2024-04-04 137 Eindversie caseverslag Deventer - RadarAdvies
Tekst van het document
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 Een verslag van de case study in Deventer
Verslag case study i.o.v.: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
22-01-2024
______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
1/16
1
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
Deel 1: beleidstheorie WI 2021 De nieuwe Wet inburgering (hierna: de wet of Wi 2021) heeft tot doel om nieuwkomers in staat te stellen om snel en volwaardig mee te doen in de Nederlandse samenleving, liefst via betaald werk. Daarvoor acht de wetgever het belangrijk dat inburgeraars de taal leren, het liefst op B1-niveau, dat zij kennis opdoen van de Nederlandse samenleving, en dat zij naar vermogen participeren. Om dit doel te behalen, zijn vijf mechanismen geïdentificeerd die, wanneer zij tot hun recht komen, zouden moeten leiden tot het behalen van het maatschappelijke doel: het inburgeringsstelsel moet een tijdige start en snelheid van het inburgeringsproces garanderen, er moet ruimte zijn voor maatwerk, onderwijs en participatie moeten duaal plaatsvinden, en de kwaliteit van het inburgeringsaanbod moet goed zijn. In de wet, die op 1 januari 2022 in werking trad, vervullen gemeenten een centrale rol. Wanneer een inburgeraar aan een gemeente gekoppeld wordt, zorgt de gemeente dat er een intake wordt uitgevoerd.
Inburgeraars doen een leerbaarheidstoets en krijgen een persoonlijk inburgeringsplan, en kunnen op basis daarvan instromen in één van drie leerroutes: de B1-route, gericht op het leren van de taal en het doen van vrijwilligerswerk; de Onderwijsroute, gericht op het behalen van een schooldiploma; de Z-route voor mensen voor wie de B1-route of de Onderwijsroute niet mogelijk is, en die gericht is op het ontwikkelen van zelfredzaamheid. Gemeenten dragen daarnaast zorg voor de kennismaking met de arbeidsmarkt, voor maatschappelijke begeleiding en voor het financieel ontzorgen van statushouders. Voor dit onderzoek richten we ons op de start van het inburgeringstraject: van brede intake tot de start van de taallessen. Gemeenten hebben binnen de wet veel ruimte om zelf te bepalen hoe zij hun rol invullen. Dat leidt ertoe dat er grote verschillen kunnen bestaan tussen gemeenten, bijvoorbeeld in de manier en het moment waarop zij de eerste kennismaking laten plaatsvinden of de manier waarop zij de leerbaarheidstoets inzetten. Ook organisatorisch zijn er grote verschillen: sommige gemeenten werken in een samenwerkingsverband, sommige gemeenten besteden de uitvoering van de wet geheel of gedeeltelijk uit aan een andere organisatie. De wet beoogt een lerend stelsel tot stand te brengen: het is de bedoeling dat het stelsel nog bijgestuurd kan worden op basis van opgedane ervaringen.
Het vraagstuk dat wij onderzoeken is of en hoe gemeenten erin slagen een lokaal systeem tot ontwikkeling te brengen dat aansluit op de eigen couleur locale, én voldoet aan de door de wet gestelde uitgangspunten en kaders, én bijdraagt aan de realisatie van de landelijk beoogde doelen. De hoofdvraag van het onderzoek is dan ook: hoe is de eerste fase van de Wi 2021 door gemeenten vertaald in uitvoeringsprocessen en in hoeverre werkt de wet zoals de wetgever heeft beoogd?
______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
2/16
2
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
Deel 2: organisatie van lokale uitvoering Bronnen: websites, beleidsstukken, interview met contactpersoon Gemeenten en uitvoeringsorganisatie. De gemeente Deventer heeft de uitvoering van de Wi2021 belegd in de eigen organisatie. In de voorbereidingsfase is overwogen om de uitvoering te beleggen bij sociaal werkbedrijf KonnecteD, vanwege hun ervaring met inburgeraars. Vanuit de gedachte dat de ondersteuning van inburgeraars zoveel mogelijk binnen reguliere infrastructuur en in samenhang met andere vormen van ondersteuning georganiseerd zou moeten worden, is ervoor gekozen om de trajectregie intern te beleggen. De inkoop van de leerroutes is in stedendriehoek-verband gedaan (Deventer, Apeldoorn, Epe, Heerde, Voorst en Olst-Wijhe). De B1- en Z-route vallen onder één contract en de Onderwijsroute onder een ander contract. Bij het contract van de Onderwijsroute is ook Zutphen aangesloten. Er is gezocht naar twee aanbieders die beiden in staat zijn de B1- en Z-route vorm te geven. TopTaal en Vluchtelingenwerk zijn gekozen. Het wordt als wenselijk gezien dat inburgeraars kunnen kiezen tussen twee opties. Het is niet duidelijk of er ook andere mogelijke aanbieders waren. Cijfers. Aantal inburgeraars volgens DUO: 484, waarvan 369 asielstatushouders en 115 gezinsmigranten (peildatum december 2023). Taakstelling huisvesting voor 2023 was 223, realisatie was hoger met 233 huisvestingen.
Begin 2024 loopt Deventer voor op de taakstelling, met 13 gehuisveste vergunninghouders boven de verplichte taakstelling. Oorspronkelijk lag het verwachtte aantal op zo'n 100 inburgeraars per jaar, maar dit is in de praktijk hoger. Dat zorgt voor achterstanden; zowel bij de brede intake, als bij het plaatsen van statushouders bij onderwijsaanbieders. Ze hebben naar aanleiding hiervan de formatie wat uitgebreid, maar dit is nog niet voldoende gezien de aantallen. Geen bijzonderheden in de populatie inburgeraars voor zover bekend, dit wordt wel gemonitord. Teams en mensen. De uitvoering is belegd bij 5 inburgeringsconsulenten in het team Inkomensondersteuning (IO), met 4,2 fte. Deze consulenten zijn alleen bezig met inburgeraars en begeleiden hen in het hele traject. In het team IO zitten ook inkomensconsulenten die de uitkering voor de inburgeraar regelen (en voor alle andere groepen in de P-wet). Financieel ontzorgen is belegd bij het Budget Adviesbureau Deventer (BAD), een aparte uitvoeringsorganisatie; dit omvat echter niet het begeleiden naar financiële zelfredzaamheid, dat is uitbesteed aan Vluchtelingenwerk. Leerwerkbedrijf KonnecteD voert de regie op de oude-wetters en is onder de Wi2021 verantwoordelijk voor participatie- en werktrajecten. Het team van consulenten inburgering is nieuw opgericht voor de Wi2021, er zijn dus nieuwe mensen aangetrokken.
