2023-441 Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
Tekst van het document
Portefeuillestrategie Verduurzaming Vastgoed
In 2020 heeft de raad de Routekaart
1. Inleiding
Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed Deventer vastgesteld. Deze startnotitie schetst een beeld van de integrale samenhang en
Verduurzaming van het gemeentelijke
omvang van de verduurzamingsopgave. Het
vastgoed is niet vrijblijvend. De uitdaging om
streven naar een energieneutrale
de uitstoot van broeikasgassen terug te
vastgoedportefeuille is een langdurige,
brengen is vertaald in de Klimaatwet.
complexe en financieel omvangrijke opgave.
Hoofddoel voor de gebouwde omgeving is het bereiken van 95% CO2 reductie in Nederland
Op 21 december 2022 heeft de raad de
in 2050 ten opzichte van 1990 en als
Kadernota Vastgoed 2022 vastgesteld. Daarin
tussendoel streven naar minstens 55% CO2
is opgenomen dat wij de
reductie in 2030 ten opzichte van 1990.
duurzaamheidsambities uit het bestuursakkoord vertalen in een actuele
In het Klimaatakkoord is ook bepaald dat de 12
portefeuillestrategie en
grote gebouweigenaren - waaronder
investeringsprogramma.
gemeenten - via vierjaarlijkse routekaarten op portefeuilleniveau, duurzame meerjaren
De portefeuillestrategie geeft op strategisch,
onderhoudsplanningen en/of meerjarige
tactisch en uitvoeringsniveau weer hoe we
vastgoed verduurzamingsplannen in beeld
toewerken naar verduurzaming van onze
brengen, welke maatregelen zij al hebben
maatschappelijke vastgoedportefeuille. Het
getroffen en hoe zij toewerken naar het
investeringsprogramma geeft een beeld van
streefdoel voor 2030 en een CO2-arme
de financiële opgave, waaruit naar voren komt
vastgoedportefeuille in 2050.
dat aanvullende middelen noodzakelijk zijn om de doelstellingen uit de klimaatwet te realiseren.
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
2
2. Uitgangspunten voor de verduurzaming Doelstelling Wij hebben een voorbeeldfunctie als het gaat om de verduurzaming van ons eigen vastgoed. Daarom koersen wij met de verduurzaming van ons eigen maatschappelijke vastgoed op de vastgestelde doelstellingen uit de Klimaatwet: minstens 55% CO2 reductie in 2030 en 95% CO2 reductie in 2050 ten opzichte van 1990. Dat betekent een reductie van 36% ten opzichte van 2023. Om die doelstelling te realiseren zullen wij tot en met 2030 jaarlijks 5,2% CO2 reductie moeten realiseren. Daarna tot en met 2050 is jaarlijks 2% reductie nodig. De ambities uit het Bestuursakkoord 2022 – 2026 vertalen wij in de volgende uitgangspunten.
Nieuw te bouwen gebouwen bouwen wij
laten voldoen zijn hoger dan bij nieuwbouw.
conform ENG
Dat betekent dat het soms meer
Vanaf 1 januari 2021 moeten
kosteneffectief kan zijn om niet volledig ENG
vergunningaanvragen voor nieuwbouw
te accepteren en verduurzamingsmiddelen
voldoen aan de eisen van Bijna Energie
elders binnen de gemeentelijke
Neutrale Gebouwen (BENG). BENG is al een
vastgoedportefeuille in te zetten.
