Voorstel Voorstel tot het vaststellen van de Financiële verordening gemeente Den Helder 2022.pdf
Tekst van het document
Raadscommissie Bestuur en Middelen Portefeuillehouder: Kees Visser
Van team: Team Financiën Adviseur: Frank Ooyevaar E-mail: f.ooyevaar@denhelder.nl
Classificatie: Openbaar
Kenmerk: 2021-015090 Begrotingswijziging: Nee
Onderwerp:
Voorstel tot het vaststellen van de Financiële verordening gemeente Den Helder 2022
Publiekssamenvatting: De Gemeentewet bepaalt in artikel 212 dat een gemeente een financiële verordening dient te hebben. Met de financiële verordening kan de gemeenteraad invulling geven aan zijn kaderstellende rol en de financiële functie van de gemeente. De raad regelt met deze verordening op hoofdlijnen de spelregels voor het financieel beleid, het financieel beheer en de financiële organisatie. Binnen de bepalingen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), waarin kortweg de regels omtrent de begroting en jaarstukken zijn opgenomen, wordt in deze verordening vastgelegd hoe de financiële huishouding en de planning en control zijn georganiseerd. De huidige verordening dateert van 2017 en als gevolg van vernieuwingen in het BBV van de afgelopen jaren en onlangs, die effect hebben op de financiële functie, bestaat aanleiding die verordening te actualiseren. Tegelijk is ook een aantal onduidelijkheden weggenomen en is de leesbaarheid vergroot.
Geadviseerd besluit 1. De Financiële verordening gemeente Den Helder 2022 vast te stellen. Bijlagen 1. Financiële verordening gemeente Den Helder 2022.docx 2. Artikelsgewijze toelichting financiële verordening.docx
Raadsvoorstel: Aanleiding en context De huidige financiële verordening ex artikel 212 Gemeentewet dateert van 2017 en als gevolg van vernieuwingen in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) van de afgelopen jaren en onlangs, die effect hebben op de financiële functie, bestaat aanleiding de verordening te actualiseren. Tevens is daarbij van de gelegenheid gebruik gemaakt de verordening te moderniseren. Zo zijn teksten vereenvoudigd, overbodige (onderdelen van) artikelen verwijderd, en nieuwe artikelen c.q. onderdelen toegevoegd. Ook is een aantal onduidelijkheden weggenomen. Ten slotte is ervoor gekozen om consequenter voor de verschillende aspecten te verwijzen naar op te stellen dan wel te actualiseren beleidskaders. Doelen en resultaten Met het besluit tot vaststellen van de voorgestelde Financiële verordening gemeente Den Helder 2022 zijn de uitgangspunten voor het financieel beleid, het financieel beheer en de wijze waarop de raad invulling wenst te geven aan zijn kaderstellende rol voor de financiële functie weer actueel en gemoderniseerd. Kaders en omstandigheden De Gemeentewet geeft de wettelijke kaders voor gemeenten hun financiële functie in te richten. De verplichting voor een financiële verordening staat in artikel 212 van de Gemeentewet.
De bedoeling is dat de gemeente regels stelt voor hoe zij om wil gaan met haar financiële middelen, binnen de kaders van hogere regelgeving, zoals de Gemeentewet en het BBV, maar ook bijvoorbeeld de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en regels omtrent staatssteun of de Wet markt en overheid (M&O). In het BBV is een aantal zaken veranderd de afgelopen tijd. Daarmee liep de huidige verordening achter bij de regels. Een voorbeeld is de stresstest die naar aanleiding van de financiële crisis in 2008 werd ingesteld; deze is vervangen door het opnemen van relevante financiële indicatoren. In de huidige verordening werd niet consistent omgegaan met diverse belangrijke aspecten: sommige werden inhoudelijk uiteengezet; voor andere werd verwezen naar een beleidskader. Nu is consequent verwijzing naar beleidskaders toegepast, waarmee aan de ene kant de nieuwe verordening korter en leesbaarder is en aan de andere kant de verschillende onderwerpen voldoende aandacht krijgen in samenhangende beleidskaders. Voorgesteld is deze beleidskaders niet meer automatisch elke vier jaar opnieuw aan te bieden maar dat te laten afhangen van de vraag of zich relevante wijzigingen in de regelgeving of andere ontwikkelingen voordoen die daartoe aanleiding geven. Zoals bekend zijn er in 2022 verkiezingen en dat is een logisch moment om de visie op de P&C-cyclus te evalueren en te actualiseren.