Het idee hierachter was dat inburgering een aparte tak van sport is, waardoor je ook andere professionals nodig hebt. Affiniteit voor de doelgroep is een belangrijke factor hierin. Er zijn geen specialisaties voor bepaalde groepen. De caseload is 70-80 voor een fulltime consulent. Dit aantal is gekozen op basis van een pilot en de ervaring van andere gemeenten. Wordt nu als te hoog ervaren. De gemeente is bezig met het objectiveren van de caseload, d.w.z. ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
3/16
3
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
helder krijgen hoeveel tijd een PIP kost, de voortgangsgesprekken etc., om hier een formatiecalculatie op te kunnen baseren. Voor het hele traject om tot een PIP te komen gaat men nu uit van gemiddeld 5-6 uur per inburgeraar, maar de variatie hierin is groot. Samenwerking en ketenpartners. TopTaal en Vluchtelingenwerk zijn gecontracteerde B1/Z-route aanbieders en bieden ook de MAP aan. Vluchtelingenwerk doet daarnaast de maatschappelijke begeleiding en de begeleiding naar financiële zelfredzaamheid (training). Ook wordt samengewerkt met KonnecteD (werk-leerbedrijf), DeventerDoet voor vrijwilligerswerk en Stichting Vangnet en Humanitas/stichting Rechtop. Sinds kort draait er een speciaal voorinburgeringstraject ‘Iedereen aan boord’ voor statushouders die in de gemeente wonen maar nog niet kunnen starten met de inburgering. Dit wordt uitgevoerd door Bureau de Werkvloer en bekostigd uit aanvullende gemeentelijke middelen. AZC’s. Er is een AZC in de regio, namelijk AZC Schalkhaar. Ook AZC Apeldoorn en AZC Zutphen zijn in de buurt. Het is onduidelijk hoeveel inburgeraars in de eigen regio worden geplaatst. Er worden veel statushouders in Deventer geplaatst die buiten de regio in een AZC hebben gezeten.
______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
4/16
4
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
Deel 3: lokale SOLL, ofwel de lokale invulling van de beleidstheorie Bronnen: beleidsstukken, lokale verordeningen, werkinstructies, interview met contactpersoon Doelen. Uit de stukken blijkt dat de gemeente Deventer de doelstelling van Wi2021 overneemt en vertaalt naar de eigen doelstelling: “Alle inburgeraars in Deventer leren zo snel mogelijk de Nederlandse taal spreken en schrijven op het voor hen hoogst haalbare niveau en kunnen zelfstandig meedoen aan de samenleving, het liefst met betaald werk.” Qua inrichtingskeuze is gekozen om in de eerste jaren in de uitvoering zoveel mogelijk met lokale partijen te werken. Onder de oude wet werkte de gemeente ook met deze partijen samen en om niet alles opnieuw uit te hoeven vinden is de keuze bewust gemaakt om met deze partijen verder te gaan in plaats van met nieuwe partijen. Na een tijd worden deze samenwerkingen geëvalueerd om te kijken of het wenselijk is om ook andere partijen te betrekken. Inmiddels zijn al wel een aantal andere partijen betrokken, bijvoorbeeld in de uitvoering van het programma van de voorinburgering. Vanuit de Raad werd de kwaliteit van de brede intake en het creëren van eigenaarschap bij de inburgeraar in de beginfase van de Wi2021 benadrukt. Inburgeringsproces.
De gemeente Deventer beschikt over uitgebreide procesomschrijvingen en instructies voor consulenten die in de voorbereidingsfase van de Wi2021 zijn opgesteld. In de praktijk worden deze processen niet allemaal gevolgd, mede als gevolg van de hoge instroom. Hieronder volgt een beschrijving van hoe het proces oorspronkelijk is bedacht: • In de praatplaat voor inburgeraars staat het ‘ideale’ proces voor inburgeraars als volgt omschreven: begin in AZC, kennismakingsgesprek met de consulent inburgering van de gemeente, gevolgd door huisvesting in Deventer en start begeleiding door vluchtelingenwerk; vervolgens gesprekken met de consulent inburgering, start van financieel ontzorgen en uiteindelijk de start van de leerroute. • In de Klantreis statushouders is dit in meer detail uitgewerkt. Het proces begint met de huisvesting, waarbij Vluchtelingenwerk de regie houdt. Na het vinden van passende huisvesting begint de maatschappelijke begeleiding door vluchtelingenwerk, waaronder ook de inschrijving bij de gemeente. Parallel hieraan vindt de kennismaking met de consulent inburgering plaats, idealiter vlak voor de huisvesting (of erna). Hierop volgt de brede intake (hoofdthema’s huisvesting, financiën, taal, gezin, vrijwilligerswerk, werk/persoonlijke doelen), de leerbaarheidstoets, verslaglegging van de brede intake en het PIP waaraan ook een Ontwikkelplan is gekoppeld.
Hierna begint het inburgeringsaanbod. • De Brede Intake is uitgebreid omschreven in het productenboek voor consulenten inburgering. De intake volgt op het kennismakingsgesprek en bestaat in theorie uit drie gesprekken en de leerbaarheidstoets. In het eerste gesprek wordt vooral uitleg gegeven over het inburgeringstraject en wordt een band opgebouwd. In het tweede gesprek worden zo veel mogelijk thema’s uit een uitgebreide vragenlijst besproken. In het derde gesprek worden gevoelige thema’s besproken, op basis waarvan ook kan worden doorverwezen naar aanvullende ondersteuning. • Op basis van de Brede Intake (inclusief leerbaarheidstoets) wordt het PIP opgesteld, met daarin de te volgen leerroute, het aantal voortgangsgesprekken, het aantal uren van de PVT en de MAP en het al dan niet deelnemen aan VVE. Daarnaast is het idee om een Ontwikkelplan vast te stellen die in gaat op de persoonlijke doelstelling van de inburgeraar. ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
5/16
5
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
Een nieuwe ontwikkeling is dat de gemeente in november is gestart met een eigen voorinburgeringstraject, een traject dat nu eerst voor zes maanden wordt uitgevoerd. De gemeente faciliteert dit in aanvulling op de voorinburgering bij het COA, en het is bedoeld als aanbod voor statushouders die al aan Deventer zijn gekoppeld maar nog even moeten wachten op de brede intake of het begin van de leerroute. Het programma bestaat uit taallessen, kennismakingsactiviteiten gericht op de stad (bijv. Sport) en het bouwen van een netwerk (kerk, moskee etc.). Het programma bevat elementen die later in de inburgering ook terugkomen, maar op informelere wijze en echt gericht op kennismaking. Er is een continue instroom en uitstroom bij dit programma. Zodra iemand kan instromen bij de leerroute, stroomt diegene uit bij de voorinburgering. Principes/uitgangspunten. De vijf principes worden als heel belangrijk en leidend gezien; het is het doel van de gemeente Deventer om volgens die principes te werken. De principes zijn in de inrichting ook expliciet als uitgangspunt genomen.