goede stap, maar om op termijn te voldoen aan de klimaatwet doelstellingen niet
De focus ligt op sturing op CO2-reductie
voldoende. Het hanteren van BENG voor
De investeringsopgave om met name aan de
nieuwbouw zou betekenen dat wij vóór 2050
2030 doelstelling te voldoen is fors. Dat
aanvullende verduurzamingsmaatregelen
betekent dat wij de middelen en capaciteit
moeten nemen. Afhankelijk van de specifieke
gericht moeten gaan inzetten. Dat doen wij
gebouwkenmerken is het duurzaam renoveren
door te focussen op gebouwen waar het
van een bestaand gebouw om de stap van
energieverbruik het hoogst is en de grootste
BENG naar ENG te maken een factor 6 tot 12
CO2 reductie per geïnvesteerde euro
duurder dan dezelfde stap voor een nieuw te
gerealiseerd kan worden. Bij CO2 reductie ligt
gebouwen gebouw. Daarom bouwen wij nieuw
in het investeringsprogramma de focus op
te bouwen gebouwen conform ENG eisen.
reductie als gevolg van energiebesparing. Maar we kijken ook naar CO2 reductie als
Te renoveren gebouwen gaan wij zoveel
gevolg van materiaalkeuze gedurende het
mogelijk conform ENG bouwen
bouwproces. In de selectie van marktpartijen
Op basis van de portefeuillestrategie kan
zoeken wij partijen die hierin
bepaald worden dat nieuwbouw geen optie is,
verantwoordelijkheid nemen.
maar dat wij bestaande gebouwen duurzaam gaan renoveren. De benodigde investering om bestaande gebouwen aan de ENG eisen te
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
3
Bij renovatie en nieuwbouw handelen we
We renoveren en vernieuwen onze gebouwen
Natuurinclusief bouwen is bij renovatie en
klimaatadaptief
circulair
nieuwbouw het uitgangspunt
In het Deventer Klimaatadaptatieprogramma is
In het Nationaal Programma Circulaire
Bij renovatie en nieuwbouw streven wij ernaar
opgenomen dat wij naast maatregelen om het
Economie 2023 – 2030 stelt het Rijk dat
om natuur op een volwaardige manier in te
energieverbruik te verminderen ook zoveel
Nederland in 2030 50% en in 2050 100%
brengen. We streven ernaar dat de nieuwe
mogelijk klimaatadaptieve maatregelen
circulair moet zijn. Door als afnemer circulaire
situatie beter is dan de oude wat betreft
uitvoeren. Wij doen dit voor gebouwen die wij
materialen (hergebruik) in te kopen stimuleren
biodiversiteit. Mogelijke maatregelen zijn onder
gaan renoveren en nieuw te bouwen
en ondersteunen we als gemeente de
andere groene daken, schuil- en
gebouwen. Om wateroverlast en droogte te
ontwikkeling van circulaire economie en geven
nestgelegenheden voor inheemse dieren en
voorkomen gaan wij het regenwater zoveel
we het goede voorbeeld. We hanteren daarbij
het gebruik van beplanting die kan bijdragen
mogelijk afkoppelen en infiltreren. Om
de volgende principes: we hergebruiken
aan verbetering van de biodiversiteit. Omdat
hittestress te voorkomen nemen wij
materiaal dat beschikbaar is, we gebruiken
ieder gebouw en project uniek is, passen wij bij
maatregelen om te voorkomen dat teveel
minder materiaal met een zo lang mogelijke
renovatie maatwerk toe en zoeken wij bij
warmte een gebouw binnenkomt. De maximale
levensduur en we doen dat demontabel. Op
nieuwbouw de maximale mogelijkheden.
eisen voor nieuwbouw passen wij niet één op
deze manier renoveren en vernieuwen wij
Hierbij maken wij de afweging of de kosten
één toe op renovatie, omdat bij bestaande
onze gebouwen, zonder natuurlijke
opwegen tegen het gewenste effect.
gebouwen de oriëntatie, gevels, grootte van de
hulpbronnen onnodig uit te putten, de
ramen en overstekken al vast staan. Daarom
leefomgeving te vervuilen en ecosystemen aan
Klimaatpositieve en biobased oplossingen
hanteren wij bij renovatie een lager
te tasten. Wij doen dit op een wijze die ook
nemen we optioneel mee
ambitieniveau en maken gebouwspecifieke
economisch verantwoord is. Voor nieuwbouw
In de bouw zijn technologische en duurzame
afwegingen vanuit kosteneffectiviteit. Dat is
zoeken wij de maximale mogelijkheden, voor
oplossingen voortdurend in ontwikkeling. Waar
maatwerk.
