Trendanalyse onderzoek Voorzieningenniveau Den Helder Deel C Bijlagen (22082025).pdf
Tekst van het document
Trendanalyse voorzieningenniveau Den Helder De feiten op een rij Deel C. Bijlagen Trendanalyse voorzieningenniveau Den Helder De feiten op een rij
Deel A. Totaalbeeld Augustus 2025 Afra Ben Othman & Miriam Ligtvoet-Janssen
September 2025 Afra Ben Othman & Miriam Ligtvoet-Janssen
1
Deel C. Bijlagen Dit deel bevat alle bijlagen die zijn genoemd in Deel B. Trends.
2
Inhoud Bijlage 1
Gegevensset per onderzoeksvraag
Bijlage 2
Gemeenten per regio
Bijlage 3
Verklaring verschillen bevolkingsgroei
Bijlage 4
Selectie benchmarkgemeenten
Bijlage 5
Overzicht hoofdtaakvelden gemeentelijk uitgaven
Bijlage 6
Werkwijze vergelijking inkomsten en uitgaven
3
Bijlage 1 Gegevensset per onderzoeksvraag onderzoeksvraag 1: trends bevolking thema
gegeven
Inwoners
Ontwikkeling
Huishoudens
niveau
periode
bron
Aantal inwoners, totaal en naar leeftijd en herkomst Gemeente, (arbeidsmarkt)regio (absoluut en procentueel)
2018-2024
CBS Statline
Groene en grijze druk
Gemeente, (arbeidsmarkt)regio
2018-2024
CBS Statline
Bevolkingsprognose
Gemeente, (arbeidsmarkt)regio
2025-2050
CBS Statline
Geboorteoverschot
Gemeente, (arbeidsmarkt)regio
2018-2024
CBS Statline
Aantal tussen gemeenten verhuisde personen (met Gemeente, (arbeidsmarkt)regio Den Helder als vestigings- en vertrekgemeente)
2018-2024
CBS Statline
Vestigingsoverschot naar leeftijd
Gemeente, regio
2018-2024
CBS Statline
Emi- en immigratie, migratiesaldo
Gemeente, regio
2018-2024
CBS Statline
Aantal huishoudens, totaal en naar leeftijd hoofdbewoner en samenstelling
Gemeente, (arbeidsmarkt)regio
2018-2024
CBS Statline
Gemiddeld besteedbaar inkomen van huishoudens
Gemeente, (arbeidsmarkt)regio
2018-2023
CBS Statline
Aantal huishoudens onder 120% van sociaal minimum
Gemeente, (arbeidsmarkt)regio
2018-2023
CBS Statline
4
onderzoeksvraag 2: trends wonen thema
gegeven
niveau
periode
bron
Woningvoorraad
Woningvoorraad naar eigenaar
Gemeente, Woondealregio
2018-2024
CBS Statline
Woningvoorraad naar type woning
Gemeente, Woondealregio
2021-2024
CBS Statline
Toevoegingen en onttrekkingen aan de woningvoorraad
Gemeente, Woondealregio
2018-2024
CBS Statline
WOZ-waarde
Gemeente, Arbeidsmarktregio
2019-2023
CBS Statline
Voorraad bewoonde één- of meergezinswoning naar achtergrondkenmerken van het huishouden (leeftijd hoofdbewoner, type huishouden)
Gemeente, Woondealregio
2018-2023
CBS Statline
2018-2022
Waarstaatjegemeente.nl
Gemeente, Arbeidsmarktregio
2018-2022
Waarstaatjegemeente.nl
COROP-regio
2018,2021, 2024
CBS Statline
Gemeente, Woondealregio
2019-2023
Waarstaatjegemeente.nl
Woonlasten
Gemeente, Woondealregio Woonquote huishoudens in corporatiewoningen
Passend gehuisveste huishoudens in corporatiewoningen Tevredenheid met de woning naar type woning en Tevredenheid achtergrondkenmerken huishouden Personen aandachtsgroepen volkshuisvesting naar Aandachtsgroepen aandachtsgroep
5
onderzoeksvraag 3: trends onderwijsdeelname en geslaagden thema Leerlingen Geslaagden
gegeven
niveau
periode
bron
Gemeente, Arbeidsmarktregio
2018-2023
Jeugdmonitor CBS
Gemeente, Arbeidsmarktregio
2018-2022
Jeugdmonitor CBS
Mbo: gediplomeerden naar niveau en studierichting
Arbeidsmarktregio
2018-2022
CBS Statline
Hbo: gediplomeerden naar studierichting
Arbeidsmarktregio
2018-2022
CBS Statline
