CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-162 Ambitiedocument+ Ludgeruskwartier (aangepast H2-9)

Raadsvergadering 21 juni 2023, gemeente DeventerBij agendapunt: Planvorming Ludgeruskwartier5.951 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ambitie document+ Ludgeruskwartier

4 april 2023

Inhoudsopgave

1

Inleiding

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Naar afronding van een vernieuwd Keizerslanden Ambitiedocument+ Plangebied Overleg en afspraken met bewoners Overleg tussen gemeente en Ieder1

2

Analyse en ambitie

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9 2.10

Sociale situatie en leefbaarheid Woningaanbod Voorzieningen Stedenbouwkundige opzet en uitstraling Parkeren Groen, openbare ruimte en ecologie Bereikbaarheid en duurzame mobiliteit Water en riolering Energie Klimaat

3

Ambitiekaart

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8

Kaart Kernwaarden (Ontwerp)uitgangspunten en opgaven voor het vervolg Sociaal duurzaam Groen casco Nieuwe identiteit Bereikbaarheid en mobiliteit Duurzaam

1 Inleiding 1.1 Naar afronding van een vernieuwd Keizerslanden Vanaf 2005 wordt Keizerslanden, een woonwijk uit de jaren ’50-‘70 van de vorige eeuw in het noorden van Deventer, vernieuwd. Belangrijkste aanleidingen hiervoor waren de leefbaarheid die steeds verder onder druk kwam te staan en een woningvoorraad die steeds minder aansloot bij de eisen van deze tijd. De vernieuwing is van meet af aan breed ingezet. Naast sloop-nieuwbouw van de woningen en verdichting, gaat de aandacht uit naar de herinrichting van de openbare ruimte en een groot aantal sociale, culturele en economische maatregelen. Het beoogde resultaat is dat Keizerslanden uitgroeit tot een aantrekkelijke en leefbare wijk met een gevarieerde woningvoorraad, een heringerichte openbare ruimte en vele voorzieningen. Een wijk die straks ook nog eens de meeste bewoners van Deventer telt (ruim 14.000). Inmiddels is in grote delen van Keizerslanden de vernieuwing afgerond. Met nog een aantal locaties te gaan, nadert de vernieuwing van Keizerslanden zijn voltooiing. Deze locaties kennen ieder hun eigen opgaven, kansen en dynamiek, maar vragen – zoals dit bij de andere delen van Keizerslanden ook het geval is geweest – om een goede afstemming en duidelijke richting.

Het gaat dan om de Van Hetenstraatlocatie, een deel van de schoollocatie De Marke Zuid en – in het hart van de wijk – het Ludgeruskwartier inclusief de Roelandflatlocatie. Deze laatste locatie staat centraal in dit document.

1.2 Ambitiedocument+ Om richting te geven aan vernieuwing van specifieke locaties, buurten en wijken is de gemeente Deventer gebruikelijk om ambitiedocumenten op te stellen. Hierin worden, op basis van een sociaal-ruimtelijke analyse en participatie van bewoners en andere belanghebbenden, de contouren voor een (her)ontwikkeling geschetst, in samenhang met de omgeving. Voor het Ludgeruskwartier inclusief de Roelandflatlocatie hebben de gemeente Deventer en Ieder1 (de eigenaar van de woningen en garageboxen in dit deel van de wijk) de krachten gebundeld en samen het ambitiedocument opgesteld. Wat betreft de inbreng van bewoners en andere belanghebbenden wordt deels voortgebouwd op een lopend communicatietraject, deels wordt deze

verbreed. Zo zijn in 2021 en 2022 al bewoners in het Ludgeruskwartier geïnformeerd over het voornemen tot sloop-nieuwbouw. De communicatie en participatie rondom dit ambitiedocument gaat hierop voort. Maar omdat het ambitiedocument ook relevant is voor andere belanghebbenden en belangstellenden, die tot nu toe niet of minder geïnformeerd zijn over het voornemen tot sloop-nieuwbouw en verdichting, zullen ook zij geïnformeerd en geconsulteerd worden over het ambitiedocument. Bewoners van het Ludgeruskwartier zitten, na de eerste informatie over sloop-nieuwbouw, te wachten op vervolgstappen. Het ambitiedocument komt hier deels aan tegemoet. Maar om bewoners nadere duidelijkheid te geven, is snelheid in de planvorming gewenst. Daarom wordt in het ambitiedocument Ludgeruskwartier niet alleen, zoals gebruikelijk, beschreven wat de uitkomsten van analyse zijn en wat dit aan ambities oplevert, maar worden hier ook al (ontwerp)uitgangspunten en opgaven/vraagstukken voor het vervolg aan toegevoegd (paragraaf 3.3). Zo wordt de brug naar, onder meer, het stedenbouwkundig plan geslagen. Gezien deze nadere operationalisering spreken we van een ambitiedocument+.

1.3 Plangebied

De bewoners van deze woningen zijn in 2021 door Ieder1 geïnformeerd over het onderzoek naar renovatie en verduurzaming en het voornemen tot sloop, nieuwbouw en verdichting. In het voorjaar van 2022 hebben bewoners aanvullende informatie gekregen via persoonlijke gesprekken, een wekelijks inloopspreekuur in ‘t Proathuus, een nieuwsbrief en een video. Tevens is recent een peiling verricht. Momenteel werkt Ieder1 samen met de projectcommissie (bestaande uit bewoners uit de buurt) aan een Sociaal Plan en een Beheer Plan. In het Sociaal Plan wordt omschreven wat bewoners kunnen verwachten als het bijvoorbeeld gaat om het recht om terug te keren naar een nieuwbouwwoning in het Ludgeruskwartier (inclusief een ‘spijtoptantenfaciliteit’), de aanvangshuur, de tijdelijke herhuisvesting, voorrang zoeken naar een andere woning, de verhuiskostenvergoeding en de beoogde fasering van herontwikkeling. Vooralsnog wordt rekening gehouden met vier fasen, te starten eind 2024 (met eind 2023 ingang Sociaal Plan, inclusief urgentie), eind 2025, eind 2026 en eind 2027. In het Beheer Plan wordt, eveneens samen met de projectcommissie, vastgelegd hoe het Ludgeruskwartier gedurende de sloopnieuwbouwfasen schoon, heel, veilig en leefbaar blijft (interim beheer).

