2023-758 Meerjarenperspectief parkeren - Doorrekening 2023
Tekst van het document
Doorrekening 2023
Meerjarenperspectief Parkeren
Voortgang van het parkeerbeleid ............................................................................................................2 Plaats van het MPP in de beleidscyclus ..............................................................................................2 Overzicht van uitgaven en inkomsten ..................................................................................................4 Actualisatie exploitatie en investeringen..................................................................................................5 Uitkomsten Prognose MPP .....................................................................................................................7 Prognose afdracht algemene middelen...................................................................................................8
In het kort Het Meerjaren Perspectief Parkeren (MPP) is de barometer van de parkeersector van Deventer. Hij geeft aan hoe inkomsten en uitgaven zich het afgelopen jaar hebben ontwikkeld. Vervolgens wordt een financiële vertaling van de ambities van de gemeente ten aanzien van parkeren gemaakt. In 2007 is voor het eerst een Meerjaren Perspectief Parkeren door de raad vastgesteld. Sinds 2019 bevat het document een kort overzicht van nieuw beleid en lopende dossiers op parkeergebied. In 2022 gaf de raad aan meer mogelijkheden te wensen om het MPP aan te kunnen passen. In 2023 is dit ingevuld door het leveren van een prognose in het voorjaar en de huidige doorrekening in het najaar. Gezien de opmerkingen bij behandeling van de prognose wordt aan het begin van het huidige document meer achtergrond gegeven over de plaatsing van het MPP in het bredere (parkeer)beleid. Tevens wordt voorgesteld niet door te gaan met de tweedeling prognose / doorrekening, maar vanaf 2024 een volledig MPP te publiceren in het voorjaar, zodat behandeling hiervan mee kan gaan in de voorjaarsnota. De huidige doorrekening van het saldo laat een kwetsbaar beeld zien. Het saldo blijft minimaal positief, maar we gaan hierbij uit van een bescheiden stijging in inkomsten. Bij tegenvallers in het komende halfjaar zal een correctie in het MPP 2024 noodzakelijk worden.
Daarnaast is onzeker wat het effect van de stijgende tarieven zal zijn op de opbrengsten.
Voortgang van het parkeerbeleid In vorige edities van het MPP werd direct ingegaan op de voortgang van lopende beleidsprocessen die het parkeren raken. In deze editie wordt in antwoord op het verzoek van de raad eerst begonnen met nadere uitleg om de context van het MPP beter te kunnen duiden. Daarbij wordt aangesloten op de wijze zoals dit in 2019 werd verwoord. Ingegaan op de plaats van het MPP in de beleidscyclus en de verschillende producten die daarbinnen relevant zijn. Vervolgens wordt met een bredere blik gekeken naar de uitgaven en inkomsten van de parkeersector in het afgelopen jaar. Daarna komt de voortgang van de lopende beleidsprocessen aan bod.
Plaats van het MPP in de beleidscyclus Het MPP is bedoeld om in beeld te brengen welke financiële consequenties de ambities en ontwikkelingen rondom parkeren hebben op de meerjarenbegroting van parkeren. De ambities en ontwikkelingen worden op beleidsniveau vastgesteld. Voorheen ging dit via sectorale documenten, inmiddels zijn onder invloed van de omgevingswet de parkeerambities deel van integrale documenten die door de Raad worden vastgesteld. Op basis van het beleid vinden twee uitwerkingen plaats. De eerste uitwerking is het kader voor toetsen van aanvragen van omgevingsvergunningen. Die bestaat uit een nota parkeernormen en een beleidsregel. De tweede uitwerking is het MPP dat de (financiële) basis voor de uitvoering van het beleid is en de (juridische) uitwerking van de kaders voor regulering van parkeerzones en aanvragen van omgevingsvergunningen. Per onderdeel gaat het over de volgende documenten. Beleidsdocumenten De beleidskaders kennen met de jaren diverse ontwikkelingen. In het vorige decennium werd de beleidsbasis voor parkeren nog sectoraal vastgesteld in een beleidsplan parkeren (2013) en als deel van sectorale doelstellingen zoals het ‘Bericht aan de stad’ van het Deventer stadsconclaaf van 2011. Rond 2020 startte de omslag naar integraler beleid: Ambities en doelstellingen voor parkeren zijn onderdeel van de Omgevingsvisie 2019 en van de Agenda Binnenstad 2.0.
