Raadsvoorstel - Vaststellen ondernemersfonds
Tekst van het document
VOORSTEL AAN DE GEMEENTERAAD Onderwerp:
Vaststellen ondernemersfonds
Registratienummer:
1339434
Op voorstel B&W d.d.:
19 september 2023
Datum vergadering:
31 oktober 2023
Portefeuillehouder:
Tom Oomen
Rol gemeenteraad:
Kaderstellend
Voorstel in het kort 1. De instelling van een Ondernemersfonds in Deurne te ondersteunen. 2. De geprognosticeerde opbrengst van de ozb voor niet-woningen met € 80 per €100.000 WOZ-waarde voor 2024 te verhogen naar de nu geldende verdeelsleutel tussen eigenaar (53,88%) en gebruiker (46,12%). 3. De meeropbrengst van deze ozb-verhoging jaarlijks beschikbaar te stellen zodat het College een subsidie kan verstrekken aan de op te richten Stichting Ondernemersfonds Deurne. Samenvatting Het ondernemersfonds is een in het land beproefde wijze om het vestigingsklimaat te versterken en de organisatiegraad van ondernemers te verhogen. Er zijn ruim veertig ondernemersfondsen in het land actief, van groot tot klein. Dichtbij zijn er fondsen in Helmond en Laarbeek. Met een fonds zijn ondernemers en maatschappelijke organisaties in staat om structureel te investeren in hun bedrijfsomgeving. Het gaat om vele investeringen die het economisch vestigingsklimaat positief beïnvloeden, zoals: beveiliging en omgevingsbeheer, leegstandsbeheer, events en promotie, initiatieven ten behoeve van de energietransitie, onderwijs-arbeidsmarktprojecten met de scholen, wijkactiviteiten met zorgcentra en bewoners, vergroening en extra aankleding van de openbare ruimte, opbouw van eigen informatiepositie, toeristische marketing, kennisverspreiding via (kennis en kunde) bijeenkomsten.
Alle bedrijven en instellingen betalen mee naar rato van de waarde van het zakelijk vastgoed. Iedere eigenaar of gebruiker van zakelijk vastgoed met een goed plan kan meepraten over de gewenste bestedingen. Het fonds wordt verdeeld via trekkingsrechten waarbij ieder gebied aanspraak maakt op de eigen inleg in het fonds. Het initiatief om te komen tot een fonds is afkomstig van Ondernemend Deurne, Centrummanagement Deurne, Parkmanagement Peelland en ZLTO de Peel. Er is een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd door Blaauwberg waaruit breed draagvlak voor de komst van het fonds blijkt. Bijlagen 1. Voorstel Ondernemersfonds Deurne 2. Overzicht extra kosten voor gebruikers gemeentelijk vastgoed 3. Commissieadvies 1
Nr. 75 / 1339434
AAN DE RAAD, 1.
Inleiding
In ondernemerskringen in Deurne wordt al langer gesproken over de mogelijkheden van een Ondernemersfonds. Een vaste financiële positie ‘voor en door’ ondernemers en maatschappelijke partijen. Een in het land bewezen manier om meer lokale investeringen los te krijgen, de organisatiegraad te verhogen en meer samenwerking tussen partijen te verkrijgen. Eind 2022 heeft zich een initiatiefgroep gevormd van OD, CMD, PMP en ZLTO. Blaauwberg is ingeschakeld om onderzoek uit te voeren naar de haalbaarheid van een gemeentebreed ondernemersfonds. Een ondernemersfonds stelt ondernemers en maatschappelijke partijen in staat om gezamenlijk collectieve voorzieningen te bekostigen en nieuwe initiatieven te ontplooien. De middelen komen tot stand door een verhoging van de onroerendezaakbelasting (OZB) over niet-woningen. De meeropbrengst van de ozb-verhoging wordt als subsidie uitgekeerd aan de stichting van het ondernemersfonds. Het voorstel in Deurne is om te komen tot een fonds op basis van € 80 per 100.000 WOZ-waarde. De initiatiefgroep heeft een voorstel ontwikkeld dat is getoetst aan diverse groepen ondernemers en maatschappelijke organisaties. Er is breed gecommuniceerd over het initiatief. Alle belanghebbenden hebben de ruimte gekregen om hun mening en visie kenbaar te maken. De algemene respons is zeer positief.