Ook dat kan een aanleiding zijn om bepaalde beleidskaders tegen het licht te houden en te actualiseren. De huidige verordening bevatte een aantal onduidelijkheden, waarvoor nu geprobeerd is duidelijkheid te geven. Het belangrijkste punt is het volgende: In de huidige verordening is in artikel 5 opgenomen dat het college de raad vooraf informeert wanneer overschrijdingen van (bestaande) budgetten dreigen. Formeel betekent dit dat elke euro overschrijding vooraf aan de raad gemeld zou moeten worden. In de praktijk gebeurt dit via de tussenrapportages of, bij belangrijke onderwerpen, via een afzonderlijk raadsvoorstel. Om een duidelijkere procedure te krijgen is dit als volgt aangepast: Artikel 6: Het college informeert de raad zo spoedig mogelijk over majeure afwijkingen in de uitvoering van de begroting. Het begrip ‘majeure afwijkingen’ biedt ruimte voor het college dit begrip nader in te vullen, te bepalen en politiek af te wegen, afhankelijk van de concrete situatie. De Gemeentewet geeft al het inhoudelijke kader voor dit artikel. Het toepassen van dit artikel zal vooral gebeuren in die gevallen dat het college van mening is dat sprake is van ingrijpende gevolgen voor de gemeente. Als geen sprake is van majeure afwijkingen en geen ingrijpende gevolgen voor de gemeente aan de orde zijn, worden
2/5
afwijkingen van bestaande budgetten door middel van de tussenrapportages aan de raad voorgelegd. Daarbij gelden de bepalingen zoals die in artikel 7 zijn opgenomen. Daarmee is nu duidelijk omschreven dat het college/de organisatie moet afwegen of een afwijking vooraf met de raad moet worden gedeeld of dat opname in de tussenrapportage daarvoor passend is (achteraf melden). Voor besluiten tot aankoop van nieuwe goederen, diensten of werken, die dus nog niet in het financiële kader zijn opgenomen, zijn in artikel 8 grenzen bepaald wanneer het college de raad daarover eerst moet consulteren voordat het college daadwerkelijk besluit. Dit is ten opzichte van de huidige verordening (artikel 7) niet veranderd. Argumenten en alternatieven De financiële verordening moet ‘waarborgen dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan (artikel 212, lid 1) en moet in elk geval regelen: de waardering en afschrijving van activa, de berekening van prijzen en tarieven, en de ‘te hanteren richtlijnen en limieten van de financieringsfunctie’ (artikel 212, lid 2). Uitgangspunt bij het samenstellen van deze nieuwe verordening is zoveel mogelijk te vermijden datgene dat in hogere regelgeving is vastgelegd te herhalen. Aan die regels moet de gemeente zich immers toch wel houden, of we ze nu in de verordening opnemen of niet.
Opname in de verordening maakt deze onnodig lang en kan verwarring scheppen over welke regels we als gemeente kunnen veranderen, en welke niet. In die zin is de modelverordening van de VNG, die dateert van 2016 en is gehanteerd bij de te vervangen verordening en weliswaar nu ook nog als basis dient, op onderdelen losgelaten. Daar waar mogelijk is ook een vorm van ‘deregulering’ toegepast en zijn artikelen zo kort mogelijk, maar tevens zo duidelijk mogelijk geschreven. De aangepaste verordening is ook juridisch tegen het licht gehouden om na te gaan of die voldoende robuust is. Een ander uitgangspunt is geweest in de verordening zoveel als mogelijk de hoofdregels op te nemen en daar waar nader beleid c.q. nadere uitvoering op moet volgen dit in ‘beleidskaders’ te doen. Daarmee wordt de omvang van de verordening belangrijk kleiner, maar vooral meer leesbaar. Dat betekent dat onze beleidskaders tegen het licht moeten worden gehouden of deze voldoen aan deze verordening en de actuele regels van het BBV. Dat is een volgende stap. Daarbij is ook de artikelsgewijze toelichting die bij deze verordening hoort, in die zin onder de loep genomen. Die leesbaarheid is naast correctheid, ook in die toelichting een uitgangspunt geweest. Aangezien de verordening daardoor feitelijk min of meer volledig is vernieuwd is er niet voor gekozen een opsomming van verschillen op te nemen.
Wél zijn in de artikelsgewijze toelichting bij belangrijke aanpassingen deze gememoreerd en is zoveel mogelijk ook opnieuw uitgelegd wat de artikelen beogen. Bestuurlijke vernieuwing Het voorstel is niet referendabel op grond van artikel 2, lid k van de Referendumverordening gemeente Den Helder 2012. De leesbaarheid en duidelijkheid is vergroot met de voorgestelde aanpassingen. Duurzaamheid Dit onderdeel is voor dit voorstel niet van toepassing. Financiële consequenties Er zijn bij het vaststellen van de Financiële verordening gemeente Den Helder 2022 geen directe financiële consequenties, in de zin van kosten en opbrengsten. Uitvoering en planning Na de vaststelling van de voorliggende verordening zal deze met ingang van het begrotingsjaar 2022 van kracht zijn.
3/5
Communicatie De verordening wordt op de gebruikelijke (en voorgeschreven) wijze gepubliceerd en opgenomen in de nationale regelingenbank.
Den Helder, 26 oktober 2021 Burgemeester en Wethouders van Den Helder,
burgemeester J.A. (Jan) de Boer MSc.
secretaris R.M. (Robert) Reus
4/5
CONCEPT - Raadsbesluit Raadsvergadering d.d. Besluit nummer
2021-015090
Onderwerp
Voorstel tot het vaststellen van de Financiële verordening gemeente Den Helder 2022
De raad van de gemeente Den Helder; gelezen het raadsvoorstel van het college van burgemeester en wethouders van Den Helder van 26 oktober 2021,
besluit: 1. De Financiële verordening gemeente Den Helder 2022 vast te stellen.
Aldus besloten in de raadsvergadering van
5/5