CConstaterende datDeurne
Koppel je AI →
Document · PDF

Technische vragen CDA ODZOB - beantwoording

Vergadering gemeenteraad 2 juni 2026, gemeente DeurneBij agendapunt: Zienswijze conceptbegroting 2027 ODZOB en meerjarenraming 2028-2030981 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Deurne, 17 mei 2026

Geachte griffier, Namens de fractie van CDA-Deurne hebben wij enkele technische vragen over de begrotingen van de ODZOB en MRE. ODZOB: 1. Inzicht in de bijdrage van Deurne aan de ODZOB Uit de begrotingsstukken blijkt dat Deurne – van alle omliggende gemeenten – de op één na hoogste bijdrage levert aan de ODZOB. Wij ontvangen graag nadere duiding bij deze ontwikkeling: •

Kan de ODZOB inzicht geven in het meerjarig verloop van de gemeentelijke bijdragen, specifiek voor Deurne in vergelijking met de andere deelnemende gemeenten? Antwoord In bijlage 1 is het verloop van de bijdrage gespecificeerd en als volgt per meerjarig opgenomen: basistaken verzoektaken collectieve taken

Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027

€ 1.026.650 € € 1.051.697 € € 1.080.036 € € 1.055.826 €

633.269 € 648.718 € 667.557 € 721.721 €

126.759 € 96.574 € 100.331 € 99.161 €

Totaal verstrekte opdrachten

prognose extra opdrachten

1.786.678 1.796.989 1.847.924 1.876.708 €

124.454

De bijdrage zoals opgenomen in de begrotingen is per gemeente gebaseerd op de in opdrachtgegeven werkzaamheden van het voorgaande jaar met daarin opgenomen alle basistaken en verzoektaken, zoals hierboven opgenomen in de kolom “Totaal verstrekte opdrachten”. In 2027 is ook een prognose van extra opdrachten welke iedere deelnemer verwacht te gaan afnemen van de ODZOB hierbij opgenomen. Dit is nog een inschatting gebaseerd op voorgaand jaar (2026). Voor Deurne hebben deze opdrachten met name betrekking op het opstellen van het Omgevingsplan. Voor deze werkzaamheden zijn apart middelen opgenomen in de begroting van Deurne. Zowel de basistaken als de verzoektaken en de prognose extra opdrachten zijn onderbouwd per product dan wel dienst met een daarmee samenhangend uurtarief. Pagina 1 van 4

De uiteindelijke bijdrage wordt pas achteraf bepaald op basis van werkelijk bestede uren tegen het daarvoor vastgestelde uurtarief. De taken die bij de ODZOB in opdracht zijn voor wat betreft de basistaken vergelijkbaar, maar variëren voor wat betreft de verzoektaken en extra opdrachten dan ook per deelnemer, afhankelijk van de individuele keuzes van iedere deelnemer. Omdat de in opdrachtgegeven verzoektaken en de prognose extra opdrachten sterk kunnen afwijken zijn de bijdragen van iedere individuele deelnemer niet met elkaar vergelijkbaar. •

Is er sprake van een structurele trend waarin Deurne relatief hoog bijdraagt, of is het verloop in de afgelopen jaren grillig geweest? De totale verstrekte opdrachten van de gemeente Deurne zijn zoals in bovenstaand overzicht opgenomen relatief constant geweest. De extra opdrachten variëren wel sterk per jaar en zijn doorgaans lager opgenomen.

•

Zijn er voor de komende jaren signalen of scenario’s waaruit blijkt dat de bijdrage van Deurne aanzienlijk kan dalen (bijvoorbeeld door herverdeling, taakmutaties, volumeveranderingen of efficiencyontwikkelingen binnen de ODZOB)? Op dit moment zijn er geen signalen dat de bijdrage van de gemeente Deurne aanzienlijk zal dalen.

