Voorstel Voorstel tot het vaststellen van de Financiële verordening gemeente Den Helder 2024.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad Portefeuillehouder: Peter van Diepen
Van team: Team Financiën Adviseur: Willy Schurink E-mail: w.schurink@denhelder.nl
Classificatie: Openbaar
Kenmerk: 2023-041156 Begrotingswijziging: Nee
Onderwerp:
Voorstel tot het vaststellen van de Financiële verordening gemeente Den Helder 2024
Publiekssamenvatting: De Gemeentewet bepaalt in artikel 212 dat een gemeente een financiële verordening dient te hebben. Met de financiële verordening stelt de raad kaders vast van het financieel beleid en de financiële functie van de gemeente. De raad regelt met deze verordening op hoofdlijnen de spelregels voor het financieel beleid, het financieel beheer en de financiële organisatie. Binnen de bepalingen van het Besluit begroting en verantwoording (provincies en gemeenten), waarin kortweg de regels omtrent de begroting en jaarstukken zijn opgenomen, wordt in deze verordening vastgelegd hoe de financiële huishouding en de planning en control zijn georganiseerd. De huidige verordening dateert van 2017. In de afgelopen jaren is er veel veranderd, onder ander op het gebied van wet- en regelgeving. Daarnaast is in 2023 de Visie op Planning en Control vastgesteld. De Financiële verordening gemeente Den Helder 2024 is hiermee in lijn gebracht. Geadviseerd besluit 1. de Financiële verordening gemeente Den Helder 2024, zoals opgenomen in bijlage 1, vast te stellen; 2. de Nota kostprijsberekening 2006, zoals opgenomen in bijlage 3, in te trekken.
Raadsvoorstel: Aanleiding en context Naast het feit dat het vaststellen van een financiële verordening in lijn met de geldende wet en regelgeving verplicht is, stelt u met de financiële verordening ook financiële beleidsregels vast. Met het vaststellen van deze geactualiseerde financiële verordening voldoen we aan wet- en regelgeving en geven we invulling aan uw doelen om te komen tot een verbetering van de beheersbaarheid van de financiële administratie. Doelen en resultaten Met deze actualisatie hebben we de volgende doelen voor ogen: - Voldoen aan nieuwe wet- en regelgeving - Transparant en eenduidig financieel beleid - Integratie van beleidsnota’s In deze verordening worden verschillende financiële beleidswijzigingen voorgesteld. Het doel daarvan is onder andere om aan te sluiten bij de informatiebehoefte van de gemeenteraad en het college en bij de doelen voor het versterken van de beheersbaarheid en vereenvoudiging van de financiële administratie zoals opgenomen in de Visie Planning en Control. Zo worden er onder andere naast de financieel technische beleidskaders ook kaders vastgesteld die de informatiepositie van de raad betreffen, zoals de rapporteringsgrens. Kaders en omstandigheden De Gemeentewet schrijft voor dat iedere gemeente een financiële verordening vaststelt. De huidige verordening is in 2017 vastgesteld.
Naar aanleiding van verschillende wijzigingen in wet- en regelgeving stellen we voor om de verordening te actualiseren. Zo voldoet deze weer aan de gestelde (wettelijke) eisen. Argumenten en alternatieven De financiële verordening was verouderd en bij het actualiseren is ervoor gekozen om de verordening zodanig op te stellen dat deze goed leesbaar is. De nieuwe voorliggende financiële verordening is flink herzien als gevolg van de genoemde wens om aan te sluiten bij de Visie Planning en Control en de aanpassingen vanuit wet- en regelgeving. Hierdoor is een één op één vergelijking niet eenvoudig te maken. De belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de vorige financiële verordening zijn: 1. In artikel 4 wordt voorgesteld, vanwege nieuwe regelgeving, om incidentele baten en lasten in beeld te brengen die groter zijn dan € 100.000. Hierbij is aangesloten bij de bestaande rapporteringsgrens in de tussenrapportages van onze gemeente. Het vaststellen van een grens is een aanbeveling van de commissie BBV. Het doel is namelijk te komen tot een inzicht op hoofdlijnen in een meerjarig structureel en reëel beeld. Gezien de omvang van de gemeente Den Helder is € 100.000 een werkbare grens. 2. In artikel 7 zijn de verschillende aspecten van de tussenrapportage benoemd. De tussenrapportages krijgen als uitwerking van de Visie Planning en Control een verschillend karakter.
