CConstaterende datDeurne
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Participatierapport N279

Vergadering gemeenteraad 27 mei 2025, gemeente DeurneBij agendapunt: Zienswijze Notitie Reikwijdte en Detailniveau N27911.950 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

N279 Veghel – Asten Participatierapport 22 april 2025

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING

5

1.1

Doel participatierapport

5

1.2

Project N279 Veghel - Asten

5

1.3

Historie en te doorlopen planproces

7

1.4

Leeswijzer

8

1.5

Referentielijst

8

2

PARTICIPATIEPROCES

10

2.1

Doel en aanpak participatieproces

10

2.2

Participatieaanpak verkenning N279

10

2.3

Participatiemiddelen

11

2.4

Zienswijzen

19

3

PROCESBESCHRIJVING VAN HET OPHALEN EN VERWERKEN VAN REACTIES

20

Spoor 1 - Verkennende studie

20

3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.4

20 21 21 22

3.1

Periode 1 - aandachtspunten en ideeën Periode 2 - aandachtspunten nader te onderzoek oplossingen Feedback (op te stellen) kansrijke alternatieven Advies belangentafels aan stuurgroep

4

AANDACHTSPUNTEN EN IDEEËN UIT DE OMGEVING

23

4.1

Doelstellingen project

23

4.2

Deelgebieden

24

4.3

Tracé overstijgende aandachtspunten

26

4.4

Aandachtspunten planproces

27

4.5

Media-aandacht

28

4.6

Evaluatie participatie en communicatie

29

Laatste pagina

31

Bijlage(n)

Aantal pagina's

I

Routekaart participatie aanpak verkenning N279

1

I

Ring 2 partijen

4

1 INLEIDING 1.1

Doel participatierapport

Voor u ligt het participatierapport van de eerste fase (stap 1 en 2, afbeelding 1.2) van de projectprocedure voor de N279 Veghel-Asten. Deze projectprocedure startte in mei 2024 met de publicatie van de Kennisgeving voornemen en participatie. Het doel van deze eerste twee stappen was het opstellen van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). De NRD beschrijft het doel en de aanpak voor het uit te voeren onderzoek (de milieueffectenrapportage; mer) om te komen tot een voorkeursalternatief. Het participatierapport legt uit hoe vanaf de kennisgeving met de omgeving is geparticipeerd over de totstandkoming van de NRD, welke inbreng is opgehaald en hoe dit is meegenomen in de verwerking en besluitvorming. Het rapport bevat geen inhoudelijke resultaten van de verkenning, deze zijn te vinden in de Notitie Reikwijdte Detailniveau (NRD) en Notitie Kansrijke Alternatieven (NKA). U vindt deze rapporten op www.brabant.nl/N279. Voorafgaand aan de formele start van de projectprocedure met de kennisgeving voornemen en participatie hebben gesprekken met stakeholders plaatsgevonden, zowel 1-op-1 als met belangengroepen. Deze gesprekken dienden om het stakeholdersveld in beeld te brengen, kennis te maken, te informeren over het nieuwe proces en de concept participatieaanpak te bespreken. De provincie benaderde aanvankelijk partijen met een gericht belang of raakvlak.

Tijdens het proces konden daar partijen aan toegevoegd worden op initiatief van provincie of de omgeving. De activiteiten die in deze eerdere fase zijn uitgevoerd zijn niet opgenomen in dit participatierapport.

1.2

Project N279 Veghel - Asten

De N279 verbindt woon- en werklocaties tussen Veghel en Asten en is een belangrijke verkeersader in het oosten van Brabant. De snelle groei van verkeer in deze regio vraagt om een duidelijke koers voor deze weg. De provincie (initiatiefnemer) werkt samen met de gemeenten Meierijstad, Helmond, Laarbeek, GemertBakel, Asten en Deurne, Waterschap Aa en Maas en Rijkswaterstaat aan een plan om de bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid op en rondom de N279 tussen Veghel en Asten te verbeteren. Afbeelding 1.1 geeft de ligging van het tracé weer inclusief de deelgebieden die zijn gehanteerd in het proces.

5 | 31

Afbeelding 1.1 Ligging en deelgebieden N279 Veghel - Asten

Doelstellingen N279 Het project N279 Veghel- Asten streeft naar een optimum in de acceptatie en draagvlak tussen de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid. Daarbij staan de volgende doelstellingen centraal: - een goede bereikbaarheid van dit deel van de regio Oost-Brabant, als onderdeel van het totale mobiliteitssysteem, voor nu en in de toekomst; - een aangepaste N279 die voldoet aan de uitgangspunten van duurzaam veilig, waarmee de verkeersveiligheid verbeterd wordt; - beperken van de hinder en overlast van de aangepaste N279 en het zoveel mogelijk verbeteren van de leefbaarheid. De provincie wil snel tot oplossingen komen. Tegelijkertijd is zorgvuldigheid van groot belang. De oplossing moet ook haalbaar, duurzaam en toekomstbestendig zijn. Programmatische aanpak Het project kent een programmatische aanpak met drie samenhangende sporen.

6 | 31

Spoor 1: Verkenning en planstudie voor de reconstructie N279 Voor de aanpassing van de provinciale weg N279 Veghel-Asten wordt een verkenning en planstudie uitgevoerd. Dit omvat een milieueffectrapportage (mer) procedure en participatieproces om tot een voorkeursalternatief en uiteindelijk vastgesteld projectbesluit te komen. Via deze procedure krijgt het milieuen leefbaarheidsbelang een volwaardige rol in de besluitvorming. Spoor 2: Middellange termijn maatregelen Vooruitlopend op de totaaloplossing wordt, parallel aan de verkenning, gekeken waar mogelijk al eerder de verkeersveiligheid op de N279 verbeterd kan worden. Het gaat om maatregelen die de verkeersveiligheid direct verbeteren en waarvan de uitvoering mogelijk is zonder dat dit later nog te maken keuzes in de weg zit. Denk bijvoorbeeld aan het aanpassen van gevaarlijke oversteken en verwijderen van uitritten waardoor er minder in- en uitvoegend verkeer is en de verkeersveiligheid wordt verbeterd. Spoor 3: Brede mobiliteit maatregelen De provincie Noord-Brabant zet in op een mobiliteitstransitie conform het Beleidskader Mobiliteit. Om de N279 toekomstbestendig te maken voor 2040 wordt daarom niet alleen gekeken naar een reconstructie van de weg, maar ook naar brede mobiliteitsmaatregelen.

Denk bijvoorbeeld aan snelfietsroutes, (hoogwaardig) openbaar vervoer, locaties voor mobiliteitshubs en (via werkgevers) stimuleren van duurzamer reisgedrag. Dit participatierapport gaat in op de participatieaanpak die is gevolgd in spoor 1. Voor spoor 2 (Middellange termijn maatregelen) doorloopt provincie een aparte procedure, met eigen participatieaanpak met de omgeving en samenwerkende partners. De voortgang en verantwoording daarover gebeurt vanuit spoor 2 en komt niet terug in deze rapportage. Spoor 3 (brede mobiliteitsmaatregelen) heeft een separaat proces doorlopen waarna de resultaten zijn geïntegreerd in de verkennende studie van de N279 (spoor 1). De participatie die voor spoor 3 is doorlopen is beschreven in de Eindrapportage mobiliteitsmaatregelen (9 oktober 2024), zie bibliotheek op brabant.nl/N279.

1.3

Historie en te doorlopen planproces

Het project kent een lange voorgeschiedenis die begint in 2000, waarbij diverse onderzoeken zijn uitgevoerd om de bereikbaarheid en leefbaarheid in Oost-Brabant te verbeteren. Het Provinciaal Inpassingplan (PIP) uit 2018 is in december 2021 door de Raad van State vernietigd vanwege strijdigheid met de eisen van een goede ruimtelijke ordening en rechtszekerheid, en een onvoldoende betrouwbaar verkeersmodel, tevens was de nut en noodzaak van de omleiding Dierdonk in onvoldoende mate aangetoond. Na een quickscan naar het toekomstige verkeer is in 2022 geconcludeerd dat het gehele planproces opnieuw moest worden opgestart, conform de Omgevingswet. Door de provincie is, op verzoek van de regionale partners, gestart met een aanpak met een brede belangen benadering (BMC Yacht Group, 2022). In mei 2024 begon, met publicatie van de ‘Kennisgeving voornemen en participatie’ (Provincie NoordBrabant, 2024), een nieuwe studie en besluitvormingsproces voor de N279. Het project N279 wordt uitgevoerd via een projectprocedure ondersteund door een milieueffectenrapportage (mer), wat leidt tot een projectbesluit van Gedeputeerde Staten (zie afbeelding 1.2). Dit besluit bevat het plan voor aanpassingen aan de N279. Stap 1 en 2 uit deze procedure zijn afgerond met als resultaat de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) U vindt dit rapport op www.brabant.nl/N279.

