CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-68 Planregels Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

Hamerraad 6 maart 2024, gemeente DeventerBij agendapunt: Bestemmingsplan Manegelocatie en Schrijversweg 213.446 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

M anegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

Inhoudsopgave

Planregels Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10

Hoofdstuk 3 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15

Hoofdstuk 4 Artikel 16 Artikel 17

2

3 Inleidende regels

Begrippen Wijze van meten

5 5 17

Bestemmingsregels

19

Agrarisch met waarden - Landschapswaarden Groen Maatschappelijk Natuur Wonen Waarde - Archeologie 2 Waarde - Archeologie 3 Waarde - Archeologie 4

19 23 24 27 29 36 39 42

Algemene regels Antidubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Overige regels

Overgangs- en slotregels Overgangsregels Slotregel

45 45 46 48 50 52

53 53 54

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

Planregels

3

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

4

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

Hoofdstuk 1 Artikel 1

1.1

Inleidende regels

Begrippen

plan het bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2 met identificatienummer NL.IMRO.0150.P415-VG01 van de gemeente Deventer.

1.2

bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0150.P415-VG01 met bijbehorende regels.

1.3

bestemmingsplan 'Buitengebied Deventer, 1e herziening' de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0150.D125a-VG02 met de bijbehorende regels.

1.4

verbeelding de analoge en digitale voorstelling van de in het bestemmingsplan opgenomen digitale ruimtelijke informatie, bestaande uit de kaart NL.IMRO.0150.P415-VG01.

1.5

aanduiding een geometrisch bepaald vlak of een figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.

1.6

aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.

1.7

aaneengebouwd twee of meer aan elkaar gebouwde woningen of bestaande woningen die door middel van splitsing als twee afzonderlijke wooneenheden aangemerkt zijn.

5

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

1.8

aan- en uitbouw en aangebouwd bijgebouw een aan een hoofdgebouw gebouwd gebouw dat in bouwkundig opzicht te onderscheiden is van het hoofdgebouw.

1.9

afhankelijke woonruimte een voor de huisvesting van een (zelfstandig) huishouden geschikt gebouw, dat ruimtelijk ondergeschikt is en/of een geheel vormt met het hoofdgebouw en blijvend onderdeel uitmaakt van de kavel van het hoofdgebouw.

1.10

agrarisch bedrijf een ter plaatse functionerend deeltijd, reëel of volwaardig agrarisch bedrijf, gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren, nader te onderscheiden in de volgende productietakken: a. akker- en vollegrondstuinbouw: de teelt van gewassen op open grond, daaronder niet begrepen sier-, fruit- en boomkwekerij; b. grondgebonden veehouderij: het houden van melk- en ander vee (nagenoeg) geheel op open grond, waaronder tevens een paardenfokkerij wordt verstaan; c. intensieve veehouderij: een agrarisch bedrijf of een deel daarvan met ten minste 250 m² bedrijfsoppervlakte dat wordt gebruikt voor veehouderij volgens de Wet milieubeheer en waar geen melkrundvee, schapen, paarden, of dieren 'biologisch' en waar geen dieren worden gehouden uitsluitend of in hoofdzaak ten behoeve van natuurbeheer; d. glastuinbouw: de teelt van gewassen (nagenoeg) geheel met behulp van kassen; e. sierteelt en boomkwekerij: de teelt van tuin- en potplanten en/of bomen in open grond, , in potten of in containers, al dan niet met behulp van kassen en al dan niet gecombineerd met de handel in deze gewassen; f. fruitteelt: de teelt van fruit op open grond; g. intensieve kwekerij: de teelt van gewassen of dieren (anders dan bij wijze van intensieve veehouderij) (nagenoeg) zonder gebruik te maken van daglicht.

1.11

ambachtelijke be- of verwerking van agrarische producten het be- of verwerken van agrarische producten die afkomstig zijn van het eigen bedrijf of het be- of verwerken van agrarische producten die afkomstig zijn uit de eigen regio.

1.12

archeologisch onderzoek onderzoek verricht door of namens een dienst of instelling die over een opgravingsvergunning beschikt.

6

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

1.13

archeologische verwachtingswaarde de kans op het aantreffen van archeologische resten in een bepaald gebied.

1.14

archeologische waarde de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende overblijfselen uit het verleden.

1.15

bebouwing een of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

1.16

bed & breakfast een aan de woonfunctie ondergeschikte toeristisch-recreatieve voorziening gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt binnen de woning. Onder een bed & breakfast wordt niet verstaan overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of arbeid of permanente kamerverhuur.

1.17

bedrijf een onderneming, niet zijnde een agrarisch bedrijf, gericht op het produceren, bewerken, herstellen, installeren of inzamelen van goederen, alsmede verhuur, opslag en distributie van goederen, waarbij eventueel detailhandel uitsluitend plaatsvindt als ondergeschikt onderdeel van de onderneming in de vorm van verkoop dan wel levering van ter plaatse vervaardigde, bewerkte of herstelde goederen dan wel goederen die in rechtstreeks verband staan met de uitgeoefende handelingen.

1.18

bedrijfs- of dienstwoning een woning in of bij een gebouw of op een terrein, die slechts is bestemd voor bewoning door (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar noodzakelijk is, gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein.

1.19

bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen, die op het tijdstip van tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan tot stand zijn gekomen of tot stand zullen komen met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet, de Wabo of de Omgevingswet.

7

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

1.20

bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak.

1.21

bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.

1.22

bevoegd gezag bevoegd gezag zoals bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

1.23

bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats.

1.24

bouwgrens de grens van een bouwvlak.

1.25

bouwvlak een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

1.26

bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.

1.27

bijgebouw een vrijstaand gebouw dat in functioneel en bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel gelegen (bedrijfs)woning.

8

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

1.28

cultuurhistorische waarde de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of dat gebied in verband met ouderdom en/of historische gaafheid.

1.29

deeltijd agrarisch bedrijf een agrarisch bedrijf met een omvang van 10 tot 40 Nge.

1.30

detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden, verkopen, verhuren en leveren van goederen, geen motorbrandstoffen zijnde, aan personen die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.

1.31

dienstverlening het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, zoals reis- en uitzendbureaus, kapsalons, pedicures, wasserettes, makelaarskantoren, internetwinkels en bankfilialen.

1.32

evenementen gebeurtenissen die ten hoogste 5 dagen duren, gericht op een groot publiek, met betrekking tot kunst, sport, ontspanning en cultuur.

1.33

extensieve dagrecreatie niet-gemotoriseerde recreatieve activiteiten, zoals wandelen, fietsen, skaten, paardrijden, vissen, zwemmen en natuurobservatie.