Aantal leerlingen voortgezet onderwijs naar onderwijssoort (vmbo, havo, vwo) en mbo naar niveau Geslaagden voortgezet onderwijs (vmbo, havo, vwo) en mbo naar niveau
onderzoeksvraag 4: trends arbeidspotentieel thema
gegeven
niveau
periode
bron
Gemeente, regio
2018-2024
CBS Statline
Gemeente, regio
2018-2024
CBS Statline
Gemeente, regio
2018-2024
CBS Statline
Beroepsbevolking naar opleidingsniveau
Arbeidsmarktregio
2018, 2021
CBS Statline
Pendel/woon-werkregio
Arbeidsmarktregio
2021, 2022
CBS Statline
Arbeidspotentieel Omvang werkzame en niet-werkzame beroepsbevolking Bruto/netto arbeidsparticipatie, werkloosheidspercentage Aantal personen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering, WW- of bijstandsuitkering
6
onderzoeksvraag 5: trends arbeidsmarkt thema
gegeven
niveau
periode
bron
Arbeidsmarkt
Aantal banen naar SBI-sector
Gemeente, regio
2018-2023
CBS Statline
Openstaande vacatures en ontstane vacatures
Arbeidsmarktregio
2018-2024
UWV
Spanningsindicator
Arbeidsmarktregio
2018-2024
UWV
Geregistreerde werkzoekenden (zonder en met werk) Arbeidsmarktregio
2018-2024
UWV
onderzoeksvraag 6: trends recreatie en toerisme thema
gegeven
niveau
periode
bron
Recreatie & toerisme
Aantal banen en vestigingen sector recreatie en toerisme
Gemeente, (arbeidsmarkt)regio
2019-2023
Stichting Lisa
Aantal gasten en overnachtingen
COROP-regio
2018-2024
Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen
Intensiteit (aantal overnachtingen per 100 inwoners per dag) en dichtheid per dag per km2 (aantal overnachtingen t.o.v het aantal dagen)
COROP-regio
2018-2024
Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen
7
onderzoeksvraag 7: gemeentelijke uitgaven voorzieningen thema Gemeentelijke uitgaven Gemeentelijke inkomsten
gegeven
niveau
periode
bron
Uitgaven per hoofdtaakveld/cluster o.b.v. de jaarrekeningen en begrotingen
Gemeente, benchmark
2018- 2023 (Kwartaal/jaarrekeningen), 20182024 (begrotingen)
IV3 data
Inkomsten uit het Gemeentefonds per cluster
Gemeente, benchmark
2023
Findo
8
Bijlage 2 Gemeenten per regio In de rapportage zijn de volgende regionale indelingen gebruikt: Arbeidsmarktregio: Alkmaar, Bergen NH, Castricum, Den Helder, Dijk en Waard, Drechterland, Enkhuizen, Heiloo, Hollands Kroon, Hoorn, Koggenland, Medemblik, Opmeer, Schagen, Stede Broec, Texel en Uitgeest COROP-regio Kop van Noord-Holland: Den Helder, Drechterland, Enkhuizen, Hollands Kroon, Hoorn, Koggenland, Medemblik, Opmeer, Schagen, Stede Broec, Texel Samenwerkende gemeenten Regio Kop van Noord-Holland: Den Helder, Hollands Kroon, Schagen en Texel
Woondeal-regio Noord-Holland Noord: Alkmaar, Bergen NH, Den Helder, Dijk en Waard, Drechterland, Enkhuizen, Heiloo, Hollands Kroon, Hoorn, Koggenland, Medemblik, Opmeer, Schagen, Stede Broec en Texel
9
Bijlage 3 Verklaring verschillen bevolkingsgroei Inleiding Uit de trendanalyse blijkt dat in de gemeente Den Helder de bevolking in de periode 2024-2050 naar verwachting met circa 11% daalt. In de regio Kop van Noord-Holland blijft de bevolking in die periode vrijwel gelijk, terwijl de verwachte bevolkingsgroei in de arbeidsmarktregio Noord-Holland Noord 5% is. Om te kunnen verklaren waardoor deze verschillen worden veroorzaakt, wordt hieronder eerst uiteengezet op welke uitgangspunten het prognosemodel is gebaseerd. Vervolgens kijken we voor elk van de onderdelen in hoeverre de cijfermatige ontwikkelingen een verklaring vormen voor de gevonden verschillen.
