Vergunningverlening, toezicht en handhavingsbeleid 2019-2021, gemeente Den Helder.pdf
Tekst van het document
Aangezien steeds meer regelgeving landelijk geregeld is, is het aantal regels in de bouwverordening nog maar minimaal. Het betreft met name normen en regels ten aanzien van de plaats van gevelaanzichten en rooilijnen voor zover bestemmingsplannen daarin niet voorzien. De verwachting is dat de bouwverordening op termijn helemaal zal verdwijnen. Zolang de bouwverordening bestaat zal iedere aanvraag aan de daarin opgenomen voorschriften worden getoetst. Beoordelingskader monumenten Aanvragen om omgevingsvergunningen voor monumenten (het wijzigen ervan) vragen bijzondere aandacht om te voorkomen dat onomkeerbare schade wordt toegebracht aan cultuurhistorisch erfgoed. Dergelijke aanvragen worden altijd ter advisering voorgelegd aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit en
dienen na invoering van de Omgevingswet nog steeds door een commissie beoordeeld te worden. Verder wordt aangesloten bij de strategie voor aanvragen om omgevingsvergunning activiteit bouwen, aangezien voor vrijwel alle veranderingen aan een monument ook een dergelijke vergunning vereist is. Door de intensiteit van toetsing en toezicht ten aanzien van monumenten te vergroten worden voldoende waarborgen verkregen tegen onherstelbare schade aan of vernietiging van monumentale waarden in Den Helder. Meldingen sloop en asbestverwijdering Toetsing vindt plaats aan de hand van de hiervoor bestemde regelgeving. Ook de ODNHN kan hiervoor worden ingeschakeld. Bodem, bouwstoffen en grondstromen Voor deze aspecten wordt advies gevraagd bij de ODNHN. Als het om zelfstandige aanvragen of meldingen gaat dan worden deze in behandeling genomen door de ODNHN. Natuurbescherming, flora en fauna Indien een aanvraag betrekking heeft op de activiteit handelen in een natuurbeschermingsgebied of dat deze activiteit nadelige gevolgen kan veroorzaken voor de aanwezige flora en fauna vanwege verstoring of vernietiging van de habitat van soorten dan dient hiervoor een verklaring van geen bedenkingen te worden aangevraagd bij de provincie. De activiteit maakt onderdeel uit van de vergunning. De toets of de Wet Natuurbescherming aan de orde is wordt door de casemanager gedaan.
De inhoudelijke toetsing ten aanzien van natuurbescherming en/of flora en fauna vindt plaats door de provincie. De resultaten worden opgenomen in de vergunning. Aanleggen van een uitrit, vellen van een houtopstand en reclamevergunning Voor aanvragen om omgevingsvergunningen op grond van de Wabo, die als wettelijke basis in de APV zijn geregeld, vindt toetsing primair plaats op grond van de bepalingen in de APV. Naast deze publiekrechtelijke toetsing dienen ook privaatrechtelijke afspraken gemaakt te worden als de activiteiten plaatsvinden op publieke gronden. Dit is met name het geval bij het aanleggen van inritten. Dit wordt afgestemd met team Openbare Ruimte. In het geval van uitritten wordt de aanvraag getoetst aan het bestemmingsplan en wordt advies gevraagd aan een van de verkeersdeskundigen. Van kappen is sprake als een boom of houtopstand geveld wordt of indien er zeer drastisch gaat worden gesnoeid, zoals bijvoorbeeld het verwijderen van een kroon uit een boom. Brandveilig gebruik De toets op de brandveiligheidsaspecten die betrekking hebben op het brandveilig gebruik van een bouwwerk wordt, in het geval van complexe en risicovolle aanvragen, uitgevoerd door de brandweer (onderdeel van de Veiligheidsregio’s). De eenvoudiger gevallen worden getoetst en beoordeeld door de behandelende vergunningverleners.
Bouwleges De gemeente heft leges voor de behandeling van aanvragen om omgevingsvergunningen waarin sprake is van activiteiten zoals bouwen, kappen, wijzigen van monumenten, etc. Ook voor andere vergunningen worden leges in rekening gebracht, zoals bij Drank- en Horecavergunningen en besluiten op grond van de APV zoals bij evenementen.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
57
Algemene plaatselijke verordening (APV) In de APV heeft de gemeente de mogelijkheid extra regels te verbinden aan activiteiten die in de leefomgeving plaatsvinden. Voor een aantal activiteiten dient op basis van de APV vooraf een vergunning te worden aangevraagd. Er zijn ook activiteiten waarvoor een ontheffing moet worden aangevraagd of een melding moet worden gedaan. Een vergunning is bijvoorbeeld nodig voor (risicovolle) evenementen, of evenementen die (grote) overlast veroorzaken voor de omgeving of die openbare orde- en veiligheidsrisico’s met zich meebrengen. Met de voorwaarden in de vergunning kan preventief het risico en de overlast voor de omgeving tot een minimum beperkt worden. De toetsing van activiteiten op grond van de APV is als volgt. Evenementen De APV maakt onderscheid tussen vergunningplichtige- en meldingsplichtige evenementen. - Meldingsplichtige evenementen hebben een beperkte impact op de directe omgeving en moeten voldoen aan een aantal criteria. De meldingen worden door de gemeente getoetst. Afhankelijk van de activiteit kan dit bijvoorbeeld aan een verkeersbesluit zijn of de Drank- en Horecawet. De melder ontvangt een bericht van de acceptatie van zijn melding met daarbij eventuele aanvullende voorschriften en/of aandachtspunten bij het organiseren van het evenement.
- Vergunningplichtige evenementen hebben een grotere impact op de directe omgeving en een hoger risico voor wat betreft veiligheid en openbare orde. Aanvragen worden standaard getoetst op volledigheid, veiligheid en of er overlast beperkende maatregelen (dienen te) worden getroffen. Bij constructies zoals tribunes of tenten geplaatst wordt advies gevraagd aan de casemanagers Wabo. De toetsing betreft ook het element geluid en mogelijk geluidsoverlast. Is een organisator nog niet bekend is bij de gemeente dan wordt hij, zo mogelijk nog voordat de aanvraag formeel ingediend wordt, uitgenodigd voor een overleg. Overig APV-vergunningen, -ontheffingen en - meldingen Alle overige vergunningen, ontheffingen en meldingen die op basis van de APV worden aangevraagd worden in principe getoetst aan de geldende regels. Zo nodig wordt bij collega’s en externe partijen om advies gevraagd. De diepgang van die toetsing hangt af van de prioriteit die hieraan is toegekend. Zeker voor aanvragen voor seksinrichtingen en speelautomatenhallen geldt een diepgaande toetsing. Deze inrichtingen zijn op grond van bestemmingsplannen zeer beperkt mogelijk. Aanvragen voor een nieuwe vergunning of wijzigingen op de bestaande vergunning worden deze uitgebreid getoetst vanwege het hoge risico voor zowel overlast en veiligheid van de omgeving.
Overige gemeentelijke regelgeving Aanvragen die betrekking hebben op overige gemeentelijke regelgeving wordt altijd volledig getoetst op volledigheid. De diepgang van die toetsing hangt af van de prioriteit die hieraan is toegekend. Het gaat hier bijvoorbeeld om standplaatsvergunningen en vergunningen voor de aanwezigheid van kansspelautomaten.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
58
Drank- en Horecawet De Drank- en Horecawet vereist dat ieder bedrijf of instelling die alcoholhoudende dranken schenkt en/of verkoopt voor gebruik ter plaatse hiervoor een vergunning heeft. Voor slijterijen, waar alcohol verkocht wordt met een promillage van meer dan 15% voor gebruik elders dan ter plaatse, geldt eveneens een vergunningplicht. Aanvragers van een Drank- en Horecawetvergunning worden altijd in persoon uitgenodigd om hun aanvraag toe te lichten. Bovendien is dit een gelegenheid om toe te lichten welke stukken op grond van de wet aangeleverd moeten worden bij de aanvraag en de aanvrager te wijzen op grond van andere regelgeving waarvoor wellicht ook een vergunning aangevraagd moet worden. Dit kan bijvoorbeeld een exploitatievergunning zijn, een melding op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer of een aanwezigheidsvergunning in verband met de aanwezigheid van een speelautomaat. Bij wijziging van een bestaande vergunning wordt de aanvraag alleen getoetst aan het onderdeel dat gewijzigd wordt (bijvoorbeeld het wijzigen van het aanhangsel vanwege een verandering in de leidinggevenden). De Drank- en Horecawet bepaalt uitputtend welke bijlagen bij de aanvraag om vergunning gevoegd moeten worden. Elke aanvraag wordt volledig getoetst en zo nodig worden er voorschriften aan de vergunning verbonden.