2. Toelichting op stijging overheadkosten (bijlage 4 – overzicht baten en lasten) In de begroting valt op dat de salariskosten binnen de overhead in 2027 bijna € 1 miljoen hoger worden begroot dan in 2026, terwijl de formatie slechts stijgt met 4 fte (van 47,3 naar 51,6 fte). Wij verzoeken om een nadere toelichting op: •

De oorzaken van deze forse stijging in salariskosten binnen de overhead. De opgenomen formatie (51,6 fte) bestaat voor een deel uit vaste medewerkers (opgenomen onder het onderdeel 1.1 salariskosten) en voor een ander deel uit inhuur van medewerkers (opgenomen onder het onderdeel 1.6 inhuur). In 2025 heeft een verschuiving plaatsgevonden van de een flink aantal inhuurmedewerkers naar steeds meer vaste medewerkers, ook in 2026 zetten we deze trend door. Hierdoor zien we dat de (vaste) salariskosten in verhouding toenemen, maar de inhuur kosten juist fors afnemen. De totale personeelskosten stijgen daardoor beperkt mee met de groei van het aantal fte (4,3).

Pagina 2 van 4

•

De verhouding tussen deze kostenstijging en de beperkte formatie-uitbreiding. Om een juiste verhouding tussen de kostenstijging en de beperkte formatieuitbreiding juist te duiden moet ook de post Inhuur (Bijlage 4 post 1.6) hierbij worden betrokken, zoals bij de beantwoording van de vorige vraag toegelicht.

•

Eventuele incidentele posten, inhaaleffecten, cao-ontwikkelingen, herwaarderingen van functies of andere factoren die deze stijging verklaren. In de salariskosten zijn geen incidentele posten, inhaaleffecten opgenomen. De Cao-ontwikkelingen zijn doorgerekend en opgenomen naar aanleiding van de Cao-afspraken zoals bekend per 01-01-2027. Dit betreft zoals de salariskosten als de overige Cao-afspraken. De herwaardering van functies is minimaal van toepassing geweest en binnen de bestaande formatie dan wel begroting opgevangen.

•

Indien beschikbaar: een uitsplitsing van de overheadkosten naar kostensoorten, zodat de raad de ontwikkeling beter kan duiden. In bijlage 4 is een gedetailleerde uitsplitsing van de overheadkosten opgenomen.

Indien de griffie aanvullende informatie van de ODZOB kan opvragen of reeds beschikbaar heeft, ontvangen wij die graag.

MRE: Vraag over het programma Ruimte & Wonen In de begroting valt op dat het programma Ruimte & Wonen voor 2027 een relatief zeer beperkte begroting kent van € 49k, terwijl de regionale opgaven op dit terrein – woningbouw, gebiedsontwikkeling, ruimtelijke programmering en afstemming binnen de Beethoven- en Brainportdeal – aanzienlijk zijn. Wij verzoeken om een toelichting op het volgende: •

Hoe verklaart de MRE dat het programma Ruimte & Wonen in 2027 slechts € 49k aan begrotingsvolume heeft, gezien de omvang en urgentie van de regionale ruimtelijke opgaven?

•

In hoeverre hangt deze beperkte begroting samen met de taken en middelen die zijn ondergebracht bij het Realisatiebedrijf (zoals beschreven vanaf p. 26 van de begroting)?

•

Welke activiteiten vallen wel onder het programma Ruimte & Wonen en welke worden via andere rechtspersonen, fondsen of uitvoeringsorganisaties gefinancierd? Pagina 3 van 4

•

Kan de MRE inzicht geven in de totale middelen die in 2027 regionaal worden ingezet voor ruimtelijke ontwikkeling en woningbouw, inclusief de middelen die buiten het programma Ruimte & Wonen worden verantwoord?

Wij ontvangen deze toelichting graag, zodat de raad de begroting en de regionale inzet op dit thema beter kan duiden.

Met vriendelijke groet, Fractie CDA-Deurne

Pagina 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Deurne&id=b8c17f16-e73c-4085-b4a2-efa84a253f1a