2024-93 Reactienota zienswijzen Chw Bestemmingsplan Bathmenseweg 34 Lettele
Tekst van het document
Reactienota zienswijze Chw Bestemmingsplan Bathmenseweg 34 Lettele
Gemeente Deventer Februari 2024
1. INLEIDING Procedure Het College van burgemeester en wethouders heeft op 5 december 2023 besloten het bestemmingsplan Chw bestemmingsplan ‘Bathmenseweg 34 Lettele’ als ontwerp ter inzage te leggen. Dit plan heeft van 14 december 2023 tot en met 24 januari 2024 ter inzage gelegen, conform artikel 3.8 en artikel 6.14 van de Wet ruimtelijke ordening en afdeling 3.4. van de Algemene wet Bestuursrecht. Tegen het plan is één zienswijze ingediend. Deze reactienota bevat de samenvatting en beantwoording van deze zienswijze ten aanzien van bovengenoemd plan.
Ontvankelijkheid zienswijze Het ontwerp Chw bestemmingsplan ‘Bathmenseweg 34 Lettele’ heeft ter inzage gelegen 14 december 2023 tot en met 24 januari 2024 Ten aanzien van het ontwerp bestemmingsplan is één zienswijze binnengekomen. De zienswijze is ontvangen binnen de termijn voor het indienen van zienwijzen en de zienswijze is voorzien van alle benodigde gegevens. De zienswijze is daarom ontvankelijk.
2. Samenvatting en beantwoording zienswijze Reclamant 1 Samenvatting 1. Reclamant geeft aan dat hij sinds 1994 een recht van overpad heeft opgebouwd om via het huidige parkeerterrein bij de achterzijde van zijn perceel te kunnen komen. Reclamant is van mening dat de mogelijkheid om deze achteruitgang te blijven gebruiken niet is meegenomen in voorliggende plan en hij verzoekt daarom het voorliggende plan daarop aan te passen. 2. Reclamant geeft aan niet tegen de woningbouw ontwikkeling te zijn, maar hij vindt wel dat de inbreuk van het voorliggende plan op zijn privacy gecompenseerd kan/ zou moeten worden middels planschade.
Beantwoording 1. Of er al dan niet sprake is van een recht van overpad is een juridisch aangelegenheid tussen reclamant en de eigenaar van de gronden. Het betreft immers het recht om ‘gebruik te maken van de grond van iemand anders’. Een bestemmingsplan legt niets vast over (grond)eigendommen. De juridisch-planologische bestemming van de betreffende gronden, vastgelegd in een bestemming, heeft geen invloed op eigendomsrechten en eventuele erfdienstbaarheden. Het voorliggende bestemmingsplan, welke een andere bestemming toe kent aan de betreffende gronden dan voorheen, leidt dan ook niet tot een belemmering voor het gebruik van de gronden op basis van een eventueel bestaand recht van overpad. 2. Wij zijn verheugd te vernemen dat reclamant geen bezwaar heeft tegen de voorgenomen woningbouw en wij wachten het planschade verzoek van reclamant af. De procedure voor het verkrijgen van planschade kan na het onherroepelijk worden van voorliggende bestemmingsplan worden gestart.
Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.