Daarnaast zijn er lokale uitgangspunten vastgesteld die aanvullend zijn op de vijf principes en deels ook overlappen: vroegtijdig contact, begeleiding op maat, één aanspreekpunt, integrale afstemming, duale trajecten, zo veel mogelijk lokaal, uitvoering door professionals en vrijwilligers, en wederzijdse inspanning en verantwoordelijkheid. Deze uitgangspunten betekenen onder andere dat de trajectregisseur/consulent het centrale aanspreekpunt voor de inburgeraar is, dat de inburgeraar een ‘integraal pakket’ aan ondersteuning aangeboden krijgt, en dat er bij iedereen ongeacht de leerroute wordt ingezet op participatie naast taal. Context en couleur locale. Een bijzonderheid is de tussenvoorziening die in 2023 is geopend. Dit betekende in de praktijk dat er in één keer 70 statushouders in de gemeente werden gevestigd die ook op dat moment allemaal in de caseload van de consulenten terecht kwamen. Terwijl er qua huisvesting en (deels) financieel ontzorgen een aantal dingen collectief geregeld kon worden, was dit voor de brede intake en PIP niet het geval gezien de grote diversiteit in de bewoners van de tussenvoorziening. Dit heeft tot grote druk op de uitvoering geleid. Deventer bevindt zich in stedelijke context, dus er zijn in principe veel voorzieningen en diversiteit in bevolking. Moeilijk te zeggen wat de beleidstraditie op dit gebied is.
College bestaat uit D66, CDA, PvdA, Gemeentebelang. Stedelijke context zorgt ook voor een dynamische arbeidsmarkt. Er is sprake van krapte in veel sectoren, waaronder kinderopvang en taalscholen. Andere contextfactor is AZC Schalkhaar dat al sinds de jaren ’90 bestaat en ook een afdeling voor intensief begeleidende opvang (ibo) heeft.
Deel 4: lokale IST, ofwel de uitvoering in de praktijk Bronnen: interviews met uitvoerders, eventueel managementrapportages of raadsinformatie, analyse 3 PIPs, observaties, interviews met ketenpartners Start in het AZC. Inburgeraars komen in beeld bij consulenten inburgering als huisvesting is geregeld door Vluchtelingenwerk en als er een uitkering is aangevraagd bij de inkomensconsulent. Op dat moment wordt ook de financiële ontzorging door het BAD opgestart. Dit betekent dat de inburgeraar in het begin vooral met de maatschappelijk begeleider van Vluchtelingenwerk en (eenmalig) met de inkomensconsulent en het BAD te maken heeft. Pas in tweede instantie komt de inburgeraar met de consulent inburgering in aanraking. Als de aanvraag voor uitkering is ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
6/16
6
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
binnengekomen, zetten de consulenten inburgering de inburgeraar op de wachtlijst voor de brede intake. Het verschilt hoe lang de inburgeraar hierop moet wachten na huisvesting. Sommige mensen wachten 1 week, sommige 5/6 weken. In eerste instantie was bedacht om vanuit het DUO-portaal te kijken naar wie in Deventer gaat inburgeren. De gemeente wilde de statushouders die nog in het AZC zitten al laten starten met de inburgering nog voor ze in de gemeente komen. Dit is nooit gelukt omdat in Deventer veel huisvestingen zijn, mede door de tussenvoorziening. Er is geen tijd om mensen in het AZC te spreken. Het feit dat er geen kennismaking op het AZC plaatsvindt, komt dus doordat de caseload hoog is, niet door de locatie van het AZC. In principe wordt een kennismaking op het AZC nog steeds als wenselijk beschouwd, maar in de huidige situatie is dit simpelweg niet mogelijk. De consulenten ontvangen informatie van het COA via TVS. Ze hebben geen rechtstreeks contact met de consulenten van COA. In TVS vinden ze informatie over werk of opleiding van de statushouder. In het klantprofiel in TVS is minimale informatie beschikbaar, maar dat is geen bezwaar. Eén van de consulenten inburgering geeft aan liever iemand van punt 0 te willen leren kennen, een ander waardeert het klantprofiel wel als basis waarop ze voort kunnen borduren in de brede intake.
Consulenten zien in bijzondere gevallen wel meerwaarde in direct contact met COAconsulenten, bijvoorbeeld wanneer inburgeraars vanuit de intensief begeleide opvang (IBO) komen. Ze hebben de wens om in deze gevallen meer in contact te staan met de COA medewerkers, maar in de praktijk blijkt het soms lastig om met de juiste mensen in contact te komen. Brede intake. In de werkomschrijving bestaat de brede intake uit een kennismaking, drie gesprekken en een leerbaarheidstoets. In de praktijk is dit proces anders ingevuld. Sinds een aantal maanden worden de kennismaking en de uitleg van het inburgeringsproces veelal in groepsverband gedaan. Consulenten stellen groepen samen op basis van (taal)achtergrond van inburgeraars en presenteren hierin de informatie die ze anders individueel zouden overdragen: voorwaarden, leerroutes, MAP, PVT, KNM, PIP, check of mensen digivaardig zijn en nog meer. Er is een tolk aanwezig en de grootte van de groep hangt af van hoe veel mensen een bepaalde taal spreken. Na deze bijeenkomst komen mensen op een individueel gesprek voor de intake, eventueel (maar niet altijd) gevolgd door een vervolggesprek. Hierna wordt de leerbaarheidstoets afgenomen. In de tussentijd is een inburgeraar ook al aangemeld bij een taalschool die een eigen intake (inclusief toets) uitvoert.
Op basis van de eigen intake, de leerbaarheidstoets en de intake van de taalschool stelt de consulent een PIP op die in een gesprek met de inburgeraar wordt vastgesteld. De ervaringen met de groepsbijeenkomsten zijn wisselend: in potentie worden de bijeenkomsten gezien als een ideale manier om de informatie op een efficiënte manier over te brengen op de inburgeraars. Belangrijk is dat inburgeraars al wel hun uitkering en financiële ontzorging hebben geregeld, zodat zij in deze bijeenkomst kunnen focussen op de inburgering. De mogelijkheden tot kennismaking en het opbouwen van een band tussen consulent en inburgeraar in een groepsbijeenkomst zijn beperkt. Voor gezinsmigranten wordt over het algemeen geen groepsgewijze kennismaking georganiseerd, omdat zij uit veel verschillende landen komen, verschillende talen spreken en dus niet makkelijk in groepen geplaatst kunnen worden. Het individuele gesprek dat volgt op de groepsbijeenkomst wordt gezien als de essentie van de brede intake. Hierin zien de consulenten het als hun doel om de inburgeraar zo goed mogelijk te leren kennen en dan een zo goed mogelijk aanbod doen, zowel qua leerroute als begeleiding. De insteek kan per gesprek verschillen. Bij de een gaat het langer over de kinderen, bij de andere over alfabetisering.