De inrichting wordt voordat deze in gebruik wordt genomen altijd gecontroleerd op de inrichtingseisen door toezichthouders. Bovendien wordt de politie altijd om advies gevraagd. Wet Bibob De Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) geeft de gemeente de mogelijkheid de achtergrond van een bedrijf of persoon te laten onderzoeken. Als er ernstig gevaar dreigt dat een vergunning of subsidie wordt misbruikt of gefinancierd wordt met geld dat mogelijk wordt “witgewassen” kan de gemeente de aanvraag weigeren of de afgegeven vergunning of subsidie intrekken. De gemeente Den Helder heeft Bibob-beleid vastgesteld. Bij toetsing aan de Wet Bibob wordt eerst door de gemeente onderzoek gedaan naar de persoon van de aanvrager en de door hem overhandigde financiële gegevens. Indien na dit onderzoek vragen blijven bestaan over de bedrijfsstructuur, de financiering en/of omstandigheden in de persoon van de aanvrager of indien de vergunning betrekking heeft op: - een geografisch bepaald gebied dat als probleemgebied is aangewezen door het bestuursorgaan; - een bepaalde sector/branche die als risicovol is aangemerkt door het bestuursorgaan; - een combinatie van bovenstaande punten; zal advies worden gevraagd bij het Regionaal Inlichtingen en Expertisecentrum (RIEC) of het Landelijk Bureau BIBOB.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
59
Bijlage 4. Wijze van toezicht Handhaving vraagt om verschillende vormen van toezicht. Niet voor elke situatie kan toezicht hetzelfde zijn. De soort controle is afgesteld op de situatie. Het controleren van een verleende vergunning voor een woning is heel wat anders dan toezicht houden op hondenoverlast. Hieronder staat beschreven hoe we toezicht houden op de verschillende taakthema’s. Wabo/omgevingsrecht (risico gericht en projectmatig) Het toezicht op de realisatie van bouwwerken vormt voor de toezichthouders Wabo (ook wel toezichthouders bouw- en woningtoezicht genoemd) de grootste taak. Ook andere zaken, zoals illegale bouw en gebruik zullen de nodige aandacht krijgen. Met de toezichthouders openbare ruimte zullen afspraken gemaakt worden voor de controles in het kader van omgevingsvergunningen kappen en inritvergunningen. Toezicht tijdens de realisatiefase Risicovolle bouwwerken die vergund zijn, worden tijdens de realisatiefase minimaal één keer gecontroleerd. Na de startmelding, een melding (klacht) van omwonenden of na een eigen constatering dat de bouw is gestart neemt de toezichthouders contact op met de betreffende partij(en). Tijdens dit contact worden de verdere controle momenten besproken. Elk bouwproject is voorzien van een toezichtdossier met daarin een gedegen verslaglegging inclusief eindrapportage van de controle(s).
Hoeveel controle momenten er zijn is afhankelijk van het soort bouwwerk. De toezichthouders controleren bouwwerken waarvan de vergunningen niet risicovol zijn, alleen visueel. Bij kleine niet risicovolle bouwwerken gaat het dan bijvoorbeeld om vlaggenmast, lichtmasten, kozijnwijzigingen. Het niet uitvoeren van een daadwerkelijke naschouw op deze bouwwerken betekent ook dat handhaving op dergelijke dossiers, mocht dat ooit nodig zijn, lastiger is vanwege het ontbreken van een naschouw. Meldingen over dergelijke dossiers krijgen bij handhaving dus ook een lage prioriteit. Indien er een melding/klacht binnenkomt gedurende de uitvoering gaat de toezichthouder hier hetzelfde mee om als bij een risicovol bouwwerk. Dit houdt in dat hier dan wel een toezichtdossier voor wordt gemaakt. Toezicht bestaande bouwwerken en bestemmingsplannen (actief op funderingen en taken/projecten ruimtelijke kwaliteit en passief op meldingen) De gemeente zet actief toezicht in bij funderingen. Dit vanwege de urgentie. Daarnaast zetten we actief toezicht in op enkele thema’s en projecten die bijdragen aan de ruimtelijke kwaliteit van de stad. Deze taken en projecten nemen we ieder jaar op in het uitvoeringsprogramma. Op alle andere gebieden houdt de gemeente vooral passief toezicht op basis van meldingen. De toezichthouders onderzoeken of er sprake is van een overtreding.
Afhankelijk van de soort overtreding en de situatie wordt de melding telefonisch behandeld of volgt er een controle ter plaatse. Bij handhavingsverzoeken wordt altijd een handhavingstraject gestart. Spoedeisende en gevaarlijke situaties worden wel actief opgepakt. Op de ruimtelijke regels, houden de toezichthouders beperkt toezicht (passief). Wij laten ons bij onze inzet op dit vlak vooral leiden door meldingen/verzoeken om handhaving en evidente excessen. Wel zal er actief toezicht zijn op illegale bewoning. Toezicht op DHW en horeca (actief) De gemeentelijke toezichthouders en de Buitengewoon opsporingsambtenaren (Boa’s) houden toezicht op naleving van de Drank- en Horecawet (DHW) en de Algemene plaatselijke verordening (APV). De toezichthouders horeca houden toezicht op de horecabedrijven, controleren bij evenementen waar ook leeftijd controles worden uitgevoerd en houden zich bezig met ondermijningszaken/RIEC-zaken. De Boa’s Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
60
concentreren zich ook op de DHW/APV in de openbare ruimte. De nadruk ligt op het bezit en gebruik van alcohol in de alcoholverbod zones, overlast en leeftijdscontroles in supermarkten, slijterijen en paracommerciële instellingen. Er zijn verschillende soorten controles zoals: basiscontrole op inrichtingen: (integraal) controleren op de aanwezigheid van de vereiste vergunningen en het naleven van de in de vergunning gestelde voorschriften, zoals bijvoorbeeld de aanwezigheid van leidinggevende(n), naleving van de terrasvoorschriften en bepalingen uit de DHW; leeftijdscontrole bij drankvertrekkers: controle op het verstrekken van alcohol aan jongeren onder de 18 jaar; controle bij evenementen: controleren op vergunningen/ontheffingen en leeftijd bij evenementen waar veel jongeren aanwezig zijn; controle op het bezit van alcohol door jongeren onder 18 jaar in de openbare ruimte en alcoholverbod zones. Evenementen (actief) Tijdens evenementen is de organisator in de eerste plaats belast met het bewaken van de openbare orde en veiligheid op het evenemententerrein en binnen een straal van 250 meter hieromheen. De toezichthouders en boa’s controleren de algehele veiligheid, of wordt voldaan aan de voorwaarden verbonden aan de vergunning, of het terrein schoon wordt achtergelaten, of de uitgangen vrij zijn voor de nooddiensten en parkeren.
Ook samen met toezichthouders Wabo en toezichthouders brandveiligheid houden zij toezicht op constructieve veiligheid en brandveiligheid tijdens de opbouw van het evenement. Bevindingen van de toezichthouders maken onderdeel uit van de evaluatie van de evenementen en kunnen doorwerken in de vergunningverlening in de toekomst. Toezicht brandveilig gebruik bouwwerken (actief, planmatig, routinematig en projectmatig) In Den Helder vallen ongeveer 1200 objecten/bouwwerken onder de vergunningplicht van brandveilig gebruik en gebruiksmeldingsplicht. De toezichthouders brandveiligheid controleren bouwwerken conform het landelijke Preventieactiviteiten plan (PreVap). PreVap geeft voor elke gebruiksfunctie van het bouwwerk en het aantal personen een prioriteit aan. De risicoindeling van gebouwen is 1 t/m 4. Risico 1 en 2 zijn risicovoller dan risico 3 en risico 4. Hieruit volgt een planning van controles brandveilig gebruik, waarbij gebouwen, zoals verzorgingshuizen, met de grootste risico’s vaker gecontroleerd zullen worden. Van de standaard planning PreVap wordt door de gemeente inmiddels bij bepaalde objecten afgeweken.