De eerste tussenrapportage is meer gericht op de inhoud en eventuele grotere financiële afwijkingen (bijvoorbeeld vanuit de jaarrekening). De tweede rapportage biedt een integraal beeld, waarbij de afwijkingen op de verschillende onderdelen aan de orde gesteld kunnen worden. Bij een integraal beeld hoort ook eventuele afwijkingen binnen grondexploitaties. Deze voegen wij dan ook toe in de tussenrapportage. 3. In artikel 7 is ook de rapporteringsgrens opgenomen. De huidige rapporteringsgrens voor verwachte afwijkingen ligt op € 100.000 op programmaniveau. In de voorliggende verordening is de hoogte van de grens gehandhaafd maar toegepast op taakveldniveau. Deze grens past beter bij het sturen en monitoren op het gewenste inhoudelijke niveau. Ook voor de toekomst biedt dat een solide houvast, los van een programma indeling. De tendens bij veel gemeenten is om te gaan naar een beperkt aantal programma’s met per programma verschillende beleidsterreinen. Daarbij past het toepassen van een rapporteringsgrens op taakveldniveau.
2/5
4.
5.
6.
7.
Onderdeel van het implementatieplan van de Visie Planning en Control is ook om de huidige programma-indeling nader te bezien. Artikel 9 gaat over de vast te stellen financiële beleidskaders. Het voorstel is om vierjaarlijks het bestaande beleid te toetsen. Op basis van deze toetsing vindt eventueel een actualisatie van het beleid plaats. Wanneer uit de toetsing blijkt dat een actualisatie niet nodig is, wordt de raad hierover geïnformeerd via een raadsinformatiebrief. In dit artikel is niet de nota kostprijsberekening opgenomen aangezien de kaders in de financiële verordening zijn opgenomen in artikel 11. De nota is vooral uitvoerend van aard en past daarbij niet in de kaderstellende en strategische rol van de raad. Ook het beleidskader Openbare ruimte, dat eerder in het advies van de auditcommissie van 7 juni 2023 is genoemd, is niet opgenomen. Dit is namelijk geen financieel beleidskader. Deze komt wel (indirect) aan de orde bij artikel 15. Hier wordt naar de inhoudelijke beheerplannen verwezen. In artikel 14 is de informatieplicht aangescherpt naar de dagelijkse praktijk zoals daar de afgelopen jaren invulling aan gegeven is. Dit betreft het aangaan van financiële verplichtingen die vooraf worden voorgelegd aan de raad.
De wijziging betreft dat de inkadering alleen nog de verplichtingen betreffen voor zover deze niet in overeenstemming zijn met de door de raad vastgestelde financiële kaders. Als financiële kaders typeren wij het meerjarenperspectief als vervat in de (meerjaren)begroting. Dit betreft aan- en verkoop van goederen, diensten of werken vanaf € 100.000 en meerjarige verplichtingen vanaf € 50.000 per jaar. Artikel 15 betreft de paragrafen in de begroting en jaarstukken. Een aantal onderdelen die het college opneemt in de paragraaf bedrijfsvoering zijn hierin benoemd. Artikelen 15 lid 3d, 4a en 4b hebben betrekking op de rechtmatigheidsverantwoording. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de financiële verordening neemt het college deze onderdelen ook al op in de jaarstukken. In aanvulling op punt 6 gaat artikel 19 verder in op de kaders voor de rechtmatigheidsverantwoording. Dit is in aanvulling op de kaders uit het beleidskader rechtmatigheid. De rechtmatigheidsverantwoording betreft nieuwe wetgeving waar gemeenten inhoud aan moeten geven vanaf het jaar 2023. Met dit artikel wordt voorkomen dat over een te hoge mate van detaillering verantwoording moet worden afgelegd, waar ook de interne organisatie op afgestemd moet zijn. Ook dit artikel zal het college toepassen op de jaarstukken 2023.
Bestuurlijke vernieuwing Op grond van de Referendumverordening 2012 artikel 2 onder e (vaststelling en wijziging van de gemeentelijke begroting en rekening) komt het voorstel niet in aanmerking voor een referendum. Duurzaamheid Dit onderdeel is voor dit voorstel niet van toepassing. Financiële consequenties Er zijn bij het vaststellen van de Financiële verordening gemeente Den Helder 2024 geen directe financiële consequenties. Uitvoering en planning Na vaststelling door de raad wordt deze verordening vanaf 1 januari 2024 het geactualiseerde uitgangspunt voor het financieel beleid, het financieel beheer en de financiële organisatie. Communicatie Dit onderdeel is voor dit voorstel niet van toepassing.
Den Helder, 10 oktober 2023 Burgemeester en Wethouders van Den Helder,
3/5
burgemeester J.A. (Jan) de Boer MSc.
secretaris M.J. (Marc) Pothast
4/5
CONCEPT - Raadsbesluit Raadsvergadering d.d.
27 november 2023
Besluit nummer
2023-041156
Onderwerp
Voorstel tot het vaststellen van de Financiële verordening gemeente Den Helder 2024
De raad van de gemeente Den Helder; gelezen het raadsvoorstel van het college van burgemeester en wethouders van Den Helder van 10 oktober 2023,
besluit: 1. de Financiële verordening gemeente Den Helder 2024, zoals opgenomen in bijlage 1, vast te stellen; 2. de Nota kostprijsberekening 2006, zoals opgenomen in bijlage 3, in te trekken.
Aldus besloten in de raadsvergadering van 27 november 2023
5/5