CConstaterende datDen Helder
Koppel je AI →
Document · PDF

Z2025-03-0036 - D2025-10-002205 - P250930 Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder.pdf

Raadscommissie Stadsontwikkeling en Beheer 26 januari 2026, gemeente Den HelderBij agendapunt: 4: Voorstel tot advies voor omgevingsvergunning energieopslagsysteem vlakbij Luchthavenweg 28T (Heldair II).2.048 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

Colofon Adres Telefoonnummer E-Mail Website

Harmenkaag 11 1741 LA Schagen 0224 75 12 75 natuur@smitgroenadvies.nl www.smitgroenadvies.nl

Opdrachtgever

Ecorus

Contactpersoon

Dhr. F. Gemke

Postadres

Meeuwenlaan 100

Adres

1021 JL Amsterdam

Document

P250930

Status

Definitief

Versie

0.1

Datum

29 oktober 2025

Geldigheidsduur

Auteur Gecontroleerd door

3 jaar G. R. Luiken T. Tijsen

Disclaimer * Natuur is onvoorspelbaar. Het is mogelijk dat ondanks de zorgvuldige voorbereiding en onderzoek toch beschermde soorten worden aangetroffen tijdens de werkzaamheden. In dat geval heeft de uitvoerder een zorgplicht en is verantwoordelijk voor de verdere gang van zaken. In de wet is namelijk vastgelegd dat de wettelijke zorgplicht voor de aanwezige natuur gedurende het gehele plan-, uitvoerings- en beheertraject de verantwoordelijkheid is van de opdrachtgever. Bij twijfel of er beschermde soorten en/of vaste rust-, verblijf- en voortplantingsplaatsen voorkomen in het plangebied moet altijd nader onderzoek worden uitgevoerd.

Pagina 2 van 12

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

Inhoud 1 Inleiding .................................................................................................................... 4 1.1 1.2

Algemene Zorgplicht ........................................................................................................................................................ 4 Doel ecologisch werkprotocol..................................................................................................................................... 4

2 Omschrijving plangebied ................................................................................... 5 2.1

Plangebied ................................................................................................................................................................................5

3 Huidige situatie ......................................................................................................6 3.1 3.2

Voorgenomen werkzaamheden ............................................................................................................................... 6 Soorten in de omgeving.................................................................................................................................................. 6

4 Methode en uitvoering ........................................................................................ 7 4.1 4.2 4.2.1 4.2.2 4.3

Algemene voorwaarden bij de uitvoering ...........................................................................................................7 Soort specifieke maatregelen.......................................................................................................................................7 Roofvogels, ooievaar en blauwe reiger .................................................................................................................7 Algemene weidevogels ....................................................................................................................................................7 Planningsoverzicht ............................................................................................................................................................. 8

5 Maatregelen .............................................................................................................9 5.1 5.2 5.3

Te nemen maatregelen ................................................................................................................................................... 9 Controle ...................................................................................................................................................................................... 9 Incidenten ................................................................................................................................................................................. 9

Bibliografie ................................................................................................................. 11

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

1

Inleiding 1.1

Algemene Zorgplicht

1.2

Doel ecologisch werkprotocol

Natuur is onvoorspelbaar. Het is mogelijk dat ondanks de zorgvuldige voorbereiding en onderzoek toch beschermde soorten worden aangetroffen tijdens de werkzaamheden. In dat geval heeft de uitvoerder een zorgplicht en is verantwoordelijk voor de verdere gang van zaken. In de wet is namelijk vastgelegd dat de wettelijke zorgplicht voor de aanwezige natuur gedurende het gehele plan-, uitvoerings- en beheertraject de verantwoordelijkheid is van de opdrachtgever.

Doel van het ecologisch werkprotocol is om tijdens de uitvoering van de voorgenomen werkzaamheden rekening te houden met aanwezige soorten. Het ecologisch werkprotocol is opgesteld om tijdens de werkzaamheden invulling te geven aan de zorgplicht en zorgvuldig handelen ten aanzien van aanwezige flora en fauna in het plangebied te waarborgen. Dit om te voorkomen dat de geplande werkzaamheden die uitgevoerd worden in strijd zijn met de Omgevingswet. De maatregelen in het ecologisch werkprotocol worden benoemd voor: • waarborgen van zorgvuldig handelen ten aanzien van flora en fauna bij uitvoering van de werkzaamheden; • invulling te geven aan de wettelijke zorgplicht; • het waarborgen van de gunstige staat van instandhouding van (beschermde) plant- en diersoorten.

