CConstaterende datDen Helder
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel Voorstel tot het vaststellen van de Verordening tot wijziging van Algemene plaatselijke verordening Den Helder 2021.pdf

Raadscommissie Bestuur en Middelen 12 juni 2023, gemeente Den HelderBij agendapunt: 4: Voorstel tot het vaststellen van de Verordening tot wijziging van Algemene plaatselijke verordening Den Helder 20214.110 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadscommissie Bestuur en Middelen Portefeuillehouder: Jan de Boer

Van team: Team Openbare orde & Veiligheid Adviseur: Leonie Smit E-mail: l.smit@denhelder.nl

Classificatie: Openbaar

Kenmerk: 2023-014041 Begrotingswijziging: Nee

Onderwerp:

Voorstel tot het vaststellen van de Verordening tot wijziging van Algemene plaatselijke verordening Den Helder 2021

Publiekssamenvatting: In Den Helder is de Algemene plaatselijke verordening vastgesteld op basis van de modelverordening van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en vanuit wensen van de ambtelijke organisatie, de politie en de gemeenteraad. De Model Algemene plaatselijke verordening (hierna: Model-APV) is weer geactualiseerd. De jaarlijkse actualisatie heeft vooral geleid tot redactionele verbeteringen, zowel in de tekst als in de toelichting. Een aantal wijzigingen worden voorgesteld om tot een beter werkbare Apv te komen. Wijziging van artikel 2:38 geeft de burgemeester meer bevoegdheden om ondermijning tegen te gaan of in te grijpen wanneer openbare orde en veiligheid in het geding is. Door de actualisatie zal de Apv van Den Helder weer actueel en werkbaar zijn. Daarom wordt nu aan de raad voorgesteld om de geactualiseerde Algemene plaatselijke verordening Den Helder 2021 vast te stellen. Geadviseerd besluit 1. De Algemene plaatselijke verordening Den Helder 2021 wordt gewijzigd als volgt. 1. In artikel 2:10 vervallen lid negen, tien en elf. Als lid negen wordt toegevoegd: lid 9. Op de aanvraag om een ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. 2.

In artikel 2:19 wordt in het eerste lid ‘openlijk bij zich te dragen’ vervangen voor ‘bij zich te hebben’. 3. In artikel 2:28 wordt in het zesde lid sub b ‘onder c, d, f en g’ wordt vervangen voor ‘onder c, e en f’. 4. Artikel 2:38,tweede lid, komt te luiden: lid 2 'De houder van een inrichting of een voor hem handelend persoon is verplicht het in het eerste lid bedoelde register aan de burgemeester of aan een door hem aangewezen ambtenaar over te leggen op een door de burgemeester nader te bepalen wijze.' 5. In artikel 2:73a het tweede lid worden sub a. en b. na sub e. vervangen voor sub f. en g. 6. Artikel 4:10 het eerste lid sub e komt de definitie van bosplantsoen te luiden: bosplantsoen: een houtopstand die bestaat uit struiken en/of bomen eventueel in combinatie met boomvormers, struikvormers, naaldhoutsoorten en/of onder begroeiing (bv. kruiden, planten etc.) die zich bevindt op een erf of terrein. 7. In artikel 4:13 het eerste lid wordt ‘opheffing’ vervangen voor ‘beëindiging’. 8. Artikel 5:4 komt te luiden: Het is verboden een voertuig waarmee als gevolg van andere dan eenvoudig te verhelpen gebreken niet kan of mag worden gereden, langer dan op drie achtereenvolgende dagen op de weg te parkeren. Onder dit verbod wordt onder andere ook verstaan voertuigen die APK ongekeurd, onverzekerd en/of zonder kenteken op een openbare plaats zijn geparkeerd. 9.

Artikel 5:6 komt te luiden: 1. Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt:

a. langer dan gedurende drie achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben in de periode van 1 september tot 1 juni; b. langer dan gedurende zes achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben in de periode van 1 juni tot 1 september. c. op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. 2. Het is verboden een voertuig dat voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt en anders dan voor recreatie: a. langer dan gedurende drie achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben; b. op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. 10. Artikel 5:12 komt te luiden: Het is in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente en/of ter voorkoming of beëindiging van overlast dan wel hinder of gevaarzetting dan wel ter voorkoming van schade verboden op door het college aangewezen plaatsen, fietsen of bromfietsen onbeheerd buiten de daarvoor bestemde ruimten of plaatsen te laten staan. 11. Artikel 6:1 komt te luiden: 1.

