2023-571 Regelement identiteitscommissie
Tekst van het document
kiuckentrum,,
nvierenwilk REGLEMENT IDENTITEITSCOMMISSIE van SSR
Preambule
Dit reglement regelt de invulling van de samenstelling, de taak en de werkwijze van de identiteitscommissie van de stichting. Dit reglement vindt zijn basis in artikel 22, derde lid van de statuten van de stichting. Begripsomschrijvingen Artikel 1
wet
WPO stichting school statuten College van bestuur: Raad van toezicht: directeur-bestuurder identiteitscommissie: medezeggenschapsraad: gemeenteraad:
iedere in Nederland geldende wet in formele zin alsmede daarop gegronde algemene maatregelen van bestuur, koninklijke besluiten of ministeriële regelingen. Wet op het primair onderwijs (Staatsblad 1981, 468). de Stichting Samenwerkingsschool Rivierenwijk, ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer 53232747. de van de stichting uitgaande school de statuten van de stichting het College van bestuur van de stichting de Raad van toezicht van de stichting de directeur-bestuurder van de stichting de commissie als bedoeld in artikel 17 van de statuten de medezeggenschapsraad van de school de gemeenteraad van Deventer
Daar waar in dit reglement voor een persoon de mannelijke benaming wordt gebruikt, kan ook de vrouwelijke benaming worden gelezen. Algemene voorschriften identiteitscommissie Artikel 2
Met verwijzing naar de statuten geeft dit reglement richtlijnen ten aanzien van de inrichting van de identiteitscommissie van de stichting en het functioneren daarvan. Uitgangspunten en taken van de identiteitscommissie Artikel 3
1.
2.
De stichting streeft er voortdurend naar om de gelijkwaardigheid tussen het openbaar on derwijs, uitgebreid met protestants-christelijk onderwijs in de zin van artikel 84 van de Wet op het primair onderwijs, te borgen. Om die reden is een identiteitscommissie in het leven geroepen die gevraagd en ongevraagd adviezen aan het College van bestuur uitbrengt over alle aangelegenheden die betrekking hebben op de wijze waarop invulling wordt gegeven aan het openbare karakter en de identiteit van de school die is gerelateerd aan het bijzon der onderwijs. Uitgangspunten hierbij zijn: a. de onderwijsvorm die wordt aangeboden is in principe voor alle leerlingen identiek; b. de school draagt er zorg voor dat er voldoende leerkrachten zijn die bereid en in staat zijn om zowel openbaar als protestants-christelijk aan te bieden; c. het streven is naar een gelijke verdeling van openbare als protestants-christelijke leerkrachten. De identiteitscommissie heeft de volgende taken: a. houdt toezicht op het gelijkwaardig beschrijven en benoemen van beide identiteiten in publicaties zoals de schoolgids maar ook op andere wijzen waarop de school zich naar buiten toe profileert zoals de website; b. houdt toezicht op het regelen van de gelijkwaardigheid van beide identiteiten ten aanzien van overige identiteit gerelateerde onderwerpen;
,S in •KM' kirïdcentfum,. .
rivierenwijk
houdt toezicht op het streven naar een gelijke verdeling van openbare als protestants-christelijke leerkrachten; evalueert zowel periodiek als op verzoek van ouders en leerkrachten de regelingen rond beide identiteiten en brengt daarover verbetervoorstellen uit; doet voorstellen voor aanpassing van de schoolregelingen als de evaluatie daartoe aanleiding geeft; doet voorstellen voor het gescheiden aanbieden van identiteit gerelateerde activi teiten als gebleken is dat gemaakte keuzes niet aan de verwachting voldoen. Benoemingsprocedure en werkwifze identiteitscommissie Artikel 4
1.
