2023-370 Toelichting bij Raadsbesluit strategische keuzen Slim Warmtenet Zandweerd
Tekst van het document
Nadere toelichting en achtergrondinformatie besluitvorming Slim Warmtenet Zandweerd. Met de realisatie van het Slim Warmtenet Zandweerd zorgen we voor een duurzame warmtevoorziening die voor bewoners het best betaalbaar is, de goedkoopste investering is en op termijn veel minder inflatiegevoelig is. Dit sluit aan bij het Energieplan en de Transitie visie Warmte. De raad heeft in oktober 2020 besloten om zelf te investeren in het Slim Warmtenet Zandweerd en krediet toe te wijzen voor fase 1. Fase 1 bevindt zich met dit besluit in de Realisatiefase. In april 2022 heeft de raad besloten om fase 1 en 2 als één geheel te ontwikkelen. Nadat de beoogd warmteleverancier en realisator/exploitant Ennatuurlijk zich in december 2022 terugtrok, is slagvaardigheid geboden. Momenteel wordt het warmtenet aangelegd. De eerste 100 nieuwbouwwoningen zijn in 2022 aangesloten en in 2023 worden nog eens 100 bestaande woningen aangesloten. Aan de bewoners van Zandweerd en de woningbouwcorporaties is toegezegd de verduurzaming van de wijk op tempo te houden. Ook is het van belang dat de verdere warmtetransitie in Deventer geen vertraging oploopt. Ondanks de relevante politieke en maatschappelijke keuzen die gemaakt moeten worden, is dit een zakelijk en fysiek project waarin vertraging financiële gevolgen voor de gemeente heeft.
Daarom is het van belang op korte termijn de voortgang in het project te waarborgen zodat woningen op het warmtenet kunnen worden aangesloten. In december 2022 en januari 2023 is de raad geïnformeerd over de actuele ontwikkelingen en mogelijke scenario’s voor het Slim Warmtenet Zandweerd. Nu wordt de keuze aan u voorgelegd. Voor de helderheid benoemen wij deze scenario’s voorzien van de gemaakte keuzen. 1. Stoppen met de ontwikkeling van het warmtenet. We ronden de lopende werkzaamheden af (nieuwbouw Tuinen van Zandweerd, gerealiseerde aansluitingen Rubenstraat en te realiseren aansluitingen Rembrandkadeflat). Hiermee realiseren we een klein warmtenet. 2. Concessieverlening aan Ennatuurlijk als warmteleverancier en realiserende partij waarbij de gemeente risicodragend eigenaar is van het warmtenet. 3. Het gefaseerd ontwikkelen van het gehele warmtenet waarbij de gemeente als eigenaar van de infrastructuur een nieuwe warmteleverancier contracteert. Ad.1. De investeringen voor deze optie zijn onevenredig hoog ten opzichte van het beperkte aantal aan te sluiten woningen. Het tekort zal tussen de € 3,5 en € 5,0 mln. liggen; we missen de subsidie van het Nationaal Groeifonds; er is geen betaalbaar alternatief voor de overige bewoners van Zandweerd. Ad.2.