In bijlage 1 is een volledige uitwerking van het plan te vinden inclusief een weergave van de gevoerde gesprekken en respons. Bij positieve besluitvorming over dit voorstel wordt dit meegenomen bij de vaststelling van de ozb-verordening en in de gemeentebegroting. 2.
Voorstel
1. De instelling van een Ondernemersfonds in Deurne te ondersteunen per 1-1-2024, voor een looptijd van 5 jaar. 2. In te stemmen met een verhoging van het OZB-tarief niet-woning van € 80 over € 100.000 WOZ-waarde per 1-1-2024 ten behoeve van de dekking van het ondernemersfonds. 3. Ook de niet woningen in eigendom van de gemeente te laten participeren in het ondernemersfonds en de extra OZB-lasten die hieruit voortvloeien ad. circa € 53.000 te dekken uit de algemene middelen. 4. Deze verhoging te verwerken in de ozb-verordening 2024 en daarbij de verhoging te verdelen over eigenaar (53,88%) en gebruiker (46,12%), zoals dit ook geldt voor de algemene ozb niet-woning.
2
5. De meeropbrengst van deze ozb-verhoging (inclusief het aandeel vanuit gemeentelijk vastgoed) jaarlijks beschikbaar te stellen zodat het College een subsidie kan verstrekken aan de op te richten Stichting Ondernemersfonds Deurne. 6. De effecten van dit besluit mee te nemen in de begroting 2024 en de daaropvolgende jaren waarin het fonds actief is, maar in ieder geval tot en met 2028. 3.
Beoogd effect
Het bedrijfsleven in Deurne te verenigen en een eigen financiële positie te verschaffen waardoor zij samen kunnen investeren in zaken die het economische klimaat in Deurne zullen versterken en Deurne aantrekkelijker en toekomstbestendiger zullen maken. 4.
Argumenten
1.1. Ondernemers en maatschappelijke partijen wensen een ondernemersfonds De vertegenwoordigers van Centrummanagement Deurne, Parkmanagement Peelland, Ondernemend Deurne en ZLTO De Peel zijn de initiatiefnemers van het proces rondom het ondernemersfonds en zien het fonds als een grote kans voor verdere economische ontwikkeling van Deurne. 1.2. Het onderzoek laat zien dat er grotendeels potentie en draagvlak is voor een ondernemersfonds in Deurne De initiatiefgroep heeft breed gecommuniceerd over het voorstel om te komen tot een ondernemersfonds. In de eerste plaats binnen de eigen achterban. Er zijn nieuwsbrieven verschenen, leden zijn persoonlijk geïnformeerd en tijdens de diverse bijeenkomsten is er aandacht besteed aan de komst van het fonds. Dat heeft overwegend tot positieve respons geleid. Een aantal kritische vragen over de aansturing en het tarief konden naar tevredenheid beantwoord worden. Daarnaast is er veel aandacht besteed aan de groepen deelnemers buiten de eigen achterban. In de lokale media (DMG, Weekblad voor Deurne, Eindhovens Dagblad) is meermaals aandacht besteed aan de komst van het fonds. In juni heeft een brede informatieavond plaatsgevonden waarvoor alle ondernemers en maatschappelijke instellingen zijn uitgenodigd.
