CConstaterende datDeurne
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2.4 - Regels parkeernormen

Vergadering gemeenteraad 26 maart 2024, gemeente DeurneBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Hoogdonkseweg 1b, Liessel6.495 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Regeling parkeernormen Deurne 2019 De gemeenteraad van de Gemeente Deurne; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 1 oktober, nr. 61; gehoord de commissie Wonen en Vastgoed van 21 oktober 2019; overwegende dat het bestemmingsplan op grond van artikel 3.1.2., tweede lid, sub a van het Besluit ruimtelijke ordening niet zelf de parkeernormen hoeft te bevatten, maar kan op dit punt verwijzen naar gemeentelijk beleid dat parkeernormen bevat; gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht; BESLUIT: Vast te stellen de Regeling parkeernormen Deurne 2019 onder gelijktijdige intrekking van de Nota parkeernormen 2013.

1. Inleiding In deze regeling is een samenhangend stelsel van parkeernormen opgenomen en is geregeld op welke wijze deze worden toegepast. Deze regeling is van toepassing op het gehele grondgebied van de gemeente Deurne en geldt voor alle nieuwe ontwikkelingen, inclusief functiewijzigingen. In de volgende hoofdstukken wordt achtereenvolgens ingegaan op de parkeernormering en de toepassing van de parkeernormen. Dat gebeurt door eerst de parkeerbehoefte te berekenen en vervolgens deze te confronteren met het geplande parkeeraanbod. Tevens worden daarbij de optionele afwijkingsmogelijkheden beschreven. Eerst volgt een beknopte toelichting op het juridisch kader en wijze waarop Deurne de parkeernormen toepast. Juridisch kader Bij de beoordeling van nieuwe initiatieven, al dan niet passend binnen het bestemmingsplan, is relevant dat in voldoende parkeergelegenheid (in beginsel) op eigen terrein wordt voorzien. In deze Regeling parkeernormen wordt vastgelegd wat onder ‘voldoende parkeergelegenheid’ wordt verstaan. In de parkeerregeling die in de diverse bestemmingsplannen is opgenomen is voor ontwikkelingen die in het bestemmingsplan passen juridisch geborgd dat daadwerkelijk in voldoende parkeergelegenheid in de zin van de Regeling parkeernormen moet worden voorzien.

Op die manier wordt verzekerd dat ten behoeve van concrete (bouw)plannen (bijvoorbeeld via de omgevingsvergunning bouwen) in voldoende parkeergelegenheid in de zin van de Regeling parkeernormen wordt voorzien. De Regeling parkeernormen is daarnaast relevant voor bestemmingsplanherzieningen, aanvragen omgevingsvergunningen om af te wijken van het bestemmingsplan en 1

(bijvoorbeeld) de beoordeling van principeverzoeken. Ook in deze gevallen moet beoordeeld worden of in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. Vervanging Nota parkeernormen 2013 Deze Regeling parkeernormen 2019 voor de gemeente Deurne is een actualisering van de Nota parkeernormen 2013 en vervangt deze nota.

2. Parkeernormering Bij het formuleren van parkeernormering is het belangrijk dat deze recht doet aan de plaatselijke situatie. Dit betekent dat binnen de gemeente Deurne verschillende parkeernormen voor dezelfde functie kunnen gelden, afhankelijk van de locatie van de functie. 2.1 Uitgangspunten Minimumwaardes Om een goede parkeeroplossing voor een langere periode te waarborgen hanteert de gemeente minimumwaardes bij de parkeernormen. ‘Minimum’ betekent dat ten minste het aantal aangegeven parkeerplaatsen gerealiseerd moet worden. De hoogte van de minimumwaarde is zo bepaald dat hiermee voor een gedegen parkeeroplossing wordt gezorgd. Parkeerkencijfers CROW als basis De parkeernormen zijn ontleend aan de kencijfers van het CROW, ‘toekomstbestendig parkeren’ (2018). Hierin zijn kencijfers opgenomen naar stedelijkheidsgraad (zeer sterk stedelijk, sterk stedelijk, matig stedelijk, weinig stedelijk en niet stedelijk) en naar locatie (centrum, schil/overloopgebied, rest bebouwde kom en buitengebied) in een gemeente. De gemeente Deurne bestaat uit de dorpen Deurne, Vlierden, Liessel, Neerkant en Helenaveen. Gelet op de adressendichtheid van minder dan 250 worden de dorpen Vlierden, Liessel, Neerkant en Helenaveen als weinig stedelijk aangemerkt. Deurne-centrum en de wijken direct daarom heen hebben een dichtheid van meer dan 1000 adressen.

Deze gebieden worden daarom als matig stedelijk aangemerkt. De overige wijken in Deurne worden als weinig stedelijk getypeerd, net zoals de dorpen. Het buitengebied ten slotte, is niet stedelijk. Samengevat maakt de gemeente Deurne daarom onderscheid in 3 gebieden: centrum Deurne en aanliggende woongebieden (matig stedelijk, centrum), de rest van de kern Deurne en Liessel, Vlierden, Helenaveen en Neerkant (matig stedelijk, schil) en het buitengebied (niet stedelijk). Voor elk gebied gelden de gemiddelde kencijfers. De indeling van de gebieden is opgenomen in bijlage 1.

2

2.2 De parkeernormen In bijlage 2 zijn de parkeernormen voor de diverse functies opgenomen. Gebruikers- en bezoekersdeel en toegankelijkheid Een parkeernorm is opgebouwd uit een gebruikers- en een bezoekersdeel. In de tabellen waarin de parkeernormen voor de verschillende functies zijn opgenomen, is, naast de volledige parkeernorm, het aandeel bezoekers (bezoekersdeel) inzichtelijk gemaakt. Het bezoekersdeel dient altijd openbaar toegankelijk te zijn. Dat houdt in dat parkeerplaatsen voor het publiek algemeen toegankelijk moeten zijn. Ook parkeerplaatsen die met bijvoorbeeld een slagboom zijn afgesloten, en waarbij bezoekers na melding toegang krijgen, voldoen hieraan. Het is aan de initiatiefnemer van een ontwikkeling om de parkeerbehoefte inzichtelijk te maken alsmede het plan hoe daaraan wordt voldaan. Op basis van de door de initiatiefnemer aangedragen argumenten en overwegingen toetst de gemeente.