Deze optie is niet meer aan de orde nu Ennatuurlijk zelf de keuze gemaakt heeft geen zaken met de gemeente Deventer te willen doen. Onder dezelfde condities een nieuwe uitvraag doen, zal met andere partijen leiden tot herhaling van zetten, maar vooral tot een project met een onaanvaardbaar groot tekort (meer dan 10 mln.) Ad.3. Na een heroriëntatie op alle beschikbare technische, financiële en organisatorische informatie, blijkt dat met gebruik making van de subsidie van het Nationaal Groeifonds voor de hele wijk Zandweerd een warmtenet aangeboden kan worden met een sluitende exploitatie waarbij alle risico’s binnen het project worden afgedekt en bewoners een betaalbaar aanbod krijgen voor een duurzame energievoorziening. Scenario 3 wordt nu voorgelegd als voorkeursoptie. Het gaat hier om een omvangrijk project. Het bedrag aan investeringen waarvoor in de komende jaren een uitvoeringskrediet zal worden aangevraagd is € 57.000.000. Dit bedrag omvat de
investeringen, herinvesteringen, prijsindex en de stelposten en risicobudgetten. Daartegenover staan opbrengsten. Die bestaan uit: Vastrecht Variabel tarief (per werkelijk verbruikte gigajoule warmte) Aansluitbijdrage (voor de aansluiting van de woning op het warmtenet en de bijkomende woninggebonden kosten) Subsidies De uitkomsten van de financiële analyse en noodzakelijke besluiten worden nu aan de raad voorgelegd. Het vaststellen van de projectexploitatie betekent het instemmen met de gehele inhoud en vaststellen van de rekenregels. Kredietverlening vindt plaats in het 4e kwartaal 2023. Daarom is slagvaardigheid vereist en is het van belang op korte termijn de voortgang in het project te waarborgen zodat woningen op het warmtenet kunnen worden aangesloten. De resultaten en noodzakelijke besluiten worden nu aan de Raad voorgelegd. Hierbij is een actueel en onderbouwd inzicht nodig in de financiële stand van zaken. Dit is in eerste aanleg nodig voor de keuze: stoppen of doorgaan. Bij doorgaan is het van belang om de belangrijkste argumenten van Ennatuurlijk om te stoppen, namelijk de grote onzekerheden en toenemende investeringsbedragen te toetsen en te voorzien van een onderbouwd eigen inzicht. Hiervoor is een Projectexploitatie opgesteld die nu ter vaststelling door de Raad wordt aangeboden.
Voor de middellange termijn is een keuze nodig in de noodzakelijke governance van het warmtenet mede in het licht van de nieuwe warmtewet (Wet Collectieve Warmte - WCW). Dit laatste ook in relatie tot de gewenste gemeentebrede governance van warmtenetten in Deventer op langere termijn en de samenwerking met de projectpartners. Het nog lopende wetgevingsproces van de WCW noopt overigens tot enige terughoudendheid op dit moment vanwege de nog te maken keuzen van het kabinet in deze nieuwe wet. Desondanks starten wel de voorbereidingen voor de inrichting en oprichting van het warmtebedrijf Deventer. Dit alles is in de periode januari tot maart tot stand gekomen. De resultaten en noodzakelijke besluiten worden nu aan de Raad voorgelegd. Niet onvermeld mag blijven dat dit besluit en vooral de tijdigheid hiervan ook noodzakelijk is voor het verkrijgen van de subsidie uit net Nationaal Groeifonds (€ 12.600.000). Wij vatten de inzichten uit de verschillende onderdelen van het project voor u samen (inclusief verwerking van de subsidie uit het nationaal groeifonds): a. Nadat er medio 2022 een sluitende businesscase was, werden wij in het najaar door Ennatuurlijk geconfronteerd met sterk stijgende investerings- en energiekosten en een tekort dat opliep tot € 19 mln.