1.5 Overleg tussen gemeente en Ieder1 Vanuit de gemeente Deventer en Ieder1 is een projectteam samengesteld. Dit projectteam coördineert de totstandkoming van het ambitiedocument+ Ludgeruskwartier, de communicatie en participatie en bereidt de besluitvorming voor. Om zorg te dragen voor integraliteit en afstemming met aanpalende ontwikkelingen, beleidskaders en dat wat er speelt in de buurt zijn workshops georganiseerd. Voor deze workshops zijn verschillende deskundigen vanuit zowel de gemeente als de corporatie genodigd, waaronder deskundigen op het gebied van wonen, stedenbouw, mobiliteit, energietransitie, klimaat en planeconomie.

Ludgeruskwartier naar Steenbrugge De Marke I&II

Op de ambitiekaart staan de plangrenzen gearceerd met een roze gestreepte lijn. Dit is het Ludgeruskwartier inclusief de Roelandflatlocatie en de zone tussen kwartier en De Marke Zuid die verder verkend wordt voor woningbouw en/of parkeervoorziening. Buiten het plangebied vallen onderdelen van de omgeving, zoals het park, de toekomstige onderwijsvoorziening, het winkelcentrum en de Lebuïnuslaan. Deze onderdelen zijn belangrijk voor een goede aaneensluiting van het nieuwe Ludgeruskwartier en de omgeving (ruimtelijk, verkeerstechnisch, parkeren). Om hiervoor zorg te dragen zijn in dit ambitiedocument+ ambities, (ontwerp)uitgangspunten en opgaven voor het vervolg geformuleerd.

winkelcentrum Keizerslanden

1.4 Overleg en afspraken met bewoners Binnen het plangebied bevinden zich 256 woningen, waarvan 224 portiekwoningen (Lebuïnuslaan, Graaf Reinoldstraat, Eleononastraat, Varlarstraat en Ludgerstraat) en 32 grondgebonden eengezinswoningen (Eleonorastraat en Ludgerstraat). Tevens bevinden zich in deze buurt 20 garageboxen.

naar station en binnenstad

2 Analyse en ambitie Het ambitiedocument formuleert de ruimtelijkprogrammatische (ontwerp)uitgangspunten voor de vernieuwing van het Ludgeruskwartier (zie hoofdstuk 3). Tevens agendeert het onderwerpen (opgaven/ vraagstukken) die in het vervolg verder opgepakt moeten worden in het kader van het opstellen van een stedenbouwkundig plan. Om te komen tot deze ambities, (ontwerp)uitgangspunten en opgaven is een analyse vanuit verschillende invalshoeken verkend. Gestart is bij de bewoners en de leefbaarheid om vervolgens naar de woningvoorraad, de stedenbouwkundige opzet, het groen, de buitenruimte en aspecten als klimaat en duurzaamheid te kijken. De ambities zijn breed te vertalen: ruimtelijk, sociaal, economisch en vanuit het beheer. Voor het ambitiedocument+ leggen we de focus op de ruimtelijkprogrammatische ambities, wetende dat aanvullend hierop ook aandacht is voor sociale, economische en beheersmatige maatregelen.

2.1 Sociale situatie en leefbaarheid Sociale cohesie Het Ludgeruskwartier is op het eerste oog een rustige woonbuurt. Behoorlijk wat bewoners geven aan zich verbonden te voelen aan de buurt en elkaar. Tegelijkertijd leven er in het Ludgeruskwartier veel bewoners met verschillende achtergronden en talen, waardoor de sociale cohesie steeds meer groepsgericht is en gefragmenteerd raakt. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om: meer binding, bijvoorbeeld door een terugkeermogelijkheid, een aantrekkelijke openbare ruimte rondom de woningen en/of een buurtvoorziening waar men elkaar tegen komt en iets samen kan doen. Inkomenspositie Relatief veel bewoners leven van een uitkering en toeslagen en hebben geen betaald werk. Hierdoor is het gemiddelde inkomen in het Ludgeruskwartier laag. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit vanuit de ruimtelijk-programmatische vernieuwing bezien om: het zo laag mogelijk houden van de woonlasten, bijvoorbeeld door lage(re) huren en zo laag mogelijke energiekosten.

Opleidingsniveau Relatief veel bewoners, zo’n 30%, heeft een laag opleidingsniveau. Tegelijkertijd heeft respectievelijk 40% en 25% een middelbaar en hoog opleidingsniveau. Blijkbaar is het Ludgeruskwartier, bezien vanuit het opleidingsniveau, een buurt waar velen zich toe aangesproken voelen. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om een woonomgeving te creëren die voor velen aantrekkelijk is. Gezondheid Informatie over drankgebruik, overgewicht en langdurig ziekte wijzen op een ongezonde leefstijl onder relatief veel bewoners. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit bezien vanuit de ruimtelijk-programmatische vernieuwing van de buurt om meer incentives (voorzieningen, openbare ruimte) om te gaan bewegen, te sporten en naar buiten te gaan. Leefbaarheid De huidige opzet van het Ludgeruskwartier zorgt ervoor dat er weinig zicht op de openbare ruimte is en er ook weinig aanleiding is om actief gebruik te maken van de directe woonomgeving. Dat leidt ertoe dat de openbare ruimte meer gebruikt wordt als doorgangsroute (bijvoorbeeld door scholieren) dan als verblijfsruimte. Tegelijkertijd zijn er signalen dat de leefbaarheid achter de voordeur afneemt. Er zijn situaties bekend van drugsoverlast en van vernielingen. Het gevoel van onveiligheid, anonimiteit en eenzaamheid groeit.