Overtreding van het bij of krachtens de artikelen van deze verordening opgenomen artikelen en de op grond van artikel 1:4 daarbij gegeven voorschriften en beperkingen wordt bestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie, uitgezonderd de artikelen 2:3, 2:67 en 2:68. 2. In afwijking van het eerste lid is artikel 1a van de Wet op de economische delicten van toepassing op overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2:10 en 2:11 als sprake is van een omgevingsvergunningsplichtige activiteit en 2:12, eerste lid. 3. In geval van overtreding van de krachtens artikel 3, derde lid, van de Wet veiligheidsregio’s gestelde regels kan het college een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste de geldboete, bedoeld in artikel 64, eerste lid van de Wet veiligheidsregio’s. 12. Artikel 6:2 komt te luiden: 1. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast: a. de toezichthouders/handhavers van het team Openbare orde en veiligheid; b. Militairen van de Koninklijke Marechaussee voor zover werkzaam binnen het grondgebied van de gemeente Den Helder; c. opsporingsambtenaren van politie als bedoeld in artikel 141 Wetboek van Strafvordering, werkzaam bij de Nationale Politie; 2. Het college dan wel de burgemeester kan daarnaast andere personen met dit toezicht belasten. 2.

De Verordening tot wijziging van de Algemene plaatselijke verordening Den Helder 2021 vast te stellen.

2/10

Raadsvoorstel: Aanleiding en context De Algemene plaatselijke verordening (Apv) van Den Helder wordt in principe jaarlijks geactualiseerd en vaker indien nodig. Hierdoor zal de Apv van Den Helder weer actueel en werkbaar zijn. De Apv zelf is voorzien van een toelichting. De artikelsgewijze toelichting gaat niet op alle artikelen in, maar alleen op die artikelen die een toelichting behoeven. De wijzigingen worden afzonderlijk toegelicht. In de toelichting is ook nieuwe jurisprudentie verwerkt. Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet definitief in werking. Dit betekent dat de gemeente een omgevingsplan moet opstellen. In dit omgevingsplan worden onder andere regels opgenomen die nu in gemeentelijke verordeningen zijn opgenomen. Zo ook een aantal regels uit de Apv. De gemeenteraad heeft daartoe op 13 februari 2023 de Verordening Fysieke Leefomgeving Den Helder (VFL) aangenomen. In die verordening zijn een aantal artikelen opgenomen die nu nog in de Apv staan. Verwacht wordt dat de VNG nog wijzigingsvoorstellen zal doen voor de Apv vanwege de komst van de Omgevingswet. Deze wijzigingen kunnen ook effect hebben op de inhoud van de VFL.

Deze Apvaanpassingen worden, voor zover nodig, samen met mogelijk nog andere wijzigingen van de Apvregels op advies van de VNG in december in een keer aan de gemeenteraad voorgelegd in combinatie met een aanpassingsvoorstel van de VFL zodat ook de VFL volledig actueel in werking kan treden. De wijzigingen die nu worden voorgesteld zijn een benodigde actualisatie om tot die tijd een actuele en werkbare Apv te hebben. Doelen en resultaten De Apv is een instrument om de gemeente veilig en leefbaar te kunnen houden en om de openbare orde te kunnen handhaven. Regels zijn nodig om overlast en onveilige situaties te kunnen aanpakken en het algemeen belang te beschermen. Wat we willen bereiken is een actuele en werkbare Apv. Indien blijkt dat in de praktijk de artikelen niet voldoen, niet volledig zijn of om andere redenen aanpassingen gewenst zijn, volgt een voorstel tot wijziging van de Apv. Kaders en omstandigheden De raad is verantwoordelijk voor het stellen van kaders en daarmee het vaststellen van de verordening. De uitvoering van de verordening en het toezicht op de naleving van de in de verordening opgenomen bepalingen behoren tot de verantwoordelijkheid van het college en de burgemeester. •

Artikel 149 van de Gemeentewet De raad maakt de verordeningen die hij in het beland van de gemeente nodig oordeelt.