Al voor het terugtrekken door Ennatuurlijk hadden we de indruk dat in de ramingen onnodig hoge risico's waren ingecalculeerd. Alle onderdelen van de businesscase zijn nadrukkelijk geanalyseerd, extern getoetst en aanvullend voorzien van een second opinion. Uiteindelijk konden de investeringskosten naar beneden worden bijgesteld en is er met inzet van een bijdrage uit het Nationaal Groeifonds sprake van een sluitende businesscase. b. De opwaardering van de warmte uit de RWZI (ca. 15 graden) naar 70 graden vraagt veel energie (met name elektriciteit). Medio 2021 vormde dit ca. 10% van de exploitatiekosten. Als gevolg van de gestegen energieprijzen is dit momenteel 45% van de totale exploitatiekosten. Hiermee is dit de grootste post in de businesscase. In financiële zin is de prognose van de kosten onzeker. De prijsontwikkeling heeft direct effect op de hoogte van het variabele warmtetarief. Vooralsnog zijn hiervoor voorzichtige ramingen opgenomen. Ander element is het duurzaamheidsaspect en lokaal eigendom. Het uit handen geven van de inkoop van stroom en gas aan de warmteleverancier beperkt de eigen invloed hierop. Daarom is dit een relevant onderdeel van het koersdocument governance en gaan wij onderzoeken welke alternatieven er zijn om die beide
doelstellingen te kunnen realiseren. En hiermee mogelijk ook meer onafhankelijkheid te creëren van de internationale energieprijzen. c. Het is de bedoeling van de WCW dat alle nieuwe en bestaande warmtenetten in publieke handen komen. Deventer loopt met de door de Raad eerder genomen besluiten (oktober 2020) voorop en in lijn van de nieuwe wetgeving. De warmteketen bestaat naast de bron uit de infrastructuur (die in publieke handen komt) ook uit de rol van leverancier van warmte. Hiervoor is een leveringsvergunning nodig (die de gemeente niet heeft). Er zijn twee hoofdvormen mogelijk: - Een integraal (publiek) warmtebedrijf (dus infrastructuur en levering) - Een publiek warmtenetwerkbedrijf (met alleen infra) en een privaat warmteleveringsbedrijf (opwek en levering). Daarbinnen zijn meerdere uitwerkingsvormen mogelijk m.b.t. het uitbesteden of in eigen beheer hebben van de engineering, directievoering en aanbesteding ed. Voorts zijn ook vormen mogelijk om het publiek eigendom met andere partijen te delen (mits meer dan de helft publiek blijft). Ook is samenwerking met andere publieke partijen mogelijk. Bijvoorbeeld met Enpuls die door de minister als publieke partij wordt beschouwd. Maar ook de provincie in het kader van een regionaal warmtebedrijf.
Ook de bestaande warmtenetten (waar Deventer er een aantal van heeft (deltabuurt, landsheerenkwartier, binnenstad, Boreelkazerne) moeten in publieke handen komen. Hierover loopt landelijk nog veel discussie die vooral gaan over het voortbestaan van bestaande warmtebedrijven en de waarde van die warmtenetten. Het is duidelijk dat bij dit alles zorgvuldigheid geboden is. Er spelen uiteenlopende argumenten rondom zeggenschap, rol van de gemeente, financieel, organisatorisch ed. Dit is een cruciaal onderwerp waarbij de rol van College en Raad groot is. Daarom wordt bij dit raadsvoorstel een koersdocument ter kennisname van de Raad gebracht om aan de hand hiervan in de komende jaren stapsgewijze tot nadere invulling te komen. d. Mede op verzoek van de woningbouwcorporaties wordt na het terugtrekken van Ennatuurlijk een second opinion uitgevoerd op de uitwerking van het technisch concept en de financiële onderbouwing van de investeringen. Dit onderzoek is uitgevoerd door Witteveen+Bos. Hierbij staat niet de bron van de warmte ter discussie (gebruik maken van warmte uit het effluent van de RWZI), maar vooral de wijze van opwaarderen naar 70 graden (de toegepaste technieken en het aantal warmtepompinstallaties). De uitkomsten van de second opinion zijn verwerkt in de onderliggende stukken. e.
Met de partners (verhuurders, Waterschap en Enpuls) is intensief contact en regelmatig bestuurlijk overleg danwel afstemming. Alle nu voorliggende stukken zijn besproken en afgestemd met de partners. Een punt van aandacht hierbij is hoe in de governancestructuur een optimaal evenwicht gebracht kan worden tussen de onderlinge intenties en afspraken aan de ene kant en de formele mogelijkheden van partijen aan de andere kant. Voorbeeld hierbij is dat de woningwet het woningbouwcorporaties verbiedt mede-eigenaar van een warmtenet te worden. Aan de andere kant is het de bedoeling om zeggenschap in de aanleg en tariefstelling wel te regelen. In het koersdocument en de verdere afspraken wordt hier nadrukkelijk aandacht aan gegeven. f.