Dit zijn signalen en gebeurtenissen die herkenbaar zijn voor buurten die in ‘afwachting van vernieuwing’ zijn. Als ambitie voor de toekomst versterkt dit het voorgaande: zorg voor meer binding, voor menging, voor plekken van ‘zien en gezien worden’ en voor een openbare ruimte die onderdeel is van de leefsituatie van bewoners. Deels is deze ambitie in het stedenbouwkundig plan (routes, zicht, openbare ruimte) te concretiseren.

en gaan heeft een negatieve impact op de leefbaarheid: bewoners kennen elkaar steeds minder en nemen ook steeds minder de moeite om met elkaar in verbinding te komen. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om meer stabiliteit en verbondenheid: bewoners die vanuit een positieve houding kiezen voor het Ludgeruskwartier, hier met plezier wonen en zich verbinden aan elkaar en de buurt. Woon- en bouwkwaliteit De woningen in het Ludgeruskwartier dateren uit de jaren ’60-’70. Omdat de woon- en bouwkundige kwaliteit beperkt is, heeft Ieder1 onderzoek laten uitvoeren naar renovatie en verduurzaming. Dit onderzoek wijst uit dat een verbeteraanpak van de bestaande woningvoorraad suboptimale kwaliteit oplevert, met name waar het gaat om verduurzaming en de energetische kwaliteit. Verdichting in de bestaande opzet is niet mogelijk, waardoor bij een verbeteraanpak van de bestaande woningen er geen toevoeging (met uitzondering van de Roelandflat-locatie)kan plaats vinden. Als ambitie voor de toekomst wordt daarom gekozen voor sloop-nieuwbouw. Hierdoor kunnen er meer woningen gerealiseerd worden, in een grotere variatie, van het gas af en van een hoge energetische kwaliteit. Alle woningen zijn levensloopbestendig (te maken).

Meer woningen Het Ludgeruskwartier heeft in zijn opzet – strokenbouw met middelhoogbouw en grondgebonden woningen en hiertussen openbare ruimte – alle kenmerken van een wederopbouwwijk. Met de keuze voor sloop-nieuwbouw roept dit, zoals ook in het Landsherenkwartier, de vraag op of de buurt de gelegenheid biedt voor meer woningen. Met meer woningen kan tegemoet gekomen worden aan de stedelijke woningbouwopgave. Het antwoord op deze vraag is bevestigend. Als ambitie voor de toekomst wordt ingezet op een stedenbouwkundige opzet met meer (en zoals hiervoor al is gesteld: meer verschillend type) woningen. Deze toename aan woningen kan worden bereikt door verdichting, hogere bouw met enkele hoogteaccenten tot maximaal elf bouwlagen. Qua aantal woningen levert een eerste laadvermogenverkenning 430 – maximaal 500 woningen op voor het Ludgeruskwartier en de Roelandflatlocatie. Dit aantal is te differentiëren naar: •

60% sociale huur, verdeeld naar verschillende huurprijscategorieën. 20% middensegment. 20% koop (grondgebonden onder de appartementen).

2.2 Woningaanbod

• •

Mutatiegraad De mutatiegraad in het Ludgeruskwartier loopt in de afgelopen jaren op. Met name in de portiekflats vertrekken bewoners relatief snel. Een dergelijk komen

In de ambitiekaart (paragraaf 3) wordt een ruimtelijke indeling gemaakt, inclusief de bouwhoogtes.

De verdeling van het percentage woningen over de verschillende categorieën, zoals hiervoor beschreven, wijkt af van het KAW-onderzoek naar de woningbouwbehoefte in Deventer. Dit komt enerzijds omdat er sprake is van een groot deel sloop-nieuwbouw, waardoor een groot aantal sociale huurwoningen worden teruggebouwd. Het nieuwbouwdeel wordt wel ingevuld aan de hand van de inzichten van het KAW rapport. Anderzijds speelt mee dat de verdeling moet worden beschouwd in relatie tot andere woningbouwprojecten in Keizerslanden. Gezamenlijk zullen deze projecten een goede balans moeten vinden tussen sociaal, betaalbaar en duur. Zo heeft het project De Marke Noord een relatief hoger aandeel duurdere woningen om het hoge aandeel sociaal in het Ludgeruskwartier te balanceren.

segment: vooral portieketage woningen in de laagste verhuurcategorie (224 woningen) en een beperkt aantal grondgebonden woningen in het iets duurdere sociale huursegment (32 woningen). Aan dergelijke betaalbare huurwoningen is een grote behoefte, maar de vraag naar ander type woningen is er eveneens. Gezien de vraag naar woningen in praktisch alle prijscategorieën, komt het aan op prioriteren. Als ambitie voor de toekomst van het Ludgeruskwartier wordt gekozen voor het perspectief bieden aan huidige bewoners en een verbreding van het woningaanbod voor nieuwe bewoners. Gezien de ligging van het Ludgeruskwartier (met alle voorzieningen in de nabijheid) wordt ingezet op: sociale huur (minimaal hetzelfde aantal als nu), middensegment en koopwoningen. Doelgroepen De huidige woningvoorraad is vooral gericht op (kleinere) gezinnen. In het Ludgeruskwartier wonen momenteel relatief veel ouderen, die over het algemeen aangeven gehecht te zijn aan hun omgeving. Als ambitie voor de toekomst wordt ingezet op een gevarieerde doelgroep: (door)starters, (opstromende) gezinnen en ouderen die het prettig vinden om in een stedelijke omgeving te wonen, nabij veel voorzieningen en dichtbij zowel de binnenstad als de buitengebieden van Deventer.