Prognosemodel • •
Voor de cijfers voor de bevolkingsprognose is gebruik gemaakt van Bevolkingsprognose Noord-Holland 2024-2050 van de provincie Zuid-Holland. Voor deze bevolkingsprognose is gebruik gemaakt van het IPBPrimosmodel, een provincieversie van de Primos-prognose van ABF Research. De basis van de Primos-prognose is de landelijke bevolkingsprognose van het CBS. Deze bevat uitkomsten op gemeente- en provincieniveau. De meeste provincies gebruiken een provincieversie van dit model voor hun eigen regionale prognoses.
De berekening van de prognose van de provincie Noord-Holland is gebaseerd op de volgende onderdelen*: 1. Buitenlands migratiesaldo • Het buitenlandse migratiesaldo (2024–2050) is gebaseerd op de nationale immigratie- en emigratieverwachtingen uit de CBSPrognose 2023. • Per gemeente is het gemiddelde aandeel in immigratie en emigratie uit de periode 2017–2023 gebruikt om een lokaal aandeel te berekenen. Deze aandelen zijn toegepast op de landelijke cijfers. • Het verschil tussen immigratie en emigratie levert per gemeente het verwachte buitenlandse migratiesaldo op. • Provincie Noord-Holland. Bevolkingsprognose 2024-2050. Bevolking, huishoudens en woningbehoefte. Haarlem: Provincie NoordHolland, 2024.
* Provincie Noord-Holland. Bevolkingsprognose 2024-2050. Bevolking, huishoudens en woningbehoefte. Haarlem: Provincie Noord-Holland, 2024.
10
2. Woningbouwprogramma • Het woningbouwprogramma schat per gemeente de toekomstige woningvoorraad, gebaseerd op drie onderdelen: a. Nieuwbouw: Gebaseerd op gemeentelijke plannen uit de plancapaciteitmonitor (voorjaar 2024), omgerekend naar jaarlijkse bouwproductie. b. Sloop: Gemiddeld aantal sloopwoningen per jaar (2012–2023) wordt toegepast op de prognoseperiode. c. Overige toevoegingen en onttrekkingen: Gemiddeld jaarlijks saldo (2012–2023) per gemeente wordt verondersteld ook in de toekomst haalbaar te zijn. 3. Binnenlands migratiesaldo • Binnenlandse migratie wordt bepaald op basis van: • Verhuisbewegingen tussen gemeenten uit het verleden, waarbij gekeken wordt naar verschillende achtergrondkenmerken van huishoudens (bijvoorbeeld leeftijd en, huishoudtype en sociaaleconomische kenmerken). • Woonvoorkeuren van huishoudens uit het landelijke WoON-onderzoek. • Regionale vraag en aanbod op de woningmarkt (zoals de verwachte woningbouw en leegstand) • Tot slot moet worden opgemerkt dat de woningbouwprognose een inschatting is en geen exacte voorspelling. Diverse onzekerheden spelen een rol, zoals vruchtbaarheid en levensverwachting, geopolitieke ontwikkelingen en strategieën van bedrijven. Als laatste geldt dat de voorspellende waarde van de prognose minder wordt, naarmate het schaalniveau lager wordt.
