georganiseerd. Kwetsbare functies binnen het RSJ worden van een achterwacht voorzien, zodat de kwaliteit en continuïteit beter geborgd is.

Als onderdeel van GGD IJsselland profiteert het RSJ-team van de bedrijfsvoeringscapaciteit en facilitaire voorzieningen die de GGD – deels samen met de Veiligheidsregio – georganiseerd heeft. Voor die functies gelden duidelijke schaalvoordelen, die zowel de kwaliteit als de kosten positief beïnvloeden. Tot slot ontstaat er in de nieuwe situatie meer gelaagdheid tussen strategische en tactisch-operationele aansturing van RSJ. Hierdoor is het beter mogelijk om managementvraagstukken op het juiste niveau neer te leggen, wat de effectiviteit van sturing ten goede komt. 3. Bij de overgang worden de waardevolle elementen van het huidige RSJ behouden. Het is de expliciete wens om de bestaande kwaliteiten van het RSJ te behouden. Om dit optimaal vorm te geven, worden de bestaande medewerkers allemaal overgenomen, blijft het RSJ binnen GGD IJsselland een zelfstandig herkenbaar team en blijft ook het ‘merk’ RSJ zichtbaar. Ook blijft er aparte bestuurlijke aandacht voor jeugd. In het verlengde hiervan wordt de taak van RSJ binnen GGD als apart onderdeel in de begroting opgenomen.

4. De overgang van RSJ naar GGD levert inhoudelijke en financiële synergievoordelen op. Een belangrijke reden om uit verschillende opties voor versterking van de robuustheid van het RSJ te kiezen voor samengaan met GGD IJsselland ligt in de te verwachten inhoudelijke en financiële synergievoordelen. Inhoudelijk synergiemogelijkheden omdat de verbinding tussen jeugdhulp en jeugdgezondheidszorg in de regionale visie en activiteiten wordt versterkt en analyses kunnen worden verrijkt door koppeling van monitors. Financiële synergiemogelijkheden kunnen worden behaald bij huisvestings- en facilitaire kosten, omdat deze al gedekt zijn binnen de huidige GGD-begroting. Daarnaast zijn synergievoordelen te verwachten omdat het RSJ niet meer zelfstandig in HR-beleid, ICT-beleid, gegevensbescherming en dergelijke hoeft te voorzien. Argumenten tegen: 1. De overdracht is technisch niet complex, maar vraagt wel scherp oog voor draagvlak en continuïteit. Tijdens het verkennend onderzoek zijn alle relevante organisatorische, juridische en financiële aspecten onderzocht. Er zijn geen zaken naar voren gekomen die nu bestuurlijke aandacht verdienen. De financiële risico’s zijn ofwel al in beeld, ofwel van overzichtelijke omvang. Er is en wordt veel geïnvesteerd in het draagvlak onder de medewerkers van RSJ.

De verkenning van de fusie is besproken en er is al een begin gemaakt met bijeenkomsten met het management van de GGD om te zorgen voor een goede landing. De komende maanden worden inzichten nader uitgewerkt en vertaald in praktische maatregelen en een begrotingswijziging voor de GGD. Het behoud van draagvlak bij de medewerkers en een zorgvuldige voorbereiding van alle aspecten van de overdracht vraagt de komende tijd aandacht van het management van zowel RSJ als GGD. 2. De bevoegdheden van het bestuur RSJ wijken af van die van het AB GGD. Anders dan bij overige taken van GGD IJsselland, dragen de colleges van B&W geen bevoegdheden over voor de uitvoering van RSJ-taken. Dit is conform de bestaande verdeling van taken en bevoegdheden bij RSJ IJsselland. Er is voor gekozen om nu niets te veranderen in zowel het takenpakket als de verdeling van bevoegdheden tussen colleges en algemeen bestuur. Zo houden we besluitvorming over de overgang simpel en zuiver. Het voorstel is om uiterlijk eind 2026 het takenpakket en de bevoegdheidsverdeling te evalueren op hun werking en passendheid in de nieuwe wetgeving. Dit laatste in het licht van de behandeling van de Wet verbetering continuïteit jeugdzorg. Voor gemeenteraden verandert hun positie niet ten opzichte van de bestaande situatie. 3. Bij vertraging in de besluitvorming is de beoogde implementatiedatum van 1 januari 2026 niet haalbaar.

