Bijlage 4 - Overzicht voorgaande besluitvorming
Tekst van het document
Bijlage Voorgaande besluitvorming: Op 3 juli 2024 heeft het AB MRE zich positief uitgesproken over het aangaan van bovenregionale samenwerkingen met de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert om de doelen uit het Samenwerkingsakkoord en de Brainport Agenda te realiseren. Het AB MRE heeft ingestemd met de volgende kaderstellende uitgangspunten: - Samenwerking moet passen binnen de doelen van het samenwerkingsakkoord MRE en/of Brainport Agenda. - Een samenwerking mag niet ten koste gaan van de bestaande afspraken van gemeenten binnen de Metropoolregio Eindhoven (binnen het samenwerkingsakkoord) en met het Rijk en de provincie. Daarom worden portefeuillehouderoverleggen betrokken als het hun thema betreft, en gemeenten indien het een samenwerking met hun buurgemeente betreft. - Een samenwerking is een wederzijdse afspraak en werkt alleen als het voor beide partijen voordelen oplevert. Uitgangspunt is dat de beoogde partners ook zelf inzet en/of middelen leveren ten behoeve van het specifieke samenwerkingsprogramma met die partner(s). - Bij een samenwerking moet de inhoud leidend zijn waarbij governance/organisatie volgend en ondersteunend is. Een lichte organisatievorm ligt voor de hand. - Gezien het voorgaande uitgangspunt is het uitbreiden van de MRE met een 22e of 23e gemeente, of het aangaan van een gemeenschappelijke regeling, niet opportuun.
Het AB MRE heeft aan het DB MRE opdracht gegeven om samenwerkingsovereenkomsten uit te werken met de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert, rekening houdend met de uitgangspunten. Het AB MRE heeft aangegeven dat de samenwerkingsovereenkomsten ter instemming voorgelegd worden aan het AB MRE, waarbij nader wordt bezien in hoeverre de gemeenteraden moeten worden betrokken gelet op de vastgestelde kaders. Daarnaast werd aangegeven dat ook gekeken werd naar samenwerking met Belgisch Limburg en de Antwerpse Kempen, alsook in een 2e fase samenwerking met andere gemeente zoals Tilburg, ’s-Hertogenbosch en Oss. Op 30 oktober 2024 en 18 december 2024 is het AB MRE geïnformeerd over de voortgang in het proces. Op 19 februari 2025 heeft AB MRE kennisgenomen van het advies van de Raadstafel21 dat bij veel gemeenten er behoefte was een zienswijzeprocedure in te lassen op het moment als er formele besluiten komen. Vanuit het AB MRE is tevens gevraagd de juridische grondslag voor het aangaan van samenwerkingsovereenkomsten na te gaan. Op 14 april 2025 heeft het DB MRE ingestemd met de conclusie uit een nadere verkenning dat de meest geëigende juridische grondslag voor de samenwerking tussen de GR MRE, als openbaar lichaam, en een andere gemeente, een ‘regeling zonder meer’ is onder de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr).
Ook de colleges van de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert hebben ingestemd met die conclusie. Daarmee is voldaan aan het verzoek van het Algemeen Bestuur en de Raadstafel21 om te zorgen voor een duidelijke en goed onderbouwde juridische basis voor de afspraken. Op 16 juni 2025 heeft het DB MRE ingestemd om de samenwerkingsagenda’s en de regelingen voor een zienswijzenprocedure voor te leggen aan de raden.