1.34

gastouderopvang kinderopvang waarbij de opvang plaatsvindt op het woonadres van de gastouder, met dien verstande dat op dit adres niet meer dan een voorziening voor gastouderopvang is gevestigd, bestaande uit de gelijktijdige opvang van ten hoogste zes kinderen, en verder zoals bepaald in de Wet Kinderopvang;

9

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

1.35

gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

1.36

hobbykas een gebouw, dat geheel of vrijwel geheel bestaat uit glas of ander doorzichtig materiaal en dat dient voor het hobbymatig telen van planten.

1.37

hobbymatige activiteiten het uitoefenen van agrarische of natuurgerichte activiteiten die bijdragen aan het beheer van het landschap maar niet als volwaardig, reëel of deeltijd agrarisch bedrijf kunnen worden aangemerkt .

1.38

hoofdgebouw een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn constructie, afmetingen of functie als het belangrijkste bouwwerk valt aan te merken.

1.39

inrichtingsplan een inrichtingsplan is de grafische beschrijving van de gewenste ruimtelijke ontwikkeling waarin de situering van bouwwerken ten opzichte van elkaar en van de omgeving en het al dan niet aanbrengen van beplanting op een goede manier is weergegeven.

1.40

kampeermiddelen een onderkomen of enig ander voertuig, waarvoor geen omgevingsvergunning voor het bouwen in de zin van artikel 40 van de Woningwet is vereist, dat bestemd of opgericht is dan wel gebruikt wordt of kan worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf, niet zijnde een stacaravan.

1.41

karakteristiek panden die op basis van de volgende criteria gewaardeerd zijn als karakteristiek: relatie met het landschap; erfstructuur en erfinrichting; streekeigen verschijningsvorm; herkenbaarheid en mate van gaafheid; architectuur en cultuurhistorische waarde;

10

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

de waardering van de karakteristieke eigenschappen hebben betrekking op hoofdgebouwen tenzij anders in bijlage 6 van deze regels is aangegeven.

1.42

kassen bouwwerken van glas of ander lichtdoorlatend materiaal (ten behoeve van de agrarische bedrijfsvoering) met een hoogte van 1,5 m of meer, trek-, tunnel-, schaduw-, boog- en gaaskassen daaronder begrepen.

1.43

kelder een ruimte gesitueerd onder een gebouw die geen ruimtelijke uitstraling heeft en/of niet van buitenaf toegankelijk is.

1.44

kleinschalige beroepen- en bedrijven-aan-huis een dienstverlenend beroep, dat in of bij een woning of bijgebouw door de bewoner wordt uitgeoefend alsmede het in een woning of bijgebouw door de bewoner op bedrijfsmatige wijze uitoefenen van activiteiten, waarvoor geen meldingsplicht op grond van het Activiteitenbesluit of vergunningplicht op grond van het Besluit omgevingsrecht geldt, op een oppervlak van niet meer dan 35% van de maximaal toegestane bebouwing met een maximum van 100 m² en waarbij de woning in overwegende mate zijn woonfunctie behoudt met een ruimtelijke uitstraling die daarbij past.

1.45

kleinschalige dagrecreatieve voorzieningen voorzieningen, zoals aanlegsteigers, picknickplaatsen, observatiepunten, informatieborden en banken, ten behoeve van activiteiten, zoals wandelen, fietsen, vissen, zwemmen, kanoën en natuurobservatie.

1.46

kleinschalige kinderopvang het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs voor die kinderen begint, bestaande uit de gelijktijdige opvang van ten hoogste zes kinderen, waaronder begrepen gastouderopvang en kleinschalig peuterspeelzaalwerk;

1.47

kleinschalig peuterspeelzaalwerk de verzorging, de opvoeding en het bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen uitsluitend bestemd voor kinderen vanaf de leeftijd van twee jaar tot het tijdstip waarop die kinderen kunnen deelnemen aan het basisonderwijs, bestaande uit de gelijktijdige opvang van ten hoogste zes kinderen;

11

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

1.48

landschappelijke inpassing de situering van de ontwikkeling waarbij rekening gehouden wordt met de landschappelijke kenmerken van de nabije omgeving en waarbij de ontwikkeling wordt ingepast middels bijvoorbeeld erfbeplanting.

1.49

landschapswaarde de aan een gebied toegekende waarde met betrekking tot het waarneembare deel van de aardoppervlakte, die wordt bepaald door de herkenbaarheid van gebiedskenmerken en de identiteit van de onderlinge samenhang tussen levende en niet-levende natuur.

1.50

langdurig ten minste 14 tot 18 uur per dag gedurende minimaal 1 jaar.

1.51

maatschappelijke voorzieningen educatieve, sociaal-medische, sociaal-culturele en levensbeschouwelijke voorzieningen, alsmede voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening, alsook ondergeschikte detailhandel en horeca ten dienste van deze voorzieningen.

1.52

mantelzorg langdurige zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende door personen uit diens directe omgeving, waarbij zorgverlening rechtstreeks voortvloeit uit de sociale relatie en de gebruikelijke zorg van huisgenoten voor elkaar overstijgt.

1.53

natuurwaarde de aan een gebied toegekende waarde in verband met de aanwezige flora en fauna.

1.54

Nge (Nederlandse grootte-eenheden) een economische maatstaf voor het bepalen van de bedrijfsomvang en het bedrijfstype van agrarische bedrijven.

12

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

1.55

nevenfunctie een of meer bedrijfsmatige activiteiten in combinatie met en ondergeschikt aan de uitoefening van het ter plaatse en bij wijze van hoofdfunctie uitgeoefende (agrarische) bedrijf of wonen.

1.56

normale onderhouds- of exploitatiewerkzaamheden werkzaamheden die regelmatig noodzakelijk zijn voor een goed beheer van de gronden en bouwwerken, waaronder begrepen de handhaving dan wel de realisering van de bestemming.

1.57

nutsvoorzieningen voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie.

1.58

onverharde wegen een (zand)weg, zonder verhard oppervlak en functionerend als ondergeschikte verbinding tussen andere wegen en/of ontsluitingen van (agrarische) percelen.

1.59

overkapping een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een gesloten dak.

1.60

paardenbak een rijbaan ten behoeve van paardrijactiviteiten in de open lucht met een bodem van zand, hout, boomschors of ander materiaal om de bodem te verstevigen, al dan niet voorzien van een omheining.

1.61

paardenfokkerij een agrarisch bedrijf dat uitsluitend is gericht op het fokken van paarden, de verkoop van gefokte paarden en het houden van paarden ten behoeve van de fokkerij.

