2023-11-29 Beantwoording technische vragen GL over Podiumkunsten onder een dak
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen Groen Links d.d. 23 november 2023 over podiumkunsten onder een dak 29-11-2030 Door de raadsfractie van Groen Links is een aantal technische vragen gesteld ten behoeve van de besluitvorming over het raadsvoorstel Podiumkunsten onder één dak in december 2023. De vragen zijn opgedeeld in financiële, procesmatige / procedurele en meer technische vragen. Financieel 1- Op blz. 4 van het initiatiefdocument Podiumkunsten onder 1 dak (7 nov.23) staat: “De risico’s zijn niet op geld gezet omdat de onderliggende raming voldoende voorziet in het opvangen hiervan. Deze raming kan vertrouwelijk aan de raad worden verstrekt.” Waarom is vertrouwelijkheid nodig? Graag ontvangen wij de raming openbaar, net als destijds bij de risicoraming voor het Burgerweeshuis. Net zoals bij de Initiatieffase Burgerweeshuis (januari 2022) is de stichtingskostenraming op hoofdlijnen opgenomen in de openbare stukken. Vertrouwelijkheid rond de gedetailleerde stichtingskostenraming is van belang met het oog op verdere selectie van adviseurs, technische uitwerking en aannemers. De gedetailleerde raming kan door raadsleden worden ingezien bij de griffie en desgewenst ambtelijk toegelicht. Deze raming van BBN is een uitwerking en hernieuwde toetsing van eerder opgestelde ramingen door Team Vastgoed, getoetst door Draaijer Groep.
In deze vraag komen twee begrippen voor: (stichtingskosten)raming en risicoraming. In de Initiatieffase Podiumkunsten onder één dak zijn de risico-opslagen in de stichtingskostenraming verwerkt, passend bij deze fase. In het project Burgerhaven is gekozen voor een andere systematiek: hier zijn risico’s voor de stichtingskosten in de Initiatieffase niet geraamd, dit zou in de Verkenningsfase van start gaan. Zoals gemeld aan de raad, is in de Definitiefase allereerst een aantal specifieke vastgoedrisico’s op geld gezet: deze risicoraming staat nog altijd los van de stichtingskostenraming (overgebleven risicobedrag dat niet in de stichtingskostenraming is opgenomen: 1,1 miljoen). 2- In de raadsmededeling van 27 juni 2023 staat dat er risico’s zijn die nader uitgewerkt worden. Bijlage 3 bij het document staan een aantal risico’s maar deze zijn niet uitgewerkt. Graag ontvangen wij in dit stadium een overzicht van de uitgewerkte risico’s. In de raadsmededeling van 27 juni 2023 staat het volgende over risico’s die nader uitgewerkt dienen te worden (citaat expertteam): “Er zijn vanzelfsprekend meer aandachtspunten, risico’s en kansen welke conform de systematiek van projectmatig werken nader uitgewerkt dienen te worden in volgende fasen.
Vooralsnog ziet het expertteam in dit stadium (verkort haalbaarheidsonderzoek) geen onoplosbare zaken in relatie tot concept, gebouw en locatie.” Op basis van de bevindingen van het expertteam en de betrokken instellingen, is een aantal benoemde risico’s en aandachtspunten nader uitgewerkt in samenspraak met externe
experts. Het betreft punten zoals de eigen entrees, de openheid naar de stad, de mogelijkheden om gelijktijdig te programmeren, de routing door het pand als totaal en de optimalisaties van gewenste functies in elkaars nabijheid. Ook is de mogelijkheid onderzocht om overlast in de nachtelijke uren voor de omwonenden zo veel mogelijk te beperken, door inpassing van een nachtuitgang op de kop van het pand, richting het station. Verder is nader akoestisch onderzoek gedaan naar het gelijktijdig kunnen programmeren en is de routing in het pand verder uitgewerkt. De rapportage van deze nadere uitwerking treft u bij raadsvoorstel 903 (bijlage 2.1). Conform de Leidraad sluiten we de Initiatieffase af met een lijst van de belangrijkste risico’s en aandachtspunten die resteren. Deze zullen in de Verkenningsfase meegenomen worden (zie Initiatiefdocument, bijlage 3, pag. 19). 3- Bij de risico’s staat dat “oplappen” cultuurgebouw geen optie is maar dat er mogelijk tussen 2024 -2027 wel maatregelen moeten worden genomen. Oplappen is zowel financieel als bouwkundig een weinigzeggende term. Wat wordt hier precies verstaan onder “oplappen”? De term “oplappen” is inderdaad wat kort. In de raadsmededeling van 15 juni 2023 heeft het college dit toegelicht: Technische en veiligheid gerelateerde ingrepen, geen verdere functieof kwaliteitsverbetering (Scenario A, pag. 4).