Cijfermatige ontwikkelingen Aandeel migratiesaldo • Gekeken is of het aandeel van het migratiesaldo binnen het migratiesaldo voor heel Nederland voor Den Helder afwijkt van het saldo van andere gemeenten in de regio Kop van Noord-Holland en de regio Noord-Holland Noord. Het aandeel van het migratiesaldo in Den Helder bedraagt 0,16%. Gemiddeld voor de gemeenten in de regio Kop van Noord-Holland en de regio Noord-Holland Noord is dat respectievelijk 0,12 en 0,08%. Hoewel het aandeel voor Den Helder dus groter is, is de verwachting niet dat dit verschil significant is voor de bevolkingsprognose.
11
Ontwikkeling woningvoorraad Hierbij hebben we gekeken naar 2 verschillende aspecten: • Veranderingen in de woningvoorraad. Uit de data-analyse blijkt dat in Den Helder verhoudingsgewijs minder aan de woningvoorraad in de periode 2017-2024 is toegevoegd dan in de regio Kop van Noord-Holland en de regio Noord-Holland Noord het geval was. Ten opzichte van de beginstand van de woningvoorraad bedroeg de gemiddelde jaarlijkse netto groei van de woningvoorraad (toevoegingen minus onttrekkingen) in Den Helder 0,4%, terwijl dat in de regio Kop van Noord-Holland en de regio Noord-Holland Noord respectievelijk 0,7 en 0,9% was. • Woningbouwprogrammering. Cijfers hierover zijn beschikbaar uit de Monitor woningbouw provincie Noord-Holland 2024.** Er is gekeken naar de toevoegingen als gevolg van nieuwbouw en onttrekkingen als gevolg van sloop. Cijfers over overige toevoegingen en onttrekkingen (bijvoorbeeld als gevolg van functiewijzigingen) zijn niet beschikbaar. ‐ Nieuwbouw: in de periode 2024-2050 bedraagt de verwachte toevoeging aan de woningvoorraad ten opzichte van de stand van de woningvoorraad begin 2024 circa 10%, terwijl dat gemiddeld in zowel de regio Kop van Noord-Holland als de regio Noord-Holland Noord respectievelijk 19 en 20% is. ‐ Sloop: naar verwachting wordt in de periode 2024-2050 0,13% in Den Helder aan de woningvoorraad (stand 1-1-2024).
In de Kop van Noord-Holland en Noord-Holland Noord is dat respectievelijk 0,35 en 0,19%. Daarmee draagt de (historische en verwachte) ontwikkeling van de woningvoorraad waarschijnlijk in belangrijke mate bij aan de verschillen in bevolkingsprognoses. Binnenlandse migratie Bij binnenlandse migratie gaat het om het verschil tussen vestiging vanuit en vertrek naar een andere gemeente. In de periode 20182023 heeft de binnenlandse migratie in Den Helder jaarlijks gemiddeld gezorgd voor een bevolkingsgroei van 0,1%, terwijl dat in de Kop van Noord-Holland en Noord-Holland gemiddeld respectievelijk 0,4 en 0,5% was. Mogelijk hebben deze verschillen invloed op de bevolkingsprognose.
Conclusie •
Binnen het kader van dit onderzoek is het niet mogelijk te bepalen hoe groot het effect is van de verschillende onderdelen op de toekomstige bevolkingsomvang. Kijkend naar de verschillende onderdelen van het model voor de bevolkingsprognose vormt waarschijnlijk vooral de ontwikkeling van de woningvoorraad een verklarende factor voor de verschillen in de verwachte bevolkingsgroei tot 2050.
** Capaciteit in woningbouwplannen in beeld | Monitor plancapaciteit
12
.