Dit participatierapport beschrijft hoe het participatieproces in deze 2 stappen is doorlopen.

7 | 31

Afbeelding 1.2 Projectprocedure N279 Veghel - Asten

1.4

Leeswijzer

Na het voorliggende inleidende hoofdstuk, maakt hoofdstuk 2 inzichtelijk welke participatie, met welk doel, wanneer in het proces, met welke partijen en met welke middelen is doorlopen. Hoofdstuk 3 beschrijft het proces van het ophalen en verwerken van reacties uit de omgeving. Hoofdstuk 4 beschrijft de aandachtspunten en ideeën die zijn aangedragen vanuit de omgeving en wat daarmee is gedaan.

1.5

Referentielijst

In het participatierapport zijn diverse verwijzingen opgenomen naar documenten met verdere informatie in relatie tot het project. Hieronder zijn de documenten die in dit rapport worden benoemd uitgelicht:

-

BMC Yacht Group. (2022). Plan van aanpak N279 Veghel - AstenZie bibliotheek op www.brabant.nl/N279; Goudappel. (2022).Verkeersonderzoek;N279; Zie bibliotheek op www.brabant.nl; MuConsult. (2024) Eindrapportage Mobiliteitsmaatregelen N279. Zie bibliotheek op www.brabant.nl/N279; Provincie Noord-Brabant. (2024). Kennisgeving voornemen en participatie. Zie bibliotheek op www.brabant.nl/N279; Provincie Noord-Brabant. (2024). Participatieaanpak. Zie bibliotheek op www.brabant.nl/N279;

8 | 31

Raad van State. (2021). Uitspraak 201900309/1/R2. Van Raad van State: https://www.raadvanstate.nl/uitspraken/@127919/201900309-1-r2/

9 | 31

2 PARTICIPATIEPROCES 2.1

Doel en aanpak participatieproces

De provincie heeft in het voorjaar van 2024 in de ‘Kennisgeving Participatie en Voornemen’ (Provincie Noord-Brabant, 2024) bekendgemaakt hoe het proces voor het project N279 gaat verlopen. In de kennisgeving en de onderliggende Participatieaanpak mei 2024 (Provincie Noord-Brabant, 2024) staat beschreven wat het project inhoudt, hoe en wanneer belanghebbenden worden betrokken en op welke manier zij hun inbreng kunnen leveren. Het participatieproces dat is ingezet heeft tot doel het volgende te bereiken: - duidelijkheid bieden over met wie, wanneer, waarover en hoe participatie plaatsvindt; - tijdig en begrijpelijk informeren over inhoudelijke zaken; - ruimte bieden aan initiatieven die een bijdrage leveren aan de doelen van het project; - bevorderen van de kwaliteit van het besluitvormingsproces, en daarmee de kwaliteit van de inhoud van het projectbesluit en de planproducten. Dit door belanghebbenden in een vroegtijdig stadium te betrekken bij het proces; - doorgronden van standpunten en belangen en transparant zijn over wat wel en niet kan; - inzichtelijk maken of en hoe de inbreng vanuit de omgeving is meegewogen in de gemaakte keuzes; - op gang brengen van een dialoog overstijgend over de belangen. We willen zo komen tot een zo evenwichtig mogelijke verdeling van lusten en lasten.

De participatiestrategie is gericht op de filosofie van de brede belangenbenadering (Mutual Gains Approach), waarin rekening wordt gehouden met de verschillende belangen en perspectieven van alle betrokken partijen. Hiermee wordt een evenwicht gezocht tussen de uiteenlopende behoeften, wensen en zorgen van de stakeholders. Het doel is om tot oplossingen te komen die breed gedragen zijn en die recht doen aan de complexiteit en veelzijdigheid van de situatie. De concrete aanpak die nodig is om deze doelen te bereiken is continue maatwerk en vraagt bijsturing indien de ontwikkelingen in het project en de omgeving hier om vragen. Bijlage I visualiseert het bij aanvang van het project voorziene participatieproces voor de fase t/m publicatie van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). Het is in feite een afbeelding van de Participatieaanpak (Provincie Noord-Brabant, 2024). In hoofdlijnen is dit proces doorlopen, op specifieke punten heeft in overleg met partijen aanpassing plaatsgevonden, zoals het toevoegen van een 4e en 5e belangentafel en extra betrokkenheid van de regiegroep.

2.2

Participatieaanpak verkenning N279

In haar participatieaanpak zet de provincie in op drie niveaus van participatie: meedoen (samenwerken), meedenken (raadplegen) en informeren (meeweten). Aan deze drie participatieniveaus zijn verschillende stakeholdercategorieën, rol/doel van de participatie en participatiemiddelen verbonden zoals opgenomen in tabel 2.1.

10 | 31

Tabel 2.1 Participatieniveaus Participatieniveau

Stakeholdercategorie

Rol/Doel

Participatiemiddel

meedoen (samenwerken)

regionale partners: gemeenten, provincie, waterschap, RWS. Op zowel bestuurlijk als ambtelijk niveau.

meewerken aan het project, vanuit hun mandaat/ professionele rol, belang voor het draagvlak of in te brengen kennis

-

meedenken (raadplegen)

-

meeweten en meedenken (informeren)

-

-

-

2.3

(bijeenkomst) Regiegroep; (bijeenkomst) Stuurgroep; review producten (rapportage zeef 0, NKA en NRD); maatwerkgesprekken

georganiseerde belangengroepen (zie 1.3); vertegenwoordigers belangentafels; specialisten partners; overige stakeholders

raadplegen stakeholders voor een inhoudelijke bijdrage aan of mening over het project. De ideeën, wensen of adviezen worden meegenomen en door het projectteam beoordeeld of, hoe en wanneer deze een plek kunnen krijgen in het project. De uitkomst wordt teruggekoppeld naar de stakeholders

-

belangentafels; maatwerk gesprekken; werkgroep verkeer; meedenkplatform www.brabant.nl/N279

individuele belanghebbenden (bewoners, ondernemers, weggebruikers); overige overheden (niet direct langs/rondom tracé); nutsbedrijven; overige georganiseerde belangengroepen

informeren stakeholders die in deze fase nog geen actieve rol spelen, maar wel op de hoogte gehouden willen blijven van de vorderingen. Voor stakeholders dient duidelijk te zijn hoe ze input (wensen en zorgen) kunnen inbrengen

-

meedenkplatform www.brabant.nl/N279; nieuwsbrief; individueel contact (e-mail, telefoon, maatwerk stakeholdergesprek of bijeenkomst); enquête tevredenheidsmonitor

-

-

Participatiemiddelen

In het participatieproces zijn diverse participatievormen gebruikt om stakeholders op verschillende manieren te informeren en hun inbreng te verzamelen. De volgende paragrafen lichten toe welke participatievormen zijn toegepast en wanneer deze zijn ingezet. Website Centraal in de communicatie en participatie stond de projectwebsite met alle relevante informatie. Daarop staan onder andere doelen, proces en participatiemogelijkheden uitgelegd. De provincie plaatste gedurende de verkenning actuele informatie op de website brabant.nl/N279. Via de nieuwsbrief attendeerde de provincie actief op deze nieuwe berichten, om zo de omgeving tijdig te informeren over het proces of inhoudelijke keuzes. In de bibliotheek, die te raadplegen is via www.brabant.nl/N279, zijn rapporten en verslagen terug te vinden vanaf 2022. Nieuwsbrief Zoals genoemd informeerde de provincie geïnteresseerden via een nieuwsbrief actief over actuele informatie. In- en uitschrijven op de nieuwsbrief kan via de website. Er zijn in de periode 2022 t/m november 2024 negen nieuwsbrieven verstuurd aan circa 1.450 abonnees. Een greep uit de behandelde onderwerpen is opgenomen in tabel 2.2.