De standaard onderwerpen die sowieso aan de orde komen zijn: welk onderwijs ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
7/16
7
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
heeft iemand gevolgd, lezen en schrijven, het Latijns alfabet, fietsen, werkervaring, ambities op werkgebied, digivaardigheid, sociaal netwerk in Nederland, familie/netwerk in land van herkomst, gezondheid. Consulenten maken tijdens het kennismakingsgesprek duidelijk wat hun rol is: dat ze contactpersoon zijn, elkaar 3 jaar lang gaan zien en spreken en dat de inburgeraar altijd met alle vragen naar consulent mag komen zodat consulent de inburgeraar kan verwijzen naar de juiste persoon. Het creëren van vertrouwen wordt belangrijk gevonden, wat ook inhoudt dat er ruimte is voor de inburgeraar om diens verhaal te ‘ventileren’. Het intakegesprek duurt gemiddeld een uur, met telefoontolk. Bij inburgeraars die meer uitleg nodig hebben of waarbij de communicatie langzaam verloopt, wordt een tweede gesprek ingepland. Hierna wordt de leerbaarheidstoets afgenomen (zie kopje leerbaarheidstoets). De inburgeraars worden door de consulenten meteen ingeschreven bij de taalschool om de wachttijd op het begin van de leerroute te verkorten. De inburgeraar doet een proefles op beide scholen en mag zelf kiezen op welke school diegene les wil krijgen. De taalschool doet parallel aan de brede intake een eigen intake en neemt daarbij een taalleerbaarheidstoets af.
Iemand gaat dus al proeflessen doen tijdens de brede intake, doet een intake bij de taalschool en pas daarna wordt de brede intake van de gemeente afgesloten met een PIP. De taalschool geeft ook een advies over de leerroute, of iemand nog gealfabetiseerd moet worden etc. Dit advies wordt meegenomen in de keuze voor de leerroute. Als binnen een gezin zowel man als vrouw taallessen volgen, dan komt het wel eens voor dat de lessen tegelijkertijd vallen. Consulent probeert er dan voor te zorgen dat het er niet op neer komt dat de vrouw dan thuisblijft bij de kinderen, maar dat het gelijkwaardig wordt verdeeld. Bijvoorbeeld door de lessen van beide ouders op verschillende dagen te plannen. Dit werkt goed tot nu toe. Uitgangspunt is sowieso om ook de vrouw te stimuleren echt de taal te leren. Het kan lastig zijn om dit goed te communiceren, maar de consulenten vinden hier een weg in. Wanneer een vrouw wordt uitgenodigd voor de brede intake, kan het gebeuren dat de man meekomt en het woord voert. Wanneer een vrouw alleen wordt gesproken komt er vaak meer informatie vrij. Consulenten sturen er soms dan ook op aan om de inburgeraar alleen te spreken, of ze stimuleren de vrouw om in het bijzijn van haar partner haar mening te geven en haar verhaal te vertellen. Dit doen ze bijvoorbeeld door de vrouw actief aan te kijken. De consulenten ervaren hierbij een positief effect.
Als inburgeraars kinderen hebben wordt er aandacht besteed aan de behoefte aan kinderopvang en/of VVE. De consulenten ervaren dat inburgeraars het vaak lastig vinden om kinderen naar de kinderopvang te brengen. Consulenten benadrukken de voordelen voor het kind en voor de inburgeraar. Ze regelen een kijkochtend, waardoor de weerstand kan worden weggenomen. Vluchtelingenwerk helpt inburgeraars bij het vinden van kinderopvang. VVE wordt geregeld via gespecialiseerde VVE toeleiders waar de consulenten inburgering contact mee hebben. Ze checken of er al contact is met de inburgeraar. VVE komt altijd op huisbezoek bij inburgeraars en informeert de inburgeraars over de mogelijkheden. De Jeugdverpleegkundige GGD geeft een indicatie voor vve af. Zowel VVE-plekken als kinderopvangplekken zijn heel schaars. Het is een uitdaging om kinderen te plaatsen. VVE kan in totaal per week 14 uur, 7 uur gratis en 7 uur met een stukje eigen bijdrage. De eigen bijdrage wordt door de gemeente middels bijzondere bijstand vergoed. Consulenten letten ook op mentale en fysieke gezondheid tijdens de intake. Als er psychische problemen worden gesignaleerd bij inburgeraar kan de consulent niet heel veel doen. Consulent gaat in gesprek en geeft ruimte aan de inburgeraar om te vertellen wat er speelt.
Consulenten hebben contact met Dimence (psychische hulpverlening), maar kunnen niet zelf iets in gang zetten ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
8/16
8
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
vanuit hun rol. Dit wordt als lastig ervaren. Soms spreekt de consulent met de taalschool af om het traject on hold te zetten, als de inburgeraar meer tijd nodig heeft om hulpverlening te regelen. Bij fysieke gezondheidsproblemen neemt de consulent contact op met de maatschappelijk begeleider voor het aanvragen van een Wmo-voorziening. Uitvoering leerbaarheidstoets. De gemeente neemt de leerbaarheidstoets af in groepjes, en soms individueel, op het gemeentehuis. Meestal wordt de toets afgenomen na het eerste individuele gesprek met de consulent, soms al na een groepsbijeenkomst. In de groepsbijeenkomst (en anders individueel) wordt verteld dat de toets altijd uit 40 vragen bestaat, dat het geen taaltoets is, dat je er niet voor kan leren en dat de uitkomst niet bepalend is voor wat je wel/niet mag doen qua inburgeringstraject. Daarnaast vertellen ze heel gedetailleerd hoe de toets eruitziet. De inburgeraars krijgen dan ook een oefenlink. Ook wordt gecheckt hoe digivaardig iemand is. Afhankelijk van de digivaardigheid van de inburgeraar wordt de toets afgenomen op een laptop met touchscreen of op een laptop met muis. De consulenten zijn zelf gecertificeerd als begeleider van de toets. Eén van de consulenten geeft aan dat het handig zou zijn als er gebruikt zou worden gemaakt van een breedbeeld laptop.
Nu moeten mensen die de toets maken vaak scrollen binnen een vraag, dat kan onhandig uitpakken. Dit kan aan de apparatuur liggen of aan de instellingen van de laptops. De kiosk-modus is niet bekend bij de consulent. Er is geen tolk aanwezig bij de toets. In het begin van het toets moment kunnen inburgeraars vragen stellen, dan proberen consulenten uitleg te geven zonder antwoorden voor te zeggen. Als een inburgeraar klaar is met de toets, checkt de consulent of alle vragen zijn beantwoord en sluit de toets af. Er zijn geen aanpassingen gedaan in de afname van de toets of de communicatie hierover. Met name voordat de toets werd aanpast kwamen de uitkomsten vaak niet overeen met de indruk van de consulenten. Zij merken wel dat er nu andere resultaten worden behaald dan vorig jaar en dat deze meer overeenkomen met de indruk van de consulent. De uitslag van de toets wordt doorgegeven aan de inburgeraar. Dit wordt meegenomen in de keuze voor de leerroute (zie kopje keuze voor leerroute). Keuze voor leerroute. De keuze voor de leerroute wordt bepaald op basis van drie hoofdelementen: de informatie uit de brede intake, de leerbaarheidstoets en de intake bij de taalschool. De inschatting van de taalschool en van de consulent inburgering komen vaak overeen. Ook de uitkomst van de leerbaarheidstoets van de gemeente is vaak in lijn met het algemene beeld van de consulent.