En in augustus / september zijn er speciale bijeenkomsten georganiseerd voor de verschillende groepen deelnemers in het fonds: non-profit en wijkeconomie, en alle ondernemers in het buitengebied. Al deze bijeenkomsten zijn breed aangekondigd in de lokale media. De leden van de initiatiefgroep hebben daarnaast een belronde gedaan in hun eigen netwerk. Zo zijn de grotere sportverenigingen allen individueel benaderd, en verschillende van hen zijn ook aanwezig geweest bij één van de bijeenkomsten. En ook binnen zorg, onderwijs en cultuur zijn diverse organisaties persoonlijk geattendeerd op de bijeenkomsten. Een overzicht van de openbare bijeenkomsten is te vinden in de bijlage van het rapport. 1.3. Het ondernemersfonds borgt bestaande voorzieningen (vervanging van de BIZ’zen) en breidt deze uit Ondernemers hebben de wens uitgesproken om bestaande voorzieningen onder te brengen in het fonds. Denk aan beveiliging, events, parkmanagement, centrumactiviteiten, omgevingsbeheer. En waar mogelijk ook uit te breiden. Dit brengt schaalvoordelen met 3
zich mee, zorgt voor structurele borging van deze voorzieningen en sluit mogelijke 'freeriders' uit. Dit betreft de activiteiten van eerdergenoemde partijen, waarbij in het centrum van Deurne het fonds de nu bestaande Bedrijfsinvesteringszones (BIZ’zen) zal vervangen die per 2024 aflopen. Het instellen van het ondernemersfonds moet ervoor zorgen dat het Centrummanagement niet zonder financiële ondersteuning komt te zitten. Zij zien het Ondernemersfonds als meer dan adequate vervanger van de BIZ. 1.4. Een ondernemersfonds stimuleert de economie en dient een publiek belang Voor de gemeente zelf is de komst van een ondernemersfonds ook interessant. Aan de voorkant wordt vastgelegd dat investeringen uit het Ondernemersfonds het publieke doel ‘economische stimulering’ moeten dienen. Hierdoor wordt er met de komst van het fonds geïnvesteerd in zaken die het economische klimaat in Deurne zullen versterken. Dat maakt Deurne ook aantrekkelijker voor nieuwe partijen. Daarnaast zorgt het fonds voor continuïteit, waardoor er plannen voor de langere termijn kunnen worden gemaakt. Een bijkomend voordeel voor de gemeente is dat het met een fonds een vast aanspreekpunt heeft met zowel het bedrijfsleven als de non-profit sector. 1.5.
Gemeentebrede Ondernemersfondsen zijn een beproefde methode in de rest van het land Er bestaan circa 40 Ondernemersfondsen verspreid over het land die met dezelfde methodiek werken. Het is eerste fonds is in Leiden in 2005 opgericht. Nabij hebben Laarbeek en Helmond ook een ondernemersfonds. Doordat er weinig restricties zitten aan wat er met een fonds bekostigd kan worden, is er een ruime variatie aan bestedingen mogelijk. Echter is er ook wel iets van een landelijke praktijk te zien. In onderstaande tabel is weergegeven waarin er vaak vanuit verschillende takken binnen een ondernemersfonds geïnvesteerd wordt. Eerste bestedingen
Latere bestedingen
Winkelcentra/ binnensteden
• • •
• • •
Meerdaagse evenementen Poolen van personeel Lange termijnvisies
Bedrijventerreinen en kantoorparken
•
• • •
Collectieve inkoop energie Leegstandbestrijding Zonne-energie /duurzaamheid Cofinanciering infrastructuur Organisatie techniekdagen /dag van de zorg Collectieve werving personeel in tekortsectoren Glasvezel, collectieve waterzuivering Energietransitie/restwarmte projecten
•
Non-profit
Agrarisch
• • • • • • •