- Winkels < 50 personen en in de categorie sport kleine gymzaaltjes, worden nu niet bezocht en worden in het systeem met 3 jaar vooruit in de tijd weggezet - Gebouwen met een oppervlakte van <1.000 m2 en met < 50 personen worden nu niet bezocht en worden in het systeem met 1 jaar vooruit in de tijd weggezet Verder worden de volgende richtlijnen aangehouden bij gebouwen met <50 personen die wel worden bezocht en in het systeem doorgezet moeten worden: - Gebouwen <1000m2 o kantoorfunctie => volgende bezoek over drie jaar, o industriefunctie => drie jaar o bijeenkomstfunctie zoals kerken en cafés => 3 jaar - Voor allen geldt notoire overtreder dan 1 jaar Gebouwen > 1000m2 => volgende bezoek over 1 jaar, is het twee jaar achter elkaar goed dan vervolgcontrole over 2 jaar. Dit resulteert in een jaarlijkse lijst van controles. Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
61
Het toezicht op het brandveilig gebruik van bouwwerken zal geleidelijk plaats maken voor meer voorlichting en het bewust maken van de burger en instellingen op het gebied van brandveiligheid. Dat neemt niet weg dat we de bouwwerken met een verhoogd risico in beeld willen houden door toezicht te houden op het brandveilig gebruik van deze bouwwerken. Naast de jaarlijkse lijst van controles voeren de toezichthouders brandveiligheid: themacontroles (o.a. horeca, feestdagen in december en (sport)evenementen en eventueel in overleg met brancheverenigingen) uit. signaaltoezicht (ogen en oren van anderen gebruiken: meldingen van burgers, toezichthouders etc.) Afhankelijk van de overtreder en gevoel dat de toezichthouder heeft is het naleefgedrag gebaseerd. De toezichthouders brandveiligheid geven ook prioriteit aan gebruiksfuncties waarvoor geen vergunning-/ of meldingsplicht geldt zoals woonfuncties met zorg en woongebouwen met inpandige gangen. Hier wordt veel preventief toezicht ingezet bijvoorbeeld in de vorm van voorlichting. De toezichthouders brandveiligheid zullen de komende jaren in verband met de veranderingen in de zorg en de transitie naar een andere gebruiksfunctie van een bouwwerk extra aandacht aan deze ontwikkelingen besteden. Toezicht kinderopvang (risico gericht) De GGD werkt op grond van risicoprofielen.
Dit houdt in dat een voorziening voor kinderopvang middels een risicomodel een kleur krijgt toegekend waarin de mate van zorg bij de locatie kleurgewijs toeneemt. Groen, (geen zorg) middels geel, oranje tot rood, (grote zorg). Hoe groter de zorg hoe meer en uitgebreider er toezicht zal worden gehouden. Toezicht milieu en bodem (preventief, risico gericht) De ODNHN hanteert verschillende vormen van toezicht, dit kan zowel fysiek, administratief of anderszins plaatsvinden. De ODNHN bepaalt welke vorm van toezicht in een specifieke situatie het meest efficiënt is. Uitvoering is bij voorkeur gericht op preventie en het (laten) waarmaken van eigen verantwoordelijkheid. Maar waar nodig is sprake van interventie met een intensiteit die proportioneel en effectief is. Om de bestaande kans op overtredingen en klachten te laten afnemen, werkt de ODNHN op programmatische basis met een risicogerichte benadering van het toezicht. Dit betekent dat er uitvoeringsprogramma’s worden opgesteld, met concrete afspraken over de uitvoering, zoals de wijze waarop spontane naleving wordt bevorderd, de frequentie en intensiteit van het toezicht, de aard van eventuele interventies en de manier waarop het nalevingsgedrag wordt gemonitord.
Toezicht in de openbare ruimte (preventief, actief, gebiedsgericht, informatie gestuurd, projectmatig, surveillance) De toezichthouders/Boa’s in de openbare ruimte werken in verschillende diensten per dag. Zij zijn zichtbaar aanwezig. Zij spreken bewoners aan op hun gedrag en geven preventief voorlichting over de geldende regels. Daarbij werken zij steeds meer wijkgericht. In 2018 zijn twee wijkboa’s aangewezen. De inzet baseren we op informatie die wij continue verzamelen aan de hand van meldingen, eigen waarnemingen tijdens de surveillance en acties over eventuele risico’s voor de veiligheid en gezondheid in een bepaalde gebieden/ thema’s/onderwerpen. Toezichthouders/Boa's houden zich onder andere bezig met: gastheerschap, zichtbaar aanwezig en aanspreekbaar in de wijk; toezicht op groepen jeugd(overlast), vandalisme, drank- en drugsgebruik in de openbare ruimte; de wijze waarop inwoners met hun afval omgaan (rommel) naast containers; Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
62
hinderlijk of gevaarlijk geparkeerde fietsen, brommers en scooters; niet aangelijnde honden, honden in aangewezen verboden gebieden en het bij je hebben van een opruimmiddel voor hondenuitlaters; fout parkeren van voertuigen en fietsen, parkeren van aanhangwagens of caravans langer dan drie dagen op de openbare weg en verkeersveiligheid bij (basis)scholen; verkoop, bezit en gebruik van alcohol aan minderjarigen; inzien van het Digitaal Opkopersregister (om heling te voorkomen); naleving opgelegd aanlijn- en muilkorfgebod gevaarlijke honden; voertuigwrakken op de openbare weg.
De boa’s krijgen er ieder jaar meer taken bij vanuit de politie.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
63
Bijlage 5. Wijze van sanctioneren De gemeente Den Helder kent één sanctiestrategie, de LHS voor de Wabo taakvelden: bestaande bouw, ruimtelijke ordening en brandveiligheid. Dit betekent dat bij overtredingen, onafhankelijk van het desbetreffende taakveld, op dezelfde wijze wordt opgetreden. Voor horeca, kinderopvang, prostitutie (APV), ondermijning, opium en coffeeshops hanteert de gemeente een andere sanctiestrategie. Sommige zijn vastgelegd in aparte beleidsplannen. Hoe de gemeente op deze onderwerpen toezicht houdt en handhavend optreedt staat hieronder beschreven. Wabo-taken De LHS (Landelijke handhavingsstrategie) wordt gehanteerd als sanctiestrategie voor de Wabo-taken en is een matrix met op de horizontale as een rangschikking naar het soort overtreder (oplopend van goedwillend tot bewust en structureel en crimineel) en op de verticale as een rangschikking naar de ernst van het effect van de overtreding (van vrijwel nihil naar aanzienlijk). Omdat elke overtreding anders is, is de handhavingspraktijk (en daarmee de uitwerking van de sanctiestrategie) verschillend. Aan de hand van de matrix worden de volgende stappen doorlopen. Positionering bevinding/overtreding in de interventiematrix door: a. Beoordelen effecten van de overtreding voor milieu, natuur, water, veiligheid, gezondheid, woon- en leefklimaat openbare orde en/of maatschappelijke relevantie etc. b.
Typeren van het soort overtreder op basis van gedrag en handhaving historie. c. Bepalen verzachtende of verzwarende argumenten. Bepalen soort sanctie binnen een cel/vakje (bestuursrechtelijk of strafrechtelijk). Nadat de bevinding/overtreding gepositioneerd is in een cel/vakje binnen de matrix, wordt bekeken of op deze bevinding/overtreding naast of in plaats van bestuursrechtelijke maatregelen ook strafrechtelijke sancties uit de betreffende cel moeten worden toegepast. Dit hangt af van het feit of er sprake is van verzwarende aspecten. d. Optreden met de interventiematrix. De handhaver start in principe zo licht mogelijk met interveniëren gericht op herstel en het vervolgens snel inzetten van zwaardere interventies als naleving uitblijft. De handhaver treedt standaard op in twee stappen: 1. Informeren, voorlichting overtreder/doelgroep en adviseren of in gesprek gaan; 2. sanctioneren. e. Vastleggen. De matrix is in figuur 5 weergeven op de volgende pagina. In matrix worden vier type overtreders onderscheiden. Om te bepalen wanneer een overtreder als een bepaald type kan worden aangemerkt volgt hieronder een nadere toelichting. A. Goedwillend Deze persoon overtreedt de regels per ongeluk, omdat hij zich niet bewust is van de wet- en regelgeving. Op het moment dat hij wordt gewezen op de overtreding, stelt hij zich proactief op en wil hij de regels naleven.