3. Toepassingskader Bij de toepassing van de parkeernormering worden de volgende stappen doorlopen: 1. Berekening parkeerbehoefte; 2. Confrontatie parkeerbehoefte met parkeeraanbod; 3. Afwijkingsmogelijkheden (optioneel); Het doorlopen van deze stappen heeft als doel te komen tot een ontwikkeling met een passende parkeeroplossing, zonder dat dit leidt tot parkeeroverlast in de omgeving. 3.1 Stap 1: Berekening parkeerbehoefte De parkeernorm (bijlage 2) wordt gebruikt om de parkeerbehoefte te berekenen. Hiervoor wordt de omvang van de functie vermenigvuldigd met de parkeernorm. Wanneer meerdere functies binnen een ontwikkeling worden gerealiseerd, wordt de parkeerbehoefte van de gehele ontwikkeling bepaald door de berekende parkeerbehoefte van de verschillende functies bij elkaar op te tellen. Afronden De berekende parkeerbehoefte wordt tussentijds niet afgerond. De afronding vindt plaats in de allerlaatste fase bij de bepaling van het totaal aantal noodzakelijke parkeerplaatsen. Dat vindt als volgt plaats: <0,5 = 0 en ≥0,5 = 1. Dubbelgebruik van parkeerplaatsen Indien binnen de ontwikkeling verschillende functies worden gerealiseerd, is het mogelijk rekening te houden met dubbelgebruik van parkeerplaatsen, bijvoorbeeld overdag door 3

werkers en ’s avonds door bewoners. Voorwaarde is wel dat de aanvrager in het bouwplan vastlegt dat de voor dubbelgebruik meegerekende parkeercapaciteit voor alle gebruikers van het bouwplan toegankelijk is. Dat betekent dat exclusief voor functies gereserveerde parkeerplaatsen daarvan geen deel uit maken. Dubbelgebruik wordt berekend aan de hand van de aanwezigheidspercentages in bijlage 3. Rekening houden met bestaande situatie Bij de berekening van het aantal benodigde parkeerplaatsen bij een functiewijziging van een bestaand gebouw en bij sloop/nieuwbouw mag rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte van de bestaande situatie. Dit betekent dat in dat geval ook de parkeerbehoefte van de bestaande, te vervallen, functie(s) wordt bepaald. Deze parkeerbehoefte mag vervolgens worden afgetrokken van de parkeerbehoefte van de nieuwbouw, mits de bestaande parkeerplaatsen gehandhaafd blijven. Indien als gevolg van het bouwplan een deel van de bestaande capaciteit komt te vervallen dan dient deze capaciteit gecompenseerd te worden. Als de nieuwe parkeerbehoefte groter is, moet het verschil aan parkeerplaatsen tussen de nieuwe parkeerbehoefte en het aantal in stand gehouden parkeerplaatsen van de bestaande functie extra worden aangelegd.

Wanneer bij de parkeeroplossing voor de bestaande situatie gebruik is gemaakt van dubbelgebruik van parkeerplaatsen, of van parkeerplaatsen in de openbare ruimte, kan bij het bepalen van het aantal extra benodigde parkeerplaatsen tevens rekening worden gehouden met aanwezigheidspercentages. Rekenvoorbeeld Een gebouw met functie X beschikt over 5 parkeerplaatsen. Dit gebouw krijgt Functie Y. Op basis van de parkeernormen in bijlage 2 zou het gebouw met functie X moeten beschikken over 10 parkeerplaatsen en met functie Y over 20. De functieverandering leidt ertoe dat er 20 – 10 = 10 nieuwe parkeerplaatsen moeten worden gerealiseerd, naast de bestaande 5 parkeerplaatsen. Sloop en herbouw Bij sloop en herbouw zijn de parkeernormen niet van toepassing als de oude functie in dezelfde omvang op dezelfde locatie terugkeert en het aantal parkeerplaatsen dat aanwezig is blijft gehandhaafd. Indien de functie in een kleinere omvang terugkeert kan het aantal parkeerplaatsen naar rato in omvang worden verminderd. 3.2 Stap 2: Confrontatie parkeerbehoefte met parkeeraanbod In de tweede stap wordt de parkeerbehoefte geconfronteerd met het geplande parkeeraanbod. Uitgangspunt is dat het geplande parkeeraanbod op eigen terrein wordt gerealiseerd binnen acceptabele loopafstanden, zoals beschreven in tabel 1.

4

Maatvoering parkeerplaatsen op eigen terrein Naast het minimaal aantal te realiseren parkeerplaatsen wordt de inrichting van parkeervoorzieningen door de gemeente beoordeeld op bruikbaarheid en veiligheid. Voor de toetsing van de maatvoering van individuele parkeerplaatsen op het maaiveld hanteert de gemeente de maatvoering zoals opgenomen in de tabel in bijlage 6. Indien deze tabel niet voorziet in een specifieke parkeervorm op maaiveld dan hanteert de gemeente de maatvoering uit de meest recente versie van de CROW-publicatie 'ASVV: aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom'. Voor de toetsing van de maatvoering van parkeerplaatsen in parkeergarages en parkeerterreinen (met een capaciteit van 20 parkeerplaatsen of meer) hanteert de gemeente de meeste recente versie van de NEN-normering 2443: 'Parkeren en stallen van personenauto's op terreinen en in parkeergarages'. Uiteraard dienen de parkeerplaatsen ook bereikbaar te zijn. Dit kan met behulp van rijcurves inzichtelijk worden gemaakt. Rekenwaarde parkeerplaatsen op eigen terrein Voornamelijk bij woningen blijkt in de praktijk dat bijvoorbeeld een garage(box) niet altijd wordt gebruikt voor het stallen van de auto, maar als bergruimte. Parkeerplaatsen in een garage(box), oprit of carport bij woningen mogen daarom niet als volwaardige parkeerplaats worden meegeteld. In bijlage 4 staan de rekenwaarden.