Doorgaans proberen consulenten in te zetten op de B1-route, omdat de inburgeraar vanuit daar – indien noodzakelijk kan afschalen naar A2 of Z-route. Dus als iemand minder dan 28 punten scoort op de leerbaarheidstoets, maar wel helder is in de communicatie en cognitief vaardig lijkt, dan zijn consulenten geneigd om toch voor de B1-route te kiezen. Als iemand echt in de Z-route thuishoort, dan wordt daar wel voor gekozen. Consulenten kunnen snel inschatten wanneer dit het geval is. Het gaat vaak om oudere mensen, mensen afkomstig van het platteland, mensen met analfabetisme, mensen die geen onderwijs hebben genoten en mensen die mentale gezondheidsklachten hebben waardoor het leren van een taal moeilijk is. In Deventer zijn naar verhouding veel deelnemers aan de Onderwijsroute. Bij jongeren wordt vaak in eerste instantie gekeken of de Onderwijsroute past. Voor de Onderwijsroute moet de leerbaarheid van de jongere hoog zijn gezien de intensiviteit van de route. Past dit niet, dan kijkt de consulent naar de B1-route. De keuze voor Onderwijsroute of B1-route wordt gemaakt op basis ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
9/16
9
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
van: motivatie, leeftijd, eerder onderwijs, uitkomst van de leerbaarheidstoets, taalvaardigheid, motivatie om na de inburgering ook daadwerkelijk een opleiding te volgen. De uiteindelijke beslissing of de inburgeraar de Onderwijsroute kan gaan volgen wordt gemaakt door Aventus (MBO). Zij doen een intake, waarbij de inburgeraar een toets maakt. Aventus geeft op basis hiervan aan of iemand geschikt is voor de Onderwijsroute. Bij twijfel kan een proefperiode van twee maanden worden ingesteld. Voor HBO-onderwijs zijn er nog geen vaste contracten. Gezinsmigranten zijn volgens de consulenten over het algemeen zelfredzaam en gewend om te werken. In sommige gevallen lijkt de arbeidsmarkt in land van herkomst op die in Nederland. Sommige gezinsmigranten beginnen zelf al met werken en/of het leren van de taal voordat de consulent inburgering ze spreekt. Doordat ze een Nederlandse partner kennen ze de Nederlandse context vaak beter. Daarnaast hebben ze vaak al een A1 toelatingsexamen moeten doen in het land van herkomst. Gezinsmigranten worden nooit in de Onderwijsroute geplaatst, ze kunnen het bedrag voor deze route namelijk niet lenen bij duo. Verder beïnvloeden de kosten de keuze voor een route (B1- of Z-route) volgens de consulent niet echt. In de meeste gevallen is B1 de passende route.
De leerbaarheidstoets speelt een rol in de afweging maar wordt niet één op één overgenomen in de keuze voor een route. Met name in het begin hadden de consulenten veel inburgeraars die een advies voor Z-route uit de toets kregen, terwijl de consulenten zelf op basis van de gesprekken de indruk hadden dat de B1-route haalbaar was. Dit werd dan ook vaak bevestigd door de intake van de taalschool. Door de aanpassing van de toets is dit is nu minder het geval. De toets is nu vooral een extra onderbouwing. Voor de ene consulent is het gesprek van de brede intake belangrijker, de andere consulent hecht meer waarde aan de toets. In alle gevallen wordt de toets als waardevol gezien als één van de elementen in de afweging, maar bijna nooit doorslaggevend. Context PIP. Voor het PIP wordt een standaard format gebruikt dat niet afwijkt van het format in andere gemeenten. In de eerste sectie wordt beargumenteerd waarom iemand een bepaalde route kan doen, dit is het meest persoonlijke deel. Hierbij wordt de uitslag van de taaltoets van de taalschool meegenomen in combinatie met andere aanwijzingen waarom de specifieke leerroute goed past. Verder bevat het PIP vooral standaard informatie over de MAP, PVT, etc.
Als de consulent het PIP heeft opgesteld, dan wordt het PIP doorgenomen met de inburgeraar om te controleren of diegene het eens is met wat erin staat en nog steeds achter de gekozen leerroute staat. Het PIP gesprek bestaat dus vooral uit het doornemen en ondertekenen van de PIP. Ook geeft de consulent in het PIP gesprek aan dat de inburgeraar altijd contact moet opnemen als er iets aan de hand is, zodat er geen boete wordt opgelegd aan de inburgeraar. Het PIP wordt geformaliseerd direct na het gesprek. In sommige situaties wordt de PIP pas later geformaliseerd, bijvoorbeeld als de consulent weet dat iemand pas later kan starten met de inburgering (bijvoorbeeld door drukte bij taalscholen). De termijn van drie jaar begint namelijk direct te lopen. De 10-weken termijn van het PIP wordt vaak niet gehaald. De consulenten zijn afhankelijk van ketenpartners (taalscholen) en kunnen vaak pas vijf weken na huisvesting beginnen met de intake. Volgens één consulent kan het PIP in theorie binnen een week worden afgesloten, maar in de praktijk niet door de afhankelijkheid van andere partners. Naast het PIP heeft de gemeente een Ontwikkelplan waarin de consulent meer persoonlijke doelen van de inburgeraar vastlegt. Dit is een dynamisch document dat in tegenstelling tot het PIP kan worden bijgesteld.
Het Ontwikkelplan wordt volgens geïnterviewden niet veel gebruikt, omdat het ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
10/16
10
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
vooral verwarring zou veroorzaken en het leren van de taal in bijna alle gevallen de belangrijkste doelstelling voor de inburgeraar is. Ontzorging en financiële zelfredzaamheid. Financiële ontzorging wordt geregeld door het Budget Adviesbureau Deventer (BAD). In lijn met de wet omvat ontzorging de vijf betalingen: huur, gas, water, licht, ziektekostenverzekering. Daarnaast wordt een krediet verstrekt voor woninginrichting. Bij de meeste inburgeraars wordt de ontzorging geregeld op hetzelfde moment dat de uitkering wordt aangevraagd - nog voordat het inburgeringsproces op gang is gekomen. Op hetzelfde moment wordt ook het inrichtingskrediet aangevraagd. In de eerste maand worden de vaste lasten vaak uit dit krediet betaald, omdat de uitkering achteraf wordt uitbetaald en dus niet op tijd binnenkomt. Ook toeslagen worden niet direct ontvangen. Bewoners van de tussenvoorziening wonen in een studio die is gestoffeerd en gemeubileerd. Ze betalen hiervoor een vast bedrag, waardoor de maatschappelijk begeleider van Vluchtelingenwerk minder papierwerk hoeft te leveren aan het BAD. Deze groep inburgeraars krijgt in principe geen krediet omdat ze in een gemeubileerde studio komen. Het BAD biedt bewoners van de tussenvoorziening de mogelijkheid om een voorschot aan te vragen op de zorg- en huurtoeslag, omdat er begrip is voor de ingewikkelde situatie van net gevestigde statushouders.