Dit naleefgedrag blijkt uit de mate waarin en de snelheid waarmee tot herstel van de overtreding wordt overgegaan. Daarmee wordt rekening gehouden met de naleving van afspraken die met de toezichthouder worden gemaakt. Meegewogen wordt: - Onbedoeld; - houding tijdens de toezichtfase; - berouw; - meewerkend. Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
64
Figuur 5. Interventiematrix (overeenkomstig het model van Zaanstad)
B. onverschillig / moet kunnen Deze persoon is zich misschien niet altijd bewust van de wet- en regelgeving. Tijdens de toezichtfase heeft deze persoon echter een onverschillig houding en toont niet direct enig berouw voor het overtreden van wet- en regelgeving. Ook kan hij aangeven dat hij vindt dat bepaalde overtredingen ‘moeten kunnen’, ‘niemand tot last zijn’ en hij vindt zijn eigen belang zwaarder wegen dan het algemeen belang. Dit blijkt vooral uit de houding tegenover de toezichthouder en het onbegrip voor de reden achter de naleving van de regels. Meegewogen wordt: Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
65
- onverschilligheid; - weinig berouw; - houding tijdens toezichtfase. C. Calculerend Deze persoon kent de wet- en regelgeving en overtreedt deze bewust. Hij neemt hierbij de risico’s voor lief. Tevens zorgt deze persoon tijdens de toezichtfase voor vertraging. Denk hierbij aan een persoon die bewust onvolledige stukken aanlevert of op een andere manier voor verwarring zorgt tijdens de toezichtfase. Ook worden gemaakte afspraken niet of niet tijdig nageleefd. Meegewogen wordt: - slecht naleefgedrag; - neemt risico’s; - vertragen van de toezichtfase. D. Bewust Deze persoon is zich eveneens bewust van de wet- en regelgeving. Ook hij neemt de risico’s voor lief. Er zijn veel overeenkomsten met de type overtreder genoemd onder C. Echter, bij deze type overtreder weegt mee dat eerder tegen het handelen van deze persoon handhavingsacties zijn ingezet. De wet- en regelgeving zijn dus meerdere malen overtreden. Onder dit type vallen ook situaties waarbij sprake is van (vermoedens van) fraude, oplichting, witwassen of andere criminele praktijken. In dat geval hoeft geen sprake te zijn van bewuste betrokkenheid van de overtreder. Meegewogen wordt bijvoorbeeld: - slecht naleefgedrag; - neemt risico’s; - vertraging van de toezichtfase; - eerdere handhavingstrajecten; - criminele praktijken of vermoedens daarvan.
De toezichthouders brandveiligheid maken naast deze matrix, ook gebruik van de landelijk methode PreVap. De methode PreVap geeft voor elke gebruiksfuncties en het aantal personen een prioriteit aan. 2. Handhaving taken openbare ruimte De Boa’s van team Openbare orde & Veiligheid kunnen bestuursrechtelijk handhaven. Deze middelen kunnen voor iedere overtreding van bestuursrechtelijke wetten worden ingezet. Bij een eerste controle wordt in beginsel een officiële waarschuwing gegeven aan de overtreder. Hiervoor gelden een aantal uitzondering: hond(en) aanwezig in verboden gebied, gedumpt afval, parkeren op een invalide parkeerplaats en zeer hinderlijk parkeren waardoor de veiligheid in het geding is. Als bij de overige overtredingen na een tweede controle blijkt dat de overtreding nog niet opgelost is, kan ervoor gekozen worden om één van deze middelen toe te passen: Last onder dwangsom De dwangsom (geldbedrag) is een financiële prikkel voor de overtreder om een illegale situatie te herstellen in een legale situatie. De dwangsom moet niet verward worden met een geldboete. Een boete heeft een bestraffend karakter en een dwangsom een herstellend karakter. Last onder bestuursdwang Bestuursdwang betekent dat het bevoegd gezag de illegale situatie op kosten van de overtreder terugbrengt in een legale situatie.
De overtreder krijgt hierbij wel eerst de gelegenheid om de overtreding zelf te herstellen, tenzij er sprake is van spoed. Indien de overtreder de mogelijkheid krijgt om de Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
66
overtreding zelf te beëindigen, wordt er nadat de termijn is verstreken en de overtreding niet is opgeheven door de gemeente bestuursdwang toegepast.
Proces-verbaal (PV) Boa’s die een strafbaar feit vermoeden of constateren, kunnen een PV opmaken. Dit optreden valt onder het strafrechtelijk optreden dat in de landelijke handhavingsstrategie is geregeld. Een PV is de basis voor het verdere optreden van het OM dat kan leiden tot sancties als: een geldboete, een werkstraf, een gevangenisstraf, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, publicatie van het vonnis, stillegging van de onderneming en verbeurdverklaring. In navolgende tabel staan een aantal voorbeelden genoemd welke soort sancties de gemeente in zet. Toezichttaak
Toepassen sanctiestrategie
Onjuist aangeboden afval
Proces-verbaal / spoedeisende bestuursdwang
Fout geparkeerde voertuigen
Proces-verbaal / last onder bestuursdwang
Hond niet aangelijnd
Proces-verbaal
Het plaatsen van objecten in de openbare ruimte zonder de daarvoor benodigde (object)vergunning Het verkeerd parkeren of stallen van (brom)fietsen
Last onder dwangsom / spoedeisend bestuursdwang Last onder bestuursdwang / spoedeisend bestuursdwang Last onder bestuursdwang
Langdurig parkeren van recreatievoertuigen en aanhangwagens Hinderlijk geparkeerde voertuigen
Proces-verbaal
Overlast gevende voertuig- en fietswrakken
Last onder bestuursdwang
Overhangend groen
Last onder dwangsom
Illegale reclameborden
Last onder bestuursdwang
Onjuiste registratie van (helinggevoelige) goederen van tweedehands inkoopwinkels Muilkorf- en/of aanlijngebod voor een hond
Last onder dwangsom Proces-verbaal evt. Aangevuld met last onder dwangsom ter voorkoming van herhaling
Tabel 10.
3. Handhaving Kinderopvang Onder kinderopvang vallen alle kinderdagverblijven, de buitenschoolse opvang, gastouderbureaus en gastouderopvang. Het wettelijk kader voor de toezicht en handhaving voor kinderopvang wordt gevormd door de Wet kinderopvang (Wko), de daarbij behorende beleidsregels. De verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de kinderopvangvoorzieningen ligt nadrukkelijk bij de houder (c.q. exploitant) van deze Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
67
voorzieningen voor kinderopvang. De GGD houdt voor de gemeente Den Helder toezicht op de kwaliteit van de kinderopvangvoorzieningen. De gemeente Den Helder oefent de handhaving hierop uit. Daarnaast draagt de gemeente Den Helder zorg voor de registratie in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) en draagt zij zorg voor de jaarlijkse verantwoording van haar taken aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het toezicht op de gemeente Den Helder bij de uitvoering van haar taken wordt uitgeoefend door de Inspectie van het Onderwijs. De GGD werkt met name op grond van risicoprofielen. Dit houdt in dat een voorziening voor kinderopvangmiddels een risicomodel een kleur krijgt toegekend waarin de mate van zorg bij de locatie kleurgewijs toeneemt. Groen, (geen zorg) middels geel, oranje tot rood, (grote zorg). Hoe groter de zorg hoe meer en uitgebreider er toezicht zal worden gehouden. De gemeente Den Helder zal handhavingsprocedures inzetten op basis van de zwaarte van de geconstateerde overtreding. De Wko kent verder een aantal bijzondere handhavingsinstrumenten om af te dwingen dat er aan de kwaliteitseisen uit de Wko wordt voldaan. De GGD kan in spoedeisende gevallen een bevel opleggen die een geldigheidsduur heeft van zeven dagen en die door de gemeente Den Helder kan worden verlengd.