3.3 Stap 3: Afwijkingsmogelijkheden Het parkeernormenbeleid van de gemeente is erop gericht dat bij ontwikkelingen voldoende parkeerplaatsen worden gerealiseerd, zodat een goede parkeersituatie is geborgd. Het uitgangspunt is dat parkeren op eigen terrein wordt opgelost. In deze paragraaf wordt ingegaan op de afwijkingsmogelijkheden wanneer dit niet of niet in voldoende mate mogelijk is, zonder dat parkeeroverlast voor de omgeving ontstaat. Ook kan in bepaalde situaties worden afgeweken van de parkeernormen. Het gaat om de volgende afwijkingsmogelijkheden: 1. Benutten van bestaand privaat parkeeraanbod in de buurt 2. Benutten van parkeerplaatsen in de openbare ruimte 3. Realiseren van extra parkeerplaatsen in de openbare ruimte 4. Functiewijziging maximaal drie parkeerplaatsen in het centrum (geen nieuwbouw) 5. Uitbreidingen kleiner dan 100 m² bvo (geen woonfunctie) in het centrum en de industriegebieden 6. De parkeerbehoefte van de ontwikkeling is lager

5

Acceptabele loopafstanden De gemeente Deurne hanteert bij het situeren van parkeerplaatsen ten opzichte van de bouwontwikkeling maximaal acceptabele loopafstanden, zoals beschreven in tabel 1. De acceptatie van de loopafstand hangt af van de parkeerduur, het motief van het bezoek aan het bestemmingsadres, de aantrekkelijkheid van de looproute en de concurrentiekracht van alternatieven. Tabel 1. maximaal acceptabele loopafstanden naar gebied en functie

hoofdfunctie

centrum Deurne1

overige gebieden

wonen

200 meter

100 meter

winkelen

200 meter

100 meter

werken

400 meter

200 meter

ontspanning

200 meter

100 meter

gezondheidszorg

100 meter

100 meter

3.3.1. Benutten bestaand parkeeraanbod elders Een eventueel tekort van parkeerplaatsen op eigen terrein kan opgelost worden als de aanvrager in aanvullende private parkeerplaatsen kan voorzien in de omgeving op acceptabele loopafstand (zie tabel 1 voor maximale loopafstanden). Voorwaarde is wel dat onderbouwd wordt waarom niet de volledig benodigde parkeervraag op eigen terrein gerealiseerd kan worden. Daarnaast moet de initiatiefnemer aantonen dat de parkeerplaats(en) ten minste voor een periode van 10 jaar in erfpacht is uitgegeven, verhuurd of in gebruik is gegeven aan de initiatiefnemer op tijden die nodig zijn voor de parkeerbehoefte van de ontwikkeling. Hiervoor kan bijlage 3 worden gebruikt waarin de aanwezigheidspercentages voor diverse functies zijn opgenomen. Het duurzaam kunnen beschikken over deze parkeerplaatsen wordt als voorschrift aan de omgevingsvergunning verbonden. 3.3.2. Benutten parkeerplaatsen openbare ruimte In overleg met de gemeente kan voor vervangende parkeerruimte een beroep worden gedaan op de openbare ruimte als na onderzoek door een gespecialiseerd adviesbureau blijkt dat daarmee de parkeerdruk in de directe omgeving (op loopafstand van de ontwikkeling, zoals beschreven in tabel 1), ook na realisatie van de ontwikkeling, op de maatgevende momenten van de functie onder de 85% zal blijven.

In bijlage 5 staat beschreven op welke manier de parkeerdruk wordt gemeten. Het initiatief voor een dergelijk onderzoek ligt bij de aanvrager en komt voor rekening van de aanvrager. Uiteindelijk bepaalt het bevoegd gezag of de desbetreffende openbare parkeerplaatsen ook daadwerkelijk gebruikt mogen gaan worden. Er kunnen omstandigheden zijn als gevolg waarvan het gebruik van desbetreffende openbare parkeerplaatsen ongewenst is. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de mogelijkheid van een toekomstige bouwontwikkeling of een andere beoogde invulling van de openbare ruimte. 1

Gebied begrensd door Hogeweg, Europastraat, Veldstraat, Haageind, Kruisstraat, Zandbosweg,

Houtenhoekweg, Heuvelstraat, Lagekerk

6

Voor het gebruik van de openbare parkeerplaatsen vraagt de gemeente een vergoeding. Voor maaiveldparkeren wordt een éénmalige bijdrage in de kosten van onderhoud en beheer gevraagd. Voor 2019 bedraagt dit € 900,00 per parkeerplaats. Indexering vindt plaats volgens de gemeentelijke begroting belasting en tarieven. Deze vergoeding is opgenomen in de Regeling vergoedingen privaatrechtelijke dienstverlening Deurne. Bij het (gedeeltelijk) vervallen van de functie heeft de aanvrager geen recht op een financiële vergoeding. 3.3.3. Realiseren extra parkeerplaatsen in de openbare ruimte Wanneer benutten (3.3.1 of 3.3.2) niet mogelijk is, kan overwogen worden elders extra parkeerplaatsen te realiseren. In deze gevallen bekijkt de initiatiefnemer in overleg met de gemeente of het mogelijk is de parkeerplaatsen binnen een acceptabele loopafstand (zie tabel 1) in de openbare ruimte te realiseren. Hierbij wordt een afweging gemaakt tussen de realisatie van parkeerplaatsen, de kwaliteit van de openbare ruimte en mogelijke andere toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. De gemeente, of de initiatiefnemer op basis van richtlijnen van de gemeente, zal zorgdragen voor de realisatie van de parkeerplaatsen in de openbare ruimte. De kosten hiervan komen voor rekening van de initiatiefnemer. Bij het (gedeeltelijk) vervallen van de functie heeft de aanvrager geen recht op een financiële vergoeding.

3.3.4. Functiewijziging maximaal drie parkeerplaatsen in het centrum (geen nieuwbouw) Er wordt afgeweken van de parkeereis indien er sprake is van: - functiewijzigingen (geen nieuwbouw) in het centrum 2 én; - geen ruimte is om parkeerplaatsen op eigen terrein te realiseren én; - waarbij de (eventueel gecorrigeerde) parkeerbehoefte niet groter is dan 3 parkeerplaatsen én; - er voldoende parkeerplaatsen in het centrum zijn. Het is dan niet nodig de benodigde parkeerplaatsen te realiseren. In het kader van de economische ontwikkelingen in het centrum is behoefte aan het invullen van lege winkelpanden met andere functies. Omdat de parkeerdruk in het centrum laag3 is, maakt deze afwijkingsmogelijkheid het eenvoudiger om kleine ontwikkelingen (met een parkeerbehoefte van maximaal 3 parkeerplaatsen) te realiseren. Deze regeling kan maximaal 1 keer per gebouw worden toegepast. Als een gebouw wordt opgesplitst ten behoeve van het toepassen van deze regeling, past de gemeente de afwijking van de parkeereis slechts eenmalig toe. Uitgangspunt hierbij is bovendien dat voor dezelfde locatie in de afgelopen 5 jaar niet eerder van deze mogelijkheid gebruik is gemaakt.