Bijlage 4 Selectie benchmarkgemeenten •
•
•
• •
Op basis van StatLine-gegevens van het CBS (publicatie "Gebieden in Nederland 2024") is een eerste selectie gemaakt op basis van de indicatoren stedelijkheid en gemeentegrootte. Den Helder valt in de categorie sterk stedelijk en in de categorie 50.000-100.000 inwoners. Vervolgens is gekeken naar drie andere indicatoren die gerelateerd zijn aan de bevolkingssamenstelling van een gemeente, namelijk: o Bevolkingsdichtheid (range 800-1.700 inwoners per km²; Den Helder heeft 1.254 inwoners per km²) o Totale druk (een combinatie van de groene en grijze druk (range 70-80%; Den Helder is 76,5%). Daarbij is ook gelet op afwijkingen in de afzonderlijke groene en grijze druk ten opzichte van Den Helder o Gemiddeld besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens (exclusief studenten; range €40.000 - €55.000; gemiddeld besteedbaar inkomen Den Helder is €44.300 in 2022) De Rekenkamer Den Helder heeft aangegeven om de gemeente Vlissingen toe te voegen. De reden hiervoor is dat zowel Vlissingen als Den Helder een havenfunctie hebben. Vlissingen valt tevens in de categorie sterk stedelijk, maar valt bij de indicator gemeentegrootte in de categorie 20.000-50.000 inwoners. Daarnaast is besloten om de gemeente Almelo te excluderen, omdat de gegevens voor de meetperiode niet volledig beschikbaar zijn. Op basis van deze inclusiemethode zijn de volgende gemeenten geselecteerd voor de benchmark:
13
.
Tabel Geselecteerde benchmarkgemeenten % totale druk
% groene druk
% grijze druk
aantal inwoners per km2
gemiddeld besteedbaar inkomen (particuliere huishoudens excl. studenten x 1.000)
Assen
75,2
37,2
38,1
851
46,4
Bergen op Zoom
75,2
35,2
39,9
872
49,6
Den Helder
77,5
33,6
43,9
1.251
44,3
Nissewaard
74,5
37
37,5
1.195
49,8
Oosterhout
78,3
36,4
41,9
811
52,6
Purmerend
70,8
34,4
36,4
1.017
51,5
Sittard-Geleen
74
29,6
44,5
1.179
45,8
Velsen
72,3
35,1
37,2
1.538
52
Vlissingen
78,8
33,8
45
1.321
43,6
gemeenten
14
.
Bijlage 5 Overzicht hoofdtaakvelden •
0.0 Bestuur en ondersteuning: Het taakveld 'bestuur en ondersteuning' wordt gebruikt voor de algemene baten & lasten die bij gemeenten geboekt worden om de gemeente draaiende te houden. Denk hierbij aan het gemeentehuis, het college, burgerzaken, treasury-uitgaven of ICT. Ook worden de primaire baten van de gemeente geboekt op dit hoofdtaakveld; namelijk de gemeentefondsuitkering en de lokale lasten als de OZB & parkeerbelasting. Ten slotte zijn de boekhoudposten ook op dit taakveld te vinden, welk gebruikt worden om de exploitatie boekhoudkundig sluitend te maken.
•
1.0 Veiligheid: Op dit kleine hoofdtaakveld worden lasten verantwoord die gerelateerd zijn aan criminaliteit en de preventie daarvan in de gemeente. Ook de kosten voor de brandweer vallen onder dit taakveld, net als bijvoorbeeld het tegengaan van radicalisatie.
•
2.0 Verkeer, vervoer en waterstaat: Alle kosten die de gemeente maakt rondom mobiliteit van voertuigen worden geboekt op dit hoofdtaakveld. Binnen dit taakveld worden vooral veel lasten geboekt voor de aanleg, en het onderhoud, van wegen en (fiets) paden. Kosten die gemeenten maken voor parkeergarages en parkeermeters vallen ook onder dit taakveld, net als het openbaar vervoer. Naast deze mobiliteit ter land, valt ook de (recreatieve) vaart onder dit taakveld, zoals het onderhouden van havens en waterwegen.