Sfeerverlichting Promotie ‘Stadspas’ met kortingsacties Parkmanagement (schoon, heel, veilig) Camerabewaking en surveillance Extra maaien, strooien Cultuur- en sportevenementen Bedrijfsbezoeken Collectieve inkoop cursussen Publieksactiviteiten Extra onderhoud weg- en slootkanten Belangenbehartiging
• • • • •
Een fonds hoeft zich natuurlijk niet tot deze bestedingen te beperken. Ieder fonds brengt zijn eigen dynamiek op gang en resulteert in projecten die aansluiten bij de lokale context. 4
1.6. Met een proefperiode van 5 jaar heeft het fonds de kans om te groeien vanuit de pioniersfase naar een volwaardig fonds. Ook langlopende projecten kunnen hierdoor worden opgestart. 2.1. Dit tarief is door de initiatiefgroep voorgesteld ter financiering van het fonds Dit tarief is tot stand gekomen op basis van twee belangrijke overwegingen: 1. De opbrengst van de verhoging moet voldoende substantieel zijn om ook echt iets te doen. Echt investeren kan pas met voldoende geld. De energietransitie, de vergroening van het centrum, de relaties onderwijs-arbeidsmarkt: het zijn kostbare zaken, zeker wanneer de kwaliteit hoog moet zijn. Niet alles kan en niet alles hoeft tegelijkertijd, maar het fonds moet voldoende omvangrijk zijn om ondernemerschap aan te moedigen. 2. De verhoging moet geen onevenredige pijn doen, moet niet meer dan een detail zijn in de kostenstructuur van bedrijven. Want ondernemers zijn gebaat bij samenwerking, maar ook bij het laag houden van de productiekosten. Dit geldt ook voor verenigingen die gebruik maken van gemeentelijk vastgoed. Ter indicatie is in de bijlage een overzicht opgenomen met de effecten voor deze partijen. 3.1. Door het gemeentelijk vastgoed te laten participeren in het fonds is een vorm van solidariteit en er wordt een bemoedigend signaal afgegeven aan dit initiatief.
Daarbij ontstaat zo ook de kans om partijen in gemeentelijk vastgoed (onderwijs, sport, cultuur) actief te laten participeren in het fonds. Het vastgoed van de gemeente wordt ook aangeslagen onder de OZB niet-woning. De gemeente is technisch gezien de enige partij die zich uit kan zonderen van het fonds door de subsidie aan de stichting te verlagen ter grootte van de lastenstijging van gemeentelijke vastgoed. Uitzondering van de gemeente betekent ook dat de scholen niet deelnemen aan het fonds. De gemeente is immers wettelijk verplicht om de huisvestingskosten van het primair en voortgezet onderwijs te bekostigen (inclusief de OZB). Het wel of niet inbrengen van het gemeentelijk vastgoed heeft een kleine invloed op de uiteindelijke omvang van het fonds. 4.1. De verdeling van 53,88% (eigenaren) 46,12% gebruikers is de verdeling die op dit moment geldt voor de heffing van de OZB in Deurne 5.1. De meeropbrengst van de ozb-verhoging bekostigt het fonds In totaal zal de opbrengst ongeveer 630.000 euro bedragen. Om dit geld ook daadwerkelijk bij de ondernemers terecht te krijgen, zal dit via een subsidie aan het fonds beschikbaar moeten worden gesteld. 6.1. Het fonds heeft een looptijd tot en met 2028 Jaarlijks legt de Stichting Ondernemersfonds Deurne verantwoording af aan de gemeente door middel van een jaarverslag, inclusief financieel overzicht.
In het vijfde jaar zal het fondsbestuur het initiatief nemen voor een evaluatie. Dat is ook een logisch moment om na te gaan of voortzetting van het fonds wenselijk is en of er mogelijk wijzigingen gewenst zijn wat betreft de tarifering dan wel indeling in trekkingsrechten.
5
5.