2

Gebied begrensd door Hogeweg, Europastraat, Veldstraat, Haageind, Kruisstraat, Zandbosweg,

Houtenhoekweg, Heuvelstraat, Lagekerk 3

Parkeerdruk centrum 49%-53% (parkeerdrukonderzoek maart 2019).

7

3.3.5. Uitbreidingen kleiner dan 100 m² bvo (geen woonfunctie) in het centrum en de bedrijventerreinen Voor uitbreidingsplannen, niet zijnde woonfuncties, van bestaande gebouwen in het centrum4 en bedrijventerreinen waarbij de uitbreiding minder dan 100 m² bvo is en ondergeschikt is aan de bestaande omvang, wordt afgeweken van de parkeereis. Het aantal bestaande parkeerplaatsen dient daarbij gehandhaafd te blijven. Bij een dergelijke kleine uitbreiding is het aannemelijk dat dit niet leidt tot een naar rato grotere parkeervraag. Het is niet nodig de extra parkeerplaatsen te realiseren. Hierdoor zijn kleine ontwikkelingen eenvoudiger te realiseren. Deze regeling kan maximaal 1 keer per gebouw worden toegepast. Bovendien geldt dat voor dezelfde locatie in de afgelopen 5 jaar niet eerder van deze mogelijkheid gebruik is gemaakt. 3.3.6. De parkeerbehoefte van de ontwikkeling is lager Wanneer door de initiatiefnemer afdoende kan worden onderbouwd dat de parkeerbehoefte van de ontwikkeling voor langere periode (15 jaar) lager ligt dan berekend met de parkeernorm kan hiervan worden afgeweken. Hierbij dient de initiatiefnemer te onderbouwen dat de kencijfers in het concrete geval in redelijkheid niet kunnen worden toegepast. De initiatiefnemer dient zijn onderbouwing door een gespecialiseerd adviesbureau te laten toetsen.

Een onderbouwing wordt enkel in overweging genomen indien het advies van dit bureau positief is. Bij het opstellen van deze onderbouwing kan de initiatiefnemer bijvoorbeeld gebruik maken van zijn reeds eerder opgestelde business- of ondernemingsplan. Bij het opstellen van deze plannen is reeds aandacht besteed aan de specifieke bezoekersdoelgroep, formule, verwachte bezoekersaantallen en verzorgingsgebied. Mogelijk is er sprake van een innovatief mobiliteitsconcept waardoor minder parkeerplaatsen nodig zijn. Deze gegevens kunnen worden gebruikt bij de onderbouwing van de parkeerbehoefte. 4. Afwijkingsbevoegdheid Bij deze Regeling parkeerkeernormen is de afwijkingsbevoegdheid (artikel 4:84 Awb) van toepassing. Deze bepaalt dat het bestuursorgaan overeenkomstig de beleidsregel handelt, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen.

4 Gebied begrensd door Hogeweg, Europastraat, Veldstraat, Haageind, Kruisstraat, Zandbosweg,

Houtenhoekweg, Heuvelstraat, Lagekerk

8

5. Overgangsregeling Deze Regeling parkeernormen treedt in werking na bekendmaking en vervangt de Nota parkeernormen 2013 vanaf dat moment. De Nota parkeernormen 2013 blijft van toepassing op: •

aanvragen om een omgevingsvergunning die voor de inwerkingtreding van de Regeling parkeernormen zijn ingediend;

•

de beoordeling van de haalbaarheid van (voor)ontwerpbestemmingsplannen die voor de inwerkingtreding van de Regeling parkeernormen ter inzage zijn gelegd;

•

een vooroverlegplan dat voor de inwerkingtreding van deze Nota is ingediend, mits het betreffende vooroverlegplan redelijkerwijs kan leiden tot verlening van een omgevingsvergunning en mits ten aanzien van het gehele vooroverlegplan binnen een jaar na de publicatiedatum van deze Regeling parkeernormen een aanvraag om een omgevingsvergunning is ingediend;

•

een bouwinitiatief ten aanzien waarvan in een overeenkomst, die is afgesloten voor inwerkingtreding van deze Regeling parkeernormen, tussen initiatiefnemer en de gemeente is bepaald dat op de realisering van het initiatief de Nota parkeernormen 2013 van toepassing is;

6. Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als Regeling parkeernormen Deurne 2019.

Bijlagen Bijlage 1 Gebiedsindeling parkeernormen Bijlage 2 Parkeernormen Bijlage 3 Aanwezigheidspercentages Bijlage 4 Rekenwaarde parkeervoorzieningen bij woningen Bijlage 5 Berekening parkeerdruk Bijlage 6 Afmetingen parkeerplaatsen Vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van 12 november 2019 R.J.C.M. Rutten Griffier H.J. Mak Burgemeester

9

Bijlage 1. Gebiedsindeling parkeernormen

10

Bijlage 2. Parkeernormen Het 'aandeel bezoekers' in de tabellen staat voor het aantal parkeerplaatsen dat openbaar toegankelijk moet zijn voor bezoekers die hun auto willen parkeren. Hiermee is in de kencijfers rekening gehouden. Het weergegeven parkeerkencijfer is dus inclusief bezoekersparkeren. Bij sommige functies is in een bepaalde zone geen norm opgenomen. Dat komt omdat die betreffende functies op die betreffende locatie niet vaak voorkomen. Derhalve zijn er geen landelijke kencijfers. In die gevallen kan als leidraad de norm worden gehanteerd van de direct naastgelegen vergelijkbare omgeving (zone 1, 2 of 3).