Bij de Deventer Schouwburg is lange tijd van investeren afgezien hangende de besluitvorming omtrent de toekomst van het Cultureel Centrum Keizerstraat. De huidige situatie is zodanig dat incidentele ingrepen noodzakelijk worden om de programmering te kunnen continueren. Het betreft maatregelen die niet langer uitgesteld kunnen worden vanwege bijvoorbeeld veiligheid, arbotechnische uitgangspunten en basisvoorwaarden zoals licht en verwarming. Bij voorkeur wordt dit type maatregelen in samenhang bekeken met andere ingrepen. Zo leidt het niet meer kunnen aankopen van verouderde gloeilampen tot de noodzaak om de totale verlichting te vervangen, en leidt de einde levensduur van de verwarmingsketel tot de vraag of voor een nieuw type verwarming ook de vloeren vervangen moeten worden. Lopende het project kunnen dergelijk ingrepen in samenhang opgepakt worden, als bouwstenen van de toekomstbestendige oplossing. 4- Uit welk bouwkundig/financieel onderzoek blijkt precies dat “oplappen” geen optie is. Wat zijn de kosten van de maatregelen van “oplappen”? Dit onderzoek is verricht door de Vakgroep Vastgoed vanuit de gemeentelijke eigenaarsrol. De uitkomsten zijn verwerkt in de Voorjaarsnota 2023, zie ook raadsmededeling 15 juni 2023, Toelichting financiën podiumkunsten. Voor “oplappen” (Scenario A, pag. 4) zijn de kosten geraamd op 8 miljoen, af te schrijven in circa tien jaar.
Voor de planning en prioritering van deze ingrepen heeft de Vakgroep Vastgoed een interne stoplicht-rapportage opgesteld. Hierbij is gekeken naar de leeftijd versus technische levensduur van onderdelen van het gebouw, zowel van de technische basis als de afwerkingen, installaties en vaste inrichting.
5- In 2020 is door Gabriel Oostvogel een voorstel gedaan voor een toekomstbestendige schouwburg. Zijn deze herstelmaatregelen nog in beeld? Ja. Het voorstel van Gabriel Oostvogel voor een toekomstbestendige Schouwburg was aanleiding voor de Initiatieffase Toekomst Cultureel Centrum Keizerstraat. Zijn voorstel is door college en raad als voorkeursscenario aangemerkt en nader verkend (‘Transformatie naar functieverbreding’, werktitel De Nieuwe Keizer). Deze informatie is vervolgens meegenomen in de Initiatieffase Podiumkunsten onder één dak. Hierbij is het onderzoek naar de staat van het gebouw, installaties en inrichting opnieuw geactualiseerd en aangevuld (zie ook het antwoord op vraag 4). 6- Bij de risico’s (bijlage 3) staat dat als beheersmaatregel dat de plannen Haveneiland en De Nieuwe Keizer qua uitstraling dicht bij elkaar liggen. Hoe komt het dat deze inschatting compleet afwijkt van de insprekers uit februari 2023 (waaronder bestuur Burgerweeshuis)? Dit is in principe een vraag aan de betreffende insprekers. Mogelijk leefde het idee dat het Burgerweeshuis “in” de Nieuwe Keizer zou worden ondergebracht: tussen het traditionele “rode pluche” en een zakelijke entourage.