In 2022 is gekozen voor het opstellen van een ‘Mobiliteitsplan Binnenstad en Periferie’. In mei 2022 is als basis hiervoor een overzicht van het vastgesteld mobiliteitsbeleid verschenen. In 2023 is het Plan van Aanpak voor het mobiliteitsplan opgesteld. Uitvoering hiervan loopt samen met de herijking van de hoofdwegenstructuur. In de tijd ziet de ontwikkeling er als volgt uit:
Doorrekening MPP 2023
2
Verordeningen Verordeningen geven de noodzakelijke juridische kaders om het parkeerbeleid in de praktijk te kunnen vormgeven. De vorm hiervan is voor alle Nederlandse gemeenten in grote lijnen gelijk. Het betreft twee verordeningen: De Parkeerverordening. Hierin worden plaatsen en tijden van regulering aangewezen, het proces van verlenen van parkeervergunningen omschreven en verbods- en strafbepalingen opgenomen. De Verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen. Hierin worden onder meer de tarieven en de grondslag voor betaling van parkeergelden en handhaving daarvan geregeld. Beide verordening worden jaarlijks vastgesteld oor de raad en zijn onderdeel van de begrotingsbehandeling. Toetsingskaders omgevingsvergunningen Bij ruimtelijke ontwikkelingen neemt de parkeerbehoefte doorgaans toe. We willen niet dat de druk in de openbare ruimte op parkeren hierdoor toeneemt. Daarom stellen we een parkeereis. In principe wordt gevraagd parkeerplaatsen te realiseren op eigen terrein, in de binnenstad wordt afkoop als alternatief hiervoor gehanteerd. De beleidsbasis hiervoor is vastgelegd in twee documenten: De nota parkeernormen (2013). Hierin worden de verschillende functies gekoppeld aan het aantal gevraagde plaatsen en wordt een indeling naar plaats in de gemeente gemaakt. De beleidsregel parkeren bestemmingsplannen Deventer (2015).
Hierin wordt de handelswijze voor beoordelen van aanvragen vastgelegd. Beide documenten zijn aan actualisatie toe. Zo wordt in de vigerende documenten logischerwijs nog niet gesproken over deelmobiliteit of laadvoorzieningen. Echter, daarvoor zijn inhoudelijke keuzes noodzakelijk die in het kader van het mobiliteitsplan binnenstad en periferie worden aangesproken. Anderzijds wijken de meest actuele parkeerkengetallen (CROW 381) doorgaans niet af van de vastgestelde normen; het autobezit in Nederland verandert niet abrupt. Meerjarenperspectieven Meerjarenperspectieven zijn bedoeld om inzicht te geven in de financiële consequenties van het vigerend parkeerbeleid. De doorkijk is meerjarig, omdat we als eigenaar van parkeervoorzieningen, parkeerapparatuur en dergelijke te maken hebben met afschrijving en vervanging. In veel gevallen is ontwikkeling een kwestie van meerdere jaren. Eind 2016 heeft de Rekenkamercommissie Deventer een onderzoek uitgevoerd naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het parkeerbeleid van de gemeente Deventer. Bij brief van 4 januari 2017 heeft de Commissie de resultaten hiervan aan de Gemeenteraad aangeboden. De resultaten zijn gepresenteerd en het College heeft in februari 2017 een reactie gegeven die in de Raad is besproken. Onderdeel hiervan was het thema ‘Beleidsdoelen’.
De RKC constateerde dat het beleid sturend en regulerend is op ruimtelijke, economische en sociale componenten. Er waren echter verschillende vindplaatsen voor dit beleid, wat het minder overzichtelijk maakte. Het College heeft toen voorgesteld om een pragmatische en efficiënte oplossing te kiezen en het Meerjarenperspectief Deventer (MPP) mede te gaan gebruiken om de vastgestelde beleidsdoelstellingen, het pakket uitvoeringsmaatregelen en de stand van zaken in de verschillende operationele dossiers te benoemen. Daardoor is het MPP vanaf 2021 een breder document dan louter financieel. Hiermee worden de overzichtelijkheid en de samenhang der dingen vergroot.