•

Artikel 154 van de Gemeentewet 1. De raad kan op overtreding van zijn verordeningen en van die van organen waaraan ingevolge artikel 156 verordenende bevoegdheid is gedelegeerd, straf stellen maar geen andere of zwaardere dan hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie, al dan niet met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. 2. Op de krachtens het eerste lid strafbaar gestelde overtreding van voorschriften met betrekking tot het plaatsen of laten staan van motorrijtuigen op parkeerterreinen of weggedeelten bedoeld in artikel 225 zijn de artikelen 181 en 182 van de Wegenverkeerswet

3/10

1994 van overeenkomstige toepassing. 3. De in het eerste lid bedoelde strafbare feiten zijn overtredingen. •

Artikel 174 van de Gemeentewet 1. De burgemeester is belast met het toezicht op de openbare samenkomsten en vermakelijkheden alsmede op de voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven. 2. De burgemeester is bevoegd bij de uitoefening van het toezicht, bedoeld in het eerste lid, de bevelen te geven die met het oog op de bescherming van veiligheid en gezondheid nodig zijn. 3. De burgemeester is belast met de uitvoering van verordeningen voor zover deze betrekking hebben op het in het eerste lid bedoelde toezicht.

•

De model Apv van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) Elk jaar publiceert de VNG een aanpassing van de Model Algemene plaatselijke verordening. Hierin is nieuwe wetgeving en jurisprudentie verwerkt.

Argumenten en alternatieven De voorgestelde wijzigingen worden hieronder toegelicht. Alle wijzigingen, inclusief de redactionele verbeteringen, staan opgenomen in de ‘was/wordt tabel’ die als bijlage is opgenomen bij het raadvoorstel. Voorgestelde wijzigingen 1. Artikel 2:10 Voorwerpen op of aan de weg of een openbare plaats. In artikel 2:10 negende, tiende en elfde lid, worden vervangen voor lid 9. 'Op de aanvraag om een ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.' In artikel 2:10, negende lid, van de Apv was opgenomen dat het college vergunning kan verlenen voor laadpalen voor elektrische voertuigen op een openbare plaats. Dit lid wordt geschrapt. Bij nader inzien is het niet noodzakelijk om een vergunningstelsel in de Apv voor laadpalen voor elektrische voertuigen op een openbare plaats te hebben. Bij de plaatsing van laadpalen voor elektrische voertuigen in de openbare ruimte wordt rekening gehouden met de belangen genoemd in artikel 2:10, eerste lid, van de Apv, en deze plaatsing valt daarmee niet onder de verbodsbepaling van het eerste lid. Aangezien een vergunningstelsel niet noodzakelijk is voor laadpalen voor elektrische voertuigen op een openbare plaats, wordt artikel 2:10, negende lid, van de Apv geschrapt.

In artikel 2:10, tiende lid, van de Apv was de mogelijkheid voor het college opgenomen om nadere regels te stellen voor laadpalen voor elektrische voertuigen op een openbare plaats. Deze mogelijkheid is niet noodzakelijk en er is ook geen gebruik van gemaakt. Dit lid wordt daarom ook geschrapt. In de Laadvisie is hier rekening mee gehouden. In de VFL zijn deze leden al geschrapt nu gebleken is dat geen vergunningsplicht benodigd is. Het betreft daarom een redactionele verbetering om in overeenstemming te komen met eerdere besluitvorming.

2. Artikel 2:19 Gevaarlijke Voorwerpen. In artikel 2:19 het eerste lid wordt ‘openlijk bij zich te dragen’ vervangen voor ‘bij zich te hebben’. Door het weglaten van het woord ‘openlijk’ wordt handhaving eenvoudiger. Wanneer een voorwerp als wapen is gebruikt of kan worden gebruikt hoeft de openlijkheid niet te worden bewezen. Het bij zich dragen is dan voldoende.