1.62

peil a. voor gebouwen, waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grenst: een horizontaal vlak gelegen op 30 cm boven de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang;

13

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

b. voor een bouwwerk op een perceel waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: 10 cm boven de hoogte van het aansluitend afgewerkte terrein ter hoogte van die hoofdingang, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop van het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven.

1.63

plattelandskamer een (deel van) een (voormalig) agrarisch gebouw of een pand, welke is bestemd voor recreatief nachtverblijf, waarbij wordt overnacht in kamers en waar keuken en/of sanitair in een gemeenschappelijke ruimte is ondergebracht. Voor zover sprake is van 1 plattelandskamer dient gebruik te worden gemaakt van keuken en/of sanitair in het hoofdgebouw.

1.64

praktijkruimte een gebouw of een gedeelte daarvan, dat dient voor het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, architectonisch, kunstzinnig, juridisch, medisch, paramedisch, therapeutisch of een daarmee naar aard gelijk te stellen gebied.

1.65

recreatiewoning/chalet een permanent ter plaatse aanwezig gebouw inclusief kelder, dat niet op wielen verplaatsbaar is en dat uitsluitend bedoeld is om door een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat het hoofdverblijf elders heeft.

1.66

reëel agrarisch bedrijf een agrarisch bedrijf met een omvang van 40 tot 70 Nge.

1.67

ruimtelijke kwaliteit het resultaat van menselijk handelen en natuurlijke processen dat de ruimte geschikt maakt en houdt voor wat voor mens, plant en dier belangrijk is.

1.68

seksinrichting het bedrijfsmatig – of in een omvang of frequentie die daarmee overeenkomt – gelegenheid bieden tot het ter plaatse, in een gebouw of in een vaartuig, verrichten van seksuele handelingen.

14

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

1.69

Staat van Bedrijfsactiviteiten de Staat van bedrijfsactiviteiten die als Bijlage 5 van deze regels deel uitmaakt.

1.70

stacaravan een stacaravan is een recreatief onderkomen, met kenmerken van een caravan, waarin voorzieningen zijn getroffen voor dag- en/of nachtverblijf, dat, in één geheel en op een eigen as-/wielstelsel kan worden aangevoerd.

1.71

teeltondersteunende voorzieningen a. tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen: 1. teeltondersteunende voorzieningen met een bouwhoogte van niet meer dan 1,5 m (niet zijnde teeltondersteunende kassen of boomteelthekken) die maximaal 6 maanden op dezelfde locatie gebruikt mogen worden, waaronder worden verstaan folies, insectengaas, acryldoek, vraatnetten, boogkassen tot 0,5 m, hagelnetten, wandelkappen en schaduwhallen; b. permanente teeltondersteunende voorzieningen: 1. laag: teeltondersteunende voorzieningen met een bouwhoogte van niet meer dan 1,5 m die langer dan 6 maanden worden gebruikt, zoals bakken op stellingen, regenkappen en containervelden; hieronder worden niet verstaan teeltondersteunende kassen en boomteelthekken; 2. hoog: teeltondersteunende kassen met een bouwhoogte van meer dan 1,5 m die langer dan 6 maanden worden gebruikt.

1.72

volwaardig agrarisch bedrijf een agrarisch bedrijf met een omvang van meer dan 70 Nge.

1.73

voorgevel de naar de openbare zijde gekeerde gevel van het hoofdgebouw die door zijn aard, functie, constructie of uitstraling als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt.

1.74

windturbine een bouwwerk ter opwekking van energie door benutting van windkracht, met uitzondering van bemalingsinstallaties ten behoeve van de waterhuishouding.

15

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

1.75

woning een complex van ruimten dat dient voor de zelfstandige huisvesting van één afzonderlijk huishouden.

1.76

wooneenheid een woning.

16

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

Artikel 2

Wijze van meten

Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:

2.1

afstand de afstand tussen bouwwerken onderling alsmede de afstand van bouwwerken tot perceelsgrenzen worden daar gemeten waar deze afstand het kleinst is.

2.2

bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

2.3

dakhelling langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.

2.4

goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot/de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.

2.5

hoogte van een windturbine vanaf het peil tot aan de tiphoogte van de windturbine.

2.6

inhoud van een bouwwerk, niet zijnde een recreatiewoning Tussen de bovenkant van de begane grondvloer, de binnenzijde van de buitenmuren en/of scheidingsmuren en de binnenzijde van daken en dakkapellen.

2.7

inhoud van een recreatiewoning en een voormalige recreatiewoning Tussen de bovenkant van de begane grondvloer, de binnenzijde van de buitenmuren en/of scheidingsmuren en de binnenzijde van daken en dakkapellen, met dien verstande dat wanneer sprake is van een kleder gemeten dient te worden tussen de bovenkant van de vloer van de kelder, de binnenzijde van de buitenmuren (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de binnenzijde van daken en dakkapellen.

17

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

2.8

oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

18

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

Hoofdstuk 2 Artikel 3

3.1

Bestemmingsregels

Agrarisch met waarden - Landschapswaarden

Bestemmingsomschrijving De voor 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. de uitoefening van een agrarisch bedrijf zoals genoemd in artikel 1 lid 1.10 onder a, b, e, f en g; alsmede voor: b. behoud, versterking en ontwikkeling van de landschappelijke waarde van de gronden, zoals deze tot uitdrukking komt in het reliëf, de kleinschaligheid, de openheid en de beplantingselementen (houtsingels en houtwallen); c. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals kuilvoerplaten, sleufsilo's, voedersilo's, mestvoorzieningen, teeltondersteunende voorzieningen, paardenbakken, groen, nutsvoorzieningen, in- en uitritten, (erf)ontsluitingen en voet- en fietspaden, water en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding waaronder ook voorzieningen ten behoeve van het tijdelijk bergen van water; d. de uitvoering en instandhouding van de maatregelen, conform het inrichtingsplan en maatregelen in het kader van de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving, zoals opgenomen in het erfinrichtingsplan zoals opgenomen in Bijlage 2; met daaraan ondergeschikt: e. evenementen; f. extensieve dagrecreatie.

3.2

Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn niet toegestaan; b. in afwijking van het bepaalde onder a geldt dat erf- of terreinafscheidingen en veekeringen gerealiseerd mogen worden; c. verder geldt het volgende: max. bouwhoogte erf- of terreinafscheidingen voor de voorgevel 1m erf- of terreinafscheidingen buiten bouwvlakken

1m

erf- of terreinafscheidingen overige plaatsen overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde

2m 3m

19

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

3.3

Afwijken van de bouwregels

3.3.1

Ten behoeve van paardenbak ken buiten het bouwvlak Het bevoegd gezag kan bij toepassing van de omgevingsvergunning zoals opgenomen in lid 3.5.2 tevens afwijken van het bepaalde in lid 3.2 teneinde afrastering behorende bij een paardenbak met een hoogte van ten hoogste 1,5 m toe te staan.