Wonen zone 1

zone 2

zone 3

eenheid

aandeel bezoekers

koopwoning vrijstaand

1,8

2,1

2,4

woning

0,3 pp per woning

koopwoning twee-ondereen kap koopwoning tussen/hoek/patio koopappartement duur

1,7

2,0

2,2

woning

0,3 pp per woning

1,5

1,8

2,0

woning

0,3 pp per woning

1,6

1,9

2,1

woning

0,3 pp per woning

koopappartement midden

1,4

1,7

1,9

woning

0,3 pp per woning

koopappartement goedkoop

1,3

1,4

1,6

woning

0,3 pp per woning

huurwoning vrije sector

1,5

1,8

2,0

woning

0,3 pp per woning

huurwoning sociale sector

1,3

1,4

1,6

woning

0,3 pp per woning

huurappartement duur

1,4

1,7

1,9

woning

0,3 pp per woning

huurappartement sociale sector en middenhuur

1,1

1,2

1,4

woning

0,3 pp per woning

kamerverhuur / onzelfstandige woonruimte

0,6

0,7

0,7

kamer

0,2 pp per kamer

kleine eenpersoonswoning (tiny house, studio)

1,1

1,2

1,4

woning

0,3 pp per woning

• •

opmerkingen

Zie meest actuele versie van de regionale begrippenlijst wonen Zie meest actuele versie van de regionale begrippenlijst wonen Zie meest actuele versie van de regionale begrippenlijst wonen Zie meest actuele versie van de regionale begrippenlijst wonen Zie meest actuele versie van de regionale begrippenlijst wonen Zie meest actuele versie van de regionale begrippenlijst wonen Zie meest actuele versie van de regionale begrippenlijst wonen Geldt ook voor huisvesting arbeidsmigranten en groepswoningen zonder 24-uurszorg (niet-intramuraal) Maximaal 60 m2 gebruiksoppervlakte

Deze rekenwaarden zijn van toepassing bij ontwikkeling van meerdere woningen. Bij een individueel bouwplan moet er (afhankelijk van de geldende norm) één of twee parkeerplaatsen op eigen terrein worden gerealiseerd. Wanneer woningen voor een zeer specifieke doelgroep worden gerealiseerd, kunnen er mogelijk meer of minder parkeerplaatsen nodig zijn.

11

Werken zone 1

zone 2

zone 3

eenheid

aandeel bezoekers

kantoor (zonder baliefunctie) administratief en zakelijk

1,6

2,4

2,6

100m2 bvo

5%

commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie)

2,1

3,0

3,6

100m2 bvo

20%

bedrijf arbeidsintensief/ bezoekersextensief (industrie, laboratorium, werkplaats)

1,6

2,0

2,4

100m2 bvo

5%

exclusief vrachtwagenparkeren

bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf)

0,7

0,9

1,1

100m2 bvo

5%

exclusief vrachtwagenparkeren

bedrijfsverzamelgebouw

1,3

1,8

2,0

100m2 bvo

0,7-1,0

Arbeidsplaats

Agrarische bedrijven

opmerkingen

Gelijkwaardige mix van kantoren (zonder baliefunctie), arbeidsextensieve en arbeidsintensieve bedrijven

Winkelen en boodschappen buurtsupermarkt

zone 1 1,9

zone 2 3,2

fullservice supermarkt

3,3

5,0

100 m2 bvo

93%

Dit soort supermarkten heeft speciale afdelingen voor groente, vlees, kaas en brood. De verkoopvloeroppervlakte is meestal tussen de 1.000 en 2.000 m2 wvo

grote supermarkt (XL)

6,0

7,5

100 m2 bvo

84%

Grote supermarkten kenmerken zich door een (zeer) uitgebreid assortiment op een verkoopvloeroppervlakte groter dan 2.500 m2 wvo (en vaak kleiner dan 4.000 m2 wvo). Het serviceniveau is hoog. In dit soort supermarkten worden vaak producten (brood, vlees) ter plekke bereid.

6,4

100 m2 bvo

80%

Een groothandel in levensmiddelen, bouwmaterialen of kantoorartikelen is meestal een grootschalige detailhandelsvestiging voor een specifieke productgroep op een industrieterrein aan de rand van een stad, waar men uitsluitend als pashouder inkopen kan doen.

groothandel specialist

zone 3

eenheid 100 m2 bvo

12

aandeel bezoekers 89%

Kleinere supermarkt (kleiner dan 600 m2 wvo) die meestal een duidelijk afgebakend verzorgingsgebied heeft

zone 1

binnenstad of hoofdwinkel(stads)centru m 20.000-30.000 inwoners

zone 2

zone 3

3,5

eenheid

aandeel bezoekers

opmerkingen

100 m2 bvo

82%

De binnenstad of het hoofdwinkelgebied van een kern is vaak het oudste deel van een dorp of een stad dat door de aanwezigheid van meerdere winkels en andere voorzieningen een centrumfunctie vervult (centrale winkelgebieden). De bedoelde (met name grotere) centra zijn voor een belangrijk deel gericht op het zogenoemde funshoppen en op winkelen (het aanschaffen van goederen met een hoge drempelwaarde en een lage aankoopfrequentie)

buurt- en dorpscentrum

3,3

100 m2 bvo

72%

Een dorpscentrum is het winkelgebied van een dorp (< 20.000 inwoners)

wijkcentrum (klein)

4,0

100 m2 bvo

76%

Wijk- en buurtcentra zijn ondersteunende winkelgebieden (voornamelijk voor doelgerichte boodschappen) die een aanvulling vormen op de binnenstad of het hoofdwinkelgebied van een kern in een gemeente.

100 m2 bvo

85%

1 m kraam = 6 m2 bvo; indien geen parkeren achter de kraam dan 1 pp per standhouder extra

100 m2 bvo 100 m2 bvo

89% 92%

Grootschalige, volumineuze vestigingen die vaak gevestigd zijn in de eerste bebouwingsschil rondom het stadscentrum of in gebieden die aan de rand van de stad liggen Detailhandelszaken die een breed assortiment hebben voor het inrichten van woningen in de breedste zin van het woord. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om meubels, verf, behang, accessoires en verlichting. In verband met het ontbreken van praktijkgegevens wordt aangeraden deze kencijfers ook te gebruiken voor meer gespecialiseerde woonwinkels die zich toeleggen op keukens, zonwering, verlichting, bedden, enzovoort

weekmarkt

0,2

0,2

kringloopwinkel

1,3

1,3

2,3

bruin- en witgoedzaken

4,0

6,2

9,3

woonwarenhuis/woonwink el

1,3

1,8

2

100 m2 bvo

91%

5,2

100 m2 bvo

95%

1,9

2,5

87%

2,4

2,9

100 m2 bvo 100 m2 bvo

woonwarenhuis (zeer groot ca. 25.000 m2) bouwmarkt tuincentrum (inclusief buitenruimte)