Doorrekening MPP 2023
3
Overzicht van uitgaven en inkomsten Naast de beleidsontwikkelingen zijn er ook diverse (autonome) ontwikkelingen die de inkomsten en uitgaven van de parkeerexploitatie beïnvloeden. In het kader van de begroting 2017 en conform de afspraak dat het MPP periodiek wordt bijgesteld, zijn alle uitgaven en inkomsten tegen het licht gehouden en zijn de ontwikkelingen in de opbrengsten zijn geanalyseerd. Op een omzet van rond € 5,3 miljoen zijn de diverse inkomsten en uitgaven (afgerond) weergegeven.
Inkomsten
€ 5,3 Miljoen
Straatparkeren € 2,2 Langparkeren * € 1,3 Garage parkeren € 1,1 Handhaving € 0,7 * Vergunningen en abonnementen
Uitgaven
€ 5,3 Miljoen
Alle garages (Inclusief Polstraat) Begeleiding (Advies, backoffice etc.) Fiets beheer / stalling, projecten Afdracht algemene middelen Straatparkeren en handhaving
€ € € € €
1,5 1,4 1,4 0,5 0,5
Qua inkomsten geeft het straatparkeren de hoogste inkomsten, gevolgd door inkomsten vanuit langparkeren (vergunningen en abonnementen) en parkeren in garages. Handhaving leverde € 0,7 miljoen euro aan achterstallige heffing op. Qua uitgaven houden uitgaven voor garages, begeleiding (zoals front- en backoffice) en fiets- en andere projecten elkaar in evenwicht. Inkomsten en uitgaven zijn over het algemeen slechts voor een klein deel beïnvloedbaar: Weersomstandigheden of inflatiecijfers bijvoorbeeld hebben weerslag op de cijfers. De meerjarige reserve zorgt ervoor dat jaarlijkse fluctuaties in principe binnen het eigen saldo kunnen worden opgevangen en zo jaarlijks sprake is van een stabiele afdracht.
Doorrekening MPP 2023
4
Actualisatie exploitatie en investeringen Dit hoofdstuk geeft de belangrijkste wijzigingen in uitgangspunten ten aanzien van de exploitatie en de investeringen weer. Onderscheid wordt gemaakt tussen de lopende exploitatie, vervangings- en ontwikkelinvesteringen. Beleidsnota’s zoals het parkeerbeleidsplan 2013 bieden hiervoor het kader. Per onderwerp zijn de ontwikkelingen als volgt.
Exploitatie Uitgangspunten voor reguliere indexaties
Lasten Lasten Baten
Lonen Prijzen Tarieven
2023 3,95 % 5,50 % 4,70 %
2024 5,20 % 8,20 % 7,75 %
2025 5,80 % 2,80 % 4,30 %
2026 4,80 % 2,70 % 3,75 %
2027 4,20 % 2,50 % 3,35 %
Basis Begrotingsrichtlijnen 2023 en 2024
Ten opzichte van 2023 zullen de meeste indexaties in 2024 met gemiddeld 50% toenemen. De kosten stijgen hierdoor harder dan de baten. Voor nu wordt verwacht dat de indexaties daarna minder zullen gaan toenemen. Aangezien het een structurele post betreft die op vrijwel alle posten invloed heeft, zorgt dit voor een structurele, progressieve belasting van het saldo van de reserve. Lasten MJOP garages Monitoring Divers
Het MJOP voor garages Brink en Stadspoort zijn in de prognose opgenomen. In de exploitatie zijn om het jaar kosten voor monitoring opgenomen. In 2023 is deze uitgevoerd. Kosten blijven stijgen. Dit werkt onder meer door in huurcontracten (Bijvoorbeeld Stationsplein en Verzetslaan), kosten elektra gebruik laadpalen en schoonmaakkosten (contract KonnecteD)
Baten – De bij het MPP 2019 gemaakte keuzes in tarieven leiden tot een verhoging van verwachte opbrengsten in 2020 – 2025 met 0,7% bovenop de reguliere indexatie.