Pagina 4 van 12

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

2

Omschrijving plangebied 2.1

Plangebied

Het plangebied betreft een agrarisch terrein gelegen aan de Kortevliet te Den Helder (Figuur 1). Langs en op het terrein lopen verschillende smalle watergangen. De omgeving bestaat uit agrarisch gebied met boerderijen. Het plangebied zelf wordt omringd door verschillende barrières zoals bebouwing van het bedrijventerrein Kooypunt en Airport Den Helder. Oostelijk van het plangebied op ongeveer 700 meter ligt de Rijksweg N250, oostelijk hiervan ligt het Noordhollandsch Kanaal en binnen 1,5 kilometer ten oosten ligt de Waddenzee. Direct ten westen loopt het spoor van NS. Het plangebied is niet opgenomen in het monumentenregister en behoort niet tot het beschermd stadsgezicht. Figuur 1 | Locatie plangebied te Den Helder.

Locatie batterij

Pagina 5 van 12

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

3

Huidige situatie 3.1

Voorgenomen werkzaamheden

Ecorus is voornemens verduurzamingswerkzaamheden uit te laten voeren aan Heldair II te DenHelder. De werkzaamheden bestaan uit: • Het plaatsen van een batterij voor een zonnepark. Uit de omgevingsscan flora en fauna, uitgevoerd door Smit Groenadvies in juni + 2025, is gebleken dat in het plangebied potentieel leefgebied aanwezig zijn van zwaar beschermde soorten, zoals de buizerd, ooievaar, sperwer en kerkuil en Rode lijst soorten als de grauwe kiekendief en torenvalk. Ook biedt het plangebied potentieel leefgebied voor algemene weidevogelsoorten. De voorgenomen werkzaamheden zijn zodanig licht dat er geen sprake is van een overtreding op een van de verbodsbepalingen van de Omgevingswet, waardoor de werkzaamheden vergunning plichtig zijn. Een voorwaarde is wel dat de werkzaamheden zorgvuldig uitgevoerd dienen te worden en dat maatregelen getroffen worden tijdens de uitvoering om verstoring te beperken. Deze maatregelen worden vastgelegd in een ecologisch werkprotocol (EWP). Door het werken conform deze maatregelen uit dit ecologisch werkprotocol wordt gezorgd dat de werkzaamheden een zo min mogelijk verstorend effect hebben op beschermde soorten en dat daarbij geen verbodsbepalingen van de omgevingswet worden overtreden. Dit EWP is gericht op de voorgenomen werkzaamheden welke betrekking hebben tot het dak en de gevel.

3.2

Soorten in de omgeving

Uit de omgevingsscan is naar voren gekomen dat het plangebied geschikt leefgebied biedt aan vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten, vogels van de Rode lijst en algemene vogelsoorten. Vogels met jaarrond beschermde nesten die mogelijk gebruik maken van het plangebied zijn de buizerd, ooievaar, sperwer, blauwe reiger en kerkuil. Deze soorten gebruiken het plangebied mogelijk om te foerageren. Ook vogelsoorten van de Rode lijst, namelijk de grauwe kiekendief en torenvalk kunnen het gebied gebruiken als foerageergebied. Daarnaast kunnen algemene weidevogels het gebied gebruiken als foerageergebied en als broedbiotoop.