1,9

13

89%

Sport, cultuur en ontspanning zone 1

zone 2

zone 3

eenheid

aandeel bezoekers

bibliotheek

0,5

0,8

1,4

100 m2 bvo

97%

museum

0,6

0,8

100 m2 bvo

95%

bioscoop

3,2

8,0

13,7

100 m2 bvo

94%

filmtheater/filmhuis

2,6

5,3

9,9

100 m2 bvo

97%

theater/schouwburg

7,4

8,0

12,0

100 m2 bvo

87%

casino

5,7

6,1

8,0

100 m2 bvo

86%

bowlingcentrum

1,6

2,3

2,8

per baan

89%

biljart/snookercentru m dansstudio

0,9

1,2

1,8

per tafel

87%

1,6

3,9

7,4

100 m2 bvo

93%

fitnessstudio/sportsch ool

1,4

3,4

6,5

100 m2 bvo

87%

Fitnesscentrum

1,7

4,5

7,4

100 m2 bvo

90%

9,3

10,3

100 m2 bvo

99%

Wellnesscentrum (thermen, kuurcentrum, beautycentrum)

sauna, hammam

2,5

4,6

7,3

100 m2 bvo

99%

sporthal

1,6

2,2

3,5

100 m2 bvo

96%

sportzaal, gymzaal

1,2

2,0

3,6

100 m2 bvo

94%

tennishal

0,3

0,4

0,5

100 m2 bvo

87%

squashal

1,6

2,4

3,2

100 m2 bvo

84%

14

opmerkingen

Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen moet een forse marge in acht worden genomen. 1 zitplaats is circa 3 m2 bvo. Bij bioscopen moet voor parkeren rekening worden gehouden met een eventuele overlap tussen twee voorstellingen (+ 40%). Gegeven kengetallen betreffen de drukste voorstelling op de drukste dag van de drukste maand 1 zitplaats is circa 3 m2 bvo. Bij filmhuizen moet voor parkeren rekening worden gehouden met een eventuele overlap tussen twee voorstellingen (+ 20%). Gegeven kengetallen betreffen de drukste voorstelling op de drukste dag van de drukste maand 100 zitplaatsen is 300 m2 bvo

Kleinschaligere voorzieningen (indicatie: circa 750 m2 bvo) waar voor het overgrote deel alleen gebruikgemaakt wordt van fitnessapparaten Grotere multifunctionele centra (> 1.500 m2 bvo) die een breed pakket aan activiteiten aanbieden. Dit betreft zowel individueel trainen als groepslessen, diverse vormen van fitness zoals cardiofitness, krachttraining, spinning en aerobics, eventueel in beperkte mate aangevuld met wellnessvoorzieningen zoals een sauna of een zonnebank. De nadruk ligt in een fitnesscentrum wel op de sportfunctie. Grotere zelfstandige (combinaties van) sauna’s, thermen en kuurcentra (en dus niet op voorzieningen bij hotels, bungalowparken of campings). Een sauna is een publieke badinrichting waar saunabaden genomen kunnen worden. Kuurcentra bieden naast saunabaden ook vaak geneeskundige therapieën aan en vaak zijn faciliteiten aanwezig om te overnachten. Bij beide voorzieningen zijn vaak ook een massage/beautysalon en horeca aanwezig (meestal in de vorm van een restaurant). Het verzorgingsgebied van de bedoelde wellnessvoorzieningen is (boven)regionaal en soms zelfs landelijk. Bij grotere aantallen bezoekers is de parkeernorm te laag (indicatie + 0,1-0,2 pp per tribuneplaats) Bij grotere aantallen bezoekers is de parkeernorm te laag (indicatie + 0,1-0,2 pp per tribuneplaats)

zone 1

zone 2

zone 3

eenheid

aandeel bezoekers

zwembad overdekt

10,7

10,7

13,3

100 m2 bassin

87%

zwembad openlucht

10,1

10,1

15,8

100 m2 bassin

99%

4,0

4,0

100 m2 bassin

99%

zwemparadijs

opmerkingen

Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen. Een zwemparadijs is vaak onderdeel van een andere voorziening, zoals een vakantiepark Oppervlakte sportvelden dus exclusief kantine, kleedruimte, oefenvelden en toiletten. Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen moet een forse marge in acht worden genomen (indicatie +7,0 tot -7,0 pp per ha netto terrein).

sportveld

20,0

20,0

20,0

per hectare netto terrein

95%

kunstijsbaan (kleiner dan 400 meter)

1,3

1,6

2,1

100 m2 bvo

98%

2,3

2,8

100 m2 bvo

98%

56,0

per centrum

93%

Uitgaande van een omvang van ca 6 hectare

108,0

per 18 holes

98%

uitgaande van een 18-holes baan van een omvang van 60-70 hectare

kunstijsbaan (400 meter) golfoefencentrum (pitch en putt) golfbaan (18 holes) indoorspeeltuin (kinderspeelhal), gemiddeld en kleiner

3,1

3,9

5,1

100 m2 bvo

97%

kleiner dan 3.500 m2 bvo

indoorspeeltuin( kinderspeelhal), groot indoorspeeltuin (kinderspeelhal), zeer groot

3,7

4,6

6,1

100 m2 bvo

98%

tussen 3.500 en 5.000 m2 bvo

3,9

4,9

6,4

100 m2 bvo

98%

groter dan 5.000 m2 bvo

kinderboerderij

3,0

4,0

5,0

per gemiddelde boerderij

97%

0,4

per box

90%

8,0

8,0

per hectare netto terrein

99%

1,3

1,5

per 10 tuinen 100 m2 bvo

100%

manege

dierenpark, attractieen pretpark

8,0

volkstuin wijk/verenigingsgebouw

2,0

3,0

15

90%

Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen moet een forse marge in acht worden genomen. Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen kan een bandbreedte worden aangehouden van +4 en -4 per ha netto terrein