De ligging van het Ludgeruskwartier maakt de buurt uitermate geschikt voor senioren; pal naast het winkelcentrum, verschillende zorgvoorzieningen in de directe nabijheid en meerdere busverbindingen. Buurt op ‘ooghoogte’ De huidige opzet van het Ludgeruskwartier zorgt ervoor dat er weinig ‘ogen en oren’ op de openbare ruimte gericht zijn. De architectuur en het gebrek aan gebruiksen verblijfsaanleiding in de openbare ruimte zijn hier debet aan. Per saldo leidt dit tot een verstilde openbare ruimte, die ‘van niemand’ is. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om een omkering. Het maaiveld moet de ‘gemeenschappelijke grond’ van de buurt worden: daar waar men speelt, een ommetje maakt, elkaar ontmoet, maar ook als er weinig bewoners zijn, het gevoel van veiligheid en geborgenheid biedt. Dit vereist een ontwerp dat gericht is op ‘ooghoogte’; veel aandacht voor de entrees, woningen die georiënteerd zijn op en onderdeel uitmaken van de buitenruimte, speel- en ontmoetingselementen en routings waar bewoners elkaar ontmoeten. Een buurt op ‘ooghoogte’ vraagt om een zorgvuldig ontwerp van gebouw én buitenruimte.

2.3 Voorzieningen

Woningdifferentiatie Het Ludgeruskwartier heeft een eenzijdig woningaanbod, zowel qua type woningen als

Een echte woonbuurt In de directe omgeving van het Ludgeruskwartier bevindt zich vrijwel elke denkbare voorziening: van winkels tot scholen, van zorg tot sport en ontspanning. Hierdoor ligt het niet voor de hand om in het Ludgeruskwartier zelf nog voorzieningen toe te voegen.

Als ambitie voor de toekomst betekent dit dat het Ludgeruskwartier een woonbuurt is en blijft. De huidige buurtvoorziening, het Proathuus, blijft behouden en kan mogelijk worden uitgebreid met een loket voor post en pakketten.

sterke structuurdragers (infrastructuur en groen) als de Ceintuurbaan, de Lebuïnuslaan/Margijnenenk, Laan van Borgele en de Zandwetering en hierbinnen het ontwikkelen van woonvelden met onder meer portiekflats, duplexwoningen en een tuindorp.

Daarnaast wordt de potentie nader verkend van een of meer andere voorzieningen, zoals een huisartsenpost, kinderopgang of een andere bij de woonbuurt passende voorziening.

De Ceinbuurbaan maakte – als auto-ontsluiting met laanbeplanting – onderdeel uit van de tweede ring rond Deventer. De Lebuïnuslaan maakte – als onderdeel van het Hanzetracé – onderdeel uit van de derde ring rond Deventer en werd de belangrijkste ontsluitingsweg van Deventer Noord. De Laan van Borgele vormde als radiaal de historische uitvalsweg. En de Zandwetering was bedoeld als stadspark.

2.4 Stedenbouwkundige opzet en uitstraling Positie Het Ludgeruskwartier ligt in het hart van Keizerslanden. Diverse locaties rondom het Ludgeruskwartier zijn al vernieuwd of worden binnenkort vernieuwd. Dit betekent dat het Ludgeruskwartier uiteraard een eigen kwaliteit en identiteit moet hebben, maar – door zijn ligging in het hart – zich optimaal moet verhouden tot zijn omgeving. Het Ludgeruskwartier is als het ware op te vatten als een ‘ontbrekende puzzelstuk’ in de totale stedenbouwkundige opzet van Keizerslanden. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om twee, elkaar versterkende, benaderingen: een benadering die zorgt voor een zelfstandige plekkwaliteit van het Ludgeruskwartier en een benadering die deze buurt meer onderdeel maakt van de omgeving. Onderdeel van omgeving Hoewel het Ludgeruskwartier in het hart van Keizerslanden ligt, is de buurt vrij onbekend. Reden hiervoor is dat de buurt weinig doorkruist wordt. Je gaat er eerder langs, dan dat je er doorheen gaat. Dit laatste kan een kwaliteit zijn, omdat zo een ‘woonbuurt in de luwte’ ontstaat: in het hart van de wijk, dichtbij allerlei voorzieningen, maar toch lekker rustig. De keerzijde hiervan is dat het Ludgeruskwartier reuring en beweging mist van passanten: dit kan immers ook bijdragen aan de sfeer en de leefbaarheid.

Als ambitie voor de toekomst wordt ingezet om een aantrekkelijke woonbuurt in de luwte te blijven, maar tegelijkertijd via de openbare ruimte meer aanleiding te creëren op het Ludgeruskwartier even aan te doen en/of te passeren. De kans hiervoor ligt aan de zuidzijde van de buurt, waar het een inniger verbinding kan aangaan met de groendriehoek en de langzaamverkeersroute tussen school en winkelcentrum (de ‘snoeproute’). Opzet van Keizerslanden Leidraad voor Keizerslanden waren de stedenbouwkundige en architectonische uitgangspunten van CIAM (congrès internationaux d’architecture moderne): een vooruitstrevende beweging die zich hard maakte voor de zogenoemd functionele stad. Deze beweging zag grote voordelen in het scheiden van functies als wonen, werken, voorzieningen en mobiliteit. Industriële woningbouw, ook wel ‘stempel-architectuur’ genoemd, sloot goed aan bij deze beweging, omdat zo gezorgd kon worden voor snelheid en betaalbaarheid. Voor Keizerslanden betekende dit tot aan de gemeentegrens met Diepenveen de introductie van

Met de vernieuwing van Keizerslanden – als ‘kroon van Deventer’ – is begin van de 21e eeuw ingezet op enerzijds het respecteren van de oorspronkelijke stedenbouwkundige ambities, anderzijds het introduceren van meer eigentijdse ideeën over stedenbouw, zoals verdichting, functiemenging in plaats van scheiding en de talrijke voorzieningen als bronpunten voor ontmoeting en passage. Zoals gesteld is hier nadere uitwerking aan gegeven in deelgebieden: Centrumgebied Keizerslanden (inclusief winkelcentrum), Tuindorp, Landsherenkwartier, Oranjekwartier en het Ludgeruskwartier. Voor het Ludgeruskwartier zijn, mede bezien vanuit ‘het grotere geheel’, de volgende stedenbouwkundige ambities te formuleren: •