11 | 31

Tabel 2.2 Op de projectwebsite gepubliceerde artikelen Datum

Titel artikel

Spoor

december 2022

N279: Korte termijn maatregelen uitwerken en nieuw verkeersonderzoek

september 2023

aanpak via meerdere sporen

september 2023

verkeerstudie N279 Veghel - Asten

1

september 2023

sluiting eetcafé De Sluis

2

december 2023

voornemen permanent verwijderen aansluiting Sluisweg op N279

2

januari 2024

aankondiging formele start

1

januari 2024

uitkomsten verkeersanalyse N279 Veghel - Asten

1

januari 2024

maatregelen verkeersveiligheid

2

mei 2024

informatiebijeenkomsten N279 op 10 en 11 juni 2024

1

mei 2024

kennisgeving voornemen en participatie N279 Veghel - Asten

1

juni 2024

inloopbijeenkomsten oversteken Oostappensedijk en Vlierdense Bosdijk

2

juli 2024

veel informatie aangedragen voor verkenningsfase

1

september 2024

inbreng uit meedenkplatform N279 verwerkt

september 2024

start van het nader onderzoek naar oplossingen

1

oktober 2024

sluiten en weghalen op- en afrit De Sluis langs N279

2

november 2024

veel reacties in tweede meedenkronde

1

november 2024

stand van zaken: stapsgewijs naar kansrijke oplossingen

1

1 1,2 en 3

1 en 3

Online Meedenkplatform Op de projectwebsite van de N279 Veghel-Asten konden stakeholders op twee momenten (juni/juli en september/oktober 2024), hun inbreng leveren via het Meedenkplatform. Deze reacties dienden als inbreng voor de analyse van de provincie. Hieronder worden deze twee momenten toegelicht. Naast het platform konden stakeholders hun inbreng ook rechtsstreek aan het projectteam leveren via e-mail (N279@brabant.nl), telefoon (073-6812812) of schriftelijk. De contactgegevens van de provincie zijn beschikbaar via de projectwebsite en opgenomen in de kennisgeving.

12 | 31

Afbeelding 2.1 Hoofdpagina Meedenkplatform

Periode 1 - aandachtspunten en ideeën In de eerste periode van 23 mei t/m 7 juli 2024, direct na de publicatie van de kennisgeving, kon de omgeving kennis over het gebied, aandachtspunten en ideeën voor oplossingen aandragen. Reacties konden op het platform worden achtergelaten op drie verschillende kaarten, waarbij elke kaart één specifieke vraag behandelde: - gebiedsinformatie: wilt u specifieke informatie over bijvoorbeeld grondgebruik, natuur, milieu, infrastructuur, bebouwing, archeologie, cultuurhistorie of andere waarden of belangen in het gebied onder de aandacht brengen? - oplossingsrichtingen: heeft u, binnen de uitgangspunten, ideeën over mogelijke oplossingsrichtingen die u in deze Verkenning zou willen meegeven? - ontwikkelingen: zijn er ontwikkelingen, zoals initiatieven in de omgeving, die u voor deze fase al wilt meegeven? In deze periode (mei - juli) zijn 328 reacties via het Meedenkplatform en 24 e-mails ontvangen. Afbeelding 2.2 geeft een indruk van de pagina 'aangedragen oplossingsrichtingen' op het Meedenkplatform en laat zien hoeveel reacties er per locatie zijn aangedragen. De meeste input betrof suggesties voor oplossingsrichtingen. Daarnaast ontvingen we aandachtspunten, ervaren knelpunten en kansen voor het verbeteren van de leefbaarheid, bereikbaarheid en verkeersveiligheid in het gebied.

Ook is kennis ingebracht over belangrijke waarden, belangen en ontwikkelingen in het gebied. De opgehaalde informatie is als input gebruikt voor de probleemanalyse, foto van de leefomgeving en de lijst met alle denkbare oplossingsrichtingen (zie verder hoofdstuk 3).

13 | 31

Afbeelding 2.2 Impressie Meedenkplatform in periode 1

Periode 2 - aandachtspunten nader te onderzoeken oplossingen Van 18 september t/m 15 oktober 2024 was het platform voor de tweede keer opengesteld. In deze periode zijn de oplossingsrichtingen gepresenteerd die na een eerste selectie nader onderzocht werden om de kansrijkheid te bepalen. Een kaart toonde welke oplossingsrichtingen op de verschillende locaties van het tracé werden onderzocht, met per oplossingsrichting een korte toelichting. Stakeholders konden per oplossingsrichting een reactie achterlaten om aandachtspunten en belangen mee te geven aan het projectteam. In deze periode zijn 232 reacties achtergelaten op het platform en 45 e-mails ontvangen. Afbeelding 2.3 toont de verdeling van de reacties op het Meedenkplatform, waarbij er vooral op ‘omleiding Veghel’ en ‘omleiding Helmond’ veel reacties zijn ontvangen. Hoofdstuk 3 en 4 beschrijven de ingebrachte informatie en hoe deze in het project is verwerkt.

14 | 31

Afbeelding 2.3 Aantal reacties op het Meedenkplatform in periode 2

15 | 31

Informatiebijeenkomsten Algemene informatiebijeenkomsten (10 en 11 juni 2024) De openbare informatiebijeenkomsten in juni 2024 hadden als doel de brede omgeving te informeren over de stand van zaken van het project en een vooruitblik te geven op het te doorlopen proces. Op verschillende tijdstippen werd plenair uitgelegd wat het project inhoudt, hoe het wordt aangepakt en hoe mensen kunnen participeren. Naast de plenaire presentaties was er een informatiemarkt waar bezoekers met medewerkers van de Provincie Noord-Brabant en het adviesbureau Witteveen+Bos in gesprek konden. Er was gelegenheid om suggesties, ideeën en aandachtspunten te delen en te bespreken met het projectteam. Bezoekers werden aangemoedigd om hun input achter te laten op het Meedenkplatform, wat ter plekke kon via computers op de informatiemarkt, met hulp van aanwezige projectmedewerkers. Tijdens de informatiebijeenkomsten op 10 juni 2024 in Veghel waren er ongeveer 85 aanwezigen. Op 11 juni 2024 in Helmond waren er ongeveer 105 aanwezigen. Bezoekers kwamen vooral om geïnformeerd te worden over het te doorlopen proces en de duur ervan. Veel aanwezigen waren benieuwd waarom de zoektocht naar een oplossing helemaal opnieuw moet en waarom dit zo lang duurt. Ondanks dat was er ook begrip dat zorgvuldigheid, los van tempo, in het maken van de keuzes belangrijk is.

De bezoekers waardeerden de mogelijkheid om 1-op-1 in gesprek te kunnen met het projectteam. Er werd veel gebruik gemaakt van de mogelijkheid om suggesties in te voeren op het Meedenkplatform. De bezoekers waardeerden de transparantie en de toegankelijkheid van het platform. De constructieve houding en suggesties wijzen op een betrokken gemeenschap die graag wil meedenken en bijdragen aan het project. Er is een impressieverslag gemaakt van beide avonden. Deze is te vinden in de bibliotheek op www.brabant.nl/N279 Vooruitblik m.b.t. algemene informatiebijeenkomsten: Algemene informatiebijeenkomsten 6 en 7 mei 2025 Op 6 en 7 mei 2025 worden vier informatiebijeenkomsten georganiseerd in het kader van de terinzagelegging van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). Tijdens deze bijeenkomsten krijgen belanghebbenden en geïnteresseerden de gelegenheid om zich te laten informeren over de inhoud van de NRD en de in de volgende fase met een MER te onderzoeken alternatieven. Ook wordt het proces voor het indienen van zienswijzen toegelicht. Informatiebijeenkomsten voor algemeen besturen Vooruitlopend op de publicatie van de kennisgeving 23 mei 2024 en de brede publieksbijeenkomsten in juni, zijn op 8 en 15 mei 2024 informatiebijeenkomsten georganiseerd voor gemeenteraden en leden van provinciale staten.

Daarnaast was er op 13 juni 2024 een informatiebijeenkomst voor een commissie van het algemeen bestuur van het waterschap. Op deze informatiebijeenkomsten is het te doorlopen proces voor de N279 Veghel-Asten toegelicht aan de aanwezigen (totaal 70 deelnemers) en is een dialoog gevoerd. Voorafgaand aan de publicatie van de NRD (april 2025) worden op 15 april wederom twee bijeenkomsten georganiseerd om de algemeen besturen te informeren. De algemeen besturen zijn daarnaast gedurende het project door hun vertegenwoordiger in de regie- en stuurgroep geïnformeerd over het proces en de gemaakte keuzes. Belangentafels De zogeheten ‘belangentafels’ waren een belangrijk instrument om invulling te geven aan de filosofie van de brede belangenbenadering, welke de basis vormt van de participatiestrategie. Hiermee beoogt de provincie de grote variëteit aan belangen in het projectgebied tijdig en zorgvuldig bijeen te brengen met het oog op een zo evenwicht mogelijke verdeling van lasten en lusten. Via de belangentafels is de provincie in gesprek gegaan met vertegenwoordigers van de verschillende belangen in het gebied: ondernemers, agrarische sector, inwoners en natuur- en cultuurhistorische partijen.