Het krediet voor inrichting wordt wel aan hen verstrekt zodra zij de tussenvoorziening verlaten en naar een andere woning verhuizen. De beginsituatie van de inburgeraar wordt door het BAD ervaren als een ingewikkelde puzzel waar pas na enkele maanden stabiliteit in optreedt. Dit is afhankelijk van hoe snel de maatschappelijke begeleider van Vluchtelingenwerk alle aanvragen heeft geregeld en alle informatie heeft aangeleverd. De rol van de maatschappelijke begeleiding hierin is zeer groot. Consulenten krijgen veel vragen van inburgeraars over de ontzorging. Veel blijft onduidelijk voor de inburgeraars. Er is een digitaal systeem waarop ze mee kunnen kijken met wat er op hun bankrekening binnenkomt en wat er betaald wordt, maar dit leidt kennelijk niet tot duidelijkheid. Vragen over de financiële ontzorging zet de consulent in de meeste gevallen door naar Vluchtelingenwerk, en soms naar het BAD. Ontzorging duurt in principe zes maanden. In die tijd is er weinig tot geen contact tussen BAD en de inburgeraar. Als er contact is, dan gaat dit vaak via de maatschappelijk begeleider. Na zes maanden vindt een uitstroomgesprek plaats. Tijdens dit gesprek wordt gekeken of de ontzorging kan worden gestopt. In principe stromen mensen na zes maanden uit, dan worden zij gekoppeld aan een budgetcoach.
Als mensen wel bij BAD willen of moeten blijven, worden er doelen opgesteld om op termijn naar financiële zelfredzaam te worden. Voor het overgrote deel is er geen sprake van maatwerk. Alle inburgeraars worden ontzorgd zodra zij een uitkering aanvragen. Als iemand een inkomen heeft hoeft diegene niet ontzorgd te worden. Wanneer deze persoon later alsnog een uitkering aanvraagt moet het BAD inschatten of diegene moet worden ontzorgd en voor hoe lang. Dit is een lastige keuze, omdat het BAD zelf geen contact heeft met de inburgeraar. De begeleiding naar financiële zelfredzaamheid doet Vluchtelingenwerk. Daar heeft BAD geen rol in. Het gaat om de training ‘Omgaan met geld’. Na zes maanden zouden inburgeraars die training in principe moeten hebben gevolgd. In de uitstroomgesprekken van het BAD blijkt soms dat inburgeraars nog niet goed op de hoogte zijn van hun financiële zaken. Er zijn dan ook twijfels of zij daadwerkelijk de training hebben gevolgd. Vluchtelingenwerk geeft aan dat de training ‘Omgaan met geld’ in de meeste gemeenten na vier of vijf maanden wordt aangeboden, maar dat dit in ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
11/16
11
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
Deventer iets later is. Wellicht hebben veel inburgeraars daarom de training nog niet gevolgd ten tijde van het uitstroom gesprek. Bij de organisatie van deze training houdt Vluchtelingenwerk rekening met volume en de timing. Een trainingsgroep moet een minimaal aantal deelnemers hebben, dus de training kan worden gegeven zodra dit aantal is bereikt. Daarnaast is het van belang dat de inburgeraar de training op een juist moment in diens traject volgt. Er kan dus niet zomaar een groep worden gevuld. Het gevolg hiervan is wel dat de timing van de training en het tijdspad van de financiële ontzorging door het BAD uit de pas kunnen lopen. Aanbod en start leerroutes. De consulenten vinden drie leerroutes eigenlijk te weinig. Eén van de consulenten geeft aan dat er wel eens is gesproken over de route B1-light. Hiermee wordt bedoeld dat een tussenvariant tussen de B1- en de Z-route zinvol zou zijn. Deze route zou dan passen bij mensen in de B1-route die zeer waarschijnlijk het niveau niet halen en bij mensen die goed presteren in de Z-route. In beide gevallen zou het zinvol zijn om meteen in te zetten op A2 in plaats van het op- of afschalen op een later moment. Het is bovendien niet bevorderlijk voor de motivatie van de inburgeraar als diegene in een route boven het eigen niveau wordt geplaatst.
Eén van de consulenten toont daarmee ook kritiek op het plaatsen van inburgeraars in de B1 route, terwijl er bij voorbaat al twijfel is. Wel geeft de consulent aan dat dit soms wel een goede optie is. Omdat inburgeraars niet altijd meteen kunnen starten met hun traject, is er sinds half november een voorinburgeringstraject opgestart. Dit traject duurt zes maanden en omvat taallessen, oriëntatieactiviteiten in Deventer en sociale activiteiten. Doel van dit traject is om mensen tijdens de wachttijd actief te houden en alvast te laten beginnen met leren en oriënteren. Er zijn ook mogelijkheden om informeel de taal te leren. Echter, consulenten merken dat netwerkpartners het lastig vinden om iemand die nog geen Nederlands spreekt te koppelen aan een taalmaatje of daar een vrijwilligersplek voor te vinden. Netwerkpartners hanteren daarin een taaleis die belemmerend werkt voor de participatie. Begeleiding. De begeleiding verschilt per casus. Bij sommige mensen is eenmalige uitleg voldoende, anderen hebben meer begeleiding en herhaaldelijke uitleg nodig. Consulenten baseren de mate van begeleiding op de cognitieve capaciteiten van de inburgeraar. Gender, taalgroep of achtergrond hebben hier geen invloed op. Over het algemeen is de ervaring dat gezinsmigranten minder begeleiding nodig hebben. Desalniettemin verschilt ook dit per persoon.
Als een inburgeraar niet komt opdagen voor de brede intake stuurt de consulent de persoon in eerste instantie een bericht, bijvoorbeeld via WhatsApp. Als daar een reactie op komt is het afhankelijk van de reden en de houding van de inburgeraar wat de vervolgactie is. Als iemand geïnteresseerd en gemotiveerd is, en een goede reden heeft voor afwezigheid, dan is de consulent coulanter dan wanneer iemand vooral weerstand laat zien. Als iemand bewust afspraken negeert, dan ontvangt de inburgeraar eerst een aangetekende brief met een waarschuwing. Bij herhaling start het boeteproces. Er is tot nu toe meerdere keren een waarschuwing gegeven. De consulent inburgering is het eerste aanspreekpunt voor de inburgeraar en is verantwoordelijk voor doorverwijzing naar andere afdelingen of diensten. Er is een aantal casussen waarvoor consulenten eigenlijk met WMO of afdeling jeugd om tafel moeten, maar dit gaat moeizaam omdat bijvoorbeeld een WMO-aanvraag door de maatschappelijk begeleider moet worden gedaan. Vanuit de aanvragen van een consulent kan WMO weinig regelen. De consulent rijkt dus met name vormen van ondersteuning aan en de daadwerkelijke aanvraag moet de maatschappelijk begeleider of de inburgeraar zelf doen.
