RRN advies gevolgen CAO 2023 GGD Hollands Noorden.pdf
Tekst van het document
Advies aan de gemeenteraden Nummer
Contact en vragen via
Josje van Weerlee Portefeuillehouder(s):
1. 2. 3. 4.
Dhr. R. van de Belt (TX) Mw. M. van Gent (HK) Dhr. P. de Vrij (DH) Mw. P. de Nijs Visser (S)
Datum vergadering RRN
Datum B&W-besluiten
14-11-2023
10-10-2023
Onderwerp Gevolgen van de CAO voor GGD Hollands Noorden voor 2023 Voorgesteld advies 1. Een positieve zienswijze af te geven op een éénmalige verhoging van de deelnemersbijdrage GGD Hollands Noorden á € 3,02 per inwoner voor 2023 om de gevolgen van de nieuw afgesloten CAO voor 2023 te dekken, met daarbij de voorwaarde dat de herrekening indexatie T-2 in de kadernota 2026 voor de GGD Hollands Noorden uitgaat van het oorspronkelijke indexatiepercentage 2023 van 2,3%. 2. Deze zienswijze door middel van bijgevoegde brief aan het dagelijks bestuur van de GGD Hollands Noorden kenbaar te maken.
Wettelijke grondslag Het wettelijk kader & eerdere besluitvorming door de raad, vormen de basis voor de voorliggende zienswijze. Dit betreft: · Notitie ‘Informatievoorziening Gemeenschappelijke Regelingen’ 2018 · Artikel 2 van Uitgangspunten gemeenschappelijke regelingen (FUGR 2019) · De Gemeenschappelijke regeling GGD HN · De Financiële verordening GGD Hollands Noorden 2023 · De Wet gemeenschappelijke regelingen, artikel 34b en artikel 35, derde lid De gemeenten in Noord-Holland Noord (NHN) hebben op 1 oktober 2023 de stukken voor de zienswijze gevolgen CAO 2023 van de GGD Hollands Noorden ontvangen. Tot 8 december 2023 kunnen de gemeenteraden hun zienswijze kenbaar maken. In de Kop van Noord-Holland is de afspraak dit regionaal via de Regionale Raad Noordkop (RRN) te doen.
Advies aan de gemeenteraden Kern van de zaak Op 6 april 2023 is een akkoord gesloten over de CAO gemeenten en de CAO samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO). De GGD Hollands Noorden valt onder de CAO SGO. Het is voor de GGD Hollands Noorden niet mogelijk om deze stijging met eigen middelen op te vangen. Het voorstel van het dagelijks bestuur (DB) is daarom om de deelnemersbijdrage aan de GGD Hollands Noorden voor 2023 eenmalig met € 2.021.924 te verhogen. Het algemeen bestuur (AB) heeft op 27 september 2023 ingestemd om dit voorstel van het DB voor zienswijze voor te leggen aan de gemeenteraden. Regionaal is afgesproken om een gezamenlijke zienswijze af te geven via de RRN.
Openbaarheid documenten Ja De Regionale Raadscommissie Noordkop adviseert: 1. Een positieve zienswijze af te geven op een éénmalige verhoging van de deelnemersbijdrage GGD Hollands Noorden á € 3,02 per inwoner voor 2023 om de gevolgen van de nieuw afgesloten CAO voor 2023 te dekken, met daarbij de voorwaarde dat de herrekening indexatie T-2 in de kadernota 2026 voor de GGD Hollands Noorden uitgaat van het oorspronkelijke indexatiepercentage 2023 van 2,3%. 2. Deze zienswijze door middel van bijgevoegde brief aan het dagelijks bestuur van de GGD Hollands Noorden kenbaar te maken. Griffier
Voorzitter
Aanleiding voor en korte toelichting bij het advies Het dagelijks bestuur (DB) van de GGD Hollands Noorden (hierna GGD) heeft op 12 juli 2023 een voorstel gedaan om de gevolgen van de nieuw afgesloten CAO voor 2023 te dekken met een éénmalige verhoging van de deelnemersbijdrage. Het algemeen bestuur (AB) van de GGD heeft destijds besloten dit niet aan de raden voor te leggen. Op 27 september 2023 heeft het DB een gewijzigd voorstel aan het AB aangeboden. Het AB heeft besloten dit voorstel voor zienswijze aan de gemeenteraden voor te leggen. De raden kunnen voor 8 december 2023 een zienswijze geven. Medio december wordt een extra AB vergadering ingepland waarin de ingediende zienswijzen en het voorstel gevolgen CAO 2023 worden behandeld.
Beoogd bestuurlijk/maatschappelijk doel/effect De GGD is een gemeenschappelijke regeling van 16 gemeenten in Noord-Holland Noord. De GGD bewaakt, beschermt en bevordert de gezondheid en veiligheid van inwoners in Noord-Holland Noord. De GGD voert
Advies aan de gemeenteraden gemeentelijke taken uit die vermeld staan in de Wet publieke gezondheid (Wpg), alsmede taken die bij of krachtens andere wetten zijn opgedragen. Taken op basis van de Wpg zijn: •
Basistaken jeugdgezondheidszorg 0 tot 18 jaar en prenatale voorlichting en huisbezoek;
•
Infectieziektebestrijding, inspectie, hygiëne en medische milieukunde;
•
Forensische geneeskunde en GGD Rampenopvangplan;
•
Epidemiologie, collectieve gezondheidsbevordering en ondersteuning gezondheidsbeleid.