•

•

•

•

Presentatie aan Hanzetracé/Lebuïnuslaan mede door de huidige ventweg te wijzigen in een (snel) fietsroute/sterroute en hier boombeplanting aan toe te voegen (noord) Creëer een kop, als verbinding tussen Ludgeruskwartier en winkelcentrum, op de Roelantflatlocatie (oost) en verken of de fiets- en autokruising afgewaardeerd kan worden voor alleen de fiets Presentatie aan de zuidelijke groendriehoek in combinatie met het introduceren van het groen/park tot in het hart van de buurt en meer samenhang tussen driehoek en Karel de Grotelaan (zuid) Presentatie aan Ludgerusstraat met de mogelijkheid dat aan weerszijde van deze straat aan elkaar gespiegelde woningbouw komt als de resterende ruimte aan de oostzijde van de school bestemd wordt voor woningbouw (west) Externe ontsluiting van het Ludgeruskwartier via de Ludgerusstraat (met een interne ontsluiting in de buurt). Wat deze interne ontsluiting betreft, lijkt de wijze waarop dit georganiseerd is ten noorden van de Lebuïnuslaan in het Landsherenkwartier navolgbaar.

Met de alzijdige presentatie van het Ludgeruskwartier gaat de buurt aan de noord-, oost-, west- en zuidzijde een sterke relatie met de omgeving aan. Deze zal tot hogere bouw (gemiddeld zo’n vier tot zes bouwlagen met hier en daar een hoogteaccent tot zo’n elf

bouwlagen) aan de weerszijden van de buurt leiden én een meer intieme binnenwereld, mede door het ‘in het hart van de buurt’ doorgetrokken groen.

2.5 Parkeren Momenteel is er rondom enkele portiekflats onvoldoende parkeergelegenheid. Deze situatie is ongewenst. En dat vraagt, zeker bij verdere verdichting, om duidelijke randvoorwaarden vooraf. Als ambitie voor de toekomst betekent dit (a) het stellen van een passende parkeernorm, (b) duidelijkheid over de haalbaarheid van dubbel gebruik van parkeerplaatsen bij het winkelcentrum , (c) duidelijkheid over de parkeervoorzieningen in het Ludgeruskwartier (maaiveld, half verdiept, ondergronds) en (d) duidelijkheid over de ruimtelijke inpassing (overal in de buurt, geconcentreerd). Om op deze vier onderwerpen de duidelijkheid te krijgen, wordt: •

• •

Op basis van het indicatieve woningbouwprogramma (en doelgroepen) het aantal benodigde parkeerplaatsen berekend (eveneens indicatief) Een uitspraak gedaan over de wijze van parkeren (maaiveld, half verdiept, verdiept, combinatie) Een uitspraak gedaan over de ruimtelijke inpassing (verspreid, geconcentreerd, combinatie)

2.6 Groen, openbare ruimte en ecologie Groen en bestrating Momenteel komt het groen in de buurt over als rommelig en sleets. Er is sprake van achterstallig onderhoud. Hetzelfde geldt voor de bestrating, onder meer tot uitdrukking komend in boomwortels die door de bestrating zijn gegroeid. Per saldo levert dit een stenige indruk op met weinig verblijfs- en gebruikskwaliteit. Wanneer de buurt vernieuwd, maar ook ingebreid wordt, vraagt dit des te meer om groen met een hoge belevings-, ontmoetings- en gebruikswaarde. Grote kans ligt hierbij in het ‘naar binnen trekken’ van het groen in de zuidelijke driehoek. Dat wil zeggen: groen tot de voordeur maken en via aantrekkelijke en bijna vanzelfsprekende routes zorgen dat de groendriehoek onderdeel wordt van de woon- en leefwereld van bewoners; de buurt in het park, in plaats van aan het park. Door de zuidelijke groendriehoek een hecht onderdeel te maken van de buurt, ontstaat er als het ware een meer formeel gezicht van het Ludgeruskwartier aan de Lebuïnuslaan (doorgaande auto- en fietsroute) en een informeel gezicht aan de groendriehoek aan de Karel de Grotelaan (voor dagelijkse ontmoetingen en activiteiten.

Onderdeel van deze ambitie vormt de opgave om de scholieren, die tijdens pauzes en masse naar het winkelcentrum gaan, een positieve bijdrage te laten leveren aan het activeren van de groendriehoek en de ambitie om het Ludgeruskwartier een ‘buurt aan het park’ te laten worden. Hierbij horen, waar mogelijk, ook enkele

verbeteringen in het park zelf: de aanplant verdient verbetering, hetzelfde geldt voor het meubilair en de sport/ontmoetingsvoorzieningen. Tevens kan het groen bijdragen aan een klimaatadaptieve omgeving. Bomen In het Ludgeruskwartier staan 74 bomen, waarvan eerder onderzoek op basis van een eerste stedenbouwkundige schets al uitwees dat het merendeel in te passen is in de toekomstige situatie. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om zoveel mogelijk inpassen van bomen. Speel- en ontmoetingsplekken Er zijn speel- en ontmoetingsplekken in het Ludgeruskwartier, maar deze zijn onvoldoende uitnodigend en worden daardoor maar beperkt gebruikt. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om plekken en activiteiten in de openbare ruimte die ontmoetingen, spelen en een rondje maken stimuleren. Afvalverzameling Afval wordt ingezameld via het Diftar systeem. Met dit systeem bestaat de afvalstoffenheffing uit een vast deel (voor alle inwoners hetzelfde) en een variabel deel. In het Ludgeruskwartier leidt dit tot enkele hotspots: plekken waar afval in het zicht ligt. Het gebrek van betrokkenheid en verantwoordelijkheid voor de openbare ruimte zal hier een van de redenen voor zijn. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om een herinrichting van de openbare ruimte waar bewoners trots op zijn en zij nog meer ertoe over gaan tot storten van afval.

