CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-06-24 Antwoorden technische vragen inburgering

Raadsvergadering 17 juli 2024, gemeente DeventerBij agendapunt: Beleidskader inburgering1.025 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RM 2024-218 van 12-3-2024. Voorinburgeringsaanbod ‘Iedereen aan boord’ Bij kern van de boodschap staat ondermeer: “Het college heeft de intentie om de opdracht aan Bureau de werkvloer eenmalig te verlengen tot uiterlijk eind 2024. Eind april loopt het huidige programma af”

1. Zijn alle deelnemers van het programma dat eind april afliep, direct doorgestroomd naar hun leerroute? Zo niet, hoe komt dit en wat doen deze deelnemers nu? De deelnemers stromen door nadat onze consulenten inburgering de brede intake met hen hebben doorlopen. Met de brede intake van die groep is in april gestart. De groep is te groot om tegelijk te spreken, dat zal geleidelijk gebeuren. Naar verwachting zal de deze groep inburgeraars de komende maanden geleidelijk instromen bij de gecontracteerde aanbieders (Aventus, TopTaal en Vluchtelingenwerk). 2. Heeft deze voorinburgering bijgedragen aan een versnelling van de brede intake bij inburgeringsplichtigen? (zie ook de nadere toelichting van RM 2023-760 van 12-9-2023 bij bovenstaande 2 vragen) Onze eerste ervaringen zijn dat de informatie uit voorinburgering helpt bij een gedegen afweging bij de brede intake. 3. Hoe hoog waren de kosten van het programma dat eind april afliep? Werd dit gefinancierd vanuit de begroting van 2023 voor inburgering? De kosten van dat programma waren 324.479 excl. BTW. Dat bedrag werd deels gedekt uit het Innovatiefonds Arbeidsmarkttoeleiding en deels uit het Werkbudget verhoogde asielinstroom. 4.

Wordt de verlenging van de opdracht aan Bureau de werkvloer gefinancierd vanuit begrote € 140.000 in 2024 voor Brede starklas/voorinburgering? Als niet, uit welk “potje” wordt dit dan gefinancierd? Voor de dekking van de kosten van de verlenging wordt geput uit dezelfde posten als bij de eerste opdracht (zie ons antwoord bij vraag 3.) Het begrote € 140.000 voor 2024 verwijst naar het deel dat uit het Werkbudget verhoogde asielinstroom wordt betaald. Evaluatie en herijking (24-04-04-137) Pagina 12 5. Wanneer zal de evaluatie uit de pilot “taalroute naar werk” door Matz Social beschikbaar zijn? En kunnen de uitkomsten effect hebben op de aanpak van Brede startklas/voorinburgering? Er is in het najaar een eerste voorlopige rapportage opgeleverd. Een deel van de deelnemers van de eerste groep heeft daarna nog aanvullende verlengde begeleiding ontvangen. De tweede groep zal dit najaar zijn traject afronden. Dan ontstaat een compleet beeld van de resultaten van beide pilotgroepen en krijgen wij goed zicht op de resultaten van pilot ‘Taalroute naar werk’ van Matz Social. Deze pilot staat los van de startklas/voorinburgering. In de pilot van Matz Social doen mensen mee die hun inburgering al (bijna) afgerond hebben onder de vorige wet

inburgering. De brede startklas/voorinburgering is bedoeld voor mensen die nog moeten starten met hun inburgering. “Verder blijkt uit de evaluatie dat ondanks de hierboven genoemde dienstverlening de statushouders die onder de oude wet vallen of inmiddels al klaar zijn met inburgeren, helaas wat buiten beeld zijn geraakt. Op dit moment wordt er een bestandsanalyse gedaan om te onderzoeken wat de actuele situatie is en welke kansen en eventuele belemmeringen er liggen. Vervolgens wordt onderzocht wat passende interventies kunnen zijn om ook deze mensen mee te laten doen naar vermogen (het liefst met betaald werk).” 6. Wanneer zullen de resultaten van de bestandsanalyse wat de actuele situatie is en welke kansen en belemmeringen er liggen bekend zijn? We verwachten in juli en augustus 2024 de bestandsanalyse te doen kort daarna zullen ook de resultaten hiervan bekend zijn. 7. Wanneer zal de uitkomst van het vervolgonderzoek wat passende interventies zijn om ook deze mensen mee te laten doen naar vermogen (het liefst met betaald werk) bekend zijn? En zijn er dan financiële middelen beschikbaar om deze passende interventies te financieren? Aan de hand van de uitkomsten van de bestandsanalyse zal een opdracht geformuleerd worden voor passende interventies om deze mensen mee te kunnen laten doen naar vermogen (liefst naar betaald werk).

De financiering hiervan loopt via de gevraagde middelen voor de verbetermaatregelen voor de vangnetaanvraag BUIG 2023. Pagina 14 Ontwikkeling Brede startklas (als overbrugging tussen de eerste kennismaking met een inburgeraar en de start van een leerroute) “Om een startklas structureel vorm te geven, moeten we een openbare aanbesteding doen. Verder zien wij mogelijkheden om onderdelen van maatschappelijke begeleiding en omgaan met geld hierin op te nemen, en aan te sluiten bij de infrastructuur in de wijk.” 8. Zal het in de aanbesteding mogelijk zijn dat lokale partners in samenwerkingsverband op de aanbesteding inschrijven, om zo een doorgaande lijn (zonder onderbrekingen) van opvang tot afronding inburgering inclusief nazorg zo veel mogelijk te waarborgen? (Bijvoorbeeld Bureau de werkvloer, Bureau Holland en 1 of 2 andere partners richten een consortium op en schrijven als consortium in op de aanbesteding). Voor ons is het ook van belang dat de brede startklas een nog steviger verankering krijgt met lokale partijen die nu ook intensief betrokken zijn in de inburgeringsketen. Er zijn verschillende manieren waarop dat gestalte kan krijgen. 9. Zullen er meetbare/aantoonbare kwaliteitseisen vereist worden, die bepalen of een aanbieder in aanmerking komt om mee te dingen in de aanbesteding? Ja.

Voor de aanbesteding wordt een programma van eisen opgesteld, waarin ook kwaliteitseisen worden opgenomen. Pagina 23

“Het is de verwachting dat het rijk - zodra dat praktisch mogelijk is – de verdeling van het totaalbudget zal baseren op de resultaten van gemeenten. Dit zal niet eerder het geval zijn dan voor het jaar 2026, omdat de eerste resultaten van de uitvoering van de nieuwe wet pas na enkele jaren bekend zullen worden. Met de gedeeltelijke prestatiebekostiging wordt beoogd gemeenten te stimuleren om de randvoorwaarden te creëren voor het realiseren van de gewenste prestaties, omdat op deze wijze relatief goed presterende gemeenten financieel worden beloond met de toekenning van extra te besteden budget. Andersom, zullen aan relatief slecht presterende gemeenten relatief minder middelen worden toegekend.” 10. Kan het ook zo zijn dat relatief slecht presterende gemeenten, vanwege ontbreken van een toereikend budget, relatief meer middelen toegekend zullen krijgen zodat ze wel relatief goed presterend kunnen worden en de al relatief goed presterende relatief minder middelen toegekend krijgen omdat ze al relatief goed presteren? Over de verdere uitwerking van de prestatiebekostiging is bij ons op dit moment nog geen aanvullende informatie bekend.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14369613/1