Verder kan de gemeente Den Helder een aanwijzing geven, een (tijdelijk) exploitatieverbod opleggen en/of een voorziening voor kinderopvangvoorziening verwijderen uit het LRK. Van de laatstgenoemde instrumenten, met uitzondering van de aanwijzing, zal de gemeente Den Helder alleen gebruik maken wanneer er sprake is van ernstige overtredingen, recidive of een zo goed als voortdurend handhavingstraject. De Wko biedt ook nog de mogelijkheid om een bestuurlijke boete op te leggen. In geval van illegale kinderopvang zal melding worden gemaakt van een economisch delict bij het Openbaar Ministerie. 4. Handhaving Horeca, openbare orde en ondermijning 4.1 Horeca Toezichthouders van de gemeente Den Helder zijn samen met de Nationale Politie belast met het toezicht op de naleving van de regels in de APV, DHW en beleidsregels met betrekking tot de horeca, paracommercie en coffeeshops. Gezien de kans op overlast voor de woon- en leefomgeving, de veiligheid van bezoekers en risico’s voor de openbare orde is het belangrijk horecabedrijven goed te controleren en toezicht hierop te houden. Bestuursrechtelijke handhaving van wettelijke en lokale voorschriften kan door middel van het opleggen van de sanctiemiddelen last onder bestuursdwang, last onder dwangsom of door middel van het intrekken van een vergunning of ontheffing.
Van de bevoegdheid tot intrekking van de vergunning maakt de gemeente Den Helder gebruik wanneer sprake is van ernstige overtredingen, recidive of een voortdurend handhavingstraject. Wanneer bij horecabedrijven sprake is van gevaar voor de openbare orde of woon- en leefomgeving, bijvoorbeeld bij illegaal gokken, drugsgebruik of slecht levensgedrag van de exploitant wordt tot (tijdelijke) sluiting van het horecabedrijf overgegaan, meestal gevolgd door intrekking van de vergunning. De komende beleidsperiode wordt een nieuwe horecasanctiestrategie vastgesteld, zodat het opleggen van de verschillende sanctiemiddelen transparant en eenduidig is en willekeur wordt voorkomen. 4.2 Gevaar voor openbare orde Sinds het vorige beleidsplan is de gemeente Den Helder zich meer gaan richten op toezicht en handhaving in situaties, waarbij sprake is van gevaar voor de openbare orde. Aanleiding hiervoor waren toenemende signalen over malafide horecapraktijken, drugscriminaliteit, fraude, mensenhandel en andere criminele activiteiten die grote risico’s met zich mee brengen voor de openbare orde en de woon- en Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
68
leefomgeving. De gemeente Den Helder treedt daarbij gezamenlijk op met externe partners als politie, belastingdienst, Liander en het openbaar ministerie om de negatieve effecten van criminele praktijken op de samenleving zoveel mogelijk tegen te gaan. Wanneer sprake is van gevaar voor de openbare orde en herhaling voorkomen dient te worden, wordt snel handhavend opgetreden met het sanctiemiddel last onder bestuursdwang (sluiting /intrekken vergunning). Gezien de risico’s voor de openbare orde is er geen ruimte voor een lichter middel dan een waarschuwing of een last onder dwangsom. In de regel wordt, volgens een vaste gedragslijn, middels bestuursdwang overgegaan tot sluiting van een inrichting of pand. Zo zijn tijdens de afgelopen beleidsperiode bedrijven en panden gesloten, vanwege aantreffen van wapens en fraude en arbeidsuitbuiting. Deze vaste gedragslijn zal in de komende beleidsperiode worden voortgezet en vastgelegd in het nieuwe sluitingenbeleid, tezamen met de nieuwe horeca-sanctiestrategie. 4.3 Ondermijning Gedurende de vorige beleidsperiode is in Den Helder, net als elders in Nederland, het politiek-bestuurlijk besef gekomen dat de gemeente (op serieuze schaal) te maken heeft met ondermijnende activiteiten. Dit heeft geresulteerd in het beleidsdocument ‘Aanpak georganiseerde ondermijnende criminaliteit in Den Helder’.
Er ligt een opdracht op hoofdlijnen, waardoor de uitvoering voldoende creatieve vrijheid heeft. Het programma kent de volgende prioriteiten: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Haven- en kustgebied Bedrijventerreinen Horeca Verdovende middelen in het algemeen, in het bijzonder in relatie tot jeugdig ‘aanstormend talent’ en Productielocaties Woon- en adresfraude OMG Cybercrime Witwassen Mensenhandel
In de aanpak van ondermijning wordt samenwerking gezocht met de ketenpartners. Daarnaast worden activiteiten ondernomen om de interne bewustwording binnen de organisatie te vergroten en de informatiepositie te verbeteren. Voor de gemeente Den Helder geldt de aanpak van ondermijning als een van de belangrijkste prioriteiten. Een groot deel van de operationele taken op het gebied van ondermijning ligt binnen team Openbare Orde en Veiligheid. In dit team zijn het toezicht en handhaving op het gebied van horeca, evenementen, 13B Opiumwet, prostitutie, openbare orde en ondermijning, gebiedsgerichte aanpak van panden en eigenaren, illegale bewoning, OMG’s en arbeidsuitbuiting samengebracht. Doel van deze opzet is om slagvaardiger te kunnen optreden tegen verschillende vormen van ondermijning. Deze aanpak brengt ook met zich mee dat, gezien het grote belang van het tegengaan van de negatieve gevolgen van ondermijning, aan projecten hogere prioriteit gegeven wordt dan in eerste instantie uit directe toepassing van toezicht- en sanctiestrategie zou volgen. Ook kan een zwaarder sanctiemiddel ingezet worden indien blijkt dat de bewuste overtreding bijdraagt aan of onderdeel uitmaakt van ondermijnende effecten op de samenleving.
Zo zal in een dergelijke situatie afgezien worden van een bestuurlijke waarschuwing, een hogere dwangsom kunnen worden opgelegd om beëindiging van de overtreding te bespoedigen of direct voor toepassen van bestuursdwang worden gekozen.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
69
4.4 Handhaving Coffeeshops In de gemeente Den Helder zijn drie coffeeshops gevestigd, dit is tevens het maximumaantal dat hier is toegestaan. Coffeeshops zijn alcoholvrije bedrijven waar softdrugs (wiet, hasj, marihuana en cannabis) mag worden verkocht en geconsumeerd. Coffeeshops worden geëxploiteerd op basis van een exploitatievergunning voor een alcoholvrij horecabedrijf. Hoewel de handel in cannabisproducten officieel is verboden volgens de Opiumwet, wordt dit onder een aantal voorwaarden gedoogd mits wordt voldaan aan een aantal strikte voorschriften, waaronder de landelijk door het Openbaar Ministerie vastgestelde AHOJGI-criteria. De AHOJGI-criteria bepalen dat het verboden is om:
Te Affichering (reclame te maken voor hasj en wiet); Harddrugs te verhandelen; Overlast te veroorzaken, waaronder ook parkeeroverlast; Jongeren onder de 18 jaar in de coffeeshop toe te laten of aan hen te verkopen; Grote hoeveelheden te verhandelen (niet meer dan vijf gram per keer verkopen) of op voorraad te hebben (niet meer dan 500 gram); Toegang te verlenen voor en verkoop aan anderen dan Ingezetenen van Nederland.