Insprekers met voorliefde voor het kleinschalige poppodium aan de Bagijnenstraat en/of de meer industriële sfeer van het 950+ podium Burgerhaven, gaven aan zich niet thuis te kunnen voelen aan de Keizerstraat. College en raad hebben de oproep voor behoud van eigen sfeer en identiteit nadrukkelijk gehoord. In opdracht van de raad is juist dit aspect nader onderzocht. Zie het raadsvoorstel inclusief bijlagen voor afronding van deze Initiatieffase. 7- Tijdens de inspraak is door deskundigen (waaronder de VNPF) duidelijk geworden dat Burgerweeshuis bij samenvoeging met schouwburg minder aantrekkelijker wordt als regionaal en nationaal poppodium. Kan inzichtelijk worden gemaakt welke gevolgen dit heeft voor het businessmodel en de benodigde subsidie (van welke concrete inschatting is uitgegaan). Zie ook het antwoord op vraag 6. Samenvoeging met de Schouwburg is niet aan de orde. Aan de Keizerstraat is voldoende ruimte voor behoud van de eigen sfeer en identiteit van het Burgerweeshuis, inclusief de ambitie om door te groeien naar middelgroot poppodium. In de Initiatieffase is uitgegaan van de gewenste businesscase met aantallen activiteiten in de verschillende zalen op Burgerhaven; dus inclusief gewenste groei ten opzichte van de huidige situatie op de Bagijnenstraat. Ook wordt voorzien in de gewenste differentiatie in zalen.
Op het moment van inspraak was dit alles nog niet bekend: dit nader onderzoek heeft het college afgelopen jaar in opdracht van de raad uitgevoerd. 8- In het raadsvoorstel Samen onder 1 dak staat mbt projectontwikkeling Burgerhaven dat het opnieuw buiten de eerder gestelde kaders valt. Wat wordt bedoeld met opnieuw? Kan concreet worden opgesomd en toegelicht welke concrete kaders worden bedoeld? (graag met specifieke bronverwijzing dus document + blz. nummer)?
Voor grote projecten werkt het college conform de Leidraad, zodat de raad de kaderstellende en controlerende rol goed kan vervullen. Dit betekent dat raadsbesluiten bij iedere fase-overgang kaderstellend zijn voor het college en dat gerapporteerd wordt wanneer het project in de volgende fase buiten deze kaders valt. Voor het project Burgerhaven betreft dit: Kaderstellend besluit Initiatieffase -> Verkenningsfase (26 januari 2022) 1. De initiatieffase af te ronden op basis van het lnitiatiefdocument huisvesting Burgerweeshuis 2. Het college opdracht te geven de verkenningsfase te starten voor de Stiholocatie (Sint Olafstraat 5) op basis van het scenario 'in een keer over' Ad 1 en 2: Initiatiefdocument, Financieel overzicht, scenario Stiho 'in een keer over' (pag. 4) Totaal investering
€ 12.475.000
Kostprijsdekkende huur
€
650.000
Benodigde jaarlijkse subsidie
€
932.000
Met dit kader is de Definitiefase gestart (deel 1 van de Verkenningsfase). Kaderstellend besluit Verkenningsfase Definitie -> Ontwerp (22 februari 2023) Bij afronding van de Definitiefase bleek het project buiten de kaders van de Initiatieffase te vallen, met name wat betreft de benodigde subsidie. Het college heeft de raad hierop geattendeerd, zie raadsvoorstel 2022-815 bijlage 1 Financiële consequenties en dekking: Totaal investering
€ 13.669.000
Kostprijsdekkende huur
€
Benodigde jaarlijkse subsidie
€ 1.416.000
696.000
De raad heeft deze verruiming aanvaard en besloten tot de start van de Ontwerpfase voor Burgerhaven incl. BRUT, met meenemen van STROOM (deel 2 van de Verkenningsfase). Dit raadsbesluit geldt vanaf dat moment als het kader voor het project. Zie bijlage 1 bij raadsmedeling 2023-1010 (pag. 3 en 4, variant 2.1): Totale investering
€ 15.256.253
Kostprijsdekkende huur
€
769.282 (incl. BRUT en STROOM)
Na de afronding van het eerste risico-onderzoek in de Ontwerpfase blijkt het project opnieuw buiten het kaderstellend besluit te vallen: Totale investering
€ 17.072.453
Kostprijsdekkende huur
€
864.791 (incl. BRUT en STROOM)
Om te bepalen wat het dekkingsvraagstuk is, is op een rij gezet wat de subsidievraag zal zijn (op basis van de exploitatiebegroting van Burgerweeshuis opgesteld in de definitiefase, vermeerderd met de hogere huur naar aanleiding van de investering ‘Door het dak’) en de