3.4

Specifieke gebruiksregels Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: a. buitenopslag is niet toegestaan; b. paardenbakken zijn niet toegestaan; c. het aantal evenementen bedraagt ten hoogste 2 per jaar.

3.5

Afwijken van gebruiksregels

3.5.1

Ten behoeve van nevenfuncties Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.1 ten behoeve van het toestaan van een of meer nevenfuncties, anders dan bij recht toegestane nevenfuncties, met inachtneming van het volgende: a. de nevenfunctie dient plaats te vinden binnen de bestaande bebouwing; b. in afwijking op het bepaalde onder a geldt dat (het gedeelte van) nevenfuncties waarvoor geen bebouwing nodig is tevens zijn toegestaan op gronden buiten het bouwvlak, mits grenzend aan een bouwvlak met de bestemming Agrarisch met waarden - Landschapswaarden; c. nevenfuncties dienen milieuhygiënisch inpasbaar te zijn; d. de bestaande bedrijfsvoering en ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende (agrarische) bedrijven mogen niet onevenredig worden beperkt; e. buitenopslag ten behoeve van de nevenfunctie is niet toegestaan; f. de publieks- en/of verkeersaantrekkende werking van nevenfuncties dient niet onevenredig groot te zijn en de bestaande infrastructuur dient berekend te zijn op de nieuwe activiteit; g. parkeren dient binnen het bouwvlak plaats te vinden; h. ten behoeve van de nevenfunctie kleinschalig kamperen geldt tevens het volgende: 1. nevenfunctie is alleen toegestaan in de periode van 15 maart tot en met 31 oktober; 2. het aantal standplaatsen bedraagt ten hoogste 25; 3.

uitsluitend mobiele kampeermiddelen, niet zijnde stacaravans, zijn toegestaan; 4. de afstand tot het bouwvlak van derden bedraagt ten minste 50 m; 5. de afstand tot andere verblijfsrecreatieve terreinen bedraagt ten minste 500 m; 6. er dient voorzien te worden in een adequate landschappelijke inpassing waarbij tevens de bestaande landschappelijke en natuurwaarden zoals genoemd in lid 3.1 onder b niet onevenredig worden aangetast; 7. in aanvulling op het bepaalde onder b mag de nevenfunctie kleinschalig kamperen behorende bij de aangrenzende percelen met de bestemming Wonen tevens buiten het bouwvlak, grenzend aan een bouwvlak met de bestemming Wonen, gerealiseerd worden mits voldaan wordt aan het bepaalde in artikel 7 lid 7.6.3 onder n;

20

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

3.5.2

Ten behoeve van paardenbak ken behorende bij de bestemming Wonen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.4 om paardenbakken buiten het bouwvlak toe te staan, met inachtneming van het volgende: a. van de bevoegdheid tot afwijken wordt uitsluitend gebruikgemaakt voor paardenbakken behorende bij aangrenzende percelen met de bestemming Wonen en dienen aansluitend aan de bestemming Wonen gerealiseerd te worden; b. per woning is maximaal één paardenbak buiten het bouwvlak toegestaan; c. de oppervlakte van een paardenbak bedraagt ten hoogste 1.200 m²; d. de afstand tussen de paardenbak en de bestemmingsvlakken van derden of agrarische bouwvlakken bedraagt ten minste 25 m; e. de bouwhoogte van lichtmasten bedraagt ten hoogste 6 m; f. lichtvervuiling als gevolg van verlichting bij paardenbakken dient tot een minimum te worden beperkt; g. er dient voorzien te worden in een adequate landschappelijke inpassing.

3.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 3.6.1

Uitvoeringsverbod zonder omgevingsvergunning Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, aan te leggen, of de volgende werkzaamheden uit te voeren: a. egaliseren, ophogen, afgraven, grondwerkzaamheden dieper dan 50 cm (zoals diepploegen) en ontginnen; b. graven en dempen van sloten, afdammen, herprofileren van sloten of ander oppervlaktewater, aanleggen van drainage, uitgezonderd het vervangen van bestaande drainage; c. het verwijderen, kappen of rooien van bomen of andere opgaande beplanting; d. de aanleg van verhardingen > 50 m² (zoals verharde wandel- of fietspaden en kavelpaden).

3.6.2

Uitzonderingen op het uitvoeringsverbod Het verbod van lid 3.6.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. b. c. d. e. f.

noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij de bouwregels in acht zijn genomen; normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming betreffen; reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; binnen het bouwvlak plaatsvinden; voor het eenmalig ophogen van grond tot een hoogte van maximaal 25 cm met een maximale oppervlakte van 2.000 m²; de uitvoering en instandhouding van de maatregelen, conform het inrichtingsplan en maatregelen in het kader van de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving, zoals opgenomen in het erfinrichtingsplan zoals opgenomen in Bijlage 2;

21

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

3.6.3

Voorwaarde voor een omgevingsvergunning De werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 3.6.1 zijn slechts toelaatbaar, indien daardoor de waarden, zoals in lid 3.1 onder b bedoeld, niet onevenredig worden aangetast.

22

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

Artikel 4

4.1

Groen

Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

groenvoorzieningen, bermen en beplanting; voet- en rijwielpaden, verhardingen; in- en uitritten; waterlopen en waterpartijen, met de daarbij behorende bruggen, steigers, dammen, duikers, kades, taluds, beschoeiingen, faunapassages e.d.; e. voorzieningen ten behoeve van waterberging, bijv. wadi's; f. nutsvoorzieningen, waaronder ook begrepen voorzieningen ten behoeve van (de opwekking van) duurzame energie; g. geluidwerende voorzieningen; h. kunstwerken; i. kunstobjecten; j. ter plaatse van de aanduiding 'ontsluiting' een ontsluitingsweg; met de daarbij behorende voorzieningen.

4.2

Bouwregels a. Binnen deze bestemming zijn geen gebouwen toegestaan; b. Bouwwerken geen gebouw zijnde zijn toegestaan met dien verstande dat 1. de bouwhoogte van geluidwerende voorzieningen niet meer dan 7 m mag bedragen; 2. de bouwhoogte van kunstobjecten niet meer dan 6 m mag bedragen; 3. de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen niet meer dan 2 m mag bedragen; 4. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet meer dan 4 m mag bedragen.