De politie en de gemeente zijn verantwoordelijk voor de controle en toezicht op de naleving van de weten regelgeving en de gedoogrichtlijnen. Indien een overtreding wordt geconstateerd, kan de burgemeester optreden door het opleggen van een last onder dwangsom of het toepassen van bestuursdwang in de vorm van (tijdelijke) sluiting. 4.5 Handhaving Prostitutie Om de oorzaken van het voorbestaan van misstanden in de prostitutiebranche aan te pakken is in 2011 een nieuw wetsvoorstel ‘regulering prostitutie en bestrijden misstanden seksbranche’ (Wrp) aangenomen door de Tweede Kamer. Het wetvoorstel (in gewijzigde vorm) is ten tijde van vaststelling van dit document nog niet in werking. Het doel van de Wrp is het verkleinen van lokale en regionale verschillen, het verkrijgen van meer zicht en grip op de seksbranche door alle vormen van prostitutie onder een vorm van regulering te brengen, en het vergemakkelijken van toezicht en handhaving. Verder voorziet het wetsvoorstel in: • een registratieplicht voor alle prostituees; • een aantal maatregelen en instrumenten om toezicht en handhaving te vergemakkelijken; • het strafbaar stellen van het gebruikmaken van illegaal aanbod van prostitutie.
In de concept APV 2019 (wordt gelijktijdig met dit VTH-plan aangeboden aan de gemeenteraad) zijn vooruitlopend op de vaststelling van het wetsvoorstel de uitgangspunten van deze wet opgenomen in de APV. Dit met als doel de regulering van de vrijwillige prostitutie, onvrijwillige prostitutie tegen te gaan en misstanden te bestrijden. In het belang van de openbare orde en de bescherming van de woon- en leefsituatie hebben we aan het aantal vergunningplichtige seksinrichtingen een maximum verbonden. Regionaal is ook overeengekomen om uniform te handhaven. Het voordeel van het regionaal afstemmen van uniforme handhaving is dat de politie één standaard kan hanteren ten aanzien van toezicht en controle. Bovendien kan de inzet regionaal georganiseerd worden en heeft de politie te maken met eenduidige voorschriften, vergunningsvoorwaarden, inrichtings- en bedrijfsvoering eisen. De politie en de gemeente zijn belast met het toezicht op de naleving van de in de APV neergelegde regelgeving omtrent prostitutie. Bij gezamenlijke controles wordt door de politie onder andere gecontroleerd op gedwongen prostitutie, prostitutie door minderjaren of illegale personen. De gemeente controleert op naleving van de Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
70
vergunningsvoorschriften en bouw- en gebruiksvoorschriften. Ook toetst de gemeente de beoogde functie van panden aan het bestemmingsplan. In geval van een overtreding kan er zowel strafrechtelijk (politie) en bestuurlijk (gemeente) worden gehandhaafd. De burgemeester kan bestuurlijk optreden door het opleggen van een last onder dwangsom of het toepassen van bestuursdwang in de vorm van (tijdelijke) sluiting. Een gecombineerd gebruik van beide vormen van handhaving levert de beste resultaten op. 4.6 Handhaving sluiting lokalen en woningen artikel 13 B Opiumwet De aanpak van drugscriminaliteit door de toepassing van artikel 13B Opiumwet geldt zowel voor woningen als voor bedrijfspanden. De burgemeester heeft een bevoegdheid om tot sluiting over te gaan bij bedrijfspanden en bij woningen als daar drugs worden verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is. Op 29 januari 2018 is (gewijzigd) beleid vastgesteld in de beleidsregels ‘Damoclesbeleid gemeente Den Helder 2018’. Bij woningen zal gezien de zware inbreuk op de persoonlijke levenssfeer zo veel mogelijk de Awbprocedure worden gevolgd. Dat wil zeggen het opleggen van een last onder dwangsom, na vooraf sturen van een zienswijze brief. Na toetsing aan het 13b Opiumwet beleid en beoordeling van alle feiten en omstandigheden zal een schriftelijke waarschuwing volgen of een besluit tot sluiting van de woning.
Daarbij zullen bewoners in de meeste gevallen een termijn van 48 uur gegund worden voordat de woning daadwerkelijk wordt gesloten, zodat zij in de gelegenheid worden gesteld om bijvoorbeeld persoonlijke spullen, huisraad, bederfelijke waar e.d. uit de woning te verwijderen. Bij spoedeisendheid kan direct gesloten worden. Voor lokalen en bijbehorende erven wordt een termijn van drie uur gehanteerd.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
71
Bijlage 6. Toelichting bestuurlijke en strafrechtelijke instrumenten Voor de aanpak van overtredingen staan de volgende instrumenten ter beschikking. 1. Instrumenten gericht op herstel van de overtreding a. Last onder dwangsom4 Een situatie waarbij de overtreding geheel of gedeeltelijk moet worden opgeheven c.q. hersteld en waarbij een financiële prikkel effectief is. Het betreft een herstelsanctie gericht op het geheel of gedeeltelijk herstellen van de overtreding c.q. het voorkomen en/of herhalen van de overtreding. De hoogte van de dwangsom dient in redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van het geschonden belang en het beoogde voordeel van de overtreding. b. Last onder bestuursdwang Wanneer het een ernstige overtreding betreft, er gezien de gevolgen sprake is van spoed bij het ongedaan te maken. Het betreft een herstelactie gericht op het geheel of gedeeltelijk herstellen van de overtreding op kosten van de overtreder. c. Sluiten van de inrichting/gebouw De burgemeester heeft bijvoorbeeld de mogelijkheid een horeca-inrichting of een drugspand (tijdelijk) te sluiten vanwege verstoring van de openbare orde. Zaken die gerelateerd zijn aan verstoring van de openbare orde en die afzonderlijk niet tot een sanctie kunnen leiden, kunnen bij deze maatregel samen worden genomen. d.
Intrekken vergunning Een eerder verleende vergunning of ontheffing kan ingetrokken worden als sanctie op onrechtmatig gedrag van een houder van een beschikking. Intrekking is slechts mogelijk op grond van verschillende wet- en regelgeving waarvoor de gemeente bevoegd gezag is. Te denken valt hierbij aan het verstrekken van onjuiste of onvolledige gegevens of het niet nakomen van de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen. In sommige gevallen zijn nog aanvullende handhavingsmaatregelen nodig in de vorm van een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang. Dit kan onder meer het geval zijn als – bijvoorbeeld- een horecaondernemer doelbewust de exploitatievergunning overtreedt. De situatie waarin van de intrekkingsbevoegdheid gebruik wordt gemaakt, wordt van geval tot geval beoordeeld. 2. Instrumenten gericht op bestraffing (Dit instrument wordt achteraf ingezet indien er sprake is van een onomkeerbare situatie). a. Bestuurlijke boete (bestuursrecht) Wanneer het gaat om ongewenste situaties waarbij een financiële prikkel preventief kan werken (bestraffende sanctie). Dit moet expliciet in de wet geregeld zijn. Dit is bijvoorbeeld mogelijk bij een overtreding van de leeftijdsgrens zoals vastgelegd in de DHW.