Het goed vormgeven en uitvoeren van dit aspect van de ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
12/16
12
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
regievoering kost veel tijd en investering, maar vanwege een tekort aan capaciteit is die tijd er maar beperkt. Het is nu nog zoeken naar de juiste lijnen binnen de gemeente. Bij financiële vragen over de ontzorging en vragen over de uitkering werkt de doorverwijzing beter: consulenten inburgering weten de betrokken inkomensconsulenten en de beheerders van BAD goed te vinden. Participatie wordt benaderd vanuit inburgeringsperspectief, niet vanuit de Participatiewet. Tot A2-niveau is behaald, zijn mensen vrijgesteld van de participatieplicht in de Participatiewet.
Deel 5: analyse en conclusie Bronnen: interview met contactpersoon, interviews met klantmanagers, eigen analyse Het traject. Start in het AZC: wordt niet uitgevoerd in verband met hoge caseload van consulenten. Het doel van de gemeente is dat de consulenten dit weer oppakken, zodra de caseload dit toestaat. Brede intake: de brede intake start één tot zes weken na huisvesting in Deventer. Het bestaat uit een groepsbijeenkomst, een persoonlijk gesprek en een mogelijk vervolggesprek. De leerbaarheidstoets en de intake van de taalschool worden in deze periode ook gedaan. De onderwerpen die vanuit het wetsvoorstel moeten worden besproken: gevolgd onderwijs, werkervaring in het land van herkomst, gezondheid en gezinssituatie komen aan bod in Deventer. Leerbaarheidstoets: de leerbaarheidstoets wordt gedurende de brede intake afgenomen. Wanneer dit precies is verschilt per casus. De toets wordt afgenomen door de consulenten zelf, zij zijn gecertificeerd. De laptops waarop de inburgeraars de toets maken werken niet altijd ideaal, dit heeft mogelijk te maken met de instellingen (touchscreen en kiosk-modus). De leerbaarheidstoets wordt meegenomen als één van de factoren bij het bepalen van de leerroute. PIP: Het PIP wordt vastgesteld na de voorgestelde 10-wekentermijn.
Het bevat alle informatie die volgens het wetvoorstel moet worden opgenomen (leerroute, PVT, MAP, begeleiding en ondersteuning, en andere informatie over op welke wijze inburgeringsplichtige aan diens inburgering moet voldoen). Daarnaast is het wettelijk verplicht om informatie op te nemen over de relevante onderdelen van de participatiewet indien de inburgeraar bijstandsgerechtigd is. In het PIP dat wordt gebruikt door gemeente Deventer wordt vermeld dat de inburgeraar hier een aparte brief over ontvangt, ook het ontzorgen wordt hierbij genoemd. Financiële ontzorging: wordt uitgevoerd door het BAD. Er wordt gepoogd dit volgens de wet uit te voeren (verplichting voor iedereen, verplichte betalingen etc.), dit werkt in de praktijk onbevredigend. De versoepeling volgens de Kamerbrief heeft in Deventer niet tot veranderingen geleid. Begeleiding naar financiële zelfstandigheid is uitbesteed aan Vluchtelingenwerk, er is geen ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
13/16
13
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
goed zicht op de effectiviteit van deze begeleiding, mede door onduidelijkheid over het moment waarop de cursus wordt gegeven. Keuze voor en start leerroute: wordt bepaald door de gemeente, de taalschool en de inburgeraar zelf. Zwaartepunt ligt bij gemeente en taalschool. In de wet staat dat de gemeente deze keuze in samenspraak met de inburgeraar maakt, maar dat de gemeente de uiteindelijke beslissing neemt. Dit lijkt in Deventer het geval. Begeleiding: de begeleiding verschilt per inburgeraar. Consulenten hebben over het algemeen minder contactmomenten met zelfstandige inburgeraars dan met hulpbehoevende inburgeraars. Dit kan gezien worden als een vorm van maatwerk. Consulent is centraal aanspreekpunt voor inburgeraar bij de gemeente en verwijst door naar andere contactpunten waar nodig. Mechanismen en principes. Tijdige start wordt op dit moment niet waargemaakt. Het eerste contact met consulenten vindt plaats enkele weken na vestiging in de gemeente. De tijdige start, bijvoorbeeld op het azc, wordt wel als wenselijke ambitie gezien wanneer de caseload dit toelaat. Het voorinburgeringstraject dat recent van start is gegaan, laat wel zien dat de gemeente er belang aan hecht dat inburgeraars niet inactief moeten wachten. Snelheid is een prioriteit, maar is net als de tijdige start op dit moment niet gewaarborgd.
Maatregelen zoals het groepsgewijs kennismaken leveren efficiëntie op voor de gemeente, maar leiden niet noodzakelijkerwijs tot snelheid in het proces voor statushouders. Consulenten ervaren bovendien een spanning tussen snelheid en kwaliteit: soms is een extra gesprek met een inburgeraar of het wachten op de intake bij de taalschool belangrijker dan het snel afronden van de intake en PIP. Wachttijden bij de taalschool betekenen bovendien dat consulenten soms wachten met het vaststellen van het PIP om de inburgeringstermijn te waarborgen. Kwaliteit wordt vooral benadrukt in de keuze voor een passende leerroute. Consulenten zien een passende route als dé essentiële voorwaarde voor een goed traject. Omdat de meeste inburgeraars nog aan het begin van hun traject staan, is het nog niet te zeggen of de keuzes inderdaad goed uitpakken. Dualiteit komt met name tot uiting in de MAP die door de taalscholen wordt uitgevoerd en waar inburgeraars na zes maanden aan beginnen. Dit valt niet binnen de scope van ons onderzoek. Maatwerk wordt in de wet met name gerelateerd aan het kiezen van een passende leerroute, maar kan in de praktijk breder opgevat worden. In Deventer kunnen we spreken van maatwerk in de begeleiding door de gemeente, in de zin dat er per inburgeraar wordt gekeken wat er nodig is aan gesprekken en extra ondersteuning.