De commissie bestaat uit vier leden. De voorzitter van de identiteitscommissie wordt door de Raad van toezicht aangewezen. De eventuele overige functies in de commissie worden tussen de leden onderling verdeeld. 2. Leden van de identiteitscommissie worden benoemd door de Raad van toezicht, op bindende voordracht van de identiteitscommissie. De leden van de identiteitscommissie ten behoeve van het bijzonder onderwijs worden benoemd door de Raad van toezicht, op bindende voordracht van de identiteitscommissie. De leden van de identiteitscommissie ten behoeve van het open baar onderwijs worden benoemd door de gemeenteraad, op bindende voordracht van de identi teitscommissie. De identiteits-commissie zorgt er voor dat deze voordrachten voorzien in een evenwichtige verdeling in de identiteitscommissie tussen openbaar en bijzonder onderwijs. 3. De identiteits-commissie zorgt er voor dat deze voordrachten voorzien in een evenwichtige verdeling in de identiteitscommissie tussen openbaar en bijzonder onderwijs. 4. Alvorens de identiteitscommissie een voordracht doet voor een nieuw lid van de commissie aan de Raad van toezicht doet, voert zij overleg met de directeur-bestuurder en met de medezeg genschapsraad met het verzoek deze voordracht te ondersteunen. 5.
Bij het overleg bedoeld in het derde lid garanderen de directeur-bestuurder en de medezeg genschapsraad schriftelijk aan de identiteitscommissie dat zij dit overleg en het erin besproke ne als vertrouwelijk beschouwen. Als de directeur-bestuurder en/of de medezeggenschapsraad die vertrouwelijk niet kunnen of willen garanderen is de identiteitscommissie niet gehouden dit overleg te voeren. 6. De identiteitscommissie kan niet een persoon voordragen waarvan zowel de directeurbestuurder als de medezeggenschapsraad schriftelijk aan de identiteitscommissie hebben be richt die voordracht niet te kunnen ondersteunen. 7. Tot lid van de identiteitscommissie kunnen niet worden benoemd: a. personen die in dienstverband bij de stichting werkzaam zijn; b. personen die deel uitmaken van de medezeggenschapsraad van de stichting; c. personen die ouder zijn van een leerling die onderwijs ontvangt op de school; d. personen die lid zijn van de Raad van toezicht. 8. Een lid van de identiteitscommissie wordt benoemd voor een periode van vier jaar. Na afloop van deze periode kan dit lid eenmaal worden herbenoemd. 9. Leden van de identiteitscommissie functioneren onafhankelijk, Ieder lid heeft recht op het uit brengen van één stem. Indien de stemmen staken heeft de voorzitter een doorslaggevende stem. 10.
Ieder lid van de identiteitscommissie is verplicht om voorafgaande aan zijn benoeming schrifte lijk te verklaren de doelstelling van de stichting te bevorderen en het karakter van de school te ondersteunen. 11. Een lid van de identiteitscommissie kan slechts worden benoemd indien hij, voorafgaande aan zijn benoeming een verklaring omtrent het gedrag, afgegeven volgens de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens heeft overgelegd aan de voorzitter van de Raad van toezicht. Adviserende-leden identiteitscommissie Artikel 5
1. De identiteitscommissie kan adviserende-leden aanstellen. De adviserende-leden hebben sec een adviesrol en hebben geen stemrecht. Alleen medewerkers van de school kunnen tot adviserend-lid benoemd worden.
pagina 2
kiridcentrum,.
nvierenwilk
2.
3.
De Identiteits-commissie zorgt er voor dat een evenwichtige verdeling is tussen adviserendeleden die het openbare karakter en de identiteit van de school die is gerelateerd aan het bij zonder onderwijs ondersteunen. Een adviserend-lid van de identiteitscommissie wordt benoemd voor een periode van vier jaar. Na afloop van deze periode kan dit lid eenmaal worden herbenoemd.
