Raadsvoorstel eerste tussenrapportage 2024 vdef.pdf
Tekst van het document
Advies
Raadsvoorstel-advies Aan:
het college van B&W
Portefeuillehouder:
Wethouder Van Diepen
Van team: Adviseur: E-mail:
Financiën Dolf Rientjes d.rientjes@denhelder.nl
Betrokken portefeuillehouder:
Classificatie:
Burgemeester De Boer, Wethouder Augustijn, Wethouder Bais, Wethouder Camara, Wethouder De Vrij, Wethouder Kos, Openbaar
Kenmerk: 0033435
Onderwerp:
Voorstel tot het vaststellen van het voorstel voor de 1e tussenrapportage 2024
Publiekssamenvatting: De Financiële verordening Den Helder 2024 bepaalt dat het college van burgemeester en wethouders tweemaal per jaar een tussenrapportage aanbiedt aan de gemeenteraad. De 1e tussenrapportage in 2024 geeft de stand van zaken aan per 1 april 2024 van de uitvoering van de activiteiten van de gemeente en van de financiële positie. De rapportage biedt daarnaast inzicht in afwijkingen en ontwikkelingen ten opzichte van de vastgestelde begroting 2024. Een onderdeel van deze tussenrapportage is een overzicht met voorgestelde wijzigingen voor de begroting 2024. Het saldo van de eerste tussenrapportage 2024 is € 5.000 nadelig. Geadviseerd besluit: Het college besluit de gemeenteraad voor te stellen: 1. de 1e tussenrapportage 2024 en de daarin opgenomen voortgang van de planning 2024 op de doelen en activiteiten vast te stellen; 2. de in deze rapportage opgenomen mutaties in de reserves vast te stellen. Het overzicht van deze mutaties is te vinden op pagina 54; 3. de financiële aanpassingen vast te stellen en de begroting 2024 conform te wijzigen. De mutaties zijn per programma toegelicht en de samenvatting staat op pagina 55 van deze rapportage; 4. de financiële aanpassingen met een structureel karakter te verwerken in de Programmabegroting 2025. Het overzicht van deze mutaties is te vinden op pagina 56-57 van deze tussenrapportage. 5.
de kredieten tractiemiddelen 2024 en thuiswerkvoorzieningen te verlagen met respectievelijk € 590.000 en € 100.840; 6. kredieten beschikbaar te stellen voor: a. Het Winkelhart/Kroonpassage voor € 2.060.000; b. De openbare ruimte Willemsoord voor € 2.410.000; c. De openbare ruimte Keizerstraat voor € 350.000; d. Aanleg fietsroute Willemsoord voor € 377.000; 7. een krediet voor LED-verlichting in de openbare ruimte beschikbaar te stellen voor € 300.000.
1e turap 2024 pag. 1 van 3
Aanleiding en context De Financiële verordening Den Helder 2024 bepaalt dat het college van burgemeester en wethouders tweemaal per jaar een tussenrapportage aanbiedt aan de gemeenteraad. Deze 1e tussenrapportage in 2024 geeft de stand van zaken aan per 1 april van de uitvoering van de activiteiten van de gemeente en van de financiële positie. De rapportage biedt daarnaast inzicht in afwijkingen en ontwikkelingen ten opzichte van de vastgestelde begroting 2024. Een onderdeel van deze tussenrapportage is een overzicht met voorgestelde wijzigingen voor de begroting 2024. Het saldo van de wijzigingen in de 1e tussenrapportage 2024 is € 5.000 nadelig. Doelen en resultaten De 1e tussenrapportage van 2024 laat de voortgang zien op de in de programmabegroting 2024 afgesproken doelen en activiteiten. Als de voortgang conform planning is wordt er geen nadere toelichting gegeven. Is er sprake van een vertraging of het niet kunnen realiseren van het afgesproken doel dan is dit toegelicht. Kaders en omstandigheden De Financiële verordening Den Helder 2024 bepaalt dat twee maal per jaar een tussenrapportage wordt opgesteld. In de tussenrapportage wordt inzicht gegeven in de doelrealisatie en wordt de begroting bijgesteld zodat de uitgaven vallen binnen het rechtmatigheidskader dat wordt vastgesteld door de raad.