Ecologie Deventer is rijk aan dier-, flora- en faunasoorten, zowel in het buitengebied als binnen bestaand stedelijk gebied. Dit komt onder meer door de landschappelijke overgang van natte uiterwaarden bij de IJssel naar de droge dekzandruggen in het oosten. Waar mogelijk ondersteunt de gemeente Deventer dan ook initiatieven die gericht zijn op het beschermen en verbeteren van de soortenrijkdom. Voor binnenstedelijke gebieden kan dit zijn impact hebben op voorzieningen in de bebouwing (nestelgelegenheid voor bijvoorbeeld huismus, gierzwaluw of vleermuis) en (het beheer van) de openbare ruimte.

2.7 Bereikbaarheid en duurzame mobiliteit Kruising fiets/auto bij winkelcentrum De kruising bij het winkelcentrum waar zowel fietsers als auto’s elkaar passeren, wordt als onoverzichtelijk ervaren. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om herinrichting. De wijze waarop deze herinrichting kan plaatsvinden, hangt af van de ontsluitingsstructuur van dit deel van Keizerslanden en de gehele wijk. Verkend wordt, vanuit de bovenliggende verkeerstructuur, in hoeverre aanpassingen (ruimtelijk, modaliteiten) mogelijk is.

Ventweg Lebuïnuslaan De ventweg parallel aan de Lebuïnuslaan heeft momenteel geen specifieke functie, terwijl deze weg zich uitstekend zou kunnen lenen voor een (snel) fietsroute. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om het afwaarderen van de autoventweg tot (snel)fietsroute. Of dit tot de mogelijkheden behoort, is mede afhankelijk van de interne ontsluiting van de buurt en de ruimtelijke inpassing van parkeerplaatsen. Stimuleren langzaam verkeer Momenteel is er inzet om bewoners van de auto naar (snel)fiets te brengen en het wandelen te stimuleren. Als ambitie voor de toekomst zal dit beiden gestimuleerd worden, bijvoorbeeld via de herinrichting van de openbare ruimte (aantrekkelijker en vanzelfsprekender maken van een ommetje) en mogelijk een experiment met deel(snel)fietsen. Stimuleren van deelmobiliteit In het Ludgeruskwartier zijn geen faciliteiten voor deelmobiliteit. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om het verkennen van de mogelijkheid voor een experiment met deelmobiliteit.

2.8 Water en riolering De gemeente heeft de verantwoordelijkheid voor inzameling en transport van stedelijk afvalwater (Wet Milieubeheer), verwerking van afvloeiend hemelwater (nieuwe Waterwet), de aanpak en het voorkomen van grondwaterproblemen (nieuwe Waterwet) en een goede afstemming tussen waterbelang en verstedelijking (Wet ruimtelijke ordening). Vastgoedeigenaren hebben de verantwoordelijkheid over het verwerken van hemel- en grondwater op het eigen perceel. Om tot een juiste afweging te komen tussen verdichting en het waterbelang, zal de gemeente een watertoets verrichten.

2.9 Energie

Het superblok

In de planvorming worden de thema’s uit het klimaatakkoord en het bestuursakkoord op het gebied van duurzaamheid meegenomen. Dit zijn de thema’s verduurzaming, klimaatadaptatie, circulair en natuurinclusief bouwen, en voldoende groen. De bijdrage die de gemeente hieraan levert is via ruimte maken voor duurzame energieopwekking (zon en wind), aardgasloze warmtenetten (nu al het geval voor de portiekflats aan de Lebuïnuslaan), slimme stroomnetwerken (smart grids) en biogasnetwerken. Bij nieuwbouw is aardgasloos bouwen inmiddels het uitgangspunt. Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om alle nieuwbouwwoningen te laten voldoen aan de eisen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG) en mogelijk om nog hogere duurzaamheidsprestaties. Deze eisen van BENG zijn in de plaats gekomen van het energieprestatiecoëfficient (EPC). Een van de voorwaarden hiervoor is verbetering van het electriciteitsnetwerk en ruimte voor de plaatsing van trafo’s. Dit laatste is mede ook nodig voor laadpunten van electrische auto’s. Over de plaatsing van trafo’s – in de gebouwen en/of in de openbare ruimte – wordt nog een uitspraak gedaan.

2 blokken (als Graaf Florisstraat)

De gemeente Deventer zet in op nieuwbouw waarbij de natuurwaarden baat hebben en die verder reikt dan de wettelijk vastgestelde mitigatie en/of compensatiemaatregelen. Voor dit natuurinclusief bouwen heeft de gemeente een aanpak beschreven. Het Natuur Inclusief Bouwen wordt vanaf het najaar van 2019 als uitgangspunt gehanteerd. Borging daarvan vindt onder andere plaats via het omgevingsplan. Elk bouwproject verdient maatwerk voor wat betreft het NIB met een puntensysteem (punten per type maatregel). Per project wordt een lijst van maatregelen met punten opgesteld waaruit men vervolgens kan kiezen.

2.10 Klimaat De gemeente Deventer wil in 2050 klimaatadaptief zijn. Dat wil zeggen dat bij hevige regenval het water zijn weg vindt zonder al te veel overlast, er op hete dagen binnen en buiten koele plekken zijn (met extra aandacht en voorzieningen voor kwetsbare groepen) en droogteschade voorkomen wordt onder meer door regenwater in de bodem vast te houden (en dus niet via de riolering af te voeren). Als ambitie voor de toekomst vraagt dit om klimaatbestendige nieuwbouw en voldoende waterberging/afvoer in de openbare ruimte. Wat de klimaatbestendige nieuwbouw betreft, zal Ieder1 het basiskwaliteitsniveau van de MRA volgen (of een ander vastgesteld kader).