Pagina 6 van 12

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

4

Methode en uitvoering 4.1

Algemene voorwaarden bij de uitvoering

4.2

Soort specifieke maatregelen

Altijd geldt de zorgplicht, verder geldt: • de algehele werkzaamheden dienen een zo beperkt mogelijk effect te hebben op flora- en faunasoorten; • in geval onvoorziene omstandigheden zich voordoen, dan dient direct contact te worden opgenomen met een deskundig ecoloog; • uitvoerend personeel is alert op onvoorziene natuurwaarde en dient de algemene zorgplicht in acht te nemen; • een afschrift van dit ecologisch werkprotocol dient ten alle tijden op de planlocatie aanwezig te zijn en alle betrokken werknemers dienen hiermee bekend te zijn; • werkzaamheden worden uitgevoerd conform dit werkprotocol; • afwijken van dit protocol kan uitsluitend na overleg met een deskundig ecoloog;

Tijdens de werkzaamheden dienen maatregelen genomen te worden die ervoor zorgen dat verstoring op soorten en hun verblijfplaatsen tot een minimum beperkt worden. Hieronder zullen deze maatregelen beschreven worden. 4.2.1 Roofvogels, ooievaar en blauwe reiger Om significant negatieve effecten op beschermde soorten te voorkomen. En hiermee een overtreding op de Omgevingswet te voorkomen, dienen de werkzaamheden buiten de kwetsbare periode uitgevoerd te worden. Voor roofvogels, de ooievaar en blauwe reiger is de meest kwetsbare periode de broedperiode. Hieronder wordt per soort de broedperiode weergeven: • Blauwe reiger (februari t/m mei); • Buizerd (februari t/m augustus); • Grauwe kiekendief (mei t/m juni); • Kerkuil (februari t/m augustus); • Ooievaar (april t/m juni); • Sperwer (april t/m juni); • Torenvalk (maart t/m juli). Om rekening te houden met de kwetsbare periode waarin roofvogels, de ooievaar en blauwe reiger gebruik kunnen maken van het plangebied dienen de werkzaamheden uitgevoerd te worden in de periode van september tot en met januari. 4.2.2 Algemene weidevogels Voor algemene weidevogels geldt ook dat de meest kwetsbare periode, de broedperiode betreft. Voor algemene weidevogels loopt deze globaal van maart tot en met juli. De werkzaamheden dienen buiten deze periode uitgevoerd te worden.

Pagina 7 van 12

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

4.3

Planningsoverzicht

In tabel 1 wordt een overzicht gegeven van de kwetsbare periodes van beschermde soorten. Om met de kwetsbare periodes van soorten rekening te houden kunnen de werkzaamheden het best uitgevoerd worden van (september t/m januari). Tabel 1 | Kwetsbare periodes van soorten met overzicht wanneer wel of niet gewerkt kan worden.

Jan

Feb

Mrt

Apr

Mei

Jun

Jul

Aug

Sep

Okt

Nov

Dec

Blauwe reiger Buizerd Grauwe Kiekendief Kerkuil Ooievaar Sperwer Torenvalk Weidevogels Buiten kwetsbare periode (werkzaamheden kunnen uitgevoerd worden). Kwetsbare periode (werkzaamheden kunnen niet uitgevoerd worden).

Pagina 8 van 12

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

5

Maatregelen

Om met aanwezigheid van soorten rekening te houden volgen hier voorzorgsmaatregelen die in acht genomen dienen te worden bij uitvoering van de werkzaamheden. Voor alle soorten planten en dieren geldt de zorgplicht. Dat wil zeggen dat de initiatiefnemer en uitvoerder verantwoordelijk zijn voor naleving van de algemene zorgplicht tijdens uitvoering van de werkzaamheden. Activiteiten waarvan kan worden vermoed dat ze nadelig zijn voor in het wild levende planten en dieren moeten verplicht vermeden worden.

5.1

Te nemen maatregelen

Algemene maatregelen • tijdens de uitvoering van de werkzaamheden dient een afschrift van dit ecologisch werkprotocol op de locatie van de werkzaamheden aanwezig te zijn en op verzoek te worden getoond aan de daartoe bevoegde toezichthouder of opsporingsambtenaren; • werkzaamheden moeten aantoonbaar uitgevoerd worden conform het voorliggende ecologisch werkprotocol; • voorafgaand aan de start van de werkzaamheden wordt gecontroleerd of alle noodzakelijke gegevens aanwezig en actueel zijn. Specifieke maatregelen • de initiatiefnemer en de uitvoerder dienen rekening te houden met de kwetsbare periode waarin broedvogels aanwezig kunnen zijn in het plangebied, hierdoor dienen de werkzaamheden uitgevoerd te worden in periode van september tot en met januari; • tijdens uitvoering van de werkzaamheden wordt gelegenheid gegeven aan aanwezige fauna om te vluchten of zich te verplaatsen buiten het bereik van de werkzaamheden; • bij het aantreffen van fauna welke niet zelfstandig het plangebied kan verlaten dient direct de deskundig ecoloog ingeschakeld te worden om de aangetroffen fauna in veiligheid te brengen buiten het plangebied.