4/10

Verder is deze wijziging een opvolging van de aangenomen motie “Algeheel steekwapenverbod in Den Helder”. Het college van B&W zal na de wijziging van de Apv door de gemeenteraad een nieuw besluit nemen over de gebiedsaanwijzing en de gemeenteraad hierover informeren. De reeds aangewezen verboden gebieden zijn: a. Centrumgebied Binnenstad; en het gebied gelegen binnen een afstand van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; b. Centrumgebied Willemsoord; en het gebied gelegen binnen een afstand van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; c. Winkelcentrum Marsdiepstraat; en het gebied gelegen binnen een afstand van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; d. Winkelcentrum “Duinpassage" en het gebied gelegen binnen een afstand van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; e. Winkelcentrum "Schooten Plaza" en het gebied gelegen binnen een afstand van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; f. Winkelcentrum "De Riepel"; en het gebied gelegen binnen een afstand van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; g. Loopuytpark en het gebied gelegen binnen een afstand van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; h. Winkelcentrum "Dorperweerth" en het gebied gelegen binnen een straal van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; i. Winkelcentrum “Ravelijncenter” en het gebied gelegen binnen een straal van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; j.

Timorpark en het gebied gelegen binnen een afstand van 100 meter gerekend vanaf dit winkelcentrum; k. Stationslocatie Centrum; l. Stationslocatie Den Helder Zuid; m. Jongeren ontmoetingsplekken in woonbuurten, zoals speelweiden, buurtsportvoorzieningen, schoolpleinen, skatebanen. 3. Artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting. De wijziging van artikel 2:28 het zesde lid sub b waardoor ‘onder c, d, f en g’ wordt vervangen voor ‘onder c, e en f’, betreft een herstel van de nummering. Sub g is reeds vervallen en daar kan niet naar verwezen worden. 4. Artikel 2:38 Verschaffing gegevens nachtregister. In artikel 2:38 wordt een tweede lid toegevoegd; 'lid 2 De houder van een inrichting of een voor hem handelend persoon is verplicht het in het eerste lid bedoelde register aan de burgemeester of aan een door hem aangewezen ambtenaar over te leggen op een door de burgemeester nader te bepalen wijze.' Dit artikel geeft de burgemeester meer bevoegdheden om mogelijke ondermijning tegen te gaan. De nu voorgestelde Apv-verplichting van een (digitaal) nachtregister is een aanvullend instrument tegen ondermijning en verbetert de privacybescherming. De raad zal geïnformeerd worden over de invullen van de nader te bepalen wijze. 5. Artikel 2:73a Carbid schieten. In artikel 2:73a het tweede lid worden sub a. en b. na sub e. vervangen voor sub f. en g. Dit betreft een herstel van de nummering.

6. Artikel 4:10 Definities.

5/10

In artikel 4:10 het eerste lid sub e wordt de definitie van bosplantsoen; ‘een houtopstand die bestaat uit struiken en/of bomen eventueel in combinatie met boomvormers, struikvormers, naaldhoutsoorten en/of onder begroeiing (bv. kruiden, planten etc.) die zich bevindt op een erf of terrein’. De bestaande definitie is te globaal genoteerd. Dit veroorzaakt onduidelijkheid bij het toetsen van vergunningaanvragen, het afhandelen van bezwaren en handhavingsverzoeken. Door bosplantsoen beter te definiëren wordt dit ondervangen en tevens wordt hierdoor het groen in de gemeente beter beschermd. Dit artikel zal in december ook worden voorgesteld ter wijziging van de VFL.

7. Artikel 4:13 Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen enz. Wijziging van artikel 4:13 betreft een redactionele verbetering op voordracht van de VNG. 8. Artikel 5:4 Defecte voertuigen. In artikel 5:4 wordt toegevoegd na de punt. ‘Onder dit verbod wordt onder andere ook verstaan voertuigen die APK ongekeurd, onverzekerd en/of zonder kenteken op een openbare plaats zijn geparkeerd.’ Het gebeurt steeds vaker dat ongekeurde auto’s op openbare plaatsen langdurig geparkeerd staan. Soms staat zo’n voertuig langer dan een jaar geparkeerd zonder gebruikt te worden. Op deze manier kan worden gehandhaafd. Zonder deze toevoeging is niet duidelijk of een niet APK gekeurd voertuig onder de definitie valt. Door toevoeging wordt duidelijkheid gecreëerd. 9. Artikel 5:6 Kampeermiddelen en andere voertuigen. In artikel 5:6 wordt een lid ingevoerd voor recreatievoertuigen. Het komt te luiden: 1. Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt: a. langer dan gedurende drie achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben in de periode van 1 september tot 1 juni; b. langer dan gedurende zes achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben in de periode van 1 juni tot 1 september; c.