renovatie is het vaker maatwerk.
traditionele bouwmaterialen zoals cement, staal en beton een grote milieubelasting hebben (CO2 uitstoot), zijn biobased materialen gemaakt van grondstoffen uit de levende natuur. Dit zijn materialen waarin CO2
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
4
langdurig kan worden opgeslagen en daarmee
Er zijn landelijk verschillende normen,
wettelijk verplichte maatregelen uit te voeren.
zelfs een klimaatpositief kunnen effect hebben.
principes en methoden die we als voorbeeld
Indien vrijstelling niet mogelijk blijkt te zijn,
Toepassing van biobased materiaal is steeds
kunnen nemen om de duurzaamheid van een
voeren wij dit uit.
meer gangbaar. Wij nemen bij nieuwbouw en
gebouw te beoordelen. Voorbeelden zijn
renovatie deze maatregelen optioneel mee,
BREEAM, Milieu Prestatie Gebouwen (MPG),
Wij verduurzamen op ‘logische momenten’
daar waar het opportuun is en wij kansen zien.
GreenCalc en de Gemeentelijke Praktijk
Een logisch moment voor de verduurzaming
Zo hebben wij al bij de renovatie van de
Richtlijn (GPR). Via de uitvoeringsprojecten
kan ontstaan vanuit een onderhoudsopgave,
Polstraat 8-10 vlas in plaats van glaswol
gaan wij hier ervaring mee op doen en onze
huisvestingswens vanuit de huurder en/of
isolatie toegepast.
duurzaamheidsambities concretiseren.
programma, nieuwbouw, ontwikkelingen vanuit het energieplan of wijkuitvoeringsplannen. Wij
In onderstaande tabel hebben wij de
Wij verduurzamen alleen het kernbezit
sluiten zoveel mogelijk aan op deze
duurzaamheidsambities samengevat.
In de Kadernota Vastgoed hebben wij bepaald
momenten. Om de doelstelling 2030 te halen
dat wij vastgoed in bezit hebben en houden
kan het soms nodig zijn hiervan af te wijken,
om gemeentelijke doelstellingen te realiseren.
door bijvoorbeeld onderhoud dat over een
Dat noemen wij het kernbezit. Alleen het
aantal jaren is verspreid gebundeld uit te
kernbezit gaan wij verduurzamen, omdat wij
voeren.
Tabel 1 Samenvatting ambities verduurzaming
dat vastgoed langjarig in bezit hebben. De
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
focus ligt op maatschappelijke huurders. Het
Wij zetten 90% van de energiebesparing in als
niet-kernbezit maakt veelal onderdeel uit van
dekking
een gebiedsontwikkelingsproject
Voor het merendeel van het maatschappelijke
(gemeentelijke grondexploitatie) en gaan wij
vastgoed dat wij verhuren, betaalt de huurder
afstoten of herontwikkelen. Daarom gaan wij
de energierekening. Wanneer wij als eigenaar
dit bezit niet verduurzamen. Indien op basis
gaan investeren in de verduurzaming, ligt het
van de projectdoelstellingen blijkt dat wij deze
voordeel (financieel en gebruikscomfort) bij de
gebouwen toch langer in bezit willen houden
huurder. Dit heet de split incentive. De
kan het in sommige gevallen nodig zijn om
haalbaarheid van duurzaamheidsinvesteringen
5
beoordelen wij op basis van de total cost of
voor ons een instrument om zicht te houden in
ownership, waarin de energiebesparing wordt
hoeverre wij op koers liggen in het realiseren
meegenomen. Als stimuleringsmaatregel voor
van de doelstellingen.