Wij zijn heel blij met de krachtige rol van het duurzaamheidsteam van de wijk Zandweerd. Dit helpt naast het creëren van draagvlak in de wijk vooral ook om te zorgen dat naast alle complexe technische en financiële vraagstukken het maatschappelijke belang bovenaan blijft staan. Dit gebeurt in een open en praktische samenwerking. Vertegenwoordigers van het duurzaamheidsteam zijn ook nauw betrokken bij de projectorganisatie. Daarnaast vindt continue afstemming plaats met de aanpak van de verduurzaming van de woningen.
g. De tariefstelling is complex. We hebben het hier niet over een gemeentelijke heffing op een investering zoals bij riolering en afval. Tariefstelling staat in relatie tot andere energiesystemen (stroom en gas) en valt onder het toezicht van de ACM. Uitgangspunten tariefstelling De inkomsten van het warmtenet bestaan uit drie componenten die overigens exact dezelfde zijn als bij gas en stroom: • Een variabel tarief per warmte-eenheid (GJ). • Een vastrecht. • Een eenmalige aansluitbijdrage voor een nieuwe aansluiting, plus inpandige kosten. Het variabele tarief en het vastrecht worden (net als bij gas en stroom) betaald door de bewoner (particuliere eigenaar en huurder). De aansluitbijdrage/inpandige kosten worden betaald door de woningeigenaar. Voor de huurwoning is dit de woningbouwcorporatie. Bij het vaststellen van de tarieven zijn vier zaken van belang: 1. De gemeente stelt vooraf de genoemde tarieven vast die gezamenlijk de inkomsten vormen in de businesscase (en dus gelijk zijn aan kosten minus ontvangen subsidies). 2. De nieuwe WCW stelt als eis dat de tarieven ‘kostprijsgebaseerd’ moet zijn. Dus aantoonbaar relatie moeten hebben met de werkelijke kosten van het warmtenet. 3. De ACM stelt jaarlijks de maximale tarieven vast. De rol van de ACM wordt vaak te groot gemaakt. Het is immers geen verplichting het maximum te kiezen. 4.
Met de corporaties is afgesproken om tot betaalbare warmtetarieven te komen. In 2020 (dus ruim voor de energiecrisis) is deze afspraak destijds concreet gemaakt. Vertrekpunt was een prijs die 10% onder de vergelijkbare gasprijzen zou liggen. Het 4e punt betekende concreet: • Een vastrecht dat 10% lager is dan het maximum. • Een variabel tarief dat met de cijfers van 2020 10% lager is. Toen was de warmteprijs ca. € 21. Afgesproken was het warmtetarief € 2 onder het omgerekende gastarief vast te stellen. Het is duidelijk dat we nu in een volstrekt andere dynamiek aan energieprijzen zitten. Een harde procentuele reductie zou in geld mogelijk tot een onnodig hoge reductie leiden (nu is het warmtetarief maximaal € 90). Daarom stellen wij voor om de genoemde 2 euro te handhaven als referentiepunt. Bovendien staat dit in de gezamenlijke commitmentbrief. Hierover hoeven dus geen nader afspraken gemaakt te worden. Totstandkoming van de tarieven Voor de woningaansluiting is het in de warmtesector gebruikelijk dat een vaste aansluitbijdrage wordt betaald en een individueel bedrag aan woninggebonden kosten. Het maximum van het vaste bedrag (de BAK) wordt jaarlijks door de ACM vastgesteld. De woninggebonden kosten zijn vrij. Deze praktijk is gebaseerd op warmtenetten voor nieuwe woningen. Nu staan we voor realisatie van warmtenetten in de bestaande (oude) woonomgeving.
Grote onzekere factor zijn de inpandige kosten. Dit staat haaks op de doelstelling van een betaalbare energievoorziening. Om die reden heeft Deventer al in 2019 bepaald dat de aansluitbijdrage met alle bijkomende kosten niet hoger zijn dan: • De vervangingskosten van de cv-ketel. • De onderhoudskosten. • Een extra bedrage ter hoogte van de door de bewoner ontvangen ISDE-subsidie. Dit uitgangspunt (garantie van de betaalbaarheid aan de voorkant) is sinds 2019 opgenomen in alle besluiten en kredietaanvragen.