De consulenten noemen maatwerk niet als expliciet uitgangspunt, maar zien het wel als hun taak om zo goed mogelijk aan te sluiten bij de specifieke situatie van de inburgeraar. De aanvullende prioriteiten die in de beleidsdocumenten van Deventer worden gesteld komen voor een groot deel overeen met deze mechanismen. ‘Zo veel mogelijk lokaal’ is een aanvullend uitgangspunt die tot uiting komt in de keuze voor lokale samenwerkingspartners zoals de taalscholen, KonnecteD en Vluchtelingenwerk. De keuze voor lokale partijen wordt nu tegen het ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
14/16
14
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
licht gehouden. Regie en integraliteit. De gemeente pakt de regierol in de zin dat de consulenten het eerste aanspreekpunt voor inburgeraars zijn. Deze regierol begint in feite pas nadat de inburgeraar al enkele weken in de gemeente woont en is opgevangen door de maatschappelijke begeleiding door Vluchtelingenwerk. De consulenten zijn ook verantwoordelijk voor doorverwijzingen naar andere ondersteuning of loketten, zoals Wmo, inkomen of BAD. De doorverwijzingen lopen soms lastig, doordat de lijnen nog niet duidelijk zijn vastgelegd. Dit raakt ook aan integraliteit: consulenten werken enerzijds niet integraal, aangezien zij alleen over inburgering gaan. Zij doen dit echter wel vanuit een integraal perspectief en proberen problemen op andere gebieden te signalen en door te verwijzen naar de juiste ondersteuning binnen de gemeente. Het is nog zoeken hoe ver de verantwoordelijkheid van consulenten hierin gaat. De regie op de lokale keten ligt ook bij de gemeente, maar dan vooral bij contractmanagers en beleidsmedewerkers die de contacten met ingehuurde partijen onderhouden. Hierin is het een uitdaging dat het vooral de uitvoerende consulenten zijn die signalen over de kwaliteit van de dienstverlening ontvangen. Zij zijn in de huidige situatie echter niet in een positie om bijvoorbeeld taalscholen of werkvoorziening aan te spreken op de kwaliteit. Conclusies.
In de inrichting van het inburgeringsproces in Deventer zijn de uitgangspunten van de Wi2021 duidelijk als richtsnoer gehanteerd. De werkzame mechanismen uit de wet zijn vertaald naar lokale uitgangspunten die op veel vlakken overeenkomen met de wettelijke kaders. De werkinstructies die zijn uitgewerkt voor bijvoorbeeld de vroegtijdige kennismaking en de brede intake zijn volledig in lijn met de bedoelingen van de wet zoals die in de Memorie van Toelichting tot uiting komen. De situatie in de praktijk wijkt af van dit ideaalbeeld. Door de hoge caseload, mede veroorzaakt door de hoge instroom door het openen van de tussenvoorziening, zijn de werkprocessen in de praktijk aangepast. Hierin hebben de consulenten een grote rol gespeeld. Zij geven expliciet aan dat zij veel eigenaarschap voelen over het proces doordat zij het zelf mede hebben kunnen inrichten en vormgeven. Deze ontwikkeling is nog niet afgerond, er wordt nog steeds geëxperimenteerd en verder ontwikkeld. Het uitgangspunt van een lerend stelsel lijkt hierin dus zeker vorm te krijgen. Opvallende praktijken zijn in ieder geval de groepsgewijze kennismaking, de duidelijke rol van taalscholen bij de intake, en het net opgestarte voorinburgeringsaanbod. We kunnen dan ook constateren dat de gemeente een eigen ‘kleur’ heeft gegeven aan het inburgeringsproces, mede ingegeven door praktische uitdagingen.
Het resultaat is een uitvoeringsproces dat mogelijk iets ‘smaller’ is dan in de wet is beoogd: geen vroege kennismaking op AZC, groepsgewijze informatiebijeenkomsten, brede intake vooral gefocust op het kiezen van de juiste leerroute en minder op het opbouwen van een vertrouwensband. Doelgroepen. De consulenten zien het grootste verschil in doelgroepen tussen gezinsmigranten en asielstatushouders. Dat heeft niet zozeer met de verschillen in het traject te maken, aangezien in de eerste fase nog weinig verschillen zijn. De verschillen zitten ‘m vooral in de populatie. De consulenten zijn het erover eens dat het contact met gezinsmigranten in de meeste gevallen soepeler verloopt dan met asielstatushouders, wat komt door hun vaak hoger opleidingsniveau of cognitieve capaciteiten, hun betere voorbereiding door hun partner, en soms de voorbereiding door de inburgering in het buitenland. Gezinsmigranten worden bijna altijd op de B1-route ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
15/16
15
RadarAdvies | bedreven in beter samenleven
geplaatst. Consulenten geven ook aan dat zij vaak minder gesprekken nodig hebben in de brede intake met gezinsmigranten dan met asielstatushouders. Consulenten houden rekening met genderfactoren en gendergerelateerde dynamieken in relaties van inburgeraars. Het uiteindelijke doel hierin is het gelijkwaardig laten participeren van vrouwen en mannen, en specifiek het creëren van ruimte voor vrouwen om aan hun inburgering te werken. De gendersensitiviteit van hun aanpak uit zich met name in hun gespreksvoering, waarbij de partner soms wel en soms juist niet deelneemt aan het gesprek, en in het stellen van de norm dat zowel de vrouw als de man meedoen aan inburgeringsactiviteiten. Daarnaast komen hier ook vraagstukken rondom kinderen en gezin aan de orde, waarbij consulenten aandacht hebben voor het uitleggen van de functie en meerwaarde van kinderopvang en vrouwen laten wennen aan het idee om hun kinderen naar de opvang te brengen. Jongeren zijn geen expliciete doelgroep binnen het inburgeringsbeleid of in de uitvoering. Wel geven consulenten aan dat zij bij jongeren in principe kijken naar de mogelijkheid om de Onderwijsroute te adviseren, en als dat niet mogelijk de B1-route te verkennen. Ze proberen dus te voorkomen dat jongeren in de Z-route belanden.
Deel 6: praktische informatie Auteurs Gregor Walz en Merel Wasser Respondenten Rob Stiekema (gemeente Deventer) Gerrit Xhofleer (gemeente Deventer) Benji Lankheet (gemeente Deventer) Lambert Manden (gemeente Deventer) Cindy Obbink (gemeente Deventer) Geeta Vrede (gemeente Deventer) Saïmah Wilson (gemeente Deventer) Lammert Woudstra (gemeente Deventer) Lotte Bekker (Vluchtelingenwerk) Anja Schuttrups (Vluchtelingenwerk) Linda Hagenauw (TopTaal) Schriftelijke bronnen Aangeleverde interne documenten • 607-0006 Wet inburgering praatplaat • Brede intake • Kennismaking statushouder • Klantreis statushouders 20-12 • Klantreis statushouders incl. Handhaving • Productenboek consulent inburgering Openbare documenten • Notitie inrichtingskeuzes • Raadsmededeling juni 2022 • Uitvoeringskader implementatie nieuwe wet inburgering ______________________________________________________________________________ 5 december 2023 | Kwalitatief onderzoek uitvoering WI 2021 | Gemeente Deventer
16/16
16