onze huurders wordt van de totale
Wanneer huurders zelf aangeven dat zij
energiebesparing 90% ingezet als dekking
(aanvullende) verduurzamingsmaatregelen
voor de investering. De overige 10% komt ten
willen treffen, heeft dit effect op de
gunste van de huurder. Dit percentage is geen
eigenaarslasten. Bijvoorbeeld op de
recht en kan in praktijk afwijken. Wij maken
verzekeringspremie of het meerjaren
hierover afspraken met huurders, bijvoorbeeld
onderhoud. Het heeft onze voorkeur dat wij
via een allonge op de huurovereenkomst.
dergelijke maatregelen als eigenaar uitvoeren.
Wanneer dit niet mogelijk is (bijv. bij
Daarom mag de huurder dit soort maatregelen
onderwijsgebouwen vragen wij geen huur)
alleen uitvoeren na (schriftelijke) toestemming
zullen wij zoeken naar maatwerk per
van de verhuurder.
deelportefeuille. Wij gaan het energieverbruik monitoren en duurzaam gebruik stimuleren Het werkelijke energieverbruik is sterk afhankelijk van de wijze waarop de huurder het gebouw gebruikt. Daarom is het van belang dat de huurder na oplevering van de duurzaamheidsinvesteringen actief blijft streven naar een duurzaam gebruik. Om huurders hierbij te helpen gaan wij het energieverbruik monitoren en het inzicht met hen delen. Tegelijkertijd is energiemonitoring
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
6
3. Portefeuillestrategie De portefeuillestrategie geeft op strategisch, tactisch en uitvoeringsniveau weer op welke wijze wij toewerken naar verduurzaming van
geven aan het realiseren van de
begroting gereserveerd en vrijgegeven
verduurzamingsdoelstellingen van ons
worden, kunnen concrete uitvoeringsplannen
gemeentelijke maatschappelijke vastgoed. De
worden opgesteld en een start gemaakt
programmatische sturing leggen wij vast met
worden met de feitelijke verduurzaming van
de voorliggende portefeuillestrategie.
ons vastgoed.
Wanneer op basis van het
De strategie is hieronder schematisch
investeringsprogramma middelen in de
uitgewerkt.
onze maatschappelijke vastgoedportefeuille om daarmee te voldoen aan de doelstellingen en uitgangspunten. Het is een lange termijn investeringsopgave tot 2030 en 2050, waarin op dit moment nog veel onzeker is. Zo weten we bijvoorbeeld nog niet precies welke behoefte aan vastgoed er vanuit de verschillende beleidsprogramma’s is op deze termijn. Daarnaast is wet- en regelgeving vanuit de EU en Rijk voortdurend in ontwikkeling. En ook technologisch weten we op dit moment nog niet waar wij over 10 jaar staan. Dit kan leiden tot aanpassing van doelstelling en strategie (strategisch niveau). Met het investeringsprogramma (tactisch niveau) dat tegelijkertijd met de portefeuillestrategie ter besluitvorming wordt voorgelegd hebben wij inzicht in deze investeringsopgave. Op deze manier kunnen wij op een programmatische wijze sturing
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
Figuur 1. Schema portefeuillestrategie
7
Strategisch niveau
Omdat duurzaamheidsinvesteringen leiden tot
uitstoot naar 95% ten opzichte van 1990 te
Wij gaan uit van de zogenoemde trias
een verhoging van de prijs van onze
brengen en in 2030 55% CO2 reductie te
energetica; dat betekent 1) het beperken van
maatschappelijke voorzieningen zal dit direct
realiseren.
het energieverlies (bijv. isoleren), 2) maximaal
leiden tot de behoefte om een optimale
gebruik van duurzame energiebronnen (bijv.
benutting van ons maatschappelijke vastgoed
In het investeringsprogramma is zowel de
zonnepanelen) en 3) het zo efficiënt mogelijk
te realiseren. Dit kan door voor de
bruto als netto investering in beeld gebracht.