23

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

Artikel 5

5.1

Maatschappelijk

Bestemmingsomschrijving De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. voorzieningen ten behoeve van welzijn en gezondheidszorg; b. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, parkeervoorzieningen, nutsvoorzieningen en water; c. uitvoering van het inrichtingsplan conform Bijlage 1; met daaraan ondergeschikt: d. evenementen; met dien verstande dat: e. ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten' (-bw) een bedrijfswoning niet is toegestaan.

5.2

Bouwregels

5.2.1

Algemeen Voor het bouwen gelden de volgende regels:

a. bedrijfsgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van terreinafscheidingen, mogen uitsluitend binnen het bouwvlak en ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat: 1. ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' uitsluitend bijgebouwen en overkappingen gebouwd mogen worden; b. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - muur' is een muur toegestaan tot een bouwhoogte van 2 m; c. verder geldt het volgende: max. aantal per max. max. max. dakhelling bouwvlak inhoud/oppervlak goothoogte bouwhoogte (min./max.) bedrijfsgebouwen één 750 m³ 4,5 m 10 m 20°/55° bijgebouwen en één 100 m² 3m 6m 20°/55° overkappingen erf- of terreinafscheidingen: - voor de voorgevel 1m - buiten bouwvlakken - overige plaatsen 1m 2m overige bouwwerken, 3m geen gebouwen zijnde - = Niet van toepassing.

24

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

5.2.2

Voorwaardelijke verplichting natuurinclusief bouwen Het bouwen van gebouwen volgens het bepaalde in 5.2.1 is uitsluitend toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. er wordt natuurinclusief gebouwd. Hiervan is sprake als voldoende punten worden behaald door de uitvoering van de maatregelen uit Bijlage 4; 1. van voldoende punten is sprake als minimaal 15 punten worden behaald per hoofdgebouw, met dien verstande dat uit elke categorie minimaal één onderdeel wordt gekozen; b. uit een inrichtings/uitvoeringsplan blijkt welke maatregelen worden gerealiseerd; c. uiterlijk binnen 18 maanden na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor de bouw van de gebouwen, moeten de maatregelen voor het natuurinclusief bouwen uit het inrichtings/uitvoeringsplan zijn gerealiseerd; d. de onder c bedoelde maatregelen moeten duurzaam in stand worden gehouden; e. het onder b bedoelde inrichtings/uitvoeringsplan wordt aangeleverd bij de aanvraag van de omgevingsvergunning voor de bouw van de gebouwen en dienen door het bevoegd gezag te zijn goedgekeurd.

5.3

Afwijken van de bouwregels

5.3.1

Ten behoeve van overschrijding van het bouwvlak en aanduiding bijgebouw Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 5.2.1 onder a, ten einde een overschrijding van de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken en aanduidingen 'bijgebouw' toe te staan, met inachtneming van het volgende: a. er sprake is van een stedenbouwkundige en landschappelijke aanvaardbaarheid; b. er sprake is van een goede milieuhygiënische inpassing.

5.3.2

Ten behoeve van hoogte muur Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 5.2.1 onder b voor het toestaan van muren met een hoogte tot 3 m, met inachtneming van het volgende: a. er sprake is van een stedenbouwkundige en landschappelijke aanvaardbaarheid; b. er sprake is van een goede milieuhygiënische inpassing.

5.4

Specifieke gebruiksregels

5.4.1

Evenementen Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: het aantal evenementen bedraagt ten hoogste 2 per jaar.

5.4.2

Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - voorwaardelijke verplichting' overeenkomstig de in lid 5.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de aanleg en instandhouding van de (landschaps)maatregelen zoals opgenomen in het erfinrichtingsplan in Bijlage 1, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing en compensatie van ontwikkelingsruimte;

25

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

b. in afwijking van het bepaalde onder a, mogen gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 5.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt, onder de voorwaarde dat binnen 18 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan, uitvoering wordt gegeven aan de aanleg en instandhouding van de (landschaps)maatregelen bedoeld onder a; c. in afwijking van het bepaalde onder a en b, mogen gronden en bouwwerken, waar een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen voor vereist is, overeenkomstig de in lid 5.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt, onder de voorwaarde dat binnen 18 maanden na het verlenen van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, geheel uitvoering wordt gegeven aan de aanleg en instandhouding van de (landschaps)maatregelen bedoeld onder a. 5.4.3

Voorwaardelijke verplichting natuurinclusief gebruik gronden en bouwwerken Het gebruiken van de gronden en bebouwing ter plaatse van de bestemming Maatschappelijk is uitsluitend toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. uiterlijk binnen 18 maanden na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor de bouw van de gebouwen zijn de maatregelen voor het natuurinclusief bouwen, weergegeven in het goedgekeurde inrichtings/uitvoeringsplan, als bedoeld in artikel 5.2.2, uitgevoerd; b. de onder a bedoelde maatregelen worden duurzaam in stand gehouden.

5.5

Afwijken van de gebruiksregels

5.5.1

Ten behoeve van andere landschapsmaatregelen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.4.2, ten behoeve van een andere inrichting als beschreven in het goedgekeurde erfinrichtingsplan als bedoeld in 5.4.2 onder a, indien de inrichting voldoet aan de principes van het in 5.4.2 bedoelde erfinrichtingsplan en er sprake is van bescherming van de waterhuishouding, met dien verstande dat het bevoegd gezag voorafgaande aan de vergunningverlening advies dient in te winnen bij het waterschap.

26

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

Artikel 6

6.1

Natuur

Bestemmingsomschrijving De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

6.2

behoud, herstel en ontwikkeling van natuur- en landschapswaarden; extensieve dagrecreatie; houtoogst; water; bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals wegen, bruggen, paden, recreatieve voorzieningen en trafohuisjes.

Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. op deze gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, ten dienste van de bestemming worden gebouwd; b. de bouwhoogte van een hoogzit bedraagt ten hoogste 8 m; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 3 m.

6.3

Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.2 teneinde het oprichten van gebouwen en bouwwerken ten behoeve van het beheer en het onderhoud, een schuilhut of informatievoorziening van de terreinen, met inachtneming van het volgende: a. het gebouw dient noodzakelijk te zijn voor het beheer en onderhoud, een schuilhut of informatievoorziening; b. de oppervlakte per gebouw bedraagt ten hoogste 50 m²; c. de bouwhoogte bedraagt ten hoogste 4 m; d. de bestaande natuurwaarden mogen niet onevenredig worden aangetast.

6.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 6.4.1

Uitvoeringsverbod zonder omgevingsvergunning Het is verboden op of in de gronden met de bestemming Natuur zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, voor zover geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. egaliseren, ophogen, afgraven, grondwerkzaamheden dieper dan 40 cm (zoals diepploegen) en

27

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

b. c. d. e.

