CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-12-10 Beantwoording technische vragen ChristenUnie - RUR Haveneiland

Raadsvergadering 17 december 2025, gemeente DeventerBij agendapunt: Richtinggevende uitspraak gebiedsontwikkeling Haveneiland (RUR)1.808 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geachte Arie de Niet, Hierbij de beantwoording op de vragen: Werkmeters Ontwikkeling van Haveneiland gebeurt "met behoud van bestaande werkmeters (ca 10.000 m2)". Op basis van een oppervlakte berekening met Google maps van de bestaande bedrijfsgebouwen op het Haveneiland komen wij op een schatting van de bestaande werkmeters van tenminste 25.000-30.000 m2. Ook één van de insprekers gaf aan dat er nu veel meer werkmeters beschikbaar zijn. 1. Waar is het getal van de huidige 10.000 m2 op gebaseerd? De circa 10.000 m² betreft te handhaven panden, deels met te behouden functies. Deze panden worden of als karakteristiek beschouwd of hebben een waardevolle functie binnen het gewenste economische profiel. Dit is bovenop circa 10.000 m² nieuw toe te voegen werkmeters (bedrijven en maatschappelijke/culturele voorzieningen) en maakt onderdeel uit van de verdeling van 30% werkprogramma en 70% woonprogramma dat hier is voorzien. 2. Kan het verschil met onze inschatting en die van de inspreker worden verklaard? Het totaal aan bestaande m² bvo aan bedrijfsbebouwing op het Haveneiland ligt momenteel inderdaad rond de 25.000 m². Zes grote hallen en loodsen hiervan hebben een bruto vloeroppervlak van ca 2500 m² per pand of groter. De helft van deze gebouwen heeft een functie die goed past binnen het gewenste economische profiel, zoals Burnside.

De andere helft heeft mogelijk minder gewenste functie met een oppervlak van circa 10.000 m² en past minder goed in het gewenste toekomstige economische profiel. 3. Kan een overzicht worden gegeven van het aantal werkmeters (m2) en woningen voor het Havenkwartier (tussen Mr HF de Boerlaan en Eerste havenarm), zowel de huidig situatie als met de onlangs gepresenteerde plannen, het Roto Smeets gebied en Haveneiland? Gebied Huidige situatie Plannen Na afronding lopende bouwplannen ±90 bedrijven, creatieve totaal ca 500 woningen. Organische werkplekken, horeca, cultuur. ontwikkeling, mix van wonen en werken, Havenkwartier Exacte m² niet publiek, maar experimentele woonvormen. Geen harde historisch >20.000 m². m²-norm, maar behoud van creatieve functies 400–500 woningen (ca 50000 m²), 10.000 Bedrijventerrein, grootste m² bestaande werkfuncties + 10.000 m² enkelbestemming: 37.017 m² Haveneiland nieuwe werkfuncties (bedrijven, (bruto) op 57.258 m² maatschappelijke en culturele projectgebied. voorzieningen) ±700 woningen, 27.500 m² nieuwe Voormalige drukkerij, ca. Roto Smeets werkfuncties (bedrijven, kantoren, 60.000 m² bedrijfsbebouwing. detailhandel, horeca) Economisch profiel

Het economische profiel betreft "kleinschalige bedrijven, gedeelde werkplekken, maatschappelijke initiatieven en creatieve functies die passen bij het havenkarakter". 4. Wanneer is een bedrijf kleinschalig? Er is geen harde definitie, maar in dit kader gaat het om: • Bedrijven met beperkte ruimtebehoefte (enkele tientallen tot honderden m², geen grootschalige productie, geen tot weinig eigen buitenruimte en geen grote verkeersaantrekkende bewegingen). • Bedrijven die weinig impact hebben op hun omgeving. • Vaak creatieve, ambachtelijke, dienstverlenende of start-ups die passen in een stedelijke omgeving.

5. Kan een voorbeeld worden gegeven van "creatieve functies die passen bij het havenkarakter? De concept-Omgevingsvisie zegt hierover: ‘Ook behouden we altijd ruimte voor kleinschalige – en vooral betaalbare – maak-, kunst- en ontwerpbedrijven en kijken daarbij met name naar bestaande (leegstaande) karakteristieke gebouwen in de stad. Het gaat erom een aantal micromilieus aan te bieden (met kleine werkruimten, ateliers en kantoorachtige units), waar deze bedrijven uitgedaagd worden en jongeren inspiratie vinden om een eigen bedrijf op te starten of uit te bouwen. Hier ligt ook een relatie met innovatie-ecosystemen en het ontwikkelen van aantrekkelijke (gemengde) woonwerkmilieus.’ 6. Wat betekent dit profiel voor het soort werklocaties? Flexibele, gedeelde werkruimtes (co-working, ateliers).makersruimte Mengbaar en stapelbaar: wonen boven werkfuncties. Culturele, maatschappelijke, leisure en horeca functies in bestaande industriële panden. Hoogwaardige openbare ruimte met ruimte voor verblijf, groen en water Geen grootschalige logistiek of zware industrie. NB: Indien bedrijven die vallen binnen categorie 3.1 / 3.2 qua gebruiksruimte kunnen aantonen dat ze gelijkwaardig zijn aan categorie 2 en passen binnen het profiel van Haveneiland dan kunnen we kijken naar maatwerk mogelijkheden.