Vervangingsinvesteringen In het huidige MPP zijn als vervangingsinvesteringen opgenomen: Straatapparatuur
Garagevoorzieningen
Vervanging toezichtcamera’s
Doorrekening MPP 2023
Elk jaar 5 parkeerautomaten a € 50.000,- vanuit de exploitatie. Waar nodig zijn aanpassingen en uitbreidingen gedaan. Dit wordt voor nu niet geactiveerd (Onder de grens van € 25.000,-). Op basis van aanpassingen in het besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) kan dit mogelijk in volgende edities van het MPP wijzigen. Eens per 10 jaar wordt € 500.000,- voor parkeerapparatuur, installatie en overige voorzieningen geactiveerd (Verlichting, bebording, speedgates, camerasystemen inclusief kabels). Voorzien in 2025, wordt jaarlijks geïndexeerd met prijsindex van 1,8%. In 2024 wordt het aanbestedingsproces hiervoor opgestart, hiervoor zullen een aantal proceskosten worden gemaakt. De eerder benoemde versnelde vervanging van camera’s bleek niet nodig omdat in de meeste gevallen opslag offline kon worden geregeld. In 2024 – 2025 wordt dit systeem nu als onderdeel van bovenstaande aanbesteding mee vervangen.
5
Ontwikkelinvesteringen Deventer is een gastvrije stad, mensen zijn welkom, nu en in de toekomst. De verwoorde ambities en ontwikkelingen van Deventer in de binnenstad leiden tot een lijst met benodigde investeringen. De benodigde ontwikkelingsinvesteringen zijn opgenomen in het Parkeerbeleidsplan 2013. Alle investeringen kunnen niet ineens worden betaald. Dit is ook niet nodig, omdat de behoefte aan betere benutting van de bestaande capaciteit en uitbreiding van de parkeercapaciteit gefaseerd kan worden gerealiseerd. De fasering zelf is onderdeel van de beleidsdiscussie. De volgende ontwikkelingsinvesteringen zijn opgenomen in de berekening van het huidige MPP:
Versnelling cashless betalen Laadpalen in garages (Lopend)
In 2022 is aangekondigd dat gezien de snelle ontwikkeling van betaling per in we apparatuur voor betalen met cash kunnen beperken tot 1 machine per garage en straatzone. Dit bespaart zowel apparatuur- als inzamelingskosten. Het cashless maken van apparaten is gaande, dit is nu voor rond 50% uitgevoerd. Vanwege de toename van het gebruik zijn in Brink 6 palen bijgeplaatst en ligt een offerte voor 4 extra palen (8 plekken). Voor Stationsplein ligt een offerte van 5 palen (10 plekken). Totale extra kosten zijn rond € 65.000,-. Uitvoering kan eind dit jaar of voorjaar 2024 plaatsvinden. Bij garage Stadspoort is de constructie van het dak nog een onzekerheid.
Risicoparagraaf Gezien de precaire ontwikkeling van de economie en de incidentele hoge stijging van kosten dient op alle fronten rekening te worden gehouden met extra kosten en/of vermindering van inkomsten. Voor een deel zijn deze reeds meegenomen in lopende contracten, maar voor andere onderdelen zal dit pas duidelijk worden wanneer grote vervangingen plaatsvinden, zoals de apparatuur voor de garages die is voorzien in 2025. De huidige situatie geeft geen ruimte voor extra ontwikkelinvesteringen. Het saldo van de reserve laat dit niet toe (zie het volgende hoofdstuk). Toch zijn er vraagstukken die om verdere ontwikkeling vragen, zoals de toename van de laadbehoefte bij garages en de digitalisering van de parkeerhandhaving. Indien hier nieuwe voorstellen volgen, zullen deze separaat aan de raad worden voorgelegd, inclusief financiële consequenties. Voor nu kunnen deze niet door de reserve worden gedragen. Een laatste onzekerheid is de ontwikkeling van de opbrengsten. Door de forse tariefverhogingen zouden de opbrengsten in principe moeten stijgen. Echter, het is afwachten in hoeverre men in 2024 als gevolg hiervan andere keuzes gaat maken. Bovendien is de stijging noodzakelijk om kostenstijgingen te dekken. Op de korte termijn is niet voorspelbaar hoe dit zal gaan uitwerken.