Het wijzigen van de begroting is de bevoegdheid van de raad en op grond van artikel 192 van de Gemeentewet moeten wijzigingen voor het eind van het begrotingsjaar worden vastgesteld. Argumenten en alternatieven Door middel van de tussenrapportage krijgt de gemeenteraad informatie over de inhoudelijke en financiële ontwikkelingen sinds het vaststellen van de begroting. Noodzakelijke tussentijdse wijzigingen moeten door de raad vastgesteld worden in het kader van het budgetrecht. De uitkomsten van de eerste tussenrapportage en het moment van verschijnen geven niet direct aanleiding tot het verkennen van de mogelijkheden om (extra) besparingen te realiseren. Overigens zijn de uitkomsten, gezien de korte periode die het betreft slechts indicatief voor de uitkomsten over het jaar 2024. De ervaring leert dat naar aanleiding van de meicirculaire van het Rijk nieuwe bijstellingen zullen volgen en ook vanuit de eigen uitvoeringspraktijk zullen bijstellingen volgen. De eerste tussenrapportage helpt de wijzigingen overzichtelijk te houden en tijdig te verwerken in de begroting.
In de rapportage wordt ook ingegaan op de nieuwe ontwikkelingen die een belangrijke rol spelen bij de uitkomsten van deze tussenrapportage: - de toename van de uitgaven voor jeugdhulp; - de bijstelling van de BUIG-uitkering; - de effecten van de septembercirculaire 2023 en de decembercirculaire 2023; - de financiële effecten uit de bredere benutting van de middelen voor het onderwijsachterstandenbeleid; - de vertaling van de verlenging van de regeling voor opvang van ontheemden uit de Oekraïne; - het effect van de Spreidingswet. Voor de Spreidingswet geldt dat na opstelling van de tussenrapportage het hoofdlijnenakkoord van de formerende partijen PVV, VVD, NSC en BBB is gepresenteerd. Hierin is aangegeven dat deze wet mogelijk wordt ingetrokken na een traject waarbij zowel de Tweede- als Eerstekamer zich opnieuw uitspreken. Financieel wordt uitgegaan van een effect per 2027. Voor het jaar 2024 kan de raming intact blijven. Daarnaast is in de rapportage ingegaan op de stand van zaken bij specifieke projecten waarvoor geen doelstellingen zijn vastgelegd in de begroting en op de stand van zaken in de uitvoering van de aanbevelingen uit rekenkameronderzoeken. Beslispunt 1: de 1e tussenrapportage vast te stellen In de tussenrapportage wordt op alle voorgenomen activiteiten aangegeven of de uitvoering volgens planning verloopt volgens het zogenoemde stoplichten model.