Zittingsduur Artikel 6
De identiteitscommissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter van de identiteitscommissie dit noodzakelijk acht, of tenminste twee leden van de commissie dit noodzakelijk achten. Het lidmaatschap van een identiteitscommissie eindigt door: a. door zijn vrijwillig of periodiek aftreden; b. overlijden van het betreffende lid; c. het komen in een situatie die een uitsluitingsgrond voor het lidmaatschap van een identi teitscommissie oplevert, zoals bedoeld in artikel 17, vijfde lid van de statuten; d. ontslag door de Raad van toezicht. Vergaderen Artikel 7
1. 2.
3.
4.
De identiteitscommissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter van de identiteitscommissie dit noodzakelijk acht, of tenminste twee leden van de commissie dit noodzakelijk achten. De identiteitscommissie stelt een huishoudelijk reglement vast, waarin zij in ieder geval regels stelt met betrekking tot de convocatie van haar vergaderingen, de agendering van gespreks punten en de verslaglegging. De identiteitscommissie is verplicht om voorafgaande aan een vergadering een agenda van die vergaderingen toe te zenden aan het College van bestuur en het College van bestuur daarbij in de gelegenheid te stellen om aan die agenda een of meerdere punten toe te voegen. De identiteitscommissie kan het College van bestuur, danwel een lid daarvan, uitnodigen bij haar vergaderingen aanwezig te zijn.
Verslaglegging Artikel 8
1. 2.
3.
De identiteitscommissie zendt een afschrift van de verslagen van haar vergaderingen, nadat die zijn vastgesteld, aan het College van bestuur. De identiteitscommissie stelt, binnen twee maanden na afloop van een kalenderjaar, een ver slag vast van haar activiteiten in het voorbije kalenderjaar en zendt dat verslag aan het College van bestuur. Het College van bestuur neemt dit verslag op in het jaarverslag van de stichting. Indien het College van bestuur zich in de inhoud van het verslag, genoemd in het vorige lid, niet kan vinden, treedt het College van bestuur hierover in overleg met de identiteitscommis sie. Indien dit overleg niet tot overeenstemming leidt is het College van bestuur bevoegd het verslag ter toetsing voor te leggen aan de arbitragecommissie, die hierover een bindende uit spraak doet.
Faciliteiten Artikel 9
1.
2. 3.
Het College van bestuur stelt aan de identiteitscommissie het gebruik toe van de voorzieningen waarover het kan beschikken en die de identiteitscommissie redelijkerwijs nodig heeft voor de vervulling van haar taak. De kosten die redelijkerwijs nodig zijn voor de vervulling van de taak van de identiteitscommis sie, komen ten laste van de stichting. Onder de kosten bedoeld in het vorige lid zijn begrepen de werkelijke onkosten die de leden van de identiteitscommissie voor de vervulling haar taak maken. De leden van de identiteits commissie hebben geen aanspraak op bezoldiging of vacatiegeld.
pagina 3
kiridcenlrrum,.
fivierenw|}k
Informatieverstrekking aan de identiteitscommissie Artikel 10
1.
2.
Het College van bestuur verstrekt aan de identiteitscommissie alle informatie waarvan redelij kerwijs mag worden verondersteld dat die voor de identiteitscommissie van belang is bij het goed uitvoeren van de taak. Het College van bestuur kan zich genoodzaakt zien aan het verstrekken van informatie als be doeld in het vorige lid, het begrip 'strikt vertrouwelijk' te verbinden. Daarmee geeft het College van bestuur aan dat het hier gaat om gegevens van vertrouwelijke aard, waarover door of vanuit de identiteitscommissie geen informatie aan derden mag worden gegeven. Deze ver trouwelijkheid geldt tot het moment waarop het College van bestuur aangeeft dat deze ver valt, dan wel totdat de termijn verstreken is waarvoor deze vertrouwelijkheid geldt.
Gevraagd advies van de identiteitscommissie Artikel 11
1.
2. 3.
4. 5.
6.