Hiermee stellen wij dus vooraf zowel de aansluitbijdrage als de woninggebonden kosten als één geheel vast. Voor de door de ACM vastgestelde regelgeving dienen wij een administratieve scheiding aan te brengen tussen BAK en woninggebonden kosten. Om te zorgen dat de bewoner de maximale ISDE kan ontvangen, stellen wij de BAK vast op het maximum. Het tarief voor woninggebonden kosten is daarna het restant bedrag. Onder de tariefopbouw is dit nader toegelicht. Beide bedragen worden door de woningeigenaar betaald. Bepaling van het variabele tarief geschiedt als volgt: • Totale kosten (investeringen en exploitatiekosten) plus risico’s. • Hierop in minderding de aansluitbijdrage en de subsidies. • Hierop in mindering het vastrecht. Voor het resterende deel wordt een variabel tarief bepaald dat jaarlijks gelijkmatig stijgt. Uitgaande van de index in de projectexploitatie van 2,2% (zie toelichting indexering), is het variabele tarief per GJ € 31,14 ex BTW in het jaar 2023. Dit bedrag is (ook voor de komende jaren) vergeleken met de huidige tarieven voor gas en stroom (inclusief vastrecht, onderhoud en kosten van aanschaf). Vooralsnog voldoen we aan de uitgangspunten van betaalbaarheid zoals dat met de corporaties is afgesproken. Samenvattend: Hiermee zijn de tarieven dus autonoom en op basis van de kostprijs bepaald.
Vervolgens getoetst op betaalbaarheid door te vergelijken met de gas en electraprijzen.
Wij vatten in deze toelichting de voorgelegde besluiten van de gemeenteraad samen. Door te gaan met fase 1 en 2 van de realisatiefase van Slim Warmtenet Zandweerd conform de Leidraad grote projecten. Op 7 december 2022 zijn aan de Raad 2 scenario's voorgelegd na het terugtrekken van Ennatuurlijk: stoppen of zelf het initiatief nemen als gemeente. In dit raadsbesluit leggen wij het 2e scenario ter besluitvorming aan u voor. Stoppen met het warmtenet leidt tot een aanzienlijk tekort (€ 3,5 tot € 5,0 mln.), en grote effecten op mogelijke subsidies. Namelijk het niet ontvangen (Nationaal Groeifonds - € 12,6 mln.) en niet meer kunnen verduurzamen van de woningen in Zandweerd (beslag op de proeftuinsubsidie). Verder zullen de woonlasten van bewoners stijgen omdat voor verduurzaming andere (duurdere) oplossingen nodig zijn. Doorgaan kent uiteraard risico's maar die zijn reëel met de kennis van nu en de inzichten van Ennatuurlijk vanuit de onderhandelingsfase ingeschat en bovendien in hoge mate vergelijkbaar met reguliere grote gebieds- en rioolprojecten. In het voorgestelde scenario worden alle hiervoor genoemde subsidies behouden en worden de investeringen terugverdiend. Belangrijk element is dat hiermee een betaalbare oplossing aan de bewoners geboden wordt. Warmtenet in eigendom van de gemeente.
Het is de bedoeling van de Wet Collectieve Warmte dat alle nieuwe en bestaande warmtenetten in publieke handen komen. Deventer loopt met de door de Raad eerder genomen besluiten (oktober 2020) voorop en in lijn van de nieuwe wetgeving. Daarom is het van belang in de besluitvorming hierop aan te sluiten. Voorbereiding oprichting warmtenetwerkbedrijf. Om voortgang te behouden maar tegelijk meer tijd te hebben om in afwachting van de nieuwe Wet en afstemming met de partners en het duurzaamheidsteam kiezen we voor de korte termijn voor een publiek warmtenetwerkbedrijf en besteden we de warmtelevering opnieuw aan.
Dit om geen tijd te verliezen. We vragen nu evenwel alleen de administratieve diensten uit die verbonden zijn aan de energielevering. Kennisnemen van het koersdocument governance. In het kader van de WCW en de opdracht tot publieke eigendom is een koersdocument governance opgesteld wat inzicht geeft welke stapsgewijze invulling van de governance nodig is. Alle voor- en nadelen en gevolgen (financieel, organisatorisch, juridisch, bestuurlijk) moeten zorgvuldig overwogen worden en uiteraard met de Raad besproken. Dit document is leidend voor de in de komende jaren te maken keuzen. De levering van warmte wordt aanbesteedt aan een marktpartij. Onder verwijzing naar het genoemde bij het punt warmtenetwerkbedrijf wordt vooralsnog gezocht naar een private warmteleverancier, uitsluitend voor de administratieve diensten. Beschikking subsidie Nationaal Groeifonds. De bijdrage uit het Nationaal Groeifonds is het sluitstuk voor de Projectexploitatie. Het is het Rijk helaas nog niet gelukt de begin dit jaar toegezegde definitieve toekenning van de subsidie te verstrekken. Uiteraard is die toekenning een voorwaarde voor het verstrekken van opdrachten. De toekenning van de subsidie (€ 12,6 mln.) zal naar verwachting in de loop van juni 2023 ontvangen worden.