4 blokken

3 Ambitiekaart 3.1 Kaart In het hart van Keizerslanden komt het nieuwe Ludgeruskwartier. Een aantrekkelijke woonbuurt met aanzienlijk meer woningen, een grotere variëteit aan woningen (sociale huur, middensegment en koop), een openbare ruimte die uitnodigt tot ontmoeting en beweging en die onderdeel is van de omgeving. Huidige bewoners kunnen terugkeren. Nieuwe bewoners zijn welkom. De woonbuurt is op de toekomst voorbereid. De woningen zijn levensloopbestendig (te maken), van het gas af en van een hoge energetische kwaliteit. De woonomgeving is groen, met speel- en ontmoetingsplekken die aansluiten op de wensen van bewoners en een afvalinzamelvoorziening die zorgt voor een nette omgeving. De nieuwbouw en herinrichting van de openbare ruimte bieden mogelijkheden om de woonbuurt natuurinclusief te maken en dragen bij aan het versterken van de (stedelijke) ecologie en de klimaatbestendigheid.

11L

6L

4L

4L

4L

Er is voldoende parkeergelegenheid, maar de woonbuurt stimuleert vooral wandelen en fietsen. Wat deze parkeergelegenheid betreft, zijn op de ambitiekaart twee zoekgebieden benoemd voor een innovatieve mobiliteitsoplossing (naast parkeren onder de bebouwing en op het maaiveld in de nieuwe woonbuurt).

3.2 Kernwaarden In dit ambitiedocument+ zijn uitgangspunten geformuleerd voor het stedenbouwkundig plan dat opgesteld wordt na akkoord op het ambitiedocument+. Tevens agendeert het ambitiedocument+ opgaven/ vraagstukken die in het kader van het opstellen van het stedenbouwkundig plan nader uitgezocht worden. Hieronder volgen zowel de (ontwerp)uitgangspunten als opgaven/vraagstukken, samen gevat onder de kernwaarden van het nieuwe Ludgeruskwartier: 1. 2. 3. 4. 5.

Sociaal duurzaam Groen casco Nieuwe identiteit Bereikbaarheid en mobiliteit Duurzaam

LEGENDA Plangrenzen

Groene langzaamverkeersverbinding (auto te gast)

Gasleiding (bestaand, te handhaven)

Langzaam verkeersoversteek Lebuinuslaan

Stevige buitenrand

Langzaam verkeersverbindingen

Accent in bebouwing

Fietsstraat auto te gast

Ontwikkelveld

Ontsluiting auto indicatief

4L

Maximaal 4 bouwlagen

Lebuinuslaan

6L

Maximaal 6 bouwlagen

11L

Maximaal 11 bouwlagen Zoekgebied innovatieve mobiliteits oplossing

3.3 (Ontwerp)uitgangspunten en opgaven voor het vervolg

Opgave: een buurt aan het park

Opgave: hart van de wijk

2.

•

Voor het Ludgeruskwartier zijn, mede bezien vanuit ‘het grotere geheel’, de volgende stedenbouwkundige ambities te formuleren:

3.

•

•

3.3.1 Sociaal duurzaam Uitgangspunten • • •

•

•

•

Het Ludgeruskwartier is en blijft een echte woonbuurt. De huidige buurtvoorziening, het Proathuus, blijft behouden en kan mogelijk worden uitgebreid met een loket voor post en pakketten. Een gevarieerde bewonersgroep die het prettig vindt om in een stedelijke omgeving te wonen, nabij veel voorzieningen en dichtbij zowel de binnenstad als de buitengebieden van Deventer. De ligging van het Ludgeruskwartier maakt de buurt uitermate geschikt voor senioren: pal naast het winkelcentrum, verschillende zorgvoorzieningen in de directe nabijheid en meerdere busverbindingen. Een openbare ruimte die onderdeel is van de leefsituatie van bewoners met incentives om te gaan bewegen, te sporten en naar buiten te gaan en plekken van ‘zien en gezien worden’. Alle woningen zijn levensloopbestendig (te maken).

Opgave: een buurt op ‘ooghoogte’ •

• 1. 2. 3.

De openbare ruimte moet de ‘gemeenschappelijke grond’ van de buurt worden: daar waar men speelt, een ommetje maakt, elkaar ontmoet, maar ook als er weinig bewoners zijn het gevoel van veiligheid en geborgenheid biedt. Ontwerp van de openbare ruimte én bebouwing dat gericht is op ‘ooghoogte’: Veel aandacht voor de entrees Woningen die georiënteerd zijn op en onderdeel uitmaken van de buitenruimte Speel- en ontmoetingselementen en routes waar bewoners elkaar ontmoeten.

3.3.2 Groen casco

•

•

•

3.3.3 Nieuwe identiteit Uitgangspunten

•

•

Gebruik maken van gebiedskenmerken. Zoveel mogelijk inpassen van bestaande bomen. Plekken en activiteiten in de openbare ruimte die ontmoetingen, spelen en een rondje maken stimuleren. Klimaatbestendige nieuwbouw en voldoende waterberging/afvoer in de openbare ruimte. Wat de klimaatbestendige nieuwbouw betreft, zal Ieder1 het basiskwaliteitsniveau van de MRA volgen (of een ander vastgesteld kader). De gemeente Deventer zet in op nieuwbouw waarbij de natuurwaarden baat hebben en die verder reikt dan de wettelijk vastgestelde mitigatie en/of compensatiemaatregelen. Voor dit natuurinclusief bouwen heeft de gemeente een aanpak beschreven.