Kanttekeningen
1.1 Er blijven altijd belanghebbenden die minder positief zijn over het initiatief In het algemeen wordt het initiatief door ondernemers en maatschappelijke partijen positief ontvangen, maar er zullen altijd belanghebbenden zijn die minder positief zijn. In het onderzoek zijn ook de minder positieve geluiden van belanghebbenden opgenomen. De mogelijkheid bestaat ook dat partijen zich na vaststelling van het fonds negatief uitlaten over het fonds. Na besluitvorming door de gemeenteraad is het fonds niet vatbaar voor bezwaar. Het is wettelijk niet mogelijk om bezwaar te maken tegen de hoogte van het ozb-tarief. Het is slechts mogelijk om bezwaar te maken tegen de waardering van het vastgoed. De ervaring is dat de komst van een fonds ook niet leidt tot een toename van bezwaren op dit punt. Zoals dat bijvoorbeeld wel het geval is bij de aanwezigheid van no-cure-nopay bureaus die bedrijven aansporen om bezwaar te maken. Een ondernemer die zich met vragen over het ondernemersfonds bij de gemeente meldt kan worden doorverwezen naar het fonds. Niet om de fondsbijdrage aan te vechten, wel om mee te praten over de bestedingen en zelf voorstellen in te dienen. Andersom zal het fonds ondernemers die vragen hebben over de ozb of hun woz-aanslag naar de gemeente doorverwijzen. Het fonds gaat immers niet over de heffing. Nogmaals, het zal niet gaan om grote aantallen.
Maar het is goed dat gemeente en fonds de communicatie hierover goed afstemmen. 2.1 Financiële deelname van gemeente leidt niet tot inhoudelijke deelname binnen het fonds De gemeente heeft geen zeggenschap op en binnen het functioneren van de Stichting. Er zal sprake zijn van een reguliere subsidieverhouding. Dit betekent dat de subsidie ieder jaar met onderliggende documenten dient te worden aangevraagd (bijvoorbeeld vergezeld van een jaarplanning) en dat de subsidie ieder jaar dient te worden verantwoord (wijze van besteding van de gelden). Deze verantwoording dient plaats te vinden op basis van de subsidiebeschikking en de bepalingen van de Algemene subsidieverordening Deurne. Bij verlening van de subsidiebeschikking geeft de gemeente de Stichting de (zo goed als volledige) vrijheid om de gelden op een gepaste wijze te besteden voor het behalen van de in het jaarplan gestelde doelen en activiteiten. De gemeente zal enkel aan de voorkant toetsen of de bestedingen het algemeen belang dienen en passen bij de doestellingen van het opgestelde fonds. Aan de achterkant zal de gemeente bij de verantwoording toetsen of dit ook daadwerkelijk is gebeurd. Deze handelswijze wordt bij iedere subsidieontvanger toegepast als het gaat om een bedrag van meer dan 10.000 EURO. Er is geen reden om op voorhand aan te nemen, of te denken, dat dit tot problemen zal leiden.
Het is echter niet zo, wat de initiatiefnemers van het Ondernemersfonds wenselijk achten, dat de gemeente zich volledig onthoudt van inhoudelijke beïnvloeding van de bestedingen. Maar nogmaals, deze "beïnvloeding" zal niet meer zijn dan de gebruikelijke toetsings- en verantwoordingssystematiek. 2.2 Verhoging van de ozb leidt tot een lastenverzwaring (zij het een overzichtelijke) Het gaat hier niet om een reguliere ozb-verhoging. Feitelijk gaat het om een collectieve investering. De deelnemers aan het fonds krijgen hun eigen opgebrachte geld weer beschikbaar om zelf gezamenlijk te bepalen wat er met het geld gebeurt. Dit wordt niet 6
opgelegd door de gemeente, maar is een initiatief van ondernemers zelf. De gemeente stelt slechts haar instrumenten beschikbaar om dit goed te regelen. 2.3.
Door de voorgestelde verhoging stijgt de opbrengst voor Onroerendezaakbelasting niet-woningen meer dan de afgesproken macronorm.