gebruiken van fossiele brandstoffen.
verschillende deelportefeuilles integrale
Een deel van de investeringen kan gedekt
Daarnaast is in de routekaart het belang
huisvestingsplannen op te stellen. Een
worden uit energiebesparing en groot
benoemd om breder te kijken dan alleen
voorbeeld is het integrale huisvestingsplan
onderhoud. Daarnaast zal in veel gevallen de
energie en een relatie te leggen met doelen
voor onderwijs. Daarin kunnen specifieke
duurzaamheidsinvestering tot
die verband houden met de
aanvullende doelstellingen en uitgangspunten
levensduurverlenging van het gebouw leiden.
verduurzamingsopgave, waaronder
meegenomen worden, zoals hoe om te gaan
De huidige inschatting is dat ongeveer 70%
klimaatadaptatie, natuurinclusiviteit en
met gezonde, frisse en toegankelijke scholen.
onrendabel zal zijn.
circulariteit. Daarvoor zijn landelijk
Op basis van die plannen kan voor de lange
verschillende normen en principes die wij als
termijn een beeld worden gevormd van de
Op basis van kernmerken van de
voorbeeld zouden kunnen nemen. Deze
opgave vervangende nieuwbouw, uitbreiding,
gemeentelijke vastgoedportefeuille en
opgaven vormen een breder afwegingskader
verbetering en renovatie.
ontwikkelingen binnen de verschillende
verduurzaming en maken onderdeel uit van de
beleidsprogramma’s zijn de gebouwen
portefeuillestrategie, alleen keuzes en
Tactisch niveau: investeringsprogramma 2023-
ingedeeld in clusters. We onderscheiden
middelen worden op gebouwniveau
2030
daarin:
afgewogen. Dat koppelen we aan duurzaam
In het investeringsprogramma hebben wij
Sloop/ nieuwbouw
renoveren en vervangende nieuwbouw. Ook
zowel het directe als het indirecte
Componentsgewijs duurzaam
de aansluiting met de Transitievisie Warmte en
(onderwijshuisvesting en sportbedrijf)
Duurzame renovatie
de Wijkuitvoeringsplannen maakt hier
meegenomen. Wij hebben nu zicht op de
Alleen aardgasvrij
onderdeel vanuit.
totale investeringsopgave om voor zowel het
PV panelen
directe als indirecte vastgoed in 2050 de CO2
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
8
Voor ieder gebouwcluster is op basis van
concrete uitvoeringsplannen worden opgesteld
doel te realiseren. In het
verschillende gebouw typologieën en landelijke
en een start gemaakt worden met de feitelijke
investeringsprogramma is in beeld gebracht
kengetallen de investeringsopgave bepaald.
verduurzaming van ons vastgoed. Zo zal een
wat we verwachten dat nodig is op basis van
Daarin zijn nog verschillende scenario’s en
deel van de opgave gekoppeld worden aan
de huidige inzichten. Daarmee kunnen we een
keuzes mogelijk, omdat op dit moment nog
groot onderhoud, maar zal ook de opgave
start maken en leren door te doen. Daarnaast
niet alles zeker is. Deze verschillende
meegenomen worden in nieuwbouw en
is in het investeringsprogramma een
scenario’s komen op een vergelijkbaar
renovatieprojecten. De uitwerking op
regelmatig investeringsritme opgenomen.
investeringsniveau om de doelstelling 2030 te
uitvoeringsniveau kan vervolgens gespiegeld
Wanneer het een logisch moment blijkt te zijn
realiseren.
worden aan de budgetten in het
een groot pand al in de eerste jaren (bijv.
investeringsprogramma. De grote en complexe
2026) te verduurzamen, zal de
Zo zal de komende jaren voor veel
opgave stelt eisen aan de uitvoering. We
investeringsbehoefte en dus de noodzakelijke
maatschappelijk vastgoed vervangende
zullen hier op een programmatische wijze
financiële middelen naar voren schuiven. En
nieuwbouw plaats vinden. Daar is in het
sturing aan geven en de samenwerking met de
vice versa.