Zoektocht naar werklocaties Op basis van de vraag naar nieuwe werklocaties is het college bezig met een zoektocht naar ruimte voor werken die nog niet is meegenomen in de concept omgevingsvisie. 7. Kan worden gespecificeerd naar hoeveel m2 werklocaties wordt gezocht en voor welk type werk dat is bedoeld? We zoeken in Deventer naar een locatie voor een nieuw bedrijventerrein met een netto omvang van circa 45 hectare (zie concept Omgevingsvisie). Daarnaast zoeken we in regioverband nog eens circa 100 hectare voor grootschalige bedrijvigheid en logistiek. Deze opgave is gebaseerd op de autonome groei van Deventer en de regio. Als je banen en inwoners gelijk op willen laten gaan (de genoemde factor 0,55 uit de concept Omgevingsvisie), dan is die opgave nog groter. We hebben daar eerder een extra opgave van circa 7.500 banen voor berekend. Die opgave hebben we (nog)niet vertaald naar een behoefte in hectare. Wel naar een ontwikkeling naar een ander economisch profiel (duurzame maak- en open innovatiestad). Daarvoor zijn (op termijn )

meer kantoren meters nodig, maar zetten we ook in op het verhogen van het ‘rendement’ van de verschillende bestaande bedrijventerreinen door daar in te zetten op herstructurering, maar ook door het mengen van functies zoals wonen en werken.

8. Kan specifiek worden aangegeven wat de behoefte is aan m2 voor "kleinschalige bedrijven, gedeelde werkplekken, maatschappelijke initiatieven en creatieve functies"?

Er is geen harde m²-norm per categorie, maar de gemeente heeft de ambitie om: • Haveneiland: ±20.000 m² voor deze functies. • Havenkwartier: behoud en versterking van bestaande creatieve bedrijvigheid. • Roto Smeets: ±27.500 m² bedrijfsruimte, beperkt geschikt voor creatieve functies.

9. Hoeveel m2 voor "cultuur en leisure" zijn voorzien op Haveneiland? Vallen die onder de 10.000 m2 voor werkmeters?

Ja, cultuur en leisure vallen onder het werkprogramma (20.000 m²), de verdeling zal nader worden verkend in Masterplanfase. Het gaat om: • Herbestemming van karakteristieke panden voor horeca, culturele en maatschappelijke functies. • Geen aparte m²-norm voor leisure; het wordt geïntegreerd in het werkdeel van het programma

Gezondheid De VNG heeft in 2024 vanwege de invoering van de Omgevingswet een handreiking activiteiten en milieuzonering uitgegeven die specifiek ingaat op de combinatie wonen en werken (gemend gebied met wonen). Zie Handreiking Acitivteiten en milieuzonering. Deze handreiking gaat in ieder geval voor geur en geluid uit van een systematiek van milieuzonering in plaats van een (milieu) categorie-indeling van bedrijven. In de RUR wordt echter wel gesproken over milieucategorieën van bedrijven. 10. Werkt de gemeente Deventer met deze handreiking? Waarom wel / niet?

Deventer gebruikt momenteel nog de VNG publicatie Bedrijven en Milieuzonering. Er is een nieuwe VNG-handreiking Activiteiten en milieuzonering (2024) Deze is nog niet geschikt voor geluidgezoneerde bedrijventerreinen. Voor de Roto ontwikkeling willen we verkennen of de nieuwe methodiek werkbaar is voor gemengde woon-werkgebieden. Als dat positief uitpakt zou dat ook toegepast kunnen worden voor Haveneiland. Denieuwe handreiking vervangt de oude systematiek van milieucategorieën en richtafstanden en werkt nu met milieugebruiksruimte per activiteit (maatwerk op geur en geluid).

11. Welke milieucategorieën hanteert de gemeente Deventer? Welk soort bedrijven zit in andere categorieën? Historisch hanteert Deventer de VNG-indeling (categorie 1 t/m 6): • Cat. 1–2: lichte bedrijvigheid (fietsenmaker, meubelzaak, kleine werkplaatsen). • Cat. 3.2: middelzwaar (tankstation, zwembad). • Cat. 4.1–6: zware industrie (verffabriek, olieraffinaderij). In het Havenkwartier is nu cat. 1–3.2 toegestaan. 12. Waarom zijn andere categorieën dan 1 en 2 niet geschikt voor menging met wonen op Haveneiland? Categorie 3.1 en hoger veroorzaken meer geluid, geur en veiligheidsrisico’s (brandgevaar, gevaarlijke stoffen). Dit maakt een goed woon- en leefklimaat lastig zonder grote afstand of zware maatregelen. Overigens, zoals ook al opgemerkt bij vraag 6, Indien bedrijven die vallen binnen categorie 3.1 / 3.2 qua gebruiksruimte kunnen aantonen dat ze gelijkwaardig zijn aan categorie 2 en passen binnen het profiel van Haveneiland dan kunnen we kijken naar maatwerk mogelijkheden.