•
3.0 Economie: De gemeente stimuleert op verschillende manieren de lokale economie, bijvoorbeeld via bedrijfsloketten, economische promotie (zoals beurzen en jaarmarkten) of door samen te werken met het bedrijfsleven en kennis- en onderzoeksinstellingen. Ook vervult de gemeente een belangrijke taak als het gaat om het ontwikkelen van bedrijventerreinen, bijvoorbeeld door te investeren in winkelgebieden en grond bouwklaar te maken. De baten en lasten die met deze activiteiten gemoeid zijn worden op dit hoofdtaakveld, en de taakvelden die eronder hangen, verantwoord.
•
4.0 Onderwijs: De bekostiging van onderwijs gaat primair via het Ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap direct naar de schoolbesturen. De gemeenten zijn echter wel verantwoordelijk voor de onderwijshuisvestiging voor openbaar en bijzonder onderwijs. Ook zijn er gemeenten die zelf het bestuur zijn van scholen, of die bijvoorbeeld een actief achterstandenbeleid hebben, waardoor ze meer lasten maken op dit taakveld. Ten slotte valt ook peuteronderwijs én volwasseneneducatie onder dit taakveld, het draait dus niet alleen om kinderen.
15
.
•
5.0 Sport, cultuur en recreatie: Op dit taakveld worden uitgaven geboekt die te maken hebben met een breed scala aan voorzieningen. Variërend van sportzalen (5.2), tot musea (5.4) en van openbaar groen (5.7) tot de lokale media (5.6). Een breed taakveld dus, maar wel met allemaal leuke, belangrijke zaken die het leven in de Nederlandse gemeenten aangenamer maakt.
•
6.0 Sociaal domein: Sinds de decentralisaties in het sociaal domein (1 januari 2015) zijn de gemeenten verantwoordelijk voor de WMO & Jeugdzorg. Maar naast de taken en verantwoordelijkheden die uit deze twee wetten voortvloeien, speelt de gemeente ook nog een belangrijke rol als het gaat om inkomensondersteuning en de (re-)integratie naar werk. Al de hieraan gerelateerde baten & lasten zijn terug te vinden bij de onderstaande taakvelden.
•
7.0 Volksgezondheid en milieu: De gemeenten zijn in Nederland verantwoordelijk voor de inzameling van afval en voor het aanleggen en onderhouden van de riolen. Hiervoor wordt ook belasting geïnd (riool- en afvalstofheffing) welke in principe kostendekkend zijn. Dit zijn de twee grootste posten op dit taakveld. Daarnaast worden ook nog uitgaven die rondom milieubeheer (zoals ongediertebestrijding), begraafplaatsen (zoals het beheer van crematoria) en de volksgezondheid (zoals ambulance en ziekenvervoer) op dit taakveld verantwoord.
•
8.0 Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing: Met actief, of faciliterend, grondbeleid drukt de gemeente duidelijk haar stempel op de inrichting van de publieke ruimte. Zo wordt via bestemmingsplannen bepaald welke grond voor welk gebruik geschikt is en worden grondexploitaties gebruikt om stukken weiland in woonwijken te veranderen. Hier zijn grote bedragen mee gemoeid, maar aangezien gemeenten gebruik maken van een gemodificeerd stelsel van baten en lasten, zijn deze niet altijd gemakkelijk terug te vinden in de IV3-informatie. Bron: www.rijksoverheid.nl
16
Bijlage 6 Werkwijze vergelijking inkomsten en uitgaven In deze bijlage wordt het proces beschreven van hoe de inkomsten uit het Gemeentefonds en de uitgaven per cluster vergeleken kunnen worden. De basis voor deze analyse wordt gevormd door de clusterindeling uit 2023. Uitgangspunt voor de vergelijking vormt de clusterindeling van het Gemeentefonds.