beschikbare dekking. Omdat nog niet zeker is of partners BRUT en STROOM kunnen deelnemen, is dit gedaan voor twee varianten: incl. / excl. BRUT en STROOM: De investering ‘Door het dak’ waarbij alleen Burgerweeshuis verhuist naar het nieuwe pand leidt tot een structureel nadeel van € 138.451 ten opzichte van wat reeds is gereserveerd. De investering ‘Door het dak’ waarbij zowel Burgerweeshuis als BRUT en STROOM verhuizen naar het nieuwe pand leidt tot een structureel nadeel van € 64.401 voor Burgerweeshuis ten opzichte wat van reeds is gereserveerd. En mogelijk tot een aanvullend dekkingsvraagstuk van €108.709 voor BRUT en STROOM. 9- In Samen onder 1 dak wordt uitgegaan van 37,5 miljoen stichtingskosten. Stel dat de stap wordt genomen naar de verkenningsfase: mag het nooit buiten dit volgens het college gestelde kader vallen? (of welke marge wordt voorgesteld?) De geraamde 37,5 miljoen stichtingskosten zijn inclusief een risico-opslag. Wij gaan er daarom vanuit dat het project binnen dit bedrag gerealiseerd kan worden. In de gereserveerde middelen resteren zowel structurele als incidentele middelen die niet voor de realisatie noodzakelijk zijn. Deze middelen bieden ruimte voor bijvoorbeeld extra programma of als extra marge.
10- In de raadsmededeling Burgerhaven wordt een opmerking gemaakt over de indruk die kennelijk bestaat dat extra huursubsidie voor de begroting niet uitmaakt (kostprijsdekkende huur). Uit het initiatiefdocument Burgerhaven blijkt dat de kostprijsdekkende huur voor de Bagijnenstraat 490.000 euro is. Hoe wordt dan een jaarlijkse subsidiestijging van 300% berekend? Het college heeft aangegeven dat de jaarlijkse subsidie aan Burgerweeshuis op het Haveneiland met de recente stijging naar +300% ten opzichte van de huidige subsidie gaat. Zoals gemeld op pag. 1 betreft de huidige subsidie € 510.000. 300% hiervan bedraagt € 1.530.000. Bij dekking van de hogere kostprijsdekkende huur voor Burgerweeshuis, zoals steeds uitgangspunt is geweest van het project, komt de subsidie voor Burgerhaven ‘door het dak’ op € 1.554.000 per jaar (excl. BRUT en STROOM) danwel € 1.480.401 (plus € 108.800 jaarlijks extra dekking door BRUT en STROOM). Zie ook het antwoord op vraag 8. NB In het Initiatiefdocument Burgerweeshuis is de kostprijsdekkende huur voor de Bagijnenstraat na verbouwing geraamd op € 490.000. In het Initiatiefdocument is aangegeven dat de kostprijsdekkende huur voor de huidige situatie zou uitkomen op € 107.000 totaal voor BRUT en Burgerweeshuis (zie pag. 12).
11- Waarop is de inschatting gebaseerd dat bezwaar- en beroepsprocedures bij Burgerhaven de realisatie van Burgerhaven langdurig kunnen vertragen. Worden bij Samen onder 1 dak geen bezwaar- en beroepsprocedures verwacht? (of zijn die er niet ?/ of zijn de omwonenden al betrokken zodat geen bezwaren worden verwacht?)
Voor de realisatie van Burgerhaven op de STIHO-locatie zou een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk zijn (vanaf 1 januari 2024: omgevingsplanwijziging). Voor deze wijziging volgt de gemeente een vaste juridische procedure. Zo ligt het ontwerp-omgevingsplan openbaar ter inzage: iedereen kan zienswijzen inbrengen. Voor de realisatie van Podiumkunsten onder één dak is geen wijziging van het bestemmings-/ omgevingsplan nodig. Hier is namelijk geen sprake van functiewijziging: de functie Poppodium is planologisch passend. In beide projecten is sprake van een vergunningsaanvraag om te kunnen verbouwen. Daar staat in beide gevallen een bezwaar en beroep-procedure voor, bestemd voor belanghebbenden. In beide projecten is er sprake van huidige en toekomstige omwonenden. In het geluidsonderzoek Podiumkunsten onder één dak is hier rekening mee gehouden. De VVE van naastgelegen appartementen aan de Keizerstraat is geïnformeerd. Deze gesprekken worden voortgezet. In de ramingen van Burgerhaven is op dit moment geen rekening gehouden met de mogelijke komst van nieuwe bewoning anders dan het ROTO terrein. 12- Op blz.11 van het initiatiefdocument staat dat podiumkunsten onder 1 dak (PO1D) binnen de uitgangspunten past als bedoeld in de Kadernota Vastgoed. Kan dit worden toegelicht? (op welk uitgangspunt wordt precies gedoeld). Zoals vermeld op pag.