16 | 31

Zoals weergegeven in afbeelding 1.1, is het onderzoeksgebied in vier deelgebieden verdeeld. In overleg met de samenwerkende partners is vooraf besloten om deelgebied 3 en 4 samen te voegen tot één belangentafel. Hierdoor zijn er in totaal drie belangentafels, die betrekking hebben op drie deelgebieden. - deelgebied 1: Veghel - Keldonk; - deelgebied 2: Boerdonk - Beek en Donk - Gemert; - deelgebied 3: Aarle-Rixtel - Helmond - Deurne - Asten. Er is bewust gekozen voor kleine groepen, ingedeeld per deelgebied. Dit maakt het mogelijk om met elkaar te bespreken wat er speelt vanuit het overkoepelende belang en een dialoog te voeren over de verschillende belangen. De belangentafels zijn bedoeld om te informeren, te reflecteren en aandachtspunten op te halen, waarbij de verschillende inzichten met elkaar zijn uitgewisseld. Er zijn geen besluiten genomen. Om tot een evenwichtige verdeling te komen, zat een afvaardiging per belangencategorie aan tafel. Deze afvaardiging en de samenstelling van de belangentafel is voorafgaand aan de formele start van de verkenning bepaald in overleg met de vertegenwoordigende partijen in het gebied (zie 1.3). Dat is gebeurd tijdens 7 bijeenkomsten met zogenoemde ‘ring 2 partijen’ waarvoor 80 georganiseerde partijen in het gebied waren uitgenodigd die los van hoe het project zal gaan lopen raakvlakken hebben met de N279 (zie Bijlage II).

Tussen de kennisgeving participatie en de publicatie NRD zijn in totaal 5 rondes georganiseerd voor de belangentafels. De laatste 2 bijeenkomsten waren gezamenlijk voor de 3 deelgebieden. Van elke bijeenkomst zijn verslagen gemaakt die gedeeld konden worden met de achterban. Deze verslagen zijn terug te vinden in de bibliotheek op de website. Naast de belangentafels zijn er maatwerkgesprekken gevoerd met partijen die specifieke punten wilde bespreken vanuit hun eigen organisatie, zie volgende paragraaf. Tijdens de 5 bijeenkomsten zijn de volgende onderwerpen behandeld: - ronde 1: toelichting proces en bespreken belangen, waarden en wensen vanuit iedere belangencategorie en daar met elkaar op reflecteren (19, 27 juni en 1 juli 2024, bijeenkomst per deelgebied (3x)); - ronde 2: terugkoppeling opgehaald oplossingsrichtingen, reflectie op advies eerste trechtering en ophalen aandachtspunten vanuit de verschillende belangen voor de nader te onderzoeken oplossingsrichtingen (23, 25 en 26 september 2024, bijeenkomst per deelgebied (3x)); - ronde 3: terugkoppeling analyse nader te onderzoeken oplossingsrichting en advies beoordeling kansrijkheid, reflectie op de analyse en ambtelijke adviezen en ophalen en met elkaar bespreken van de aandachtspunten voor het samenstellen van de kansrijke alternatieven (22, 27, 29 januari 2025, bijeenkomst per deelgebied (3x)); - ronde 4: evaluatie

participatieproces en specifiek het instrument belangentafel, en voorbereiding advies van de belangentafels aan de stuurgroep 24 maart 2025 (ronde 4 was 13 februari 2025, bijeenkomst met de 3 deelgebieden samen); - ronde 5: presentatie over de eindproducten van de verkenning, namelijk de Notitie Reikwijdte en Detailniveau en de Notitie Kansrijke Alternatieven (16 april 2025, bijeenkomst met de 3 deelgebieden samen). Advies belangentafels Door de deelnemers aan de belangentafels is gevraagd om aan het einde van deze fase (de vaststelling van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau) een advies te geven aan de stuurgroep. Dit advies gaat in op de ervaringen van de deelnemers met het participatieproces en het gebruikte instrument belangentafels, evenals adviezen/wensen voor het vervolg. Daarnaast hebben de belangentafels in hun advies aandachtspunten meegegeven aan de stuurgroep voor het vaststellen van de NRD en de kansrijke alternatieven. Paragraaf 3.1.4 gaat nader in op het advies dat te vinden is in de bibliotheek op www.brabant.nl/N279. Maatwerkgesprekken Aan ieder die dat wilde is de mogelijkheid geboden om met het projectteam in gesprek te gaan. Deze gesprekken vonden één op één plaats of met meerdere belanghebbenden gezamenlijk. In totaal zijn er

17 | 31

31 maatwerkgesprekken gevoerd, waarin diverse thema’s zijn besproken, zoals verkeersmodellering, ontwikkelingen in de nabije omgeving, bereikbaarheid van de agrarische sector en ideeën voor en impact van specifieke oplossingen bepaalde delen van het tracé. Werkgroep verkeer Het vorige projectbesluit is onder andere vernietigd vanwege het gebruik van verouderde verkeersgegevens waarop de milieueffectrapportage en het inpassingsplan waren gebaseerd. De werkgroep verkeer is opgezet om samen met de partners het verkeersmodel te verifiëren. De werkgroep verkeer is samengesteld uit leden van het projectteam (Provincie Noord-Brabant, Witteveen+Bos en 4Cast) en vertegenwoordigers op ambtelijk niveau van de gemeente Meierijstad, Laarbeek, Helmond, Gemert-Bakel, Deurne en Asten, Rijkswaterstaat en de Provincie Noord-Brabant. Daarnaast zijn er ook maatwerkgesprekken over verkeer gevoerd met stakeholders die hier behoefte aan hadden (zie ook paragraaf 4.4).

De werkgroep verkeer is op drie momenten samengekomen: - 4 juni 2024 - met de aanwezigen is besproken welke input geleverd kan worden om het verkeersmodel BBMA2022 uiteindelijk projectspecifiek te modelleren voor het project NRD N279 Veghel-Asten; - 16 oktober 2024 - een toelichting is gegeven op de multimodale maatregelen, het plausibel verklaren van het projectspecifieke verkeersmodel voor de N279 en de resultaten van de rekenpakketten; - 4 november 2024 - de modelresultaten zijn besproken en geanalyseerd. De inzichten van de aanwezigen zijn meegenomen in de verdere interpretatie van de modelresultaten. Regie- en stuurgroep overleggen De regie- en stuurgroep zijn opgericht om op ambtelijk en bestuurlijk niveau met de samenwerkende partners in het gebied af te stemmen, waarbij zij zo veel als mogelijk werken vanuit een brede belangenbenadering. De stuurgroep heeft een adviserende rol richting de provincie en bestaat uit vertegenwoordigers op bestuurlijk niveau van de partners: gemeente Meierijstad, Laarbeek, Helmond, Gemert-Bakel, Deurne en Asten, Waterschap Aa en Maas, Rijkswaterstaat en de Provincie Noord-Brabant. In de regiegroep zitten de ambtelijke vertegenwoordigers van dezelfde organisaties. De regiegroep voorziet de stuurgroep van advies over de voorstellen van het projectteam en de te nemen keuzes.

De leden van de regie- en stuurgroep zijn verantwoordelijk voor het op de hoogte houden van hun bestuurders. De stuur- en regiegroep zijn intensief betrokken geweest bij het proces dat volgde na vernietiging van het PIP (2021) tot aan de start van het nieuwe project (mei 2024) en het opstellen van de participatiestrategie daarvan. Tussen de start van het project (mei 2024) en publicatie van de NRD zijn er 10 overleggen geweest met de regiegroepen en 4 met de stuurgroep. In tabel 2.2 zijn de overleggen en bijbehorende onderwerpen opgenomen voor de fase vanaf kennisgeving.