Het College van bestuur is bevoegd om elke kwestie, betreffende de wijze waarop invulling gegeven wordt aan het openbare karakter van de school of aan de identiteit van de richting van de school, voor advies voor te leggen aan de identiteitscommissie. Het College legt een adviesvraag als bedoeld in het vorige lid steeds schriftelijk voor aan de identiteitscommissie. De identiteitscommissie brengt, als haar advies is gevraagd zoals genoemd in het vorige lid, binnen twee maanden - perioden waarin er sprake is van een schoolvakantie daarbij niet meegeteld - schriftelijk advies uit aan het College van bestuur. De identiteitscommissie is bevoegd om, alvorens zij haar advies uitbrengt, overleg te voe ren met de medezeggenschapsraad en/of met de teamvergadering van de school. Het College van bestuur bespreekt een ontvangen advies met de identiteitscommissie en deelt vervolgens schriftelijk aan de identiteitscommissie mee of en zo ja op welke wijze zij aan dit advies uitvoering geeft. Indien het College van bestuur het advies niet of niet ge heel wenst op te volgen, stelt zij de identiteitscommissie in de gelegenheid om binnen vier weken overleg met haar te voeren.
Indien de identiteitscommissie zich, nadat het overleg bedoeld in het vijfde lid gevoerd is, niet kan vinden in de wijze waarop het College van bestuur uitvoering geeft aan het gege ven advies, is de identiteitscommissie bevoegd de kwestie als geschil aan de arbitrage commissie als bedoeld in artikel 20 van de statuten voor te leggen,
Ongevraagd advies van de identiteitscommissie Artikel 12
1.
2.
3.
4.
De identiteitscommissie is bevoegd om, zonder dat dit haar gevraagd is, een advies uit te brengen aan het College van bestuur over elke kwestie, betreffende de wijze waarop invul ling gegeven wordt aan het openbare karakter van de school of aande identiteit van de richting van de school. De identiteitscommissie is bevoegd om, alvorens zij een advies uitbrengt als bedoeld in het vorige lid, overleg te voeren met de medezeggenschapsraad en/of met de teamvergadering van de school. Het College van bestuur bespreekt een ontvangen advies met de identiteitscommissie en deelt vervolgens schriftelijk aan de identiteitscommissie mee of en zo ja op welke wijze zij aan dit advies uitvoering geeft. Indien het College van bestuur het advies niet of niet ge heel wenst op te volgen, stelt zij de identiteitscommissie in de gelegenheid om binnen vier weken overleg met haar te voeren. Indien de identiteitscommissie zich, nadat het overleg bedoeld in het derde lid gevoerd is, niet kan vinden in de wijze waarop het College van bestuur uitvoering geeft aan het gege ven advies, is de identiteitscommissie bevoegd de kwestie als geschil aan de arbitrage commissie als bedoeld in artikel 20 van de statuten voor te leggen.
Medewerking wijziging statuten Artikel 13
1. Indien het College van bestuur een besluit wil nemen tot wijziging van een of meer artikelen in afdeling F van de statuten, legt het College van bestuur een schriftelijk voorstel daartoe neer
v| $N, •'t kindcentrum..
nvierenwilk
2. 3.
4.
bij de identiteitscommissie. Dit voorstel gaat vergezeld van een beschrijving van de redenen waarom het College van bestuur dit artikel of deze artikelen wil wijzigen. De identiteitscommissie bespreekt binnen zes weken dit voorstel in de identiteitscommissie en geeft van het resultaat daarvan schriftelijk bericht aan het College van bestuur. Indien de identiteitscommissie zich met het voorstel kan verenigen, neemt het College van bestuur, samen met de identiteitscommissie, een besluit tot wijziging van het betreffende arti kel of de betreffende artikelen en legt dat besluit ter goedkeuring voor aan de Raad van toe zicht en de gemeenteraad. Indien de identiteitscommissie zich met het voorstel niet kan verenigingen, treedt de identi teitscommissie hierover in overleg met het College van bestuur. Indien dit overleg niet tot overeenstemming leidt is het College van bestuur bevoegd haar voorstel voor te leggen aan de arbitragecommissie, die de identiteitscommissie kan opdragen zich te verenigen me het voor stel, aan welke opdracht de identiteitscommissie gehouden is te voldoen.