4 Indien de dwangsom volledig is verbeurd en de overtreding is niet beëindigd zal een nieuwe last worden opgelegd.
Dan zal een keuze worden gemaakt tussen het opleggen van een hogere dwangsom of een last onder bestuursdwang
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
72
b. Bestuurlijke strafbeschikking (strafrecht) Wanneer het gaat om ongewenste situaties (kleine overtredingen in de openbare ruimte op basis van de Apv en Afvalstoffenverordening), waarbij een financiële prikkel preventief kan werken. De beschikking is niet bedoeld om hiermee een overtreding te beëindigen. Een belangrijk verschil met bestuurlijke boete is dat de oplegging en inning bij de bestuurlijke strafbeschikking via het CJIB loopt en deze onder het strafrecht valt. De bestuurlijke strafbeschikking kan alleen in aangewezen gevallen worden opgelegd. In deze gevallen is geen bestuurlijke boete meer mogelijk.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
73
Bijlage 7. Input gemeenteraad Resultaten van de top 10 activiteiten die het meeste aandacht behoeven (door afvaardiging raads- en commissieleden tijdens de meedenkbijeenkomst over het VTH-beleid) Prio 1
Groep 1 Afval naast containers
Groep 2 Afval naast containers
2
Hennepplantage
Hennepplantage
3
Drinkende jongeren in schuur
4 5
Huisvesting arbeidsmigranten Woonfraude
6
Prostitutie
7
Alcohol <18 jaar
8
Brandveiligheid elektrische installaties Toezicht brandveiligheid vluchten Autowrakken
9 10 11 12
Groep 3 Regulier toezicht (binnenstad) Afval naast containers
Groep 4 Hinderlijk parkeren
Groep 5 Constructieve veiligheid
hennepplantage
Brandveiligheid elektrische installaties Illegale bewoning bedrijfspanden Regulier toezicht (binnenstad) Naleving terrasregels horeca en winkels Hangouderen/-jongeren
Fietsen op stoep
Foutief parkeren
Elektrische installaties brandveiligheid Huisvesting arbeidsmigranten prostitutie
Brandveiligheid elektrische installaties Prostitutie
Loslopende honden
Kansspelen
Hennepplantage
Kansspelen
Huisvesting arbeidsmigranten Prostitutie
Brandveiligheid elektrische installaties Zonder vergunning bouwen Alcohol < 18 jaar
Vergunningvoorschriften evenement Constructieve veiligheid Vuurwerk
Foutief parkeren
Hangouderen/-jongeren
Hinderlijk parkeren
Woonfraude Autowrakken Voorhanden hebben opruimmiddel hondenpoep
Autowrakken
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
Drinkende jongeren in schuur Regulier toezicht (binnenstad) Hennepplantage
Parkeren bij scholen
74
Hieruit volgt de volgende top 13: 1. Hennep 2. Brandveiligheid elektrische installaties 3. Prostitutie 4. Afval naast containers 5. Regulier toezicht (binnenstad) 6. Alcohol <18 jaar/drinkende jongeren in schuur 7. Huisvesting arbeidsmigranten 8. Autowrakken 9. Woonfraude 10. Hangouderen/-jongeren 11. Foutief/hinderlijk parkeren 12. Kansspelen 13. Constructieve veiligheid
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
75
Bijlage 8. Input inwoners Aanleiding De gemeentelijke handhavers hebben een breed takenpakket. Zij controleren/handhaven op zaken als afval op straat, hondenpoep, loslopende honden op plaatsen waar dit niet mag, onveilige verkeerssituaties, winkelwagentjes op de weg, jeugdoverlast, alcoholgebruik waar dit niet is toegestaan (of door jeugd), het afsteken van vuurwerk etc. Maar waar ergeren inwoners van Den Helder zich zelf het meest aan? Waarop zou de gemeente volgens hen het meest moeten controleren? Om daar achter te komen is in februari 2019 een enquête uitgezet waarin burgers dat konden aangeven. Werkwijze De enquête maakte onderdeel uit van een campagne op social media waarmee we onze inwoners vroegen ons input te geven voor ons handhavingsbeleid voor de komende jaren. De handhavingscampagne bestond uit verschillende sketches over onderwerpen waaraan veel mensen zich kunnen ergeren. Met een klik op de ‘knop’ kwam je vervolgens terecht op een korte vragenlijst. Deze campagne is vooral uitgezet via Facebook en Instagram, via de gemeentelijke website en het intranet van de gemeente. Respons In totaal hebben 868 inwoners de online vragenlijst ingevuld, dat is een mooie score. De respons per wijk ziet er als volgt uit:
Woonwijk respondenten (aantallen)
250 200 150
170
194
205 168
100
118
50 0 Stad Binnen de LinieStad Binnen de Linie Nieuw Den Helder Oost West
De Schooten
Julianadorp (incl. Koegras en Duinzoom)
Figuur 6. Respons online enquête per woonwijk
Vooral in Stad Binnen de Linie West en in Julianadorp was de respons groot maar er is, maar vanuit alle wijken zijn voldoende reacties van inwoners binnengekomen. Op basis hiervan is een aardig beeld ontstaan van de zaken die men in hun wijk belangrijk vindt. Er is ook gevraagd naar de buurt waarin men woont, maar de aantallen zijn te laag om daar statistisch verantwoorde uitspraken over te doen, alhoewel ze wellicht wel een algemeen beeld kunnen geven van de problematiek in een buurt.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
76
De resultaten Meer aandacht De eerste vraag van de enquête was een open vraag: ‘Aan welk probleem of aan welke ergernis zou de gemeente volgens u meer aandacht moeten besteden?’ Hier zijn heel veel verschillende antwoorden op gegeven, deze zijn allemaal hieronder terug te vinden. Regelmatig genoemd worden loslopende honden, zwerfafval, gevaarlijke verkeerssituaties, foutparkeren, storend verkeersgedrag, geluidsoverlast, overlast van jongeren, vuurwerk en vooral veel hondenpoep. De meest genoemde onderwerpen zijn weergegeven in een zgn. woordwolk:
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
77
Controle op hinderlijke activiteiten Kunt u aangeven hoe belangrijk u het vindt dat de gemeente controleert op onderstaande hinderlijke activiteiten?
Belang van gemeentelijke controle op hinderlijke activiteiten (%) 100 80 53,6
45,3
56,7
64,7
73,3
60 40
30,5 35,0
34,2
30,2
20 0
38,9
18,3
13,0 11,4 Wrakken in de sloot
13,1
24,2
13,7
26,8
16,9
Winkelwagentjes Bij je hebben van Afvalcontainers Illegaal kamperen Loslopende op straat opruimmiddel die niet op tijd zijn honden waar dit voor hondenpoep binnengehaald niet mag
(heel) onbelangrijk
neutraal
(heel) belangrijk
De hoogste prioriteit ligt volgens de bewoners dus bij de controle op het bij je dragen van opruimmiddel voor hondenpoep bij hondenbezitters (73% vindt dit (heel) belangrijk) en controle op loslopende honden waar dit niet mag, wat 65% van de respondenten (heel) belangrijk vindt. De minste prioriteit van deze zes hinderlijke activiteiten krijgt de controle op illegaal kamperen en op afvalcontainers die niet op tijd zijn binnengehaald.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
78
Controle op overlastgevende activiteiten Kunt u aangeven hoe belangrijk u het vindt dat de gemeente controleert op de verschillende overlastgevende activiteiten?
Belang van gemeentelijke controle op overlastgevende activiteiten (%) Afsteken van vuurwerk (cat. 2 e.v.)
6,5
14,2
79,4
Veiligheid op het strand
5,5
15,8
78,7
(Straat)prostitutie
6,1
Alcohol nuttigen op een openbare plaats waar dit niet is toegestaan
9,5
Op aangewezen plaatsen zijn op tijden dat dit niet mag
13,8
Alcoholgebruik door 18-minners
10,1
20,6
73,3
21,2
69,4 30,0
56,2
27,9
62,0
Jeugdoverlast 3,8 10,7
0
85,5 20
(heel) onbelangrijk
40
neutraal
60
80
100
(heel) belangrijk
De controle op jeugdoverlast vindt maar liefst 86% van de respondenten belangrijk en nog geen 4% onbelangrijk. Ook controle op het afsteken van vuurwerk en de veiligheid op het strand worden door veel bewoners belangrijk gevonden (79%). Minste prioriteit ligt bij de controle het aanwezig zijn op aangewezen plaatsen zijn op tijden dat dit niet mag en veel mensen hebben een neutrale mening hierover (wellicht niet helemaal duidelijk wat er bedoeld werd?).