GR taken die de GGD uitvoert op basis van andere wetgeving dan de Wpg, zijn toezicht kinderopvang, lijkschouwingen en Veilig Thuis. Aanvullende diensten die de GGD uitvoert zijn opvoedondersteuning, openbare geestelijke gezondheidszorg, prostitutiezorg en meldpunt en hoorplicht verplichte ggz. Vanaf de begroting 2021 onderscheidt de GGD vier focuslijnen. Dit zijn •
Gezond opgroeien;
•
Gezond ouder worden;
•
Meedoen naar vermogen;
•
Gezonde leefomgeving.
Kanttekeningen en risico’s (incl. argumenten) -
De verhoging van de deelnemersbijdrage van de GGD drukt op de financiële situatie van gemeenten. Op dit moment is nog onduidelijk in hoeverre gemeenten hier vanuit het Rijk in gecompenseerd worden.
-
Het op voorhand eenmalig verhogen van de deelnemersbijdrage om de kosten van de CAO verhoging op te vangen, voldoet niet aan de huidige afspraken die zijn vastgelegd door de regietafel. Ook hebben de andere gemeenschappelijke regelingen nog niet aan de bel getrokken. De verwachting is echter dat de andere gemeenschappelijke regelingen de financiële impact die de nieuwe CAO met zich mee brengt in hun jaarrekening zullen verwerken en mogelijk op dat moment nog aanvullende financiering nodig hebben.
-
De GGD heeft door de situatie met de GGiD op dit moment een kleine reserve, waardoor het niet mogelijk is om een financiële uitdaging als deze vanuit de eigen middelen op te vangen.
Alternatieven (incl. argumenten) Het alternatief is een negatieve zienswijze afgeven op een éénmalige verhoging van de deelnemersbijdrage GGD Hollands Noorden voor 2023 om de gevolgen van de nieuw afgesloten CAO voor 2023 te dekken. Tijdens het aanbieden van de Begroting 2024 is reeds gebleken dat de GGD niet beschikt over toereikende reserves om een dergelijke verhoging te dekken. Wanneer van de GGD verwacht wordt dit uit eigen middelen te dekken, zal dit waarschijnlijk bezuinigingen in de uitvoering tot gevolg hebben. Deze bezuinigingen zijn niet wenselijk.
Advies aan de gemeenteraden Communicatie Op basis van het RRN advies wordt in de lokale gemeenteraden een besluit genomen over de stukken. De zienswijze wordt kenbaar gemaakt bij het dagelijks bestuur (DB) van de GGD. Het DB formuleert een bestuurlijke reactie op de zienswijzen. Het DB legt het voorstel gevolgen CAO medio december 2023 ter vaststelling voor aan het AB van de GGD, met daarbij de zienswijzen en de bestuurlijke reactie van het DB op de zienswijzen.
Bijlagen 1. 20230929_zienswijzen gevolgen CAO SGO 2. Bijlage 1 Brief zienswijze gemeente Texel gevolgen CAO 2023
Advies aan de gemeenteraden Motivering per voorgesteld advies Zienswijze gevolgen CAO Het voorstel aan de raad is om een positieve zienswijze af te geven ten aanzien van de éénmalige verhoging van de deelnemersbijdrage om de gevolgen van de CAO te dekken, aangezien de GGD niet beschikt over de middelen om de indexatie uit eigen begroting te dekken. Hierbij is rekening gehouden met de financiële berekening die de GGD heeft uitgevoerd om de verwachte kosten te berekenen en de positieve advisering van de financiële klankbordgroep. Inhoudelijke aspecten Werknemers van de GGD vallen onder de CAO Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO). Op 6 april 2023 is een nieuw akkoord gesloten over de CAO gemeenten en de CAO SGO. Deze nieuwe CAO loopt van 2 januari 2023 tot en met 1 januari 2024. Landelijk gezien zorgt de CAO voor een gemiddelde loonstijging van 9,1%, waar de GGD in de begroting 2023 is uitgegaan van een stijging van 2,3%. In de nieuwe CAO afspraken hangt de stijging van het salaris sterk samen met de opbouw van het loonhuis van de organisatie waar de CAO in valt. Laag in het loonhuis is de procentuele stijging van de lonen hoger dan hoger in het loonhuis.