Tabel 2.3 Regie- en stuurgroep overleggen Wie (groep)

Datum

Onderwerp

regiegroep

29 mei 2024

start-up, kennismaking ingenieursbureau en aanpak verkennende studie

stuurgroep

12 juni 2024

start-up, kennismaking ingenieursbureau en aanpak verkennende studie, stand van zaken spoor 2 en 3

regiegroep

4 juli 2024

werksessie ophalen belangen en suggesties voor oplossingsrichtingen

regiegroep

5 september 2024

resultaten zeef 0, nader uit te werken oplossingsrichtingen zeef 1 en voorbereiding stuurgroep

stuurgroep

12 september 2024

resultaten zeef 0, nader uit te werken oplossingsrichtingen zeef 1 en resultaten spoor 3

regiegroep

15 oktober 2024

werksessie aandachtspunten nader uit te werken oplossingsrichtingen zeef 1

regiegroep

5 november 2024

bespreken review rapportage zeef 0

regiegroep

21 november 2024

toelichten resultaten zeef 1

regiegroep

12 december 2024

ambtelijk advies kansrijke alternatieven

18 | 31

Wie (groep)

Datum

Onderwerp

regiegroep

7 januari 2025

voorbereiding stuurgroep en reflectie advies kansrijke alternatieven

stuurgroep

16 januari 2025

ambtelijk advies kansrijke alternatieven

regiegroep

20 februari 2025

bespreken review NRD en NKA

regiegroep

11 maart 2025

voorbereiding stuurgroep en advies besluitvorming - NRD en kansrijke alternatieven

stuurgroep

24 maart 2025

advies besluitvorming - NRD en kansrijke alternatieven

2.4

Zienswijzen

Naast het hierboven beschreven participatietraject is er ook een formele inspraakmogelijkheid. De concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) wordt van 22 april tot en met 2 juni 2025, 6 weken ter inzage gelegd. In deze periode is er de gelegenheid voor iedereen om een zienswijze in te dienen. U leest op de website http://www.brabant.nl/N279 hoe u dit kunt doen en vindt daar een directe link naar het formulier om online een zienswijze in te dienen. Bij start van deze terinzagelegging informeert de provincie de omgeving hierover via de projectwebsite en de nieuwsbrief. Ook organiseert de provincie vier informatiebijeenkomsten op 6 en 7 mei 2025, om de NRD toe te lichten en uit te leggen hoe men kan reageren. Deze worden aangekondigd via de nieuwsbrief en in huis-aan-huisbladen. Bij vragen over het indienen van zienswijzen kan contact opgenomen worden met provincie via N279@brabant.nl. Na het sluiten van de periode van de terinzagelegging wordt een Nota van Zienswijzen opgesteld, waarin antwoord wordt gegeven op de ingebrachte zienswijzen. Deze wordt, zodra gereed, op de website van de provincie gepubliceerd en actief gedeeld met mensen die een zienswijze hebben ingediend. De vaststelling van de NRD en Nota van zienswijze wordt via de nieuwsbrief gecommuniceerd.

19 | 31

3 PROCESBESCHRIJVING VAN HET OPHALEN EN VERWERKEN VAN REACTIES Zoals in de voorgaande paragrafen en hoofdstukken is terug te lezen, is er veel informatie aangedragen. Via verschillende participatiemiddelen (e-mail, Meedenkplatform en maatwerkgesprekken) zijn er ruim 600 individuele reacties binnengekomen. De ingebrachte ideeën voor oplossingsrichtingen en aandachtspunten zijn verwerkt in het proces om te komen tot de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) en de Notitie Kansrijke Alternatieven (NKA). De volgende paragrafen beschrijven welk type reacties zijn opgehaald en hoe deze informatie is geïntegreerd. Alle individuele reacties (Meedenkplatform en e-mail) zijn opgenomen in het omgevingsregister, zodat dit traceerbaar is en blijft voor het projectteam. Rapportage mogelijke oplossingen N279 (november 2024) gaf hier al inzicht in. Het omgevingsregister is op te vragen bij het projectteam N279. De informatie die is verzameld tijdens de verschillende participatierondes is op diverse manieren verwerkt in de resultaten van het project, mits deze informatie passend is bij het huidige detailniveau van het project. Sommige informatie, zoals gedetailleerde tekeningen of locaties voor geluidschermen, is momenteel nog te gedetailleerd voor verwerking in de NRD.

Deze input is wel vastgelegd in het omgevingsregister en wordt in een later fase verder beschouwd en verwerkt, indien passend.

3.1

Spoor 1 - Verkennende studie

3.1.1

Periode 1 - aandachtspunten en ideeën

In de eerste periode, welke gestart is direct na de kennisgeving, is zoals beschreven in 2.3 vanuit de omgeving veel informatie aangedragen. Ook zijn in de eerste belangentafel de belangen en aandachtspunten in het gebied besproken. Er zijn ontwikkelingen in het gebied aangedragen, zoals de ontwikkeling van windturbines langs de A50 en geplande woningbouwlocaties. Daarnaast is gebiedsinformatie aangedragen over bijvoorbeeld waardevolle natuurgebieden langs het tracé of ervaren knelpunten van geluidsoverlast of sluipverkeer. Deze informatie is meegenomen in de probleemanalyse en foto van de leefomgeving, welke onderdeel uit maken van NRD. Er zijn een groot aantal ideeën aangedragen voor mogelijke oplossingsrichtingen. Deze ideeën zijn samen met de input uit de werksessie met de regiegroep en analyses door het projectteam, opgenomen in de ‘basislijst’ met alle oplossingen. Om te komen tot een lijst met nader te onderzoeken oplossingen, zijn deze oplossingen beoordeeld in een zogenoemde zeef 0. In deze zeef zijn de niet-realistische oplossingen of oplossingen die buiten de scope van het project vielen afgevallen en daarmee niet verder onderzocht. Deze selectie, inclusief basislijst, is gerapporteerd in de Rapportage mogelijke oplossingen N279 (Witteveen+Bos, november 2024, zie bibliotheek op brabant.nl/N279).

Met de rapportage, basislijst en het omgevingsregister is de traceerbaarheid en herleidbaarheid van alle ingebrachte ideeën geborgd. Kenmerkend voor deze eerste selectie (zeef 0) is dat gekeken is of de ingebrachte oplossingen passen binnen de kaders en de scope van het project N279 Veghel-Asten. Binnen het projectgebied spelen ook andere opgaven, waarvan het initiatief niet direct bij het projectteam van de N279 ligt.

20 | 31

Zo zijn suggesties en aandachtspunten aangedragen voor onder andere de N272, ideeën voor optimalisatie van het bredere wegennetwerk in de regio, de afwaardering van de Kasteel-Traverse in Helmond, de KRWopgave van de Aa en de problematiek rondom de Beekse brug. Deze reacties zijn wel opgenomen in het omgevingsregister en basislijst, maar niet verder uitgewerkt omdat deze buiten de scope van het project N279 vallen. De projectorganisatie N279 houdt wel oog voor de raakvlakken en hoe deze eventueel kunnen aansluiten op het project N279. De opgehaalde reacties zijn gedeeld met de samenwerkende partners, zodat zij deze, waar relevant, kunnen meenemen in hun projecten. Het voorstel voor de selectie van mogelijke oplossingen (zeef 0) is gepresenteerd tijdens een regiegroep. De concept rapportage mogelijke oplossingen N279 is beoordeeld door de regionale partners. De review is meegenomen bij het afronden van de rapportage. De verwerking van de ingebrachte reacties en selectie van de te onderzoeken oplossingen (zeef 0) is teruggekoppeld via de nieuwsbrief en de nieuwsartikelen: ‘Veel informatie aangedragen voor verkenningsfase’ (juli 2024), ‘Inbreng uit meedenkplatform N279 verwerkt’ (september 2024), ‘Start van het nader onderzoek naar oplossingen’ (september 2024) en ‘Stand van zaken: stapsgewijs naar kansrijke oplossingen’ (november 2024).

Ook is het besproken in de belangentafel en in maatwerkgesprekken met individuen en vertegenwoordigende partijen die er vragen over hadden.

3.1.2

Periode 2 - aandachtspunten nader te onderzoek oplossingen

In de tweede periode (september, oktober 2024) is op het platform gepresenteerd welke oplossingsrichtingen nader onderzocht worden om te beoordelen of deze kansrijk zijn om in de volgende fase (opstellen milieueffectenrapport om te komen tot een voorkeursalternatief) verder te onderzoeken. Deze stap die we hebben doorlopen wordt ook wel zeef 1 genoemd. Daarnaast is in de belangentafel gereflecteerd op de oplossingsrichtingen die in deze stap, zeef 1, nader zouden worden onderzocht en zijn aandachtspunten besproken. Deze input van het platform en de belangentafels is meegenomen bij de beoordeling en toelichting van de kansrijkheid van de onderzochte oplossingsrichtingen. Het aantal reacties per oplossingsrichting varieerde sterk; er was met name veel aandacht voor de twee onderzochte omleidingsroutes bij Veghel en Helmond. Ook de aard van de reacties verschilde, van meningen over de beste oplossing tot zorgen over de impact van een oplossing en ideeën over hoe invulling te geven aan de oplossingsrichtingen. In de uitwerking en beoordeling van de kansrijkheid van de oplossingsrichtingen zijn de aangedragen zorgen, aandachtspunten en suggesties verwerkt. De feedback is samengevat en opgenomen in de factsheets als bijlage van de Notitie Kansrijke Alternatieven (NKA) (Witteveen+Bos, maart 2025, zie de bibliotheek op brabant.nl/N279).