6.4.2

ontginnen; graven en dempen van sloten, afdammen, herprofileren van sloten of ander oppervlaktewater, aanleggen van drainage, uitgezonderd het vervangen van bestaande drainage; het verwijderen, kappen of rooien van bomen of andere opgaande beplanting; de aanleg van verhardingen > 50 m² (zoals verharde wandel- of fietspaden en kavelpaden; het aanbrengen van ondergrondse leidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur.

Uitzonderingen op het uitvoeringsverbod Het verbod van lid 6.4.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming of de gebiedsaanduiding betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan; c. reeds gemeld moeten worden op grond van artikel 4.2 van de Wet natuurbescherming.

6.4.3

Voorwaarde voor een omgevingsvergunning De werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 6.4.1 zijn slechts toelaatbaar, indien daardoor de natuur- en landschapswaarden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast.

28

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

Artikel 7

7.1

Wonen

Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen, daaronder begrepen kleinschalige beroepen- en bedrijven-aan-huis; b. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals erven, nutsvoorzieningen, parkeervoorzieningen, tuinen, water en paardenbakken; c. de uitvoering en instandhouding van de maatregelen, conform de inrichtingsplannen en maatregelen in het kader van de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving, zoals opgenomen in de erfinrichtingsplannen zoals opgenomen in Bijlage 1 en Bijlage 2. met daaraan ondergeschikt: d. e. f. g.

de in tabel 7.1 vermelde toegestane nevenfuncties; bed & breakfast; evenementen; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - hellingbaan' een constructie ten behoeve van een ondergrondse hellingbaan.

Tabel 7.1 Nevenfuncties die bij recht zijn toegestaan nevenfunctie

verkoop-aan-huis van streekeigen agrarische producten inpandige opslag en stalling ambachtelijke be- en verwerking van agrarische producten (kaasmakerij, imkerij, riet- en vlechtwerk, klompenmakerij) kano-, boot- of fietsenverhuur - = Niet van toepassing.

7.2

Bouwregels

7.2.1

Algemeen

maximaal aantal m² gronden in bestaande gebruik voor bebouwing in nevenfunctie gebruik voor nevenfunctie 100 500 m² 200 -

100

Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van erf- of terreinafscheidingen, mogen uitsluitend binnen het bouwvlak en ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat: 1. ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' uitsluitend bijgebouwen gebouwd mogen worden; b. ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd' dienen de woningen aaneengebouwd te zijn; c. ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' is de bestaande bouwomvang (oppervlakte, inhoud,

29

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

hoogtes) toegestaan; d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - muur' is een muur toegestaan tot een bouwhoogte van 2 m; e. verder geldt het volgende: max. aantal max. max. max. max. dakhelli per inhoud oppervlak goothoogte bouwhoogte ng bouwvlak woningen (inclusief aan- en één, tenzij 750 m³, 4,5 m, 10 m, danwel 20°/55° uitbouwen en aangebouwde middels de tenzij danwel de de bestaande bijgebouwen) aanduiding middels de bestaande bouwhoogte* 'maximaal aanduiding goothoogte* aantal 'maximum woningen' volume (m³)' anders is anders is aangegeven aangegeven overige bijgebouwen één 100 m2 en 3 m 6m 20°/55° overkappingen waarbij ter plaatse van de aanduiding [bg - 1] een bijgebouw van 100 m² en ter plaatse van [bg - 2] een bijgebouw van 200 m2 is toegestaan erf- of terreinafscheidingen: - voor de voorgevel - overige plaatsen overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde - = Niet van toepassing.

-

-

-

1m 2m 3m

-

* = Zoals legaal aanwezig op het moment van tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan.

7.2.2

Voorwaardelijke verplichting natuurinclusief bouwen Het bouwen van gebouwen volgens het bepaalde in 7.2.1 is uitsluitend toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. er wordt natuurinclusief gebouwd. Hiervan is sprake als voldoende punten worden behaald door de uitvoering van de maatregelen uit Bijlage 4; 1. van voldoende punten is sprake als minimaal 15 punten worden behaald per nieuwe woning, met dien verstande dat uit elke categorie minimaal één onderdeel wordt gekozen; b. uit een inrichtings/uitvoeringsplan blijkt welke maatregelen worden gerealiseerd; c. uiterlijk binnen 18 maanden na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor de bouw van de gebouwen, moeten de maatregelen voor het natuurinclusief bouwen uit het

30

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

inrichtings/uitvoeringsplan zijn gerealiseerd; d. de onder c bedoelde maatregelen moeten duurzaam in stand worden gehouden; e. het onder b bedoelde inrichtings/uitvoeringsplan wordt aangeleverd bij de aanvraag van de omgevingsvergunning voor de bouw van de gebouwen en dienen door het bevoegd gezag te zijn goedgekeurd.

7.2.3

Voorwaardelijke verplichting bodemsanering Het gebruiken van de gronden ter plaatse van Schrijversweg 2 conform het bepaalde in artikel 7.1, is uitsluitend toegestaan nadat de bodemsanering overeenkomstig het door bevoegd gezag goedgekeurde saneringsplan of BUS-melding volledig is uitgevoerd, de uitgevoerde sanering is goedgekeurd en de leeflaag overeenkomstig dit saneringsplan of BUS-melding in stand wordt gehouden.

7.3

Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen: a. ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' kunnen nadere eisen gesteld worden aan de situering en/of de lengte-breedteverhouding van nieuw te bouwen bebouwing en de nokrichting van de kappen van gebouwen, teneinde een verantwoorde stedenbouwkundige en/of landschappelijke situatie van zowel de bebouwing onderling als ten opzichte van het karakteristieke pand te verzekeren.

7.4

Afwijken van de bouwregels

7.4.1

Ten behoeve van het maximum oppervlak aan bijgebouwen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.2 teneinde het maximum oppervlak aan bijgebouwen bij een woning te vergroten tot 250 m², met inachtneming van het volgende: a. van de bevoegdheid tot afwijken wordt uitsluitend gebruikgemaakt indien de bouw van extra bijgebouwen noodzakelijk is voor het uitoefenen van hobbymatige agrarische of natuurgerichte activiteiten; b. van de bevoegdheid tot afwijken wordt uitsluitend gebruikgemaakt indien de bouw van extra bijgebouwen noodzakelijk is voor werkzaamheden die bijdragen aan het behoud en de ontwikkeling van het karakteristieke landschap; c. er dient ten minste 1 ha grond, gelegen buiten het bouwvlak, in beheer te zijn; d. er dient voorzien te worden in een adequate landschappelijke inpassing; e. er dient voorzien te worden in een goede milieuhygiënische inpassing.