11 van het Initiatiefdocument gaat het om het realiseren van zoveel mogelijk maatschappelijke waarde. Dit doen we door flexibel, multifunctioneel en toekomstbestendig te bouwen (Kadernota Vastgoed pag. 9-10). Belangrijk is het voorkomen van leegstand. Via de subsidiebeschikking is het mogelijk om huurders te verplichten gebruik te maken van gemeentelijk vastgoed (Kadernota Vastgoed pag. 10). In verduurzamingsopgaven nemen wij een voorbeeldfunctie (Kadernota Vastgoed pag. 10). Bij huisvestingsvragen kijken we eerst of binnen de bestaande vastgoedportefeuille ruimte beschikbaar is (Kadernota Vastgoed pag. 15). Technische vragen 13- In het initiatiefdocument staat dat door de nachtingang de overlast in de nachtelijke uren voor de omwonenden zoveel mogelijk kan worden beperkt. Wat is “zoveel mogelijk”? Wat zijn de verschillen in overlast tussen de locatie Keizerstraat en de locatie Bagijnenstraat? Overlast van publiek in de binnenstad dat na een avondje uit in de culturele of horeca of sportvoorzieningen geluid produceert op straat is niet wettelijk te reguleren. Er is een mate van reuring te verwachten in een binnenstad; hetgeen ook wenselijk is om het voorzieningenpeil en de werkgelegenheid in stand te houden. Op de Bagijnenstraat is er sprake van één in- en uitgang; direct gelegen in een woonstraat.
Het gebouw aan de Keizerstraat ligt op de kruising Gedempte gracht: een doorgaande verkeersweg met oversteek voor voetgangers en fietsers. Met de extra uitgang op de kop van het gebouw verlaat het publiek het pand aan de noordzijde, direct uitkomend op de Gedempte gracht. Het publiek zal zich daarna verspreiden: richting het openbaar vervoer, de nabijgelegen parkeervoorzieningen voor auto’s en fietsen, of richting de binnenstad. De last
onder dwangsom die Burgerweeshuis is opgelegd betreft het geluid van binnenuit. In raming Podiumkunsten onder één dak is voorzien in ruim budget om de geluidsmaatregelen op hoog niveau te kunnen uitvoeren, passend bij een multifunctioneel pand dat ingrijpend verbouwd en verduurzaamd wordt. 14- Er is kennelijk geluidsonderzoek verricht. Welke geluidsnormen (dag, avond, nacht) zijn hierbij als uitgangspunt genomen. Graag zowel een antwoord voor de equivalente (langtijdgemiddelde) als de piekgeluidniveau’s. Zie het bijgesloten geluidsonderzoek 15- Het onderzoek “nadere uitwerking” heeft zich ook gericht op “geluiduitstraling naar de omgeving”. Kan het college garanderen dat de externe geluidsoverlast (aankomende en vertrekkende of rokende/pauzerende bezoekers, geopende deuren, schreeuwen/roepen e.d.) geen hinder oplevert voor de bewoners van het aanpandig gelegen appartementencomplex en de andere woningen in de omgeving Keizerstraat (zonder beperkingen openingstijden poppodium)? Zie het antwoord op vraag 13. Het college garandeert toezicht en handhaving, zoals vastgelegd in het Uitvoeringsprogramma Vergunningverlening, toezicht en handhaving (Algemeen toezicht APV & Bijzondere wetten). Door frequente en consistente handhaving wordt ervoor gezorgd dat inwoners en bezoekers van Deventer geen overlast ervaren, door preventief dan wel handhavend op te treden.