Arbitragecommissie Artikel 14
1.
2.
3.
Indien zich een geschil voordoet tussen het College van bestuur en de identiteitscommissie waarover, op grond van de statuten of dit reglement, arbitrage mogelijk is, wordt door het Col lege van bestuur een arbitragecommissie ingesteld. De arbitragecommissie bestaat uit drie personen. Eén persoon wordt aangewezen door het College van bestuur. Eén persoon wordt aangewezen door de identiteitscommissie. De twee al dus aangewezen personen wijzen samen een derde persoon aan, die optreedt als voorzitter van de arbitragecommissie. De volgende personen kunnen geen lid zijn van de arbitragecommissie: a. personen die een functie als lid van het College van bestuur bij de stichting vervullen, of een dergelijke functie in de periode van twee jaar voorafgaand aan de instelling van de arbitragecommissie vervuld hebben; b. personen die lid zijn van de Raad van toezicht van de stichting, of een dergelijke functie in de periode van twee jaar voorafgaand aan de instelling van de arbitragecommissie vervuld hebben; c. personen die werkzaam zijn bij de stichting; d. personen die lid zijn van de medezeggenschapsraad van de stichting; e. personen die lid zijn van de identiteitscommissie of een dergelijke functie in de periode van twee jaar voorafgaand aan de instelling van de arbitragecommissie vervuld hebben.
Opdracht en werkwijze arbitragecommissie Artikel 15
1. 2. 3. 4.
5. 6. 7.
De arbitragecommissie heeft als opdracht een bindend oordeel te vellen over het aan haar voorgelegde geschil. De arbitragecommissie bepaalt haar eigen werkwijze. Kosten die de arbitragecommissie in haar ogen noodzakelijkerwijs moet maken, komen ten laste van de stichting. Besluitvorming in de arbitragecommissie vindt plaats met meerderheid van stemmen. Besluit vorming kan alleen plaatsvinden als de voltallige arbitragecommissie aanwezig is, Als de arbitragecommissie het College van bestuur verzoekt om haar secretariële ondersteu ning te verlenen dan willigt het College van bestuur dit verzoek in. Kosten verband houdend met deze secretariële ondersteuning komen ten laste van de stichting. De arbitragecommissie geeft haar schriftelijk oordeel over een aan haar voorgelegd geschil binnen twee maanden nadat de commissie is ingesteld en het geschil aan haar is voorgelegd. Als de arbitragecommissie tot een oordeel is gekomen, nodigt zij het College van bestuur en de identiteitscommissie uit en geeft zij een mondelinge toelichting op haar oordeel. De arbitragecommissie wordt, nadat het oordeel is gegeven en dit is toegelicht, door het Colle ge van bestuur opgeheven.
pagina 5
:|!f
kindcentrum,.
nvierenwilk
HOOFDSTUK S, SLOTBEPALINGEN Vaststelling, wijziging, inwerkingtreding en citeertitel Artikel 16
1. 2.
3. 4.
Wijzigingen van dit reglement worden voorbereid door het College van bestuur dan wel door de Raad van toezicht. Dit reglement, alsmede wijzigingen daarvan, worden vastgesteld door de Raad van toezicht, na verkregen advies ter zake van het College van bestuur, de identiteitscommissie en de mede zeggenschapsraad. Dit reglement treedt, met terugwerkende kracht, in werking op 1 januari 2019. Dit reglement wordt aangeduid als het reglement identiteitscommissie SSR.
Artikel 17
In alle gevallen waarin de wet, de statuten of dit reglement niet voorziet, beslist de Raad van toe zicht, gehoord het College van bestuur en de Identiteitscommissie. Vastgesteld door:
Naam:
Functie:
Datum:
Fiandtekening:
Naam:
Functie:
Datum:
Flandtekening:
Naam:
Functie:
Datum:
Handtekening:
Naam:
Functie:
Datum:
Handtekening:
pagina 6