In de nieuwsbrief van november 2024 is teruggekoppeld hoe de informatie opgehaald in de tweede participatieronde zou worden meegenomen. Dit was terug te lezen in de twee nieuwsartikelen: ‘Stand van zaken: stapsgewijs naar kansrijke oplossingen’ en ‘Veel reacties in tweede meedenkronde’.

3.1.3

Feedback (op te stellen) kansrijke alternatieven

Aan de regiegroep en in de 3de ronde van de belangentafels zijn de resultaten van het onderzoek naar de nader onderzochte oplossingsrichtingen (zeef 1) gepresenteerd. Er is aangegeven welke oplossingen op basis van het onderzoek als kansrijk zijn beoordeeld, omdat deze bijdragen aan het doelbereik, haalbaar zijn en geen ‘no-go’s’ bevatten op basis van de leefomgevingseffecten. Met de regiegroep en de belangentafels is gereflecteerd op de resultaten uit de analyses van het projectteam, de beoordelingen voor de kansrijkheid van de oplossingen en de mogelijke samenstelling van de kansrijke alternatieven voor het gehele tracé. Deze input heeft het projectteam meegenomen bij het samenstellen van de kansrijke alternatieven. Het voorstel voor de kansrijke alternatieven is gepresenteerd aan regie- en stuurgroep en daarna verwerkt in de NRD. De concept NKA en NRD zijn door de regionale partners gereviewd. Het reviewcommentaar is meegenomen in de afronding van de rapportages.

21 | 31

Op 24 maart 2025 heeft een stuurgroep overleg plaatsgevonden waarin de bestuurlijke partners een advies hebben kunnen uitbrengen aan de gedeputeerde van de Provincie Noord-Brabant met betrekking tot het in procedure brengen van de NRD. De gedeputeerde heeft deze adviezen ontvangen en meegewogen in de besluitvorming door gedeputeerde staten op 8 april 2025. In aanloop naar de publicatie van de NRD en in de processtappen daarvoor zijn door een aantal stakeholder groeperingen brieven gestuurd om hun visie op het project te delen. Aandachtspunten in deze brieven gingen over de integrale aanpak van het project, kansen voor leefbaarheidsmaatregelen, wensen voor een robuuste oplossing voor de groei in de regio en zorgen over het tijdig betrekken en meenemen van de input van stakeholders. Ook bij de gemeenteraden van onder andere de gemeenten Meierijstad en Gemert-Bakel is aandacht voor de N279. Hier werd aandacht gevraagd voor een robuuste oplossing en voor de impact van een mogelijke omleiding op natuur en de gemeenschappen in het zoekgebied van die omleiding. Deze aspecten zijn onderdeel van de criteria waarop die zowel in zeef 1 als straks in de milieueffectenrapportage zijn/worden beoordeeld om de kansrijkheid en vergelijking van de alternatieven af te wegen. De input uit de omgeving heeft het projectteam inzicht gegeven in de grootste zorgen van de omgeving.

3.1.4

Advies belangentafels aan stuurgroep

Door de belangentafels is aan de hand van de evaluatie tijdens de 4de belangentafel een gezamenlijk advies opgesteld aan de stuurgroep. Dit advies is door 4 afgevaardigden en de onafhankelijk voorzitter van de belangentafels op 24 maart 2025 gepresenteerd aan de stuurgroep. In het advies is de evaluatie van het participatieproces met de belangentafels toegelicht, waarbij is aangegeven dat in algemene zin het instrument van de belangentafels en de toelichting daarin door het projectteam, als positief zijn ervaren. Wel waren er vraagtekens bij de communicatie over het doorlopen selectieproces, de definities van de doelstellingen en de afbakening van het project. Voor de volgende fase is als boodschap meegegeven draagvlak te behouden door te luisteren en te reageren en de inbreng van de vele participanten serieus te nemen. Ook heeft elke belangengroepering: bewoners, ondernemers, agrariërs en groen partijen een advies uitgebracht vanuit zijn belang. De bewoners benadrukken de noodzaak voor goede communicatie via tijdig te delen rapportages (waren nu laat) en goede visualisaties (zoals het filmpje van Veghel opgesteld door een bewoner). Ze maken zich zorgen over de status van ingebrachte ideeën, de verkeersaantrekkende werking, onvoldoende budget en de impact op de leefbaarheid en toekomstige verkeerscapaciteit.

De groene partijen benadrukken de noodzaak van natuurbehoud, zorgen over de impact op leefgebieden en de voorkeur voor duurzame oplossingen met geen/zo min mogelijk nieuwe infrastructuur. Voor de volgende fase zien zij diverse kansen voor het verbeteren van de leefbaarheid en verduurzaming. De agrarische partijen pleiten voor tracékeuzes die lokale infrastructuur en landbouwpercelen respecteren, zorgvuldig grondgebruik hanteren, zo min mogelijk doorsnijding van huiskavels, landbouwpercelen, en waterbergingsgebieden, en benadrukken het belang van een oplossing voor oversteekpunten. De ondernemers hebben hun wens uitgesproken voor een 2x2 profiel. Zij stellen hun vraagtekens bij de haalbaarheid van een gedegen oplossing binnen het huidige beschikbare budget, benadrukken de (ontbrekende) relatie met aangrenzende infrastructuur en de noodzaak van een efficiënt proces. Ze benadrukken dat zij de dialoog willen voeren voordat besluiten worden behandeld, zodat de uitkomsten van deze dialoog in de belangentafel ook invloed kan hebben op het proces. De stuurgroep heeft het advies ontvangen en tijdens het overleg enkele verdiepende vragen gesteld, vooral met betrekking tot de uiteenlopende belangen rondom de omleiding Dierdonk. Paragraaf 4.6 gaat nader in op wat provincie doet met de ontvangen evaluatiepunten.

22 | 31

4 AANDACHTSPUNTEN EN IDEEËN UIT DE OMGEVING Dit hoofdstuk beschrijft in hoofdlijnen de aandachtspunten en ideeën die vanuit de omgeving zijn aangedragen. We gaan eerst in op de aandachtspunten ten aanzien van de projectdoelstellingen bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid (paragraaf 4.1). Daarna lichten we toe welke specifieke aandachtspunten en oplossingsrichtingen zijn aangedragen per deelgebied (paragraaf 4.2). Vervolgens behandelen we de tracé overstijgende aandachtspunten (paragraaf 4.3). Daarna richten we ons op het planproces (paragraaf 4.4). Tot slot besteden we aandacht aan de media-aandacht die het project heeft gekregen (paragraaf 4.5).

4.1

Doelstellingen project

Zoals beschreven in de inleiding van dit rapport streeft het project N279 Veghel- Asten naar een optimum in de acceptatie en draagvlak tussen de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid. Daarbij staan de volgende doelstellingen centraal: - een goede bereikbaarheid van dit deel van de regio Oost-Brabant, als onderdeel van het totale mobiliteitssysteem, voor nu en in de toekomst; - een aangepaste N279 die voldoet aan de uitgangspunten van duurzaam veilig, waarmee de verkeersveiligheid verbeterd wordt; - beperken van de hinder en overlast van de aangepaste N279 en het zoveel mogelijk verbeteren van de leefbaarheid. Onderstaand is beschreven wat de omgeving (op basis van de inbreng in het participatieproces) in de huidige situatie ervaart met betrekking tot deze drie doelstellingen. Bereikbaarheid Op het gebied van bereikbaarheid ervaren weggebruikers problemen met files en verkeersdrukte op het tracé. Zij wijzen op de beperkte capaciteit van de huidige weg en de frequente opstoppingen bij kruispunten en rotondes. Met name de aanpak van de kruisingen en rotondes wordt gezien als een oplossing. Anderzijds wordt een oplossing met 2x2-rijstroken met goede aansluitingen bij Veghel (A50) en Asten (A67) door een deel van de stakeholders gezien als noodzakelijk om files te voorkomen.