Normen en waarden en gedragsbeïnvloeding spelen hierbij een cruciale rol. Door als toezichthouder / boa preventief aanwezig te zijn wordt in de meeste gevallen voorkomen dat bezoekers onwenselijk gedrag vertonen, bijvoorbeeld ten gevolge van drank- en drugsgebruik. In het kader van handhaving Alcoholwet worden ook exploitanten aangesproken: dit geldt zowel voor commerciële horeca als voor gesubsidieerde accommodaties zoals het Burgerweeshuis. 16- In bijlage 3 staat onder risico’s dat er al een vervolgonderzoek akoestiek is uitgevoerd. Waarom is vooruitlopend op een eventuele overgang naar de volgende fase al opdracht gegeven (en geld uitgegeven) voor vervolgonderzoek? Graag zouden wij al het akoestisch onderzoek ontvangen. Zie ook het antwoord op vraag 14 en 18. Door zowel de instellingen als de experts is aan het einde van het verkorte haalbaarheidsonderzoek vastgesteld dat deze informatie noodzakelijk is in verband met het intern functioneren van het pand. Met name door de raad is belang gehecht aan de mogelijke externe overlast in verband met de hogere geluidsnormen voor het poppodium Burgerweeshuis. 17- Op welk geluidniveau moet het poppodium worden begrensd om aan de relevante geluidgrenswaarden in en bij woningen te voldoen? Levert dit eventueel belemmeringen op ten opzichte van het exploiteren van het poppodium? (qua sluitingstijden). Zie het antwoord op vraag 14.
Het is mogelijk om voldoende geluidsisolerende maatregelen voor het popodium te treffen. Overlast op straat wordt veelal ervaren door (vertrekkende)
bezoekers; dit hangt niet samen met het geluidniveau van het poppodium. 18- Welke maatregelen moeten inpandig worden getroffen om te voorkomen dat de bezoekers van de schouwburg geen geluidhinder ondervinden van het poppodium? Bij Mimik bleek op het allerlaatste moment dat er ingrijpende kostenverhogende maatregelen vanwege geluid nodig waren. Met welke kosten wordt nu rekening gehouden? In dit projectinitiatief is direct gestart met het geluidsonderzoek. De aandachtspunten en onderzoeksvragen uit dit rapport worden in de volgende fase nader uitgewerkt. In de raming van BBN is ruim budget opgenomen om de geluidsmaatregelen op hoog niveau te kunnen uitvoeren, passend bij een multifunctioneel pand dat ingrijpend verbouwd en verduurzaamd wordt. 19- Klopt het dat voor de vestiging van het Keizerstraatcomplex geen bestemmingsplan (omgevingsplan)wijziging nodig is? Kunnen de omwonenden geen bezwaar maken tegen de functie van poppodium in dit complex? Zie vraag 11. De functie is toegestaan in dit pand. Proces (Leidraad, betrokken partijen en toetsing) 1. Leidraad Grote Projecten : In het voorstel staat er wordt voorgesteld om geen besluitmoment per deelfase vast te leggen (zoals bij Burgerhaven is gedaan) omdat het initiatiefdocument “heldere kaders en uitgangspunten” stelt. Deze hebben wij niet aangetroffen.