Horeca en (verblijfs)recreatie zone 1

zone 2

zone 3

eenheid

aandeel bezoekers

opmerkingen

1,2

per standplaats

90%

exclusief 10% voor gasten van bezoekers

1,7

2,1

per bungalow

91%

camping (parkeerterrein) bungalowpark (huisjescomplex) bed & breakfast

0,6

0,7

0,7

per kamer

hotel 1*

0,4

0,8

4,5

per 10 kamers

77%

hotel 2*

1,4

2,4

6,3

per 10 kamers

80%

hotel 3*

2,1

3,4

6,8

per 10 kamers

77%

hotel 4*

3,4

5,3

9,0

per 10 kamers

73%

hotel 5*

5,3

8,3

12,6

per 10 kamers

65%

café, bar, cafetaria

5,0

6,0

100 m2 bvo

90%

Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen moet een marge in acht worden genomen (indicatie tussen +1 en -1)

restaurant

9,0

11,0

100 m2 bvo

90%

Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen moet een marge in acht worden genomen (indicatie tussen +1 en -1)

discotheek

6,9

13,9

100 m2 bvo

99%

evenementenhal, beursgebouw, congresgebouw

5,5

6,5

100 m2 bvo

99%

20,8

Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen moet een marge in acht worden genomen (indicatie tussen +1,5 en -1,5)

Gezondheidszorg en (sociale) voorzieningen zone 1

zone 2

zone 3

eenheid

aandeel bezoekers

opmerkingen

huisartsenpraktijk(centrum)

2,1

2,8

3,3

per behandelkamer

57%

minimum 3 pp per huisartsenpost

apotheek

3,0

3,0

per apotheek

45%

fysiotherapiepraktijk(centrum) consultatiebureau

1,3

1,7

2,0

57%

1,4

1,8

2,2

consultatiebureau voor ouderen tandartsenpraktijk(centrum) gezondheidscentrum

1,3

1,6

2,2

1,6

2,2

2,7

1,6

2,1

2,5

per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer per behandelkamer

16

50% 38% 47% 55%

Een locatie waar verschillende gezondheidsinstellingen onder een dak gevestigd zijn. Vaak zijn dit huisartsen, fysiotherapeuten, verloskundigen en/of een consultatiebureau

zone 1

zone 2

zone 3

eenheid

aandeel bezoekers

opmerkingen

1,4

1,7

2,0

100 m2 bvo

29%

De parkeernorm geldt voor een gemiddeld ziekenhuis. Een gedetailleerde parkeerberekening is mogelijk door gebruik te maken van de volgende parkeerkengetallen: - bezoekers van klinische patiënten: 0,5 p.p. per bed bij beperkt aantal bezoekuren per dag, 0,25 p.p. per bed bij gespreide bezoektijden - dagverplegings- respectievelijk deeltijdbehandelingspatiënten: 0,5 p.p. per bed respectievelijk plaats - medewerkers: 0,25 p.p. per formatieplaats (voor elke ambulante behandelaar 1 parkeerplaats)

crematorium

30,0

30,0

per (deels) geljiktijdige plechtigheid

99%

begraafplaats

32,0

32,0

per (deels) geljiktijdige plechtigheid

97%

ziekenhuis

religiegebouw

0,2

0,2

per zitplaats

verpleeghuis- , verzorgingstehuis, groepswoningen en andere woonvormen met 24-uurszorg (intramurale zorg)

0,6

0,6

per wooneenheid

Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen moet een marge in acht worden genomen. 60%

Van deze functie kan alleen een globale parkeernorm gegeven worden. Bij het toepassen moet een marge in acht worden genomen.

Onderwijs zone 1

zone 2

zone 3

eenheid

aandeel bezoekers

opmerkingen

kinderdagverblijf (crèche) basisonderwijs

1

1,2

1,5

100 m2 bvo

0%

0,8

0,8

0,8

per leslokaal

5%

middelbare school

3,7

4,6

4,9

per 100 leerlingen

11%

exclusief kiss&ride (halen en brengen kinderen) exclusief kiss&ride (halen en brengen kinderen) bezoekers zijn leerlingen

ROC

4,7

5,4

5,9

per 100 leerlingen

7%

bezoekers zijn leerlingen

hogeschool

9,3

10,1

10,9

per 100 studenten

68%

bezoekers zijn studenten

avondonderwijs

4,5

5,7

10,5

per 10 studenten

96%

bezoekers zijn studenten

17

Bijlage 3. Aanwezigheidspercentages

Met behulp van de geldende parkeernormen en de aanwezigheidspercentages voor gecombineerd gebruik, kan de parkeervraag per periode bepaald worden. De aanwezigheidspercentages voor de verschillende periodes van de dag/week zijn weergegeven in onderstaande tabel. De percentages mogen worden toegepast wanneer minimaal twee functies gebruik kunnen maken van dezelfde parkeervoorzieningen. Tabel aanwezigheidspercentages (bron: CROW) werkdag

Zaterdag

zondag

Ochtend

Middag

Avond

Nacht

Koopavond 1)

Middag

Avond

Middag

woningen

50%

60%

90%

100%

80%

60%

80%

70%

kantoor/bedrijven

100%

100%

5%

0%

5%

0%

0%

0%

commerciële dienstverlening

100%

100%

5%

0%

75%

0%

0%

0%

0%

0%

3)

4)

0%

0%

3)

4)

2) detailhandel

30%

60%

10%

0%

75%

100%

grootschalige detailhandel

30%

60%

70%

0%

80%

100%

supermarkt

30%

60%

40%

0%

80%

100%

40%

0%

sportfuncties binnen

50%

50%

100%

0%

100%

100%

100%

75%

sportfuncties buiten

25%

25%

50%

0%

50%

100%

25%

100%

bioscoop/theater/podium/en

5%

25%

90%

0%

90%

40%

100%

40%

100%

75%

10%

0%

10%

10%

10%

10%

100%

100%

50%

25%

50%

100%

100%

100%

60%

100%

60%

5%

60%

60%

60%

60%

ziekenhuis medewerkers

75%

100%

40%

25%

40%

40%

40%

40%

dagonderwijs

100%

100%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

avondonderwijs

0%

0%

100%

0%

100%

0%

0%

0%

zovoort sociaal medisch: arts/therapeut/consultatiebu reau verpleeghuis/verzorgingsteh uis ziekenhuis: patiënten inclusief bezoekers

1)

Indien sprake van een traditionele koopavond

2)

Indien op zaterdag open: 100%

3)

Indien 's avonds open: 70%

4)