13. Welke milieucategorieën zijn nu toegestaan in het Havenkwartier (strook tussen Mr HF de Boerlaan en Eerste havenarm)?

Volgens het bestemmingsplan Havenkwartier: milieucategorie 1–3.2 (lichte tot middelzware bedrijvigheid, geen zware industrie).

14. Welke systematiek voor het beschermen van de woonomgeving tegen geur- en geluidshinder gaat worden gehanteerd in het uiteindelijke omgevingsplan?

Deventer volgt de nieuwe Omgevingswet-systematiek: • Geen vaste afstanden, maar maatwerk op basis van milieugebruiksruimte. • Voor geur: zullen nog regels in het omgevingsplan worden opgenomen volgens Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), met toetsing op aanvaardbaar hinderniveau en cumulatie van geur. • Voor geluid: inwaartse zonering blijft uitgangspunt (lichte functies aan randen, zwaardere in het midden).

15. Welke systematiek voor andere veiligheid- en gezondheidsaspecten gaat worden gehanteerd in het uiteindelijke omgevingsplan? Het omgevingsplan integreert veiligheid, gezondheid en milieuruimte: • Regels voor externe veiligheid (afstand tot risicovolle activiteiten, goede bereikbaarheid en bestrijdbaarheid hulpdiensten en evt. gebouwmaatregelen). • Specifieke zorgplichten voor bouwwerken en gebruik (brandveiligheid, bluswatervoorziening). • Gezondheidsbescherming via milieunormen en gebiedsgerichte afwegingen. AsfaltNu Afgelopen jaren zijn er verschillende geurhinder- en gezondheidsklachten geweest vanwege uitstoot van de AsfaltNu. De omgevingsdienst heeft daarop verschillende onderzoeken uitgevoergd. Bij woningbouw op Haveneiland komen er meer woningen dichter bij de AsfaltNU. 16. Wat is de geurhindercirkel van de AsfaltNU? Er bestaat geen vaste geurhindercirkel voor asfaltcentrales. In de (voormalige) VNG uitgave Bedrijven en Milieuzonering wordt aanbevolen om tussen asfaltcentrales en woningen een afstand van tenminste 200 meter aan te houden om geurhinder te voorkomen. In de vigerende vergunning van AND is voor het aspect geur opgenomen dat de geurimmissie (geur op leefniveau) ter plaatse van geurgevoelige objecten maximaal 1 odourunit per kubieke meter als 98-percentielwaarde mag bedragen en maximaal 5 odourunits per kubieke meter als 99,99-percentielwaarde.

Dit betekent dat de geurconcentratie op die locatie 98% van de tijd lager moet zijn dan 1 en 99,99% van de tijd lager dan 5 odourunits per kubieke meter. Onder de Omgevingswet kunnen dergelijke regels als maatwerkregels in het Omgevingsplan worden gehanteerd. Hoewel de geuremissie van AsfaltNu voldoet aan de vergunningvoorschriften, kan de geur tot op enkele honderden meters van de centrale worden waargenomen. De gemeente is tevens bezig om met de asfaltcentrale afspraken te maken over nieuwbouw over een duurzamere asfaltcentrale.

17. Welke maatregelen zijn genomen of worden genomen om een veilig en gezond woonklimaat bij realisatie van woningbouw op Haveneiland voor de toekomstige bewoners te garanderen. 1. Gezondheid expliciet meewegen in ontwerp • Toepassing van het Gezond Ontwerpen-principe: voldoende groen, water, schone lucht, geluidreductie, veilige routes. • Integratie van gezondheid vanuit de Omgevingsvisie in het omgevingsplan. 2. Zorgvuldig onderzoek en monitoring • Vervolg onderzoeken naar luchtkwaliteit, geluid, geur, ecologie, bodemkwaliteit e.d.. • Risicoanalyse externe veiligheid (afstand tot risicovolle activiteiten, brandveiligheid). • Cumulatie van milieubelasting (geur, geluid, luchtverontreiniging). 3 Betrekken van gezondheidsadviseurs • GGD als vaste adviseur in planvorming en vergunningverlening. 4. Maatregelen tegen hinder en risico’s Te overwegen maatregelen bij verdere uitwerking kunnen zijn: • Technische maatregelen bij bedrijven (filters, geluidsisolatie, emissiebeperking). • Ruimtelijke maatregelen: bufferzones, groenstroken, situering van gevoelige functies op afstand van bronnen. • Gebouwmaatregelen: geluid: vliesgevels, extra gevelwering in de gevels, creëren luwe binnenruimtes, luchtkwaliteit: ventilatiesystemen met luchtfilters, externe veiligheid: afsluitbare ventilatieroosters, optimale gebouwindeling voor ontvluchting, scherfwerende beglazing.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16371850/1