Omdat die toekenning nog ontvangen dient te worden en de Collegebehandeling al achter de rug is, is het voorbehoud opgenomen dat opdrachten pas verstrekt kunnen worden na ontvangst van deze beschikking. Inmiddels is toegezegd door RVO dat de beschikking uiterlijk op moment van het raadsbesluit ontvangen zal zijn. Projectexploitatie vast te stellen. Om de financiële kaders vast te stellen, afspraken met partijen te kunnen maken, een aansluitovereenkomst met de verhuurders vast te stellen en een zgn. FID (financial investment decission) voor het Nationaal Groeifonds te kunnen leveren, wordt de Raad gevraagd de Projectexploitatie vast te stellen. Dit is eenzelfde besluit als het vaststellen van een grondexploitatie. Naast inzicht in de financiële structuur, raming van investeringen, exploitatielasten en opbrengsten, financiering en indexering maakt het risicodossier (inclusief de gebruikelijke risicoanalyse) onderdeel uit van dit besluit. Hierin worden jaarlijks de financiële uitgangspunten vastgelegd. Voorzieningen en reserves instellen. Om de raad voldoende mogelijkheid tot sturing op budget te geven, wordt de subsidie uit het Nationaal Groeifonds in een voorziening gestort. Onttrekking hieruit ter dekking van de exploitatie kan alleen met raadsbesluit.
Tevens zullen bij de kredietaanvrage een egalisatiereserve exploitatieresultaten (de fluctuaties over de jaren egaliseren) en een onderhoudsvoorziening worden ingesteld. Ook hierin heeft de raad het budgetrecht. De begroting te wijzigen. Het in een geheel uitvoeren van fase 1 en 2 zorgt ervoor dat de aanvangsinvesteringen in fase 1 die deels ook voor fase 2 dienen niet als verlies gezien worden maar feitelijk een boekwaarde die in fase 2 wordt terugverdiend. De verwachting is dat medio 2024 het totale projectkrediet aan de raad kan worden aangevraagd. Om tijdig bewoners in Zandweerd aan te kunnen sluiten en vertraging te voorkomen, zullen na de zomer een aantal aanbestedingsprocedures voor activiteiten van fase 2 gaan starten. Voor de proceskosten hiervan wordt een krediet van € 800.000 aangevraagd. In het 4e kwartaal 2023 zal een uitvoeringskrediet worden aangevraagd voor de vervolgfase van de uitvoering conform ramingen in de bijgevoegde Projectexploitatie.
Weerstandsvermogen geheel in de Projectexploitatie. Bij warmtenetten spreken we over langjarige exploitaties. Net als bij grondexploitaties is een structurele afhankelijkheid van de gemeentebegroting niet gewenst. Daarom is bij de opstelling van de projectexploitatie het gehele weerstandsvermogen van het project (risicobudget) opgenomen in de investeringsraming. De inkomsten van het project zijn voldoende om dit weerstandsvermogen (€ 5,6 mln.) en ook enkele stelposten (zie projectexploitatie) te dekken. In fase 1 diende een oplossing gevonden te worden voor de dekking van het weerstandsvermogen van € 1,7 mln. als risicobudget. Hiervoor is tijdelijk de subsidie proeftuin aardgasvrije wijken aangewend. Nu is het volledige weerstandsvermogen opgenomen in de projectexploitatie en gedekt uit de subsidie nationaal groeifonds. Daarmee kan het eerder genomen besluit (oktober 2020) teruggedraaid worden. Dit wordt gerealiseerd bij de kredietaanvrage in het 4e kwartaal 2023.