op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. 2. Het is verboden een voertuig dat voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt en anders dan voor recreatie: a. langer dan gedurende drie achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben; b. op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. Het is vaak zo dat caravan houders in het hoogseizoen (meerdere keren) weg gaan en dan korte de tijd nodig hebben om de camper/caravan schoon te maken en weer paraat te maken. Vaak is de periode van drie dagen onvoldoende om dit te doen. Op dit moment wordt veel handhavingscapaciteit ingezet door steeds een handhavingsprocedure te moeten starten voor de 3 dagen, vervolgens moeten er 2 dagen hersteltijd gegeven worden. Op die manier staan recreatie voertuigen nu al vaak 6 dagen op de openbare weg. Dit kost de boa’s onnodig tijd (met een kernbezetting) want vaak zijn de overtredingen binnen een week weer opgelost. In de praktijk is gebleken dat 6 dagen voldoende zijn om het voertuig voor recreatie weer gereed te maken. Met de uitbreiding van het aantal dagen van 3 naar 6 is er geen discussie meer nodig om het recreatievoertuig nog langer dan 6 dagen te mogen laten staan.

De wijziging geldt alleen voor recreatievoertuigen. Voertuigen zoals aanhangers mogen nog steeds niet langer dan 3 dagen op de op de weg geplaatst worden. Dit wordt verwoord in lid 2.

6/10

10. Artikel 5:12 Overlast van fiets of bromfiets. Wijziging van artikel 5:12 betreft een redactionele verbetering op voordracht van de VNG. 11. Artikel 6.1 Strafbepaling. De herformulering van artikel 6:1 betreft een redactionele verbetering. De opsomming van artikelen werkt verwarrend en leidde tot foutieve verwijzingen waardoor handhaving werd bemoeilijk of zelfs niet kan worden uitgevoerd omdat de strafbepaling ontbreekt. Bepalingen die zien op overtreding van de (voorschriften van de) Wet openbare manifestaties (artikel 2:3) en de bepalingen die zien op de bestrijding van heling (artikel 2:67 en 2:68), zijn uitgezonderd. De reden is dat de strafbaarstelling van overtreding hiervan is geregeld in bijzondere (formele) wetten. 12. Artikel 6:2 Toezichthouders. De wijziging van artikel 6:2 is een verbetering van de nummering en redactionele verbetering in verband met nieuwe naam van de politie. Bestuurlijke vernieuwing Verschillende gesprekken zijn gevoerd met betrokkenen in en buiten de organisatie. Onder andere met brandweer, politie en Koninklijke Horeca Nederland. Tijdens deze gesprekken is de vraag gesteld of de voorgestelde wijzigingen bijdragen aan een cultuur van samenwerking, transparantie, dialoog, vertrouwen en respect. Het resultaat van de gesprekken is het voorstel dat nu voorligt.

Het besluit is niet referendabel omdat verordeningen hiervan zijn uitgesloten in artikel 2, lid k van de Referendumverordening 2012. Duurzaamheid Dit voorstel heeft geen specifieke aspecten wat duurzaamheid betreft. Financiële consequenties Aan dit voorstel zijn geen financiële consequenties verbonden. Uitvoering en planning Daags nadat de raad de Apv heeft vastgesteld zal deze bekendgemaakt en gepubliceerd worden in het elektronisch gemeenteblad op www.overheid.nl. Communicatie Op de stadsnieuwspagina zal aandacht worden besteed aan de actualisatie van de Apv. Waar nodig zal specifieke communicatie richting de doelgroep plaatsvinden.