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
79
Controle op (verkeers)overtredingen Kunt u aangeven hoe belangrijk u het vindt dat de gemeente controleert op de verschillende (verkeers)overtredingen? 85,5
Parkeren op hinderlijke plekken 3,7 10,8 Fietsen die ongebruikt op straat blijven staan
18,0
Tegen de richting in rijden
5,5 11,4
Aanhangers/caravans langer dan drie dagen op straat
21,2
Op de stoep fietsen/brommen
8,8
Parkeren op gehandicapten- parkeerplaats zonder vergunning
5,3 0
42,6
39,4 83,1
49,4
29,4 73,4
17,9
79,5
15,2 20
40
60
(heel) onbelangrijk
neutraal
80
100
(heel) belangrijk
Het minst belangrijk vinden respondenten controle op fietsen die ongebruikt op straat blijven staan, een minderheid van 43% vindt dit (heel) belangrijk. De meeste prioriteit geven bewoners aan controle op parkeren op hinderlijke plekken, controle op rijden tegen de richting in, en als derde prioriteit controle op het parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats zonder vergunning. Controle op vergunningen Kunt u aangeven hoe belangrijk u het vindt dat de gemeente controleert op de verschillende vergunningen die worden verleend? 100 22,7
36,8
80 60
49,0
44,8 40,4
40
37,3 20
53,3
56,0
32,5
22,8
0 Terrasvergunning
13,7
Kapvergunningen incl. Evenementenvergunning controle herplantplicht
(heel) onbelangrijk
neutraal
30,0
31,3 12,7
16,7
Parkeervergunning
Sluitingstijden horeca om overlast te voorkomen
(heel) belangrijk
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
80
De gemeentelijke controle op verschillende verleende vergunningen wordt relatief minder belangrijk gevonden dan de controle op overlastgevende of hinderlijke activiteiten. Alleen de controles op parkeervergunningen en sluitingstijden van de horeca vindt een meerderheid van de respondenten (heel) belangrijk. Contoleren op een terrasvergunning vindt nog geen kwart van de inwoners van belang en 45% heeft hierover een neutrale mening. Toezicht Kunt u aangeven hoe belangrijk u het vindt dat de gemeente toezicht houdt... 100 80 68,5
71,8
20
25,8
22,7
0
5,6
5,5
in het algemeen (als gastheer/gastvrouw)?
tijdens evenementen?
60
64,6
75,6
40
(heel) onbelangrijk
24,7
17,7
10,7
6,7
op de naleving van de drank- in natuurgebieden zoals de en horecaregels in cafés? Donkere Duinen?
neutraal
(heel) belangrijk
Alle vier de vormen van toezicht worden door een ruime meerderheid (heel) belangrijk gevonden, maar het belangrijkst vindt men het toezicht in natuurgebieden (76% vindt dit belangrijk) en tijdens evenementen (72%).
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
81
Bouwen en brandveiligheid Waarop zou de gemeente zich volgens u het meest moeten richten op het gebied van bouwen en brandveiligheid (%)? 0
20
40 40,0
Constructies (bv. fundering, stevigheid van balkons)
18,4
Brandveiligheid van nieuwe woningen
54,8
Brandveiligheid van horeca-evenementen
9,6
Energiezuinigheid van gebouwen (bv. zonnepanelen)
22,6
Gezondheid in gebouwen (bv. voldoende ventilatie)
38,0
Veiligheid tribunes, podia en tenten bij evenementen Zorgen dat gebouwen op de juiste plek staan
5,3 24,5
Het juiste gebruik van woningen en bedrijven
20,7
Illegale gebouwen/gebouwtjes (zonder vergunning)
30,1
Het behoud van monumenten
16,2
Huisvesting van seizoensarbeiders Anders, namelijk
60
4,7
NB: Bij deze vraag kon men maximaal drie antwoorden aankruisen. Op het gebied van bouwen en brandveiligheid is er één onderwerp waar een meerderheid (55%) prioriteit aan geeft en dat is de brandveiligheid van horecaevenementen. Bouwkundige constructies (fundering, stevigheid balkons) worden daarna het meest genoemd (40%), gevolgd door de veiligheid van tribunes, podia en tenten bij evenementen (38%). De antwoorden die zijn gegeven bij ‘anders, namelijk…’ zijn allemaal weergegeven in de bijlage.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
82
Prioriteiten openbare ruimte Waarop zou de gemeente zich volgens u het meest moeten richten in de openbare ruimte (Algemene Plaatselijke Verordening), %? 0
20
40
Algemeen toezicht op straat/gastheerschap 22,8
Parkeren
30,7
Schenken van alcohol aan minderjarigen
23,5 6,6
Hanggroepen (jeugdoverlast)
63,9
Plakken/graffiti/bekladden Voorwerpen op of aan de weg
80
47,7
Veiligheid op het strand
Sluitingstijden evenementen en horeca
60
20,0 12,3
Fietsen en brommen waar dat niet mag
32,8
Het illegaal kappen van bomen
10,6
Anders, namelijk
12,2
NB: Bij deze vraag kon men maximaal drie antwoorden aankruisen. De overlast door jongeren (hanggroepen) wordt veruit het meest aangekruist (64% van de respondenten kiest dit) maar ook het algemeen toezicht op straat/gastheerschap vindt bijna de helft van de inwoners van Den Helder belangrijk. Top vijf prioriteiten op twee gebieden Bouwen en brandveiligheid
Openbare ruimte
1
Brandveiligheid van horecaevenementen
Hanggroepen (jeugdoverlast
2
Bouwkundige constructies
Algemeen toezicht op straat/gastheerschap
3
Veiligheid tribunes, podia etc. bij evenementen
Fietsen en brommen waar dat niet mag
4
Behoud van monumenten
Parkeren
5
Juiste gebruik woningen en bedrijven
Schenken van alcohol aan minderjarigen
Hierbij moet voor de openbare ruimte wel worden opgemerkt dat onder het kopje “anders” taken in relatie tot honden (opruimplicht en aanlijnplicht), te hard rijden (hiervoor zijn onze Boa’s niet bevoegd), drugshandel en –gebruik op straat, vuurwerk en (zwerf)afval zijn benoemd.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
83
Bijlage 9. Input ondernemers De resultaten van de online-enquête die onder de ondernemers is gehouden in juni 2019.
Stel, u mag een dag op pad als Toezichthouder/BOA en u krijgt twee meldingen van burgers op uw bureau. U kunt er maar één oppakken. Welke melding pakt u op?
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
84
Naast het afhandelen van meldingen houdt een Toezichthouder/ BOA zich ook bezig met gebiedsgericht en/of projectmatig toezicht. Welke van de onderstaande situaties zou uw prioriteit, als toezichthouder zijnde, hebben?
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
85
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
86
Heeft u nog opmerkingen naar aanleiding van deze vragenlijst?
Bij prioriteit toezicht bij houden aan regels van vergunning, mits daar geen zake in staan waar een organisatie geen zeggenschap of mogelijkheid toe heeft. Eén voorbeeld: zoals fout parkeren van auto's, fietsen en scooters, organisaties hebben alleen op eigen terrein zeggenschap en geen enkel bevoegdheid in de openbare ruimte, dus er niet in zetten al de vergunning voor op de openbare weg is. Ik heb hier een keuze gemaakt (moeten maken) in alle gestelde vragen maar bij veel vragen is het belangrijk hoe de handhaver of BOA omgaat met de situatie en gewoon ten alle tijden op een humane manier altijd het gesprek aan gaat met de persoon/personen in kwestie al voor men over gaat tot sancties. Het is zeer belangrijk dat we naast elkaar staan en nooit tegenover elkaar.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhavingsplan 2019-2021
87
Verslag ondernemersavond vergunningen en handhaving 14 mei 2019, 19:00 – 22:00 uur
Tijdens de avond waren 34 personen aanwezig. Verkeerssituatie centrum en Blurring Extra controle op fietsen tijdens de openingstijden van de winkels Reactie gemeente: Het is toegestaan om op de koopzondagen en avondavonden te fietsen door de binnenstad. Voorstel om niet te handhaven na sluitingstijd in het winkelgebied Jeugdoverlast in de binnenstad, zichtbaarheid van de boa’s draagt positief bij (evenementen en koopavonden) Reactie gemeente: kunnen er niet aldoor zijn, meeste tijd van toezichthouders wordt besteed aan afdoening van meldingen. Het laden en lossen voor ondernemers voor de deur of Kerkstraat. Een ontheffing zou een oplossing kunnen bieden. Blurring bij Nameless en Dreams is gewenst, echter niet mogelijk. Parkeren in de Beatrixstraat en Kerkstraat waar mag het wel? Waar niet? Onduidelijke situatie. Meer borden zouden een oplossing kunnen bieden. Veel onveilige verkeerssituaties in de Beatrixstraat (tegen de richting rijden en harder dan 30 km) met name op de donderdagavonden. Centrum Terrassen en vervallen panden in de binnenstad oppakken. Reclame hoge prio i.v.m. uitstraling Op 4 mei was bij de herdenking geen politie en boa te zien. Gaat om zichtbaarheid en eventueel ingrijpen bij calamiteiten Jeugdoverlast Meer handhaving op de koopavonden en evenementen met name in de wintermaanden i.v.m. jeugdoverlast.