7.4.2

Ten behoeve van de ruil van bijgebouwen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.2 onder e indien meer dan één woning binnen een bestemmingsvlak is toegestaan, teneinde het maximaal toegestane oppervlak aan bijgebouwen per woning uit te ruilen, met inachtneming van het volgende:

31

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

a. de uitruil van bijgebouwen mag niet leiden tot een (in)directe toename van het totale toegestane oppervlak aan bijgebouwen binnen het bestemmingsvlak; b. de eigenaren van de woningen waar tussen de uitruil plaatsvindt, dienen in te stemmen met de uitruil.

7.4.3

Ten behoeve van overschrijding van de bouwvlakken en aanduidingen bijgebouw Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 7.2.1 onder a, ten einde een overschrijding van de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken en aanduidingen 'bijgebouw' toe te staan, met inachtneming van het volgende: a. er sprake is van een stedenbouwkundige en landschappelijke aanvaardbaarheid; b. er sprake is van een goede milieuhygiënische inpassing.

7.4.4

Ten behoeve van afwijken dak helling Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.2 onder e voor het toestaan van een dakhelling bij de woning als bedoeld in Bijlage 1 waarbij wordt afgeweken van het gestelde aantal graden.

7.4.5

Ten behoeve van hoogte muur Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.2 onder d voor het toestaan van muren met een hoogte tot 3 m, met inachtneming van het volgende: a. er sprake is van een stedenbouwkundige en landschappelijke aanvaardbaarheid; b. er sprake is van een goede milieuhygiënische inpassing.

7.5

Specifieke gebruiksregel

7.5.1

Gebruik van gronden en bouwwerken Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: a. bij een combinatie van nevenfuncties mag het bebouwingsoppervlak ten behoeve van de activiteiten niet meer bedragen dan 50% van de totale oppervlakte aan gebouwen met een maximum van 850 m² en mag er niet meer dan 5.000 m² aan onbebouwde gronden in gebruik worden genomen; b. bed & breakfast is uitsluitend toegestaan in de woning; c. het aantal slaapplaatsen ten behoeve van bed & breakfast bedraagt ten hoogste 4; d. nevenfuncties zijn uitsluitend toegestaan binnen bestaande bebouwing; e. het aantal evenementen bedraagt ten hoogste 2 per jaar. f. de vloeroppervlakte ten behoeve van kleinschalige beroepen- en bedrijven-aan-huis bedraagt ten hoogste 35% van de maximaal toegestane bebouwing met een maximum van 100 m²; in het kader van deze kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten is geen horeca en detailhandel toegestaan.

7.5.2

Voorwaardelijke verplichting - sloopopgave a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting 1' overeenkomstig de in lid 7.1 opgenomen

32

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

bestemmingsomschrijving zonder de sloop/sanering van de in Bijlage 3 aangeduide bouwwerken en overtollige erfverharding; b. in afwijking van het bepaalde onder a, mogen gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 7.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt, onder de voorwaarde dat binnen 18 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan, geheel uitvoering is gegeven aan de sloop/sanering van de in Bijlage 3 aangeduide bouwwerken en overtollige erfverharding; c. in afwijking van het bepaalde onder a en b, mogen gronden en bouwwerken, waar een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen voor vereist is, overeenkomstig de in lid 7.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt, onder de voorwaarde dat binnen 18 maanden na het verlenen van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, geheel uitvoering is gegeven aan de sloop/sanering van de in Bijlage 3 aangeduide bouwwerken en overtollige erfverharding.

7.5.3

Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting 1' overeenkomstig de in lid 7.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de aanleg en instandhouding van de (landschaps)maatregelen zoals opgenomen in het erfinrichtingsplan in Bijlage 1, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing en compensatie van ontwikkelingsruimte; b. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting 2' overeenkomstig de in lid 7.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de aanleg en instandhouding van de (landschaps)maatregelen, (landschaps)maatregelen zoals opgenomen in het erfinrichtingsplan in Bijlage 2, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing en compensatie van ontwikkelingsruimte; c.

in afwijking van het bepaalde onder a en b, mogen gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 7.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt, onder de voorwaarde dat binnen 18 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan, uitvoering wordt gegeven aan de aanleg en instandhouding van de (landschaps)maatregelen bedoeld onder a respectievelijk b; d. in afwijking van het bepaalde onder a, b en c, mogen gronden en bouwwerken, waar een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen voor vereist is, overeenkomstig de in lid 7.1 opgenomen bestemmingsomschrijving worden gebruikt, onder de voorwaarde dat binnen 18 maanden na het verlenen van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, geheel uitvoering wordt gegeven aan de aanleg en instandhouding van de (landschaps)maatregelen bedoeld onder a respectievelijk b.

7.5.4

Voorwaardelijke verplichting natuurinclusief gebruik gronden en bouwwerken Het gebruiken van de gronden en bebouwing ter plaatse van de bestemming Wonen is uitsluitend toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. uiterlijk binnen 18 maanden na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor de bouw van de gebouwen zijn de maatregelen voor het natuurinclusief bouwen, weergegeven in het goedgekeurde inrichtings/uitvoeringsplan, als bedoeld in artikel 7.2.2, uitgevoerd; b. de onder a bedoelde maatregelen worden duurzaam in stand gehouden.

33

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

7.6

Afwijken van de gebruiksregels

7.6.1

Ten behoeve van andere landschapsmaatregelen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.5.3, ten behoeve van een andere inrichting als beschreven in de goedgekeurde erfinrichtingsplannen als bedoeld in 7.5.3 onder a en b, indien de inrichting voldoet aan de principes van de in 7.5.3 bedoelde erfinrichtingsplannen en er sprake is van bescherming van de waterhuishouding, met dien verstande dat het bevoegd gezag voorafgaande aan de vergunningverlening advies dient in te winnen bij het waterschap.

7.6.2

Ten behoeve van voorwaardelijke verplichting(en) Het bevoegd gezag kan onder bijzondere omstandigheden bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.5.2 en lid 7.5.3 ten behoeve van uitgestelde uitvoering van de bedoelde (landschaps)maatregelen.