investeringsprogramma een inschatting van
markt op zoeken om te komen tot innovatieve
Deze ervaringen gaan wij periodiek evalueren
gemaakt, dat uitgewerkt moet worden in
oplossingen. Dit stelt eisen aan de
en zal tot bijstellingen leiden, welke ter
integrale huisvestingsplannen. In het
vastgoedorganisatie en benodigde expertise.
besluitvorming worden voorgelegd. Dit doen
investeringsprogramma zijn de méérkosten
wij via de reguliere planning en control cyclus
voor verduurzaming opgenomen. De feitelijke
Monitoren, evalueren en bijstellen
en aparte raadsvoorstellen. Dat maakt
investering nieuwbouw en renovatie vraagt om
Zoals in de routekaart is geconstateerd is de
onderdeel uit van de portefeuillestrategie. De
aanvullende middelen (zie ook hoofdstuk 4.
verduurzamingsopgave groot en complex. De
frequentie van bijstellingen kan bijvoorbeeld
Financiële beleidslijn).
doelstelling en richting is helder. Tegelijkertijd
gekoppeld worden aan de driejarige MJOP
is veel nog onzeker. Zo kan wetgeving
cyclus, maar kan ook eerder zijn indien IHP’s
Operationeel niveau: uitvoeringsplannen
veranderen en zal de technologie zich ook
beschikbaar zijn of (grote) nieuwbouw of
Wanneer op basis van het
verder ontwikkelen. Daarnaast kan de
renovatieprojecten tot nieuwe inzichten leiden.
investeringsprogramma middelen in de
samenstelling van het investeringsprogramma
begroting gereserveerd worden, kunnen
wijzigen om met dezelfde middelen hetzelfde
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
9
Investeren in gebouwen is één, maar daarmee zijn wij er nog niet. Om de doelstellingen te realiseren zal complexere (installatie) techniek in onze gebouwen geplaatst worden. Dit vraagt om het goed inregelen van de installaties, zodat zij optimaal werken. Ook zullen wij onze huurders helpen in de manier waarop het gebouw en techniek gebruikt worden om het energieverbruik te reduceren. Daarnaast is het ook van belang om de energieprestatie van onze gebouwen vóór en ná verduurzaming te monitoren. Zowel op gebouwniveau om installaties goed in te regelen en huurders te coachen op energieverbruik. Maar ook op portefeuilleniveau om de voortgang in het realiseren van onze doelstellingen te volgen om eventueel te kunnen bijsturen. In het investeringsprogramma is uitgegaan van landelijke kengetallen op basis van verschillende gebouw typologieën. Inzicht in het feitelijke energieverbruik en besparing is nog nodig. Daarvoor zal een energiemonitoringsysteem ingericht worden.
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
10
4. Financiële beleidslijn
De systematiek is in onderstaand schema weergegeven en lichten we aan de hand van
De programmatische wijze van sturing is uitgewerkt in een financiële beleidslijn.
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
de verschillende clusters van gebouwen toe. Figuur 2. Schema geldstromen
11
Reserve verduurzaming vastgoed
projecten ter besluitvorming voorgelegd aan de
Duurzame renovatie
Raad.