Het Rijk heeft met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) afgesproken dat de landelijke opbrengst van de ozb voor bedrijfspanden in een jaar niet meer dan 3,75 procent zou stijgen. Deze zogeheten macronorm bestaat sinds 2008. Door de verhoging met € 80 stijgt de opbrengst met ruim 36 % in plaat van de 3,75%. Dit hoeft geen probleem te zijn omdat 3,75% het gemiddelde van het hele land is. Als andere gemeenten minder hard stijgen of dalen blijven we landelijk onder de afgesproken norm. Consequentie is wel dat de gemeente Deurne gaat stijgen in het benchmark overzicht van het COELO. Tot nu toe heeft de gemeenteraad altijd ingezet op een daling op die lijst. Gezien de uitkomst van de draagvlakmeting zal dit geen probleem zijn. 3.1. Verhoging van de OZB leidt ook tot stijging van de lasten van gemeentelijk vastgoed Door de verhoging van het OZB-tarief stijgen ook de lasten van het gemeentelijk vastgoed, zoals het gemeentehuis en de gemeentewerkplaats. Dat vergt een jaarlijkse investering van circa € 19.000. Daarnaast is de gemeente wettelijk verplicht om de OZB over primair en voortgezet onderwijsgebouwen te betalen. Op basis van de huidige vastgoedwaarde betekent dit een stijging van circa €34.000 per jaar. 6.
Financiën
De verhoging van het OZB-tarief niet-woning leidt tot een verhoging van de totale belastingopbrengst. Een bedrag ter hoogte van de meeropbrengst wordt als subsidie uitgekeerd aan de op te richten Stichting Ondernemersfonds. Voor 2024 wordt het percentage vastgesteld op basis van €80 per €100.000 WOZ-waarde. Aan het einde van het jaar wordt berekend hoe groot de omvang van het fonds is ten opzichte van de totale opbrengst ozb niet-woningen. Voor de jaren 2025 en verder zal niet het absolute bedrag, maar dat percentage zijn voor de hoogte van de subsidie. Daarmee is het fonds automatisch geïndexeerd. Door de verhoging van het OZB-tarief stijgen ook de lasten van het gemeentelijk vastgoed, zoals het gemeentehuis en de gemeentewerkplaats. Dat vergt een jaarlijkse investering van circa € 19.000. Daarnaast is de gemeente wettelijk verplicht om de OZB over primair en voortgezet onderwijsgebouwen te betalen. Op basis van de huidige vastgoedwaarde betekent dit een stijging van circa €34.000 per jaar. Andere financiële verplichtingen zijn er via de ozb-relatie niet. Wel zijn er bepaalde organisaties die gebruik maken van gemeentelijk vastgoed en sterk afhankelijk zijn van gemeentelijke subsidies (cultuurcentrum, museum, zwembad). De meer-investering vanuit die partijen is beperkt, nu geschat op circa € 5.000 in totaal.
Tegelijkertijd hebben deze organisaties zeker baat bij de investeringen uit het fonds en het samen optrekken met ondernemers. De praktijk uit andere fondsen leert dat het de cultuur en sportsectoren zijn die juist sterk profiteren van een fonds door de organisatie van aansprekende activiteiten en events.
7
De verhoogde ozb-kosten leiden tot een vraag naar middelen van € 54.000. 7.
Juridische aspecten
Uit vigerende jurisprudentie blijkt dat de rechter meermaals heeft geoordeeld dat een gemeente de ozb kan verhogen ten behoeve van de komst van een ondernemersfonds. Er kan dus niet succesvol bezwaar gemaakt worden tegen de komst van een ondernemersfonds of de verhoging van de ozb voor dit doeleinde. Er kan slechts bezwaar worden gemaakt tegen de waardering van een pand. Het uitzonderen van bepaalde partijen van de heffing is juridisch niet toegestaan. Aan de voorkant kan dat ook niet, de ozb is een algemeen heffingsmiddel die voor iedereen geldt (buiten de wettelijk uitgezonderde categorieën zoals kerken die voor de eredienst worden gebruikt, waterstaatswerken en tuinbouwkassen). Er zijn gemeenten waar pogingen zijn gedaan om aan de achterkant alsnog tot compensatie over te gaan. Daar heeft de rechter echter een streep door getrokken aangezien daarmee belastingongelijkheid wordt gecreëerd. 8.