Om de beoogde overgangsdatum van 1 januari 2026 te halen, dienen de colleges van B&W voor de zomer zienswijzen op te halen van de raden. Na de zomer dienen de colleges toestemming te vragen voor liquidatie en aanpassing van de gemeenschappelijke regelingen. Dit tijdpad luistert nauw en vereist dat alle gemeenten tijdig besluitvorming voorbereiden. De materie is niet alledaags en kan technische vragen oproepen. Beleidsmedewerkers zijn bij het opstellen van de voorstellen betrokken en over de timing geïnformeerd. Een juridische toets heeft deel uitgemaakt van de voorbereiding. Bij de bestuursvoorstellen is een tijdlijn beschikbaar met een regionaal format voor de besluitvorming. Desgewenst is er de gelegenheid om een

informatiebijeenkomst voor gemeenteraadsleden te organiseren. 4. Bij enkele minder relevante verschillen tussen beide regelingen is de werkwijze van de GR GGD gevolgd. Bij enkele minder relevante verschillen tussen de gemeenschappelijke regelingen van RSJ en GGD is ervoor gekozen de bestaande regeling van de GGD te volgen. Volledigheidshalve melden we deze verschillen hieronder: * Zienswijzen: De GGD kent een ruimere bepaling om zienswijzen aan raden te vragen dan de RSJ. De GGD heeft bepaald (art. 12a) dat ook andere dan verplichte onderwerpen voor zienswijzen aan de raden kunnen worden voorgelegd. RSJ kent een dergelijke bepaling niet. De regeling van de GGD geldt voortaan ook voor de RSJ-onderwerpen. * Zienswijze bij begrotingswijzigingen: er is een subtiel verschil in zienswijzeprocedures tussen beide regelingen in geval van begrotingswijzigingen (niet bij de begroting zelf. Bij RSJ hoeft aan gemeenteraden geen zienswijze op begrotingswijzigingen te worden gevraagd als hierdoor de gemeentelijke bijdragen niet veranderen (art. 18, lid 8 GR RSJ); bij GGD geldt dit als de gemeentelijke bijdragen niet worden verhoogd (art. 48a GR GGD). In de voorgestelde regeling is aangesloten bij de bestaande GGD-tekst. * Besluitvorming toetreding en wijziging gemeenschappelijke regeling: in de GR RSJ is bepaald dat voor besluiten over toetreding (art. 23) en wijziging van de GR (art.

25 GR RSJ) unanimiteit vereist is. Bij de GGD is voor beide besluiten een twee-derde meerderheid vereist (artt. 54 en 57 GR GGD). Gekozen is voor aansluiting bij de GGD-bepalingen. Aangezien de regio-indeling van GGD’en en, na de wijziging van de jeugdwet, ook die van jeugdregio’s landelijk wordt bepaald is het artikel over toetreding overigens materieel van klein belang. * Bevoorschotting: In de GR RSJ is geen bepaling opgenomen over bevoorschotting, in de GR GGD wel (art. 49) – daarin is vastgelegd dat de gemeenten twee keer per jaar een voorschot betalen voor de begroting. Dit levert in de praktijk geen problemen op en daarom is daarbij aangesloten. * Inspraak inwoners: De GGD heeft een regeling waarmee ingezetenen (inwoners) via een verzoekschrift en inspraak bij AB-vergaderingen zich tot het AB kunnen richten (art. 12b). Het RSJ kent deze bepaling niet. In de ontwerpregeling gelden de inspraakmogelijkheden voortaan ook voor de RSJ-taken.

Betrokken partijen en participatie De 11 gemeenten in regio IJsselland, de GGD en het RSJ zijn betrokken geweest bij het traject voorafgaand aan dit besluit.

Financiële consequenties De begroting moet worden aangepast door de toevoeging van de RSJ-taken. De financiële gevolgen worden nader uitgewerkt en dit najaar als begrotingswijziging aan het AB voorgelegd.

Betrokkenheid raad * De raad wordt met dit voorstel gevraagd om een zienswijze op de voorgestelde opheffing, het concept-liquidatieplan en wijziging van de regeling GGD IJsselland. * Na bespreking van de reacties en zienswijzen en het doorvoeren van eventuele aanpassingen in de concepten van de voorgestelde opheffing, het

concept-liquidatieplan en wijziging van de GR GGD IJsselland, wordt de raad door het college om goedkeuring gevraagd voor besluitvorming in het college. Burgemeester en wethouders van de gemeente Deventer, de secretaris, de burgemeester,

J.P. Wassens

R.C. König

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15520429/1