Indien koopzondag: 100

18

Bijlage 4. Rekenwaarde parkeervoorzieningen bij woningen

In onderstaande tabel staat aangegeven op welke wijze parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen worden meegeteld. Tabel rekenwaarde parkeervoorzieningen bij woningen (bron: CROW) parkeervoorziening

theoretisch

Rekenwaarde

aantal

*

Woning met garage en oprit

2

1

woning met garage, zonder

1

0

1

1

opmerking Diepte oprit minimaal 6,0 meter Breedte oprit minimaal 3,0 meter

oprit woning met oprit/opstelplaats

Diepte oprit minimaal 6,0 meter

op eigen terrein

Breedte oprit minimaal 3,0 meter

woning met carport

1

1

Diepte carport minimaal 6,0 meter

garagebox (niet bij woning)

1

0,5

Breedte carport minimaal 3,0 meter Diepte garagebox minimaal 5,0 meter Breedte garagebox 2,80 meter woning met/zonder garage,

2

1,3

2

1,7

met lange oprit woning met/zonder garage,

Breedte oprit minimaal 3,0 meter

met brede oprit

*

Diepte oprit minimaal 12,0 meter Diepte oprit minimaal 6,0 meter Breedte oprit minimaal 5,5 meter

Indien sprake is van een zeer brede of lange oprit (of in geval van een ruim erf) kan de rekenwaarde worden opgehoogd tot het maximum van de parkeernorm die bij de betreffende woning wordt gesteld. Dit wordt per situatie beoordeeld.

19

Bijlage 5. Berekening parkeerdruk In deze bijlage staat beschreven op welke manier de parkeerdruk wordt gemeten. De parkeerdruk is in dit geval het percentage parkeerplaatsen op de openbare weg waarop een auto staat geparkeerd. Daarbij wordt eerst het gebied bepaald waarin het onderzoek zal plaatsvinden. Vervolgens wordt het aantal legale parkeerplaatsen geteld, waarna op de genoemde tijdstippen het aantal bezette parkeerplaatsen wordt geteld. Afbakening gebied In hoofdstuk 3.3 in tabel 1 staat de loopafstand waarbinnen een oplossing voor het parkeren gevonden moet worden. In het gebied dat binnen de in tabel 1 genoemde loopafstand valt, wordt de parkeerdruk gemeten. Dit gebied wordt op kaart aangegeven. Aantal parkeerplaatsen Vervolgens wordt het aantal openbare legale parkeerplaatsen geteld. Een legale parkeerplaats is: •

Een parkeervak (uitgezonderd gehandicaptenparkeerplaatsen en gereserveerde plaatsen).

•

Als er geen parkeervakken zijn, de straatlengte in meters gedeeld door zes meter. De straatlengte wordt gemeten tussen kruispunten, onderbrekingen (een plaats in een parkeerstrook voor bijv. een boom, speelplek, afvalcontainer of een uitrit). Ook mag vijf meter vanaf een bocht niet worden geparkeerd. Dit moet worden afgetrokken van de straatlengte. Indien de deling leidt tot een getal achter de komma, dan wordt het aantal plaatsen naar beneden afgerond, tenzij het getal achter de komma groter of gelijk is aan 8.

Aantal geparkeerde auto’s Bij deze berekening wordt uitgegaan van de openbare parkeerplaatsen en de auto’s die op deze openbare plaatsen zijn geparkeerd. Dit betekent dat parkeerplaatsen op eigen terrein niet meetellen in deze meting. Het gaat immers om de situatie die mensen tegenkomen als zij in een bepaalde straat willen parkeren. Ook auto’s op gehandicaptenparkeerplaatsen en nadere gereserveerde parkeerplaatsen op de openbare weg tellen niet mee. Tijdstippen van meting Werkdag ochtend

11.00

Werkdag middag

15.00

Werkdag avond

19.00

Werkdag nacht

23.00

Koopavond

19.00 20

Zaterdagmiddag

15.00

Zaterdagavond

19.00

Zondagmiddag

15.00

De tellingen worden uitgevoerd buiten de vakantieperioden, evenementen of extreme weersituaties (zware sneeuwval/storm) op de voor de betreffende nieuwe functie(s) drukste dag(en). Parkeerdruk In het openbaar gebied mag de parkeerdruk met toevoeging van het parkeren van de nieuwe functie niet boven de 85% stijgen. Rekenvoorbeeld. Een commerciële dienstverlener, die ook op zaterdag is geopend, vestigt zich in het centrum en heeft 12 parkeerplaatsen nodig. Op eigen terrein kunnen er 8 worden gerealiseerd waardoor er nog behoefte is aan 4 parkeerplaatsen elders. Indien dit in het openbare gebied wordt opgevangen wordt de volgende rekenmethode toegepast. Omdat er sprake is van gecombineerd gebruik van de parkeerplaatsen in de openbare ruimte worden de aanwezigheidspercentages toegepast. Dit betekent dat de parkeerbehoefte op een bijvoorbeeld een werkdag 100% is en op een zaterdagavond 0% (zie bijlage 3). Werkdag

Werkdag

Werkdag

Koop-

Zaterdag

Zaterdag

Zondag

Ochtend

Middag

Avond

Avond

Middag

Avond

middag

Parkeerbehoefte

12

12

0,6

9

12

0

0

Gerealiseerde capaciteit

8

8

8

8

8

8

8

Nodig in openbare ruimte

4

4

-

1

4

-

-

Restruimte o.b.v. onderzoek

14

14

4

6

7

3

7

Maximaal gebruik

11,9

11,9

3,4

5,1

6,0

2,6

6,0

restruimte 85%

Op basis van het parkeeronderzoek worden op de diverse tijdstippen het aantal lege parkeerplaatsen (de restruimte) bepaald. Daarvan kan tot maximaal 85% gebruikt worden door de nieuwe functie. In dit voorbeeld zijn bijvoorbeeld op een werkdag 11,9 parkeerplaatsen beschikbaar en op een zaterdagmiddag 6. In dit voorbeeld zijn er voldoende parkeerplaatsen in het openbaar gebied beschikbaar om het parkeren op te lossen.

21

Bijlage 6. Afmetingen parkeervakken Type parkeervak

Lengte

Breedte

Haaks parkeren

5m

2.5 m

Langs parkeren

5.0 m tot 6.5 m *

2.3 m

Gestoken parkeren

5.3 m

2.5 m

(hoek variabel 30° tot 60°) *afhankelijk van de situatie, zie onderstaande tekeningen.

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Deurne&id=597e4afc-a6e8-40f4-88d4-cdce26a19e13