Er zijn zorgen over de verkeersaantrekkende werking als gevolg van het verbeteren van de doorstroming. Het hoge aandeel vrachtverkeer wordt als nadelig ervaren voor de doorstroming en verkeersveiligheid, en wordt gelijkertijd gezien als grote veroorzaker van de impact op de leefbaarheid. De files op de N279 maken dat verkeer een andere route door het gebied zoekt, met sluipverkeer tot gevolg. Ondernemers benadrukken dat een structurele, verkeersveilige en robuuste oplossing voor de N279 cruciaal is voor de regio Oost-Brabant. Zij pleiten hierbij voor een 2x2 profiel. De N279 is essentieel voor de regionale economie en de verwachte groei in inwoners en banen (Beethovendeal). Aangegeven is dat een integrale oplossing voor het gehele tracé belangrijk is voor de verkeersveiligheid, doorstroom, bereikbaarheid en leefbaarheid en het verdienvermogen en vestigingsklimaat van de regio wordt versterkt.

23 | 31

Verkeersveiligheid Verkeersveiligheid is door de stakeholders ook als belangrijk aandachtspunt aangekaart. Zo blijkt uit diverse onderzoeken dat de N279 in haar huidige vorm een gevaarlijke weg is. Op het Meedenkplatform hebben twee personen specifiek verwezen naar zeer ernstige ongelukken op het tracé, waarbij ook dodelijke slachtoffers zijn gevallen. En ook in de media is terug te lezen dat er zorgen zijn over de verkeersveiligheid op het tracé. Ongevallen op de N279 zorgen daarnaast voor langdurige opstoppingen of afsluitingen van de weg. Meerdere belanghebbenden hebben gewezen op het gebrek aan veilige oversteekplaatsen voor fietsers, zoals bij Ommel, waar onder andere een fietstunnel wordt voorgesteld, en bij Keldonk. Leefbaarheid Op het gebied van leefbaarheid in de huidige situatie zie je bij de stakeholders met name zorgen over geluidsoverlast, luchtkwaliteit en sluipverkeer. Bewoners melden dat de hoge verkeersintensiteiten leiden tot aanzienlijke geluidshinder en een slechte luchtkwaliteit. Je ziet met name reacties over dit thema vanuit de wijken de Leest en Bloemenwijk in Veghel, waar de weg als een grote impact wordt gezien op de leefbaarheid en een toename van de intensiteiten en daarmee overlast als onacceptabel wordt benoemd.

Ook rondom de wijken Rijpelberg, Dierdonk en Brouwhuis in Helmond en ter hoogte van Aarle-Rixtel, Boerdonk en Ommel zijn zorgen geuit over de impact van geluid en lucht. Daarnaast wordt gesproken over de barrièrewerking van de weg, met name bij Dierdonk en Keldonk, waar meerdere belanghebbenden aangeven dat het huidige tracé als een scheiding wordt ervaren. Bij Keldonk is daarnaast aandacht gevraagd voor de oversteekbaarheid voor fietsers en landbouwverkeer. Sluipverkeer is een thema waarover met name zorgen zijn geuit in Zijtaart en Keldonk. Bij Beek en Donk hangen de zorgen over sluipverkeer samen met de knelpunten rondom de Beekse brug. Een andere zorg is de impact van versnipperde landbouwgronden van agrarische bedrijven als gevolg van inpassen van omleidingen en de bereikbaarheid van percelen en aansluitingen op/ over de N279.

4.2

Deelgebieden

Deelgebied 1 (Veghel) In deelgebied 1 zien we tegenstrijdige belangen, waarbij de leefbaarheid in het gebied centraal staat vanwege de beperkte afstand tussen de N279 en bebouwing. Gelijktijdig is er in het participatieproces veel aandacht voor de verkeerskundige knelpunten in dit deelgebied en met name de samenhang met de A50. Een aantal stakeholders heeft aangegeven dat er geen capaciteit vergrotende maatregelen op de rest van het tracé kunnen worden genomen zonder ook het knelpunt bij Veghel op te lossen, omdat daarmee het knelpunt in Veghel alleen maar groter wordt. Zowel de positieve als negatieve impact van oplossingen wordt herkend. Specifiek de ‘omleiding Veghel’ heeft tot veel reacties uit het gebied geleid. Er worden zorgen geuit over de negatieve gevolgen voor de leefbaarheid, natuur en de impact op de gemeenschappen van Zijtaart, Eerde en Wijbosch(broek). Daarentegen wordt een omleiding door een deel van de stakeholders, met name vanuit de wijken langs het huidige tracé, gezien als enige geschikte en robuuste oplossing voor de lange termijn. De mogelijkheid voor een ‘tunnel’ bij Veghel is een veelbesproken onderwerp. Het volledig ondertunnelen van de N279 bij Veghel is als onrealistisch beschouwd omdat een tunnel niet kan worden gerealiseerd binnen de beschikbare ruimte en zonder langdurige afsluiting van de N279.

Bovendien liggen de kosten voor enkel een tunnel aanzienlijk hoger dan het beschikbare projectbudget. Mede omdat een tunnel wel een positief effect zou hebben op de leefbaarheid in de omgeving, heeft de afwijzing van deze oplossing tijdens zeef 0 veel aandacht en onrust veroorzaakt. In de reacties is specifieke input geleverd over knelpunten en mogelijke oplossingen op kruispuntniveau. Zo zijn er suggesties om een viaduct te bouwen ter hoogte van Keldonk, zijn er gedetailleerde ideeën over het aanpassen van de Maxwell Taylorbrug en voor een fietsbrug ter hoogte van Zijtaart.

24 | 31

Ook het scheiden van lokaal en doorgaand verkeer, zowel naast elkaar als boven elkaar, is meermaals ingebracht als oplossing om de verkeersafwikkeling op het tracé te bevorderen. Zo is ook een ver uitgewerkte visualisatie van een parallelstructuur met ‘Luikse oplossing’ aangedragen. Deze suggesties zijn meegenomen in de onderzochte oplossingsrichtingen (zeef 1), concreet het verminderen van het aantal kruispunten, aanpassen van de kruisingen en het toepassen van een parallelstructuur ter hoogte van Veghel. Deelgebied 2 (Beek en Donk) In deelgebied 2 zijn er ten opzichte van deelgebied 1 en 3 minder aandachtspunten aangedragen vanuit de omgeving. Veel reacties pleiten voor het uitbreiden van de N279 naar een 2x2 rijstrookindeling, om zo de capaciteit te vergroten. Voor zowel de kruising Middenweg/Bosscheweg als de rotonde N615/N272 wordt door het merendeel de ongelijkvloerse oplossing als meest geschikte oplossing gezien. Door sommige stakeholders zijn hier concrete voorstellen voor een inrichting (zowel gelijk, als ongelijkvloers) aangeleverd. In deze fase van het project zijn door de provincie nog geen ontwerpen voor de kruispunt inrichting gemaakt. De hiervoor ingebrachte ideeën worden meegenomen naar de volgende fase. Voor dit deelgebied zijn veel reacties aangedragen die buiten de scope van het project N279 liggen.

Er wordt meermaals gepleit voor een nieuwe of verbeterde oost-west verbinding tussen Gemert, de N279 en de A50 bij Eindhoven. Ook door de deelnemers van de belangentafel in dit deelgebied is aangegeven dat ze het onderzoeksgebied als te beperkt ervaren. Met name het raakvlak met de problematiek rondom de Beekse Brug is als belangrijk aandachtspunt meegegeven. De provincie is in navolging op een door de stakeholders gestuurde brief in gesprek gegaan en heeft aangegeven welke (deels aanvullende) acties zijn genomen om de raakvlakken tussen de verschillende opgaven in het gebied te borgen, zoals de start van de pré-verkenning voor de Beekse Brug en periodiek overleg tussen de projectteams van de raakvlakprojecten. Deelgebied 3 (Helmond) Het merendeel van de reacties in deelgebied 3 focust zich op de ‘omleiding Helmond’. Er zijn voornamelijk zorgen geuit over de negatieve impact op natuur, landbouw en de lokale gemeenschappen Dierdonk en Bakel. Binnen het deelgebied pleit een deel van de stakeholders voor het behoud en verbetering van het bestaande tracé, terwijl andere stakeholders aangeven dat het aanleggen van een omleidingsroute rondom Dierdonk wenselijk is. Als argument tegen de omleiding wordt meermaals verwezen naar het verplaatsen van het probleem door de realisatie van een omleiding, terwijl ook op de huidige locatie een oplossing wordt gezien.