Kunnen puntsgewijs de kaders expliciet worden gemaakt (graag met verwijzingen naar doc./ blz. / regelnummer)? De raad heeft het college heldere kaders en uitgangspunten meegegeven voor de uitwerking van deze Initiatieffase: a. Instellingen komen samen op gelijkwaardigheid en met behoud van eigen identiteit; b. Het Poppodium, de Schouwburg en Kunstcircuit blijven behouden; c. De (on)mogelijkheden voor de bezoekersstromen worden in beeld gebracht; d. De focus in de visie en planvorming ligt op welk cultureel programma er wél kan en wat de meerwaarde is voor de stad en instellingen. Deze uitgangspunten zijn in het Initiatiefdocument en de bijbehorende bijlagen expliciet uitgewerkt, gekoppeld aan de beleidskaders zoals gesteld door de raad: Cultuur (Initiatiefdocument pag. 7 e.v.): Cultuurvisie 2019-2024 (raadsbesluit 2019-582) Uitvoeringsprogramma Cultuur 2021-2024 incl. Cultureel perspectief 2030 (raadsbesluit 2020-11-18) Cultuurbeleid en aanbod gemeente Deventer - Rekenkamer Deventer (raadsbesluit 1420472023) Vastgoed (Initiatiefdocument pag. 11): Kadernota Vastgoed (raadsbesluit 2022-12-21) Portefeuillestrategie Verduurzaming Vastgoed (raadsbesluit 2023-07-19)
Omgeving (Initiatiefdocument pag. 11): Ontwikkelperspectief De Kien (raadsbesluit 2021-12-01) incl. amendement 'Aanjaagrol gemeente als gebiedsregisseur om duurzaamheidsambities maximaal te houden' 2. Bij besluitvorming Burgerhaven is op initiatief van het college de verkenningsfase uit de Leidraad opgesplitst in definitiefase – voorlopig ontwerp en definitief ontwerp. Gefaseerde besluitvorming is bedoeld om tunnelvisie en wensdenken te voorkomen; een getrokken les uit het Viking-onderzoek. Waarom wordt in het raadsvoorstel en de pers aangegeven dat het men ervan overtuigd is dat dit project wordt gerealiseerd? In het raadsvoorstel is aangegeven: “Het college ziet overtuigende meerwaarde van Podiumkunsten onder één dak: zowel voor de inwoners als voor de cultuursector als geheel.” Dit in antwoord op de vraag van de raad, 22 februari 2023. Het raadsvoorstel Podiumkunsten onder één dak volgt de fasering van de Leidraad en ziet toe op de go/no go van de Initiatieffase naar de Verkenningsfase. Conform de Leidraad is er sprake van 4 x per jaar rapportage en inzichten in het afwijken van kaders. Tevens is er sprake van besluitvorming na het VO; voor de start van de aannemersselectie en dus voor de start van de Realisatiefase. Er is dus nu nog geen sprake van een go/no go op realisatie.
Beantwoording van vragen over publicaties in de pers kunnen gesteld worden tijdens de beeldvormende behandeling van het raadsvoorstel. 3. Ziet men de beschikbare stukken Burgerhaven als het eindpunt van de voorlopige ontwerpfase? (dus klaar voor de overgang naar de Definitief Ontwerpfase?). Het planningsoverzicht gaat uit van een andere fasering (ook de naam structuurontwerpfase wordt gebruikt). Waar zitten we precies in de voorlopige ontwerpfase? Graag toelichting. Voorlopige ontwerpfase en Definitieve ontwerpfase zijn subfaseringen binnen het ambtelijk projectmatig werken, niet binnen de Leidraad grote projecten voor de raad. Het project bevindt zich in de Ontwerpfase. Zoals gevraagd door de raad (22 februari 2023) is eerst een risico-onderzoek gedaan naar een aantal specifieke vastgoedrisico’s. Daarna is een nieuw getekend PvE opgesteld. 4. In het eerdere plan “De Nieuwe Keizer” werd steeds gewezen op de partners uit De Kien die een centrale ontmoetings- en congresplek noodzakelijk vonden. Het college stond achter dit concept de partners hebben hier in de raad voor gelobbyd. Met het plan PO1D wordt dit idee geheel verlaten.
Wat vinden de partners in de Kien daarvan? De partners in de Kien delen de gezamenlijke doelstelling dat er inspanningen nodig zijn de benodigde young professionals voor de arbeidsmarkt van Deventer en Oost Nederland aan te trekken, te binden en te (blijven) boeien. Er wordt op vele terreinen samengewerkt om dat te bewerkstelligen. Een levendige Kien en Deventer Binnenstad waar (jonge) mensen kunnen wonen, werken, leren en ontmoeten is daarin van belang. Een robuuste, duurzame
cultuurvoorziening waar ontmoeting op alle mogelijk denkbare manieren kan plaatsvinden past daarin. Dit neemt de behoefte aan vergaderruimte, inspiratie en congresruimte niet weg; hier kan in overleg nog steeds ruimte voor worden geboden. 5. Een van de Kienpartners is de provincie die een subsidie/bijdrage heeft toegezegd voor de congresfunctie. Mede gelet op de huidige verhoudingen tussen provincie en gemeente: is de bijdrage nog steeds gegarandeerd nu wordt voorgesteld om het plan DNK te stoppen? Het ontvangen Stadsarrangement C voor de Kien is niet gekoppeld aan de realisatie van De Nieuwe Keizer. 6. Op grond van de Leidraad Grote Projecten moet de afronding van de initiatieffase bepaalde informatie bevatten, waaronder een uitgewerkte probleemanalyse, doelstellingen en de betrokkenheid van de verbonden partijen. De probleemanalyse staat weliswaar beknopt in het raadsvoorstel maar de aangeboden informatie komt ongeordend en rommelig over. Is het mogelijk om het document aan te vullen? Het Initiatiefdocument is geheel op dezelfde wijze opgebouwd als in de projecten Burgerweeshuis en Toekomst Cultureel Centrum Keizerstraat, juist om de gevraagde vergelijking door de raad mogelijk te maken. 7. Paragraaf 2.4 in het initiatiefdocument is extreem kort en levert geen informatie. Veelzeggend is de passage “de uiteindelijke subsidie kan hierdoor afwijken”.
