2021-424 Raadsvoorstel Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Onderwerp
:
Portefeuillehouder Voorstelnummer Datum B en W besluit Team
: : : :
Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Gemeente Deventer 2022 Wethouder De Geest, 2021-424 21-12-2021 DEV-BLD
Inleiding
In de afstemmingsverordening van de gemeente Deventer hebben we de zwaarte van de maatregel afhankelijk gemaakt van de ernst van de gedraging en de mate van verwijtbaarheid. De Centrale Raad van Beroep (CRvB) heeft recentelijk bepaald dat dit niet mag. Bij elke verwijtbare gedraging op grond van de geïnformeerde arbeidsverplichtingen moet één maatregel gelden. Het is dus niet mogelijk om voor het niet nakomen van de verplichtingen die volgen uit artikel 18 lid 4, onderdeel a en h, een verlaging van 100% gedurende 2 maanden op te leggen. En voor het niet nakomen van de verplichtingen in artikel 18, onderdeel b, c, d, e,f e g een verlaging van 100% gedurende 1 maand opleggen.
Raadsvoorstel
De "afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Deventer 2022" vast te stellen.
Kern raadsvoorstel
In stemmen met voorstel om, als er sprake is van een verwijtbare gedraging op grond van artikel 18 lid 4 van de Participatiewet, de bijstand te verlagen met één maand 100%.
Beoogd resultaat
De afstemmingsverordening in overeenstemming brengen naar aanleiding van de uitspraak van de CRvB.
Kader
Participatiewet
Argumenten ten behoeve van de raad
Door de uitspraak van de CRvB mag er geen onderscheid meer gemaakt worden in de duur van de maatregel . Bij elke verwijtbare gedraging op grond van de geïnformeerde arbeidsverplichtingen moet één maatregel gelden. De gemeente heeft ervoor gekozen om de afstemming van de bijstand te stellen op één maand 100%. Hiervoor is gekozen omdat een maatregel van twee maanden 100% zwaar is, voor alle gedragingen op grond van artikel 18. Daarnaast geldt dat het gedurende twee maanden niet hebben van inkomen behoorlijke consequenties heeft, zoals het ontstaan van achterstand in vaste laste etc. Dit heeft een grote impact op de persoon en het gezin. Dit is de reden dat er gekozen is om, als er sprake is van gedraging op grond van artikel 18 lid 4 Participatiewet, de bijstand af te stemmen met een maatregel van 100% voor de duur van één maand. De gemeente volgt hierin ook het advies van de ASDD. Daarnaast zijn er nog andere (technische en nieuwe) wijzigingen.
Artikel 7: de verplichting tot het verlenen van medewerking aan het ontzorgen treedt naar verwachting in werking per 1 januari 2022 (artikel 56a) =nieuw. Dit artikel geeft de gemeente de mogelijkheid om bij inburgeringsplichtigen de voorwaarde te verbinden om gedurende een periode van zes maanden, gerekend mee te werken aan het college in naam van de belanghebbende verrichten van betalingen uit de toegekende bijstand van huur, gas, water en stroom en de verplichte zorgverzekering. Artikel 10: duur maatregel bij geüniformeerde arbeidsverplichtingen = technisch In artikel 10 is de duur van de maatregel geregeld en dit is nu aanpast n.a.v. uitspraak CRvB. Artikel 15: samenloop met de wet inburgering, maatregel heeft voorrang op de boete. Vooruitlopend op de wet Inburgering = nieuw In artikel 27 Wet inburgering 201 is een samenloopregeling opgenomen: het opleggen van een bestuurlijke boete blijft achterwege als voor dezelfde gedraging de bijstand is verlaagd op grond van artikel 18 of 18b van de Participatiewet. Op het moment dat beide keuzes nog openstaan, kiest het college ervoor om de bijstand te verlagen en geen boete op te leggen.
Betrokken partijen en participatie
Aan de ASDD is advies gevraagd over de duur van de verlaging. Op basis van het advies van de ASDD is is besloten het advies met betrekking tot de duur van de afstemming over te nemen. Het advies over de wijze van verrekenen van de maatregel zal worden meegenomen in de beleidsregels Verrekening afstemming.
Financiële consequenties N.v.t.
Betrokkenheid raad
Burgemeester en wethouders van de gemeente Deventer, de secretaris, de burgemeester,
M.A. Kossen
R.C. König