Relatie Ontwikkelagenda
Het oprichten van een ondernemersfonds past goed in lijn met twee van de kernopgaven van de gemeenteraad: een vitaler buitengebied – daar zullen de ondernemers daar met het fonds zelf aan gaan bijdragen – en een duurzamer Deurne: grootschalige projecten op het gebied van de energietransitie en klimaatadaptatie maken een belangrijk deel uit van de plannen met het fonds. Dit willen de bedrijventerreinen, de agrarische sector en het centrum gezamenlijk oppakken. Het faciliteren van de ondernemers past ook goed bij de in de ontwikkelagenda opgenomen ambitie om ruimte te bieden aan maatschappelijk initiatief. Met het fonds worden ondernemers en maatschappelijke partijen in staat gesteld de gewenste gelijkwaardige rol ten opzichte van de gemeente in te nemen. 9.
Communicatie en burgerparticipatie
Het traject om te komen tot een Ondernemersfonds is gedragen door vier grote collectieven in het bedrijfsleven. Zij hebben met hun achterban en andere partijen een traject doorlopen om tot het plan voor een Ondernemersfonds te komen. Daarnaast heeft Bureau Blaauwberg een onderzoek gedaan naar het draagvlak van alle gebruikers van niet-woningen in de gemeente. Aan de hand van de uitkomsten van dit onderzoek kunnen we de communicatie verder vormgeven. Het is belangrijk om goed te bekijken welke mijlpalen dit project voor welke doelgroep heeft. Ook is goede afstemming nodig met de initiatiefnemers van het Ondernemersfonds. Aan de hand daarvan kan een communicatieplanning gemaakt worden. Hiervoor moet wel nog gewerkt worden aan de kernboodschap van dit project.
8
10.
Vervolg en evaluatie
Na een positief besluit zullen er enkele stappen volgen: 1. Verwerken van de verhoging van het OZB-tarief niet-woning in de belastingverordening 2024 en de meeropbrengst reserveren voor het Ondernemersfonds. 2. Oprichting van de Stichting Ondernemersfonds Deurne door de initiatiefnemers. 3. De gemeente (college van B&W) en de Stichting kijken samen op welke manier de basisbeginselen van een Ondernemersfonds en de kaders voor de bestedingen vanuit dit fonds het beste kunnen worden vastgelegd. 4. Vaststellen van de subsidie ter hoogte van de meeropbrengst, en via een subsidiebeschikking over te maken aan de Stichting Ondernemersfonds Deurne.
Burgemeester en wethouders van Deurne, De secretaris,
De burgemeester,
R.R.M. Halffman
G.T. Buter
9
Nr. 75a / 1339434
DE RAAD VAN DE GEMEENTE DEURNE gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 19 september 2023, nr. 75; gehoord het advies van de commissie Omgeving, d.d. 11 oktober 2023;
BESLUIT 1. De instelling van een Ondernemersfonds in Deurne per 1-1-2024, voor een looptijd van 5 jaar. 2. In te stemmen met een verhoging van het OZB-tarief niet-woning van € 80 over € 100.000 WOZ-waarde per 1-1-2024 ten behoeve van de dekking van het ondernemersfonds. 3. Ook de niet woningen in eigendom van de gemeente te laten participeren in het ondernemersfonds en de extra OZB-lasten die hieruit voortvloeien ad. circa € 53.000 te dekken uit de algemene middelen. 4. Deze verhoging te verwerken in de ozb-verordening 2024 en daarbij de verhoging te verdelen over eigenaar (53,88%) en gebruiker (46,12%). 5. De meeropbrengst van deze ozb-verhoging (inclusief het aandeel vanuit gemeentelijk vastgoed) jaarlijks beschikbaar te stellen zodat het College een subsidie kan verstrekken aan de op te richten Stichting Ondernemersfonds Deurne. 6. De effecten van dit besluit mee te nemen in de begroting 2024 en de daaropvolgende jaren waarin het fonds actief is, maar in ieder geval tot en met 2028. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 31 oktober 2023. De griffier,
De voorzitter,
(R.J.C.M. Rutten)
(G.T. Buter)
1