Kan voorafgaand aan de stap naar de verkenningsfase op hetzelfde niveau als bij Burgerhaven destijds de marges (+/-) worden aangeven ? Zie het antwoord op vraag 9. In het project Burgerhaven is in de Initiatieffase geen marge ingebouwd, wel is destijds door de raad gevraagd naar een eventuele gefaseerde overgang. 8. Op blz. 4 initiatiefdocument staat dat de volgende fase met vertrouwen tegemoet kan worden gezien. Waar is dit vertrouwen op gebaseerd? Kennelijk heeft het college meer info dan de raad. Kan de raad (maar niet vertrouwelijk) worden meegenomen in dit vertrouwen? Zie het antwoord op vraag 1: de raad heeft kaders en uitgangspunten meegegeven voor deze Initiatieffase: in het raadsvoorstel is hieraan voldaan. Ook is tegemoet gekomen aan de zorgen van het Burgerweeshuis en BRUT: de 9000 vierkante meter cultureel vastgoed biedt ruimte voor eigenheid en ambitie. Dit geeft het vertrouwen in de volgende fase. 9. Op blz. 10 initiatiefdocument wordt voor de poppodiumfunctie een benchmark uitgevoerd voor de de omvang van een stad van 110.000 – 130.000 inwoners. Hoe valt de benchmark uit als wordt uitgegaan van een regionale / bovenlokale functie (zie ook de eerdere inspraakreacties over de bovengemeentelijke functie) ?
Zie het antwoord op vraag 7 (Financieel). Grotere gemeenten hebben vaak meer regionale / bovenlokale uitstraling; dat geldt ook voor hun voorzieningen. Dit hoeft niet apart gebenchmarkt te worden: in de benchmark met gemeenten 110.000-130.000 inwoners zijn voldoende gemeenten met een regiofunctie zoals Leeuwarden, Leiden en Maastricht. 10. Welke expertise is ingeschakeld om de plannen Samen onder 1 dak te toetsen? Welke deskundigheid uit het cultuurnetwerk is betrokken (CV’s achtergronden e.d.)? De externe deskundigen die het verkorte haalbaarheidsonderzoek hebben uitgevoerd, in samenspraak met de drie instellingen Deventer Schouwburg, Burgerweeshuis en BRUT, zijn toegelicht in de memo n.a.v. Bestuurlijk Actueel 26 april 2023: Consult in Cultuur 4Advies Theateradvies Architectenbureau TenBrasWestinga Building Leisure In de nadere uitwerking van het verkorte haalbaarheidsonderzoek is ambtelijke expertise ingeschakeld vanuit het programma Cultuur, om de bevindingen te toetsen aan de gemeentelijke kaders op het gebied van cultuuraanbod en -beleid. Extern is deskundigheid op het gebied van geluid ingehuurd (Aveco de Bondt); de architect van de vorige verbouwing is betrokken (I’M Architecten) gezien de historische kennis van het gebouw en BBN is gevraagd om de raming onafhankelijk op te stellen op basis van de gewijzigde voorstellen.
Informatie en CV’s zijn te vinden via de websites van de bedrijven. 11. Is er een onafhankelijke second-opinion uitgevoerd? De raming van BBN is een uitwerking en hernieuwde toetsing van eerder opgestelde ramingen door Team Vastgoed, getoetst door Draaijer Groep. Deze Initiatieffase is doorlopen met betrokkenheid van diverse, onafhankelijke experts zowel in een samenwerkende als in een toetsende rol.