Wij hebben gebouwen in onze kernportefeuille, waarvoor wij als gemeente het planmatig
We stellen een reserve verduurzaming Componentsgewijs duurzaam
onderhoud willen combineren met het
Middelen die eenmalig ter beschikking
Wij hebben ook gebouwen die wij
verduurzamen. Daarnaast kan vanuit de
worden gesteld
verduurzamen via losse componenten, vaak
huurder en het beleidsprogramma de wens zijn
Subsidies verduurzaming
gekoppeld aan groot onderhoud. Zo gaan wij
om de maatschappelijke impact van het
Vrijval structurele middelen die niet
bij dak vervanging gelijk goede isolatie
gebouw en de functie te vergroten door het
zijn ingezet
aanbrengen en gaan wij bij Cv vervanging een
gebouw uit te breiden en te vernieuwen. Dit
90% van de energiebesparing middels
duurzame oplossing realiseren. Wanneer deze
kan al dan niet zijn vastgelegd vanuit het
verhoging huur
maatregelen (afzonderlijk) minder dan €
beleidsprogramma in een integraal huisvesting
50.000 kosten, worden deze gedekt met
plan. Deze maatregelen en wensen betekenen
Voor de verschillende gebouwclusters en
eenmalige middelen uit de reserve
een duurzame renovatie. Hiervoor wordt een
benodigde verduurzamingsmaatregelen
verduurzaming vastgoed. Wanneer deze
investeringskrediet beschikbaar gesteld. De
hanteren wij de volgende financiële spelregels:
componenten (samen) meer kosten dan
investering wordt gedeeltelijk gedekt met
€50.000 dan betreft het een investering die wij
eenmalige middelen uit de reserve planmatig
dekken uit een huurverhoging. Indien de
onderhoud. Voor de resterende investering
energiebesparing de verhoging van de huur
berekenen wij een nieuwe kostprijsdekkende
niet volledig dekt, betekent dit een nadeel voor
huur. Indien de energiebesparing als gevolg
de huurder. Dit kan gecompenseerd worden
van de verduurzamingsmaatregelen de
via een verhoging van de subsidie, die gedekt
verhoging van de huur niet volledig dekt,
wordt uit de structurele middelen binnen het
betekent dit een nadeel voor de huurder. Dit
investeringsprogramma.
kan gecompenseerd worden via een verhoging
vastgoed in. Deze reserve wordt gevoed door:
Sloop/ nieuwbouw Nieuw te bouwen gebouwen gaan wij verduurzamen conform de ENG eis en wij nemen zoveel mogelijk verduurzamingsmaatregelen mee die verder gaan dan energiebesparing. In het investeringsprogramma is in beeld gebracht wat dit aan investeringen betekent. De dekking voor deze investeringen wordt via afzonderlijke
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
van de subsidie. De verhoging van de subsidie wordt voor het deel van de verduurzamingsmaatregelen gedekt uit de
12
structurele middelen binnen het
wordt uit de structurele middelen binnen het
investeringsprogramma. De verhoging van de
investeringsprogramma.
subsidie voor het deel van de aanvullende verduurzaming méér dan CO2 reductie én
PV panelen
wensen vanuit het huisvestingsplan wordt
Voor gebouwen waarbij wij alleen
gedekt uit aanvullende middelen vanuit het
zonnepanelen realiseren dekken wij deze
beleidsprogramma.
investering uit een structurele huurverhoging en nemen het onderhoud en vervanging van
Alleen aardgasvrij
de panelen mee in het MJOP. Deze
We hebben verschillende gebouwen die lastig
huurverhoging wordt gecompenseerd door een
te isoleren zijn, zoals monumenten die wij (op
energiebesparing bij de huurder, waarmee het
termijn) alleen aardgasvrij kunnen maken.
voor de huurder meestal minimaal
Daarnaast hebben wij gebouwen die relatief
kostenneutraal is.
nieuw zijn, of recent zijn gerenoveerd. Voor deze gebouwen geldt ook dat de stap naar aardgasvrij nog gemaakt moet worden. Wanneer het aardgasvrij maken minder dan € 50.000 kost, wordt dit gedekt met eenmalige middelen uit de reserve verduurzaming vastgoed. Wanneer dit meer kost dan €50.000 betreft het een investering die wij dekken uit een huurverhoging. Indien de energiebesparing de verhoging van de huur niet volledig dekt, betekent dit een nadeel voor de huurder. Dit kan gecompenseerd worden via een verhoging van de subsidie, die gedekt
Portefeuillestrategie verduurzaming vastgoed
13