• •

•

•

•

Presentatie aan Hanzetracé/Lebuïnuslaan mede door de huidige ventweg te wijzigen in een (snel) fietsroute/sterroute en hier boombeplanting aan toe te voegen (noord). Creëer een kop, als verbinding tussen Ludgeruskwartier en winkelcentrum, op de Roelantflatlocatie (oost). Presentatie aan de zuidelijke groendriehoek in combinatie met het introduceren van het groen/ park tot in het hart van de buurt en meer samenhang tussen driehoek en Karel de Grotelaan (zuid). Presentatie aan Ludgerusstraat met de mogelijkheid dat aan weerszijde van deze straat aan elkaar gespiegelde woningbouw komt als de resterende ruimte aan de oostzijde van de school bestemd wordt voor woningbouw (west). Met de alzijdige presentatie van het Ludgeruskwartier gaat de buurt aan de noord-, oost-, west- en zuidzijde een sterke relatie met de omgeving aan. Een meer intieme binnenwereld, mede door het ‘in het hart van de buurt’ doorgetrokken groen.

3.3.4 Bereikbaarheid en mobiliteit Uitgangspunten

•

• •

•

Uitgangspunten • • •

Grote kans ligt in het ‘naar binnen trekken’ van het groen in de zuidelijke driehoek. Dat wil zeggen: groen tot de voordeur maken en via aantrekkelijke en bijna vanzelfsprekende routes zorgen dat de groendriehoek onderdeel wordt van de woon- en leefwereld van bewoners. De buurt in het park, in plaats van aan het park. Door de zuidelijke groendriehoek een hecht onderdeel te maken van de buurt, ontstaat er als het ware een meer formeel gezicht van het Ludgeruskwartier aan de Lebuïnuslaan (doorgaande auto- en fietsroute) en een informeel gezicht aan de groendriehoek aan de Karel de Grotelaan (voor dagelijkse ontmoetingen en activiteiten. Onderdeel van deze opgave is om de scholieren, die tijdens pauzes en masse naar het winkelcentrum gaan, een positieve bijdrage te laten leveren aan het activeren van de groendriehoek en de ambitie om het Ludgeruskwartier een ‘buurt aan het park’ te laten worden. Hierbij horen, waar mogelijk, ook enkele verbeteringen in het park zelf: de aanplant verdient verbetering, hetzelfde geldt voor het meubilair en de sport/ontmoetingsvoorzieningen.

1. 2. 3. •

Enerzijds het respecteren van de oorspronkelijke stedenbouwkundige ambities, anderzijds het introduceren van meer eigentijdse ideeën over stedenbouw, zoals verdichting, functiemenging in plaats van scheiding en de talrijke voorzieningen als bronpunten voor ontmoeting en passage. Een stedenbouwkundige opzet met meer en meer verschillende typen woningen. Deze toename aan woningen wordt bereikt door verdichting uitgaande van bouwhoogtes tussen de vier en zes bouwlagen met enkele hoogteaccenten van acht tot elf bouwlagen. Qua aantal woningen levert een eerste laadvermogen-verkenning 430 – maximaal 500 woningen op voor het Ludgeruskwartier inclusief de Roelandflatlocatie. Dit aantal is te differentiëren naar: 60% sociale huur, verdeeld naar verschillende huurprijscategorieën 20% middensegment 20% koop (grondgebonden onder de appartementen). Een aantrekkelijke woonbuurt in de luwte blijven, maar tegelijkertijd meer aanleiding creëren om het Ludgeruskwartier even aan te doen en/ of te passeren. De kans hiervoor ligt aan de zuidzijde van de buurt, waar het een inniger verbinding kan aangaan met de groendriehoek en de langzaamverkeersroute tussen school en winkelcentrum.

• •

•

• •

Externe ontsluiting van het Ludgeruskwartier via de Ludgerusstraat. Het autoverkeer wordt zo direct mogelijk geleid naar de parkeervoorziening. Het parkeren vindt plaats binnen het bouwblok, waar mogelijk in een gebouwde of overkapte voorziening. Afwaarderen van de autoventweg aan de noordzijde tot (snel)fietsroute. Of dit tot de mogelijkheden behoort, is mede afhankelijk van de interne ontsluiting van de buurt en de ruimtelijke inpassing van parkeerplaatsen. Zorgen voor aansluiting op het wijk- en stedelijk fietsnetwerk. Zorgen voor wandelroutes die logisch zijn (en hierdoor gebruikt worden) en bijdragen aan de levendigheid en doorwaadbaarheid van de woonbuurt.

Opgave: innovatieve mobiliteitsoplossing •

1.

Verkrijgen van duidelijkheid over de parkeervoorzieningen in het Ludgeruskwartier (maaiveld, half verdiept, ondergronds) en duidelijkheid over de ruimtelijke inpassing (overal in de buurt, geconcentreerd). Om op deze vier onderwerpen de duidelijkheid te krijgen, wordt: Op basis van het indicatieve woningbouwprogramma (en doelgroepen) het aantal benodigde parkeerplaatsen berekend (eveneens indicatief)

•

Een uitspraak gedaan over de wijze van parkeren (maaiveld, half verdiept, verdiept, combinatie) Een uitspraak gedaan over de ruimtelijke inpassing (verspreid, geconcentreerd, combinatie) Inzet om bewoners van de auto naar (snel)fiets te brengen en het wandelen te stimuleren. Verkennen van de mogelijkheid voor een experiment met deelmobiliteit.

3.3.5 Duurzaam Uitgangspunten •

•

•

Alle nieuwbouwwoningen laten voldoen aan de eisen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG) en mogelijk om nog hogere duurzaamheidsprestaties. Ruimte voor de plaatsing van trafo’s. Dit laatste is mede ook nodig voor laadpunten van electrische auto’s. Over de plaatsing van trafo’s – in de gebouwen en/of in de openbare ruimte – wordt nog een uitspraak gedaan. Van het gas af en van een hoge energetische kwaliteit.

Opgave: toekomstbestendig •

Verkennen hoe natuur, klimaat en ecologie als meekoppelende belangen onderdeel kunnen worden in de nieuwbouw en de herinrichting van de openbare ruimte.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12878472/2