1. Inkomsten uit het Gemeentefonds De inkomsten die door de gemeente worden ontvangen vanuit het Gemeentefonds zijn ingedeeld in clusters via het IV3informatiesysteem. 2. Clusterindeling en toepassing op uitgaven De uitgaven zijn ingedeeld in taakveldbalansposten. Alleen de taakvelden die (deels) worden gefinancierd uit het Gemeentefonds zijn meegenomen in de vergelijking. Taakvelden die worden gefinancierd door andere bronnen, zoals belastingen, leningen, leges of overige middelen, blijven buiten beschouwing. Hierdoor blijft de focus van de analyse beperkt tot de taakvelden die daadwerkelijk door het gemeentefonds worden bekostigd. De afzonderlijke taakvelden zijn toegedeeld aan een cluster. Zie de tabel hieronder welke taakvelden per cluster zijn meegenomen in de uitgaven. 3. Vergelijken van inkomsten en uitgaven Inkomsten en uitgaven per cluster worden vergeleken voor zowel Den Helder als de benchmarkgemeenten. Hierbij wordt ook gekeken naar de inkomsten en uitgaven per inwoner per cluster. Het is belangrijk te realiseren dat gemeenten vrij zijn om gemeentefonds-financiering naar eigen inzicht te besteden. Dit maakt de vergelijking uitdagender, omdat verschillen in financieringskeuzes niet per se wijzen op efficiëntieverschillen, maar eerder op beleidsmatige keuzes.
17
taakveld
cluster
0.1 Bestuur
Bestuur en ondersteuning
0.4 Overhead
Bestuur en ondersteuning
1.2 Openbare orde en veiligheid algemeen
Openbare orde en veiligheid
2.1 Verkeer en vervoer
Infrastructuur, ruimte en milieu
4.1 Openbaar basisonderwijs
Onderwijs
4.2 Onderwijshuisvesting
Onderwijs
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
Onderwijs
5.1 Sportbeleid en activering
Sport, cultuur en recreatie
5.2 Sportaccommodaties
Sport, cultuur en recreatie
5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
Sport, cultuur en recreatie
5.4 Musea
Sport, cultuur en recreatie
5.5 Cultureel erfgoed
Sport, cultuur en recreatie
5.6 Media (Bibliotheken)
Sport, cultuur en recreatie
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
Sociaal domein
6.2 Wijkteams
Sociaal domein
6.3 Inkomensregelingen
Sociaal domein
6.4 Begeleide participatie
Sociaal domein
6.5 Arbeidsparticipatie
Sociaal domein
6.6 Maatwerkvoorziening Wmo
Sociaal domein
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
Sociaal domein
6.71a Hulp bij het huishouden (Wmo)
Sociaal domein
6.71b Begeleiding (Wmo)
Sociaal domein
6.71c Dagbesteding (Wmo)
Sociaal domein
6.71d Overige maatwerkarrangementen (Wmo)
Sociaal domein
18
taakveld
Cluster
6.72 Maatwerkdienstverlening 18-
Sociaal domein
6.72a Jeugdhulp begeleiding
Sociaal domein
6.72b Jeugdhulp behandeling
Sociaal domein
6.72c Jeugdhulp dagbesteding
Sociaal domein
6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig
Sociaal domein
6.73a Pleegzorg
Sociaal domein
6.73b Gezinsgericht
Sociaal domein
6.73c Jeugdhulp met verblijf overig
Sociaal domein
6.74a Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf
Sociaal domein
6.81 Geëscaleerde zorg 18+
Sociaal domein
6.81a Beschermd wonen (WMO)
Sociaal domein
6.81b Maatschappelijke- en vrouwenopvang
Sociaal domein
6.82 Geëscaleerde zorg 18-
Sociaal domein
6.82a Jeugdbescherming
Sociaal domein
6.82b Jeugdreclassering
Sociaal domein
6.9 Werk en Inkomen overig
Sociaal domein
7.1 Openbare ruimte en groen
Infrastructuur, ruimte en milieu
7.2 Milieubeheer
Infrastructuur, ruimte en milieu
8.1 Ruimtelijke ordening
Infrastructuur, ruimte en milieu
8.2 Grondexploitatie
Infrastructuur, ruimte en milieu
8.3 Wonen en bouwen
Infrastructuur, ruimte en milieu
19