Als argument voor een omleiding wordt verwezen naar de leefbaarheid van Dierdonk (geluid en lucht) en de barrière van de weg. De reacties die pleiten voor een omleidingsroute, pleiten voor een omleiding (ruim) om Dierdonk heen. Hierbij zijn diverse tracémogelijkheden ingebracht, van een route vanaf de rotonde Rochadeweg tot aan de rotonde N272/N615, tot kortere varianten vanaf rotonde N607 tot net ten noorden van de Waterleliesingel. De variëteit aan ingebrachte tracévarianten heeft geleid tot een breed zoekgebied voor een mogelijke omleiding. De geuite zorgen en aandachtspunten voor het brede zoekgebied, heeft samen met de zorgen en aandachtspunten van het projectteam gezorgd voor een verfijning van het zoekgebied voor een eventueel tracé van de omleiding. Bij de oplossingsrichtingen voor het bestaande tracé is als suggestie aangedragen om een deel van het tracé verdiept aan te leggen en al dan niet te ondertunnelen of te overkappen. Er wordt aangegeven dat deze maatregel, eventueel gecombineerd met geluidswallen, de leefbaarheid in de omliggende wijken kan verbeteren door de afname van fijnstof en geluidsoverlast. Ook over financieringsmogelijkheden hiervan is met een aantal stakeholders verder doorgesproken. Deze maatregelen voor het verder beperken van de impact van de N279 zijn in deze fase nog niet verder onderzocht, maar worden meegenomen naar de volgende fase.

Deelgebied 4 (Asten) Voor het meest zuidelijke deel van het tracé is minder input vanuit de omgeving aangedragen. Vanuit enkele stakeholders, als ook vanuit de regionale partners in het zuiden van het tracé is een voorkeur voor een 2x2 wegvakinrichting aangedragen. Deze oplossing is samen met de verkeerscijfers bekeken, waaruit blijkt dat er ook bij een 2x2-indeling op de rest van het tracé voldoende capaciteit op het wegvak beschikbaar is om een toename van het verkeer met een 2x1-indeling te kunnen verwerken.

25 | 31

In het participatieproces is de wens uitgesproken om in de volgende fase nader te onderzoeken of nieuwe ontwikkelingen rondom de schaalsprong toch tot andere inzichten leiden en alsnog een 2x2-indeling op dit deel van de N279 rechtvaardigen. De voorgestelde oplossingen in deelgebied 4 richten zich voornamelijk op het verbeteren van de leefbaarheid en multimodale bereikbaarheid. Zo wordt er een fietstunnel onder de N279 gesuggereerd en worden geluidsschermen en voorzieningen voor fauna voorgesteld. Ook is er een reactie die de meerwaarde voor natuur benoemd bij verplaatsen van de Deurneseweg, waardoor de vrijgekomen ruimte van de brede boog ‘teruggeven’ kan worden aan de natuur. Dit is in de beoordeling meegenomen. Voor dit deelgebied zijn ook wensen en ideeën geuit voor de oversteken bij de Vlierdensebosdijk/Rijntjesdijk en Oostappensedijk. Deze worden in spoor 2 verder opgepakt en maken daarom geen onderdeel uit van de scope van de verkenning.

4.3

Tracé overstijgende aandachtspunten

Naast de locatiespecifieke aandachtspunten in de deelgebieden zijn aandachtspunten meegegeven die op het gehele gebied van toepassing zijn. Zo zijn er veel reacties die wijzen naar de slechte OV-verbindingen en fietsinfrastructuur in het gebied en de kansen die verbetering bieden. De wensen voor de verbetering van de multimodale bereikbaarheid zijn input geweest voor het proces om te komen tot een pakket aan maatregelen om mobiliteitstransitie te stimuleren. Er is door verschillende partijen opgeroepen om te blijven inzetten op alternatief vervoer en het stimuleren van fiets en OV. Anderzijds zijn er ook zorgen geuit over het gebruik van de beperkte financiële middelen voor mobiliteitsmaatregelen die maar een beperkt effect hebben op het oplossen van de verkeersknelpunten op de N279. Er wordt gepleit voor een robuuste oplossing, waarbij een wegprofiel met 2 rijstroken per rijrichting en ongelijkvloerse kruisingen veelal als oplossing wordt gezien. Anderzijds zijn er ook zorgen over de verkeersaantrekkende werking die de vergroting van de capaciteit met zich meebrengt, die op zijn beurt weer impact heeft op de leefbaarheid. Ook vanuit natuurorganisaties, via een brief door BMF, zijn zorgen geuit dat de verkeersaantrekkende werking zorgt voor extra stikstofbelasting, naast de geluidsoverlast en luchtverontreiniging.

Er zijn wensen ingebracht om met het project N279 maximaal in te zetten op een water-, landschaps- en natuurinclusieve realisatie. Vrachtverkeer De hoeveelheid vrachtverkeer op het tracé wordt als een groot knelpunt voor de leefbaarheid en doorstroming voor autoverkeer benoemd. Bij dit laatste wordt door stakeholders geopperd om een verbod in te stellen voor (doorgaande) vrachtwagens al dan niet met werende maatregelen. Gezien de functie van de weg en transport gerichte economie in dit gebied, is het weren van vrachtverkeer niet passend en daarom niet verder onderzocht. Maatregelen voor het weren van verkeer zijn lastig te implementeren omdat verkeer zijn eigen route kiest, en vanwege handhaving, geldende wetgeving en administratieve taken die buiten de bevoegdheden van de provincie liggen. Wel is ook op de N279 vrachtwagenheffing voorzien, waarmee de toename al wordt beperkt. Op basis van de inbreng uit de omgeving is het advies om in de volgende fase bij het uitwerken en beoordelen van de kansrijke alternatieven, ook te kijken naar de impact op de aantrekkende werking van doorgaand vrachtverkeer en dit waar mogelijk te voorkomen. Bereikbaarheid agrarische sector De bereikbaarheid voor het agrarische verkeer staat in het gebied onder druk.

Zowel vanuit de belangentafels als het Meedenkplatform blijkt dat er zorgen zijn over de oversteekbaarheid van de N279 en lange en onveilige routes voor landbouwverkeer. Naar aanleiding van de ontvangen zorgen heeft een overleg plaatsgevonden met vertegenwoordigers van de agrarische sector om bestaande routes, knelpunten en aandachtspunten voor verbetering op te halen. De agrariërs vragen om bij de tracékeuze rekening te houden met de ontsluiting van langs gelegen landbouwpercelen.

26 | 31

Daarnaast wordt verzocht voldoende brede wegen en tunnels aan te leggen en zoveel als mogelijk een fysieke scheiding aan te brengen tussen landbouwverkeer en fietsers, via bij voorkeur parallelwegen langs de N279. De parallelweg, Kanaaldijk-Noord, vanaf Veghel wordt daarbij als voorbeeld genoemd.

4.4

Aandachtspunten planproces

Deze paragraaf beschrijft de aandachtspunten die zijn aangedragen voor het planproces. Deze zijn onderverdeeld in de volgende categorieën: gebiedsinformatie, integrale opgave, verkeersmodellering en planning. Gebiedsinformatie Gebiedsinformatie gaat over de kenmerken van het projectgebied en de impact die de oplossingen binnen het project kunnen hebben op deze kenmerken. Daarmee geeft het input voor de beoordeling van de milieueffecten van de oplossingen. Tijdens het participatieproces is informatie aangedragen over de ervaren leefomgevingsknelpunten langs het tracé, zijn locaties aangemerkt met hoge waarden en zijn lokale ontwikkelingsplannen benoemd. De knelpunten in de leefomgeving gaan vooral over de overlast die ervaren wordt door het verkeer en dan onder andere door het hoge percentage vrachtverkeer. Er is informatie aangedragen over met name de waarde van flora en fauna, cultuurhistorie, waterwin- en waterbergingsgebieden nabij het tracé. De meeste reacties hierover hebben betrekking op het gebied ten noordoosten van Helmond (in relatie tot de omleiding Helmond) en het natuurgebied Wijboschbroek. Daarnaast zijn er lokale ontwikkelplannen aangedragen, welke verwerkt zijn in de autonome en toekomstige ontwikkelingen in de Notitie Reikwijdte Detailniveau.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Deurne&id=6df2e8ab-14f4-48b5-88cb-8d83ffc950ab