Financiële aspecten In het oorspronkelijke advies, wat op 12 juli 2023 aan het algemeen bestuur is voorgelegd, was een compensatie van de loonstijging voorgesteld op basis van de landelijke gemiddelde stijging van 9,1%. Het algemeen bestuur heeft hier niet mee ingestemd en de GGD verzocht om naar de opbouw van het loonhuis van de GGD te kijken om een preciezer beeld van de gevolgen voor de GGD te berekenen. In totaal gaat het bij de GGD om 447,22 fte. De GGD heeft voor alle medewerkers individueel een vergelijking gemaakt tussen de bruto loonsom op grond van de oude CAO en de bruto loonsom van de nieuwe CAO. Hiermee is per loonschaal het gemiddelde stijgingspercentage bepaald. Dit stijgingspercentage is per schaal gewogen op basis van het aantal fte’s. Op die manier is een gemiddeld stijgingspercentage voor de totale organisatie bepaald. De ‘gewogen gemiddelde loonstijging’ voor de GGD komt dan op 8,12%, in plaats van de 9,1% die in het voorstel van juli 2023 werd aangehouden. In de begroting 2023 is een percentage van 2,3% aangehouden met een geraamde loonsom van € 35.540.000,-. Met het bijgestelde percentage van 8,12% komt de GGD op een geraamde loonsom van € 37.561.924,-. Hiermee komen ze op een begrotingstekort van € 2.021.924,-. Dit bedrag heeft de GGD vertaalt naar een deelnemersbijdrage per inwoner op basis van het aantal inwoner per 1 januari 2022.
Dit zorgt voor een eenmalige verhoging van de deelnemersbijdrage met € 3,02 per inwoner. Het DB van de GGD heeft voorgesteld de gevolgen van de CAO stijging niet via nacalculatie te dekken aangezien dit zou betekenen dat de gemeenten pas achteraf, bij de vaststelling van de jaarrekening 2023, geconfronteerd zouden worden met de kostenstijging over 2023. Via een zienswijzeprocedure worden de raden in positie gebracht met betrekking tot de kosten die samenhangen met de voor 2023 afgesloten
Advies aan de gemeenteraden CAO. Daarnaast is het in geval van nacalculatie moeilijk vast te stellen op welke wijze de nieuwe CAO precies uitwerkt naar de exploitatie van de GGD. Het budget dat de GGD in de begroting heeft opgenomen voor loonkosten wordt door de GGD niet altijd alleen aan loonkosten besteed, maar in voorkomende gevallen bijvoorbeeld ook aan inhuur van medewerkers. Het toepassen van nacalculatie voorziet hier niet in, terwijl de kosten voor inhuur eveneens zijn gestegen. Getracht is om de werkelijke te verwachten kosten van de GGD zo exact mogelijk te benaderen. Extra informatie vanuit Dijk en Waard Op 13 oktober 2023 hebben wij extra informatie ontvangen van gemeenten uit de regio met betrekking tot het zienswijzevoorstel ‘Gevolgen CAO 2023 GGD Hollands Noorden’. Deze informatie is als volgt: De indexatie in de FUGR houdt rekening met 2 elementen: 1. Berekening indexatie voor kadernota T+1 2. Herrekening indexatie T-2. Dit houdt in dat bij de kadernota 2026 herrekening gaat plaatsvinden over 2023. Als de raden akkoord gaan met de eenmalige hogere bijdrage én in de kadernota 2026 wordt rekening gehouden met een hogere indexatie i.v.m. herrekening 2023, wordt de GGD extra gecompenseerd.
Om deze reden wordt voorgesteld om in de zienswijze op te nemen dat de raad wel akkoord gaat met de eenmalige verhoging van de bijdrage in 2023, maar dat de herrekening 2023 voor de GGD bij de kadernota 2026 niet meegenomen zal worden. Naar aanleiding van deze informatie is in Dijk en Waard de volgende zienswijze geadviseerd: De raad gaat akkoord met een eenmalige verhoging van de bijdrage in 2023, met daarbij de voorwaarde dat de herrekening in de kadernota 2026 over het jaar 2023 voor de GGD niet wordt meegenomen. Gevolgen 2024 Het gaat hier om een incidenteel financieel effect dat uitsluitend betrekking heeft op het begrotingsjaar 2023. In de begroting van 2024 is door de GGD rekening gehouden met een forse indexatie voor loon- en prijsstijgingen. De Begroting 2024 is in het AB van 12 juli 2023 vastgesteld.
Financiële aspecten Het DB van de GGD heeft per brief op 10 augustus 2023 aan de Regietafel Noord-Holland Noord gevraagd een uitspraak te doen over hoe in dergelijke gevallen te handelen, aangezien de Financiële Uitgangspunten Gemeenschappelijke Regelingen (FUGR) niet voorziet in deze uitzonderlijke afwijking als gevolg van loonen prijsstijgingen in het lopende begrotingsjaar. De FUGR voorziet niet in een leidraad voor deze situatie. Voor de GGD is deze stijging niet met eigen middelen op te vangen, waardoor een beroep wordt gedaan op de deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling. Zeer waarschijnlijk speelt deze problematiek ook bij andere gemeenschappelijke regelingen, daarom heeft de GGD de Regietafel gevraagd hier een uitspraak over te doen.
Advies aan de gemeenteraden De financiële bijdragen van de kopgemeenten zien er als volgt uit: -
Den Helder € 170.018,-
-
Hollands Kroon € 147.214,-
-
Schagen € 141.344.-
-
Texel € 41.308,-