Als de uitvoering op schema ligt (groen) wordt dit verder niet toegelicht. Vraagt de activiteit om bijsturing of lukt realisatie in 2024 niet (oranje en rood) dan is dit apart toegelicht. Naast de vooraf afgesproken activiteiten wordt ingegaan op de nieuwe ontwikkelingen en voortgang in specifieke projecten. Hierover worden geen beslissingen gevraagd. De toelichtingen zijn informatief van karakter. Beslispunt 2 vaststellen mutaties in de reserves De dotaties en onttrekkingen aan de bestemmingswijzigingen worden door de raad vastgesteld. Ook als er sprake is van wijzigingen conform het bestaande beleid De raad maakt de mutaties hiermee onderdeel van het rechtigmatigheidskader dat geldt voor de uitvoering van de begroting 2024. Beslispunt 3: vaststellen financiële wijzigingen Omdat het uitsluitend de bevoegdheid is van de raad om de begroting te wijzigen worden met besluit 3 de mutaties zoals benoemd in de tussenrapportage formeel bekrachtigd. 1e turap 2024 pag. 2 van 3
Beslispunt 4: structurele doorwerking van de begrotingswijzigingen Het aanpassen van de baten en lasten in de begroting werkt op diverse onderdelen meerjarig door. Dit meerjarig overzicht wordt met de vaststelling verwerkt in de Programmabegroting 2025. Het effect is ook gepresenteerd in de Kadernota 2025-2028. Formeel vloeien de effecten voort uit de wijzigingen zoals opgenomen in deze tussenrapportage. Beslispunt 5: verlaging kredieten tractiemiddelen en thuiswerkvoorzieningen In de begroting 2024 en eerder zijn er investeringskredieten beschikbaar gesteld voor investeringen in de tractiemiddelen en de thuiswerkvoorzieningen. Voor de tractiemiddelen is de planning geactualiseerd en is gebleken dat een deel van de aanschaf niet dit jaar kan plaatsvinden maar opschuift naar volgende jaren. Voor de thuiswerkvoorzieningen geldt dat de kredietruimte eveneens groter is dan in 2024 benodigde middelen. Omdat het wenselijk is kredieten goed te laten aansluiten op de jaaruitgaven wordt dit krediet voor 2024 verlaagd. Voor volgende jaren wordt een kleiner jaarlijks krediet beschikbaar gesteld.
Beslispunt 6: kredietverlenging vier projecten Vanaf de begroting 2020 wordt rekening gehouden met de volgende investeringen: Winkelhart/Kroonpassage voor € 2.060.000, openbare ruimte Willemsoord voor € 2.410.000, openbare ruimte Keizerstraat voor € 350.000 en de aanleg fietsroute Willemsoord voor € 377.000. Formele verstrekking van deze kredieten heeft nog niet plaatsgevonden. Verstrekking dient alsnog plaats te vinden om de bestedingen aan te kunnen merken als rechtmatig binnen de kaders van de raad. Beslispunt 7: krediet voor Ledverlichting Openbare ruimte Door 1.050 lampen in de straatverlichting te vervangen door LED-verlichting kan een netto besparing van € 45.000 worden bereikt. De investering vergt een bedrag van € 0,3 miljoen en wordt in 20 jaar afgeschreven. Hiermee wordt € 60.000 per jaar bespaard op energiekosten. Duurzaamheid Onderdeel van de voorstellen is het verlenen van een krediet waarmee 1.050 lampen in de straatverlichting worden vervangen door LED-verlichting. Als gevolg hiervan neemt het energieverbruik door de gemeente af. Bestuurlijke vernieuwing Dit voorstel draagt niet specifiek bij aan bestuurlijke vernieuwing. Het voorstel is niet referendabel volgens artikel 2, onder e, Referendumverordening 2012 waarin vaststelling en wijziging van de gemeentelijke begroting en rekening zijn uitgezonderd.
Financiële consequenties Door dit voorstel neemt het nadelig saldo van de begroting 2024 toe met € 5.385. Het gevolg hiervan is dat de algemene reserve voor hetzelfde bedrag wordt verlaagd. De omvang is dermate klein dat verdere uitwerking van de consequenties niet nodig is. Een en ander loopt via de Kadernota al mee in het traject van de voorbereiding van de Programmabegroting 2025. Dit zelfde geldt voor de consequenties van de kredietbesluiten in dit voorstel. De kosten van rente en afschrijving worden structureel gedekt en komen voor het eerst voor in de begroting 2025. De jaarlasten zijn meegenomen in de Meerjarenraming 2025-2028 bij de kadernota 2025. Uitvoering en Planning Na de besluitvorming verwerken we de begrotingswijziging in de financiële administratie. Communicatie De tussenrapportage is specifiek gericht op de gemeenteraad en wordt daarom niet breed gepresenteerd. Den Helder, 21 mei 2024 Burgemeester en Wethouder van Den Helder, burgemeester J.A. (Jan) de Boer MSC.
secretaris M.J. (Marc) Pothast
1e turap 2024 pag. 3 van 3