5.2

Controle

5.3

Incidenten

De formeel handhavende instantie (bevoegd gezag) is de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (OD NHN) van de provincie Noord-Holland. De OD NHN kan op eigen initiatief en op verzoek handhavend optreden. Daarbij wordt gekeken of de juiste procedure is gevolgd en of de voorschriften en gedragsregels die vermeld zijn in het ecologisch werkprotocol door de initiatiefnemer worden nageleefd. In het geval van controles door het bevoegd gezag is het advies altijd te vragen naar de legitimatie van de controleur en diens gegevens te noteren.

Ondanks de genomen voorzorgsmaatregelen is het niet mogelijk om incidenten uit te sluiten. Onder een incident wordt verstaan: “een ongewenste en ongeplande gebeurtenis die leidt tot schade aan beschermde planten en/of dieren”. Meldingsprocedure voor incidenten Een incident alsook controle door de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord met daaruit eventueel voortvloeiend proces-verbaal, stilleggen van het werk of andere opmerkingen van de overheid, moet door de voor uitvoering van werkzaamheden verantwoordelijke medewerker direct telefonisch worden gemeld bij de projectleider van de opdrachtgever. Het incident wordt door een ter zake deskundige (bijvoorbeeld een erkend ecoloog) geanalyseerd en geëvalueerd.

Pagina 9 van 12

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

Op basis van een ecologisch oordeel door een ter zake deskundige kunnen maatregelen worden genomen om de bestaande situatie te verhelpen en herhaling van het incident in de toekomst te voorkomen. Voorbeelden van incidenten Onder incidenten kunnen verstaan worden: • het onverwachts aantreffen van zeldzame broedende vogels; • het per ongeluk doden of beschadigen van beschermde planten en diersoorten; • het aantreffen van beschermde soorten waarvan de aanwezigheid uit de beschikbare gegevens niet is gebleken en waarvoor een vergunnig nodig is. Natuur is onvoorspelbaar. Het is mogelijk dat er ondanks de zorgvuldige voorbereiding en onderzoek toch andere beschermde soorten worden aangetroffen tijdens de werkzaamheden. In dat geval heeft de uitvoerder een zorgplicht en is verantwoordelijk voor de verdere gang van zaken. In de wet is vastgelegd dat de wettelijke zorgplicht voor de aanwezige natuur gedurende het gehele plan-, uitvoerings- en beheertraject de verantwoordelijkheid is van de initiatiefnemer. Mochten er tijdens de werkzaamheden beschermde soorten worden gesignaleerd, dan dient het werk te worden onderbroken en de ecologische deskundige te worden ingeschakeld. Instructies van de deskundige dienen te worden opgevolgd.

Bij twijfel over het al of niet aanwezig zijn van beschermde soorten en/of vaste rust-, verblijf- en voortplantingsplaatsen moet altijd een ecologische deskundige worden geraadpleegd.

Pagina 10 van 12

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

Bibliografie Stubenitsky, A. (2025). Omgevingsscan Flora & Fauna Heldair 2 te Den Helder. Schagen: Smit Groenadvies. BIJ12. (2017). Kennisdocument Buizerd. Utrecht: BIJ12 BIJ12. (2017). Kennisdocument Kerkuil. Utrecht: BIJ12 Vogelbescherming Nederland (z.d.). Samen voor vogels en natuur Geraadpleegd op 27-10-2025, van https://www.vogelbescherming.nl/

| Vogelbescherming.

P250039

Ecologisch werkprotocol Heldair II te Den Helder

Harmenkaag 11 1741 LA Schagen 0224 751 275 natuur@smitgroenadvies.nl www.smitgroenadvies.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.denhelder.nl/api/v1/meetings/2373/documents/26215