Doorrekening MPP 2023
6
Uitkomsten Prognose MPP Op basis van de genoemde wijzigingen in de exploitatie en het moment en omvang van de beoogde investeringen wordt een meerjarige berekening gemaakt van de parkeerexploitatie. De kapitaallasten, als gevolg van de gewenste investeringen, dienen namelijk te worden opgevangen in de parkeerexploitatie. Het overschot dan wel tekort in enig jaar op de exploitatie wordt verrekend met de reserve mobiliteitsfonds. De mate waarin deze reserve over de loop der jaren hiertoe wel of niet toereikend is, is dus bepalend voor het bepalen of er aanvullende maatregelen nodig zijn of dat er een resterend investeringspotentieel is. Uitgangspunt: Situatie vorig MPP In het MPP 2022 was de reserve na tien jaar in alle jaren positief. Er was om die reden geen aanleiding tot correctie. Aangetekend werd dat de status hiervan broos was, aangezien het om een saldo van rond 1,5 miljoen euro over tien jaar gaat. Met een jaarlijkse omzet die dit ver overstijgt is het een noodzakelijke buffer. Prognose: Doorrekening van het saldo Op basis van de in dit MPP genoemde (financiële) uitgangspunten is in het voorjaar een prognose van de stand van de reserve parkeren gemaakt. De stand van de reserve mobiliteitsfonds per 1-1-2024 werd daarin ingeschat op circa € 840.000,- positief. Gezien de toename van indexaties werd een nulsaldo op de middellange termijn verwacht.
Op langere termijn volgt volgens de huidige peiling een stijging. Doorrekening saldo op 1 juli 2023 De peildatum is mede gekozen omdat in het voorjaar reeds een nieuw MPP wordt voorzien. Zoals in de prognose werd voorspeld, staat de reserve onder druk als gevolg van de stijging van de reguliere indexaties. In de huidige doorrekening gaan we er van uit dat de opbrengsten rond € 80.000,- hoger zullen zijn dan de prognose. In principe laten de opbrengsten tot heden die voorspelling toe. Daarmee kan voor dit moment uitgegaan worden van een minimaal, maar positief verloop. Duidelijk is dat daarmee de rek uit de reserve is. We gaan er van uit dat we naast bescheiden hogere inkomsten ook in het komend halfjaar geen grote, aparte uitgaven meer hoeven te doen. Mocht dit op een later moment wel noodzakelijk zijn, dan zal in het MPP 2024 een aanpassing nodig zijn. Ook de ontwikkeling van de reguliere indexaties kan hieraan bijdragen. Er geldt daarmee een duidelijke winstwaarschuwing ten aanzien van de MPP voor het komende jaar.
Doorrekening MPP 2023
7
Prognose afdracht algemene middelen In 2019 bleek het saldo van de reserve over tien jaar onvoldoende. Het college stelde om die reden een correctie voor. Als deel van de voorjaarsnota 2019 werd reeds voorgesteld gefaseerd de afdracht naar algemene middelen te verlagen met € 50.000,- per jaar vanaf 2020, met als einddoel in 2023 en verder tot een totale verlaging van € 250.000,- te komen. In raadsbesluit 2019-1197 van 13 november 2019 werd dit door de raad conform besloten. In de daarop volgende MPP’s zijn de gevolgen van dit besluit telkens in een tabel weergegeven, waarbij destijds is gekozen in het MPP slechts een deel van de afdracht als basis te nemen (€ 588.000,-). Nu de looptijd van dit besluit is afgerond, wordt voorgesteld uw inzicht in de afdracht te vergroten, door per jaargang alle afdrachten aan de algemene middelen weer te geven. Hierdoor worden alle raadsbesluiten waarin een wijziging op de programmabegroting wordt voorgesteld die het MPP raakt verwerkt, alsmede onderdelen van de afdracht die onder invloed staan van zaken als inflatiecorrectie en/of BTW afdracht. De totale afdracht wordt reeds weergegeven in de jaarlijkse begroting. Voor een correct inzicht worden in dit MPP beide cijfers naast elkaar getoond in onderstaande tabel.
Vastgesteld
Euro's x 1.000
Prognoses
2019
2021
2022
2023
2024 e.v.
Weergave in eerdere MPP's Afdracht algemene middelen
Besluit
538.000
488.000
438.000
438.000
Weergave in vorige begrotingen Afdracht algemene middelen
1.443
1.332
1.257
1.242
De gewijzigde weergave is een ambtelijke correctie, de daadwerkelijke afdracht verandert niet.
Doorrekening MPP 2023
8