7.6.3

Ten behoeve van nevenfuncties Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.1 ten behoeve van het toestaan van een of meer nevenfuncties, anders dan bij recht toegestane nevenfuncties, met inachtneming van het volgende: a. de nevenfunctie dient plaats te vinden binnen de bestaande bebouwing; b. in afwijking van het bepaalde in onder a geldt dat (het gedeelte van) nevenfuncties waarvoor geen bebouwing nodig is, tevens zijn toegestaan op gronden buiten het bouwvlak, mits grenzend aan het bouwvlak; c. nevenfuncties dienen milieuhygiënisch inpasbaar te zijn; d. de bestaande bedrijfsvoering en ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende (agrarische) bedrijven mogen niet onevenredig worden beperkt; e. buitenopslag ten behoeve van de nevenfunctie is niet toegestaan; f. de publieks- en/of verkeersaantrekkende werking van nevenfuncties dient niet onevenredig groot te zijn en de bestaande infrastructuur dient berekend te zijn op de nieuwe activiteit; g. parkeren dient binnen het bouwvlak plaats te vinden; h. detailhandel is uitsluitend toegestaan als ondergeschikte functie die ten dienste staat van de nevenactiviteit; i. horeca is uitsluitend toegestaan als ondergeschikte functie die ten dienste staat van de nevenactiviteit; j.

het bebouwingsoppervlak ten behoeve van de activiteiten mag niet meer bedragen dan 50% van de totale oppervlakte aan gebouwen met een maximum van 250 m²; k. bij een combinatie van nevenfuncties mag het bebouwingsoppervlak ten behoeve van de activiteiten niet meer bedragen dan 50% van de totale oppervlakte aan gebouwen met een maximum van 850 m² en mag er niet meer dan 5.000 m² aan onbebouwde gronden in gebruik worden genomen; l. ten behoeve van de nevenfunctie niet-agrarische bedrijven geldt tevens het volgende: 1. bedrijven uit categorie 3 of hoger van de Staat van bedrijfsactiviteiten zijn niet toegestaan, tenzij uit nader onderzoek is gebleken dat de functie, eventueel na het treffen van maatregelen, qua invloed en milieubelasting gelijk te stellen is aan de bedrijfsfuncties uit categorie 1 en 2 van de Staat van bedrijfsactiviteiten; 2. activiteiten uit kolom 1 van bijlagen C en D van het Besluit milieueffectrapportage 1994 zijn niet toegestaan in de gevallen zoals genoemd in kolom 2 van de desbetreffende bijlage; m. ten behoeve van de nevenfunctie kleinschalig kamperen geldt tevens het volgende:

34

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

1. de nevenfunctie is alleen toegestaan in de periode van 15 maart tot en met 31 oktober; 2. het aantal standplaatsen bedraagt ten hoogste 25; 3. uitsluitend mobiele kampeermiddelen, niet zijnde stacaravans, zijn toegestaan; 4. de afstand tot het bouwvlak van derden bedraagt ten minste 50 m; 5. de afstand tot andere verblijfsrecreatieve terreinen bedraagt ten minste 500 m; 6. er dient voorzien te worden in een adequate landschappelijke inpassing; n. ten behoeve van gevoelige functies waar langdurig kinderen verblijven geldt het volgende: 1. deze functies zijn niet toegestaan op gronden gelegen binnen 50 m ten opzichte van de bestemming Leiding - Hoogspanningsverbinding overeenkomstig het bestemmingsplan 'Buitengebied Deventer, 1e herziening'; 2. het bepaalde onder 1 is niet van toepassing indien uit berekeningen blijkt dat het jaargemiddelde magneetveld voldoet aan de normen.

35

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijversweg 2

Artikel 8

8.1

Waarde - Archeologie 2

Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van de op en/of in deze gronden voorkomende archeologische verwachtingswaarden.

8.2

Bouwregels

8.2.1

Vaststelling archeologische waarde a. De aanvrager van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouw is verplicht een rapport te overleggen waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld. b. Deze verplichting geldt uitsluitend als de bodemingreep groter is dan 2500 m² en dieper is dan 0,50 m onder maaiveld. c. Als de bodemingreep groter is dan 1000 m², kleiner is dan 2500 m², en dieper is dan 0,50 m onder maaiveld kan door het bevoegd gezag een voorschrift als bedoeld in artikel 8.2.3 onder d aan de vergunning worden verbonden.

8.2.2

Uitzonderingen Het bepaalde in het vorige lid is niet van toepassing: a. als het bouwen uitsluitend betrekking heeft op de vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder maaiveld, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering, b. als de archeologische waarde van het terrein naar het oordeel van het bevoegd gezag al voldoende vaststaat.

8.2.3

Voorwaarden Het bevoegd gezag kan aan de omgevingsvergunning een of meer van de volgende voorschriften verbinden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor monumenten of archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingende in de zin van artikel 5.1 van de Erfgoedwet. c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan bij die voorschriften te stellen kwalificaties; d. de verplichting tot het bieden van gelegenheid tot een archeologische waarneming door het bevoegd gezag tijdens de uitvoering van de werkzaamheden, als de bodemingreep groter is dan 1000 m², kleiner is dan 2500 m², en dieper is dan 0,50 m onder maaiveld.

36

vastgesteld bestemmingsplan Manegelocatie Oerdijk en Schrijver sweg 2

8.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.3.1

Vergunningplicht Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor een aanlegactiviteit de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren, waarbij sprake is van een bodemingreep die groter is dan 1000 m² en een bodemverstoring die dieper is dan 0,50 m onder maaiveld: a. b. c. d. e.

het ophogen, egaliseren en ontginnen van gronden; het verlagen van de bodem of het afgraven van gronden; het uitvoeren van graafwerkzaamheden en grondbewerkingen; het aanbrengen van diepwortelende beplanting; het aanleggen of verharden van wegen, rijwielpaden, banen of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; f. het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies; g. het graven of anderszins aanbrengen van watergangen en waterpartijen; h. het uitvoeren van sloopwerkzaamheden met een bodemverstorende werking.

8.3.2

Uitzonderingen vergunningplicht Het in artikel 8.3.1 vervatte verbod geldt niet voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden: a. in het kader van het normale beheer en onderhoud; b. in het kader van archeologisch onderzoek en/of het doen van opgravingen, mits verricht door een ter zake deskundige; c. indien op basis van door een deskundige uitgevoerd bureauonderzoek of inventariserend veldonderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen behoudenswaardige archeologische monumenten of waarden aanwezig zijn; d. die noodzakelijk zijn met het oog op het realiseren of slopen van een bouwwerk, waarvoor een omgevingsvergunning is verleend; e. waarmee is begonnen ten tijde van de inwerkingtreding van dit plan indien daarvoor geen vergunning vereist was; f. waarmee op grond van een omgevingsvergunning of ontgrondingsvergunning is of mag worden begonnen ten tijde van de inwerkingtreding van het plan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13844251/1