Den Helder, 16 mei 2023 Burgemeester en Wethouders van Den Helder,

burgemeester J.A. (Jan) de Boer MSc.

secretaris K. (Koen) van Veen

7/10

8/10

CONCEPT - Raadsbesluit Raadsvergadering d.d. Besluit nummer

2023-014041

Onderwerp

Voorstel tot het vaststellen van de Verordening tot wijziging van Algemene plaatselijke verordening Den Helder 2021

De raad van de gemeente Den Helder; gelezen het raadsvoorstel van het college van burgemeester en wethouders van Den Helder van 16 mei 2023,

besluit: 1. De Algemene plaatselijke verordening Den Helder 2021 wordt gewijzigd als volgt. 1. In artikel 2:10 vervallen lid negen, tien en elf. Als lid negen wordt toegevoegd: lid 9. Op de aanvraag om een ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. 2. In artikel 2:19 wordt in het eerste lid ‘openlijk bij zich te dragen’ vervangen voor ‘bij zich te hebben’. 3. In artikel 2:28 wordt in het zesde lid sub b ‘onder c, d, f en g’ wordt vervangen voor ‘onder c, e en f’. 4. Artikel 2:38,tweede lid, komt te luiden: lid 2 'De houder van een inrichting of een voor hem handelend persoon is verplicht het in het eerste lid bedoelde register aan de burgemeester of aan een door hem aangewezen ambtenaar over te leggen op een door de burgemeester nader te bepalen wijze.' 5. In artikel 2:73a het tweede lid worden sub a. en b. na sub e. vervangen voor sub f. en g. 6. Artikel 4:10 het eerste lid sub e komt de definitie van bosplantsoen te luiden: bosplantsoen: een houtopstand die bestaat uit struiken en/of bomen eventueel in combinatie met boomvormers, struikvormers, naaldhoutsoorten en/of onder begroeiing (bv. kruiden, planten etc.) die zich bevindt op een erf of terrein. 7. In artikel 4:13 het eerste lid wordt ‘opheffing’ vervangen voor ‘beëindiging’. 8.

Artikel 5:4 komt te luiden: Het is verboden een voertuig waarmee als gevolg van andere dan eenvoudig te verhelpen gebreken niet kan of mag worden gereden, langer dan op drie achtereenvolgende dagen op de weg te parkeren. Onder dit verbod wordt onder andere ook verstaan voertuigen die APK ongekeurd, onverzekerd en/of zonder kenteken op een openbare plaats zijn geparkeerd. 9. Artikel 5:6 komt te luiden: 1. Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt: a. langer dan gedurende drie achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben in de periode van 1 september tot 1 juni; b. langer dan gedurende zes achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben in de periode van 1 juni tot 1 september. c. op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.

9/10

2. Het is verboden een voertuig dat voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt en anders dan voor recreatie: a. langer dan gedurende drie achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben; b. op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. 10. Artikel 5:12 komt te luiden: Het is in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente en/of ter voorkoming of beëindiging van overlast dan wel hinder of gevaarzetting dan wel ter voorkoming van schade verboden op door het college aangewezen plaatsen, fietsen of bromfietsen onbeheerd buiten de daarvoor bestemde ruimten of plaatsen te laten staan. 11. Artikel 6:1 komt te luiden: 1. Overtreding van het bij of krachtens de artikelen van deze verordening opgenomen artikelen en de op grond van artikel 1:4 daarbij gegeven voorschriften en beperkingen wordt bestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie, uitgezonderd de artikelen 2:3, 2:67 en 2:68. 2. In afwijking van het eerste lid is artikel 1a van de Wet op de economische delicten van toepassing op overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2:10 en 2:11 als sprake is van een omgevingsvergunningsplichtige activiteit en 2:12, eerste lid. 3.

In geval van overtreding van de krachtens artikel 3, derde lid, van de Wet veiligheidsregio’s gestelde regels kan het college een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste de geldboete, bedoeld in artikel 64, eerste lid van de Wet veiligheidsregio’s. 12. Artikel 6:2 komt te luiden: 1. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast: a. de toezichthouders/handhavers van het team Openbare orde en veiligheid; b. Militairen van de Koninklijke Marechaussee voor zover werkzaam binnen het grondgebied van de gemeente Den Helder; c. opsporingsambtenaren van politie als bedoeld in artikel 141 Wetboek van Strafvordering, werkzaam bij de Nationale Politie; 2. Het college dan wel de burgemeester kan daarnaast andere personen met dit toezicht belasten. 2. De Verordening tot wijziging van de Algemene plaatselijke verordening Den Helder 2021 vast te stellen.

Aldus besloten in de raadsvergadering van

10/10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.denhelder.nl/api/v1/meetings/1968/documents/20370